Bosch WGG244F3FG, tekst van de handleiding
Wasmachine · Bosch · 56 pagina's in het Nederlands · pdf: 60 pagina's, 4,3 MB
Storingen op pagina 43
Pagina 43
Vanaf de titel; het begin van pagina 43 staat in de pdf.
19 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Het display is gedoofd en Start/Bijvullen knippert. | De energiebesparingsmodus is actief. ▶ Druk op een willekeurige button. • Het display brandt weer. |
| "E:36 / -10" | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Waterafvoerslang is te hoog aangesloten. ▶ Monteer de waterafvoerslang op maximaal 1 meter hoogte. | |
| Niet-toegestane verlenging aan de waterafvoerslang gemonteerd. ▶ Verwijder niet-toegestane verlengingen aan de waterafvoerslang. → "Apparaat aansluiten", Pagina 15 | |
| Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 39 | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Pompdeksel is niet volledig ingeschroefd. ▶ Zorg ervoor dat het pompdeksel tot aan de aanslag in het apparaat is geschroefd. De greep van het pompdeksel moet verticaal staan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
43
Pagina 44
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| "E:36 / -10" | Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment voor handmatige dosering (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 35. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
| "E:10 / -00 / -10 / -20" | Pomp van het intelligente doseersysteem is geblokkeerd. 1. Schakel het apparaat uit. 2. Reinig de pompeenheid. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 37 3. Schakel het apparaat in. 4. Als de indicatie na het reinigen van de pompeenheid opnieuw verschijnt, schakel dan de service in. → "Servicedienst", Pagina 55 Opmerking: Tot het verhelpen van de storing kunt u het intelligente doseersysteem deactiveren en handmatig doseren. → "Toetsen", Pagina 24 |
| "E:60 / -2B" | Het onbalansherkenningssysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. |
| "E:30 / -10" en/of | Waterdruk is laag. Geen oplossing mogelijk. |
| De zeven in de watertoevoer zijn verstopt. ▶ Reinig de zeven in de watertoevoer. | |
| Waterkraan is gesloten. ▶ Open de waterkraan. | |
| Watertoevoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de watertoevoerslang niet is geknikt of ingeklemd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
44
Pagina 45
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| "E:30 / -10" en/of | Waterniveaumeetsysteem defect. Opmerking: Met de foutmelding start het apparaat een afpompprocedure. 1. Wacht eerst ca. 5 minuten tot de afpompprocedure is beëindigd. 2. Om de foutmelding te resetten, schakelt u het apparaat uit. 3. Schakel het apparaat weer in. 4. Als de foutmelding opnieuw wordt weergegeven, neemt u contact op met de servicedienst. → "Servicedienst", Pagina 55 |
| Wasmiddellade is niet volledig ingeschoven. ▶ Schuif de wasmiddellade in tot het symbool uitgaat. | |
| Pompunit is niet geplaatst. 1. Plaats de pompunit in de wasmiddellade. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 37 2. Schuif de wasmiddellade in tot het symbool uitgaat. | |
| brandt. | Temperatuur is te hoog. ▶ Wacht tot de temperatuur is gedaald. ▶ → "Progr. annuleren", Pagina 32 |
| Waterniveau is te hoog. ▶ Kies een geschikt programma voor het afpompen. → "Programma's", Pagina 26 | |
| knippert. | Deur is niet gesloten. ▶ Sluit de deur. |
| Wasgoed is ingeklemd tussen de deur. ▶ Verwijder ingeklemd wasgoed. | |
| "E:30/-20" | Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
| Extra water gevuld. ▶ Vul tijdens het bedrijf geen extra water in het apparaat. | |
| Magneetventiel defect. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 55 |
Pagina 46
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Alle andere foutcodes. | Storing ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 55 |
| Apparaat werkt niet. | Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. ▶ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. |
| De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▶ Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| Programma start niet. | Start/Bijvullen werd niet ingedrukt. ▶ Druk op Start/Bijvullen. |
| Deur is niet gesloten. ▶ Sluit de deur. | |
| Kinderbeveiliging is geactiveerd. ▶ Kinderslot deactiveren. → "Kinderslot deactiveren", Pagina 33 | |
| Klaar in is geactiveerd. ▶ Controleer of Klaar in is geactiveerd. → "Toetsen", Pagina 24 | |
| Wasgoed is ingeklemd tussen de deur. ▶ Verwijder ingeklemd wasgoed. | |
| Wasmiddellade is niet volledig ingeschoven. ▶ Schuif de wasmiddellade in tot het symbool uitgaat. | |
| Pomp van het intelligente doseersysteem is geblokkeerd. 1. Schakel het apparaat uit. 2. Reinig de pompeenheid. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 37 3. Schakel het apparaat in. 4. Als de indicatie na het reinigen van de pompeenheid opnieuw verschijnt, schakel dan de service in. → "Servicedienst", Pagina 55 Opmerking: Tot het verhelpen van de storing kunt u het intelligente doseersysteem deactiveren en handmatig doseren. → "Toetsen", Pagina 24 |
Pagina 47
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Deur kan niet worden geopend. | Temperatuur is te hoog. ▶ Wacht tot de temperatuur is gedaald. ▶ Programma annuleren. → "Progr. annuleren", Pagina 32 |
| Waterniveau is te hoog. ▶ Kies een geschikt programma voor het afpompen. → "Programma's", Pagina 26 | |
| Stroomonderbreking. ▶ Open de deur met de noodontgrendeling. → "Noodontgrendeling", Pagina 54 | |
| Waswater wordt niet weggepompt. | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 39 | |
| Waterafvoerslang is te hoog aangesloten. ▶ Monteer de waterafvoerslang op maximaal 1 meter hoogte. | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment voor handmatige dosering (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 35. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. | |
| Niet-toegestane verlenging aan de waterafvoerslang gemonteerd. ▶ Verwijder niet-toegestane verlengingen aan de waterafvoerslang. → "Apparaat aansluiten", Pagina 15 | |
| Pompdeksel is niet volledig ingeschroefd. |
Pagina 48
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Waswater wordt niet weggepompt. | ▶ Zorg ervoor dat het pompdeksel tot aan de aanslag in het apparaat is geschroefd. De greep van het pompdeksel moet verticaal staan. |
| Er stroom geen water in het apparaat. Het wasmiddel werd niet ingespoeld. | Start/Bijvullen werd niet ingedrukt. ▶ Druk op Start/Bijvullen. |
| De zeven in de watertoevoer zijn verstopt. ▶ Reinig de zeven in de watertoevoer. | |
| Waterkraan is gesloten. ▶ Open de waterkraan. | |
| Watertoevoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de watertoevoerslang niet is geknikt of ingeklemd. | |
| Meermaals beginnen met centrifugeren. | Het onbalanscontrolesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. Opmerking: Leg bij het beladen zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. |
| De programmaduur wijzigt tijdens de wascyclus. | Het programmaverloop wordt elektronisch geoptimaliseerd. Dat kan leiden tot wijzigingen in de programmaduur. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. |
| Het onbalanscontrolesysteem heft de onbalans op door het wasgoed meermaals te verdelen. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. Opmerking: Leg bij het beladen zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. | |
| Schuimcontrolesysteem voert bij te hoge schuimvorming een extra spoelbeurt toe. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. | |
| Het water is in de trommel niet zichtbaar. | Het water is onder het zichtbare bereik. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. ▶ Vul tijdens het bedrijf geen extra water in het apparaat. |
| Trommel schokt na programmastart. | Oorzaak is een interne motortest. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. |
Pagina 49
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Trillingen en beweging van het apparaat tijdens het centrifugeren. | Het apparaat is niet goed horizontaal gesteld. ▶ → "Stellen van het apparaat", Pagina 16 |
| Apparaatvoeten zijn niet gefixeerd. ▶ Zet de apparaatvoeten vast. → "Stellen van het apparaat", Pagina 16 | |
| Transportbeveiligingen zijn niet verwijderd. ▶ → "Transportbeveiligingen verwijderen", Pagina 14. | |
| Trommel draait, er stroomt geen water in het apparaat. | Beladingsherkenning is actief. ▶ Geen fout, geen handeling noodzakelijk. Opmerking: De beladingsherkenning kan tot wel 2 minuten duren. |
| Sterke schuimvorming. | Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment voor handmatige dosering (niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 35. ▶ Reduceer, wanneer u handmatig doseert, bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
| i-DOS kan niet worden ingedrukt | Intelligent doseren voor dit programma niet mogelijk. ▶ Geen fout - geen handeling noodzakelijk. → "Programma met intelligent doseersysteem starten", Pagina 33 |
| Programmavoortgang laat intelligent doseren niet toe. Geen oplossing mogelijk. | |
| Hoog centrifugetoerental wordt niet bereikt. | Laag centrifugetoerental is ingesteld. ▶ Stel bij de volgende wasbeurt een hoger centrifugetoerental in. |
| Licht strijken is geactiveerd. ▶ Kies een geschikt programma voor de textielsoort. | |
| Onbalanscontrolesysteem compenseert onbalans door gereduceerd centrifugetoerental. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. |
Pagina 50
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Hoog centrifugetoerental wordt niet bereikt. | ▶ Start het programma Centrifugeren. |
| Programma centrifugeren start niet. | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Het onbalansherkenningssysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. ▶ Start het programma Centrifugeren. | |
| Bruisend, sissend geluid. | Water wordt onder druk in de wasmiddellade gespoeld. ▶ Geen fout - normaal bedrijfsgeluid. |
| Lang, brommend geluid voor aanvang van de was- of wasver-zachtingscyclus. | Intelligent doseersysteem doseert wasmiddel of verzorgingsmiddel. ▶ Geen fout - normaal bedrijfsgeluid. |
| Kort, zoemend geluid na het inschakelen van het apparaat. | Intelligent doseersysteem voert een functietest uit. ▶ Geen fout - normaal bedrijfsgeluid. |
| Luid geluid tijdens het centrifugeren. | Het apparaat is niet goed horizontaal gesteld. ▶ → "Stellen van het apparaat", Pagina 16 |
| Apparaatvoeten zijn niet gefixeerd. ▶ Zet de apparaatvoeten vast. → "Stellen van het apparaat", Pagina 16 | |
| Transportbeveiligingen zijn niet verwijderd. ▶ → "Transportbeveiligingen verwijderen", Pagina 14. | |
| Geklapper, gerammel in de pomp. | Er is een vreemd voorwerp in de pomp gekomen. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 39 |
| Slurpend, ritmisch zuiggeluid. | Pomp is actief, het sop wordt afgepompt. ▶ Geen fout - normaal bedrijfsgeluid. |
Pagina 51
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Kreukvorming. | Centrifugetoerental is te hoog. ▶ Stel bij de volgende wasbeurt een lager centrifugetoerental in. |
| De beladingshoeveelheid is te hoog. ▶ Reduceer bij de volgende wasbeurt de beladingshoeveelheid. | |
| Ongeschikt programma voor de textielsoort ingesteld. ▶ Kies een geschikt programma voor de textielsoort. | |
| Centrifugeresultaat is niet naar tevredenheid. Het wasgoed is te nat / te vochtig. | Laag centrifugetoerental is ingesteld. ▶ Stel bij de volgende wasbeurt een hoger centrifugetoerental in. ▶ Start het programma Centrifugeren. |
| Licht strijken is geactiveerd. ▶ Kies een geschikt programma voor de textielsoort. | |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. | |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Het onbalansherkenningssysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. ▶ Start het programma Centrifugeren. | |
| Onbalanscontrolesysteem compenseert onbalans door gereduceerd centrifugetoerental. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. ▶ Start het programma Centrifugeren. | |
| Resten wasmiddel op het vochtige wasgoed. | Wasmiddelen kunnen in water onoplosbare stoffen bevatten, welke zich op het wasgoed afzetten. ▶ Start het programma Spoelen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 51)
51
Pagina 52
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Resten wasmiddel op het vochtige wasgoed. | Ongeschikt wasmiddel in het doseerreservoir van het intelligente doseersysteem gedaan. 1. Controleer of het gebruikte wasmiddel geschikt is. → "Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel", Pagina 31 2. Leeg de doseerreservoirs. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 37 3. Reinig de doseerreservoirs. 4. Vul de doseerreservoirs opnieuw. → "Doseerreservoir vullen", Pagina 34 |
| Basisdoseerhoeveelheid niet correct ingesteld. ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 35. | |
| Wasmiddelresten op het droge wasgoed. | Wasmiddelen kunnen in water onoplosbare stoffen bevatten, welke zich op het wasgoed afzetten. ▶ Borstel het wasgoed na het wassen en drogen uit. |
| Ongeschikt wasmiddel in het doseerreservoir van het intelligente doseersysteem gedaan. 1. Controleer of het gebruikte wasmiddel geschikt is. → "Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel", Pagina 31 2. Leeg de doseerreservoirs. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 37 3. Reinig de doseerreservoirs. 4. Vul de doseerreservoirs opnieuw. → "Doseerreservoir vullen", Pagina 34 | |
| Basisdoseerhoeveelheid niet correct ingesteld. ▶ Wanneer de intelligente dosering geactiveerd is, reduceer dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 35. | |
| Onvoldoende reinigende werking. | Basisdoseerhoeveelheid niet aangepast. ▶ Als de intelligente dosering is geactiveerd, pas dan de basisdoseerhoeveelheid → Pagina 35 aan. |
| Wasmiddel of verzorgingsmiddel in doseerreservoirs van het intelligente doseersysteem is ingedikt. 1. Controleer of het gebruikte wasmiddel geschikt is. → "Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel", Pagina 31 |
Pagina 53
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Onvoldoende reinigende werking. | 2. Leeg de doseerreservoirs. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 37 3. Reinig de doseerreservoirs. 4. Vul de doseerreservoirs opnieuw. → "Doseerreservoir vullen", Pagina 34 |
| Ongeschikt wasmiddel in het doseerreservoir van het intelligente doseersysteem gedaan. 1. Controleer of het gebruikte wasmiddel geschikt is. → "Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel", Pagina 31 2. Leeg de doseerreservoirs. → "Schoonmaken van de wasmiddellade", Pagina 37 3. Reinig de doseerreservoirs. 4. Vul de doseerreservoirs opnieuw. → "Doseerreservoir vullen", Pagina 34 | |
| Bij de watertoevoerslang lekt water. | De watertoevoerslang is niet correct / vast aangesloten. 1. Sluit de watertoevoerslang correct aan. → "Watertoevoerslang aansluiten", Pagina 15 2. Draai de koppeling goed aan. |
| Er lekt water bij de waterafvoerslang. | Waterafvoerslang is beschadigd. ▶ Vervang de beschadigde waterafvoerslang. |
| Waterafvoerslang is niet correct aangesloten. ▶ Sluit de waterafvoerslang correct aan. → "Aansluitsoorten waterafvoer", Pagina 15 | |
| In het apparaat is geurvorming opgetreden. | Vochtigheid en wasmiddelresten kunnen de bacteriegroei stimuleren. ▶ → "Trommel reinigen", Pagina 37 ▶ Als u het apparaat niet gebruikt, laat dan de deur en wasmiddellade open zodat het restwater kan opdrogen. |
| Op het textiel hebben zich na het einde van het programma Iron Assist vochtige vlekken gevormd. | Waterdruppels uit de trommel of van de deur hebben het textiel vochtig gemaakt. De druppels komen ofwel van gecondenseerde damp of van restvochtigheid van het vorige wasprogramma. ▶ Strijk het textiel of hang het op om te drogen. |
| Water komt onder de deur naar buiten. | Vervuiling aan deur of manchet veroorzaakt lekkage. ▶ Reinig de deur en de manchet. |
Pagina 54
nl Transporteren, opslaan en afvoeren
19.1 Noodontgrendeling
Deur ontgrendelen
Vereiste: De afvoerpomp is leeg. → Pagina 39
- 1. LET OP! Wegstromend water kan tot materiële schade leiden.
- Open de deur niet als er water achter het glas te zien is.
De noodontgrendeling met behulp van gereedschap naar onderen trekken en loslaten.
- Het deurslot is ontgrendeld.
- 2. De serviceklep plaatsen en vastklikken.
- 3. De serviceklep sluiten.
20 Transporteren, opslaan en afvoeren
20.1 Apparaat demonteren
- 1. De kraan sluiten.
- 2. Watertoevoerslang legen.
- 3. Het apparaat uitschakelen.
→ "Apparaat uitschakelen", Pagina 33
- 4. De stekker van het apparaat uit het stopcontact halen.
- 5. Het sop laten laten weglopen.
→ "Afvoerpomp reinigen", Pagina 39
54
- 6. De slangen demonteren.
- 7. De doseerreservoirs legen.
20.2 Transportbeveiligingen plaatsen
Om transportschade te vermijden, beveiligt u het apparaat vóór het transport met transportbeveiligingen.
- 1. Verwijder de 4 afdekkapjes met behulp van een schroevendraaier.
Bewaar de afdekkapjes.
- 2. De 4 transportbeveiligingen plaatsen.
→ "Transportbeveiligingen verwijderen", Pagina 14
20.3 Apparaat opnieuw in gebruik nemen
- Voor meer informatie, zie → "Opstellen en aansluiten", Pagina 13 en → "Wascyclus zonder wasgoed starten", Pagina 20.
Pagina 55
Servicedienst nl
20.4 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
WAARSCHUWING
Kans op gevaar voor de gezondheid!
Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.
- Het apparaat niet opstellen achter een deur die het openen van de apparaatdeur blokkeert of verhindert.
- Bij afgedankte apparaten de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen, daarna het netsnoer doorknippen en het slot van de apparaatdeur dusdanig beschadigen, dat de apparaatdeur niet langer sluit.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektroni-
sche apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
21 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.
21.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje bevindt zich afhankelijk van het model:
aan de binnenkant van de deur.
55
Pagina 56
nl Servicedienst
aan de binnenkant van de onderhoudsklep.
aan de achterkant van het apparaat.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
Pagina 57
Verbruikswaarden nl
22 Verbruikswaarden
De volgende informatie wordt conform deEU-Ecodesign-verordening gegeven. De opgegeven waarden voor andere programma's als Eco 40-60 zijn slechts richtwaarden en werden in aansluiting op de geldende norm EN60456 bepaald. De automatische doseringsfunctie werd voor dit doeleinde gedeactiveerd.
Aanwijzingen m.b.t. de vergelijkende test: deactiveer de automatische doseerfunctie, tenzij deze functie het voorwerp is van de test.
| Programma | Belading (kg) | Programmaduur (h:min)¹ | Energieverbruik (kWh/ cyclus)¹ | Waterverbruik (l/ cyclus)¹ | Maximale temperatuur (°C) 5 min¹ | Centrifugetoerental (t/ min)¹ | Restvocht-gehalte (%)¹ |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eco 40-60² | 9,0 | 3:48 | 0,870 | 75,0 | 38 | 1351 | 50,00 |
| Eco 40-60² | 4,5 | 2:54 | 0,370 | 40,0 | 27 | 1351 | 49,00 |
| Eco 40-60² | 2,5 | 2:22 | 0,180 | 30,0 | 23 | 1351 | 52,00 |
| Katoen 20 °C | 9,0 | 3:44 | 0,400 | 98,0 | 23 | 1400 | 50,00 |
| Katoen 40 °C | 9,0 | 3:44 | 1,290 | 98,0 | 44 | 1400 | 50,00 |
| Katoen 60 °C | 9,0 | 3:44 | 1,750 | 98,0 | 60 | 1400 | 50,00 |
| Katoen 40 °C + Voorwas | 9,0 | 4:14 | 1,330 | 110,0 | 44 | 1400 | 50,00 |
| Kreukherstellend 40 °C | 4,0 | 2:37 | 0,800 | 61,0 | 44 | 1200 | 30,00 |
| Snel/Mix 40 °C | 4,0 | 1:05 | 0,640 | 44,0 | 42 | 1400 | 53,00 |
| Wol 30 °C | 2,0 | 0:41 | 0,300 | 48,0 | 29 | 800 | 26,00 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 57)
1 De werkelijke waarden kunnen door de invloed van waterdruk, hardheid en inlaattemperatuur, omgevingstemperatuur, soort, hoeveelheid en vervuiling van het wasgoed, gebruikt reinigingsmiddel, schommelingen van de stroomvoorziening en geselecteerde bijkomende functies van de opgegeven waarden afwijken.
2 Testprogramma conform de EU-Ecodesignverordening en de EU-energielabelverordening met koud water (15°C).
23 Technische gegevens
| Apparaathoogte | 84,8 cm |
| Apparaatbreedte | 59,8 cm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 57)
Apparaatdiepte Apparaatdiepte met gesloten deur
Pagina 58
nl Technische gegevens
| Apparaatdiepte met geopende deur | 107,3 cm |
|---|---|
| Gewicht | 73,5 kg |
| Maximale belading | 9,0 kg |
| Netspanning | 220-240 V, 50-60 Hz |
| Minimale installatiezekering | 10 A |
| Nominaal vermogen | 2300 W |
| Opgenomen vermogen | • Uit-toestand: 0,15 W • Niet-uitgeschakelde toestand: 0,50 W |
| Waterdruk | • Minstens: 100 kPa (1 bar) • Maximaal: 1000 kPa (10 bar) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 58)
| Lengte van de watertoevoerslang | 150 cm |
|---|---|
| Lengte van de waterafvoerslang | 150 cm |
| Lengte van de netaansluitkabel | 160 cm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 58)
Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder https:// eprel.ec.europa.eu/¹. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-productdatabank EPREL. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.
1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte
58
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
nl
Raadpleeg de Digitale Gebruikersgids voor meer informatie.
Inhoudsopgave
1 Veiligheid.....................................
1.1 Algemene aanwijzingen ............ 1.2 Bestemming van het apparaat ............................................ 1.3 Inperking van de gebruikers ..... 1.4 Veilige installatie........................ 1.5 Veiliger gebruik ......................... 1.6 Veilige reiniging en onderhoud ..........................................
2 Materiële schade vermijden ..... 11
3 Milieubescherming en besparing............................................. 12
3.1 Afvoeren van de verpakking ... 12 3.2 Zuinig met energie en hulpbronnen ................................... 12 3.3 Energiebesparingsmodus ....... 12
4 Opstellen en aansluiten............
4.1 Apparaat uitpakken ................. 4.2 Inhoud van de verpakking....... 4.3 Vereisten ten aanzien van de opstelplaats ............................. 4.4 Transportbeveiligingen verwijderen ................................... 4.5 Apparaat aansluiten ................ 4.6 Stellen van het apparaat ......... 4.7 Apparaat elektrisch aansluiten............................................
5 Uw apparaat leren kennen........
5.1 Apparaat.................................. 5.2 Wasmiddellade........................ 5.3 Bedieningspaneel....................
6 Voor het eerste gebruik ............
6.1 Wascyclus zonder wasgoed starten......................................
2
7 Display.......................................
8 Toetsen......................................
9 Programma's .............................
10 Accessoires.............................
11 Wasgoed..................................
11.1 Wasgoed voorbereiden.........
12 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel.............................
13 De Bediening in essentie........
13.1 Apparaat inschakelen............ 13.2 Programma instellen ............. 13.3 Programma-instellingen aanpassen............................. 13.4 Trommel vullen met wasgoed ...................................... 13.5 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren ............ 13.6 Starten van het programma .. 13.7 Wasgoed inweken................. 13.8 Wasgoed bijvullen ................. 13.9 Progr. annuleren.................... 13.10 Programma bij spoelstop hervatten.............................. 13.11 Wasgoed uitnemen ............. 13.12 Apparaat uitschakelen.........
14 Kinderslot ................................
14.1 Kinderslot inschakelen .......... 14.2 Kinderslot deactiveren...........
15 Intelligent doseersysteem ......
15.1 Programma met intelligent doseersysteem starten..........
Pagina 3
nl
15.2 Doseerreservoir vullen .......... 15.3 Basisdoseerhoeveelheid .......
16 Basisinstellingen ....................
16.1 Overzicht over de basisinstellingen ............................... 16.2 Basisinstellingen wijzigen......
17 Programmateller .....................
17.1 Programmateller oproepen ...
18 Reiniging en onderhoud.........
18.1 Trommel reinigen .................. 18.2 Schoonmaken van de wasmiddellade............................. 18.3 Afvoerpomp reinigen.............
19 Storingen verhelpen ...............
19.1 Noodontgrendeling................
20 Transporteren, opslaan en afvoeren...................................
20.1 Apparaat demonteren ........... 20.2 Transportbeveiligingen plaatsen................................. 20.3 Apparaat opnieuw in gebruik nemen .......................... 20.4 Afvoeren van uw oude apparaat ....................................
21 Servicedienst...........................
21.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)..........
22 Verbruikswaarden...................
23 Technische gegevens.............
Pagina 4
nl Veiligheid
1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
- Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Gebruik het apparaat uitsluitend:
om wasmachinebestendig textiel en wol voor de handwas volgens het onderhoudsetiket te wassen.
met leidingwater en gangbare, voor de wasmachine geschikte wasmiddelen en onderhoudsmiddelen.
voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
tot een hoogte van 4000 m boven zeeniveau.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen tot 3 jaar en huisdieren niet bij het apparaat kunnen komen.
Pagina 5
Veiligheid nl
1.4 Veilige installatie
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd. De installatie moet zijn voorzien van een afdoende grote aderdiameter.
- Bij het gebruik van een aardlekschakelaar alleen een type met het teken gebruiken.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften worden ingebouwd.
- Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warmtebronnen in contact brengen.
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren gebruiken.
5
Verder lezen op pagina 6Inhoud