naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch PXX890D51E, tekst van de handleiding

Pagina's 9–21 van 28 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 1–8verder op pagina 22 →

Pagina 9

De Bediening in essentie nl

7.3 Koken met inductie

Vergeleken met gangbare kookplaten brengt inductiekoken enkele veranderingen met zich mee en biedt het een aantal voordelen zoals tijdbesparing tijdens het koken en braden, energiebesparing, alsmede eenvoudiger onderhoud en reiniging. Het biedt ook een betere warmteregeling, omdat de warmte direct in het kookgerei wordt opgewekt.

7.4 Kookgerei

Een lijst van het aanbevolen kookgerei vindt u op de officiële website www.bosch-home.com.

Meer informatie over het passende kookgerei.

Pagina 6

7.5 Functie instellen

Het apparaat wordt geleverd met vooringestelde circulatiefunctie.

Wanneer uw kookplaat met luchtafvoer naar buiten is geïnstalleerd, moet u de instelling op deze modus configureren. Meer informatie kunt u vinden in hoofdstuk "Basisinstelingen", Pagina 16

7.6 Home Connect instellen

Wanneer het apparaat voor de eerste keer wordt ingeschakeld, wordt de instelling van het thuisnetwerk opgevraagd. Op het display licht gedurende enkele seconden het symbool op.

Om de aansluitinstelling te starten, de sensor aanraken en de aanwijzingen in het hoofdstuk opvolgen. Om de eerste instelling te verlaten een willekeurige sensor aanraken.

"Home Connect ", Pagina 18

8 De Bediening in essentie

8.1 Kookplaat inschakelen

aanraken.

Er klinkt een signaal. De symbolen van de kookzones en de momenteel beschikbare functies branden. Naast de kookzones is . verlicht.

De kookplaat is klaar voor gebruik.

ReStart

8.2 De kookplaat uitschakelen

aanraken tot de indicaties doven. Alle kookzones zijn uitgeschakeld.

Opmerking: Wanneer alle kookzones langer dan 20 seconden uitgeschakeld zijn, dan schakelt de kookplaat uit.

8.3 De vermogensstand in de kookzones instellen

De kookzone heeft 17 vermogensstanden, die van tot met tussenwaarden worden weergegeven. Kies de vermogensstand die voor het product en de geplande bereiding het meest geschikt is.

De vermogensstand is ingesteld.

Opmerking: Wanneer er geen kookgerei op de kookplaat staat, of de pan niet geschikt is, dan knippert de gekozen vermogensstand. Na een bepaalde tijd wordt de kookzone uitgeschakeld.

1 Zonder deksel

QuickStart

Vermogensstand wijzigen of kookzone uitschakelen

De kookstand van de kookzone wijzigt of de kookzone schakelt uit en de restwarmte-indicatie verschijnt.

8.4 Kookadviezen

De tabel geeft aan welke vermogensstand ( ) voor welk levensmiddel geschikt is. De bereidingstijd ( )kan variëren afhankelijk van de soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van de levensmiddelen. Om voor te verwarmen, vermogensstand 8 - 9 instellen.

Smelten
Boter, honing, gelatine1 - 2-
Verwarmen en warm houden
Gekookte worstjes ¹3 - 4-
Ontdooien en opwarmen
Spinazie, diepvries3 - 415 - 25
Stoven, sudderen
Aardappelballetjes ¹4.5 - 5.520 - 30
Geklopte sauzen, bijv. bearnaisesaus, hollandaisesaus3 - 48 - 12

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

9

Pagina 10

nl Kapregeling

Hamburger (2 cm dik)6 - 710 - 20
Vis en visfilet, gepaneerd6 - 78 - 20
Garnalen en krab7 - 84 - 10
Sauteren van verse groente en paddestoelen7 - 810 - 20
Diepvriesgerechten, bijv. roerbakgerechten6 - 76 - 10
Omelet (na elkaar bakken)3.5 - 4.53 - 10
Braden (150 tot 200 g per portie in 1 tot 2 l olie, in porties
frituren) ¹
Diepvriesproducten, bijv. frites, kipnuggets8 - 9-
Groente, paddestoelen, gepaneerd, in bierdeeg of in tempura6 - 7-
Klein gebak, bijv. beignets, Berliner bollen, fruit in bierdeeg4 - 5-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

Koken, stomen, stoven
Rijst met dubbele hoeveelheid water2.5 - 3.515 - 30
Aardappelen in schil4.5 - 5.525 - 35
Pasta ¹6 - 76 - 10
Soepen3.5 - 4.515 - 60
Groente2.5 - 3.510 - 20
Eenpansgerecht met de snelkookpan4.5 - 5.5-
Sudderen
Stoofvlees4 - 560 - 100
Goulasch ²3 - 450 - 60
Roosteren/Braden met weinig
vet ¹
Schnitzel, al dan niet gepaneerd6 - 76 - 10
Steak, 3 cm dik7 - 88 - 12
Borst van gevogelte, 2 cm dik5 - 610 - 20

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

9 Kapregeling

Met de kapregeling kunt u het in het kookvlak geïntegreerde hoogefficiënte afvoerluchtsysteem regelen.

9.1 Handmatige ventilatieregeling

U kunt de ventilatiestand handmatig besturen.

Opmerking: Bij hoge pannen kan geen optimale afzuigprestatie worden gegarandeerd. Door een schuin geplaatst deksel verbetert de afzuigprestatie.

Handmatige ventilatieregeling activeren

De ventilatie start met de vooringestelde vermogensstand.

De ingestelde vermogensstand gaat branden.

De ventilatie is geactiveerd.

Handmatige ventilatieregeling wijzigen of deactiveren

9.2 Intensief ventilatiestand

Er zijn twee intensiefstanden voor de ventilatie. Wanneer u de intensiefstand activeert, werkt de ventilatie korte tijd met maximaal vermogen.

1 Zonder deksel

2 Voorverwarmen op kookstand 8 - 8.5

10 Intensief ventilatiestand activeren

Opmerking: Na ca. 8 minuten schakelt het apparaat zelfstandig terug naar de vermogensstand .

Intensief ventilatiestand wijzigen of deactiveren

9.3 Automatische start voor de ventilatie

Wanneer u voor een kookzone een vermogensstand kiest, dan schakelt de automatische start in.

Af fabriek is de sensorgestuurde automatische start ingesteld. Hoe u deze instelling wijzigt kunt u lezen in hoofdstuk .

"Basisinstelingen", Pagina 16

Automatische start met sensorregeling

De luchtkwaliteitssensor herkent de kookdamp automatisch, schakelt de optimale vermogensstand in en de lijn boven licht op.

Automatische start via vermogensstanden

De ventilatie schakelt bij een vermogensstand overeenkomstig de betreffende vermogensstand van de kookzone in.

Pagina 11

FlexInduction nl

9.4 Automatische modus met sensorregeling

De kookplaat beschikt over een luchtkwaliteitssensor, welke de kookdamp automatisch registreert en de ventilatie inschakelt.

Wanneer de automatische start is uitgeschakeld of op basis van kookstanden is ingesteld, dan kunt u de werking met deze sensorregeling te allen tijde handmatig inschakelen.

Automatische modus met sensorregeling activeren

aanraken.

De lijn boven het symbool brandt helderder. De optimale vermogensstand stelt zich met behulp van de sensor automatisch in.

De functie is geactiveerd.

Automatische modus met sensorregeling deactiveren

aanraken.

De lijn boven het symbool dooft. De functie is gedeactiveerd.

Opmerking: Hoe u de sensorgevoeligheid instelt kunt u lezen in hoofdstuk .

"Basisinstelingen", Pagina 16

9.5 Naloopfunctie voor de ventilatie

De naloop-functie laat het ventilatiesysteem na het uitschakelen van de kookplaat enkele minuten draaien. Zo verwijdert het de nog aanwezige kookdamp. Daarna schakelt het ventilatiesysteem automatisch uit.

De kookplaat wordt standaard geleverd met de nalooptijd ingesteld op een maximale uitschakeltijd. Hoe u deze instelling wijzigt kunt u lezen in hoofdstuk .

"Basisinstelingen", Pagina 16

Ventilatornaloop activeren

De naloop is overeenkomstig de basisinstelling geconfigureerd:

Via de regeling van de luchtkwaliteitssensor.

brandt.

Met een maximale uitschakeltijd. brandt.

Opmerking: De naloop schakelt alleen in wanneer er minstens één kookzone minimaal één minuut werd ingeschakeld.

Ventilatornaloop deactiveren

Handmatig

Wanneer u of aanraakt, deactiveert u de functie.

Automatisch

Het apparaat deactiveert de naloopfunctie wanneer: De nalooptijd is afgelopen.

U het apparaat weer inschakelt.

De sensor stelt vast dat de luchtkwaliteit in orde is.

10 FlexInduction

De flexibele kookzone maakt het voor u mogelijk om kookgerei in gelijk welke vorm of grootte naar wens te plaatsen. Hij bestaat uit vier inductoren, die onafhankelijk van elkaar functioneren. Is de flexibele kookzone in gebruik, dan wordt alleen het gebied geactiveerd dat door de pan wordt bedekt.

10.1 Plaatsen van het kookgerei

De flexibele kookzone kan op twee manieren worden geconfigureerd, al naar gelang welk kookgerei wordt gebruikt. Om een goede warmteherkenning en warmteverdeling te waarborgen, het kookgerei goed gecentreerd te plaatsen, zoals op de afbeeldingen is weergegeven.

Als een gecombineerde kookzone

Aanbevolen voor het komen met slechts één stuk kookgerei.

Plaatsen van het kookgerei afhankelijk van de grootte:

Aanbevolen langwerpig kookgerei :

Als twee gescheiden kookzones

Aanbevolen voor het koken met twee stukken kookgerei.

U kunt de voorste en achterste zone gescheiden van elkaar gebruiken en voor elke een eigen vermogensstand instellen.

Pagina 12

nl MoveMode

10.2 Schakel FlexInduction in

Al naar gelang de grootte en positie van de pan worden de kookzones automatische gescheiden of verbonden.

De FlexZone is verbonden en brandt.

Opmerkingen

U kunt de instellingen van de kookzone handmatig wijzigen door aan te raken.

U kunt de standaardconfiguratie van de flexibele kookzone wijzigen. Hoe u dat kunt doen kunt u vinden in het hoofdstuk Basisinstellingen. Pagina 16

Wanneer u het kookgerei van een actieve verbonden kookzone verplaatst of optilt, start automatische een zoekfunctie. Elke kookgerei, dat bij deze zoekactie binnen de kookzone wordt gevonden, wordt verwarmd met de eerder gekozen kookstand.

11 MoveMode

Met deze functie kunt u de vermogensstand van het kookgerei wijzigen, door het gewoon in de flexibele kookzone naar voren of terug te schuiven. De zone wordt hievoor in drie gebieden met verschillende vermogensstanden onderverdeeld.

11.1 Plaatsen en verplaatsen van het kookgerei

Slechts een stuk kookgerei gebruiken. Het kookgebied hangt van het gebruikte kookgerei en zijn grootte en positie af.

Elk kookgebied heeft een vooraf ingestelde vermogensstand:

Voorste gebied = kookstand Middelste gebied = kookstand Achterste gebied = kookstand .

U kunt de standaardinstelling van de vooringestelde vermogensstanden wijzigen. In het hoofdstuk Basisinstellingen kunt u nalezen hoe u de waarden verandert Pagina 16.

11.2 MoveMode activeren

Vereiste: Slechts één stuk kookgerei op een flexibele zone plaatsen.

De vermogensstand van het gebied waarop het kookgerei zich bevindt, brandt in de kookzone-indicatie naast .

De functie is ingeschakeld.

Opmerking: U kunt de vermogensstanden van de gebieden tijdens het koken wijzigen.

11.3 MoveMode deactiveren

aanraken

De indicatie naast schakelt uit. De functie is gedeactiveerd.

12 Tijdfuncties

Uw kookplaat beschikt over verschillende instellingen voor de bereidingstijd:

Uitschakeltimer Timer

Count-up timer

12.1 Uitschakeltimer

Maakt de programmering van een bereidingstijd voor één of meerdere kookzones mogelijk. Na het verstrijken van de tijd wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.

Uitschakeltimer inschakelen

De indicatie van de kookzone licht op.

De bereidingstijd begint af te lopen.

Wanneer de bereidingstijd is verstreken, schakelt de kookzone uit en er klinkt een geluidssignaal.

Pagina 13

PowerBoost nl

Opmerking: Wanneer in een kookzone, waarin Perfect-2. Stel in het instelbereik de gewenste tijd in.
Fry Sensor is geactiveerd, een bereidingstijd is gepro-3. Met bevestigen.
grammeerd, begint de geprogrammeerde bereidingstijdDe tijd begint te lopen.
af te tellen, zodra het gekozen temperatuurniveau is bereikt.Als de tijd is verstreken, klinkt er een signaal en knipperen de displays.
Uitschakeltimer wijzigen of uitschakelenTimer wijzigen of uitschakelen
1. De kookzone kiezen en aanraken.1. Raak aan.
2. Om de tijd te wissen, in het instelbereik de tijd wijzigen of op instellen.2. Om de tijd te wissen, in het instelbereik de tijd wijzigen of op instellen.
3. Bevestig met .3. Met bevestigen.
12.2 Timer12.3 Count-up timer
Maakt de activering mogelijk van een timer van 0 tot 99 min. Deze functie is onafhankelijk van de kookzones en andere instellingen. Deze schakelt de kookzones nietDe stopwatchfunctie geeft de tijd weer die sinds de activering is verstreken.
automatisch uit.Schakel Count-up timer in
▸ Raak aan.
Timer inschakelen
De tijd begint te lopen.
1. Raak aan.
Schakel Count-up timer uit
1. Raak aan. De stopwatch stopt. De timer-indicaties blijven verlicht.
2. Raak aan. De indicaties verdwijnen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

13 PowerBoost

Met deze functie verhit u grote hoeveelheden water sneller dan met .

Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor zover de andere kookzone van dezelfde groep niet in gebruik is.

13.1 PowerBoost inschakelen

Opmerking: Deze functie kunt u ook bij het koken met samenhangende FlexZone inschakelen.

13.2 PowerBoost uitschakelen

De functie is gedeactiveerd.

Opmerking: Onder bepaalde omstandigheden kan deze functie automatisch uitschakelen, om de elektronische elementen binnenin de kookplaat te beschermen.

14 PanBoost

Met deze functie verhit u pannen sneller dan met . Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor zover de andere kookzone van dezelfde groep niet in gebruik is.

14.1 Gebruiksadviezen

Leg geen deksel op de pan.

Nooit lege pannen zonder toezicht verhitten.

Alleen koude pannen gebruiken.

Pannen met volkomen effen bodem gebruiken. Geen pannen met dunne bodem gebruiken.

14.2 Schakel PanBoost in

Pagina 14

nl Warmhoudfunctie

Opmerking: Deze functie kunt u ook bij het koken met samenhangende FlexZone inschakelen.

14.3 PanBoost uitschakelen

De functie is gedeactiveerd.

Opmerking: Om hoge temperaturen te vermijden schakelt deze functie na 30 seconden automatisch uit.

15 Warmhoudfunctie

Deze functie kunt u gebruiken om chocolade of boter te smelten en gerechten warm te houden.

15.1 Schakel Warmhoudfunctie in

brandt.

De functie is ingeschakeld.

15.2 Schakel Warmhoudfunctie uit

verdwijnt.

De functie is gedeactiveerd.

16 Instellingen overnemen

Met deze functie kunt u de kookstand en de geprogrammeerde bereidingstijd van de ene naar de andere kookzone overdragen.

16.1 Instellingen overnemen

Vereiste: Verplaats het kookgerei naar een kookzone die niet ingeschakeld is en nog niet vooraf is ingesteld en waarop eerder geen ander kookgerei stond.

Het kookgerei wordt herkend en op het display van de nieuwe kookzone knipperen afwisselend de eerder gekozen kookstand en .

Het apparaat zet het vermogen van de oorspronkelijk kookzone op .

De instellingen zijn op de nieuwe kookzone overgedragen.

Opmerking: Wanneer u een nieuw kookgerei op een andere kookzone plaatst, voordat u de instellingen heeft bevestigd, dan kunt u deze functie voor beide pannen gebruiken.

17 PerfectFry Sensor

Is geschikt voor het bereiden of inkoken van sauzen, pannenkoeken of voor het bakken van eieren met boter, voor het bakken van groente of steaks tot de gewenste gaarheid en hierbij de temperatuur onder controle houden.

In de plaats van tijdens het koken vaak de vermogensstand aan te passen, bij het begin een keer de gewenste doeltemperatuur kiezen. De sensoren onder de keramische glasplaat meten dan de temperatuur van het kookgerei en houden deze tijdens het volledige kookproces constant.

14

Deze functie is op alle kookzones beschikbaar die met zijn gemarkeerd.

17.1 Voordelen

De temperatuur wordt constant gehouden zonder dat u de vermogensstand hoeft te veranderen.

Olie wordt niet oververhit. Het aanbranden van de levensmiddelen wordt verhinderd.

De kookzone warmt alleen op wanneer dit nodig is voor het behouden van de temperatuur, waardoor er energie wordt gespaard.

Pagina 15

Kinderslot nl

17.2 Temperatuurstanden

Temperatuurstanden voor de bereiding van voedsel.

StandTemperatuurFuncties
1120 ºCKoken en inkoken van sauzen, bakken van groente
2140 ºCIn olijfolie of boter aanbraden
3160 ºCBakken van vis en grove levensmiddelen
4180 ºCFrituren van gepaneerde, bevroren en gegrilde gerechten
5215 ºCHogetemperatuurgrill en grillplaat

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

17.3 Aanbevolen kookgerei

Voor deze functie werd speciaal kookgerei ontwikkeld, dat optimale resultaten levert.

Het aanbevolen kookgerei kunt u verkrijgen via de servicedienst, de vakhandel of onze onlineshop www.bosch-home.com.

Opmerking: U kunt ook ander kookgerei gebruiken. Afhankelijk van de kwaliteit van het kookgerei kan de bereikte temperatuur echter van de gekozen temperatuurstand afwijken.

17.4 PerfectFry Sensor inschakelen

De functie start. knippert tot de ingestelde doeltemperatuur is bereikt.

Als de doeltemperatuur is bereikt, weerklinkt een signaal en stopt met knipperen.

Opmerking: Als u meer dan 250 ml olie nodig hebt om te koken, dan de olie toevoegen en een paar seconden wachten voordat u het te bereiden product toevoegt.

17.5 Schakel PerfectFry Sensor uit

17.6 Adviezen voor het koken met PerfectFry Sensor

In de bijgevoegde documentatie vindt u een tabel met adviezen voor het koken met PerfectFry Sensor.

18 Kinderslot

De kookplaat is voorzien van een kinderslot. Hiermee voorkomt u dat kinderen de kookplaat inschakelen.

18.1 Kinderslot inschakelen

Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.

De indicatie is 10 seconden lang verlicht. De kookplaat is geblokkeerd.

18.2 Kinderslot uitschakelen

18.3 Automatisch kinderslot

U kunt het kinderslot ook automatisch elke keer na het uitschakelen van de kookplaat activeren.

In het hoofdstuk Basisinstellingen kunt u nalezen hoe u de functie in- en uitschakelt. Pagina 16

19 Veegbeveiliging

Zorgt voor een blokkering van het bedieningspaneel, zodat bij het reinigen instellingen niet ongewild worden gewijzigd.

De reinigingsblokkering heeft geen invloed op de hoofdschakelaar.

19.1 Schakel Veegbeveiliging in

Het bedieningspaneel is gedurende 35 seconden geblokkeerd. 5 seconden voor het uitschakelen klinkt een signaal.

19.2 Schakel Veegbeveiliging uit

Voor het voortijdig uitschakelen van de functie:

Het bedieningspaneel is ontgrendeld.

Pagina 16

nl Individuele veiligheidsuitschakeling

20 Individuele veiligheidsuitschakeling

Is een kookzone lange tijd in gebruik en heeft u de instelling niet veranderd, dan wordt de automatische uitschakeling geactiveerd. De kookzone geeft weer en schakelt uit.

De tijd van 1 tot 10 uur hangt van de geselecteerde vermogensstand af.

Druk op een willekeurige button.

21 Basisinstellingen

U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.

21.1 Overzicht van de basisinstellingen

IndicatieInstellingWaarde
Kinderslot- Handmatig. ¹ Automatisch.
– Uitgeschakeld
Akoestische signalen– Bevestigings- en foutsignaal zijn uitgeschakeld.
– Alleen het foutsignaal is ingeschakeld.
– Alleen het bevestigingssignaal is ingeschakeld.
– Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld ¹.
Weergave energieverbruik
Toont het totale energieverbruik tussen het in- en uitschakelen van de kookplaat in kWh. De precisie van de indicatie is onder andere afhankelijk van de spanningskwaliteit van het elektriciteitsnet.
– Uitgeschakeld ¹
– Ingeschakeld
De instelling naargelang de hoogte boven de zeespiegel kiezen: ²- - Verlaging.
- Basisinstelling. - - Verhoging.
Automatisch uitschakelen van de kookzones.- uitgeschakeld. ¹ - - Tijd tot het automatisch uitschakelen.
Duur van het timer-einde-geluidssignaal– 10 seconden ¹
– 30 seconden - 1 minuut
Vermogensbegrenzing
Maakt indien nodig de begrenzing mogelijk van het totale vermogen van de kookplaat, indien vereist, op basis van de omstandigheden van uw elektrische installatie. De beschikbare instellingen hangen af van het maximale vermogen van de kookplaat (zie typeplaatje). Wanneer de functie actief is en de kookplaat de ingestelde vermogensgrens bereikt, dan wordt weergegeven en u kunt geen hogere vermogensstand kiezen.
– Uitgeschakeld Maximaal vermogen van de kookplaat
1.
- 1000 W. Laagste stand.
. - 1500 W.
...
- 3000 W. Aanbevolen voor 13 ampère . - 3500 W. Aanbevolen voor 16 ampère.
- 4000 W.
. - 4500 W. Aanbevolen voor 20 ampère.
...
- Maximaal vermogen van de kookplaat.
MoveMode
Maakt de wijziging mogelijk van de vooringestelde vermogensstanden van de drie kookbereiken van de flexibele kookzone.
Kies hiervoor een van de beide kookzones, stel de gewenste vermogensstand in het instelbereik in raak aan om de nieuwe vermogensstand te bevestigen en de volgende kookzone te selecteren.
- Vooringestelde vermogensstand voor de voorste kookzone.
- Vooringestelde vermogensstand voor de middelste kookzone.
. - Vooringestelde vermogensstand voor de achterste kookzone.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

1 Fabrieksinstelling

2 De functie is in dit model niet beschikbaar.

16

Pagina 17

Basisinstellingen nl

IndicatieInstellingWaarde
Kookgerei-test
Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgerei controleren.
- Niet geschikt. - Niet optimaal. - Geschikt.
FlexInduction
Inschakelmodus van de FlexZone wijzigen.
- Als twee onafhankelijke kookzones. ¹ - Als een gecombineerde kookzone.
De draadloze kooksensor verbinden met de
kookplaat. ²
- Storingsvrije verbinding.
- Foutieve verbinding vanwege een overdrachtsfout. - Foutieve verbinding: vanwege een fout van de kooksensor.
Luchtcirculatie of luchtafvoer instellen.- Luchtcirculatie configureren. ¹ - Luchtafvoer configureren.
Automatische start instellen- Uitgeschakeld.
- Ingeschakeld: automatische modus met
sensorregeling. ¹
- Ingeschakeld: de ventilatie start bij een vermogensstand overeenkomstig de betreffende vermogensstanden van de kookzones.
Sensorgevoeligheid voor de ventilatie instellen.- Laagste instelling van de sensorgevoeligheid. - Middelste instelling van de sensorgevoeligheid. ¹ - Hoogste instelling van de sensorgevoeligheid.
Naloop instellen
Wanneer uw kookplaat werkt met afvoerluchtfunctie, dan schakelt de ventilatie gedurende ca. 6 minuten met de vermogensstand in. Wanneer uw kookplaat met de circulatieluchtfunctie werkt, dan schakelt de ventilatie gedurende ca. 30 minuten met de vermogensstand in.
De naloopfunctie schakelt zich na het verstrijken van deze tijd automatisch uit.
- Uitgeschakeld.
- Ingeschakeld: automatische functie met sensorgeregelde naloop.
- Ingeschakeld ¹:
Automatische herkenning pannen- De gewenste kookzone handmatig kiezen.
- De kookzone herkent de grootte en de positie van de pan en kiest de betreffende kookzone sresp. kookzones. ¹
Terugzetten naar de fabrieksinstellingen- Individuele instellingen ¹. - Fabrieksinstellingen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

21.2 Naar de basisinstellingen

Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.

ProductinformatieIndicatie
Lijst van de Technische Service (TS)
Fabricagenummer
Fabricagenummer 1.
Fabricagenummer 2.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

De eerste vier indicaties geven de productinformatie weer. Raak het instelgebied aan, om de afzonderlijke indicaties te kunnen zien.

1 Fabrieksinstelling

2 De functie is in dit model niet beschikbaar.

De instellingen zijn opgeslagen.

21.3 Wijzigen van de basisinstellingen annuleren

Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.

17

Pagina 18

nl Kookgerei-test

22 Kookgerei-test

De kwaliteit van de pan heeft een grote invloed op de snelheid en het resultaat van het kookproces.

Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgerei testen.

Ga vóór de test na of de diameter van de bodem van de pan met de grootte van de gebruikte kookzone overeenstemt.

De toegang vindt plaats via de basisinstellingen. Pagina 16

22.1 Kookgerei-test uitvoeren

De flexibele kookzone is als enige kookzone zo ingesteld dat deze slechts één enkele pan controleert.

De test is bezig.

Na 10 seconden verschijnt het resultaat op het kookzonedisplay.

22.2 Resultaat controleren

In de volgende tabel kunt u zien wat het resultaat voor kwaliteit en snelheid van het kookproces betekent.

Resultaat

Het kookgerei is voor de kookzone niet geschikt en wordt daarom niet opgewarmd.

Het kookgerei warmt langzamer op dan verwacht en het kookproces verloopt niet optimaal.

Het kookgerei wordt goed warm en het kookproces is in orde.

Raak om deze functie te activeren het instelbereik aan.

23 Vermogensbegrenzing

Met deze functie kunt u het totale vermogen van de kookplaat instellen.

De kookplaat is af fabriek ingesteld. Het maximaal vermogen van de kookplaat vindt u op het typeplaatje. Met deze functie past u de configuratie aan de vereisten van elke elektrische installatie aan.

Om deze instelwaarde niet te overschrijden, verdeelt de kookplaat het beschikbare vermogen automatisch over de ingeschakelde kookzones,aangepast aan de behoefte.

Zolang deze functie is geactiveerd, kan het vermogen van elke kookzone tijdelijk onder de normale waarde vallen. Om deze instelwaarde niet te overschrijden, verdeelt de kookplaat het beschikbare vermogen automatisch aangepast aan de behoefte over de ingeschakelde kookzones . Het apparaat regelt en kiest de hoogst mogelijke vermogensstand automatisch.

In het hoofdstuk Basisinstellingen kunt u nalezen hoe u de waarden verandert. Pagina 16

24 Home Connect

Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.

De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.

De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen en houd u aan de instructies in de Home Connect app.

Opmerkingen

Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient.

"Veiligheid", Pagina 2

De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.

In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het apparaat max. 2 W nodig.

24.1 Home Connect instellen

Vereisten

Het apparaat is verbonden met het stroomnet en ingeschakeld.

U beschikt over een mobiel eindapparaat met een actuele versie van het iOS- of Android-besturingssysteem, bijvoorbeeld een smartphone.

Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).

Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw thuisnetwerk.

Pagina 19

Home Connect nl

Via de QR-code kunt u de Home Connect app installeren en uw apparaat verbinden.

24.2 Overzicht van de Home Connect instellingen

In de basisinstellingen van uw kookplaat kunt u voor Home Connect instellingen en netwerkinstellingen aanpassen.

InstellingSelectie of weergaveExtra informatie
Netwerkverbinding
– Niet verbonden/netwerkverbinding verbreken - Automatisch verbinden - Handmatig verbinden - Verbonden
Kookplaat in het WLAN-thuisnetwerk (WiFi) aanmelden of netwerkverbinding verbreken
Verbinding met app - Niet verbonden
– Verbinding maken
wordt alleen weergegeven als de kookplaat met het thuisnetwerk is verbonden.
Verbinding met WiFi
– Draadloze module uitgeschakeld
– Draadloze module ingeschakeld
Wanneer WiFi is geactiveerd, kunt u gebruikmaken van de Home Connect functionaliteit.
wordt alleen weergegeven, wanneer de kookplaat al een keer met het netwerk werd verbonden.
Instelling via app
– Uitgeschakeld
– Ingeschakeld ¹
Als is uitgeschakeld, worden uitsluitend de bedrijfstoestanden van de kookplaat in de Home Connect app weergegeven.
Software-update
– Update beschikbaar en gereed voor installatie
– Installatie starten
wordt alleen weergegeven wanneer er een software-update beschikbaar is.
Toegang op afstand door servicedienst regelen
– Niet toegestaan - Toegestaan
wordt alleen weergegeven wanneer de servicedienst verbinding probeert te maken met de kookplaat. Nadat u toegang heeft verleend, kunt u deze op elk gewenst moment weer beëindigen.
WiFi-signaalsterkte laten weergeven
– Niet verbonden met het WiFi-thuisnetwerk
– Signaalsterkte 1 (slecht)
– Signaalsterkte 2 (gemiddeld)
– Signaalsterkte 3 (goed)
wordt alleen weergegeven als er een verbinding is met het thuisnetwerk (WiFi).
Verbinding met de Home Connect server - Niet verbonden - Verbondenwordt alleen weergegeven als er een verbinding is met het thuisnetwerk (WiFi).

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

24.3 Netwerkverbinding deactiveren

De verbinding met WiFi (N) wordt gedeactiveerd.

Opmerking: Kies de waarde om de netwerkverbinding weer te activeren.

1 Fabrieksinstelling

24.4 Instellingen via de Home Connect app wijzigen

Met de Home Connect app kunt u de instellingen voor de kookzones wijzigen en naar de kookplaat sturen.

Vereisten

De kookplaat is met het thuisnetwerk en de Home Connect app verbonden.

19

Pagina 20

nl Reiniging en onderhoud

Om de kookplaat via de Home Connect app in te kunnen stellen, moet in de basisinstellingen ingeschakeld zijn. In de toestand bij levering is ingeschakeld. Als de overdracht van instellingen is gedeactiveerd, worden uitsluitend de bedrijfstoestanden van de kookplaat in de Home Connect app weergegeven.

De aanwijzingen in de Home Connect app opvolgen. Instellingen die u vanuit de Home Connect app naar de kookplaat stuurt, moet u op de kookplaat bevestigen.

Wanneer kookinstellingen naar een kookplaat worden doorgestuurd, begint afhankelijk van de instelling de betreffende kookzone-indicatie te knipperen.

24.5 Software-update

Met de functie software-update wordt de software van uw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhelpen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates alsmede voor extra functies en diensten.

Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde Home Connect gebruiker bent, de app op uw mobiele eindapparaat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Home Connect server hebt gemaakt.

Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u hierover via de Home Connect app geïnformeerd en kunt u de software-update via de app starten. Na het succesvol downloaden kunt u de installatie via de Home Connect app starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk (WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie wordt u via de Home Connect app geïnformeerd. De actuele softwareversie is in de Home Connect app onder de apparaatinformatie van het betreffende huishoudapparaat te vinden.

Opmerkingen

De software-update bestaat uit twee stappen.

lingen in de app kunnen software-updates ook automatisch worden gedownload.

De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de installatie kunt u uw apparaat niet gebruiken.

In geval van een veiligheidsrelevante update is het raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.

24.6 Afstandsdiagnose

De klantenservice kan via de diagnose op afstand toegang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de desbetreffende wens tot de klantenservice richt, uw apparaat met de Home Connect server verbonden is en de diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat gebruikt, beschikbaar is.

Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de beschikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land vindt u in het gedeelte service/support van de lokale website: www.home-connect.com.

24.7 Bescherming persoonsgegevens

Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.

Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie): Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde WiFi communicatiemodule).

Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).

De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat.

Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.

Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.

Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.

25 Reiniging en onderhoud

25.1 Glass-Protect-oppervlak

Het glas van de kookplaat is van een coating voorzien die de krasbestendigheid verhoogt.

Beschadigingen van het oppervlak vermijden

Reinig voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt het oppervlak met een zachte doek en een in de handel verkrijgbaar reinigingsmiddel voor glaskeramiek.

Gebruik de kookplaat niet als werkblad of plateau om iets neer te zetten.

Vermijd direct contact van levensmiddelen met de kookplaat, omdat dit tot permanente verkleuringen van het oppervlak kan leiden.

Levensmiddelresten, suiker, plastic, aluminiumfolie en gemorste levensmiddelen onmiddellijk met een schraper voor vitrokeramische kookplaten verwijderen. Grove verontreinigingen, zout en suiker op het kookvlak direct verwijderen.

Geen kookgerei met ruwe bodem gebruiken.

Kookgerei bij het verplaatsen optillen.

Pagina 21

Reiniging en onderhoud nl

Gebruik geen schraper die zich in een slechte toestand bevindt.

25.2 Reinigingsmiddelen

Geschikte reinigingsmiddelen en schraper voor vitrokeramische kookplaat zijn verkrijgbaar bij de klantenservice, in de webshop of in de vakhandel.

LET OP

Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.

Ongeschikte reinigingsmiddelen

Onverdund afwasmiddel

Reinigingsmiddelen voor de vaatwasmachine Schuurmiddelen

Agressieve reinigingsmiddelen, bijv. ovensprays of vlekverwijderaars

Krassende sponzen

Hogedrukreinigers of stoomapparaten Basisproducten zoals ontvettingsproducten

25.3 Kookplaat reinigen

Om te vermijden dat er kookresten inbranden, de kookplaat na elk gebruik reinigen.

Vereiste: De kookplaat moet koud zijn. Laat alleen bij suikervlekken, rijstzetmeel, kunststof- of aluminiumfolie de kookplaat niet afkoelen.

Tips

Wanneer u de bodem van het kookgerei schoon houdt, dan blijft het oppervlak van de kookplaat in een goede conditie.

Het gebruik van LED- of halogeenlampen verbetert de lichtomstandigheden en vermijdt reflecties of kleurverschillen op de kookplaat.

25.4 Profielen reinigen

Wanneer er na het gebruik vuil of vlekken op de profielen bevinden, reinig deze dan.

Opmerking: Geen schraper gebruiken.

Nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uitwassen.

25.5 Vetfilter

Het vetfilter filtert het vet uit de kookdamp. Het filter bestaat uit een houder en twee uitneembare vetfilters. De reinigingsfrequentie hangt af van de hoeveelheid en aard van de bij het bereiden gebruikte vet. Om een optimale werking te waarborgen, het vetfilter bij zichtbare afzettingen of minimaal eenmaal per maand reinigen.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden.

LET OP

Eraf vallende vetfilters kunnen de eronder liggende kookplaat beschadigen.

← pagina's 1–8verder op pagina 22 →Inhoud