Bosch KUL22ADD0, tekst van de handleiding
Pagina's 99–112 van 116 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 99
Extra functies nl
8 Extra functies
Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt. Via de Home Connect app kunnen andere aanvullende functies worden ingesteld.
8.1 Super-functie
Bij de Super-functie koelen het koelvak en het vriesvak sterker.
Schakel de Super-functie 4 tot 6 uur vóór het opslaan van een hoeveelheid levensmiddelen vanaf 2 kg in. Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u de Super-functie.
"Invriescapaciteit", Pagina 102
Opmerking: Als de Super-functie is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.
Super-functie inschakelen
- Zo vaak op drukken tot brandt.
Opmerking: Na ca. 24 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.
Super-functie uitschakelen
- Druk net zo vaak op tot het temperatuurdisplay de gewenste temperatuur weergeeft.
9 Alarm
9.1 Deuralarm
Als de deur van het apparaat langere tijd open staat wordt het deuralarm ingeschakeld.
Er klinkt een waarschuwingssignaal en brandt.
Deuralarm uitschakelen
- De apparaatdeur sluiten of op drukken.
Het waarschuwingssignaal is uitgeschakeld.
10 Home Connect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app te bedienen.
De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com. Om Home Connect te kunnen gebruiken, dient u eerst de verbinding met het WLAN-thuisnetwerk (Wi-Fi ¹) en met de Home Connect app te configureren.
Na het inschakelen van het apparaat ten minste 3 minuten wachten tot de interne initialisatie van het apparaat is voltooid. Configureer pas dan Home Connect.
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen en houd u aan de instructies in de Home Connect app.
Opmerkingen
Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient. "Veiligheid", Pagina 88
De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende
1 Wi-Fi is een geregistreerd handelsmerk van de Wi-Fi Alliance.
99
Pagina 100
nl Home Connect
deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.
10.1 Home Connect instellen
Vereiste: Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).
- 1. Scan de volgende QR-code.
Via de QR-code kunt u de Home Connect app installeren en uw apparaat verbinden.
- 2. De aanwijzingen van de Home Connect app opvolgen.
10.2 Schakel de verbinding met het thuisnetwerk (WiFi) in
- Druk op .
10.3 Apparaat met Matter ¹ in intelligent netwerk opnemen
De universele Matter-standaard biedt de mogelijkheid slimme apparaten van verschillende fabrikaten in een netwerk op te nemen. U kunt slimme apparaten bijv. met een spraakassistent of andere regelcentrale in een netwerk verbinden.
Opmerking: Niet alle toestellen ondersteunen de Matter-standaard. Controleer in de Home Connect-app
of uw toestel de Matter-standaard ondersteunt.
Vereisten
Het apparaat is verbonden met het WiFi-netwerk en de Home Connect app.
Een app, die de Matter-standaard voor huishoudelijke apparaten ondersteunt, is op het mobiele eindapparaat geconfigureerd.
- Volg de aanwijzingen in de Home Connect app voor het opnemen van uw apparaat in uw Matternetwerk.
10.4 Schakel de verbinding met het thuisnetwerk (WiFi) uit
- Druk op .
10.5 Update van de Home Connect software installeren
Opmerking: Als een update van de Home Connect software beschikbaar is, verschijnt een melding in de Home Connect app.
De actuele softwareversie is in de Home Connect app onder de apparaatinformatie van het betreffende huishoudapparaat te vinden.
- Om de update van de Home Connect software te installeren, de instructies in de Home Connect app volgen.
Tijdens de installatie is het bedieningspaneel gedeeltelijk geblokkeerd.
1 Matter wordt door de Connectivity Standards Alliance™ ontwikkeld. Dit merk en bijbehorende logo's en tekens zijn merken van de alliantie, alle rechten voorbehouden.
100
Pagina 101
10.6 Home Connect instellingen resetten
Als het tot verbindingsproblemen van uw apparaat met uw thuisnetwerk (WiFi) komt of als u uw apparaat in een ander thuisnetwerk (WiFi) wilt aanmelden, kunt u de Home Connect instellingen terugzetten.
7 tot 10 seconden ingedrukt houden tot een derde akoestisch signaal klinkt.
De Home Connect instellingen zijn gereset.
10.7 Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie):
Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde
WiFi communicatiemodule).
Veiligheidscertificaat van de WiFicommunicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat. Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van
Koelvak nl
de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.
11 Koelvak
In het koelvak kunt u vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, bereide gerechten en brood en banket bewaren.
De temperatuur is van 2 °C tot 6 °C instelbaar.
Door de koelopslag kunt u ook licht bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de gekozen temperatuur is, des te langer blijven de levensmiddelen vers.
11.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak
Alleen verse en onbeschadigde levensmiddelen inruimen.
Bewaar de levensmiddelen luchtdicht verpakt of afgedekt.
Om de luchtcirculatie niet te hinderen en het bevriezen van levensmiddelen te vermijden, de levensmiddelen niet direct tegen de achterwand plaatsen.
Laat warme etenswaren en dranken eerst afkoelen.
Houd de door de fabrikant vermelde houdbaarheidsdatum of gebruiksdatum in acht.
Pagina 102
nl Onderste gedeelte
11.2 Koudezones in het koelvak
Door de luchtcirculatie in et koelvak ontstaan verschillende koudezones.
Koudste zone
De koudste zone bevindt zich in de bewaarlade.
Tip: Bewaar snel bedervende levensmiddelen in de koudste zone, bijv. vis, worst en vlees.
Warmste zone
De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.
Tip: Bewaar minder gevoelige levensmiddelen in de warmste zone, bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar.
11.3 Sticker "OK"
Met de sticker OK kunt u controleren of in het koelvak de voor de levensmiddelen aanbevolen veilige temperatuurbereiken van +4°C of kouder bereikt zijn.
De sticker OK wordt niet bij alle modellen meegeleverd.
Wanneer de sticker OK niet weergeeft, dan de temperatuur stapsgewijze verlagen.
"Koelvaktemperatuur instelen", Pagina 98
Na ingebruikneming van het apparaat kan het tot wel 12 uur duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.
Correcte instelling
12 Onderste gedeelte
In het onderste gedeelte kunt u net zulke levensmiddelen bewaren als in het koelvak.
De temperatuur van het onderste gedeelte komt overeen met die van de rest van het koelvak. Pagina 101
12.1 Levensmiddelen bewaren in het onderste gedeelte
- Om levensmiddelen in het onderste gedeelte te bewaren, de afdekking boven het onderste gedeelte naar achteren schuiven.
Fig. 7
13 Vriesvak
In het vriesvak kunt u diepvrieswaren bewaren, levensmiddelen bevriezen en ijsblokjes maken.
De temperatuur in het vriesvak is afhankelijk van de temperatuur in het koelvak.
Langdurig bewaren van levensmiddelen moet op een temperatuur van – 18 °C of lager gebeuren.
Door het invriezen kunt u bederfelijke levensmiddelen gedurende lange tijd bewaren. De lage temperaturen vertragen of stoppen het bederven.
13.1 Deur van het vriesvak
Om ervoor te zorgen dat diepvrieswaren niet ontdooien en het vriesvak niet te sterk verijst, dient u de deur van het vriesvak altijd te sluiten.
13.2 Invriescapaciteit
Het invriesvermogen geeft aan welke hoeveelheid levensmiddelen in hoeveel uur tot in de kern kan worden ingevroren.
Pagina 103
Informatie over het invriesvermogen vindt u op het typeplaatje.
"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 96
Voorwaarden voor invriesvermogen
- 1. Bij het inladen van verse levensmiddelen, Super-functie inschakelen.
"Super-functie inschakelen", Pagina 99
- 2. De levensmiddelen zo dicht mogelijk tegen de achterwand van het vriesvak bewaren.
13.3 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak
Bewaar de levensmiddelen luchtdicht verpakt.
Breng in te vriezen levensmiddelen niet in aanraking met ingevroren levensmiddelen.
De levensmiddelen over een groot oppervlak van het vriesvak verdelen.
13.4 Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen
Alleen verse en onberispelijke levensmiddelen bevriezen.
Levensmiddelen per portie invriezen.
Bereide levensmiddelen zijn beter geschikt dan rauw eetbare levensmiddelen.
Groente vóór het invriezen wassen, kleiner maken en blancheren.
Fruit vóór het invriezen wassen, ontpitten en eventueel schillen, eventueel suiker of ascorbinezuuroplossing toevoegen.
Voor het invriezen geschikte levensmiddelen zijn bijv. bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild en gevogelte, eieren zonder schaal,
Vriesvak nl
kaas, boter, kwark, kant-en-klaargerechten en etensresten.
Voor het invriezen ongeschikte levensmiddelen zijn bijv. kropsla, radijsjes, eieren met schaal, druiven, rode appels en peren, yoghurt, zure room, crème fraîche en mayonaise.
Diepvrieswaren verpakken
Geschikt verpakkingsmateriaal en de juiste soort verpakking behouden in hoge mate de productkwaliteit en vermijden vriesbrand.
- 1. De levensmiddelen in de verpakking leggen.
- 2. De lucht eruit drukken.
- 3. De verpakking luchtdicht afsluiten om te voorkomen dat de levensmiddelen hun smaak verliezen of uitdrogen.
- 4. De verpakking met de inhoud van de invriesdatum voorzien.
13.5 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C
| Product | Bewaartijd |
|---|---|
| Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket | Tot 6 maanden |
| Gevogelte, vlees | Tot 8 maanden |
| Groente, fruit | Tot 12 maanden |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 103)
103
Pagina 104
nl Ontdooien
13.6 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren
VOORZICHTIG
Kans op gevaar voor de gezondheid!
Bij het ontdooien kunnen bacteriën zich vermeerderen en kunnen de diepvrieswaren bederven.
- Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen.
- Het voedsel pas na koken of braden opnieuw invriezen.
- De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten.
Dierlijke levensmiddelen in het koelvak ontdooien, bijv. vis, vlees, kaas en kwark.
Brood bij kamertemperatuur ontdooien.
Levensmiddelen voor directe consumptie in de magnetron, in de oven of op de kookplaat bereiden.
14 Ontdooien
14.1 Ontdooien in het koelvak.
Tijdens het gebruik vormen zich op de achterwand van het koelvak afhankelijk van de werking waterdruppels of rijp. De achterwand van het koelvak ontdooit automatisch.
Het dooiwater loopt via de dooiwatergoot in het afvoergat naar de verdampingsschaal en hoeft niet worden afgeveegd.
Neem de volgende informatie in acht om ervoor te zorgen dat dooiwater kan weglopen en geurvorming wordt vermeden: De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen Pagina 105.
14.2 Ontdooien in het vriesvak
Het diepvriesvak ontdooit niet automatisch. Een laag rijp in het vriesvak
104
vermindert de afgifte van koude aan de diepvrieswaren en verhoogt het energieverbruik.
Vriesvak ontdooien
Het vriesvak regelmatig ontdooien.
- 1. Ca. 4 uur vóór het ontdooien de Super-functie inschakelen.
"Super-functie inschakelen", Pagina 99
De levensmiddelen bereiken hierdoor heel lage temperaturen en u kunt de levensmiddelen langer op kamertemperatuur bewaren.
- 2. De diepvrieswaren verwijderen en op een koele plaats bewaren. De diepvriesproducten in dekens of krantenpapier met koelelementen, indien voorhanden, wikkelen.
- 3. Het apparaat uitschakelen.
Pagina 98
- 4. Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- 5. WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Heet water, spatwater en stoom kunnen tot verbranding leiden.
- Doe uitsluitend heet en geen kokend water in de pan voor het ontdooiproces.
Zet om het ontdooien te versnellen een pan met heet, niet kokend water op een panonderzetter in het vriesvak.
- 6. Het dooiwater met een zachte doek of een spons opvegen.
- 7. Het vriesvak met een zachte, droge doek droogwrijven.
- 8. Het apparaat elektrisch aansluiten. Pagina 14
- 9. De diepvrieswaren inladen.
Pagina 103
Pagina 105
15 Reiniging en onderhoud
De reiniging van ontoegankelijke plaatsen moet door de servicedienst worden uitgevoerd. Aan de reiniging door de servicedienst kunnen kosten verbonden zijn.
15.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging
- 1. Het apparaat uitschakelen.
Pagina 98
- 2. Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- 3. Alle levensmiddelen eruit halen en op een koele plaats bewaren. Indien beschikbaar koelelementen op de levensmiddelen leggen.
- 4. Als een rijplaag voorhanden is, deze laten ontdooien.
- 5. Verwijder alle uitrustingsdelen en accessoires uit het apparaat.
Pagina 106
- 6. De deurrek verwijderen.
Pagina 106
15.2 Apparaat schoonmaken
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Vloeistof in de verlichting of in de bedieningselementen kan gevaarlijk zijn.
- Het afwaswater mag niet in de verlichting of in de bedieningselementen terechtkomen.
Reiniging en onderhoud nl
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
Wanneer vloeistof in het afvoergat komt, kan de verdampingsschaal overstromen.
- Het sop mag niet in het afvoergat komen.
Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.
- Nooit uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigen.
- 1. Apparaat voorbereiden voor reiniging. Pagina 105
- 2. Het apparaat, de uitrustingsdelen, de accessoires en de deurafdichtingen met een vaatdoek, lauw water en een beetje pH-neutraal afwasmiddel reinigen.
- 3. Met een zachte, droge doek grondig nadrogen.
- 4. De uitrustingsdelen plaatsen en de uitbouwbare apparaatdelen inbouwen.
- 5. Het apparaat elektrisch aansluiten. Pagina 14
- 6. Doe de levensmiddelen in het apparaat.
15.3 De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.
Reinig de dooiwatergoot en het afvoergat regelmatig, om ervoor te zorgen dat het dooiwater kan weglopen.
Pagina 106
nl Storingen verhelpen
- 1. De bewaarlade verwijderen.
Pagina 106
- 2. Reinig de dooiwatergoot en het afvoergat voorzichtig, bijv. met een wattenstaafje.
Fig. 8
Bewaarlade verwijderen
- 1. De lade tot de aanslag eruit trekken.
- 2. Til de bewaarlade aan de voorkant op en verwijder deze .
Fig. 11
15.5 Apparaatonderdelen demonteren
15.4 Onderdelen eruit halen
Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het apparaat.
Plateau verwijderen
- Het plateau aan de voorzijde optillen , er uit trekken en verwijderen .
Fig. 9
Deurrek verwijderen
- Het deurrek omhoog tillen en verwijderen.
Fig. 10
Als u uw apparaat grondig wilt reinigen, kunt u bepaalde onderdelen uit uw apparaat demonteren.
Deurrekrail uitbouwen
- De deurrekrail optillen en verwijderen.
Fig. 12
Afdekking boven het onderste gedeelte verwijderen
- 1. Deurrek voor grote flessen verwijderen. Pagina 106
- 2. De afdekking boven het onderste gedeelte tot de aanslag er uit trekken , over de aanslag tillen en naar onderen er uit zwenken . Fig. 13
16 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
Pagina 107
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden. | Het presentatielicht is ingeschakeld. 1. Koppel het apparaat los van de voedingspanning. Haal stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit. 2. Wacht 2 minuten. 3. Sluit het apparaat opnieuw aan. Pagina 14 4. Houd ingedrukt, tot 4 akoestische signalen hebben geklonken. 5. Controleer na korte tijd of uw apparaat koelt. |
| LED-verlichting functioneert niet. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▸ Neem contact op met de servicedienst. Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten. |
| De koelmachine schakelt vaker en langer in. | Het apparaat is te vaak geopend. ▸ Open de apparaatdeur niet onnodig. |
| Ventilatieroosters aan de buitenkant zijn afgedekt. ▸ Verwijder blokkades voor de externe ventilatieroosters. | |
| Geen storing. Moderne koelapparaten schakelen vaker in en hebben verschillende vermogensstanden om efficiënter te koelen. ▸ Verwijder blokkades voor de externe ventilatieroosters. ▸ Stel het apparaat met de grootst mogelijke afstand tot verwarmingselementen, fornuis en andere warmtebronnen op. Vermijd langdurig direct zonlicht op het apparaat. ▸ Het vriesvak regelmatig ontdooien. Pagina 104 ▸ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is. ▸ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen. | |
| Op de achterwand van het koelvak vormt zich een vorstlaag. | Geen storing. Moderne koelapparaten zorgen voor een gelijkmatigere temperatuur in het koelvak. De achter- |
Pagina 108
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Op de achterwand van het koelvak vormt zich een vorstlaag. | wand van het koelvak wordt regelmatig automatisch ontdooid. ▸ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is. ▸ Verpak de levensmiddelen luchtdicht of dek de levensmiddelen af. ▸ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen. ▸ Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de binnenwanden. |
| Home Connect functioneert niet correct. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▸ Ga naar www.home-connect.com. |
| Het alarmsignaal is te horen. Het deuralarm is ingeschakeld. | Deur van het apparaat is open. ▸ Sluit de deur van het apparaat. |
| Temperatuur wijkt erg af van de instelling. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. 1. Schakel het apparaat uit. Pagina 98 2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. Pagina 98 ▸ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw. ▸ Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw. |
| Bodem van het koelvak is nat. | De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt. ▸ De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen. Pagina 105 |
| Het apparaat borrelt, zoemt of gorgelt of klikt. | Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. Er stroomt koudemiddel door de buizen. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
Pagina 109
Opslaan en afvoeren nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat produceert geluiden. | Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen. ▸ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat. |
| Flessen of containers raken elkaar. ▸ Haal flessen of containers van elkaar. | |
| Super-functie is ingeschakeld. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. | |
| 16.1 Stroomuitval | 2. Haal de stekker van het apparaat |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 109)
Tijdens een stroomuitval stijgt de uit het stopcontact.
temperatuur in het apparaat, hierdoor De stekker van het netsnoer uit het verkort de bewaartijd en de kwaliteit stopcontact trekken of de zekering van de diepvriesproducten vermin- in de meterkast uitschakelen. dert. 3. Alle levensmiddelen verwijderen. Op onze website van uw apparaat 4. Het apparaat ontdooien. vindt in de technische gegevens de Pagina 104 bewaartijd van de diepvriesproducten 5. Het apparaat reinigen.
in geval van een storing. Pagina 105
- 6. Om de ventilatie van het interieur Opmerkingen te waarborgen het apparaat geo-Het apparaat tijdens een stroomuit- pend laten.
val zo weinig mogelijk openen en geen andere levensmiddelen inrui- 17.2 Afvoeren van uw oude ap-men. paraat
De kwaliteit van de levensmiddelen onmiddellijk na de stroomuitval Door een milieuvriendelijke afvoer controleren. kunnen waardevolle grondstoffen op-
- Diepvriesproducten die ontdooid nieuw worden gebruikt.
en warmer dan 5 °C zijn, weg- WAARSCHUWING gooien. Kans op gevaar voor de gezond-
- Licht ontdooide diepvriesproduc- heid!
ten koken of bakken en ofwel Kinderen kunnen zich in het apparaat verbruiken of opnieuw invriezen. opsluiten en in levensgevaar geraken.
- Om te voorkomen dat kinderen in 17 Opslaan en afvoeren het apparaat kruipen legplateaus en lades niet uit het apparaat ne-17.1 Apparaat buiten gebruik men.
stellen ▸ Kinderen uit de buurt van een af-
- 1. Het apparaat uitschakelen. gedankt apparaat houden. Pagina 98
WAARSCHUWING Brandgevaar!
Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en
109
Pagina 110
nl Servicedienst
schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.
- De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie niet beschadigen.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
18 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na
110
het op de markt brengen van uw apparaat.
Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.
18.1 Productnummer (E-Nr.), productienummer (FD) en volgnummer (Z-Nr.)
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.), het productienummer (FD) en het volgnummer (Z-Nr.) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 96
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
Pagina 111
Technische gegevens nl
19 Technische gegevens
Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.
"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 96
Dit product bevat een lichtbron van energieklasse F. De lichtbron is leverbaar als reserveonderdeel en mag uitsluitend door een hiervoor getrainde monteur worden vervangen.
Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder htps:// eprel.ec.europa.eu/ ¹. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-productdatabank EPREL. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.
19.1 Informatie over vrije software en opensourcesoftware
Dit product bevat softwarecomponenten die door de houders van de intellectuele eigendom als vrije software of opensource-software zijn gelicenti-eerd.
De informatie over de betreffende licentie is in het huishoudapparaat opgeslagen. Daarnaast kunt u deze licentie-informatie via de Home Connect app raadplegen: 'Profiel -> Juridische informatie -> Licentie-informatie'. ² U kunt de licentie-informatie ook downloaden via de merkproductwebsite. (Zoek daarvoor op de productwebsite naar uw apparaat-
model en de bijbehorende documentatie.) In plaats daarvan kunt u de betreffende informatie ook aanvragen via ossrequest@bshg.com of BSH Hausgeräte GmbH, Carl-Wery-Str. 34, D-81739 München.
De betreffende broncode wordt u op verzoek ter beschikking gesteld. Zend een daartoe strekkend verzoek naar ossrequest@bshg.com of BSH Hausgeräte GmbH, Carl-Wery-Str. 34, D-81739 München.
Onderwerp: „OSSREQUEST“ De kosten voor de afhandeling van uw verzoek worden u in rekening gebracht. Dit aanbod geldt gedurende drie jaar vanaf de datum van aankoop of ten minste gedurende de periode waarin wij support en reserveonderdelen voor het betreffende apparaat bieden.
1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte
2 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
111
Pagina 112
nl Conformiteitsverklaring
20 Conformiteitsverklaring
Hierbij verklaart BSH Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de Richtlijn 2014/53/EU.
Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder www.bosch-home.com op de productpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten.
2,4-GHz-band (2400–2483,5 MHz): max. 100 mW 5-GHz-band (5150–5350 MHz + 5470–5725 MHz): max. 150 mW
| BE | BG | CZ | DK | DE | EE | IE | el | ES |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| FR | HR | IT | CY | LI | LV | LT | LU | HU |
| MT | NL | AT | PL | PT | RO | SI | SK | FI |
| SE | NO | CH | TR | IS | UK (NI) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 112)
| 5 GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis. | ||
| AL GA MD ME MK RS | UK | UA |
| 5 GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis. |