Bosch SKS2ITW00E, tekst van de handleiding
Vaatwasser · Bosch · 47 pagina's in het Nederlands · pdf: 52 pagina's, 1,3 MB
Storingen op pagina 33
Pagina 33
Vanaf de titel; het begin van pagina 33 staat in de pdf.
17 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, dient dit te worden vervangen door een speciaal snoer dat verkrijgbaar is bij de fabrikant of de servicedienst.
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
| E:12 brandt. | Het apparaat heeft een verkalkt verwarmingselement herkend. 1. Ontkalk het apparaat. 2. Gebruik het apparaat met de waterontharding. ¹ |
| E:14 brandt. | Aquastopsysteem is geactiveerd. 1. Sluit de kraan. 2. Neem contact op met de servicedienst Pagina 46. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
33
Pagina 34
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| E:15 brandt. | Aquastopsysteem is geactiveerd. 1. Sluit de kraan. 2. Neem contact op met de servicedienst Pagina 46. |
| E:16 brandt. | Er stroom continu water in het apparaat. 1. Sluit de kraan. 2. Neem contact op met de servicedienst Pagina 46. |
| E:18 of indicatie voor watertoevoer brandt. | Watertoevoerslang is geknikt. ▸ Verleg de watertoevoerslang zonder knikken. |
| Kraan is gesloten. ▸ Draai de kraan open. | |
| Kraan is verstopt of verkalkt. ▸ Draai de kraan open. De hoeveelheid binnenstromend water bij geopende kraan minimaal 10 l/min bedragen. | |
| De zeven in de wateraansluiting van de toevoer- of AquaStop-slang zijn verstopt. 1. Schakel het apparaat uit. 2. Haal de stekker uit het stopcontact. 3. Draai de kraan dicht. 4. Schroef de wateraansluiting los. 5. Neem de zeef uit de toevoerslang 6. Reinig de zeef. 7. Plaats de zeef in de toevoerslang. 8. Schroef de wateraansluiting vast. 9. Controleer de wateraansluiting op lekkage. 10.Plaats de stekker weer in het stopcontact. 11.Schakel het apparaat in. | |
| E:22 brandt. ¹ | Zeven zijn vuil of verstopt. ▸ Reinig de zeven. "Zeven reinigen", Pagina 32 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
34
Pagina 35
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| E:24 brandt. | Afvoerslang is verstopt of geknikt. 1. Verleg de afvoerslang zonder knikken. 2. Verwijder de resten. |
| Sifonaansluiting is nog dicht. ▸ Controleer de aansluiting op de sifon en open deze zo nodig. | |
| Afdekking van afvoerpomp zit los. ▸ Maak de afdekking van de afvoerpomp Pagina 44 goed vast. | |
| E:25 brandt. | Afvoerpomp is geblokkeerd. ▸ Reinig de afvoerpomp. "Afvoerpomp reinigen", Pagina 44 |
| Afdekking van afvoerpomp zit los ▸ Maak de afdekking van de afvoerpomp Pagina 44 goed vast. | |
| E:27 brandt. | Netspanning is te laag. Er is geen fout in het apparaat aanwezig. 1. Neem contact op met een elektricien. 2. Laat de netspanning en elektrische installatie controleren door de elektricien. |
| Er verschijnt een andere foutcode in de indicatie. E:01 tot en met E:30 | Er is een technische storing aanwezig. 1. Druk op . 2. Trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact of schakel de zekering uit. 3. Wacht ten minste 2 minuten. 4. Plaats de stekker van het apparaat in een stopcontact of schakel de zekering in. 5. Schakel het apparaat in. 6. Als het probleem zich opnieuw voordoet: ▸ Druk op . ▸ Sluit de kraan. ▸ Haal de stekker uit het stopcontact. ▸ Neem contact op met de servicedienst Pagina 46 en vermeld de foutcode. |
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
| Serviesgoed is niet droog. | Er is geen glansspoelmiddel gebruikt of de dosering is te laag ingesteld. 1. Vul het glanspoelmiddel Pagina 22 bij. 2. Stel de hoeveelheid glansspoelmiddel in. "Hoeveelheid glansspoelmiddel instelen", Pagina 23 |
Pagina 36
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Serviesgoed is niet droog. | Het programma of de programmaoptie heeft geen of een te korte droogfase. ▸ Kies een programma met drogen, bijv. Intensief, Sterk of ECO-programma. Met sommige optietoetsen wordt het droogresultaat minder, bijv. Variospeed. |
| Er blijft water in holtes van serviesgoed en bestek staan. ▸ Ruim het serviesgoed zo schuin mogelijk in. | |
| Het gecombineerde vaatwasmiddel heeft slechte droogprestaties. 1. Gebruik glansspoelmiddel om de droogprestaties te verbeteren. 2. Gebruik een ander gecombineerd vaatwasmiddel met betere droogprestatie. | |
| Extra droog voor versterkte droging is niet geactiveerd. ▸ Activeer Extra droog. | |
| Serviesgoed is te vroeg uitgeruimd of het droogproces was nog niet afgelopen. 1. Wacht op het programma-einde. 2. Verwijder het serviesgoed pas 30 minuten na afloop van het programma. | |
| Gebruikt glansspoelmiddel levert beperkte droogprestaties. ▸ Gebruik een kwaliteitsglansspoelmiddel. Eco-producten kunnen een beperkte werking vertonen. | |
| Kunststof serviesgoed is niet droog. | Geen fout. Door een lager warmteopslagvermogen droogt kunststof slechter. ▸ Geen oplossing voorhanden. |
| Bestek is niet droog. | Bestek is niet goed in de bestekkorf of besteklade geplaatst. Op de aanraakpunten van het bestek kunnen zich druppels vormen. |
Pagina 37
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Bestek is niet droog. | 1. Ruim het bestek zo mogelijk los van elkaar in. Pagina 27 2. Vermijd aanraakpunten. |
| Binnenzijden van het apparaat zijn nat na de afwascyclus. | Geen storing. Voor het condensatiedrogen zijn waterdruppels in de spoelmiddelhouder het reservoir noodzakelijk en gewenst. Het vocht in de lucht condenseert tegen de binnenwanden van het apparaat, stroomt omlaag en wordt weggepompt. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
| Etensresten op het serviesgoed. | Serviesgoed is te dicht op elkaar ingeruimd of servieskorf is te vol. 1. Ruim het serviesgoed met voldoende tussenruimte in. De sproeistralen moeten het oppervlak van het serviesgoed kunnen bereiken. 2. Vermijd aanraakpunten. |
| Sproeiarmen kunnen niet ongehinderd ronddraaien. ▸ Ruim het serviesgoed zo in dat het serviesgoed de draaibeweging van de sproeiarm niet hindert. | |
| Sproeiers van sproeiarmen zijn verstopt. ▸ Reinig de sproeiarmen. | |
| De zeven zijn vervuild. ▸ Reinig de zeven. "Zeven reinigen", Pagina 32 | |
| De zeven zijn onjuist aangebracht en/of niet vastgezet. 1. Breng de zeven goed aan. "Zeefsysteem", Pagina 32 2. Zet de zeven vast. | |
| Te zwak afwasprogramma gekozen. ▸ Kies een krachtiger spoelprogramma. | |
| Serviesgoed is te goed voorgereinigd. Het sensorsysteem kiest daarom voor een zwak afwasprogramma. Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwijderd. ▸ Verwijder alleen grove etensresten en spoel het serviesgoed niet voor. | |
| Hoge, smalle stukken serviesgoed worden in de hoeken onvoldoende uitgespoeld. ▸ Ruim hoge, smalle stukken serviesgoed niet te schuin en niet in de hoeken in. |
Pagina 38
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Etensresten op het serviesgoed. | Bovenste servieskorf is rechts en links niet op dezelfde hoogte ingesteld. ▸ Bovenste servieskorf links en rechts op dezelfde hoogte instellen. |
| Resten vaatwasmiddel in het apparaat | Deksel van het vaatwasmiddelbakje is geblokkeerd door serviesgoed en gaat niet open. 1. Ruim het serviesgoed in de bovenste servieskorf zo in dat het tablettenbakje niet door serviesgoed wordt geblokkeerd. "Serviesgoed inruimen", Pagina 27 Stukken serviesgoed blokkeren het deksel van het vaatwasmiddelbakje. 2. Plaats geen serviesgoed en geen geurdispenser in het tablettenbakje. |
| Deksel van het vaatwasmiddelbakje is geblokkeerd door de tab en gaat niet open. ▸ Leg de tab dwars in het vaatwasmiddelbakje en niet op de smalle kant. | |
| Tabs worden in het snelle programma of korte programma gebruikt. Oplostijd van de tab wordt niet bereikt. ▸ Kies een krachtiger programma of gebruik vaatwaspoeder Pagina 23. | |
| Reinigende werking en oplosgedrag nemen af bij langere opslagtijd, of het vaatwasmiddel klontert sterk. ▸ Verander van vaatwasmiddel Pagina 23. | |
| Er bevinden zich watervlekken op kunststof delen. | Druppelvorming op kunststof oppervlakken is fysiek onvermijdelijk. Na het afdrogen zijn watervlekken zichtbaar. ▸ Krachtiger programma kiezen. ▸ Ruim het serviesgoed schuin in. "Serviesgoed inruimen", Pagina 27 ▸ Gebruik glansspoelmiddel. "Glansspoelmiddel", Pagina 22 ▸ Stel de waterontharding hoger in. |
| Er bevindt zich afwisbare of in water oplosbare aanslag in de binnenruimte of op de deur van het apparaat. | Componenten van het vaatwasmiddel zetten zich af. Deze aanslag kan meestal niet chemisch worden verwijderd. ▸ Verander van vaatwasmiddel Pagina 23. ▸ Reinig het apparaat mechanisch. |
Pagina 39
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Er bevindt zich afwisbare of in water oplosbare aanslag in de binnenruimte of op de deur van het apparaat. | Er zet zich witte aanslag af in de binnenruimte van het apparaat. 1. Stel de waterontharding correct in. In de meeste gevallen moet u de instelling verhogen. 2. Verander zo nodig van vaatwasmiddel. |
| Onthardingszoutreservoir is niet dichtgedraaid. ▸ Draai het onthardingszoutreservoir dicht. | |
| Er bevindt zich witte, moeilijk verwijderbare aanslag op het serviesgoed of de binnenruimte of deur van het apparaat. | Componenten van het vaatwasmiddel zetten zich af. Deze aanslag kan meestal niet chemisch worden verwijderd. ▸ Verander van vaatwasmiddel Pagina 23. ▸ Reinig het apparaat mechanisch. |
| Waterhardheid is onjuist ingesteld of waterhardheid is hoger dan 35 °dH (6,2mmol/l). ▸ Stel de waterontharding Pagina 19 in op de waterhardheid of vul onthardingszout bij. | |
| 3in1-vaatwasmiddel, bio-vaatwasmiddel of eco-vaatwasmiddel is onvoldoende effectief. ▸ Stel de waterontharding Pagina 19 in op de waterhardheid en gebruik gescheiden middelen (kwaliteitsreinigingsmiddel, onthardingszout, glansspoelmiddel). | |
| Vaatwasmiddel is te laag gedoseerd. ▸ Verhoog de dosering van het vaatwasmiddel of verander van vaatwasmiddel Pagina 23. | |
| Te zwak afwasprogramma gekozen. ▸ Kies een krachtiger spoelprogramma. | |
| Thee- of lippenstiftresten op het serviesgoed. | Afwastemperatuur is te laag. ▸ Kies een programma met een hogere afwastemperatuur. |
| Vaatwasmiddel is te laag gedoseerd of ongeschikt. ▸ Gebruik een geschikt vaatwasmiddel Pagina 23 en doseer dit volgens de aanwijzingen van de fabrikant. Serviesgoed is te goed voorgereinigd. Het sensorsysteem kiest daarom voor een zwak afwasprogramma. Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwijderd. ▸ Verwijder alleen grove etensresten en spoel het serviesgoed niet voor. |
Pagina 40
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Er bevindt zich gekleurde (blauwe, gele, bruine), moeilijk of niet verwijderbare aanslag in de binnenruimte van het apparaat of op roestvrijstaal serviesgoed. | Er ontstaat laagvorming door de bestanddelen van groenten (kool, selderij, aardappels, noedels, ...) of leidingwater (mangaan). ▸ Reinig het apparaat. U kunt de aanslag met een mechanische reiniging Pagina 31 of een machinereiniger verwijderen. De aanslag is niet altijd volledig verwijderbaar, maar niet schadelijk voor de gezondheid. |
| Door metalen bestanddelen ontstaat laagvorming op zilver of aluminium serviesgoed. ▸ Reinig het apparaat. U kunt de aanslag met een mechanische reiniging Pagina 31 of een machinereiniger verwijderen. De aanslag is niet altijd volledig verwijderbaar, maar niet schadelijk voor de gezondheid. | |
| Er bevinden zich gekleurde (gele, oranje, bruine), eenvoudig te verwijderen afzettingen in de binnenruimte van het apparaat (vooral op de bodem). | Er ontstaat laagvorming door bestanddelen van voedselresten en het leidingwater (kalk), 'zeepachtig'. 1. Controleer de instelling van de waterontharding. "Waterontharding instelen", Pagina 20 2. Vul onthardingszout bij. "Onthardingszout vulen", Pagina 20 3. Als u gecombineerd vaatwasmiddelen gebruikt (tabs), activeert u de waterontharding. Houd u aan de aanwijzingen van de vaatwasmiddelen. "Aanwijzingen over vaatwasmiddelen", Pagina 25 |
| Kunststof onderdelen in de binnenruimte van het apparaat zijn verkleurd. | Kunststof onderdelen in de binnenruimte kunnen tijdens de levensduur van de vaatwasser verkleuren. ▸ Er kunnen verkleuringen optreden, maar deze hebben geen nadelige invloed op de werking van het apparaat. |
| Kunststof onderdelen zijn verkleurd. | Afwastemperatuur is te laag. ▸ Kies een programma met een hogere afwastemperatuur. |
| Serviesgoed is te goed voorgereinigd. Het sensorsysteem kiest daarom voor een zwak afwasprogramma. Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwijderd. ▸ Verwijder alleen grove etensresten en spoel het serviesgoed niet voor. |
Pagina 41
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Er bevinden zich verwijderbare vegen op glazen, glaswerk met een metalen uiterlijk en bestek. | De hoeveelheid glansspoelmiddel is te hoog ingesteld. ▸ Stel het glansspoelsysteem in op een lagere stand. Er is geen glansspoelmiddel toegevoegd. "Vulen glansspoelmiddel", Pagina 22 |
| Tijdens het programmagedeelte glansspoelen zijn resten vaatwasmiddel aanwezig. Deksel van het vaatwasmiddelbakje werd door serviesgoed geblokkeerd en ging niet volledig open. 1. Ruim het serviesgoed in de bovenste servieskorf zo in dat het tablettenbakje niet door serviesgoed wordt geblokkeerd. "Serviesgoed inruimen", Pagina 27 Stukken serviesgoed blokkeren het deksel van het vaatwasmiddelbakje. 2. Plaats geen serviesgoed en geen geurdispenser in het tablettenbakje. | |
| Serviesgoed is te goed voorgereinigd. Het sensorsysteem kiest daarom voor een zwak afwasprogramma. Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwijderd. ▸ Verwijder alleen grove etensresten en spoel het serviesgoed niet voor. | |
| Onherstelbare glasvertroebeling. | Glazen zijn niet vaatwasmachinebestendig, maar slechts vaatwasmachinegeschikt. ▸ Gebruik vaatwasmachinebestendige glazen. Glazen zijn weliswaar geschikt voor reiniging in een vaatwasser, maar er moet met slijtage en veranderingen op de lange termijn rekening worden gehouden. ▸ Vermijd een lange stoomfase (standtijd) na afloop van de afwascyclus. ▸ Gebruik een programma met een lagere temperatuur. ▸ Stel de waterontharding in op de waterhardheid. ▸ Gebruik een vaatwasmiddel met glasbeschermingscomponenten. |
| Roestsporen op het bestek. | Bestek is niet voldoende roestbestendig. Messenlemmeten zijn hier vaak sterker door betroffen. ▸ Gebruik roestbestendig bestek. |
| Bestek roest ook wanneer het samen met roestige voorwerpen wordt afgewassen. ▸ Was geen roestende voorwerpen af. |
Pagina 42
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Roestsporen op het bestek. | Zoutgehalte in het afwaswater is te hoog. 1. Verwijder gemorst onthardingszout uit de spoelmiddelhouder. 2. Draai het deksel van het onthardingszoutreservoir stevig dicht. |
| Er bevinden zich vaatwasmiddelresten in het vaatwasmiddelbakje of in het tablettenbakje. | De sproeiarmen werden door serviesgoed geblokkeerd waardoor het vaatwasmiddel niet kon worden weggespoeld. ▸ Zorg dat de sproeiarmen niet zijn geblokkeerd en vrij kunnen draaien. |
| Vaatwasmiddelbakje was vochtig tijdens het vullen van het vaatwasmiddel. ▸ Doe het vaatwasmiddel alleen in een droog vaatwasmiddelbakje. | |
| Abnormale schuimvorming aanwezig. | Er bevindt zich handafwasmiddel in het glansspoelmiddelreservoir. ▸ Vul direct glansspoelmiddel in het reservoir. "Vulen glansspoelmiddel", Pagina 22 |
| Er is glansspoelmiddel gemorst. ▸ Verwijder het glansspoelmiddel met een doek. | |
| Gebruikt vaatwasmiddel of reinigingsproduct produceert te veel schuim. ▸ Gebruik een ander merk vaatwasmiddel. | |
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
| Indicatie onthardingszout bijvullen brandt. | Er ontbreekt onthardingszout. ▸ Vul onthardingszout Pagina 20 bij. |
| Sensor herkent onthardingszouttabletten niet. ▸ Gebruik geen onthardingszouttabletten. | |
| Indicatie onthardingszout bijvullen brandt niet. | Waterontharding is uitgeschakeld. ▸ Waterontharding instellen. |
| Indicatie glansspoelmiddel bijvullen brandt. | Glansspoelmiddel ontbreekt. 1. Vul het glanspoelmiddel Pagina 22 bij. 2. Stel de hoeveelheid glansspoelmiddel in. |
| Indicatie glansspoelmiddel bijvullen brandt niet. | Waterontharding is uitgeschakeld. ▸ Hoeveelheid glansspoelmiddel instellen. |
Pagina 43
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Er blijft na afloop van het programma water in het apparaat staan. | Zeefsysteem of ruimte onder de zeef is verstopt. 1. Reinig de zeven Pagina 32. 2. Reinig de afvoerpomp Pagina 44. |
| Programma is nog niet beëindigd. ▸ Wacht het programma-einde af of breek het programma met Reset af. "Programma afbreken", Pagina 29 | |
| Apparaat kan niet worden ingeschakeld of bediend. | Functies van het apparaat zijn uitgevallen. 1. Trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact of schakel de zekering uit. 2. Wacht ten minste 2 minuten. 3. Sluit het apparaat aan op het stroomnet. 4. Schakel het apparaat in. |
| Het apparaat start niet. | Zekering van de huisinstallatie is niet in orde. ▸ Controleer de zekering van de huisinstallatie. |
| Aansluitsnoer is niet aangesloten. 1. Controleer of het stopcontact functioneert. 2. Controleer of het aansluitsnoer goed op het stopcontact en op de achterkant van het apparaat is aangesloten. | |
| Apparaatdeur is niet volledig gesloten. ▸ Sluit de apparaatdeur. | |
| Programma start automatisch. | Einde van het programma is niet afgewacht. "Programma afbreken", Pagina 29 |
| Apparaat blijft in een programma hangen of valt uit. | Apparaatdeur is niet volledig gesloten. ▸ Sluit de apparaatdeur. |
| Stroom- en/of watertoevoer is onderbroken. 1. Controleer de stroomtoevoer. 2. Controleer de watertoevoer. | |
| Bovenste korf drukt tegen de binnendeur en verhindert een goede sluiting van de apparaatdeur. ▸ Controleren of de achterwand van het apparaat wordt ingedrukt door een stopcontact of niet-gedemonteerde slanghouder. ▸ Ruim het serviesgoed zo in dat er geen serviesdelen over de servieskorf uitsteken en verhinderen dat de apparaatdeur goed kan worden gesloten. | |
| Wijzigen van de basisinstellingen niet mogelijk. | Apparaat is bezig met het programma. Wijzigen van de basisinstellingen is alleen mogelijk bij aanvang van het programma. |
Pagina 44
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaatdeur kan niet worden gesloten. | Het deurslot is omgesprongen. 1. Sluit de apparaatdeur met meer kracht. 2. Als u de apparaatdeur door de inbouwomstandigheden niet over de weerstand van het sluitsysteem heen kunt drukken, kunt u de deursluiting met een lepel weer in de basisstand zetten. In de animatie tonen wij u hoe u de deursluiting weer in de basisstand kunt zetten. |
| Deur geblokkeerd door een inbouwfout. ▸ Controleren of het apparaat correct is ingebouwd. De apparaatdeur, het deurpaneel of de aanbouwdelen mogen bij het sluiten niet tegen de naburige kasten en het aanrechtblad stoten. | |
| Deksel van het vaatwasmiddelbakje kan niet worden gesloten. | Vaatwasmiddelbakje of deksel zijn door aangekoekte vaatwasmiddelresten geblokkeerd. ▸ Verwijder de vaatwasmiddelresten. |
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
| Klappende geluiden van de vulventielen. | Afhankelijk van de huisinstallatie. Geen apparaatfout aanwezig. Werking van het apparaat wordt niet negatief beïnvloed. ▸ Probleem kan alleen via de huisinstallatie worden verholpen. |
| Kloppend of ratelend geluid. | Sproeiarm slaat tegen het serviesgoed. ▸ Ruim het serviesgoed zo in dat de sproeiarmen niet tegen het serviesgoed slaan. |
| Waterstralen maken bij geringe belading rechtstreeks contact met de spoelmiddelhouder. ▸ Verdeel het serviesgoed gelijkmatig. ▸ Laad meer serviesgoed in het apparaat. | |
| Lichte serviesdelen bewegen tijdens het spoelen. ▸ Ruim lichte stukken serviesgoed stabiel in. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
17.1 Afvoerpomp reinigen
Grote voedselresten of voorwerpen kunnen de afvoerpomp blokkeren. Zodra het afwaswater niet meer goed wordt afgevoerd, moet u de afvoerpomp reinigen.
44 WAARSCHUWING
Kans op letsel!
Scherpe en puntige voorwerpen zoals glasscherven kunnen de afvoer-
Pagina 45
pomp blokkeren en tot verwondingen leiden.
- Vreemde voorwerpen voorzichtig verwijderen.
- 1. Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
- 2. De servieskorf verwijderen.
- 3. Verwijder het zeefsysteem.
- 4. Schep het aanwezige water eruit. Gebruik hiervoor zo nodig een spons.
- 5. De schroeven aan de pompafdekking losdraaien (Torx T 20).
- 6. De pompafdekking er naar boven uit trekken.
- 7. Etensresten en vreemde voorwerpen in de binnenruimte verwijderen.
- 8. De pompafdekking plaatsen, naar beneden duwen en vastschroeven.
- 9. Het zeefsysteem monteren.
- 10. De servieskorf plaatsen.
Transporteren, opslaan en afvoeren nl
18 Transporteren, opslaan en afvoeren
18.1 Apparaat demonteren
- 1. Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
- 2. De waterkraan dichtdraaien.
- 3. De afvoerwateraansluiting losmaken.
- 4. De drinkwateraansluiting losmaken.
- 5. Het apparaat voorzichtig naar voren trekken en hierbij de slang meetrekken.
18.2 Apparaat vorstbestendig maken
Als het apparaat in een ruimte met vorstgevaar staat, bijv. in een vakantiehuis, haal het apparaat dan volledig leeg.
- Het apparaat leegmaken.
"Apparaat transporteren", Pagina 45
18.3 Apparaat transporteren
Om schade aan het apparaat te voorkomen, maakt u het apparaat voor het transport leeg.
Opmerking: Om te voorkomen dat resterend water in de besturing terechtkomt en het apparaat beschadigt, het apparaat alleen rechtop vervoeren.
- 1. Serviesgoed uit het apparaat verwijderen.
- 2. Losse onderdelen vastzetten.
- 3. De kraan opendraaien.
- 4. Het apparaat inschakelen.
Pagina 28
- 5. Het programma met de hoogste temperatuur kiezen.
- 6. Het programma starten.
Pagina 29
45
Pagina 46
nl Servicedienst
- 7. Voor het leegmaken van het apparaat het programma na ca. 4 minuten afbreken.
"Programma afbreken", Pagina 29
- 8. Het apparaat uitschakelen.
Pagina 29
- 9. De waterkraan sluiten.
- 10. Om het resterende water uit het apparaat te verwijderen, de toevoerslang losmaken en laten leeglopen.
18.4 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
WAARSCHUWING
Kans op gevaar voor de gezondheid!
Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.
- Bij afgedankte apparaten de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen, daarna het netsnoer doorknippen en het slot van de apparaatdeur dusdanig beschadigen, dat de apparaatdeur niet langer sluit.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU be-
treffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
19 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.
Pagina 47
19.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje vindt u aan de binnenkant van de deur van het apparaat.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
19.2 AQUA-STOP-garantie ¹
In aanvulling op de garantieaanspraken tegen de verkoper op basis van de koopovereenkomst en op onze fabrieksgarantie wordt u schadeloos gesteld indien aan onderstaande voorwaarden wordt voldaan.
Als door een fout in het AquaStopsysteem waterschade wordt veroorzaakt, dan vergoeden wij de schade van particuliere gebruikers. Om het waterbeveiligingssysteem te garanderen moet het apparaat op het elektriciteitsnet zijn aangesloten.
De aansprakelijkheidsgarantie geldt voor de levensduur van het apparaat.
Voorwaarde voor aanspraak op garantie is dat het apparaat met AquaStop vakkundig en overeenkomstig ons installatievoorschrift is opgesteld en aangesloten; hiertoe behoort ook de vakkundig gemonteerde verlenging van de AquaStop (origineel toebehoren). Onze garantie heeft geen betrekking op defecte toevoerleidingen of armaturen tot aan de AquaStopaansluiting op de kraan.
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
Servicedienst nl
Tijdens het gebruik van een apparaat met AquaStop hoeft u er in principe niet bij te blijven resp. na het gebruik om veiligheidsredenen de kraan dicht te draaien. Alleen bij langere afwezigheid, bijvoorbeeld als u een paar weken op vakantie gaat, moet de kraan worden dichtgedraaid.
47
Pagina 48
nl Technische gegevens
20 Technische gegevens
| Gewicht | Max.: 24 kg |
|---|---|
| Spanning | 220 - 240 V, 50 Hz of 60 Hz |
| Aansluitwaarde | 2000 - 2400 W |
| Zekering | 10 - 16 A |
| Waterdruk | min. 50 kPa (0,5 bar) max. 1000 kPa (10 bar) |
| Hoeveelheid binnenstromend water | min. 10 l/min |
| Watertemperatuur | Koud water. Warm water max.: 60 °C |
| Capaciteit | 6 standaardcouverts |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 48)
Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder htps:// eprel.ec.europa.eu/qr/1995016 ¹. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-productdatabank EPREL.
1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte
48
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
nl Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
1 Veiligheid ..................................... 3
1.1 Algemene aanwijzingen ............. 3 1.2 Bestemming van het apparaat ................................................. 3 1.3 Inperking van de gebruikers ..... 3 1.4 Veilige installatie .......................... 4 1.5 Veilig gebruik ............................... 5 1.6 Beschadigd apparaat ................. 7 1.7 Gevaren voor kinderen .............. 7
2 Materiële schade vermijden ....... 8
2.1 Veilige installatie .......................... 8 2.2 Veilig gebruik ............................... 9
3 Milieubescherming en besparing .............................................. 10
3.1 Afvoeren van de verpakking ... 10 3.2 Energie sparen .......................... 10 3.3 Aquasensor ¹ .............................. 10
4 Opstellen en aansluiten ............ 10
4.1 Inhoud van de verpakking ....... 10 4.2 Apparaat opstellen en aansluiten ................................................ 10 4.3 Afvoerwateraansluiting ............. 11 4.4 Drinkwateraansluiting ............... 11 4.5 Elektrische aansluiting ............. 11
5 Uw apparaat leren kennen ........ 12
5.1 Apparaat ..................................... 12 5.2 Bedieningselementen ............... 13
6 Programma's .............................. 14
6.1 Aanwijzingen voor testinstituten ................................................ 17
7 Extra functies ¹ ........................... 17
8 Uitrusting ................................... 17
8.1 Servieskorf ................................. 18 8.2 Bestekkorf .................................. 18 8.3 Omklapbare bordensteunen ... 18 8.4 Hoogte van het serviesgoed ... 19
9 Voor het eerste gebruik ............ 19
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
2
9.1 Eerste keer in gebruik nemen .............................................. 19
10 Waterontharding ..................... 19
10.1 Overzicht van de waterhardheidsinstellingen ..................... 19 10.2 Waterontharding instellen ..... 20 10.3 Onthardingszout ...................... 20 10.4 Waterontharding uitschakelen .............................................. 21 10.5 Regeneratie van het onthardingssysteem .......................... 21
11 Glansspoelsysteem ................ 22
11.1 Glansspoelmiddel ................... 22 11.2 Hoeveelheid glansspoelmiddel instellen .............................. 23 11.3 Glansspoelsysteem uitschakelen .......................................... 23
12 Vaatwasmiddel ........................ 23
12.1 Geschikte vaatwasmiddelen .............................................. 23 12.2 Ongeschikt vaatwasmiddel ... 25 12.3 Aanwijzingen over vaatwasmiddelen ................................... 25 12.4 Vaatwasmiddel vullen ............ 25
13 Serviesgoed ............................ 26
13.1 Schade aan glas en serviesgoed .......................................... 26 13.2 Serviesgoed inruimen ............ 27 13.3 Serviesgoed uitruimen ........... 28
14 De Bediening in essentie ....... 28
14.1 Apparaat inschakelen ............ 28 14.2 Programma instellen .............. 28 14.3 Extra functie instellen ............. 28 14.4 Tijdinstelling maken ................ 29 14.5 Programma starten ................. 29 14.6 Programma onderbreken ...... 29 14.7 Programma afbreken ............. 29 14.8 Apparaat uitschakelen ........... 29
Pagina 3
Veiligheid nl
15 Basisinstellingen ..................... 29
15.1 Overzicht over de basisinstellingen ........................................ 29 15.2 Basisinstellingen wijzigen ...... 30
16 Reiniging en onderhoud ......... 31
16.1 Spoelmiddelhouder reinigen ............................................ 31 16.2 Zelfreinigende binnenruimte ¹ ................................................... 31 16.3 Reinigingsmiddel .................... 31 16.4 Tips voor apparaatonderhoud ................................................. 31 16.5 Zeefsysteem ............................ 32 16.6 Sproeiarm reinigen ................. 32
17 Storingen verhelpen ............... 33
17.1 Afvoerpomp reinigen ............. 44
18 Transporteren, opslaan en afvoeren ...................................... 45
18.1 Apparaat demonteren ............ 45 18.2 Apparaat vorstbestendig maken ............................................. 45 18.3 Apparaat transporteren ......... 45 18.4 Afvoeren van uw oude apparaat ............................................ 46
19 Servicedienst .......................... 46
19.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) .......... 47 19.2 AQUA-STOP-garantie ¹ ........... 47
20 Technische gegevens ............ 48
1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
- Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Gebruik het apparaat uitsluitend:
om vaat te wassen.
voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
tot een hoogte van 4000 m boven zeeniveau.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toe-
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
3
Pagina 4
nl Veiligheid
zicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.
1.4 Veilige installatie
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige installaties kunnen letsel veroorzaken.
- Bij het opstellen en aansluiten van het apparaat de instructies van de gebruiksaanwijzing en montagehandleiding opvolgen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Altijd het meegeleverde netsnoer van het nieuwe apparaat gebruiken.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
- Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
Het doorsnijden van de toevoerslang of het onder water dompelen van het AquaStop-ventiel is gevaarlijk.
- De kunststof behuizing nooit in water onderdompelen. In de kunststof behuizing aan de toevoerslang bevindt zich een elektrisch ventiel.
4
Verder lezen op pagina 5Inhoud