Bosch WAT28542NL, tekst van de handleiding
Pagina's 15–37 van 44 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–14verder op pagina 38 →
Pagina 15
Plaatsen en aansluiten nl
Opstellen op een verhoging met lade
Verhoging bestelnr.: WMZ 20490, WZ 20490, WZ 20510, WZ 20520
Onder-/inbouw van het apparaat in een rij keukenmeubelen
Waarschuwing
Levensgevaar!
Bij contact met onderdelen die onder spanning staan bestaat het risico van een elektrische schok.
De afdekplaat van het apparaat niet verwijderen.
Aanwijzingen
- Noodzakelijke nisbreedte 60 cm.
- Plaats de wasmachine uitsluitend onder een doorlopend werkblad dat vast verbonden is met de keukenmeubelen ernaast.
Transportbeveiligingen verwijderen.
Attentie!
Schade aan het apparaat
- De machine is voor transport met transportbeveiligingen geborgd. Niet verwijderde transportbeveiligingen kunnen bij gebruik van de machine bijv. de trommel beschadigen.
Verwijder voorafgaand aan het eerste gebruik absoluut de vier transportborgingen. Bewaar de transport- beveiligingen.
- Om bij later transport transportschade te voorkomen, moet u de transportbeveiligingen voor het transport beslist weer aanbrengen.
Aanwijzing: Bewaar schroeven en hulzen.
- 1. Slangen uit de houders halen.
- 2. De vier transportbeveiligingsschroeven losdraaien en verwijderen.
Hulzen verwijderen. Hierbij de aansluitkabel uit de houders halen.
- 3. Afdekkingen plaatsen. Afdekkingen vast vergrendelen door op de sluithaak te drukken.
Pagina 16
nl Plaatsen en aansluiten
Lengte van de slang en aansluitkabel
- Aansluiting aan de linkerkant
| ■ | a FP a FP a FP |
| Aansluiting aan de rechterkant | |
| a FP a FP a FP |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
Tip: Bij de vakhandel/servicedienst de volgende onderdelen verkrijgbaar:
- een verlenging voor de Aquastopresp. koudwatertoevoerslang (ca. 2,50 m); bestelnr. WMZ2380, WZ10130, CZ11350, Z7070X0
- een langere toevoerslang (ca. 2,20
- m) voor model Standard.
Watertoevoer
Waarschuwing
Levensgevaar!
Bij contact met onderdelen die onder spanning staan bestaat het risico van een elektrische schok.
Aquastop-veiligheidssysteem niet in water dompelen (bevat een elektrisch ventiel).
Let bij het aansluiten op het volgende
Aanwijzingen
- Gebruik voor de wasmachine alleen koud leidingwater.
- Sluit de machine niet aan op de mengkraan van een drukloos heetwatertoestel.
- Gebruik uitsluitend de meegeleverde of bij een geautoriseerde vakhandelaar gekochte toevoerslang, geen gebruikt exemplaar.
- De watertoevoerslang niet knikken, platdrukken, veranderen of doorsnijden (dan is de sterkte niet meer gegarandeerd).
- Draai de schroefkoppelingen slechts handvast aan. Worden ze te stevig met een stuk gereedschap (tang) vastgedraaid, dan kunnen de schroefdraden beschadigd raken.
Optimale waterdruk in de waterleiding
minimaal 100 kPa (1 bar)
maximaal 1000 kPa (10 bar)
Uit de geopende kraan stroomt tenminste 8 liter water per minuut.
Bij een hogere waterdruk een drukreduceerventiel inbouwen.
Aansluiting
Sluit de watertoevoerslang aan op de waterkraan (¾" = 26,4 mm) en het apparaat (bij modellen met Aquastop niet nodig, vast geïnstalleerd) op:
- Model: Standard
Pagina 17
Plaatsen en aansluiten nl
kan het water in het apparaat worden teruggezogen en het apparaat/ textiel beschadigd raken. erop dat:
de stop de afvoer van de wastafel
| ■ Model: | Aqua-Secure | komt, | |
|---|---|---|---|
| de | |||
| Let | |||
| ■ | |||
| ■ | |||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
niet afsluit.
het uiteinde van de afvoerslang niet in het weggepompte water is gedompeld.
- Model: Aquastop ■ het water snel genoeg wegstroomt.
Aanwijzing: De waterafvoerslang niet knikken of in de lengte uitrekken.
Aanwijzing: Kraan voorzichtig opendraaien en daarbij de aansluitingen op dichtheid controleren. De schroefkoppeling staat onder druk van de waterleiding.
Waterafvoer
Waarschuwing
Risico van verbranding!
Bij het wassen met hoge temperaturen kunnen er bij aanraking met heet zeepsop, bijv. wanneer er heet zeepsop in een wastafel wordt gepompt, brandwonden ontstaan.
Kom niet met uw handen in het hete zeepsop.
Attentie!
Waterschade
De afvoerslang staat bij het wegpompen onder waterdruk en kan uit de wastafel of uit het aansluitpunt glijden.
Borg de afvoerslang zodanig dat deze er niet uit kan schieten.
Attentie!
Beschadiging van het apparaat/textiel
Wanneer het uiteinde van de afvoerslang in het weggepompte water
Aansluiting
| ■ Afvoer | in | een | sifon | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| De aansluiting slangklem, worden | geborgd. | ∅ | 24-40 | moet | met mm | (vakhandel) | een | |
| ■ Afvoer | in | een | wastafel | |||||
| Borg | de | afvoerslang | zodanig | dat |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
deze er niet uit kan schieten.
Bochtstuk bij de klantenservice verkrijgbaar:
Onderdeelnummer 00655300
- Afvoer in een kunststof standpijp met rubberen mof of in een afvoerputje
Pagina 18
nl Plaatsen en aansluiten
Stellen
Stel het apparaat horizontaal m.b.v. een waterpas.
Sterke geluidsontwikkeling, vibraties en „lopen” kunnen het gevolg zijn van het niet correct stellen van het apparaat!
- 1. Contramoeren met een steeksleutel losdraaien met de wijzers van de klok mee.
- 2. De stand van de wasmachine met een waterpas controleren, eventueel corrigeren. De hoogte veranderen door aan het voetje van het apparaat te draaien.
Alle vier de voetjes moeten stevig op de grond staan.
- 3. Contramoer tegen de onderkant van het apparaat vastdraaien.
Het voetje hierbij vasthouden en niet in de hoogte verstellen.
De contramoeren van alle vier de voetjes moeten vast tegen de onderkant van het apparaat zijn geschroefd!
Elektrische aansluiting
Waarschuwing
Levensgevaar!
Bij contact met onderdelen die onder spanning staan bestaat het risico van een elektrische schok.
- De stekker nooit aanraken met natte handen.
- Trek altijd aan de stekker en niet aan het snoer, omdat dit beschadigd kan raken.
- Nooit de stekker uit het stopcontact trekken tijdens het gebruik.
Houd u aan de volgende instructies en zorg ervoor dat:
Aanwijzingen
- De netspanning en aangegeven spanning op de wasmachine (typeplaatje) met elkaar overeenstemmen.
De aansluitwaarde en de vereiste zekering staan vermeld op het typeplaatje.
- De aansluiting van de wasmachine uitsluitend plaats vindt op wisselstroom, via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde.
- De stekker overeenkomt met het stopcontact.
- De doorsnede van de elektrische kabel groot genoeg is.
- Het aardingssysteem volgens voorschrift is geïnstalleerd.
Pagina 19
Plaatsen en aansluiten nl
- Vervanging van de aansluitkabel (indien nodig) alleen plaatsvindt door een vakkundig monteur. Een nieuwe kabel is bij de Servicedienst tegen meerprijs verkrijgbaar.
- Er geen meervoudige stekkers/ contactdozen of verlengkabels worden gebruikt.
- Bij gebruik van een aardlekschakelaar alleen een type met dit symbool wordt gebruikt.
Alleen dit symbool garandeert dat aan de momenteel geldende voorschriften is voldaan.
- De stekker altijd bereikbaar is. Is dit niet mogelijk, dan moet voor vervulling van de relevante veiligheidsvoorschriften een schakelaar (2-polige afschakeling) in de vaste installatie ingebouwd worden in overeenstemming met de voorschriften voor de elektrische installatie.
- Aansluitkabel niet knikken, afklemmen, wijzigen, doorsnijden of met warmtebronnen in aanraking laten komen.
Vóór het eerste gebruik
De wasmachine is voor het verlaten van de fabriek grondig getest. Om eventuele restjes water van het testen te verwijderen, de wasautomaat de eerste keer zonder wasgoed laten draaien.
Aanwijzingen
- Wasmachine moet deskundig opgesteld en aangesloten zijn. vanaf Blz. 13
- Neem een beschadigde wasautomaat nooit in gebruik. Neem contact op met de servicedienst.
Voorbereidende werkzaamheden:
- 1. Apparaat controleren.
- 2. Folie van het bedieningspaneel verwijderen.
- 3. Stekker in wandcontactdoos doen.
- 4. Kraan opendraaien.
Programma zonder wasgoed draaien:
- 1. Apparaat inschakelen.
- 2. Vuldeur sluiten (trommel niet vullen met wasgoed!).
- 3. Programma Trommelreiniging 90 °C instellen.
- 4. Wasmiddellade openen.
- 5. Ca. 1 liter water in compartiment II gieten.
- 6. Waspoeder in compartiment II doen. Aanwijzing: Ter voorkoming van schuimvorming slechts de helft van de door de wasmiddelproducent aanbevolen hoeveelheid wasmiddel gebruiken. Gebruik geen wol- of fijnwasmiddel.
- 7. Wasmiddellade sluiten.
- 8. Toets kiezen.
- 9. Aan het einde van het programma apparaat uitschakelen.
Uw wasautomaat is nu gebruiksklaar.
Pagina 20
nl Plaatsen en aansluiten
Transporteren
bijv. bij verhuizing
Voorbereidende werkzaamheden:
- 1. Kraan dichtdraaien.
- 2. Waterdruk in de toevoerslang verminderen.
Onderhoud – Zeef in de watertoevoer Blz. 36
- 3. Zeepsopresten laten weglopen. Onderhoud – Afvoerpomp verstopt
- 4. Wasmachine van de stroom halen.
- 5. Slangen demonteren.
Transportbeveiligingen monteren:
- 1. Afdekkingen eraf halen en bewaren. Eventueel een schroevendraaier gebruiken.
- 2. Alle 4 de hulzen erin zetten.
Aansluitkabel op de houders vastklemmen. Schroeven inbrengen en vastdraaien.
Vóór het opnieuw in gebruik nemen:
Aanwijzingen
- absoluut de transportbeveiligingen verwijderen!
- Om te voorkomen dat bij de volgende keer wassen wasmiddel ongebruikt in de afvoer stroomt: ca. 1 liter water in compartiment II gieten en programma Afpompen kiezen en starten.
Pagina 21: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 22
nl Het apparaat leren kennen
Bedieningselementen
Hoofdschakelaar
Met de toets schakelt u het apparaat aan en uit.
0 Programmakiezer
De programmakiezer kunt u in beide richtingen (links en rechts) draaien.
8 Touch-display
Hier worden voor u de programma-informatie en selectiemogelijkheden voor instellingen getoond en kunt u de instellingen door aanraken van de omrande of onderstreepte zones selecteren.
Inhoud* van het Touch-Display (*Afhankelijk van het model)
Pagina 23
Het apparaat leren kennen nl
| Display- en bedieningsvelden | Display voor instelwaarden | Instelling |
|---|---|---|
| 90°, , , 30°, 20°, | Temperatuur in °C; = koud | |
| 1400*, 1200, 800, 600, 400, 2 | Centrifugetoerental; 2 = zonder centrifugeren | |
| , **, **, **, **, **, **, ** | Vlekkenkeuze | |
| Speed | SpeedPerfect | |
| Eco | EcoPerfect | |
| +1, +2, +3 , aus | Water&Spoelen+; + extra spoelbeurten | |
| Anti-kreuk | ||
| Voorwas | ||
| Spoelstop = zonder centrifugeren | ||
| 3 sec | Kinderbeveiliging / bedieningspaneel | |
| Memory programma | ||
| Start / Pauze | ||
| Apparaatinstellingen: instructiesignaal, bedieningssignaal, helderheid van het Touch-Display, herinneringsfunctie voor het trommelonderhoud | ||
| , | Instelwaarden wijzigen Aanwijzing: Bij meertraps instelwaarden lopen bij het aanraken en vasthouden van , de instelwaarden automatisch door tot de eindwaarde. Dan nog een keer aanraken en u kunt opnieuw de instelwaarde wijzigen. | |
| * maximale centrifugetoerental afhankelijk van het apparaat ** Afhankelijk van het model | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
| meer indicaties | Informatie over |
|---|---|
| - - - - - | Energieverbruik |
| - - - - - | Waterverbruik |
| 0 | Programmastatus: voorwas wassen spoelen centrifugeren |
| Vuldeur vergrendeld | |
| Waterkraan gesloten / Waterdruk te laag | |
| Schuim gedetecteerd | |
| : | Programmaduur bijv. 1:51; Klaar in tijd bijv. 8,5 h; aanbevolen belading bijv. 8,0 kg; programmastatus bijv. Einde; basisdoseerhoeveelheid bijv. 36 ml |
Pagina 24
nl Wasgoed
Wasgoed
Wasgoed voorbereiden
Attentie!
Beschadiging van het apparaat/textiel
Vreemde voorwerpen (bijv. munten, paperclips, naalden, spijkers) kunnen het wasgoed, of onderdelen van de wasmachine beschadigen.
Neem daarom de volgende aanwijzingen in acht bij de voorbereiding van uw was:
- Zakken leegmaken.
- Metalen voorwerpen (zoals paperclips) verwijderen.
- Tere weefsels wassen in een wasnet/zak (panty’s, beugel-BH's).
- Ritssluitingen sluiten, overtrekken dichtknopen.
- Zand uit zakken en omslagen borstelen.
- Rollertjes van vitrage verwijderen of in een apart netje / aparte zak doen.
Wasgoed sorteren
Houdt u bij het sorteren van het wasgoed aan de aanwijzingen voor de verzorging en aan de opgaven van de producent, zoals aangegeven op de waslabels:
- soort weefsel/vezels
- kleur
Aanwijzing: Wasgoed kan verkleuren of niet goed schoon worden. Witte en bonte was dient u apart te wassen.
Nieuw bont wasgoed de eerste keer afzonderlijk wassen.
- mate van verontreiniging Kies steeds wasgoed dat in dezelfde mate verontreinigd is.
Enkele voorbeelden voor de mate van verontreiniging vindt u hier • Blz. 26.
- licht: niet voorwassen, eventueel instelling Speed kiezen – normaal
- sterk: minder wasgoed in de wasautomaat doen, programma met voorwas kiezen
- vlekken: vlekken zolang ze nog 'vers' zijn, verwijderen/ voorbehandelen. Eerst met een sopje afdeppen/niet inwrijven.
Wasgoed hierna wassen met een geschikt programma.
Hardnekkige/ingedroogde vlekken verdwijnen pas na meerdere keren wassen.
- Symbolen op de verzorgingslabels Aanwijzing: Getallen in de symbolen verwijzen naar de maximaal in te stellen temperatuur van de wasautomaat.
- Geschikt voor normaal wasproces, bijv. programma Katoen
- Voorzichtig wasproces nodig, bijv. programma
Kreukherstellend
- Bijzonder voorzichtig wasprogramma nodig, bijv. programma Fijn/Zijde
- Geschikt voor handwas, bijv. programma Wol
- Was niet in de wasautomaat wassen.
Pagina 25
Wasmiddel nl
Stijven
Aanwijzing: Het wasgoed mag niet met wasverzachter gespoeld zijn.
Stijfsel is met name bij het Spoelen en Katoen programma met vloeibaar stijfsel mogelijk. Doseer het stijfsel volgens instructies van de fabrikant in het compartiment (eventueel eerst schoonmaken).
Verven/Ontkleuren
Verf uitsluitend hoeveelheden die in het huishouden gebruikelijk zijn. Zout kan roestvrijstaal aantasten! Neem de instructies van de producent van de verf in acht!
Wasgoed niet in de machine ontkleuren!
Inweken
- 1. Apparaat inschakelen.
- 2. Programma Katoen 20 °C kiezen.
- 3. Inweek-/wasmiddel volgens opgave van de fabrikant in compartiment II doen.
- 4. Toets kiezen.
- 5. Na ca. 10 minuten toets kiezen om het programma te stoppen.
- 6. Na de gewenste inweektijd opnieuw toets kiezen als het programma voortgezet moet worden of programma wijzigen.
Aanwijzingen
- Wasgoed van dezelfde kleur in de trommel doen.
- Geen extra wasmiddel nodig, het inweeksop wordt ook gebruikt voor het wassen.
Wasmiddel
Juiste wasmiddelkeuze
Voor de juiste wasmiddelkeuze, temperatuur en behandeling van het wasgoed is het waslabel doorslaggevend. zie ook www.sartex.ch
Op de website www.cleanright.eu vindt u veel aanvullende informatie over was-, verzorgings- en reinigingsmiddelen voor huishoudelijk gebruik.
- Totaal wasmiddel met optische witmakers geschikt voor kookbestendige witte was van linnen of katoen Programma: Katoen / koud - max. 90 °C
- Bontwasmiddel zonder bleekmiddel en optische witmakers geschikt voor bonte was van linnen of katoen
Programma: Katoen / koud - max. 60 °C
- Bonte-/fijnwasmiddel zonder optisch witmiddel geschikt voor bonte was van kreukherstellende vezels, synthetische materialen Programma: Kreukherstellend / koud - max. 60 °C
- Fijnwasmiddel geschikt voor kwetsbaar, fijn textiel, zijde of viscose
Programma: Fijn/Zijde / koud - max. 40 °C
- Wolwasmiddel geschikt voor wol
Programma: Wol / koud - max. 40 °C
Pagina 26
nl
Energie en wasmiddel besparen
U kunt bij licht en normaal verontreinigde was besparen op energie (lagere wastemperatuur) en wasmiddel:
| Besparen | Mate van verontreiniging / Aanwijzing |
|---|---|
| Lagere temperatuur en minder wasmiddel volgens doseeradvies | licht Geen verontreiniging of vlekken zichtbaar. Kledingstukken hebben lichaamsgeur aangenomen, bijv.: ■ lichte zomer-/sportkleding (enkele uren gedragen) ■ T-shirts, overhemden , blouses, (max. 1 dag gedragen) ■ Beddengoed en handdoeken van gasten (1 dag gebruikt) |
| normaal Verontreiniging zichtbaar / of een paar lichte vlekken herkenbaar, bijv.: ■ T-shirts, overhemden, blouses, (bezweet, meerdere malen gedragen) ■ Handdoeken, beddengoed (max. 1 week gebruikt) | |
| Temperatuur volgens het waslabel en wasmiddelhoeveelheid volgens doseeradvies / sterk verontreinigd | sterk Verontreiniging en/of vlekken duidelijk zichtbaar, bijv. theedoeken, babywas, werkkleding |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Aanwijzing: Bij dosering van alle was-/ hulp-/verzorgings- en reinigingsmiddelen moet u absoluut de aanwijzingen van de fabrikant en de overige aanwijzingen in acht nemen. Blz. 30
0 Programma voorinstellingen
De programma-voorinstellingen worden na keuze van het programma op het Touch-Display weergegeven en kunnen worden gewijzigd.
Een overzicht van alle mogelijke programma-instellingen vindt u op het extra blad bij de gebruiksaanwijzing en plaatsingshandleiding.
Temperatuur
Voor en tijdens het programma kunt u afhankelijk van de programmavoortgang de ingestelde temperatuur wijzigen.
De maximaal in te stellen temperatuur hangt af van het gekozen programma.
Centrifugetoerental
Voor en tijdens het programma kunt u afhankelijk van de programmavoortgang het centrifugetoerental (in omw./min.; omwentelingen per minuut) wijzigen.
Instelling 2 : Zonder centrifugeren, het water wordt nu afgepompt. Het wasgoed blijft nat in de trommel liggen, bijv. voor wasgoed dat niet gecentrifugeerd mag worden.
Het maximaal in te stellen toerental hangt af van het gekozen programma en het model.
Klaar in-tijd
Na de programmakeuze wordt de programmaduur weergegeven, bijv. 1:51 (in h:min (uren:minuten)).
Voor de programmastart kunt u het tijdstip van het gewenste programma-
Pagina 27
Extra programma-instellingen nl
einde, in stappen van 30 minuten tot maximaal 24h (h=uur) uitstellen.
Na de programmastart wordt de gekozen tijd, bijv. 8.5h weergegeven en deze telt af totdat het wasprogramma begint. Dan wordt de programmaduur weergegeven.
Aanwijzing: De programmaduur wordt bij een lopend programma automatisch aangepast. Wijzigingen in de programmavoorinstelling resp. programmainstellingen, schuimdetectie, onbalansdetectie, de belading of verontreiniging kunnen ook tot wijzigingen in de programmaduur leiden.
Na de start van het programma, terwijl de gekozen tijd aftelt, kunt u deze als volgt wijzigen:
- 1. Het bedieningsveld aanraken.
- 2. Door of aan te raken de tijd wijzigen.
- 3. En weer op tippen.
Na programmastart, terwijl de programmaduur verstrijkt, kunt u indien nodig wasgoed bijvullen of uitnemen.
- Blz. 32
Memory Programma
Hier kunt u een geselecteerd programma met uw favoriete instellingen opslaan.
Voor het opslaan:
- 1. Apparaat inschakelen.
- 2. Programma selecteren.
- 3. Instellingen wijzigen en/of extra instellingen kiezen.
- 4. Op het bedieningspaneel tippen en ca. 3 seconden vasthouden.
Het programma is opgeslagen wanneer kortstondig alle instellingen knipperen.
Om het opgeslagen programma te gebruiken tipt u na het inschakelen van de wasmachine kort op .
Voor het wijzigen van het opgeslagen programma tipt u na keuze van de nieuwe instellingen weer op en houdt u deze ca. 3 seconden ingedrukt.
Extra programmainstellingen
Een overzicht van alle afhankelijk van het programma te kiezen extra instellingen vindt u op het extra blad bij de gebruiksaanwijzing en plaatsingshandleiding.
SpeedPerfect
Speed
Voor het wassen in kortere tijd met vergelijkbaar wasresultaat, maar met hoger energieverbruik dan het gekozen programma zonder instelling SpeedPerfect.
Aanwijzing: De maximale belading mag niet overschreden worden.
EcoPerfect
Eco
Energiezuinig wassen door temperatuurreductie bij vergelijkbaar wasresultaat bij het gekozen programma zonder instelling EcoPerfect.
Water&Spoelen+
Instelwaarden: +1 + 1 spoelbeurt +2 + 2 spoelbeurten +3 + 3 spoelbeurten uit Instelling gedeselecteerd
Hoger waterpeil en extra spoelcycli afhankelijk van het programma, langere programmaduur. Bijzonder bij gevoelige huid en/of voor gebieden met zeer zacht water.
Hoger waterpeil en extra spoelcycli afhankelijk van het programma, langere programmaduur. Bijzonder bij gevoelige
Pagina 28
nl Extra programma-instellingen
huid en/of voor gebieden met zeer zacht water.
Voorwas
Voor sterk verontreinigd wasgoed.
Aanwijzing: Wasmiddel over compartiment I en II verdelen.
Anti-kreuk
Beperkt de kreukvorming door een speciale centrifugemethode met aansluitend losser maken en een verlaagd centrifugetoerental.
Aanwijzing: Het restvochtgehalte van het wasgoed neemt toe.
Spoelstop
Zonder eindcentrifugeren, het wasgoed blijft na het laatste spoelen in het water liggen.
Spoelstop kunt u kiezen om kreukvorming te voorkomen, wanneer na afloop van het programma het wasgoed niet direct uit de wasautomaat moet worden genomen.
Om het programma te hervatten/ beëindigen Blz. 32
Vlekkenkeuze
In totaal kunt u kiezen uit 16 verschillende soorten vlekken.
selecteerbare vlekkensoorten:
- Bloed
- Bakolie /olie*
- Gras*
- Rode wijn*
- Koffie*
- Zweet*
- Thee*
- Make up* uit niet-geselecteerde instellingen
*
afhankelijk van het model
Wij raden u aan om de vlekken niet laten indrogen. Vaste bestanddelen eerst verwijderen.
Programma met een vlekkensoort kiezen:
- 1. Het wasgoed zoals gebruikelijk samenstellen.
- 2. Programma kiezen.
- 3. Wasmachine vullen
- 4. Een soort vlek kiezen (afhankelijk van het programma).
- 5. Programma starten.
De wasmachine past de gemiddelde wastemperatuur, trommelbeweging en inweektijd doelgericht aan het soort vlek aan. Warm of koud water, voorzichtige of intensieve wasbehandeling en lange of korte inweektijden zorgen voor een speciaal verloop van het wasprogramma voor elk soort vlekken. Zodoende worden de vlekken optimaal behandeld.
Pagina 29
Apparaat bedienen nl
1 Apparaat bedienen
Wasmachine voorbereiden
Aanwijzing: De wasmachine moet deskundig opgesteld en aangesloten zijn. vanaf Blz. 13
- 1. Stekker in de wandcontactdoos steken.
- 2. Kraan opendraaien.
- 3. Vuldeur openen.
- 4. Controleren of de trommel geheel leeg is. Eventueel leegmaken.
Apparaat inschakelen / programma kiezen
Toets indrukken. Het apparaat is ingeschakeld.
Aansluitend wordt altijd het af fabriek vooringestelde programma Katoen weergegeven.
De actuele instellingen en programmainformatie gaat branden met maximale helderheid knippert.
De selecteerbare instellingen gaan branden met halve helderheid.
Aanwijzingen
- Kort knipperen van de indicatie , wijst u er op spoedig het programma Trommelreiniging of een ander willekeurig programma met minimaal 60 °C wastemperatuur uit te voeren.
- Wanneer de indicatie 3 sec knippert, dan is het kinderslot actief.
U moet deze eerst deactiveren, voordat u instellingen gaat wijzigen, resp. het programma kunt starten.
- Blz. 32
Bij apparaten met trommelverlichting:
Na inschakeling van het apparaat, na het openen en sluiten van de vuldeur en na de programmastart gaat de trommelverlichting aan. De verlichting gaat automatisch weer uit.
U kunt:
- dit programma gebruiken en het wasgoed er in leggen. Blz. 30
- of een ander programma kiezen. Een overzicht van alle programma's vindt u op het extra blad bij de gebruiksaanwijzing en plaatsingshandleiding.
- of de programma-voorinstelling wijzigen. Blz. 29
- en/of extra programma-instellingen kiezen. Blz. 29
Programma-voorinstellingen wijzigen
Voor het wijzigen van de actuele instellingen raakt u het gewenste bedieningspaneel aan, de bijbehorende indicatie schakelt naar de maximale helderheid.
De Klaar in-tijd wijzigt u door aanraken van of .
Programmavoorinstellingen Blz. 26
Extra programma-instellingen kiezen
Door het kiezen van extra instellingen kunt u het wasprogramma nog beter aanpassen aan uw wasgoed.
Raak hiervoor het gewenste bedieningspaneel aan, de bijbehorende
Pagina 30
nl Apparaat bedienen
indicatie schakelt naar de maximale helderheid.
Extra programma-instellingen
- Blz. 27
Wasgoed in de trommel doen
Waarschuwing
Levensgevaar!
Wasgoed dat vóór het wassen met een reinigingsmiddel met oplosmiddel (bijv. vlekkenmiddel of wasbenzine) is behandeld, kan nadat het in de wastrommel is gedaan tot een explosie leiden.
Spoel het wasgoed van te voren grondig met de hand uit.
Aanwijzingen
- Doe grote en kleine stukken wasgoed door elkaar. Stukken wasgoed van verschillende grootte worden bij het centrifugeren beter verdeeld. Afzonderlijke stukken wasgoed kunnen tot onbalans leiden.
- Houdt u aan de aangegeven max. belading. Overbelading vermindert het wasresultaat en bevordert kreukvorming.
- 1. Voorgesorteerd wasgoed uit elkaar gevouwen in de trommel doen.
- 2. Let erop dat er geen wasgoed tussen vuldeur en rubberen manchet ingeklemd raakt en sluit de vuldeur.
Was- en verzoringsmiddel doseren en bijvullen
Attentie!
Schade aan het apparaat
Reinigingsmiddelen en middelen voor het voorbehandelen van was (bijv. vlekkenmiddelen, voorwasspray, ...) kunnen het oppervlak van de wasmachine aantasten wanneer ze er mee in aanraking komen.
Breng deze middelen niet in contact met de oppervlakken van de wasmachine. Eventueel sproeinevelresten en andere restanten/ druppels direct met een vochtige doek afvegen.
Doseren
Doseer de was- en onderhoudsmiddelen overeenkomstig:
- de waterhardheid; welke u kunt opvragen bij uw waterleidingbedrijf
- de instructies van de fabrikant op de verpakking
- de hoeveelheid wasgoed
- de mate van verontreiniging • Blz. 26
Vullen
Waarschuwing
Oog-/huidirritaties!
Als de wasmiddellade tijdens het gebruik wordt geopend, kan er was-/ wasverzorgingsmiddel uitspatten.
Open de wasmiddellade voorzichtig. Spoel bij contact met was-/ verzorgingsmiddel de ogen uit, resp. de huid af.
Raadpleeg bij per ongeluk innemen een arts.
Aanwijzing: Verdun stroperige wasverzachter en textielversteviger met water. Dit voorkomt verstoppingen in de leidingsystemen van de wasmachine.
Pagina 31
Apparaat bedienen nl
Doe het was- en verzorgingsmiddel in de betreffende compartimenten:
| Doseerhulp A | voor vloeibaar wasmiddel |
|---|---|
| Compartiment | Wasmiddel voor de hoofdwas, |
| II | waterontharder, bleekmiddel, vlekkenzout |
| Compartiment | Wasverzachter, stijfsel, max niet overschrijden |
| Compartiment | Wasmiddel voor de voorwas |
| I |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
- 1. Wasmiddellade tot aan de aanslag uittrekken.
- 2. Vullen met was- en/of wasverzorgingsmiddel.
- 3. Wasmiddellade sluiten.
Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel
Voor het doseren van vloeibaar wasmiddel positioneert u de doseerhulp:
- 1. Wasmiddellade uittrekken. Inzetstuk naar beneden drukken en de lade er helemaal uithalen.
- 2. Doseerstuk naar voren schuiven, naar beneden klappen en inklikken.
- 3. Lade weer terugplaatsen.
Aanwijzing: Gebruik de doseerhulp niet bij gelachtige wasmiddelen en waspoeder en bij programma's met
voorwas of wanneer Klaar in tijd gekozen is.
Starten van het programma
Raak bedieningspaneel aan.
Het programma start en de indicatie gaat permanent branden.
De vuldeur wordt vergrendeld en de bijbehorende indicatie brandt.
Tijdens het programma wordt de actuele programma-informatie weergegeven:
- Klaar in-tijd resp. na het begin van het wasprogramma de programmaduur
- en de indicaties voor de programmavoortgang gaan branden.
Informatie over de volgende programmastappen en instellingen die tijdens het programmaverloop nog gewijzigd kunnen worden, branden met halve helderheid.
Aanwijzing: Schuimdetectie
Wanneer tevens de indicatie brandt, dan heeft de wasmachine te veel schuim tijdens het wasprogramma herkend en vervolgens automatisch extra spoelcycli om de schuimvorming te verhelpen toegevoegd.
Doseer bij de volgende wasbeurt met gelijke belading minder wasmiddel.
Wilt u het programma tegen onbedoeld wijzigen beveiligen, kies dan als volgt de kinderbeveiliging.
Pagina 32
nl Apparaat bedienen
Kinderbeveiliging/ Blokkering van de bediening
3 sec
U kunt de wasautomaat beveiligen tegen het per ongeluk wijzigen van de ingestelde functies.
Voor het activeren/deactiveren beide toetsen Kinderbeveiliging 3 sec ca. 3 seconden ingedrukt houden. Het display verandert in volledige helderheid.
Als de programmakeuzeschakelaar wordt geroteerd of op een bedieningspaneel wordt getikt terwijl het kinderslot actief is, knippert het display kort en klinkt er een signaal. Het programma loopt tot het einde van het programma ongewijzigd.
Aanwijzingen
- De kinderbeveiliging kan in elke apparaattoestand geactiveerd worden.
- De kinderbeveiliging blijft ook na het uitschakelen van het apparaat actief.
- Wordt het apparaat bij een lopend programma en geactiveerde kinderbeveiliging uitgeschakeld, dan wordt bij het weer inschakelen het programma hervat.
Wasgoed bijvullen
Na programmastart kunt u indien gewenst wasgoed bijvullen of uitnemen.
Raak hiervoor het bedieningspaneel aan.
De indicatie knippert. De machine bevindt zich in de pauze-toestand en controleert of bijvullen mogelijk is.
Wanneer de indicatie dooft dan is bijvullen mogelijk. De vuldeur is dan ontgrendeld en kan geopend worden.
Raak voor het hervatten van het programma weer aan. Het programma wordt automatisch hervat.
Aanwijzingen
- Laat bij het bijvulllen de vuldeur niet langere tijd open staan - er kan water uit het wasgoed naar buiten lopen.
- Bij een hoog waterniveau, een hoge temperatuur of een draaiende trommel blijft de vuldeur om veiligheidsredenen vergrendeld en is bijvullen niet mogelijk. Instructies op het display in acht nemen.
- De beladingsindicatie is tijdens het bijvullen niet actief.
Programma wijzigen
Wanneer u per ongeluk een verkeerd programma heeft gestart, kunt u dit als volgt wijzigen:
- 1. Het bedieningsveld aanraken.
- 2. Een ander programma kiezen.
- 3. En weer op tippen. Het nieuwe programma begint van voren af aan.
Progr. annuleren
Bij programma’s met hoge temperatuur:
- 1. Het bedieningsveld aanraken.
- 2. Voor het afkoelen van het wasgoed: Spoelen kiezen.
- 3. En weer op tippen.
Bij programma’s met lage temperatuur:
- 1. Op tippen.
- 2. Centrifugeren/Afpompen of
Afpompen kiezen.
- 3. En weer op tippen.
Programma-einde bij spoelstop
De aanwijzing knippert en het vooringestelde centrifuge-toerental en de resterende programmaduur voor het geselecteerde programma worden weergegeven.
Hervat het programma door:
- het bedieningsveld aanraken of
Pagina 33
Apparaatinstellingen nl
- het centrifugetoerental wijzigen en dan aanraken of
- de instelling Anti-kreuk kiezen en aanraken of
- de programmakiezer op Afpompen zetten en aanraken.
Programma-einde
Op het display brandt nu Einde en de indicaties en zijn uit.
Aanwijzing: Knipperen van de indicatie , wijst u er op spoedig het programma Trommelreiniging of een willekeurig ander programma met minimaal 60 °C wastemperatuur uit te voeren.
Wasgoed uitnemen / apparaat uitschakelen
- 1. Vuldeur openen en wasgoed eruit halen.
- 2. Apparaat uitschakelen.
- 3. Kraan dichtdraaien.
Aanwijzing: Niet nodig bij modellen met Aquastop.
Aanwijzingen
- Geen wasgoed achterlaten in de trommel. Dit kan bij de volgende wasbeurt krimpen of andere stukken verkleuren.
- Eventueel aanwezige voorwerpen uit de trommel en de rubbermanchet verwijderen – roestgevaar.
- Rubber manchet droogvegen.
- Vuldeur en wasmiddellade open laten zodat het restwater kan opdrogen.
- Altijd wachten tot het programma is afgelopen, omdat het apparaat dan nog vergrendeld kan zijn.
Vervolgens het apparaat inschakelen en wachten op de ontgrendeling.
Apparaatinstellingen
De volgende instellingen kunt u in het bedienings- en displayveld wijzigen:
- het volume van de instructiesignalen (bijv. aan programma-einde),
- het volume van de bedieningssignalen,
- de helderheid van het bedienings- en displayveld,
- de herinneringsfunctie voor trommelverzorging in-/uitschakelen.
Voor het wijzigen van de instellingen moet u eerst altijd de instelmodus activeren.
Instelmodus activeren
- 1. Het apparaat inschakelen. De instellingen voor het actueel gekozen programma worden weergegeven.
- 2. Het bedieningsveld aanraken. De instelmodus is geactiveerd en de indicatie voor de instructiesignalen en het vooringestelde volume.
U kunt nu de instellingen wijzigen:
Signaalvolume wijzigen
Tip hiervoor op het bedieningspaneel of totdat de gewenste instelwaarde voor het volume van de instructiesignalen verschijnt:
Instelwaarden: 0 uit
1 Zacht
2 gemiddeld
3 Luid
4 Zeer luid
Instelmodus afronden of:
Tip weer op . De indicatie voor de bedieningssignalen en het vooringestelde volume gaan branden.
Pagina 34
nl Sensoren
Met tippen op of de instelwaarde (zoals hierboven) wijzigen.
Instelmodus afronden of:
Helderheid van het touchdisplay wijzigen
Tip weer op . De indicaties voor de helderheid van het Touch-Displays en de vooringestelde helderheid gaan branden.
Met tippen op of de instelwaarde wijzigen:
Instelwaarden: 1 minder licht 2 normaal licht 3 licht
4 zeer licht
Instelmodus afronden of:
Herinneringsfunctie voor trommelverzorging in-/ uitschakelen
Tip weer op . De indicatie voor de herinneringsfunctie voor de trommelreiniging brandt.
Door tippen op of de herinneringsfunctie aan (on)- of uitschakelen (oFF).
Instelmodus afsluiten
Voor het beëindigen en opslaan van de instellingen:
- ca. 15 minuten wachten of
- tip nog een laatste keer op of
- Apparaat uitschakelen. De gekozen instellingen zijn actief bij de volgende keer inschakelen.
Sensoren
Beladingsautomaat
Afhankelijk van het soort textiel en de belading past de beladingsautomaat het waterverbruik optimaal aan elk programma aan.
Onbalans-controlesysteem
Het automatische onbalanscontrolesysteem herkent onbalans en zorgt door meermaals aanloopcentrifugeren voor een gelijkmatige verdeling van het wasgoed.
Bij een zeer ongunstige verdeling van het wasgoed wordt om veiligheidsredenen het toerental verlaagd of wordt er niet gecentrifugeerd.
Aanwijzing: Kleine en grote stukken wasgoed in de trommel doen.
- Blz. 39
VoltCheck
afhankelijk van model
De dubbele punt van het Klaar in-tijddisplay:
- knippert, wanneer er momenteel sprake is van een spanningsonderschrijding.
- pulseert, wanneer er tijdens het programma een spanningsonderschrijding werd gedetecteerd.
Aanwijzing:
Spanningsonderschrijdingen kunnen bijv. tot programmaverlenging en / of een niet bevredigend centrifugeerresultaat leiden.
Pagina 35
Reinigen en onderhouden nl
2 Reinigen en onderhouden
Waarschuwing
Levensgevaar!
Bij contact met onderdelen die onder spanning staan bestaat het risico van een elektrische schok.
Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact.
Waarschuwing
Kans op vergiftiging!
Door oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen zoals wasbenzine kunnen giftige dampen ontstaan. Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.
Attentie!
Schade aan het apparaat
Oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen, zoals bijv.
wasbenzine, kunnen oppervlakken en onderdelen van het apparaat aantasten. Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.
Zo voorkomt u biofilmvorming en geuroverlast:
Aanwijzingen
- Zorg voor een goede ventilatie van de ruimte waarin de wasautomaat is geplaatst.
- Laat de vuldeur en de wasmiddellade iets open staan wanneer de wasautomaat niet gebruikt wordt.
- Was af en toe met een Katoen 60 °C-programma, gebruik makend van een poederwasmiddel voor hoofdwas.
Buitenkant van het apparaat/ Bedieningspaneel
- Neem de behuizing en het bedieningspaneel af met een zachte, vochtige doek.
- Wasmiddelresten onmiddellijk verwijderen.
- Reinigen met een waterstraal verboden.
Wastrommel
Gebruik een chloorvrij reinigingsmiddel, geen staalwol.
Bij geurvorming in de wasmachine, resp. om de trommel te reinigen, het programma Trommelreiniging 90 °C zonder wasgoed draaien. Gebruik daarbij een poederwasmiddel.
Ontkalken
Bij een correcte dosering van het wasmiddel is ontkalken niet nodig. Indien toch: te werk gaan volgens de opgaven van de fabrikant van het ontkalkingsmiddel. Geschikte ontkalkingsmiddelen zijn verkrijgbaar via onze website of via de klantenservice. Blz. 41
Afvoerpomp verstopt, noodlediging
Waarschuwing
Risico van verbranding!
Zeepsop wordt heet bij het wassen op hoge temperaturen. Door contact met heet zeepsop kunnen brandwonden ontstaan.
Laat het zeepsop afkoelen.
- 1. De waterkraan dichtdraaien, zodat er geen water meer toestroomt dat via de afvoerpomp afgevoerd moet worden.
Pagina 36
nl Reinigen en onderhouden
- 2. Apparaat uitschakelen. Stekker uit de wandcontactdoos nemen.
- 3. Onderhoudsklep openen en eraf halen.
- 4. Aftapslang uit de houder halen. Stopje verwijderen, zeepsop in een geschikte opvangbak laten stromen. Stopje erin drukken en aftapslang in de houder plaatsen.
- 5. Pompdeksel voorzichtig losschroeven, er kan restwater uit lopen.
Binnenruimte, schroefdraad van het pompdeksel en pomphuis reinigen. De waaier van de pomp moet gedraaid kunnen worden.
Pompdeksel weer plaatsen en vastschroeven. De handgreep moet verticaal staan.
- 6. Serviceklep plaatsen, inklikken en sluiten.
Aanwijzing: Om te voorkomen dat bij de volgende wasbeurt wasmiddel ongebruikt in de afvoer wegstroomt giet u 1 liter water in het linker compartiment en start u programma Afpompen.
Afvoerslang aan de sifon verstopt
| 1. Apparaat de wandcontactdoos | uitschakelen. | Stekker nemen. | uit | ||||||
| 2. Slangenklem er voorzichtig | losmaken. aftrekken, | Afvoerslang er | kan | ||||||
| resterend 3. Afvoerslang sifon | schoonmaken. | water | en | uit aansluitstuk | lopen. | van | de |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
- 4. Afvoerslang weer erop plaatsen en de aansluiting met een slangklem vastzetten.
Zeef in de watertoevoer verstopt.
- 1. Waterdruk in de toevoerslang verminderen:
- a) Kraan dichtdraaien.
- b) Willekeurig programma kiezen (behalve Spoelen/Centrifugeren/ Afpompen/Afpompen).
- c) Programma starten en ca. 40 seconden laten lopen.
- d) Apparaat uitschakelen.
- e) Stekker uit het stopcontact halen.
Pagina 37
Storingen, wat te doen? nl
- 2. Zeef reinigen:
- a) Slang loskoppelen van de kraan. Zeef met een borsteltje reinigen.
3 Storingen, wat te doen?
Noodontgrendeling
- b) Bij de modellen Standard en Aqua-Secure de zeef aan de achterkant van het apparaat reinigen:
Slang aan de achterkant van het apparaat eraf halen, Zeef met een tang eruit halen en schoonmaken.
- c) Slang weer aansluiten en op dichtheid controleren.
bijv. bij een stroomstoring.
Het programma wordt hervat als er weer stroom is.
Als het wasgoed toch uit de trommel gehaald moet worden, dan kan de vuldeur geopend worden zoals hierna beschreven:
Waarschuwing
Risico van verbranding!
Bij het wassen met hoge temperaturen kunnen er bij aanraking met heet zeepsop en wasgoed brandwonden ontstaan. Eventueel eerst laten afkoelen.
Waarschuwing
Gevaar voor letsel!
Wanneer u met uw handen in de draaiende trommel komt, kunt u letsel oplopen.
Niet met uw handen in de draaiende trommel komen.
Wacht tot de trommel niet meer draait.
Attentie!
Waterschade
Wegstromend water kan tot waterschade leiden.
De vuldeur niet openen zolang er water achter het glas te zien is.
- 1. Apparaat uitschakelen. Stekker uit de wandcontactdoos nemen.
- 2. Zeepsop laten weglopen. Blz. 35
- 3. Noodontgrendeling met een tang of iets dergelijks naar beneden trekken en loslaten.
Hierna kan de vuldeur geopend worden.