naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch WAT28493NL, tekst van de handleiding

Pagina's 10–30 van 36 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–9verder op pagina 31 →

Pagina 10

nl Het apparaat leren kennen

Display

Aanwijzing: In de tabel vindt u instelmogelijkheden en informatie voor het gekozen programma.

- 90 °C Temperatuur* in °C; = koud - - - -, 0 - 1400** 0 Centrifugetoerental in omw/min, 0 = geen centrifugeren , alleen afpompen

Indicatie energieverbruik*

Hoe meer indicatielampjes branden, des te hoger is het relatieve energieverbruik.

* afhankelijk van model

** afhankelijk van gekozen programma, instellingen en model

Overige aanwijzingen op het display

Programmavoortgang:
Wassen
Spoelen
0Centrifugeren
EndProgramma-einde
- - - - 0Programma-einde met instelling Spoelstop
Vuldeur:
brandtVuldeur gaat niet open.
knippertNa programmastart: vuldeur is niet goed gesloten.
Waterkraan:
knippertKraan niet open geen waterdruk
brandtWaterdruk te laag (kan de programmaduur verlengen)
Kinderbeveiliging: Blz. 18
brandtKinderbeveiliging actief
knippertKinderbeveiliging is actief en er is aan de programmakiezer gedraaid.
Schuimdetectie:
brandt• Blz. 17
Foutindicatie:
E: - -• Blz. 24
Signaalinstelling:
0 - 4• Blz. 20

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

Pagina 11

Wasgoed nl

Wasgoed

Wasgoed voorbereiden

Attentie!

Beschadiging van het apparaat/textiel

Vreemde voorwerpen (bijv. munten, paperclips, naalden, spijkers) kunnen het wasgoed, of onderdelen van de wasmachine beschadigen.

Neem daarom de volgende aanwijzingen in acht bij de voorbereiding van uw was:

Wasgoed sorteren

Houdt u bij het sorteren van het wasgoed aan de aanwijzingen voor de verzorging en aan de opgaven van de producent, zoals aangegeven op de waslabels:

Aanwijzing: Wasgoed kan verkleuren of niet goed schoon worden. Witte en bonte was dient u apart te wassen.

Nieuw bont wasgoed de eerste keer afzonderlijk wassen.

Enkele voorbeelden voor de mate van verontreiniging vindt u hier • Blz. 13.

Wasgoed hierna wassen met een geschikt programma.

Hardnekkige/ingedroogde vlekken verdwijnen pas na meerdere keren wassen.

Kreukherstellend

Pagina 12

nl Wasmiddel

Stijven

Aanwijzing: Het wasgoed mag niet met wasverzachter gespoeld zijn.

Stijfsel is met name bij het Spoelen en Katoen programma met vloeibaar stijfsel mogelijk. Doseer het stijfsel volgens instructies van de fabrikant in het compartiment (eventueel eerst schoonmaken).

Verven/Ontkleuren

Verf uitsluitend hoeveelheden die in het huishouden gebruikelijk zijn. Zout kan roestvrijstaal aantasten! Neem de instructies van de producent van de verf in acht!

Wasgoed niet in de machine ontkleuren!

Inweken

Aanwijzingen

Wasmiddel

Juiste wasmiddelkeuze

Voor de juiste wasmiddelkeuze, temperatuur en behandeling van het wasgoed is het waslabel doorslaggevend. zie ook www.sartex.ch

Op de website www.cleanright.eu vindt u veel aanvullende informatie over was-, verzorgings- en reinigingsmiddelen voor huishoudelijk gebruik.

Programma: Katoen / koud - max. 60 °C

Programma: Fijn/Zijde / koud - max. 40 °C

Programma: Wol / koud - max. 40 °C

Pagina 13

Energie en wasmiddel besparen

U kunt bij licht en normaal verontreinigde was besparen op energie (lagere wastemperatuur) en wasmiddel:

BesparenMate van verontreiniging / Aanwijzing
Lagere temperatuur en minder wasmiddel volgens doseeradvieslicht
Geen verontreiniging of vlekken zichtbaar. Kledingstukken hebben lichaamsgeur aangenomen, bijv.:
■ lichte zomer-/sportkle-ding (enkele uren gedragen)
■ T-shirts, overhemden , blouses, (max. 1 dag gedragen)
■ Beddengoed en handdoeken van gasten (1 dag gebruikt)
normaal
Verontreiniging zichtbaar / of een paar lichte vlekken herkenbaar, bijv.:
■ T-shirts, overhemden, blouses, (bezweet, meerdere malen gedragen)
■ Handdoeken, beddengoed (max. 1 week gebruikt)
Temperatuur volgens het waslabel en wasmiddelhoeveelheid volgens doseeradvies / sterk verontreinigdsterk
Verontreiniging en/of vlekken duidelijk zichtbaar, bijv. theedoeken, babywas, werkkleding

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

Aanwijzing: Bij dosering van alle was-/ hulp-/verzorgings- en reinigingsmiddelen moet u absoluut de aanwijzingen van de fabrikant en de overige aanwijzingen in acht nemen. Blz. 16

nl

0 Programma voorinstellingen

De programmavoorinstellingen worden na het kiezen van het programma op het display weergegeven.

U kunt de voorinstellingen wijzigen.

Druk hiervoor zo vaak op de betreffende toets tot de gewenste instelling op het display verschijnt.

Aanwijzing: Door de toets langer ingedrukt te houden, lopen de instelwaarden automatisch verder tot de eindwaarde. Druk dan nogmaals op de toets en u kunt opnieuw de instelwaarde wijzigen.

Een overzicht van alle mogelijke programmainstellingen vindt u op het extra blad bij de gebruiksaanwijzing en plaatsingshandleiding.

Temperatuur

(Temp. °C)

Toets afhankelijk van model

Voor en tijdens het programma kunt u afhankelijk van de programmavoortgang de ingestelde temperatuur wijzigen.

De maximaal in te stellen temperatuur hangt af van het gekozen programma.

Centrifugetoerental

(0, Centrifugeren)

Voor en tijdens het programma kunt u afhankelijk van de programmavoortgang het centrifugetoerental (in omw./min.; omwentelingen per minuut) wijzigen.

Instelling 0 : zonder eindcentrifugeren, het water wordt alleen afgepompd. Het wasgoed blijft nat in de trommel liggen, bijv. voor wasgoed dat niet gecentrifugeerd mag worden. Instelling - - - -: spoelstop = zonder eindcentrifugeren, het wasgoed blijft na de laatste keer spoelen in het water liggen.

Spoelstop kunt u kiezen om kreukvorming te voorkomen, wanneer na afloop van het programma het wasgoed niet direct uit de wasautomaat wordt genomen.

Om het programma te hervatten/beëindigen

Het maximaal in te stellen toerental hangt af van het gekozen programma en het model.

Pagina 14

nl Extra programma-instellingen

Klaar in-tijd

( )

Vóór programmastart kunt u het programma-einde (Klaar in-tijd) in stappen van 1 uur (h=uur) tot maximaal 24h van tevoren instellen.

Hiervoor:

De programmaduur voor het gekozen programma bijv. 2:30 (uren:minuten) wordt weergegeven.

Het programma start.

Op het display wordt het gewenste aantal uren bijv. 8h weergegeven en afgeteld totdat het wasprogramma begint. Dan wordt de programmaduur weergegeven.

Aanwijzing: De programmaduur wordt bij een lopend programma automatisch aangepast.

Bepaalde factoren kunnen de programmaduur beïnvloeden, bijv.:

Na programmastart kunt u het van tevoren ingestelde aantal uur als volgt wijzigen:

Na programmastart kunt u indien nodig wasgoed bijvullen of uitnemen.

Extra programmainstellingen

Een overzicht van alle mogelijke extra instellingen vindt u op het extra blad bij de gebruiksaanwijzing en plaatsingshandleiding.

De instellingen zijn verschillend afhankelijk van model.

Speed Eco

( , Speed/Eco)

Toets met twee instelmogelijkheden voor het aanpassen van het geselecteerde programma:

Voor het wassen in kortere tijd met vergelijkbaar wasresultaat, maar met hoger energieverbruik dan het gekozen programma zonder instelling Speed Eco.

Aanwijzing: De maximale belading mag niet overschreden worden.

Energiezuinig wassen door tempertuurreductie bij vergelijkbaar wasresultaat bij het gekozen programma zonder instelling Speed

Eco.

Kies hiervoor toets. Eerst wordt u de Speed-instelling aangeboden. Als u de toets nogmaals indrukt, is de Ecoinstelling actief. Het betreffende symbool brandt op het display als de instelling geactiveerd is.

Als u de toets nogmaals indrukt, is er geen instelling actief.

Pagina 15

Apparaat bedienen nl

Anti-kreuk

( , Licht strijken)

Toets afhankelijk van model

Beperkt de kreukvorming door een speciale centrifugemethode met aansluitend losser maken en een verlaagd centrifugetoerental.

Aanwijzing: Het restvochtgehalte van het wasgoed neemt toe.

Water&Spoelen+

( )

Toets afhankelijk van model

Hoger waterniveau en extra spoelbeurt bij bijzonder gevoelige huid en/of voor gebieden met zeer zacht water

Voorwas

( )

Toets afhankelijk van model

Voor sterk verontreinigd wasgoed.

Aanwijzing: Wasmiddel over compartiment I en II verdelen.

1 Apparaat bedienen

Wasmachine voorbereiden

Aanwijzing: De wasmachine moet deskundig opgesteld en aangesloten zijn. vanaf Blz. 28

Programma kiezen/Apparaat inschakelen

Aanwijzing: Wanneer u de kinderbeveiliging hebt geactiveerd, moet u deze eerst deactiveren, voordat u een programma kunt instellen.

Kies met de programmakiezer het gewenste programma. De knop kan in beide richtingen worden gedraaid.

Het apparaat is ingeschakeld.

Op het display verschijnen de programmavoorinstellingen voor het gekozen programma:

* afhankelijk van model

Pagina 16

nl Apparaat bedienen

Programma-voorinstellingen wijzigen

U kunt de voorinstellingen voor deze wasbeurt gebruiken of wijzigen.

Druk hiervoor zo vaak op de betreffende toets tot de gewenste instelling wordt weergegeven.

De instellingen zijn zonder bevestiging actief.

Deze blijven na het uitschakelen van de wasautomaat niet bewaard.

Programmavoorinstellingen Blz. 13

Extra programma-instellingen kiezen

Door het kiezen van extra instellingen kunt u het wasprogramma nog beter aanpassen aan uw wasgoed.

De instellingen kunnen afhankelijk van de programmavoortgang geselecteerd/ gedeselecteerd worden.

De indicatielampjes van de toesten branden wanneer de instelling actief is.

De instellingen worden na het uitschakelen van de wasautomaat niet bewaard.

Extra programma-instellingen

Wasgoed in de trommel doen

Waarschuwing

Levensgevaar!

Wasgoed dat vóór het wassen met een reinigingsmiddel met oplosmiddel (bijv. vlekkenmiddel of wasbenzine) is behandeld, kan nadat het in de wastrommel is gedaan tot een explosie leiden.

Spoel het wasgoed van te voren grondig met de hand uit.

Aanwijzingen

Was- en verzoringsmiddel doseren en bijvullen

Attentie!

Schade aan het apparaat

Reinigingsmiddelen en middelen voor het voorbehandelen van was (bijv. vlekkenmiddelen, voorwasspray, ...) kunnen het oppervlak van de wasmachine aantasten wanneer ze er mee in aanraking komen.

Breng deze middelen niet in contact met de oppervlakken van de wasmachine. Eventueel sproeinevelresten en andere restanten/ druppels direct met een vochtige doek afvegen.

Doseren

Doseer de was- en onderhoudsmiddelen overeenkomstig:

Pagina 17

Apparaat bedienen nl

Vullen

Waarschuwing

Oog-/huidirritaties!

Als de wasmiddellade tijdens het gebruik wordt geopend, kan er was-/ wasverzorgingsmiddel uitspatten.

Open de wasmiddellade voorzichtig. Spoel bij contact met was-/ verzorgingsmiddel de ogen uit, resp. de huid af.

Raadpleeg bij per ongeluk innemen een arts.

Aanwijzing: Verdun stroperige wasverzachter en textielversteviger met water. Dit voorkomt verstoppingen in de leidingsystemen van de wasmachine.

Doe het was- en verzorgingsmiddel in de betreffende compartimenten:

Doseerhulp Avoor vloeibaar wasmiddel
CompartimentWasmiddel voor de hoofdwas,
IIwaterontharder, bleekmiddel, vlekkenzout
CompartimentWasverzachter, stijfsel, max niet overschrijden
CompartimentWasmiddel voor de voorwas
I

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel

Voor het doseren van vloeibaar wasmiddel positioneert u de doseerhulp:

Aanwijzing: Gebruik de doseerhulp niet bij gelachtige wasmiddelen en waspoeder en bij programma's met voorwas of wanneer Klaar in tijd gekozen is.

Starten van het programma

Toets kiezen. Het indicatielampje brandt en het programma start.

Op het display wordt tijdens het programma de Klaar in-tijd of, na het begin van het wasprogramma, de programmaduur en de symbolen voor de voortgang van het programma weergegeven.

Display Blz. 10

Aanwijzing: Schuimdetectie

Wanneer op het display bovendien het symbool verschijnt, dan heeft de wasautomaat te veel schuim tijdens het wasprogramma geconstateerd en daarna automatisch een extra spoelbeurt toegevoegd om het schuim tegen te gaan.

Doseer bij de volgend wasbeurt met gelijke belading minder wasmiddel.

Wilt u het programma tegen onbedoeld wijzigen beveiligen, kies dan als volgt de kinderbeveiliging.

Pagina 18

nl Apparaat bedienen

Kinderbeveiliging

( 3 sec.)

U kunt de wasautomaat beveiligen tegen het per ongeluk wijzigen van de ingestelde functies. Hiervoor na de start van het programma de kinderbeveiliging activeren.

Voor het activeren/deactiveren ca. 3 seconden lang tegelijkertijd de toetsen Centrifugetoerental en Klaar in-tijd selecteren. Op het display verschijnt het symbool .

Aanwijzing: Om het afbreken van het programma te voorkomen, de programmakiezer hierbij niet over de Uit-positie heen draaien.

Aanwijzing: De kinderbeveiliging blijft na programma-einde en uitschakeling van het apparaat actief. U moet deze altijd deactiveren, wanneer u een nieuwe programma wilt starten.

Wasgoed bijvullen

Na programmastart kunt u indien gewenst wasgoed bijvullen of uitnemen.

Kies hiervoor toets .

Het indicatielampje van de toets knippert en de wasautomaat controleert of bijvullen mogelijk is.

Wanneer op het display:

Kies voor het hervatten van het programma de toets . Het programma wordt automatisch hervat.

Aanwijzingen

Programma wijzigen

Progr. annuleren

Bij programma’s met hoge temperatuur:

Bij programma’s met lage temperatuur:

Programma-einde bij spoelstop

Op het display verschijnt - - - - 0 en het indicatielampje van de toets knippert.

Hervat het programma door:

Pagina 19

Sensoren nl

Programma-einde

Op het display verschijnt End en het indicatielampje van de toets is uit.

Wasgoed uitnemen / apparaat uitschakelen

Aanwijzing: Niet nodig bij modellen met Aquastop.

Aanwijzingen

■ Rubber manchetdroogvegen.
■ Vuldeur en wasmiddellade zodat het restwateropen laten kan opdrogen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

Sensoren

Beladingsautomaat

Afhankelijk van het soort textiel en de belading past de beladingsautomaat het waterverbruik optimaal aan elk programma aan.

Onbalans-controlesysteem

Het automatische onbalanscontrolesysteem herkent onbalans en zorgt door meermaals aanloopcentrifugeren voor een gelijkmatige verdeling van het wasgoed.

Bij een zeer ongunstige verdeling van het wasgoed wordt om veiligheidsredenen het toerental verlaagd of wordt er niet gecentrifugeerd.

Aanwijzing: Kleine en grote stukken wasgoed in de trommel doen. Blz. 25

VoltCheck

afhankelijk van model

Het automatische spanningscontrolesysteem herkent een ontoelaatbare spanningsonderschrijding. Op het display knippert de dubbele punt van de Klaar in-indicatie. Blz. 10

Is de voedingsspanning weer stabiel, dan brandt de dubbele punt in de Klaar inindicatie (normale toestand).

De herkende spanningsonderschrijding wordt in het verdere programmaverloop door het branden van alle drie de punten op het display weergegeven.

Aanwijzing: Spanningsonderschrijdingen kunnen bijv. tot programmaverlenging en/of een niet bevredigend centrifugeerresultaat leiden.

Pagina 20

nl Signaalinstelling

Signaalinstelling

U kunt de volgende instellingen veranderen:

Voor het wijzigen van de instellingen moet u eerst altijd de instelmodus activeren.

Instelmodus activeren

De instelmodus is geactiveerd en op het display verschijnt het vooringestelde volume voor de instructiesignalen (bijv. aan het programma-einde).

Volume wijzigen

Met de toets Klaar in-tijd verandert u op de programmakiezer-posities:

0 = uit, 1 = zacht, 2 = middel, 3 = luid, 4 = zeer luid

Instelmodus afronden

U kunt de procedure nu beëindigen en de programmakiezer op Uit zetten. De instellingen zijn opgeslagen.

2 Reinigen en onderhouden

Waarschuwing

Levensgevaar!

Bij contact met onderdelen die onder spanning staan bestaat het risico van een elektrische schok.

Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact.

Waarschuwing

Kans op vergiftiging!

Door oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen zoals wasbenzine kunnen giftige dampen ontstaan. Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.

Attentie!

Schade aan het apparaat

Oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen, zoals bijv.

wasbenzine, kunnen oppervlakken en onderdelen van het apparaat aantasten. Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.

Zo voorkomt u biofilmvorming en geuroverlast:

Aanwijzingen

Pagina 21

Reinigen en onderhouden nl

Buitenkant van het apparaat/ Bedieningspaneel

Wastrommel

Gebruik een chloorvrij reinigingsmiddel, geen staalwol.

Bij geurvorming in de wasautomaat, of om de trommel te reinigen, afhankelijk van het model programma

Trommelreiniging 90 °C of

Katoen 90 °C zonder wasgoed uitvoeren. Gebruik daarbij een poederwasmiddel.

Ontkalken

Bij een correcte dosering van het wasmiddel is ontkalken niet nodig. Indien toch: te werk gaan volgens de opgaven van de fabrikant van het ontkalkingsmiddel. Geschikte ontkalkers zijn verkrijgbaar via onze website of via de servicedienst.

Wasmiddellade en behuizing

Als er resten wasmiddel of wasverzachter aanwezig zijn:

Aanwijzing: Wasmiddellade open laten, zodat het resterende vocht kan opdrogen.

Pagina 22

nl Reinigen en onderhouden

Afvoerpomp verstopt

Waarschuwing

Risico van verbranding!

Zeepsop wordt heet bij het wassen op hoge temperaturen. Door contact met heet zeepsop kunnen brandwonden ontstaan.

Laat het zeepsop afkoelen.

Binnenruimte, schroefdraad van het pompdeksel en pomphuis reinigen. De waaier van de pomp moet gedraaid kunnen worden.

Pompdeksel weer plaatsen en vastschroeven. De handgreep moet verticaal staan.

Aanwijzing: Om te voorkomen dat bij de volgende wasbeurt ongebruikt wasmiddel in de afvoer loopt, raden wij u het volgende aan: 1 liter water in compartiment II gieten en het programma Afpompen starten.

Afvoerslang aan de sifon verstopt

1. Apparaat wandcontactdoos
2. Slangenklem voorzichtig water
3. Afvoerslang sifon schoonmaken.
uituitschakelen. aftrekken, lopen.losmaken. ennemen. aansluitstukerStekker
Afvoerslang kan
resterend vanuit dede er
4. Afvoerslangweereropplaatsenende

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

aansluiting met een slangklem vastzetten.

Pagina 23

Storingen, wat te doen? nl

Zeef in de watertoevoer verstopt.

Verlaag hiervoor eerst de waterdruk in de toevoerslang:

Slang loskoppelen van de kraan.

Zeefmeteenborsteltjereinigen.
6. BijdemodellenStandardenAqua-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

Secure de zeef aan de achterkant van het apparaat reinigen:

Slang aan de achterkant van het apparaat eraf halen, Zeef met een tang eruit halen en schoonmaken.

3 Storingen, wat te doen?

Noodontgrendeling

bijv. bij een stroomstoring.

Het programma wordt hervat als er weer stroom is.

Als het wasgoed toch uit de trommel gehaald moet worden, dan kan de vuldeur geopend worden zoals hierna beschreven:

Waarschuwing

Risico van verbranding!

Bij het wassen met hoge temperaturen kunnen er bij aanraking met heet zeepsop en wasgoed brandwonden ontstaan.

Eventueel eerst laten afkoelen.

Waarschuwing

Risico van letsel!

Wanneer u met uw handen in de draaiende trommel komt, kunt u letsel oplopen.

Niet met uw handen in de draaiende trommel komen.

Wacht tot de trommel niet meer draait.

Attentie!

Waterschade

Wegstromend water kan tot waterschade leiden.

De vuldeur niet openen zolang er water achter het glas te zien is.

Hierna kan de vuldeur geopend worden.

Pagina 24

nl Storingen, wat te doen?

Aanwijzingen op het display

IndicatieOorzaak/Oplossing
brandt■ Temperatuur te hoog. Wachten tot de temperatuur is gedaald.
■ Waterniveau te hoog. Bijvullen van wasgoed niet mogelijk. Eventueel vuldeur direct sluiten. Toets kiezen om het programma te hervatten.
knippert■ Wasgoed eventueel ingeklemd. Vuldeur a.u.b. nogmaals openen en sluiten en toets kiezen.
■ Eventueel de vuldeur dichtdrukken of wasgoed verwijderen en de deur opnieuw dichtdrukken.
■ Eventueel apparaat uit- en weer inschakelen; programma instellen en individuele instellingen uitvoeren; programma starten.
brandt■ Waterkraan voor koud water helemaal open draaien.
■ Toevoerslang is geknikt of zit klem. De manier waarop de slang is gelegd corrigeren.
■ Waterdruk te laag. Zeef schoonmaken. Blz. 23
Kinderbeveiliging geactiveerd; deactiveren.
brandtTe veel schuim herkend, extra spoelbeurten toegevoegd. Doseer bij de volgend wasbeurt met gelijke belading minder wasmiddel. Blz. 17
: van de Klaar in-tijd knippertNetspanning te laag.
. van de Klaar in-tijd knippertOnderspanning in het wasprogramma. Het programma wordt verlengd. Blz. 19
E:18■ Afvoerpomp verstopt. Afvoerpomp schoonmaken. Blz. 22
■ Afvoerslang/afvoerpijp verstopt. Afvoerslang bij de sifon reinigen. Blz. 22
E:23Water in de bodemplaat, lekkage van het apparaat. Kraan dichtdraaien. Servicedienst inschakelen!
E:32knippert met End afwisselend aan het einde van het programma.
Geen fout - het onbalans controlesysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed.
Kleine en grote stukken wasgoed verdelen over de trommel. Eventueel wasgoed nogmaals centrifugeren.
E:93 (bij modellen met warm- en koudwateraansluiting)Waterdruk te laag:
■ Waterkraan voor warmwater volledig openen.
■ Toevoerslang voor warmwater geknikt/afgeklemd. De manier waarop de slang is gelegd corrigeren.
■ Zeef schoonmaken. Blz. 23
■ Toevoerslang voor warmwater niet aangesloten. Apparaat wordt uitsluitend met koud water gebruikt. Indicatie verschijnt alleen bij de eerste keer wassen na de installatie van het apparaat zonder warmwateraansluiting. Blz. 32
Andere indicatiesApparaat uitschakelen, 5 seconden wachten en weer inschakelen. Verschijnt de indicatie opnieuw, schakel dan de servicedienst in. Blz. 27

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

Pagina 25

Storingen, wat te doen? nl

Wat te doen bij storingen?

StoringenOorzaak/Oplossing
Er lekt water.■ Afvoerslang goed vastzetten/vervangen.
■ Schroefkoppeling van de toevoerslang vastdraaien.
Geen watertoevoer. Wasmiddel niet ingespoeld.■ Toets niet gekozen?
■ Kraan niet geopend?
■ Zeef eventueel verstopt? Zeef reinigen. Blz. 23
■ Toevoerslang geknikt of ingeklemd?
Vuldeur gaat niet open.■ Veiligheidsfunctie actief. Programma-afbreking? Blz. 18
■ • Kinderbeveiliging geactiveerd? Deactiveren. Blz. 18
■ - - - - (Spoelstop = zonder eindcentrifugeren) gekozen? Blz. 18
■ Openen alleen via noodontgrendeling mogelijk? Blz. 23
Programma start niet.■ Toets niet gekozen?
■ Klaar in-tijd gekozen?
■ Vuldeur gesloten?
■ • Kinderbeveiliging geactiveerd? Deactiveren. Blz. 18
Plotselinge schok/ draaien van de trommel na programmastart.Geen storing - bij het starten van het wasprogramma kan kortstondig een schokbeweging van de trommel optreden, als gevolg van een interne motortest.
Waswater wordt niet weggepompt.■ - - - - (Spoelstop = zonder eindcentrifugeren) gekozen? Blz. 18
■ Afvoerpomp schoonmaken. Blz. 22
■ Afvoerpijp en/of afvoerslang schoonmaken.
Water in de trommel niet zichtbaar.Geen fout – het water bevindt zich onderin en is daardoor niet te zien.
Centrifugeresultaat niet naar tevredenheid.
Wasgoed nat/te vochtig.
■ Geen fout - het onbalans controlesysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed.
Kleine en grote stukken wasgoed verdelen over de trommel.
■ Anti-kreuk (afhankelijk van model) gekozen?
■ Te laag centrifugetoerental gekozen?
Meermalen beginnen met centrifugeren.Geen fout – het onbalans controlesysteem heft de onbalans op.
Programmaduur langer dan gewoonlijk.■ Geen fout - het onbalans controlesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen.
■ Geen fout – schuimcontrolesysteem actief – er wordt een extra spoelbeurt uitgevoerd.
De programmaduur verandert tijdens de wascyclus.Geen fout – het programmaverloop wordt geoptimaliseerd voor het betreffende wasproces. Dit kan leiden tot een verandering van de programmaduur op het display.
Resterend water in compartiment voor verzorgingsmiddel.■ Geen fout - werking van het verzorgingsmiddel wordt niet beïnvloed.
■ Eventueel het inzetstuk reinigen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)

Pagina 26

nl Storingen, wat te doen?

StoringenOorzaak/Oplossing
Geurvorming in de wasautomaat.Afhankelijk van het model programma Trommelreiniging of Katoen 90 °C zonder wasgoed uitvoeren.
Gebruik daarbij een poederwasmiddel of een bleekmiddelhoudend wasmiddel. Aanwijzing: Ter voorkoming van schuimvorming slechts de helft van de door de wasmiddelproducent aanbevolen hoeveelheid wasmiddel gebruiken. Gebruik geen wol- of fijnwasmiddel.
Symbool gaat branden op het display. Er komt eventueel schuim uit de wasmiddellade.Teveel wasmiddel gebruikt?
Een eetlepel wasverzachter met 1/2 l water mengen en in compartiment II doen (niet bij outdoor- en sportkleding en textiel met dons!).
Bij de volgende was minder wasmiddel gebruiken.
Harde geluiden, trillingen en „wandelen” tijdens het centrifugeren.■ Is het apparaat afgesteld? Apparaat afstellen. Blz. 34
■ Zijn de voetjes vastgezet? Voetjes van het apparaat vastzetten. Blz. 34
■ Transportbeveiligingen verwijderd? Transportbeveiligingen verwijderen.
• Blz. 30
Display/indicatielampjes werken niet tijdens het gebruik.■ Stroomstoring?
■ Zekeringen geactiveerd? Zekeringen inschakelen/vervangen.
■ Doet de storing zich vaker voor, servicedienst inschakelen.
Wasmiddelresten op het wasgoed.■ Soms bevatten fosfaatvrije wasmiddelen resten die niet in water oplosbaar zijn.
■ Spoelen kiezen of wasgoed na het wassen uitborstelen.
In de pauze-toestand brandt het symbool op het display.■ Waterniveau te hoog. Bijvullen van wasgoed niet mogelijk. Eventueel vuldeur direct sluiten.
■ Toets kiezen om het programma te hervatten.
In de pauze-toestand is het symbool op het display uit.De vuldeur is ontgrendeld. Bijvullen van wasgoed mogelijk.
Wanneer u een storing niet zelf kunt verhelpen (na uit-/inschakelen) of wanneer een reparatie noodzakelijk is:
■ Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken.
■ Kraan dichtdraaien en de servicedienst inschakelen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

Pagina 27

Servicedienst nl

4 Klantenservice

Neem wanneer u de storing niet zelf kunt verhelpen a.u.b. contact op met onze Servicedienst. Omslagpagina

Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van een monteur te voorkomen.

Aan de servicedienst dient u het typenummer (E-Nr.) en het fabricagenummer (FD) van de machine op te geven.

( 1U)'
E-nr.Typenummer
FDFabricagenummer

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)

Deze gegevens vindt u *afhankelijk van het model:

aan de binnenkant van de vuldeur* / de geopende serviceklep* en aan de achterkant van het apparaat..

Vertrouw op de competentie van de fabrikant.

Neem contact met ons op. Zo weet u zeker dat de reparatie wordt uitgevoerd door goed opgeleide servicemonteurs die de beschikking hebben over originele reserve-onderdelen.

Technische gegevens

Afmetingen:

85 x 60 x 55 cm (hoogte x breedte x diepte)

Gewicht:

66 - 73 kg*

Netaansluiting:

Nominale spanning: 220-240 V / 50 Hz

Nominale stroom: 10 A / 13 A* Nominaal vermogen: 1900 - 2300 W

Waterdruk:

100 - 1000 kPa (1 - 10 bar)

Opgenomen vermogen in uitgeschakelde toestand: 0,12 W

Opgenomen vermogen in nietuitgeschakelde toestand: 0,43 W

* afhankelijk van model

Pagina 28

nl Plaatsen en aansluiten

5 Plaatsen en aansluiten

Inhoud van de verpakking

Aanwijzing: Controleer de wasautomaat op transportschade. Een beschadigde wasautomaat nooit in gebruik nemen. Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze servicedienst. Blz. 27

3

Waterafvoerslang

8

•

Daarnaast is bij het aansluiten van de waterafvoerslang op een sifon een slangenklem ∅ 24 - 40 mm (vakhandel) nodig.

Nuttig gereedschap

Veiligheidsvoorschriften

Waarschuwing

Gevaar voor letsel!

Wees voorzichtig bij het tillen/ transporteren van de wasmachine.

De wasmachine niet optillen aan uitstekende onderdelen.

Slangen en kabels zodanig leggen dat u er niet over kunt struikelen.

Attentie!

Schade aan het apparaat

Bevroren slangen kunnen barsten/ springen.

De wasmachine niet op vorstgevoelige plaatsen en/of buiten zetten.

Pagina 29

Plaatsen en aansluiten nl

Attentie!

Waterschade

De aansluitingen van de watertoevoer- en waterafvoerslang staan onder druk van het water. Om lekkage of waterschade te voorkomen dient u zich absoluut te houden aan de aanwijzingen in dit hoofdstuk.

Aanwijzingen

De juiste plaats

Aanwijzing: Stabilliteit is belangrijk, zodat de wasmachine niet gaat "wandelen"!

Plaatsing op een verhoging of op een houten vloer

Attentie!

Schade aan het apparaat

De wasmachine kan tijdens het centrifugeren gaan schuiven en van zijn sokkel kantelen/vallen.

Bevestig de apparaatvoeten absoluut met bevestigingsbeugels.

Bestelnr. WMZ 2200, WX 9756, Z 7080X0

Aanwijzing: Plaats bij vloeren met houten balken de wasmachine:

Opstellen op een verhoging met lade

Verhoging bestelnr.: WMZ 20490, WZ 20490, WZ 20510, WZ 20520

Onder-/inbouw van het apparaat in een rij keukenmeubelen

Waarschuwing

Levensgevaar!

Bij contact met onderdelen die onder spanning staan bestaat het risico van een elektrische schok.

De afdekplaat van het apparaat niet verwijderen.

Aanwijzingen

Pagina 30

nl Plaatsen en aansluiten

Transportbeveiligingen verwijderen.

Attentie!

Schade aan het apparaat

Verwijder voorafgaand aan het eerste gebruik absoluut de vier transportborgingen. Bewaar de transport- beveiligingen.

Aanwijzing: Bewaar schroeven en hulzen.

Hulzen verwijderen. Hierbij de aansluitkabel uit de houders halen.

Afdekkingen vast vergrendelen door op de sluithaak te drukken.

← pagina's 2–9verder op pagina 31 →Inhoud