Bosch WAU28S01NL, tekst van de handleiding
Pagina's 6–42 van 72 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–5verder op pagina 43 →
Pagina 6
nl Veiligheid
- Als het netsnoer te kort is, contact opnemen met de servicedienst.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters gebruiken.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.
- Het apparaat niet alleen optillen.
Als dit apparaat op ondeskundige wijze in een was-droogzuil wordt opgesteld, kan het opgestelde apparaat naar beneden vallen.
- De droger uitsluitend met de verbindingset van de drogerfabrikant op een wasmachine stapelen Een andere plaatsingsmethode is niet toegestaan.
- Het apparaat niet in een was-droogzuil opstellen als de drogerfabrikant geen passende verbindingsset aanbiedt.
- Geen apparaten van verschillende fabrikanten en met verschillende diepte en breedte in een was-droogzuil opstellen.
- Geen was-droogzuil op een platform opstellen, de apparaten kunnen kantelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
VOORZICHTIG ‒ Kans op letsel!
Het apparaat kan tijdens het bedrijf trillen of bewegen.
- Het apparaat op een schone, vlakke en stevige ondergrond opstellen.
- Het apparaat middels de apparaatvoeten en een waterpas horizontaal stellen.
Bij ondeskundig gelegde slangen en netaansluitleidingen bestaat er struikelgevaar.
- De slangen en aansluitkabels zodanig leggen dat men er niet over kan struikelen.
Pagina 7
Veiligheid nl
Wanneer het apparaat aan uitstekende onderdelen wordt verplaatst, zoals bijvoorbeeld de vuldeur, dan kunnen de onderdelen afbreken.
- Het apparaat niet aan uitstekende onderdelen verplaatsen.
VOORZICHTIG ‒ Kans op snijden!
Scherpe randen aan het apparaat kunnen bij aanrakingen tot snijwonden leiden.
- Het apparaat niet aan scherpe randen aanraken.
- Veiligheidshandschoenen gebruiken bij installatie en transport van het apparaat.
1.5 Veiliger gebruik
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen en de kraan sluiten.
- Contact opnemen met de servicedienst. → Pagina 66
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
- Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid.
- Geen stoomreiniger, hogedrukreiniger, slangen of sproeiers gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.
- Het apparaat niet opstellen achter een deur die het openen van de apparaatdeur blokkeert of verhindert.
Pagina 8
nl Veiligheid
- Bij afgedankte apparaten de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen, daarna het netsnoer doorknippen en het slot van de apparaatdeur dusdanig beschadigen, dat de apparaatdeur niet langer sluit.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!
Was- en verzorgingsmiddelen kunnen bij inname tot vergiftigingen leiden.
- Bij per ongeluk inslikken een arts raadplegen.
- Was- en verzorgingsmiddelen buiten bereik van kinderen bewaren.
WAARSCHUWING ‒ Kans op explosie!
Wanneer wasgoed met oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen werd voorbehandeld, kan dit in het apparaat tot een explosie leiden.
- Voorbehandeld wasgoed voor het wassen grondig met water spoelen.
VOORZICHTIG ‒ Kans op letsel!
Bij het op het apparaat klimmen of klauteren kan de afdekplaat breken.
- Niet op het apparaat klimmen of klauteren.
Bij het zitten of leunen op de geopende deur kan het apparaat kantelen.
- Niet op de apparaatdeur zitten of leunen.
- Geen voorwerpen op de apparaatdeur plaatsen.
Grijpen in de draaiende trommel kan tot letsel aan de handen leiden.
- Wacht tot de trommel volledig stil staat voordat u met uw hand in de trommel grijpt.
Pagina 9
Veiligheid nl
VOORZICHTIG ‒ Kans op brandwonden!
Het glas van de apparaat deur wordt heet bij het wassen met hoge temperaturen.
- Raak de hete apparaatdeur niet aan.
- Houd kinderen uit de buurt van de hete apparaatdeur.
VOORZICHTIG ‒ Kans op brandwonden!
Het sop wordt heet bij het wassen met hoge temperaturen.
- Raak het hete sop niet aan.
VOORZICHTIG ‒ Kans op chemische brandwonden!
Bij het openen van de wasmiddellade kunnen wasmiddel en verzorgingsmiddel uit het apparaat spatten. Contact met ogen of huid kan tot irritaties leiden.
- Bij contact met wasmiddelen of verzorgingsmiddelen de ogen of de huid grondig spoelen met schoon water.
- Bij per ongeluk inslikken een arts raadplegen.
- Was- en verzorgingsmiddelen buiten bereik van kinderen bewaren.
1.6 Veilige reiniging en onderhoud
Neem de veiligheidsvoorschriften in acht bij het reinigen en onderhouden van het apparaat.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon. Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger, hogedrukreiniger, slangen of sproeiers gebruiken om het apparaat te reinigen.
Pagina 10
nl Veiligheid
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Het gebruiken van niet originele reserveonderdelen en niet originele accessoires is gevaarlijk.
- Gebruik uitsluitend originele reserve-onderdelen en originele accessoires van de fabrikant.
WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!
Bij het gebruik van oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen kunnen giftige dampen ontstaan.
- Geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
Pagina 11
2 Materiële schade vermijden
Houd deze aanwijzing aan om materiële schade en schade aan het apparaat te vermijden.
LET OP!
Een verkeerde dosering van wasverzachters, wasmiddelen, verzorgingsmiddelen en reinigingsmiddelen kan de werking van het apparaat beïnvloeden.
- De doseeraanbevelingen van de fabrikant aanhouden.
Het overschrijden van de maximale beladingshoeveelheid heeft invloed op de werking van het apparaat.
- De maximale beladingshoeveelheid voor elk programma aanhouden en niet overschrijden.
→ "Programma's", Pagina 26
Het apparaat is voor transport met transportbeveiligingen geborgd. Niet verwijderde transportbeveiligingen kunnen leiden tot materiële schade en schade aan het apparaat.
- Voor inbedrijfstelling alle transportbeveiligingen volledig verwijderen en bewaren.
- Voor elk transport alle transportbeveiligingen volledig inbouwen, om transportschade te vermijden. De ondeskundige aansluiting van de watertoevoerslang kan tot materiële schade leiden.
- De schroefverbindingen aan de watertoevoer handvast aantrekken.
- De watertoevoerslang het best direct zonder bijkomende verbindingselementen, zoals adapter, verlengstuk, ventiel of dergelijke op de waterkraan aansluiten.
- Erop letten dat de binnendiameter van de waterkraan minstens 17 mm bedraagt.
Materiële schade vermijden nl
- Erop letten dat de lengte van de schroefdraad aan de aansluiting naar de waterkraan minstens 10 mm bedraagt.
Een te lage of te hoge waterdruk kan de apparaatfunctie hinderen.
- Zorg ervoor dat de waterdruk op de watertoevoerinstallatie tenminste 100 kPa (1 bar) en maximaal 1000 kPa (10 bar) is.
- Wanneer de waterdruk de aangegeven maximale waarde overschrijdt, dan moet een reduceerventiel tussen de drinkwateraansluiting en de slangenset van het apparaat worden geïnstalleerd.
- Het apparaat niet op de mengkraan van een drukloze geiser of boiler aansluiten.
Gewijzigde of beschadigde waterslangen kunnen tot materiële schade en schade aan het apparaat leiden.
- Nooit waterslangen knikken, knellen, wijzigen of doorsnijden.
- Alleen meegeleverde waterslangen of originele reserveslangen gebruiken.
- Nooit gebruikte waterslangen hergebruiken.
Het gebruik van het apparaat met vervuild of te heet water kan materiële schade veroorzaken.
- Het apparat uitsluitend met koud leidingwater gebruiken.
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken.
- Het apparaat uitsluitend reinigen met water en een zachte, vochtige doek.
Pagina 12
nl Milieubescherming en besparing
- Bij contact met het apparaat direct alle wasmiddelresten, sproeinevel-resten of restanten verwijderen.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
3.2 Zuinig met energie en hulpbronnen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom en water.
Programma's met lage temperaturen en langere wastijden gebruiken en de maximale beladingscapaciteit → Pagina 26 gebruiken.
- Het energieverbruik en het waterverbruik zijn het efficiëntst.
Zuinige programma-instelling gebruiken.
- Wanneer u de programma-instellingen voor een programma aanpast, dan toont het display het te verwachten verbruik.
Wasmiddel overeenkomstig de mate van verontreiniging van het wasgoed doseren → Pagina 38.
- Voor een lichte tot normale mate van verontreiniging is een geringe hoeveelheid wasmiddel voldoende. Houd het doseeradvies van de fabrikant van het wasmiddel aan.
12
Wastemperatuur bij licht en normaal verontreinigd wasgoed reduceren.
- Bij lage temperaturen verbruikt het apparaat weinig energie. Voor een lichte tot normale verontreiniging zijn ook lagere temperaturen dan op het verzorgingslabel vermeld afdoende.
Maximaal toerental instellen, wanneer het wasgoed aansluitend in de wasdroger gedroogd moet worden.
- Droger wasgoed verkort de programmaduur bij het drogen en verlaagt het energieverbruik. Met een hoger centrifugetoerental vermindert de restvochtigheid in de was en het volume van het centrifugeren verhoogt.
Wasgoed zonder voorwas wassen.
- Het wassen met voorwas verlengt de programmaduur en verhoogt het energie- en waterverbruik.
Het apparaat beschikt over een beladingsautomaat.
- De beladingsautomaat past het waterverbruik en de programmaduur optimaal aan de textielsoort en de beladingscapaciteit aan.
Het apparaat beschikt over een aquasensor.
- De aquasensor controleert tijdens het spoelen de troebelheid van het spoelwater en past de duur en het aantal spoelcycli overeenkomstig aan.
Pagina 13
3.3 Energiebesparingsmodus
Wanneer u het apparaat langere tijd niet bediend, dan schakelt het apparaat automatisch naar de energiebe-spaarstand. Alle aanwijzingen verdwijnen en Start/Bijvullen knippert. De energiebespaarmodus wordt afgesloten, wanneer u het apparaat opnieuw bedient, bijv. de deur opent of sluit.
4 Opstellen en aansluiten
4.1 Apparaat uitpakken
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
Opstellen en aansluiten nl
LET OP!
Voorwerpen die in de trommel achterblijven, en die niet voor het gebruik van het apparaat bedoeld zijn, kunnen tot materiële- en apparaatschade leiden.
- Voor gebruik alle deze voorwerpen en de meegeleverde accessoires uit de trommel verwijderen.
- 1. Verpakkingsmateriaal en bescherming volledig van het apparaat verwijderen.
Voor de milieuvriendelijke afvoer van het verpakkingsmateriaal dient u de informatie over het onderwerp → "Afvoeren van de verpakking", Pagina 12 in acht te nemen.
- 2. Controleer het apparaat op zichtbare beschadigingen.
- 3. De deur openen.
→ "De Bediening in essentie", Pagina 39
- 4. De accessoires uit de trommel verwijderen.
- 5. De deur sluiten.
Pagina 14
nl Opstellen en aansluiten
4.2 Inhoud van de verpakking
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
| 1 | |
| 1 | Wasmachine |
| 2 | Begeleidende documenten |
| 3 | Watertoevoerslang |
| 4 | Afdekkapjes |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
4.3 Vereisten ten aanzien van de opstelplaats
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
14
4
- 2 3
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Het apparaat bevat spanningsvoerende delen. Het aanraken van spanningsvoerende delen is gevaarlijk.
- Gebruik het apparaat niet zonder afdekplaat.
WAARSCHUWING
Kans op letsel!
Bij gebruik op een sokkel kan het apparaat kantelen.
- De apparaatvoeten voor inbedrijfstelling op een sokkel absoluut met de bevestigingen → Pagina 34 van de fabrikant bevestigen.
Pagina 15
LET OP!
Wanneer het apparaat in vorstgevaarlijke zones of buiten wordt opgesteld, dan kan bevroren restwater het apparaat beschadigen en bevroren slangen kunnen scheuren of barsten.
- Het apparaat niet op vorstgevoelige plaatsen of buiten plaatsen en gebruiken.
Het apparaat werd voor het verlaten van de fabriek aan een functietest onderworpen en kan restwater bevatten. Dit restwater kan lekken als het apparaat meer dan 40° wordt gekanteld.
- Het apparaat voorzichtig kantelen.
| Opstelplaats | Eisen |
|---|---|
| Op een sokkel | Het apparaat met borglippen → Pagina 34 bevestigen. |
| Op een vloer met houten balken | Het apparaat op een waterbestendige houten plaat plaatsen, welke vast met vloer is geschroefd. De houten plaat moet minimaal 30 mm dik zijn. |
| In een keuken | • Een nisbreedte van 60 cm is noodzakelijk. • Het apparaat alleen onder een doorlopend werkblad plaats, welke vast met de naastliggende kast is verbonden. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
Opstellen en aansluiten nl
| Opstelplaats | Eisen |
|---|---|
| Aan een wand | Geen slangen tussen wand en apparaat inklemmen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
4.4 Transportbeveiligingen verwijderen
Het apparaat is voor transport met transportbeveiligingen aan de achterzijde van het apparaat geborgd.
Opmerkingen
- Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- Bewaar de transportbeveiligingen, de bouten en hulzen voor een toekomstig transport → Pagina 64.
- 1. De slangen uit de houders trekken.
Pagina 16
nl Opstellen en aansluiten
- 2. Alle bouten van de 4 transportbeveiligingen met een steeksleutel SW13 losmaken en verwijderen .
- 3. De netaansluitkabel uit de houder trekken.
- 4. De 4 hulzen verwijderen.
- 5. De 4 afdekkappen plaatsen.
- 6. De 4 afdekkappen naar beneden duwen.
4.5 Apparaat aansluiten
Watertoevoerslang aansluiten
Opmerking
- Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
Pagina 17
- 1. De watertoevoerslang op het apparaat aansluiten.
- 2. De watertoevoerslang op de kraan (26,4 mm = 3/4") aansluiten.
¾˝
min.
- 3. De kraan voorzichtig openen en controleren of de aansluitingen dicht zijn.
Aansluitsoorten waterafvoer
De informatie helpt u dit apparaat op de waterafvoer aan te sluiten.
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
LET OP!
Bij het afpompen staat de waterafvoerslang onder druk en kan van de geïnstalleerde aansluitpositie losraken.
- De waterafvoerslang tegen onbedoeld losraken borgen.
Opstellen en aansluiten nl
Opmerking: Neem de afpomphoog-
| tes in acht. De maximale afpomphoogte bedraagt 100 cm. | |
| Afvoer in een sifon | De aansluitpositie met een slangklem (24-40 mm) borgen. |
| Afvoer in een wastafel | De waterafvoerslang met een bochtstuk → Pagina 34 bevestigen en borgen. |
| Afvoer in en kunststof standpijp met rubberen mof of in een afvoerputje. | De waterafvoerslang met een bochtstuk → Pagina 34 bevestigen en borgen. |
| 4.6 Stellen van | het apparaat |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
Om geluiden en trillingen te reduceren en het wandelen van het apparaat te vermijden, stelt u het apparaat horizontaal.
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
Pagina 18
nl Opstellen en aansluiten
- 1. De contramoeren met een steeksleutel SW17 losdraaien.
- 2. Om het apparaat te stellen, aan de apparaatvoetjes draaien. De horizontale afstelling van het apparaat met waterpas controleren.
Alle apparaatvoeten moeten stevig op de grond staan.
- 3. De contramoeren met een steeksleutel SW17 handvast tegen de behuizing aantrekken.
Het apparaatvoetje daarbij vasthouden en niet in de hoogte verstellen.
4.7 Apparaat elektrisch aansluiten
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- 1. De netstekker van het aansluitsnoer van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.
De aansluitgegevens van het apparaat vindt u in de technische gegevens → Pagina 68.
- 2. De netstekker op vastheid controleren.
Pagina 19
Uw apparaat leren kennen nl
5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
5
Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.
7 Transportbeveiligingen → Pagina 15
| 1 | Serviceklep en pomp → Pagina 48 |
| 2 | Deur |
| 3 | Wasmiddellade → Pagina 20 |
| 4 | Bedieningselementen → Pagina 20 |
| 5 | Waterafvoerslang → Pagina 17 |
| 6 | Netaansluitkabel → Pagina 18 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
19
Pagina 20
nl Uw apparaat leren kennen
5.2 Wasmiddellade
| 1 | Compartiment voor handmatige dosering |
|---|---|
| 2 | : doseerreservoir voor wasverzachter |
| 3 | : Doseerreservoir voor wasmiddel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
5.3 Bedieningselementen
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
| 1 | Programma's → Pagina 26 |
|---|---|
| 2 | Programmakiezer → Pagina 39 |
| 3 | Display → Pagina 21 |
| 4 | Knoppen → Pagina 24 |
Pagina 21
Display nl
6 Display
Op het display ziet u de actuele instelwaarden, keuzemogelijkheden of aanwijzingsteksten.
| Indicatie | Benaming | Beschrijving |
|---|---|---|
| 0:40 ¹ | Programmaduur / resterende tijd van het programma | Ongevere verwachte programmaduur of resterende tijd van het programma. |
| 8 kg ¹ | Aanbevolen lading | Maximale beladingshoeveelheid voor het ingestelde programma in kg. |
| - - - - - 1400 | Centrifugetoerental | Ingestelde centrifugetoerental in omw/min. → "Toetsen", Pagina 25 0: zonder eindcentrifugeren, alleen afpompen - - - -: Spoelstop, zonder afpompen |
| - 90 | Temperatuur | Ingestelde temperatuur in °C. → "Toetsen", Pagina 24 (koud) |
| Start / Pauze | Starten, annuleren of pauzeren brandt: het programma draait en kan worden afgebroken of gepauzeerd. knippert: het programma kan worden gestart of hervat. | |
| Wassen | Programmastatus | |
| 1 Voorbeeld | Spoelen | Programmastatus |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
21
Pagina 22
nl Display
| Indicatie | Benaming | Beschrijving |
|---|---|---|
| Centrifugeren | Programmastatus | |
| - - - - | Spoelstop | Programmastatus |
| End | Programma-einde | Programmastatus |
| Kinderslot | brandt: het kinderslot is geactiveerd. knippert: het kinderslot is geactiveerd en het apparaat werd bediend. → "Kinderslot deactiveren", Pagina 42 | |
| Voorwas | De voorwas is geactiveerd. → "Toetsen", Pagina 25 | |
| speedPerfect | Wassen in kortere tijd is geactiveerd. → "Toetsen", Pagina 24 | |
| 1 | Energieverbruik | Energieverbruik voor het ingestelde programma. : laag energieverbruik : hoog energieverbruik |
| Herinnering trommelreiniging | knippert: trommel verontreinigd. Voer het programma Trommel reinigen voor de reiniging en het onderhoud van de trommel en van het loogreservoir uit. → "Trommel reinigen", Pagina 46 | |
| Doseerbakje voor vloeibaar wasmiddel | brandt: het intelligente doseersysteem voor vloeibaar wasmiddel is geactiveerd. knippert: het minimale vulpeil van het doseerbakje is onderschreden. → "Intelligent doseersysteem", Pagina 42 (Vloeibaar wasmiddel) | |
| Doseerreservoir voor wasverzachter. | • Brandt: het intelligente doseersysteem voor wasverzachter is geactiveerd. • Knippert: het minimale vulpeil van het doseerbakje is onderschreden. → "Intelligent doseersysteem", Pagina 42 (wasverzachter) | |
| 50 ml ¹ 1 Voorbeeld | Basisdoseerhoeveelheid | Basisdoseerhoeveelheid voor het wasmiddel of de wasverzachter. → "Basisdoseerhoeveelheid", Pagina 43 |
Pagina 23
Display nl
| Indicatie | Benaming | Beschrijving |
|---|---|---|
| Spanningscontrolesysteem | Knippert: het automatische spanningscontrolesysteem herkent ontoelaatbare onderschrijden van de spanning. Het programma pauzeert. Opmerking: Het programma wordt voortgezet als de spanning opnieuw toegestaan is. | |
| Spanningscontrolesysteem | Knippert: het programma werd op basis van niet toegestane spanningsonderschrijdingen gepauzeerd. De spanning is opnieuw toegestaan en het programma wordt voortgezet. Opmerking: De programmaduur wordt verlengd. | |
| Deur | brandt: de deur is vergrendeld en kan niet worden geopend. knippert: de deur is niet gesloten. uit: de deur is ontgrendeld en kan worden geopend. | |
| Kraan | • Geen waterdruk. • De waterdruk is te laag. | |
| Wasmiddellade | De wasmiddellade is niet volledig ingeschoven. | |
| E:35 / -10 ¹ 1 Voorbeeld | Fout | Foutcode, foutindicatie, signaal. |
Pagina 24
nl Toetsen
7 Toetsen
De selectie van de programma-instellingen is afhankelijk van het ingestelde programma. De selectiemogelijkheden voor elk programma ziet u in het overzicht voor → "Programma's", Pagina 26.
| Knop | Keuze | Beschrijving |
|---|---|---|
| Start/Bijvullen | starten annuleren pauzeren | Programma starten, annuleren of pauzeren. |
| SpeedPerfect | activeren • Deactiveren | Wassen met verkorte tijdsduur activeren of deactiveren. Opmerking: Het energieverbruik wordt hoger. Het wasresultaat wordt daardoor niet beïnvloed. |
| i-DOS | activeren deactiveren • Basisdoseerhoeveelheid | Wanneer u de toets kort indrukt, activeert of deactiveert u het intelligente doseersysteem voor wasverzachter of vloeibaar wasmiddel . Wanneer u de toets ca. 3 seconden indrukt, kunt u de basisdoseerhoeveelheid instellen. → "Intelligent doseersysteem", Pagina 42 |
| Klaar in | 1 - 24 uur | Het programma-einde vastleggen. De programmaduur is reeds in het ingestelde aantal uren inbegrepen. Na de start van het programma wordt de programmaduur weergegeven. Opmerking: Gebruik de toets om de basisdoseerhoeveelheid in te stellen. → "Basisdoseerhoeveelheid aanpassen", Pagina 43 |
| Temp. °C | - 90 °C | De temperatuur in °C aanpassen. |
Pagina 25
Toetsen nl
| Knop | Keuze | Beschrijving |
|---|---|---|
| (Centrifugeren) | - - - - - 1400 | Het centrifugetoerental aanpassen of - - - - (spoelstop) activeren. Met de selectie - - - - wordt het water aan het einde van de wascyclus niet afgepompt en het centrifugeren gedeactiveerd. Het wasgoed blijft in het spoelwater liggen. Opmerking: Gebruik de toets om de basisdoseerhoeveelheid in te stellen. → "Basisdoseerhoeveelheid aanpassen", Pagina 43 |
| 3 sec. (Kinderbeveiliging 3 sec.) | activeren deactiveren | Het kinderslot activeren of deactiveren. De bedieningspanelen tegen per ongeluk bedienen beveiligen. Werd het kinderslot geactiveerd en het apparaat uitgeschakeld, dan blijft het kinderslot geactiveerd. → "Kinderslot", Pagina 42 |
| Voorwas | activeren deactiveren | Voorwas activeren of deactiveren, bijv. voor het wassen van sterk verontreinigd wasgoed. Opmerking: Wanneer het intelligente doseersysteem is geactiveerd, dan wordt het wasmiddel automatisch voor de voorwas en de hoofdwas gedoseerd. Wanneer het intelligente doseersysteem is gedeactiveerd, doe dan het wasmiddel voor de voorwas direct in de trommel. |
Pagina's 26–33: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 34
nl Accessoires
9 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.
| Gebruik | Bestelnummer | |
|---|---|---|
| Verlenging watertoevoerslang | Koudwater- of Aquastopwatertoevoerslang verlengen (2,50 m). | WMZ2381 |
| Bevestigingsbeugels | Stevige stand van het apparaat verbeteren. | WMZ2200 |
| Langere watertoevoerslang | Standaard watertoevoerslang dor een langere slang (2,20 m) vervangen. | 00353925 |
| Bochtstuk | Waterafvoerslang fixeren. | 00655300 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
10 Voor het eerste gebruik
Bereid het apparaat voor voor het gebruik.
- 1. De programmakiezer op Trommel reinigen zetten.
10.1 Wascyclus zonder wasgoed starten
| Uw apparaat werd voor het verlaten van de fabriek grondig gecontroleerd. Om eventueel restwater te verwijderen, wast u de eerste keer zon- | ||
| der wasgoed. | 2. | De deur sluiten. |
| Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken. | 3. | De wasmiddellade uittrekken. |
Pagina 35
- 4. Ca. 1 liter leidingwater in het compartiment voor de handmatige dosering gieten.
- 5. Het poederwasmiddel in het compartiment voor de handmatige dosering doen.
Wasgoed nl
- 6. De wasmiddellade erin schuiven.
- 7. Druk op Start/Bijvullen om het programma te starten.
- Het display toont de resterende programmaduur.
- Na het programma-einde toont het display: End.
- 8. De eerste wascyclus starten of de programmakiezer op Uit zetten, om het apparaat uit te schakelen. → "De Bediening in essentie", Pagina 39
11 Wasgoed
Gebruik om schuimvorming te vermijden, slechts de helft van de door de wasmiddelfabrikant aanbevolen hoeveelheid voor lichte verontreiniging. Gebruik geen wol- of fijnwasmiddel.
11.1 Wasgoed voorbereiden
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
LET OP!
In het wasgoed achtergebleven voorwerpen kunnen het wasgoed en de trommel beschadigen.
- Voor gebruik alle voorwerpen uit de zakken van het wasgoed verwijderen.
- Om uw apparaat en het wasgoed te beschermen, bereidt u het wasgoed voor.
Pagina 36
nl Wasgoed
- Zakken leegmaken
- Zand uit alle omslagen en zakken borstelen
- Dekbedhoezen en kussenovertrekken sluiten
- Ritssluitingen, klittenbandsluitingen, haken en ogen sluiten
- Stoffen riemen, schortbanden enz. samenbinden, of een waszak gebruiken
- Gordijnrollers en loodveters verwijderen of een wasnetje gebruiken
- voor kleine stukken wasgoed, bijv. kindersokken een wasnetje gebruiken
- sommige hardnekkige, ingedroogde vlekken kunnen door meerdere malen wassen worden verwijderd
- grote en kleine stukken wasgoed door elkaar wassen
- verse vlekken niet inwrijven, maar met zeepsop afdeppen
- Was uit elkaar vouwen en los maken
11.2 Wasgoed sorteren
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- Om het wasresultaat te verbeteren en verkleuringen te vermijden, sorteert u het wasgoed voor het wassen overeenkomstig de volgende criteria.
- Soort weefsel/vezels
Wasgoed van gelijke weefsel- en vezelsoort bijelkaar wassen.
- Verzorgingsaanwijzingen op de verzorgingslabels → Pagina 37
- Beschrijving van de programma's → Pagina 26
- witte was
- bonte was
Was nieuwe bonte was de eerste keer gescheiden van ander wasgoed.
11.3 Mate van verontreiniging
| Mate van vervuiling | Verontreiniging | Voorbeelden |
|---|---|---|
| licht | geen verontreinigingen of vlekken zichtbaar • Wasgoed heeft geuren aangenomen | lichte zomerkleding of sportkelding, die slechts enkele uren is gedragen |
| normaal | Verontreinigingen of lichte vlekken zijn zichtbaar | • T-shirts, overhemden of blouses zijn doorzweet, of werden meerdere malen gedragen • Handdoeken of beddengoed, welke tot één week is gebruikt |
| sterk | Verontreinigingen of vlekken zijn duidelijk zichtbaar | Theedoeken, babywas of werkkleding |
Pagina 37
Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel nl
11.4 Verzorgingsaanwijzingen op verzorgingslabels
Verzorgingsaanwijzingen wassen
| Symbool | Wasproces | Aanbevolen programma |
|---|---|---|
| normaal | Katoen | |
| voorzichtig | Kreukherst. | |
| zeer voorzichtig | Fijn / zijde voor handwas | |
| Handwas | Wol | |
| niet in de wasmachine wasbaar | – |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
12 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
Informatie van de fabrikant over gebruik en dosering vindt u op de verpakking.
Opmerkingen bij vloeibare wasmiddelen uitsluitend zelf stromende vloeibare wasmiddelen gebruiken
verschillende vloeibare wasmiddelen niet mengen wasmiddel en wasverzachter niet mengen
- Geen te lang bewaarde en sterk ingedikte producten gebruiken. geen oplosmiddelhoudende, bijtende of desinfecterende middelen, bijv. bleekwater, gebruiken
- Verfstoffen met mate gebruiken, zout kan RVS aantasten geen ontkleuringsmiddel in het apparaat gebruiken geen azijn gebruiken om te wassen
12.1 Wasmiddelaanbeveling
| Wasmiddel | Textiel | Programma | Temperatuur |
|---|---|---|---|
| Compleet wasmiddel met optische witmakers | kookbestendig wit textiel van linnen of katoen | Katoen | van koud tot 90°C |
| Bontwasmiddel zonder bleekmiddel en optische witmakers | Bont wasgoed van linnen of katoen | Katoen | van koud tot 60°C |
Pagina 38
nl Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel
| Wasmiddel | Textiel | Programma | Temperatuur |
|---|---|---|---|
| Bont/fijnwasmiddel zonder optisch witmiddel | Bont wasgoed van kreukherstellende vezels of synthetische vezels | Kreukherst. | van koud tot 60°C |
| Fijnwasmiddel | Gevoelig fijn textiel van zijde of viscose | Fijne was/ zijde | van koud tot 40°C |
| Wolwasmiddel | Wol | Wol | van koud tot 40°C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
Tip: Op www.cleanright.eu vindt u een veelvoud aan verdere informatie omtrent wasmiddelen, verzorgingsmiddelen en reinigingsmiddelen voor huishoudelijk gebruik.
12.2 Wasmiddeldosering
De dosering van het wasmiddel is gebaseerd op:
- De hoeveelheid wasgoed
- Mate van vervuiling
- Waterhardheid
U kunt de waterhardheid opvragen bij uw plaatselijke waterbedrijf of vaststellen met een waterhardheidtester.
Waterhardheid
| Hardheidbereik Totale hardheid in mmol/l | Duitse hardheid in °dH | |
|---|---|---|
| zacht (I) 0 - 1,5 | 0 - 8,4 | |
| gemiddeld (II) 1,5 - 2,5 | 8,4 - 14 | |
| hard (III) hoger dan 2,5 | hoger dan | 14 |
| Voorbeeld van fabrikantinformatie voor wasmiddel Deze voorbeeldwaarden hebben betrekking op een standaardbelading van 4 - 5 kg. | ||
| Verontreiniging licht | normaal | sterk |
| Waterhardheid: zacht / gemid- 40 ml deld | 55 ml | 80 ml |
| Waterhardheid: hard / zeer 55 ml hard | 80 ml | 105 ml |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
De doseerhoeveelheden vindt u op de verpakking van de fabrikant.
38
Pagina 39
- Wanneer u handmatig doseert, past u de doseerhoeveelheid aan de daadwerkelijke beladingshoeveelheid aan.
- Wanneer de intelligente dosering is geactiveerd, past u de doseerhoeveelheid niet aan de daadwerkelijke beladingshoeveelheid aan.
De hoeveelheid wasmiddel en wasverzachter wordt automatisch via de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 43 en de bekende hoeveelheid wasgoed berekend. De ingestelde basisdoseerhoeveelheid moet altijd zijn afgestemd op de doseerhoeveelheid voor een belading van 4,5 kg.
13 De Bediening in essentie
13.1 Apparaat inschakelen
- De programmakiezer op een programma instellen.
- Het apparaat voert een hoorbare functietest in de wasmiddellade uit.
De Bediening in essentie nl
13.2 Programma instellen
- 1. De programmakiezer op het gewenste programma zetten.
→ "Programma's", Pagina 26
- 2. Indien nodig, de programma-instellingen aanpassen → Pagina 39.
13.3 Programma-instellingen aanpassen
Vereiste: Een programma is ingesteld.
→ "Programma instellen", Pagina 39
- De programma-instellingen aanpassen.
→ "Programma's", Pagina 26
Opmerkingen
- De programma-instellingen worden niet permanent voor het programma opgeslagen.
- Wanneer u het intelligente doseersysteem activeert of deactiveert, wordt de instelling opgeslagen.
13.4 Trommel vullen met wasgoed
Opmerkingen
- Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
Pagina 40
nl De Bediening in essentie
- Houd om kreukvorming te voorkomen de maximale belading van de → "Programma's", Pagina 26 in acht nemen.
Vereiste: Het wasgoed is voorbereid en gesorteerd.
→ "Wasgoed", Pagina 35
- 1. De deur openen.
Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- 2. Het wasgoed uit elkaar gevouwen in de trommel doen.
- 3. De deur sluiten.
Zorg ervoor dat er geen kleine stukken wasgoed tussen de deur klem zitten.
13.5 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren
Bij programma's waarbij de intelligente dosering niet mogelijk of gewenst is, kunt u het wasmiddel in het com-patiment voor handmatige dosering doen.
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
Tip: In aanvulling op de intelligente dosering kunt u in het compartiment voor handmatige dosering ook andere wasverzorgingsmiddelen toevoe-
40
gen, zoals vlekkenzout, stijfsel of bleek. Doe geen aanvullend wasmiddel toevoegen in het compartiment voor handmatige dosering om overdosering of schuimvorming te voorkomen.
Vereiste: Informeer uzelf over de optimale dosering voor wasmiddelen en verzorgingsmiddelen. → Pagina 37
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
- 2. Vullen met wasmiddel.
→ "Wasmiddellade", Pagina 20
- 3. Indien gewenst vullen met een verzorgingsmiddel.
- 4. De wasmiddellade erin schuiven.
13.6 Starten van het programma
Opmerking: Wanneer u de tijd tot het programma-einde wilt wijzigen, stel dan eerst de klaar-in tijd in.
- Op Start/Bijvullen drukken.
- De trommel draait en er vindt een beladingsherkenning plaats, welke tot wel 2 minuten kan duren en daarna stroomt het water in het apparaat.
- In het display wordt of de programmaduur of de klaar-in tijd weergegeven.
- Na het programma-einde toont het display: End.
13.7 Klaar-in tijd voor programmastart aanpassen
U kunt de ingestelde klaar-in tijd voor programmastart opnieuw aanpassen.
- 1. Op Start/Bijvullen drukken.
- 2. Op Klaar in drukken tot op het display de gewenste klaar-in tijd wordt weergegeven.
- 3. Op Start/Bijvullen drukken.
Pagina 41
13.8 Wasgoed inweken
Opmerking: Er is geen extra wasmiddel nodig. Het zeepsop wordt aansluitend voor het wassen gebruikt.
- 1. Het programma starten.
- 2. Druk om het programma te pauzeren, na ca. 10 minuten op Start/
Bijvullen.
- 3. Druk om het programma te hervatten na de gewenste inweektijd op
Start/Bijvullen.
13.9 Wasgoed bijvullen
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- 1. Druk op Start/Bijvullen.
Het apparaat pauzeert en controleert of het bijvullen of verwijderen van wasgoed mogelijk is. Let op de programmastatus.
- 2. Wasgoed uitnemen of bijvullen.
- 3. De deur sluiten.
- 4. Druk op Start/Bijvullen.
13.10 Progr. annuleren
Na het starten van het programma kunt u het programma te allen tijde afbreken.
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- 1. Druk op Start/Bijvullen.
- 2. De deur openen.
Bij hoge temperatuur en hoog waterniveau blijft de deur van het apparaat om veiligheidsredenen vergrendeld.
De Bediening in essentie nl
- Start bij hoge temperatuur het programma Spoelen.
- Start bij een hoog waterniveau het programma Centrifugeren of Afpompen.
- 3. Het wasgoed uit het apparaat halen.
13.11 Programma bij spoelstop hervatten
- 1. Stel het programma Centrifugeren of Afpompen in.
- 2. Druk op Start/Bijvullen.
13.12 Wasgoed uitnemen
Opmerking: Neem de informatie over het onderwerp veiligheid → Pagina 4 en materiële schade vermijden → Pagina 11 in acht om uw apparaat veilig te kunnen gebruiken.
- 1. De deur openen.
- 2. Het wasgoed uit het apparaat halen.
Pagina 42
nl Kinderslot
13.13 Apparaat uitschakelen
- 1. De programmakiezer op Uit zetten.
- 2. De waterkraan sluiten.
- 3. De rubbermanchet droog vegen en vreemde voorwerpen verwijderen.
- 4. De deur en wasmiddellade open laten zodat het restwater kan opdrogen.
14 Kinderslot
Beveilig uw apparaat tegen ongewenst bedienen via de bedieningselementen.
14.1 Kinderslot inschakelen
- Beide toetsen 3 sec. ca. 3 seconden indrukken.
- Op het display wordt weergegeven.
42
- De bedieningselementen zijn geblokkeerd.
- Het kinderslot blijft ook na het uitschakelen van het apparaat geactiveerd.
14.2 Kinderslot deactiveren
Vereiste: Om het kinderslot te deactiveren, moet het apparaat zijn ingeschakeld.
- Druk ca. 3 seconden op beide buttons 3 sec..
- In het display dooft .
15 Intelligent doseersysteem
Afhankelijk van het programma en de instellingen worden de optimale hoeveelheden vloeibaar wasmiddel en wasverzachter automatisch gedoseerd.
15.1 Doseerbakje vullen
Opmerking
Om de intelligente dosering te gebruiken, vult u het doseerreservoir.
- Vul de doseerreservoirs uitsluitend met geschikt wasmiddel en verzorgingsmiddel → Pagina 37.
- Wanneer u van vloeibare wasmiddel of de wasverzachter wisselt, leeg en reinig dan eerst het doseerreservoir.
→ "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 46
Vereiste: / knippert.
- 1. De wasmiddellade uittrekken.