Bosch WGB244A7NL, tekst van de handleiding
Pagina's 31–56 van 68 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 3–30verder op pagina 57 →
Pagina 31
Programma's nl
| Programma | Beschrijving | Max. belading (kg) |
|---|---|---|
| • De waterdamp is heet en kan schade aan bepaalde soorten weefsel of textiel veroorzaken. Het programma is daarom niet geschikt voor outdoor-textiel of textiel van zijde en wol, zoals bijv. pullovers. | ||
| Auto 40°C | Stevig textiel van katoen, synthetische en gemengde weefsels wassen. Mate van verontreiniging en soort textiel worden automatisch herkend. Het wasproces wordt aangepast. Opmerking: De temperatuur en het centrifugetoerental zijn in dit programma niet instelbaar en worden automatisch vastgelegd. De temperatuur bedraagt maximaal 40 °C. Het centrifugetoerental bedraagt maximaal 1400 t/ min. | 6,0 |
| SuperKort 15/30 min. | Textiel van katoen, synthetisch materiaal en gemengde weefsels wassen. Kort programma voor licht verontreinigde kleine stukken wasgoed. De programmaduur bedraagt ca. 30 minuten. Wilt u de programmaduur tot 15 minuten inkorten, activeer dan SpeedPerfect . De maximale beladingscapaciteit wordt tot 2,0 kg verlaagd. Programma-instelling: max. 40 °C max. 1200 t/min | 4,0 |
| 1 SpeedPerfect | geactiveerd |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
2 Wassen niet mogelijk
Pagina 32
nl Accessoires
10 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.
Opmerking: Sommig toebehoren is in andere kleuren beschikbaar. Neem contact op met de → "Servicedienst", Pagina 62.
| Gebruik | Bestelnummer | |
|---|---|---|
| Verlenging watertoevoerslang | Koudwater- of Aquastopwatertoevoerslang verlengen (2,50 m). | WMZ2381 |
| Bevestigingsbeugels | Stevige stand van het apparaat verbeteren. | WMZ2200 |
| Verhoging | Het apparaat hoger plaatsen, zodat het gemakkelijk gevuld en leeggehaald kan worden. | WMZPW20W |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
11 Wasgoed
11.1 Wasgoed voorbereiden
LET OP!
In het wasgoed achtergebleven voorwerpen kunnen het wasgoed en de trommel beschadigen.
- Voor gebruik alle voorwerpen uit de zakken van het wasgoed verwijderen.
Opmerking
Wanneer u uw wasgoed voorbereid, beschermt u het apparaat en het textiel.
- Zand en aarde uitborstelen
- Wasgoed op kleur en textielsoort sorteren en daarbij de verzorgingslabels aanhouden
- Ritssluitingen, klittenbandsluitingen, haken en ogen sluiten
- Stoffenriemen, stoffen banden en koorden samenbinden
32
- Gordijnrollen en loodranden verwijderen was kleine of gevoelige items in een wasnet grote en kleine stukken wasgoed door elkaar wassen
- Wasgoed met vlekken direct wassen
- Wasgoed met gedroogde vlekken voorbehandelen en meerdere malen wassen
- Wasgoed uit elkaar gevouwen in de trommel doen
12 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel
Informatie van de fabrikant over gebruik en dosering vindt u op de verpakking.
Opmerkingen bij gebruik van vloeibare wasmiddelen uitsluitend zelf stromende vloeibare wasmiddelen gebruiken
Pagina 33
verschillende vloeibare wasmiddelen niet mengen wasmiddel en wasverzachter niet mengen
- Geen te lang bewaarde en sterk ingedikte producten gebruiken. gebruik geen oplosmiddelhoudende, bijtende of gasvormende middelen
- Verfstoffen met mate gebruiken, zout kan RVS aantasten geen ontkleuringsmiddel in het apparaat gebruiken
- Geen azijn in het doseerreservoir vullen → Pagina 37 voor het intelligente doseersysteem
13 De Bediening in essentie
13.1 Apparaat inschakelen
Opmerking: Als u het toestel de eerste keer inschakelt nadat u het elektrisch hebt aangesloten, duurt de inschakelbewerking tot een minuut.
Vereiste: Het apparaat is correct opgesteld en aangesloten.
→ "Opstellen en aansluiten", Pagina 13
- Druk op .
Het inschakelproces duurt enkele seconden.
- Er wordt een hoorbare functietest uitgevoerd.
Opmerking: De verlichting van de trommel dooft automatisch.
13.2 Programma instellen
Bediening nl
- 1. Op het gewenste programma drukken.
→ "Programma's", Pagina 28
- Het display toont de programmainstellingen.
- 2. Indien gewenst de programma-instellingen aanpassen.
→ "Programma-instellingen aanpassen", Pagina 34
Overige programma's instellen
Vereiste: Home Connect is geïnstalleerd.
→ "Home Connect instellen", Pagina 39
- 1. Het programma App programma's instellen.
Bedien via App knippert.
- 2. Op Bedien via App drukken.
De Home Connect app toont de selecteerbare programma's.
- 3. In de Home Connect app een programma instellen.
- 4. Indien gewenst de programma-instellingen aanpassen.
→ "Programma-instellingen aanpassen", Pagina 34
- 5. Het programma starten.
→ "Starten van het programma", Pagina 35
Pagina 34
nl Bediening
13.3 Programma-instellingen aanpassen
Vereiste: Een programma is ingesteld.
→ "Programma instellen", Pagina 33
- De programma-instellingen aanpassen.
→ "Toetsen", Pagina 25
Neem de informatie over het onderwerp bedieningslogica → Pagina 19 in acht.
Opmerkingen
- De programma-instellingen worden niet permanent voor het programma opgeslagen.
- Wanneer u het intelligente doseersysteem activeert of deactiveert, wordt de instelling opgeslagen.
13.4 Programma-instellingen opslaan
U kunt uw individuele programma-instellingen als favoriet opslaan.
Vereisten
- Een programma is ingesteld.
→ "Programma instellen", Pagina 33
- De programma-instellingen zijn aangepast.
→ "Programma-instellingen aanpassen", Pagina 34
- Gedurende ca. 3 seconden op Favoriet drukken.
Druk op Favoriet om het opgeslagen programma op te roepen.
Opmerking: Om het opgeslagen programma te overschrijven, herhaalt u de stappen.
13.5 Trommel vullen met wasgoed
Opmerking: Om kreukvorming te vermijden, dient u de maximale belading van de programma's in acht te nemen.
→ "Programma's", Pagina 28
Vereisten
- Het wasgoed is voorbereid en gesorteerd.
→ "Wasgoed", Pagina 32
- De trommel is leeg.
- 1. De deur openen.
- 2. Het wasgoed in de trommel leggen.
- 3. De deur sluiten.
Zorg ervoor dat er geen kleine stukken wasgoed tussen de deur klem zitten.
13.6 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren
Bij programma's waarbij de intelligente dosering niet mogelijk of gewenst is, kunt u het wasmiddel handmatig doseren.
Tip: In aanvulling op de intelligente dosering kunt u in het compartiment voor handmatige dosering ook andere wasverzorgingsmiddelen toevoegen, zoals vlekkenzout, stijfsel of bleek. Doe geen aanvullend wasmiddel toevoegen in het compartiment voor handmatige dosering om overdosering of schuimvorming te voorkomen.
Opmerking: Houd de aanwijzingen voor wasmiddel en wasverzorgingsmiddel → Pagina 32 aan.
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
- 2. Vullen met wasmiddel.
→ "Wasmiddellade", Pagina 18
Pagina 35
- 3. Indien gewenst met wasmiddel vullen.
- 4. Schuif de wasmiddellade in het apparaat.
13.7 Starten van het programma
Vereiste: Een programma is ingesteld.
→ "Programma instellen", Pagina 33
- Op drukken.
- De trommel draait en er vindt een beladingsherkenning plaats, welke tot wel 2 minuten kan duren en daarna stroomt het water in het apparaat.
- Het display toont de programmaduur of de programma-eindtijd.
- Na het programma-einde toont het display: End.
13.8 Wasgoed inweken
Opmerking: Er is geen extra wasmiddel nodig. Het zeepsop wordt aansluitend voor het wassen gebruikt.
- 1. Het programma starten.
- 2. Druk om het programma te pauzeren, na ca. 10 minuten op .
- 3. Druk om het programma te hervatten na de gewenste inweektijd op .
13.9 Wasgoed bijvullen
Na het starten van het programma kunt u het wasgoed afhankelijk van de programmastatus verwijderen of bijvullen.
- 1. Op drukken.
Het apparaat pauzeert.
Opmerking: Als u wasgoed wilt bijleggen, neem dan de aanwijzingen op het display in acht.
→ "Display", Pagina 24
Bediening nl
- 2. De deur openen.
- 3. Het wasgoed bijvullen of uitnemen.
- 4. De deur sluiten.
- 5. Op drukken.
13.10 Progr. annuleren
- 1. Op drukken.
- 2. De deur openen.
Bij hoge temperatuur en hoog waterniveau blijft de deur van het apparaat om veiligheidsredenen vergrendeld.
- Start bij hoge temperatuur het programma Spoelen.
- Start bij een hoog waterniveau het programma Centrifugeren of kies een geschikt programma voor het afpompen.
→ "Programma's", Pagina 28
- 3. Het wasgoed verwijderen.
→ "Wasgoed uitnemen", Pagina 35
13.11 Programma bij spoelstop hervatten
Vereisten
- De spoelstop is geactiveerd.
→ "Toetsen", Pagina 26
- De laatste spoelbeurt van het ingestelde programma is beëindigd en het wasgoed ligt in het spoelwater.
- 1. Het programma Centrifugeren of een programma voor het afpompen instellen.
→ "Programma's", Pagina 28
- 2. Op drukken.
13.12 Wasgoed uitnemen
- 1. De deur openen.
- 2. Het wasgoed uit de trommel nemen.
Pagina 36
nl Kinderslot
13.13 Apparaat in sluimerstand (standby-stand) zetten
- 1. Druk op .
- 2. De rubbermanchet droog vegen en vreemde voorwerpen verwijderen.
- 3. De apparaatdeur en wasmiddellade open laten zodat het restwater kan opdrogen.
14 Kinderslot
Beveilig uw apparaat tegen ongewenst bedienen via de bedieningselementen.
14.1 Kinderslot inschakelen
- Ca. 3 s op 3 sec. drukken.
- De bedieningselementen zijn geblokkeerd.
- Het kinderslot blijft ook in stand-by van het apparaat en bij stroomuitval actief.
14.2 Kinderslot deactiveren
Vereiste: Om het kinderslot te deactiveren, moet het apparaat zijn ingeschakeld.
- Ca. 3 s op 3 sec. drukken.
Om het lopende programma niet te annuleren, moet de programmakiezer op het uitgangsprogramma staan.
15 Intelligent doseersysteem
Afhankelijk van het programma en de instellingen worden de optimale hoeveelheden vloeibaar wasmiddel en wasverzachter automatisch gedoseerd.
15.1 Programma met intelligent doseersysteem starten
Als u vloeibaar wasmiddel en wasverzachter niet handmatig wilt doseren, gebruik dan het intelligente doseersysteem. Deze functie is afhankelijk van het ingestelde programma beschikbaar en is automatisch geactiveerd.
Opmerking
Als u het intelligente doseersysteem gebruikt, vul dan geen extra wasmiddel of wasverzachter in het doseerbakje voor de handmatige dosering. → "Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren", Pagina 34
Als u voor een ingesteld programma handmatig wilt doseren, neem dan de volgende aanwijzingen in acht:
- Deactiveer het intelligente doseersysteem vóór het starten van het programma. De instellingen blijven ook in stand-by van het toestel opgeslagen.
→ "Toetsen", Pagina 25 → "Toetsen", Pagina 26
Pagina 37
- Vul het wasmiddel of de wasverzachter in het doseerbakje voor de handmatige dosering.
→ "Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren", Pagina 34
- Activeer het intelligente doseersysteem na het programma-einde.
→ "Toetsen", Pagina 25
→ "Toetsen", Pagina 26
Vereisten
- Het wasgoed is voorbereid.
→ "Wasgoed voorbereiden", Pagina 32
- Het wasgoed is gesorteerd.
- Het wasgoed is geplaatst.
→ "Trommel vullen met wasgoed", Pagina 34
- Het programma is ingesteld.
→ "Programma instellen", Pagina 33
- Het intelligente doseersysteem is geactiveerd.
→ "Toetsen", Pagina 25 → "Display", Pagina 23 → "Display", Pagina 23
- 1. De doseerreservoirs vullen.
→ "Doseerreservoir vullen", Pagina 37
Om de inhoud van de doseerreservoirs door een ander product te vervangen, de wasmiddellade reinigen.
→ "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 44
- 2. Indien gewenst de inhoud van de doseerreservoirs → Pagina 38 aanpassen.
- 3. Indien gewenst de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38 aanpassen.
- 4. Indien gewenst de programma-instellingen aanpassen.
→ "Programma-instellingen aanpassen", Pagina 34
Intelligent doseersysteem nl
- 5. Het programma starten.
→ "Starten van het programma", Pagina 35
- 6. Het wasgoed verwijderen.
→ "Wasgoed uitnemen", Pagina 35
15.2 Doseerreservoir vullen
Als u het intelligente doseersysteem wilt gebruiken of als het apparaat tijdens het gebruik een aanwijzing toont, vul dan de doseerreservoirs.
Opmerking: Vul uitsluitend geschikte wasmiddelen en verzorgingsmiddelen → Pagina 32 in de doseerreservoirs.
Als u vloeibaar wasmiddel of wasverzachter in het doseerreservoir wilt bijvullen, gebruik dan hetzelfde product. Als u vloeibaar wasmiddel of wasverzachter in het doseerreservoir door een ander product wilt vervangen, reinig dan voordien de wasmiddellade.
→ "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 44
Wanneer u beide doseerreservoirs voor vloeibaar wasmiddel wilt gebruiken, stel dan de Inhoud van de doseerreservoirs → Pagina 38 in.
Vereiste: Het display toont een aanwijzing voor het vullen van het doseerbakje.
→ "Display", Pagina 23 → "Display", Pagina 23
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
Pagina 38
nl Intelligent doseersysteem
- 2. Open het vuldeksel.
- 3. Vloeibaar wasmiddel en wasverzachter in de betreffende doseerreservoirs doen.
→ "Wasmiddellade", Pagina 18
Overschrijd bij het vullen de markering van het maximale vulpeil niet.
- 4. Sluit het vuldeksel.
Opmerking: Sluit de vuldeksels direct na het vullen om ervoor te zorgen dat het vloeibare wasmiddel of de wasverzachter niet uitdrogen.
- 5. Indien gewenst washulpmiddel in het doseerbakje voor de handmatige dosering vullen.
→ "Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren", Pagina 34
- 6. Schuif de wasmiddellade in het apparaat.
- 7. De basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38 aanpassen.
15.3 Inhoud van het doseerreservoir
Opmerkingen
- Wanneer u de inhoud van het doseerreservoir wijzigt, dan wordt de basisdosering voor dit doseerreservoir gereset.
- Wanneer u beide doseerreservoirs voor vloeibaar wasmiddelen gebruikt, moet u een doseerreservoir kiezen dat tijdens het wassen moet worden gebruikt.
Inhoud van het doseerreservoir aanpassen
- 1. Druk ca. 3 s op i-DOS 2.
- 2. Druk op i-DOS 2 om in te stellen.
- Op het display wordt weergegeven.
- 3. Druk opnieuw op i-DOS 2 om in te stellen.
- 4. Om de instelling te beëindigen, kort wachten.
15.4 Basisdoseerhoeveelheid
De basisdoseerhoeveelheid is gebaseerd op de informatie van de fabrikant van het wasmiddel, de waterhardheid en de mate van verontreiniging van het wasgoed.
Stel altijd een basisdoseerhoeveelheid in, die is afgestemd op een standaard belading van 4,5 kg.
Basisdoseerhoeveelheid aanpassen
- 1. Druk ca. 3 s op i-DOS 1.
- Het display toont de ingestelde basisdoseerhoeveelheid voor .
- 2. Druk op / om de instelling aan te passen.
- 3. Om de instelling te beëindigen, kort wachten.
Pagina 39
Home Connect nl
Opmerking: Om de basisdoseerhoeveelheid voor aan te passen, herhaalt de stappen met i-DOS 2.
16 Home Connect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.
De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen in de Home Connect app om de instellingen aan te brengen.
Tips
- Neem de meegeleverde documenten van Home Connect in acht.
- Neem ook de aanwijzingen in de Home Connect app in acht.
Opmerkingen
- Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient. → "Veiligheid", Pagina 4
- De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.
16.1 Home Connect app instellen
- 1. Installeer de Home Connect app op het mobiele eindapparaat.
1
- 2. De Home Connect app starten en de toegang voor Home Connect instellen.
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces.
16.2 Home Connect instellen
Vereisten
- De Home Connect app is op het mobiele eindapparaat geïnstalleerd.
- Wifi op de router is geactiveerd.
- Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).
- 1. Ca. 3 seconden op Bedien via App drukken.
- 2. De aanwijzingen van de Home Connect app opvolgen.
16.3 Home Connect Menu
In het Home Connect menu vindt u alle Home Connect instellingen.
Home Connect Menu oproepen
- Minstens 3 seconden op Bedien via App drukken.
- Het display toont de eerste instelling van het Home Connect menu.
1 Apple App Store en het Apple App Store logo zijn handelsmerken van Apple Inc. Google Play en het Google Play logo zijn handelsmerken van Google LLC.
39
Pagina 40
nl Home Connect
Home Connect Menu navigeren
- Kort op Bedien via App drukken tot het display de gewenste instelling toont.
Home Connect Menu verlaten
- Minstens 3 seconden op Bedien via App drukken.
16.4 Wi-Fi aan het apparaat activeren
Vereisten
- Het Home Connect menu is opgeroepen.
→ "Home Connect Menu oproepen", Pagina 39
- Het display toont oFF.
- Op drukken om de instelling te wijzigen.
- Het display toont on als Wi-Fi is geactiveerd.
Opmerking: Als Wi-Fi is geactiveerd, toont het display afwisselend on en de signaalsterkte van de Wi-Fi verbinding.
16.5 Wi-Fi aan het apparaat deactiveren
Vereisten
- Het Home Connect menu is opgeroepen.
→ "Home Connect Menu oproepen", Pagina 39
- Het display toont on.
- Op drukken om de instelling te wijzigen.
- Het display toont oFF als de Wi-Fi is gedeactiveerd.
16.6 Netwerkinstellingen van het apparaat resetten
Vereisten
- Het Home Connect menu is opgeroepen.
→ "Home Connect Menu oproepen", Pagina 39
- Het display toont rEs.
- Minstens 3 seconden op drukken.
- De netwerkinstellingen worden gereset.
16.7 Start op afstand
Het apparaat voor de start op afstand via de Home Connect app vrijgeven.
Opmerking
De start op afstand wordt vanwege veiligheidsredenen onder de volgende omstandigheden gedeactiveerd:
- De apparaatdeur wordt geopend. Bedien via App wordt ingedrukt.
- Na een stroomonderbreking.
Start op afstand activeren
Vereisten
- Het apparaat is met uw wifi-thuisnetwerk verbonden.
- Het apparaat is verbonden met de Home Connect app.
- Er is een programma gekozen.
- De apparaatdeur is gesloten.
- De wasmiddellade is dichtgeschoven.
- Op Bedien via App drukken. Bedien via App brandt en het apparaat is voor de start op afstand via de Home Connect app vrijgegeven.
Starten op afstand deactiveren
- Op Bedien via App drukken. Bedien via App dooft.
Pagina 41
16.8 Afstandsdiagnose
De klantenservice kan via de diagnose op afstand toegang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de desbetreffende wens tot de klantenservice richt, uw apparaat met de Home Connect server verbonden is en de diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat gebruikt, beschikbaar is.
Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de beschikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land vindt u in het gedeelte service/sup-port van de lokale website: www.ho-me-connect.com.
16.9 Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server(eerste registratie):
- Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde
Wi-Fi communicatiemodule).
- Veiligheidscertificaat van de Wi-Fi communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
- De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat.
- Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op
Home Connect nl
het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.
41
Pagina 42
nl Basisinstellingen
17 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
17.1 Overzicht van de basisinstellingen
Opmerking: Door software-updates kunnen extra functies beschikbaar zijn. Als een software-update beschikbaar is, vindt u meer informatie in de Home Connect app.
| Stand | Basisinstelling | Keuze | Beschrijving |
|---|---|---|---|
| 1 | Signaal | 0 (uit) 1 (zacht) 2 (gemiddeld) 3 (luid) 4 (zeer luid) | Het volume van het signaal na het programma-einde instellen. |
| 2 | Toetssignaal | 0 (uit) 1 (zacht) 2 (gemiddeld) 3 (luid) 4 (zeer luid) | Het volume van het signaal bij het kiezen van de toetsen instellen. |
| 3 | Displayhelderheid | 1 (gering) 2 (gemiddeld) 3 (hoog) 4 (zeer hoog) | De helderheid van het display instellen. |
| 5 | Herinnering trommelreiniging | On (aan) OFF (uit) | De herinnering voor de trommelreiniging activeren of deactiveren. |
| 6 | Programmateller | - | Het aantal beëindigde programma's weergeven. |
| 7 | Fabrieksinstellingen | rES | Apparaat terugzetten naar de fabrieksinstellingen. |
Pagina 43
Programmateller nl
17.2 Basisinstellingen wijzigen
Vereiste: Het display toont alle extra knoppen.
→ "Extra toetsen weergeven of verbergen", Pagina 20
- 1. Druk op Instellingen om de basisinstellingen op te roepen.
- 2. De gewenste basisinstelling selecteren.
→ "Overzicht van de basisinstellingen", Pagina 42
- 3. Druk op of om de waarde te wijzigen.
- 4. Om het toestel naar de fabrieksinstelling terug te zetten, ca. 3 seconden op drukken.
- 5. Om de instellingen op te slaan, op Instellingen drukken.
18 Programmateller
De programmateller geeft het aantal beëindigde programma's weer.
18.1 Programmateller oproepen
- 1. Op Instellingen drukken.
- 2. Stel het programma in op stand 6.
19 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
19.1 Trommel reinigen
VOORZICHTIG
Kans op letsel!
Het permanent wassen op lage temperaturen en een ontbrekende beluchting van het apparaat kunnen de trommel beschadigen en kunnen letsels veroorzaken.
- Regelmatig een programma voor de reiniging van de trommel uitvoeren of met temperaturen van minstens 60°C wassen.
- Het apparaat na elk gebruik bij een geopende deur en wasmiddellade laten drogen.
- Het programma Katoen 90°C of het trommelreinigingsprogramma in de Home Connect app selecteren.
Het programma zonder wasgoed en met bleekmiddelhoudend poederwasmiddel uitvoeren.
Pagina 44
nl Reiniging en onderhoud
19.2 Schoonmaken van de wasmiddellade
Als u vloeibaar wasmiddel of wasverzachter in het doseerreservoir door een ander product wilt vervangen of de wasmiddellade verontreinigd is, reinig dan de wasmiddellade.
LET OP!
De pompeenheid bevat elektrische componenten. Elektrische componenten kunnen bij contact met water beschadigd raken.
- De pompunit niet in de vaatwasser reinigen of in water dompelen.
- De elektrische aansluitingen aan de achterkant tegen vocht, wasmiddel- en wasverzachterresten beschermen.
- 1. Het apparaat in de standby-stand zetten.
→ "Apparaat in sluimerstand (standby-stand) zetten", Pagina 36
- 2. De wasmiddellade uittrekken.
- 3. Inzetstuk naar beneden drukken en de wasmiddellade verwijderen.
- 4. De pompeenheid verwijderen.
- 5. Het deksel van de wasmiddellade ontgrendelen en verwijderen.
- 6. De wasmiddellade legen.
Pagina 45
- 7. De pompunit met een vochtige doek reinigen.
- 8. De wasmiddellade en het deksel met een zachte, vochtige doek of handdouche reinigen.
- 9. De wasmiddellade plaatsen, het deksel en de pompeenheid afdrogen en plaatsen.
Reiniging en onderhoud nl
- 10. De behuizing van de wasmiddellade in het apparaat reinigen.
- 11. Schuif de wasmiddellade in het apparaat.
19.3 Afvoerpomp reinigen
Reinig de afvoerpomp regelmatig, minstens echter een keer per jaar evenals in geval van storingen, bijv. bij verstoppingen of geklapper.
Afvoerpomp legen
- 1. De kraan sluiten.
- 2. Het apparaat in de standby-stand zetten.
→ "Apparaat in sluimerstand (standby-stand) zetten", Pagina 36
- 3. Stekker van het apparaat van het stroomnet scheiden.
Pagina 46
nl Reiniging en onderhoud
- 4. De serviceklep openen en verwijderen.
1
2
- 5. Plaats een voldoende grote opvangbak onder de opening.
- 6. Neem de aftapslang uit de houder.
- 7. VOORZICHTIG - Kans op brandwonden! Het sop wordt heet bij het wassen met hoge temperaturen.
- Raak het hete sop niet aan.
Trek het afsluitstopje los, om het wassop in de opvangbak te laten stromen.
- 8. Druk het stopje er weer op.
- 9. De aftapslang in de houder klemmen.
Pagina 47
Afvoerpomp reinigen
Vereiste: De afvoerpomp is leeg. → Pagina 45
- 1. Omdat er nog restwater in de pomp kan zitten, het deksel er voorzichtig uit draaien.
‒ Door grote verontreinigingen kan het filterelement in het pomphuis vastzitten. Verontreinigingen losmaken en filterelement verwijderen.
- 2. Binnenruimte, schroefdraad van het pompdeksel en pomphuis reinigen.
Het pompdeksel bestaat uit twee componenten die voor de reiniging kunnen worden gedemonteerd.
Reiniging en onderhoud nl
- 3. Ervoor zorgen dat de beide vleugelwielen kunnen worden gedraaid.
- 4. Breng het pompdeksel aan.
‒ Controleer of de componenten van het pompdeksel correct gemonteerd zijn.
- 5. Het pompdeksel tot aan de aanslag aandraaien.
De greep van het pompdeksel moet verticaal staan.
Pagina 48
nl Reiniging en onderhoud
- 6. De serviceklep plaatsen en sluiten.
19.4 Inlaatopening in de rubbermanchet reinigen
Controleer regelmatig de inlaatopening in de rubbermanchet op verstoppingen en reinig de inlaatopening.
- 1. Open de apparaatdeur.
- 2. Verwijder de verstoppingen uit de inlaatopening.
Opmerking: Gebruik geen puntige of scherpe voorwerpen.
Pagina 49
Storingen verhelpen nl
20 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Het display is gedoofd en knippert. | De energiebesparingsmodus is actief. ▶ Druk op (Start/Bijvullen). • Het display brandt weer. |
| "E:30 / -80" | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Waterafvoerslang is te hoog aangesloten. ▶ Monteer de waterafvoerslang op maximaal 1 meter hoogte. | |
| Niet-toegestane verlenging aan de waterafvoerslang gemonteerd. ▶ Verwijder niet-toegestane verlengingen aan de waterafvoerslang. → "Apparaat aansluiten", Pagina 15 | |
| Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 45 | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Pompdeksel is niet volledig ingeschroefd. ▶ Zorg ervoor dat het pompdeksel tot aan de aanslag in het apparaat is geschroefd. De greep van het pompdeksel moet verticaal staan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 49)
49
Pagina 50
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| "E:30 / -80" | Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment voor handmatige dosering (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
| "E:38 / -25 / -26" | Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Trommel reinigen", Pagina 43 als de storing opnieuw wordt weergegeven, ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 45 |
| Inlaatopening van de rubbermanchet is verstopt. ▶ → "Inlaatopening in de rubbermanchet reinigen", Pagina 48 | |
| "E:10 / -00 / -10 / -20" | Pomp van het intelligente doseersysteem is geblokkeerd. 1. Schakel het apparaat uit. 2. Reinig de pompeenheid. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 44 3. Schakel het apparaat in. 4. Als de indicatie na het reinigen van de pompeenheid opnieuw verschijnt, schakel dan de service in. → "Servicedienst", Pagina 62 Opmerking: Tot het verhelpen van de storing kunt u het intelligente doseersysteem deactiveren en handmatig doseren. → "Toetsen", Pagina 25 |
| "H:32" | Het onbalansherkenningssysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. |
| "E:30 / -10" en/of | Waterdruk is laag. Geen oplossing mogelijk. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 50)
50
Pagina 51
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| "E:30 / -10" en/of | Zeef in de watertoevoer is verstopt. ▶ Reinig de zeef in de watertoevoer. |
| Waterkraan is gesloten. ▶ Open de waterkraan. | |
| Watertoevoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de watertoevoerslang niet is geknikt of ingeklemd. | |
| Waterniveaumeetsysteem defect. Opmerking: Met de foutmelding start het apparaat een afpompprocedure. 1. Wacht eerst ca. 5 minuten tot de afpompprocedure is beëindigd. 2. Om de foutmelding te resetten, schakelt u het apparaat uit. 3. Schakel het apparaat weer in. 4. Als de foutmelding opnieuw wordt weergegeven, neemt u contact op met de servicedienst. → "Servicedienst", Pagina 62 | |
| "E:35 / -10" | Water in de bodembak. ▶ Sluit de kraan. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 62 |
| Apparaat lekt. ▶ Sluit de kraan. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 62 | |
| Wasmiddellade is niet volledig ingeschoven. ▶ Schuif de wasmiddellade in tot het symbool uitgaat. | |
| Pompunit is niet geplaatst. 1. Plaats de pompunit in de wasmiddellade. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 44 2. Schuif de wasmiddellade in tot het symbool uitgaat. |
Pagina 52
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment voor handmatige dosering (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. | |
| "E:30/-20" | Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
| Extra water gevuld. ▶ Vul tijdens het bedrijf geen extra water in het apparaat. | |
| Magneetventiel defect. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 62 | |
| Alle andere foutcodes. | Storing 1. Schakel het apparaat uit en weer in. 2. Als de melding opnieuw verschijnt, haalt u het apparaat van het stroomnet gedurende minstens 30 seconden door de stekker uit te trekken of de bijbehorende zekering in de zekeringenkast uit te schakelen. • Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. 3. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door. → "Servicedienst", Pagina 62 |
| Apparaat werkt niet. | Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. ▶ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. |
| De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▶ Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. |
Pagina 53
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Programma start niet. | werd niet ingedrukt. ▶ Druk op . |
| Deur is niet gesloten. ▶ Sluit de deur. | |
| Kinderbeveiliging is geactiveerd. ▶ Kinderslot deactiveren. → "Kinderslot deactiveren", Pagina 36 | |
| Klaar in is geactiveerd. ▶ Controleer of Klaar in is geactiveerd. → "Toetsen", Pagina 26 | |
| Wasgoed is ingeklemd tussen de deur. ▶ Verwijder ingeklemd wasgoed. | |
| Wasmiddellade is niet volledig ingeschoven. ▶ Schuif de wasmiddellade in tot het symbool uitgaat. | |
| Pomp van het intelligente doseersysteem is geblokkeerd. 1. Schakel het apparaat uit. 2. Reinig de pompeenheid. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 44 3. Schakel het apparaat in. 4. Als de indicatie na het reinigen van de pompeenheid opnieuw verschijnt, schakel dan de service in. → "Servicedienst", Pagina 62 Opmerking: Tot het verhelpen van de storing kunt u het intelligente doseersysteem deactiveren en handmatig doseren. → "Toetsen", Pagina 25 | |
| Deur kan niet worden geopend. | is geactiveerd. ▶ Hervat het programma door Centrifugeren of Afpompen te kiezen en op te drukken. → "Programma bij spoelstop hervatten", Pagina 35 |
| Temperatuur is te hoog. ▶ Wacht tot de temperatuur is gedaald. ▶ Programma annuleren. → "Progr. annuleren", Pagina 35 | |
| Waterniveau is te hoog. ▶ Kies een geschikt programma voor het afpompen. → "Programma's", Pagina 28 | |
| Stroomonderbreking. |
Pagina 54
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Deur kan niet worden geopend. | ▶ Open de deur met de noodontgrendeling. → "Noodontgrendeling", Pagina 61 |
| Waswater wordt niet weggepompt. | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 45 | |
| is geactiveerd. ▶ Hervat het programma door Centrifugeren of Afpompen te kiezen en op te drukken. → "Programma bij spoelstop hervatten", Pagina 35 | |
| Waterafvoerslang is te hoog aangesloten. ▶ Monteer de waterafvoerslang op maximaal 1 meter hoogte. | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment voor handmatige dosering (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. | |
| Niet-toegestane verlenging aan de waterafvoerslang gemonteerd. ▶ Verwijder niet-toegestane verlengingen aan de waterafvoerslang. → "Apparaat aansluiten", Pagina 15 | |
| Pompdeksel is niet volledig ingeschroefd. ▶ Zorg ervoor dat het pompdeksel tot aan de aanslag in het apparaat is geschroefd. De greep van het pompdeksel moet verticaal staan. |
Pagina 55
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Er stroom geen water in het apparaat. Het wasmiddel werd niet ingespoeld. | werd niet ingedrukt. ▶ Druk op . |
| Zeef in de watertoevoer is verstopt. ▶ Reinig de zeef in de watertoevoer. | |
| Waterkraan is gesloten. ▶ Open de waterkraan. | |
| Watertoevoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de watertoevoerslang niet is geknikt of ingeklemd. | |
| Meermaals beginnen met centrifugeren. | Het onbalanscontrolesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. Opmerking: Leg bij het beladen zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. |
| De programmaduur wijzigt tijdens de wascyclus. | Het programmaverloop wordt elektronisch geoptimaliseerd. Dat kan leiden tot wijzigingen in de programmaduur. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. |
| Het onbalanscontrolesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. Opmerking: Leg bij het beladen zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. | |
| Schuimcontrolesysteem voert bij te hoge schuimvorming een extra spoelbeurt toe. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. | |
| Het water is in de trommel niet zichtbaar. | Het water is onder het zichtbare bereik. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. ▶ Vul tijdens het bedrijf geen extra water in het apparaat. |
| Trommel schokt na programmastart. | Oorzaak is een interne motortest. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. |
| Trillingen en beweging van het apparaat tij- | Het apparaat is niet goed horizontaal gesteld. ▶ → "Stellen van het apparaat", Pagina 17 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 55)
dens het centrifugeren. Apparaatvoeten zijn niet gefixeerd.
Pagina 56
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Trillingen en beweging van het apparaat tijdens het centrifugeren. | ▶ Zet de apparaatvoeten vast. → "Stellen van het apparaat", Pagina 17 |
| Transportbeveiligingen zijn niet verwijderd. ▶ → "Transportbeveiligingen verwijderen", Pagina 14. | |
| Trommel draait, er stroomt geen water in het apparaat. | Beladingsherkenning is actief. ▶ Geen fout, geen handeling noodzakelijk. Opmerking: De beladingsherkenning kan tot wel 2 minuten duren. |
| Sterke schuimvorming. | Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment voor handmatige dosering (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 38. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
| i-DOS 1i-DOS 2 kan niet worden ingedrukt | Intelligent doseren voor dit programma niet mogelijk. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. → "Programma met intelligent doseersysteem starten", Pagina 36 |
| Programmavoortgang laat intelligent doseren niet toe. Geen oplossing mogelijk. | |
| Hoog centrifugetoerental wordt niet bereikt. | Laag centrifugetoerental is ingesteld. ▶ Stel bij de volgende wasbeurt een hoger centrifugetoerental in. |
| Onbalanscontrolesysteem compenseert onbalans door gereduceerd centrifugetoerental. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. ▶ Start het programma Centrifugeren. | |
| Programma centrifugeren start niet. | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. |