Bosch PXY675DC1E, tekst van de handleiding
Pagina's 10–19 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 10
nl Uitgebreide FlexInduction
Middelste gebied = kookstand Achterste gebied = kookstand .
U kunt de standaardinstelling van de vooringestelde vermogensstanden wijzigen. In het hoofdstuk Basisinstellingen kunt u nalezen hoe u de waarden verandert Pagina 14.
9.2 MoveMode activeren
Vereiste: Slechts één stuk kookgerei op een flexibele zone plaatsen.
- 1. Een van de beide kookzones van de flexibele zone kiezen.
- 2. Op drukken.
De vermogensstand van het gebied waarop het kookgerei zich bevindt, brandt in de kookzone-indicatie naast .
De functie is ingeschakeld.
Opmerking: U kunt de vermogensstanden van de gebieden tijdens het koken wijzigen.
9.3 MoveMode deactiveren
aanraken
De indicatie naast schakelt uit. De functie is gedeactiveerd.
10 Uitgebreide FlexInduction
Met de uitgebreide kookzone kunt u met groter kookgerei koken of langwerpig kookgerei zijwaarts plaatsen. De uitbreiding schakelt steeds in combinatie met een van beide flexibele kookzones in. U kunt de uitbreiding niet afzonderlijk inschakelen.
10.1 Plaatsen van het kookgerei overeenkomstig de vorm en het formaat
Plaats het kookgerei in het midden boven het achterste gedeelte van de flexibele kookzone en de uitbreiding ervan.
Afhankelijk van het formaat van het kookgerei en het afgedekte kookvlak kunt u de flexibele kookzone als twee gescheiden of als een samenhangende kookzone inschakelen:
10.2 Uitgebreide FlexInduction activeren
- 1. Het kookgerei op de flexibele kookzone plaatsen en hierbij de uitbreiding afdekken.
- 2. Kookzone en vermogensstand kiezen De indicaties voor de kookzone en voor de uitgebreide zone branden.
De zone is geactiveerd.
Opmerking: Als de indicatie niet brandt, dan het kookgerei optillen en weer op de kookzone plaatsen.
10.3 Uitgebreide FlexInduction deactiveren
zet-
- De kookzone kiezen en in het instelgebied op ten.
De functie is gedeactiveerd.
11 Tijdfuncties
Uw kookplaat beschikt over verschillende instellingen voor de bereidingstijd:
Uitschakeltimer Timer
Count-up timer
10
11.1 Uitschakeltimer
Maakt de programmering van een bereidingstijd voor één of meerdere kookzones mogelijk. Na het verstrijken
Pagina 11
PowerBoost nl
van de tijd wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.
Uitschakeltimer inschakelen
- 1. Kookzone en vermogensstand kiezen.
- 2. Druk op .
De indicatie van de kookzone licht op.
- 3. In het instelgedeelte de tijd instellen.
- Om een bereidingstijd van minder dan 10 minuten in te stellen, dient u altijd 0 aan te raken voordat u de gewenste waarde kiest.
- 4. Met bevestigen.
De bereidingstijd begint af te lopen.
Wanneer de bereidingstijd is verstreken, schakelt de kookzone uit en er klinkt een geluidssignaal.
Opmerking: Wanneer in een kookzone, waarin Perfect-Fry Sensor is geactiveerd, een bereidingstijd is geprogrammeerd, begint de geprogrammeerde bereidingstijd af te tellen, zodra het gekozen temperatuurniveau is bereikt.
Uitschakeltimer wijzigen of uitschakelen
- 1. De kookzone kiezen en aanraken.
- 2. Om de tijd te wissen, in het instelbereik de tijd wijzigen of op instellen.
- 3. Bevestig met .
11.2 Timer
Maakt de activering mogelijk van een timer van 0 tot 99 min. Deze functie is onafhankelijk van de kookzones en
andere instellingen. Deze schakelt de kookzones niet automatisch uit.
Timer inschakelen
- 1. Raak aan.
- 2. Stel in het instelbereik de gewenste tijd in.
- 3. Met bevestigen.
De tijd begint te lopen.
Als de tijd is verstreken, klinkt er een signaal en knipperen de displays.
Timer wijzigen of uitschakelen
- 1. Raak aan.
- 2. Om de tijd te wissen, in het instelbereik de tijd wijzigen of op instellen.
- 3. Met bevestigen.
11.3 Count-up timer
De stopwatchfunctie geeft de tijd weer die sinds de activering is verstreken.
Schakel Count-up timer in
- Raak aan.
De tijd begint te lopen.
Schakel Count-up timer uit
- 1. Raak aan. De stopwatch stopt. De timer-indicaties blijven verlicht.
- 2. Raak aan. De indicaties verdwijnen.
12 PowerBoost
Met deze functie verhit u grote hoeveelheden water sneller dan met .
Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor zover de andere kookzone van dezelfde groep niet in gebruik is.
13 PanBoost
Met deze functie verhit u pannen sneller dan met .
12.1 PowerBoost inschakelen
- 1. Kies de kookzone.
- 2. Op tippen. De indicatie brandt. De functie is ingeschakeld.
Opmerking: Deze functie kunt u ook bij het koken met samenhangende FlexZone inschakelen.
12.2 PowerBoost uitschakelen
- 1. Kies de kookzone.
- 2. Op tippen. De indicatie verdwijnt en de kookzone schakelt terug naar de kookstand .
De functie is gedeactiveerd.
Opmerking: Onder bepaalde omstandigheden kan deze functie automatisch uitschakelen, om de elektronische elementen binnenin de kookplaat te beschermen.
Pagina 12
nl Warmhoudfunctie
Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor zover de andere kookzone van dezelfde groep niet in gebruik is.
13.1 Gebruiksadviezen
Leg geen deksel op de pan.
Nooit lege pannen zonder toezicht verhitten.
Alleen koude pannen gebruiken.
Pannen met volkomen effen bodem gebruiken. Geen pannen met dunne bodem gebruiken.
13.2 Schakel PanBoost in
- 1. Kies de kookzone.
- 2. Twee keer op tippen. is verlicht. De functie is ingeschakeld.
Opmerking: Deze functie kunt u ook bij het koken met samenhangende FlexZone inschakelen.
13.3 PanBoost uitschakelen
- 1. Kies de kookzone.
- 2. Op tippen. dooft en de kookzone schakelt terug naar de kookstand .
De functie is gedeactiveerd.
Opmerking: Om hoge temperaturen te vermijden schakelt deze functie na 30 seconden automatisch uit.
14 Warmhoudfunctie
Deze functie kunt u gebruiken om chocolade of boter te smelten en gerechten warm te houden.
14.1 Schakel Warmhoudfunctie in
- 1. Kies de gewenste kookzone.
- 2. Raak binnen de volgende 10 seconden het symbool aan.
brandt.
De functie is ingeschakeld.
14.2 Schakel Warmhoudfunctie uit
- 1. Kies de kookzone.
- 2. Tip op .
verdwijnt.
De functie is gedeactiveerd.
15 Instellingen overnemen
Met deze functie kunt u de kookstand en de geprogrammeerde bereidingstijd van de ene naar de andere kookzone overdragen.
15.1 Instellingen overnemen
Vereiste: Verplaats het kookgerei naar een kookzone die niet ingeschakeld is en nog niet vooraf is ingesteld en waarop eerder geen ander kookgerei stond.
- 1. Verplaats het kookgerei.
Het kookgerei wordt herkend en op het display van de nieuwe kookzone knipperen afwisselend de eerder gekozen kookstand en .
- 2. Kies de nieuwe kookzone in de instellingen over te nemen.
Het apparaat zet het vermogen van de oorspronkelijk kookzone op .
De instellingen zijn op de nieuwe kookzone overgedragen.
Opmerking: Wanneer u een nieuw kookgerei op een andere kookzone plaatst, voordat u de instellingen heeft bevestigd, dan kunt u deze functie voor beide pannen gebruiken.
Pagina 13
PerfectFry Sensor nl
16 PerfectFry Sensor
Is geschikt voor het bereiden of inkoken van sauzen, pannenkoeken of voor het bakken van eieren met boter, voor het bakken van groente of steaks tot de gewenste gaarheid en hierbij de temperatuur onder controle houden.
In de plaats van tijdens het koken vaak de vermogensstand aan te passen, bij het begin een keer de gewenste doeltemperatuur kiezen. De sensoren onder de keramische glasplaat meten dan de temperatuur van het kookgerei en houden deze tijdens het volledige kookproces constant.
Deze functie is op alle kookzones beschikbaar die met zijn gemarkeerd.
16.1 Voordelen
De temperatuur wordt constant gehouden zonder dat u de vermogensstand hoeft te veranderen.
Olie wordt niet oververhit. Het aanbranden van de levensmiddelen wordt verhinderd.
De kookzone warmt alleen op wanneer dit nodig is voor het behouden van de temperatuur, waardoor er energie wordt gespaard.
16.2 Temperatuurstanden
Temperatuurstanden voor de bereiding van voedsel.
| Stand | Temperatuur | Functies |
|---|---|---|
| 1 | 120 ºC | Koken en inkoken van sauzen, bakken van groente |
| 2 | 140 ºC | In olijfolie of boter aanbraden |
| 3 | 160 ºC | Bakken van vis en grove levensmiddelen |
| 4 | 180 ºC | Frituren van gepaneerde, bevroren en gegrilde gerechten |
| 5 | 215 ºC | Hogetemperatuurgrill en grillplaat |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
16.3 Aanbevolen kookgerei
Voor deze functie werd speciaal kookgerei ontwikkeld, dat optimale resultaten levert.
Het aanbevolen kookgerei kunt u verkrijgen via de servicedienst, de vakhandel of onze onlineshop www.bosch-home.com.
Opmerking: U kunt ook ander kookgerei gebruiken. Afhankelijk van de kwaliteit van het kookgerei kan de bereikte temperatuur echter van de gekozen temperatuurstand afwijken.
16.4 PerfectFry Sensor inschakelen
- 1. Lege pan op de kookzone plaatsen.
- 2. De kookzone kiezen en aanraken.
- 3. In de volgende 10 seconden in het instelgebied de gewenste temperatuurstand kiezen.
De functie start. knippert tot de ingestelde doeltemperatuur is bereikt.
Als de doeltemperatuur is bereikt, weerklinkt een signaal en stopt met knipperen.
- 4. Het braadvet en dan het product in de braadpan doen.
Opmerking: Als u meer dan 250 ml olie nodig hebt om te koken, dan de olie toevoegen en een paar seconden wachten voordat u het te bereiden product toevoegt.
16.5 Schakel PerfectFry Sensor uit
- De kookzone kiezen en aanraken. De functie is gedeactiveerd.
16.6 Adviezen voor het koken met PerfectFry Sensor
In de bijgevoegde documentatie vindt u een tabel met adviezen voor het koken met PerfectFry Sensor.
17 Kinderslot
De kookplaat is voorzien van een kinderslot. Hiermee voorkomt u dat kinderen de kookplaat inschakelen.
17.1 Kinderslot inschakelen
Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
- 1. Op tippen.
- 2. Raak gedurende 4 seconden aan.
De indicatie is 10 seconden lang verlicht. De kookplaat is geblokkeerd.
17.2 Kinderslot uitschakelen
- 1. Op tippen.
- 2. Raak gedurende 4 seconden aan. De blokkering is opgeheven.
17.3 Automatisch kinderslot
U kunt het kinderslot ook automatisch elke keer na het uitschakelen van de kookplaat activeren.
In het hoofdstuk Basisinstellingen kunt u nalezen hoe u de functie in- en uitschakelt. Pagina 14
18 Veegbeveiliging
Zorgt voor een blokkering van het bedieningspaneel, zodat bij het reinigen instellingen niet ongewild worden gewijzigd.
De reinigingsblokkering heeft geen invloed op de hoofdschakelaar.
Pagina 14
nl Individuele veiligheidsuitschakeling
18.1 Schakel Veegbeveiliging in
- Druk op . Er klinkt een waarschuwingssignaal en brandt.
Het bedieningspaneel is gedurende 35 seconden geblokkeerd. 5 seconden voor het uitschakelen klinkt een signaal.
18.2 Schakel Veegbeveiliging uit
Voor het voortijdig uitschakelen van de functie:
- symbool aan.
Het bedieningspaneel is ontgrendeld.
19 Individuele veiligheidsuitschakeling
Is een kookzone lange tijd in gebruik en heeft u de instelling niet veranderd, dan wordt de automatische uitschakeling geactiveerd. De kookzone geeft weer en schakelt uit.
De tijd van 1 tot 10 uur hangt van de geselecteerde vermogensstand af.
Druk op een willekeurige button.
20 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
20.1 Overzicht van de basisinstellingen
| Indicatie | Instelling | Waarde |
|---|---|---|
| Kinderslot | - Handmatig. ¹ Automatisch. – Uitgeschakeld | |
| Akoestische signalen | – Bevestigings- en foutsignaal zijn uitgeschakeld. – Alleen het foutsignaal is ingeschakeld. – Alleen het bevestigingssignaal is ingeschakeld. – Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld ¹. | |
| Weergave energieverbruik Toont het totale energieverbruik tussen het in- en uitschakelen van de kookplaat in kWh. De precisie van de indicatie is onder andere afhankelijk van de spanningskwaliteit van het elektriciteitsnet. | – Uitgeschakeld ¹ – Ingeschakeld | |
| Automatisch uitschakelen van de kookzones. | - uitgeschakeld. ¹ - - Tijd tot het automatisch uitschakelen. | |
| Duur van het timer-einde-geluidssignaal | – 10 seconden ¹ – 30 seconden - 1 minuut | |
| Vermogensbegrenzing Maakt indien nodig de begrenzing mogelijk van het totale vermogen van de kookplaat, indien vereist, op basis van de omstandigheden van uw elektrische installatie. De beschikbare instellingen hangen af van het maximale vermogen van de kookplaat (zie typeplaatje). Wanneer de functie actief is en de kookplaat de ingestelde vermogensgrens bereikt, dan wordt weergegeven en u kunt geen hogere vermogensstand kiezen. | – Uitgeschakeld Maximaal vermogen van de kookplaat 1. - 1000 W. Laagste stand. . - 1500 W. ... - 3000 W. Aanbevolen voor 13 ampère . - 3500 W. Aanbevolen voor 16 ampère. - 4000 W. . - 4500 W. Aanbevolen voor 20 ampère. ... - Maximaal vermogen van de kookplaat. | |
| MoveMode Maakt de wijziging mogelijk van de vooringestelde vermogensstanden van de drie kookbereiken van de flexibele kookzone. | - Vooringestelde vermogensstand voor de voorste kookzone. - Vooringestelde vermogensstand voor de middelste kookzone. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
1 Fabrieksinstelling
14
Pagina 15
Kookgerei-test nl
| Indicatie | Instelling | Waarde |
|---|---|---|
| Kies hiervoor een van de beide kookzones, stel de gewenste vermogensstand in het instelbereik in raak aan om de nieuwe vermogensstand te bevestigen en de volgende kookzone te selecteren. | . - Vooringestelde vermogensstand voor de achterste kookzone. | |
| Kookgerei-test Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgerei controleren. | - Niet geschikt. - Niet optimaal. - Geschikt. | |
| FlexInduction Inschakelmodus van de FlexZone wijzigen. | - Als twee onafhankelijke kookzones. ¹ - Als een gecombineerde kookzone. | |
| Terugzetten naar de fabrieksinstellingen | - Individuele instellingen ¹. - Fabrieksinstellingen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
20.2 Naar de basisinstellingen
Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
- 1. Raak aan om de kookplaat in te schakelen.
- 2. Raak binnen de volgende 10 seconden 4 seconden lang aan.
| Productinformatie | Indicatie |
|---|---|
| Lijst van de Technische Service (TS) | |
| Fabricagenummer | |
| Fabricagenummer 1 | . |
| Fabricagenummer 2 | . |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
De eerste vier indicaties geven de productinformatie weer. Raak het instelgebied aan, om de afzonderlijke indicaties te kunnen zien.
- 3. Raak aan om naar de basisinstellingen te gaan. en lichten op als voorinstelling.
- 4. Raak net zo lang aan totdat de gewenste instelling verschijnt.
- 5. De gewenste instelling in het instelbereik kiezen.
- 6. Raak gedurende 4 seconden aan.
De instellingen zijn opgeslagen.
20.3 Wijzigen van de basisinstellingen annuleren
- Raak aan.
Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.
21 Kookgerei-test
De kwaliteit van de pan heeft een grote invloed op de snelheid en het resultaat van het kookproces.
Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgerei testen.
Ga vóór de test na of de diameter van de bodem van de pan met de grootte van de gebruikte kookzone overeenstemt.
De toegang vindt plaats via de basisinstellingen. Pagina 14
21.1 Kookgerei-test uitvoeren
De flexibele kookzone is als enige kookzone zo ingesteld dat deze slechts één enkele pan controleert.
- 1. Plaats het kookgerei bij kamertemperatuur met ca. 200 ml water midden op die kookzone, waarvan de diameter het best overeenkomt met de diameter van de bodem van het kookgerei.
1 Fabrieksinstelling
- 2. Roep de basisinstellingen op en kies .
- 3. Het instelgebied aanraken. Op de kookzone knippert de indicatie .
De test is bezig.
Na 10 seconden verschijnt het resultaat op het kookzonedisplay.
21.2 Resultaat controleren
In de volgende tabel kunt u zien wat het resultaat voor kwaliteit en snelheid van het kookproces betekent.
Resultaat
Het kookgerei is voor de kookzone niet geschikt en wordt daarom niet opgewarmd.
Het kookgerei warmt langzamer op dan verwacht en het kookproces verloopt niet optimaal.
Het kookgerei wordt goed warm en het kookproces is in orde.
Raak om deze functie te activeren het instelbereik aan.
15
Pagina 16
nl Reiniging en onderhoud
22 Reiniging en onderhoud
22.1 Reinigingsmiddelen
Geschikte reinigingsmiddelen en schraper voor vitrokeramische kookplaat zijn verkrijgbaar bij de klantenservice, in de webshop of in de vakhandel.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Nooit ongeschikte reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen schoonmaakmiddelen gebruiken zolang de kookplaat nog heet is. Dat kan tot verkleuring van het oppervlak leiden.
Ongeschikte reinigingsmiddelen
Onverdund afwasmiddel
Reinigingsmiddelen voor de vaatwasmachine Schuurmiddelen
Agressieve reinigingsmiddelen, bijv. ovensprays of vlekverwijderaars
Krassende sponzen
Hogedrukreinigers of stoomapparaten
22.2 Kookplaat reinigen
Reinig de kookplaat na elk gebruik, zodat kookresten niet inbranden.
Vereiste: De kookplaat moet koud zijn. Laat alleen bij suikervlekken, rijstzetmeel, kunststof- of aluminiumfolie de kookplaat niet afkoelen.
- 1. Verwijder hardnekkig vuil met een schraper voor vitrokeramische kookplaat.
- 2. Reinig de kookplaat met een reinigingsmiddel voor glaskeramiek.
Houd de reinigingsinstructies op de verpakking van het reinigingsmiddel aan.
Tips
Met een speciale spons voor glaskeramiek kunt u goede reinigingsresultaten boeken.
Wanneer u de bodem van het kookgerei schoon houdt, dan blijft het oppervlak van de kookplaat in een goede conditie.
22.3 Profielen reinigen
Wanneer er na het gebruik vuil of vlekken op de profielen bevinden, reinig deze dan.
Opmerking: Geen schraper gebruiken.
- 1. Reinigen met zeepsop en drogen met een zachte doek.
Nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uitwassen.
- 2. Drogen met een zachte doek.
23 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 18
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
Pagina 17
Storingen verhelpen nl
23.1 Waarschuwing contact op met de servicedienst en geef de exacte storingscode op.
Opmerkingen Wanneer een fout optreedt, dan schakelt het apparaat Wanneer op het display verschijnt, de knop van de niet naar de spaarstand.
betreffende kookzone ingedrukt houden en de sto- Om de elektrische onderdelen van het apparaat te ringscode aflezen. beschermen tegen oververhitting of stroomstoten, kan Wanneer de storingscode niet in de volgende tabel het vermogensniveau van de kookplaat voor korte tijd staat, de kookplaat loskoppelen van het elektriciteits- worden teruggebracht.
net, 30 seconden wachten en de kookplaat weer aansluiten. Verschijnt de indicatie opnieuw, neem dan
23.2 Aanwijzingen op het display
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing | |
|---|---|---|
| Er brandt geen enkele indicatie. | De stroomtoevoer is onderbroken. ▸ Controleer met behulp van andere elektrische apparaten of er sprake is van een stroomstoring. | |
| Het apparaat is niet volgens het schakelschema aangesloten. ▸ Sluit het apparaat aan volgens het schakelschema. | ||
| Storing in de elektronica ▸ Als u de storing niet kunt verhelpen, schakel dan de technische servicedienst in. | ||
| De indicaties knipperen. | Het bedieningspaneel is vochtig of wordt afgedekt door een voorwerp. ▸ Maak het bedieningspaneel droog of verwijder het voorwerp. | |
| , , , , | De elektronica is oververhit en heeft één of alle kookzones uitgeschakeld. ▸ Wacht tot de elektronica voldoende afgekoeld is. Vervolgens een willekeurige toets van het bedieningspaneel aanraken. | |
| + vermogensstand en geluidssignaal | Er staat een hete pan in het gebied van het bedieningspaneel. Daardoor kan de elektronica oververhit raken. ▸ Verwijder het kookgerei. Kort daarna verdwijnt de foutindicatie. U kunt het koken voortzetten. | |
| en geluidssignaal | Er staat een hete pan in het gebied van het bedieningspaneel. Ter bescherming van de elektronica werd de kookplaat uitgeschakeld. ▸ Verwijder het kookgerei. Wacht enkele seconden. Raak een willekeurig bedieningsvlak aan. Wanneer de foutindicatie verdwijnt, kunt u verder gaan met koken. | |
| / | De kookzone is oververhit geraakt en werd ter bescherming van het werkblad uitgeschakeld. ▸ Wacht tot de elektronica voldoende is afgekoeld en schakel aansluitend de kookzone opnieuw in. | |
| Instellingen overnemen wordt niet geactiveerd. ▸ Raak een willekeurige sensor aan om de storingsaanwijzing te bevestigen. Zoals gebruikelijk koken zonder de functie Instellingen overnemen te gebruiken. Contact opnemen met de Service. | ||
| De uitgebreide Flex-zone schakelt niet in. ▸ Raak een willekeurige sensor aan om de storingsaanwijzing te bevestigen. U kunt verder koken met de overige kookzones. Neem contact op met de technische servicedienst. | ||
| De kookzone was gedurende een langere tijd en zonder onderbreking in gebruik. ▸ Individuele veiligheidsuitschakeling is ingeschakeld. Voor het instellen van de kookzone een willekeurige toets aanraken en het display uitschakelen. | ||
| / | De bedrijfsspanning is onjuist en ligt buiten het normale bedrijfsgebied. ▸ Neem contact op met uw elektriciteitsbedrijf. | |
| / | De kookplaat is niet op de juiste manier aangesloten. ▸ Haal de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Sluit de kookplaat aan volgens het schakelschema. | |
| De demo-modus is geactiveerd. ▸ Haal de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. 30 seconden wachten en de kookplaat aansluiten. Raak binnen de volgende 3 minuten een willekeurige sensor aan. De demomodus is gedeactiveerd. | ||
Pagina 18
nl Afvoeren
23.3 Normaal geluid van uw apparaat
Soms kan een inductieapparaat geluiden of trillingen veroorzaken zoals zoemen, sissen, knetteren, ventilatorgeluiden of ritmische geluiden.
24 Afvoeren
24.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
25 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.
Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.
De informatie conform verordening (EU) 66/2014 en (EU) 2023/826 vindt u online op www.bosch-home.com op de productpagina en de servicepagina van uw apparaat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende documenten.
25.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje vindt u:
op de apparaatpas.
aan de onderkant van de kookplaat.
Het productnummer (E-nr.) vindt u ook op de glaskeramiek. De servicedienstindex (KI) en het fabricagenummer (FD) kunt u bovendien in de basisinstellingen Pagina 14 laten weergeven.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
26 Testgerechten
Deze instellingsaanbevelingen zijn bedoeld voor testinstituten om het testen van onze apparaten te vergemakkelijken. De testen worden met onze kooksets voor inductiekookplaten uitgevoerd. Indien nodig kunt u deze accessoiresets op een later tijdstip aanschaffen bij de vakhandel, via onze technische klantenservice of in onze webshop.
26.1 De couverture smelten.
Ingrediënten: 150 g pure chocolade (55% cacao). Pot Ø 16 cm zonder deksel
- Koken: Vermogensstand 1.5
18
26.2 Linzenschotel opwarmen en warmhouden
Recept volgens DIN 44550
Begintemperatuur 20°C
Opwarmen zonder omroeren
Pan Ø 16 cm met deksel Hoeveelheid: 450 g
- Verwarmen: tijdsduur 1 min. 30 s., vermogensstand 9
- Kookpunt: Vermogensstand 1.5 Pot Ø 20 cm met deksel Hoeveelheid: 800 g
- Verwarmen: tijdsduur 2 min. 30 s., vermogensstand 9
- Kookpunt: Vermogensstand 1.5
Pagina 19
Testgerechten nl
26.3 Linzenschotel opwarmen en warmhouden
Bijv.: linzendiameter 5-7 mm. Starttemperatuur 20°C Na 1 min. opwarmen omroeren
Pan Ø 16 cm met deksel Hoeveelheid: 500 g
- Opwarmen: tijdsduur ca. 1 min. 30 s., vermogensstand 9
- Kookpunt: Vermogensstand 1.5
Pan Ø 20 cm met deksel Hoeveelheid: 1 kg
- Opwarmen: tijdsduur ca. 2 min. 30 s., vermogensstand 9
- Kookpunt: Vermogensstand 1.5
26.4 Bechamelsaus
Melktemperatuur: 7ºC
Pan Ø 16 cm zonder deksel Ingrediënten: 40 g boter, 40 g meel, 0,5 l melk met 3,5% vetgehalte en een snufje zout
Bechamelsaus maken
- 1. Boter smelten, bloem en zout erdoor roeren en het geheel verwarmen.
- Verwarm het: duur 6 min., vermogensfase 2
- 2. De melk bij de roux van bloem voegen en deze onder voortdurend roeren aan de kook brengen.
- Verwarm het: duur 6 min. 30 sec., vermogensfase 7
- 3. Als de bechamelsaus aan de kook komt, laat deze dan nog 2 minuten op de kookzone staan, onder voortdurend roeren.
- Kookpunt: Vermogensstand 2
26.5 Kook rijstpudding met deksel
Melktemperatuur: 7ºC
- 1. De melk verwarmen tot hij begint op te komen. Verwarmen zonder deksel. Na 10 min. opwarmen omroeren.
- 2. Stel het aanbevolen vermogen in en voeg rijst, suiker en zout toe aan de melk.
Bereidingstijd inclusief opwarmen, ca. 45 min.
Pan Ø 16 cm Ingrediënten: 190 g rijst met ronde korrel, 90 g suiker, 750 ml melk met 3,5 % vetgehalte en 1 g zout
- Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogensstand 8.5
- Kookpunt: Vermogensstand 3
Pan Ø 20 cm Ingrediënten: 250 g rijst met ronde korrel, 120 g suiker, 1 l melk met 3,5 % vetgehalte en 1,5 g zout
- Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogensstand 8.5
- Doorkoken: vermogensstand 3, na 10 min. omroeren
26.6 Kook rijstpudding zonder deksel
Melktemperatuur: 7ºC
- 1. Ingrediënten aan de melk toevoegen en onder voortdurend roeren opwarmen.
- 2. Wanneer de melk ca. 90 ºC heeft bereikt, kiest u het aanbevolen prestatieniveau en laat u de melk ca. 50 minuten sudderen op een lage stand.
Pan Ø 16 cm zonder deksel Ingrediënten: 190 g rijst met ronde korrel, 90 g suiker, 750 ml melk met 3,5 % vetgehalte en 1 g zout
- Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogensstand 8.5
- Kookpunt: Vermogensstand 3
Pot Ø 20 cm zonder deksel Ingrediënten: 250 g rijst met ronde korrel, 120 g suiker, 1 l melk met 3,5 % vetgehalte en 1,5 g zout
- Opwarmen: tijdsduur ca. 5 min. 30 s., vermogensstand 8.5
- Kookpunt: Vermogensstand 2.5
26.7 Rijst koken
Recept volgens DIN 44550
Watertemperatuur: 20°C
Pan Ø 16 cm met deksel Ingrediënten: 125 g rijst met lange korrel, 300 g water en een snufje zout
- Opwarmen: tijdsduur ca. 2 min. 30 s., vermogensstand 9
- Kookpunt: Vermogensstand 2
Pan Ø 20 cm met deksel Ingrediënten: 250 g rijst met lange korrel, 600 g water en een snufje zout
- Opwarmen: tijdsduur ca. 2 min. 30 s., vermogensstand 9
- Kookpunt: Vermogensstand 2.5
26.8 Varkenslende braden
Begintemperatuur van de lende: 7°C
Koekenpan Ø 24 cm zonder deksel Ingrediënten: 3 varkenslendenen, totaalgewicht ca. 300 g, 1 cm dik, en 15 ml zonnebloemolie
- Opwarmen: tijdsduur ca. 1 min. 30 s., vermogensstand 9
- Kookpunt: Vermogensstand 7
26.9 Crêpes bereiden
Recept volgens DIN EN 60350-2
Koekenpan Ø 24 cm zonder deksel Ingrediënten: 55 ml deeg per crêpe
- Verwarmen: tijdsduur 1 min. 30 s., vermogensstand 9
- Kookpunt: Vermogensstand 7
26.10 Diepvriesfrites frituren
Pan Ø 20 cm zonder deksel Ingrediënten: 2 l zonnebloemolie. Voor elke bakcyclus: 200 g bevroren frieten, 1 cm dik.
- Opwarmen: vermogensstand 9, tot de olie een temperatuur van 180°C bereikt.
- Kookpunt: Vermogensstand 9