Bosch WTXH8M00NL, tekst van de handleiding
Pagina's 15–41 van 64 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–14verder op pagina 42 →
Pagina 15
Apparaat installeren en aansluiten nl
Waarschuwing
Kans op brand / materiële schade / schade aan het apparaat!
Het apparaat bevat R290, een koelmiddel dat milieuvriendelijk, maar brandbaar is.
Houd open vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat.
Waarschuwing
Kans op letsel / materiële schade / schade aan het apparaat!
- Het apparaat kan trillen of verplaatsen tijdens bedrijf, hetgeen potentieel kan leiden tot letsel of materiële schade.
Plaats het apparaat op een schone, gelijkmatige en stevige ondergrond en stel het horizontaal m.b.v. de stelvoeten en een waterpas.
- Het verkeerd plaatsen (stapelen) van dit apparaat bovenop een wasmachine kan leiden tot letsel, materiële schade en/of schade aan de machine.
Wanneer dit apparaat bovenop een wasmachine geplaatst moet worden, dan moet de wasmachine tenminste dezelfde diepte en breedte hebben als het apparaat en moet het op zijn plaats worden gehouden met de juiste aansluitset indien beschikbaar.
- Blz. 18
Het apparaat MOET worden bevestigd met deze aansluitset. Stapelen van het apparaat op enige andere manier is verboden.
- Wanneer u gebruik maakt van uitstekende delen van het apparaat (bijv. de deur van het apparaat) om het te tillen of te verplaatsen, dan kunnen deze onderdelen afbreken en letsel veroorzaken.
Het apparaat niet aan uitstekende delen beetpakken om het apparaat te verplaatsen.
Waarschuwing
Kans op letsel!
- Het apparaat is heel zwaar. Het optillen kan leiden tot letsel.
Til het apparaat niet in uw eentje op.
- Het apparaat heeft scherpe randen waaraan u uw handen kunt snijden. Pak het apparaat niet beet aan de scherpe randen. Draag beschermende handschoenen om het op te tillen.
Attentie!
Materiële schade / schade aan het apparaat
Wanneer het apparaat oververhit raakt, kan het zijn dat het niet juist werkt, of het kan leiden tot materiaalschade of schade aan het apparaat.
Zorg er voor dat de luchtinlaat van het apparaat nooit geblokkeerd is wanneer het apparaat in gebruik is en dat het gebied rond het apparaat voldoende is geventileerd.
Attentie!
Materiële schade en schade aan het apparaat
Het apparaat werd voor het verlaten van de fabriek aan een functietest onderworpen en kan restwater bevatten. Dit restwater kan lekken als het apparaat meer dan 40° wordt gekanteld.
Pagina 16
nl Apparaat installeren en aansluiten
Apparaat als volgt plaatsen:
- 1. Apparaat op een schone, vlakke en stevige ondergrond opstellen.
- 2. Afstelling van het apparaat controleren met een waterpas.
- 3. Indien nodig het apparaat opnieuw stellen door aan de apparaatvoetjes te draaien.
U kunt het apparaat aansluiten.
Aanwijzingen
- Alle apparaatvoeten moeten stevig op de grond staan.
- Bij verkeerd opgestelde apparaten kunnen geluiden, trillingen en een onregelmatige trommelloop optreden en tevens kan er restwater uit de trommel lopen.
Apparaat aansluiten
Waarschuwing
Kans op elektrische schok / brand / materiële schade / schade aan het apparaat!
Wanneer het apparaat niet correct wordt geïnstalleerd, dan kan dit leiden tot een gevaarlijke situatie. Waarborg het volgende:
- Dat de netspanning op uw stopcontact overeenkomt met de nominale spanning die is vermeld op het apparaat (typeplaat). De aangesloten lasten en de benodigde zekeringwaarde zijn vermeld op het identificatieplaatje.
- Het apparaat mag niet worden gevoed door een extern schakelapparaat, zoals een timer, of worden aangesloten op een circuit, dat regelmatig wordt in en uitgeschakeld door een nutsbedrijf.
- Dat de netstekker en het randaarde stopcontact met elkaar overeenstemmen en dat de randaarde correct is geïnstalleerd.
- Dat de elektrische installatie aders heeft van voldoende grote diameter.
- Dat de netstekker te allen tijde vrij toegankelijk is. Wanneer het niet mogelijk is te voldoen aan de relevante regelgeving, dan moet een schakelaar (2-polige uitschakelaar) worden ingebouwd in de permanente installatie, overeenkomstig de regelgeving voor elektrische installaties.
- Bij gebruik van een aardlekschakelaar uitsluitend een exemplaar gebruiken met het volgende symbool: . De aanwezigheid van dit symbool is de enige manier om er zeker van te zijn dat deze voldoet aan alle geldende regelgeving.
Waarschuwing
Kans op elektrische schok / brand / materiële schade / schade aan het apparaat!
Wanneer de aansluitkabel van het apparaat is gewijzigd of beschadigd, dan kan dit leiden tot een elektrische schok, kortsluiting of brand als gevolg van oververhitting.
De aansluitkabel mag niet worden geknikt, gekneld of gewijzigd en mag niet in contact komen met hittebronnen.
Pagina 17
Apparaat installeren en aansluiten nl
Waarschuwing
Kans op brand / materiële schade / schade aan het apparaat!
Het gebruik van verlengsnoeren of stekkerdozen kan leiden tot brand door oververhitting of kortsluiting.
Sluit het apparaat direct aan op een geaard stopcontact dat correct is geïnstalleerd. Gebruik geen verlengsnoeren, stekkerdozen of meerweg-stopcontacten.
Waarschuwing
Kans op letsel!
Wanneer de slangen en aansluitkabel niet juist zijn geleid, dan kunnen deze een struikelgevaar vormen, hetgeen tot letsel kan leiden.
Leid slangen en kabels dusdanig dat ze geen struikelgevaar vormen.
Apparaat als volgt aansluiten:
- 1. Afvoerslang aansluiten. Blz. 42
- 2. Stekker van het apparaat in het daarvoor voorziene stopcontact steken.
- 3. Controleer of de netstekker goed vastzit.
Uw apparaat is nu gereed voor gebruik.
Attentie!
Materiële schade en schade aan het apparaat
Het apparaat bevat koelmiddel en kan beschadigd worden, wanneer het apparaat direct naar transport gebruikt wordt.
Laat het apparaat voor de inbedrijfstelling twee uur staan.
Aanwijzing: Laat bij twijfel het apparaat door gekwalificeerd vakpersoneel aansluiten.
Voor het eerste gebruik
Voordat u het apparaat inschakelt:
Controleer of er geen zichtbare schade is aan het apparaat. Gebruik het apparaat niet wanneer het is beschadigd. Mocht u problemen tegenkomen, neem dan contact op met uw dealer of onze klantenservice.
Aanwijzing: Na het deskundig plaatsen en aansluiten is het apparaat klaar voor gebruik. Er zijn geen verdere maatregelen nodig.
Pagina 18
nl Apparaat installeren en aansluiten
Optionele toebehoren
Bestel de optionele toebehoren* bij de servicedienst:
- Wolkorf:
Droog of lucht afzonderlijke items van wol, sportschoenen en knuffeldieren in de wolkorf.
- Bestelnummer: WMZ20600.
- Ergolade:
Verhoog uw droogautomaat voor het makkelijker beladen en legen met een Ergolade.
U kunt het wasgoed met de geïntegreerde wasmand in de ergolade transporteren.
- Bestelnummer: WTZPW20D.
- Verbindingsset was-droogautomaatzuil:
U kunt de droger plaatsbesparend op een geschikte wasmachine van dezelfde diepte en breedte plaatsen. Bevestig de droger uitsluitend met deze verbindingsset op de wasmachine.
- Bestelnummer met uittrekbaar werkblad: WTZ27400
- Bestelnummer zonder uittrekbaar werkblad: WTZ27410.
- Aansluitset:
U kunt het condenswater van het apparaat optioneel via een afvoerslang naar de afvoer wegleiden. In dit geval hoeft u het condenswaterreservoir niet tijdens het drogen en na het drogen te legen.
Bestelnummer:
- Adapter Y-aansluiting voor waterafvoer
Als u aan dezelfde afvoer een wasmachine hebt aangesloten, kunt u de waterafvoerslang en de afvoerslang van de aansluitgarnituur met de adapter aan de afvoer bevestigen.
Bestelnummer: 15000490
* al naar gelang de apparaatuitvoering
18
Pagina 19
Korte handleiding nl
9 Korte handleiding
Aanwijzing: Het apparaat moet deskundig geplaatst en aangesloten worden.
- Blz. 14
| 1 Vóór programmastart: | |||
|---|---|---|---|
| Wasgoed sorteren. | Apparaat inschakelen. | Programma kiezen. | |
| -------- 2 | |||
| Deur openen en wasgoed er in doen. | Deur sluiten. | Indien nodig: programmainstellingen wijzigen. | Programma starten. |
| -------- 3 Na het einde van het programma: | |||
| -------- | Apparaat uitschakelen. | Vuldeur openen en wasgoed eruit halen. | Condenswaterreservoir leegmaken. |
Pagina 20: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 21
Apparaat leren kennen nl
Paneel
0 Programma's
Programma selectieknop
- Draaien: programma instellen
- Indrukken: apparaat aan-/uitschakelen
Display
Weergave van instellingen en informatie
Toetsen voor programma-instellingen en extra functies/apparaatinstellingen
8
Pagina 22
nl Display
Display
| Indicatie | Beschrijving | Informatie |
|---|---|---|
| Programmastatus: | brandt: statusindicatie | |
| Drogen | ||
| Strijkdroog | ||
| Kastdroog | ||
| Antikreuk | ||
| - - | Pauze | |
| Programma-einde | ||
| Droogdoel | Droogdoel Kastdroog plus geactiveerd | |
| Droogdoel Kastdroog geactiveerd | ||
| Droogdoel Strijkdroog geactiveerd | ||
| 5 5 5 5 5 5 | Drooggraad | Drooggraad voor een droogdoel geactiveerd |
| Bijv. 1:27 | Programmaduur | Vermoedelijke programmaduur in uren en minuten. |
| 3h | Programma-einde | Programma-uitstel in uren, wanneer u de Klaar-in tijd heeft geactiveerd. |
| Tijdprogramma | Tijdprogramma geactiveerd | |
| Wi-Fi | ■ uit: Wi-Fi is gedeactiveerd en uw apparaat is niet met het thuisnetwerk verbonden. ■ knippert: Uw apparaat probeert een verbinding met het thuisnetwerk op te bouwen. ■ brandt: Wi-Fi is geactiveerd en uw apparaat is met het thuisnetwerk verbonden. |
Pagina 23
Display nl
| Bedien via App | brandt: starten op afstand is geactiveerd. Blz. 26 |
| Energiemanager | brandt: apparaat is met het Smart Energy System (energiemanager) verbonden (niet in elk land beschikbaar) |
| Condenswaterreservoir leegmaken • Blz. 32 | ■ Condenswaterreservoir leegmaken en plaatsen. Blz. 32 Druk vervolgens op Start/ Pauze . ■ Filter in condenswaterreservoir reinigen. ■ Wanneer de optionele afvoerslang* is geïnstalleerd, zorg er dan voor dat de afvoerslang: – correct is aangesloten. Blz. 42 – zonder knikken gelegd is. – niet geblokkeerd of verstopt is, bijv. door afzettingen. ■ Intensieve apparaatverzorging uitvoeren. ■ Controleren of er vreemde voorwerpen in de bodemeenheid zijn geraakt. Serviceklep openen en vreemde voorwerpen verwijderen. |
| Bodemeenheid | Bodemeenheid reinigen Blz. 45 |
| Automatisch spoelen van de warmtewisselaar | De warmtewisselaar wordt automatisch gereinigd. Tijdens de aangegeven procedure het condenswaterreservoir er niet uittrekken en het programma niet afbreken. |
| Eenvoudige apparaatverzorging | Geen fout. Na enige gebruikstijd adviseert het apparaat automatisch de eenvoudige apparaatverzorging. Eenvoudige apparaatverzorging uitvoeren. Blz. 51 |
| CoolDown | Bij het drogen kunnen hoge temperaturen ontstaan. Het CoolDown-proces verlaagt de temperatuur om beschadiging van het wasgoed te voorkomen wanneer u: ■ het programma pauzeert ■ het programma afbreekt ■ het apparaat via de app uitschakelt De CoolDown wordt pas 30 seconden na het pauzeren, afbreken of uitschakelen via de app gestart. Het apparaat kan tijdens de CoolDown gewoon bediend worden. Aanwijzingen ■ De trommel draait tijdens de CoolDown ook in gepauzeerde toestand verder. ■ Wijzig tijdens de CoolDown het programma niet. ■ De temperatuurregeling kan tot max. 10 minuten duren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
--------
Pagina 24
nl Programma-overzicht
Programma-overzicht
| Programma | maximale belading |
|---|---|
| Programmanaam Korte toelichting bij het programma, bijv. voor welke textielsoorten het geschikt is. | maximale belading gebaseerd op het drooggewicht van het textiel |
| Katoen Stevig textiel, kookvast textiel van katoen of linnen. | 9 kg |
| Kreukherstellend Textiel van synthetische of gemengde weefsels. | 3,5 kg |
| Mix Gemengde belading van katoen en synthetisch textiel. | 3 kg |
| Fijne was Gevoelig, wasbaar textiel bijv. van satijn, synthetisch of gemengde stoffen. | 2 kg |
| Wol finish Machinewasbare wol of textiel met een wolaandeel. Aanwijzingen ■ Textiel wordt pluiziger, maar niet gedroogd. ■ Wasgoed na het einde van het programma uitnemen en laten drogen. | 0,5 kg |
| Tijdprogramma warm Tijdprogramma voor alle textielsoorten behalve zijde. Geschikt voor voorgedroogd of licht vochtig wasgoed en voor het nadrogen van meerlaags, dikker wasgoed. Voor het drogen van afzonderlijke stukken wasgoed. Aanwijzingen ■ Droog wol, sportschoenen en knuffeldieren uitsluitend met de wolkorf. ■ In het tijdprogramma wordt de restvochtigheid van het wasgoed niet automatisch herkend. Is het wasgoed na het drogen nog vochtig, herhaal dan het programma en verleng eventueel de programmaduur. | 3 kg max. belading voor wol/knuffeldieren in korf: 1 korfvulling max. belading voor schoenen in korf: 1 paar |
| Smart Dry Nadat u uw wasgoed in de wasmachine hebt gewassen, wordt aan de droger een passend programma voor het drogen van de was aanbevolen. Meer informatie: • Blz. 40 Aanwijzingen ■ De wasmachine moet geschikt zijn voor Home Connect. ■ De wasmachine en de droger moeten met het thuisnetwerk verbonden en in uw Home Connect app geregistreerd zijn. | Afhankelijk van de programma-aanbeveling |
Pagina 25
Programma-overzicht nl
| Overhemden Overhemden/blouses van katoen, linnen, synthetische of gemengde weefsels. Aanwijzing: Na het drogen strijkt u het wasgoed of hangt u het op. Het restvocht verdeeld zich dan gelijkmatig. | 1,5 kg |
| Dekens Met synthetische vezels gevuld textiel, kussens, dekbedden spreien. Aanwijzing: Grote items afzonderlijk drogen. Houd de textiellabels aan. | 2,5 kg |
| Dons Met dons gevuld textiel, dekens of donzen dekbedden. Aanwijzingen ■ Grote items afzonderlijk drogen. ■ Textiel na einde van het programma opschudden om de vulling te verdelen en vochtophopingen te verwijderen.Evt. het programma opnieuw starten. | 1,5 kg |
| Sport Sneldrogende sportkleding met functievezels, microvezels en synthetisch. | 1,5 kg |
| Handdoeken Stevige handdoeken en badjassen van katoen. | 6 kg |
| SuperKort 40 min. Gemengde lading van synthetisch textiel en licht katoen. | 1 kg |
| AllergiePlus Stevig textiel. Aanwijzing: Het programma bereikt hogere temperaturen. Bijzonder geschikt bij hoge hygiënische eisen. | 4 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
--------
Pagina 26
nl Programma-overzicht
0 Instellingen
| Programma-instellingen | Functie |
|---|---|
| Aanwijzing: Sommige instellingen kunnen niet in alle programma's worden geactiveerd. De geactiveerde instellingen worden op de buttons weergegeven op in het display helder geaccentueerd. U kunt geactiveerde instellingen wijzigen of deactiveren door meermaals op de betreffende toetsen te drukken. | |
| Bedien via App | Met Bedien via App kunt u het apparaat voor de start op afstand via de Home Connect App vrijgeven of de Home Connect-instellingen oproepen. Aanwijzingen ■ Houd de aanwijzingen omtrent de omgevingstemperaturen aan Blz. 61. ■ De apparaatdeur moet gesloten zijn en het apparaat moet met het thuisnetwerk verbonden zijn, om starten op afstand te activeren. ■ De start op afstand wordt vanwege veiligheidsredenen onder de volgende omstandigheden gedeactiveerd: ■ Deur openen, ■ Stroomonderbreking, ■ Op het apparaat op Start/ Pauze drukken, ■ Opnieuw kort op Bedien via App drukken, ■ Op drukken om het apparaat uit te schakelen. |
| Droogdoel : | Het droogdoel legt vast hoe vochtig of droog het wasgoed na het programma-einde is. Als u een droogtijd hebt ingesteld, blijft deze ook na het uitschakelen van het apparaat voor het betreffende programma opgeslagen. Uitzondering: bij katoen worden de instellingen niet opgeslagen. |
| • Kastdroog plus | Meerlaags dik wasgoed dat moeilijk droogt. |
| • Kastdroog | Normaal eenlaags wasgoed. |
| • Strijkdroog | Normaal eenlaags wasgoed, dat na het drogen vochtig moet zijn en geschikt is voor strijken of ophangen. |
| Droogtegraad | Vindt u het wasgoed na het drogen nog te vochtig, dan kunt u voor een droogdoel de drooggraad aanpassen in in stappen van 5 tot 5 5 5 verhogen.Dit verlengt de programmaduur bij gelijkblijvende temperatuur. Heeft u de drooggraad voor een droogdoel aangepast, dan blijft de instelling voor dat programma ook na het uitschakelen van het apparaat opgeslagen. |
| Klaar in | Vóór het starten van het programma kunt u het programma-einde met en tot maximaal 24 uur vertragen. Op het display wordt het ingestelde aantal uur, bijv. 8 uur, weergegeven en afgeteld tot het programma begint. Na de start van het programma wordt de programmaduur weergegeven. Aanwijzing: Houd de aanwijzingen omtrent de omgevingstemperaturen aan • Blz. 61. |
Pagina 27
Programma-overzicht nl
| Klaar in | De droogtijd voor tijdprogramma's kan met en in stappen van 10 minuten worden verlengd. |
| / | Met de selectietoetsen en kunt u instelwaarden aanpassen. |
| Antikreuk 60 min. Antikreuk 120 min. | De trommel beweegt het wasgoed na het drogen met regelmatige tussenpozen, om kreukvorming te voorkomen. U kunt de automatische antikreukfunctie gedurende 60 minuten (met Antikreuk 60 min. ) of gedurende 120 minuten (met Antikreuk 120 min. ) activeren of deactiveren. |
| Lage temperatuur | Verlaagde temperatuur voor gevoelig textiel, zoals bijv. polyacryl of elastaan, kan de droogduur verlengen. |
| Start/ Pauze | Starten, afbreken of onderbreken van een programma. |
| Apparaatinstelling | Functie |
| Hoe u de apparaatinstelling kunt aanpassen, komt u op Blz. 33 te weten. | |
| Kinderbeveiliging 3 sec. | Paneel tegen het per ongeluk bedienen beveiligen. |
| Eindsignaal | Met Eindsignaal legt u vast of na het programma-einde een signaal weerklinkt. Is de instelling gekozen, dan brandt het indicatielampje van de toets en de signaaltoon is geactiveerd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
--------
Pagina 28
nl Wasgoed
Wasgoed
Wasgoed voorbereiden
Waarschuwing
Kans op explosies/brand!
Bepaalde objecten kunnen ontsteken tijdens het drogen, of er zelfs toe leiden dat het apparaat in brand vliegt of explodeert.
Verwijder eventuele aanstekers of lucifers uit de zakken van kleding.
Attentie!
Beschadiging aan trommel en textiel
De trommel en het textiel kunnen tijdens het gebruik beschadigd raken, wanneer u voorwerpen in de zakken van het textiel laat. Verwijder alle voorwerpen, zoals metalen delen uit de zakken van het textiel.
Wasgoed als volgt voorbereiden:
- Bind stoffen riemen, schortbanden etc. samen, of gebruik een waszak.
- Doe ritssluitingen, haken, ogen en knopen dicht. Knoop grote stukken wasgoed, zoals dekbedovertrekken, dicht.
- Droog zeer kleine stukken textiel, zoals bijv. babysokjes, altijd samen met grote stukken wasgoed, zoals bijv. handdoeken.
- Gebruik voor losse stukken wasgoed een tijdprogramma.
- Gebreid textiel, bijv. T-shirts, tricot, krimpt vaak bij de eerste keer drogen. Gebruik een voorzichtig programma.
- Kreukherstellend wasgoed niet te lang drogen. Dit leidt tot meer kreukels in het wasgoed.
- Sommige was-en verzorgingsmiddelen, zoals stijfsel of wasverzachter, bevatten deeltjes die zich op de vochtigheidssensor kunnen afzetten. Dit kan de werking van de sensor en daardoor ook het droogresultaat nadelig beïnvloeden.
Aanwijzingen
- Doseer was- en verzorgingsmiddelen bij het wassen van de te drogen was volgens opgaven van de fabrikant.
- Reinig de vochtigheidssensor regelmatig Blz. 48.
Wasgoed sorteren
Aanwijzing: Doe het wasgoed stuk voor stuk in het apparaat. Voorkom bundels van wasgoed, om een goed droogresultaat te verkrijgen.
Attentie!
Materiële schade aan de droogautomaat of textiel
Voor de droger ongeschikt wasgoed kan het apparaat en het wasgoed bij het drogen beschadigen. Sorteer het wasgoed vóór het drogen overeenkomstig de aanwijzingen op het verzorgingslabel:
- Geschiktheid voor droogautomaat
- Drogen met normale temperatuur
- Drogen met lage temperatuur
- Niet in de droger drogen
Pagina 29
Apparaat bedienen nl
Bij het sorteren van het te drogen wasgoed op het volgende letten:
- Droog wasgoed van hetzelfde soort materiaal en structuur samen, om een gelijkmatig droogresultaat te verkrijgen.
Wanneer u dun, dik of meerlaags textiel samen droogt, dan worden deze in verschillende mate gedroogd.
- Kies al naar gelang de textielbeschrijving het droogprogramma.
"Programma-overzicht" op pagina 24
Aanwijzing: Wanneer u het wasgoed na het drogen als te vochtig ervaart, dan kunt u een tijdprogramma voor het nadrogen kiezen.
Attentie!
Materiële schade aan het apparaat of textiel
Droog de volgende textielsoorten niet in het apparaat:
- Met oplosmiddelen, was, of vet verontreinigd wasgoed.
- Ongewassen textiel.
- Niet-luchtdoorlatend textiel, zoals wasgoed met een rubberlaag.
- Gevoelig textiel, bijv. zijde, synthetische gordijnen.
1 Apparaat bedienen
Wasgoed in de droogautomaat doen en deze inschakelen
Aanwijzing: Het apparaat moet deskundig geplaatst en aangesloten worden. Blz. 14
- 1. Wasgoed voorbereiden en sorteren.
- 2. Op drukken om het apparaat in te schakelen.
- 3. Deur openen.
Controleren of de trommel geheel geleegd is. Eventueel leegmaken.
Pagina 30
nl Apparaat bedienen
- 4. Wasgoed uit elkaar gevouwen in de trommel doen.
- 5. Deur sluiten.
Attentie!
Materiële schade aan het apparaat of het textiel mogelijk.
Geen wasgoed in de deur inklemmen.
Aanwijzing: De trommel van het apparaat wordt na het openen, sluiten en starten van het programma verlicht. Trommel binnenverlichting dooft vanzelf (afhankelijk van het model).
Programma instellen
Aanwijzing: Wanneer u de kinderbeveiliging hebt geactiveerd, moet u deze eerst deactiveren voordat u een programma kunt instellen.
- Blz. 33
- 1. Het gewenste programma instellen.
Op het display verschijnen de programma-instellingen.
- 2. De programma-instellingen, indien gewenst aanpassen.
Programma starten
Op Start/ Pauze drukken.
Aanwijzing: Wanneer u het programma tegen onbedoeld wijzigen wilt beveiligen, activeer dan als volgt de kinderbeveiliging. Blz. 33
Programmaverloop
De programmastatus wordt op het display weergegeven.
Aanwijzing: Bij de keuze van een programma wordt de geschatte droogtijd voor de maximale belading getoond. Bij het drogen bepaalt de vochtsensor de restvochtigheid in de was. Afhankelijk van de restvochtigheid worden de programmaduur en de indicatie van de resterende tijd in het lopende bedrijf automatisch aangepast (behalve tijdprogramma's).
Pagina 31
Apparaat bedienen nl
Programma wijzigen of wasgoed bijvullen
U kunt tijdens het drogen te allen tijde wasgoed uitnemen of bijvullen en het programma wijzigen of aanpassen.
- 1. Deur openen of op Start/ Pauze voor een pauze drukken.
Aanwijzing: Wanneer de CoolDown actief is, draait de trommel ook in gepauzeerde toestand verder. U kunt de CoolDown te allen tijde door het openen van de deur afbreken.
- 2. Wasgoed bijvullen of uitnemen.
- 3. Indien gewenst, een ander programma of een andere programma-instelling kiezen. "Programma-overzicht" op pagina 24
Aanwijzing: Wijzig tijdens de CoolDown het programma niet.
- 4. Deur sluiten.
- 5. Op Start/ Pauze drukken.
Aanwijzing: De programmaduur op het display wordt bijgewerkt, naar gelang de belading en het restvochtigheid van het wasgoed. De weergegeven waarden kunnen na een programma- of beladingswijziging veranderen.
Programma afbreken
Het programma kan altijd onderbroken worden door de deur te openen of op Start/ Pauze te drukken.
Attentie!
Brandgevaar. Wasgoed kan ontbranden.
Breek het programma af, verwijder al het wasgoed en spreid het uit, zodat de hitte kan ontsnappen.
Programma-einde
Op het display verschijnt de aanwijzing.
Wasgoed uitnemen en apparaat uitschakelen
- 1. Wasgoed uitnemen.
- 2. Op drukken om het apparaat uit te schakelen.
Pagina 32
nl Apparaat bedienen
Condenswaterreservoir leegmaken
Tijdens het drogen ontstaat condenswater in het apparaat.
Wanneer er geen afvoerslang wordt gebruikt, loopt het condenswater van het apparaat in het condenswaterreservoir. In dit geval moet u het condenswaterreservoir na elke droogbeurt legen en ook wanneer dit tijdens het drogen voortijdig is gevuld.
- 1. Condenswaterreservoir horizontaal er uit trekken.
- 2. Condenswater afgieten.
Attentie!
Schade voor de gezondheid en materiële schade mogelijk
Condenswater is geen drinkwater en kan met pluizen verontreinigd zijn. Verontreinigd condenswater kan leiden tot aantasting van de gezondheid en materiële schade. Niet opdrinken of verder gebruiken.
- 3. Condenswaterreservoir totdat deze merkbaar vastklikt weer in het apparaat schuiven.
Aanwijzing: Het filter in het condenswaterreservoir filtert het condenswater, dat voor de automatische reiniging van uw apparaat wordt gebruikt. Het filter wordt door het legen van het condenswater gereinigd. Controleer het filter desondanks op resterende afzettingen en verwijder deze eventueel.
"Filter in condenswaterreservoir reinigen" op pagina 49
Pagina 33
Apparaatinstellingen nl
2 Apparaatinstellingen
U kunt het kinderslot en de basisinstellingen (bijv. signalen) aanpassen of activeren/deactiveren.
Kinderslot
Met de activering van de de kinderbeveiliging voorkomt u het per ongeluk bedienen van het bedieningspaneel.
Kinderbeveiliging activeren/ deactiveren:
- Kinderbeveiliging 3 sec. gedurende 3 seconden indrukken.
Aanwijzing: De kinderbeveiliging blijft ook na het uitschakelen van het apparaat geactiveerd. Om het bedieningspaneel na het inschakelen te kunnen bedienen, moet u de kinderbeveiliging deactiveren.
Instructiesignaal
U kunt het instructiesignaal aan het programma-einde activeren of deactiveren. Wanneer u deze instelling activeert, klinkt aan het programmaeinde een akoestisch signaal.
Apparaatinstelling als volgt activeren/ deactiveren:
Op Eindsignaal drukken.
Het instructiesignaal aan het programma-einde is geactiveerd/ gedeactiveerd.
Aanwijzing: Wanneer aan het einde van het programma geen signaal klikt, hoewel het instructiesignaal wel is geactiveerd, dan kunt u de apparaatinstellingen aanpassen.
Basisinstellingen
U kunt bepaalde basisinstellingen aan het apparaat aanpassen. Om aanpassingen uit te kunnen voeren, moet u eerst de instelmodus oproepen:
- 1. Programma op stand instellen.
- 2. Druk op Droogdoel en tegelijkertijd:
- 3. Programma op stand 0 instellen.
- 4. Droogdoel loslaten. De instelmodus is geactiveerd.
De basisinstellingen zijn aan volgende programmaposities toegewezen:
Pagina 34
nl Home Connect
| Stand | Basisinstelling |
|---|---|
| 0 | Volume van de instructiesignalen (bijv. aan het einde van het programma) aanpassen. |
| 8 | Volume van de bedieningssignalen aanpassen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
--------
Instelwaarden: 0 uit
1 gering
2 gemiddeld
3 hoog
4 zeer hoog
Basisinstellingen als volgt aanpassen en activeren/deactiveren
- 1. Positie van de gewenste basisinstelling instellen.
- 2. Instelling wijzigen met:
- 3. Overige basisinstellingen aanpassen of basisinstellingen opslaan en beëindigen.
Basisinstellingen als volgt opslaan en beëindigen
Het apparaat uitschakelen.
Aanwijzing: De instellingen blijven ook na het uitschakelen van het apparaat bewaard.
Home Connect
Dit apparaat is voorzien van Wi-Fi en kan via een mobiel eindapparaat op afstand worden bediend.
Via de Home Connect app kunt u met uw mobiele eindapparaat op dit apparaat:
- Programma's instellen en starten.
- Programma-instellingen aanpassen en activeren/deactiveren.
- Programmastatus opvragen.
- Apparaatinstellingen aanpassen en activeren/deactiveren.
- Apparaat uitschakelen.
Voor u de Home Connect functies kunt gebruiken, dient u volgende stappen uit te voeren:
- 1. Home Connect app op mobiel eindapparaat installeren.
- 2. Zich in de Home Connect app registreren.
- 3. Uw apparaat eenmalig automatisch of handmatig met het thuisnetwerk verbinden.
- 4. Apparaat met de Home Connect app verbinden.
Informatie over de app vindt u op onze internetpagina voor Home Connect www.home-connect.com.
De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com
Pagina 35
Home Connect nl
Aanwijzingen
- Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u niet thuis bent en u het apparaat bedient via de Home Connect app en daarbij niet thuis bent. Houd u ook aan de aanwijzingen in de Home Connect app.
- Wordt het apparaat bediend, dan kunt u niet tegelijkertijd wijzigingen via de Home Connect app uitvoeren. Aanpassingen op het apparaat worden echter wel in de
Home Connect app voor u zichtbaar.
Home Connect-menu oproepen
In het Home Connect-menu kunt u netwerkverbindingen aanmaken en bekijken, netwerkinstellingen resetten, Wi-Fi activeren/deactiveren en bijkomende Home Connect-functies vinden.
- 1. Apparaat inschakelen.
- 2. Op Bedien via App drukken en minstens 3 seconden ingedrukt houden.
Op het display verschijnt:
U bevindt zich nu in het Home Connectmenu.
Aanwijzing: Kort op Bedien via App drukken om het Home Connect menu te verlaten.
Verbinden met het thuisnetwerk en de Home Connect app
Verbind uw apparaat eenmalig automatisch of handmatig met het thuisnetwerk.
Aanwijzingen
- Heeft uw thuisnetwerkrouter een WPS-functie, dan kunt u uw apparaat automatisch met uw thuisnetwerk verbinden.
- Heeft uw thuisnetwerkrouter geen WPS functie, dan moet u het apparaat handmatig met uw thuisnetwerk verbinden.
Vervolgens moet u zich met de Home Connect app verbinden.
Aanwijzing: Om uw apparaat met het thuisnetwerk te verbinden, moet Wi-Fi aan het apparaat geactiveerd zijn. Af fabriek is Wi-Fi aan het apparaat gedeactiveerd en deze activeert zich automatisch als u uw apparaat met het thuisnetwerk verbindt.
Automatisch verbinden met het thuisnetwerk
Stap 2.1
Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 35
- 1. Op Start/ Pauze drukken.
Het apparaat probeert nu verbinding te maken met het thuisnetwerk. Op het display knippert .
Pagina 36
nl Home Connect
- 2. WPS-functie binnen de volgende 2 minuten op de router van het thuisnetwerk activeren.
Wanneer het apparaat succesvol met het thuisnetwerk is verbonden, verschijnt op het display en brandt continu.
Aanwijzing: Kon er geen verbinding gemaakt worden, controleer dan of uw apparaat zich binnen het bereik van het thuisnetwerk bevindt. Herhaal het automatische verbinden of voer het handmatige verbinden uit.
Handmatig verbinding maken met het thuisnetwerk
Stap 2.2
Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 35
Controleer of u de Home Connect app hebt geopend en of u bent aangemeld.
- 1. Programma op stand 2 instellen.
3
•
Op het display verschijnt:
(handmatig verbinden).
- 2. Op Start/ Pauze drukken.
Het apparaat maakt nu een eigen Wi-Fi netwerk met de netwerknaam (SSID)
HomeConnect.
- 3. In het mobiele eindapparaat WLANinstellingen oproepen.
- 4. Mobiel eindapparaat met het WLANnetwerk HomeConnect verbinden en WLAN-wachtwoord (Key) HomeConnect invoeren.
Uw mobiele eindapparaat verbindt zich nu met het apparaat. De verbindingsprocedure kan tot wel 60 seconden duren.
- 5. Na een geslaagde verbinding de Home Connect app op het mobiele eindapparaat openen en de stappen in de app volgen.
- 6. In de Home Connect app de netwerknaam (SSID) en het wachtwoord (Key) van uw thuisnetwerk invoeren.
- 7. Volg de laatste stappen in de Home Connect app om uw apparaat te verbinden.
Wanneer het apparaat succesvol met het thuisnetwerk is verbonden, verschijnt op het display en brandt continu.
Aanwijzing: Kon er geen verbinding gemaakt worden, controleer dan of uw apparaat zich binnen het bereik van het thuisnetwerk bevindt.Herhaal het handmatige verbinden.
Verbinden met de Home Connect app
Is uw apparaat met het thuisnetwerk verbonden, dan moet u het verbinden met de Home Connect app.
Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 35
Pagina 37
Home Connect nl
Controleer of u de Home Connect app hebt geopend en of u bent aangemeld.
- 1. Programma op stand 3 instellen.
Op het display verschijnt:
(verbinden met app).
- 2. Op Start/ Pauze drukken. Het apparaat probeert zich nu met de Home Connect app te verbinden.
- 3. Zodra uw apparaat in de app wordt weergegeven, volgt u de laatste stappen in de Home Connect app.
Aanwijzing: Kon er geen verbinding gemaakt worden, controleer dan of uw mobiel eindapparaat zich binnen het bereik van het thuisnetwerk bevindt, resp. hiermee verbonden is. Herhaal het verbinden met de Home Connect app.
Wi-Fi activeren of deactiveren
Is uw apparaat al met het thuisnetwerk verbonden, dan kunt u Wi-Fi op uw apparaat activeren of deactiveren.
Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 35
- 1. Programma op stand 4 instellen.
Op het display verschijnt: (Wi-Fi-functie).
- 2. Op Start/ Pauze drukken. Verschijnt op het display , dan is de Wi-Fi-functie aan het apparaat geactiveerd. Verschijnt op het display , dan is de Wi-Fi-functie aan het apparaat gedeactiveerd.
Aanwijzingen
- Als u uw apparaat met het thuisnetwerk verbindt, wordt Wi-Fi automatisch geactiveerd.
- Als Wi-Fi is geactiveerd, dan schakelt het apparaat niet automatisch uit.
- Als Wi-Fi aan het apparaat is uitgeschakeld, is noch de start op afstand, noch de afstandsbediening van het apparaat via de Home Connect app mogelijk.
- Als Wi-Fi wordt uitgeschakeld en uw apparaat voordien met uw thuisnetwerk was verbonden, wordt de verbinding bij het herinschakelen van Wi-Fi automatisch opnieuw hersteld.
- Als u deze functie activeert, verhoogt het energieverbruik in vergelijking met de in de verbruikswaardentabel aangegeven waarden. Blz. 60
Netwerkinstellingen resetten
U kunt alle netwerkinstellingen resetten.
Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 35
- 1. Programma op stand 5 instellen.
Op het display verschijnt: (Netwerkinstellingen resetten).
- 2. Op Start/ Pauze drukken. Op het display verschijnt:
Pagina 38
nl Home Connect
- 3. Op Start/ Pauze drukken.
Aanwijzing: Wilt u uw apparaat weer via de Home Connect app gebruiken, dan moet u het opnieuw met het thuisnetwerk en de Home Connect app verbinden.
Software-update
U kunt de Home Connect software op uw apparaat updaten.Zodra een nieuwe software-update beschikbaar is, verschijnt een aanwijzing op het display:
Installeer de update direct via de aanwijzing op het display of als volgt handmatig:
Controleer of u zich in het Home Connect menu bevindt. Blz. 35
- 1. Programma op stand 6 instellen.
3
Op het display verschijnt:
(Update). Start/ Pauze knippert wanneer een software-update beschikbaar is.
- 2. Op Start/ Pauze drukken. Op het display verschijnt:
- 3. Start/ Pauze indrukken.
Aanwijzing: Het actualiseren van de software kan meerdere minuten duren. Schakel het apparaat tijdens de update niet uit.
Energiemngnt.
U kunt uw apparaat verbinden met uw Smart Energy System (Energiemanager).
Nadat u uw apparaat met het Smart Energy System (Energiemanager) heeft verbonden en de Flex Start heeft geactiveerd, kunt u uw energieverbruik optimaliseren, omdat uw apparaat pas start wanneer uw eigen fotovoltaïsche installatie voldoende energie levert of het stroomtarief gunstig is.
Meer informatie over de energiemanager vindt u op:www.home-connect.com/energymanagement
Aanwijzingen
- Het Smart Energy System (Energiemanager) moet de communicatiestandaard van het EEBus initiatief gebruiken.
- Lees eerst in de gebruiksaanwijzing van het Smart Energy System (Energiemanager) hoe u deze verbindt met uw apparaat.
- 1. Programma op stand 7 instellen.
3
Op het display verschijnt (Energy Manager).
- 2. Op Start/ Pauze drukken.
Het apparaat probeert zich nu te verbinden met het Smart Energy System (Energiemanager). Wanneer het apparaat succesvol is verbonden, dan verschijnt op het display: .
- 3. Flexstart activeren wanneer uw apparaat gestart moet worden door het Smart Energy System (Energiemanager).
Pagina 39
Home Connect nl
Flex Start
Activeer Flex Start, zodat uw Smart Energy System (Energiemanager) uw apparaat mag starten, wanneer uw eigen fotovoltaïsche installatie voldoende energie levert of het stroomtarief laag is.
Aanwijzing: Uw Smart Energy System (Energiemanager) kan het apparaat alleen starten wanneer Smart Energy System (Energiemanager) en apparaat met elkaar verbonden zijn.
Flex Start als volgt activeren:
- 1. Het gewenste programma selecteren.
- 2. Met de selectietoetsen en voor de Klaar-in tijd de gewenste tijdsperiode instellen.
- 3. Op Start/ Pauze drukken.
- 4. Op Bedien via App drukken. Op het display verschijnt .
De FlexStart is nu geactiveerd en het apparaat wacht op een start op afstand via het Smart Energy-Systeem (Energiemanager).
Wanneer in het display de weergave van de tijd naar bijv. . gaat, dan heeft het Smart Energy-System (Energiemanager) een tijdstip vastgelegd, waarop deze uw apparaat mag starten. Het programma eindigt na de opgegeven tijd.
Aanwijzingen
- Start het Smart Energy System (Energiemanager) uw apparaat niet, dan wordt het programma toch voor afloop van het ingestelde tijdsbestek gestart.
Het programma eindigt wanneer dit tijdsbestek afgelopen is.
- Bedien via App en hiermee ook Flex Start worden om veiligheidsredenen onder de volgende woorwaarden gedeactiveerd:
- Op Start/ Pauze drukken.
- Deur openen.
- Op drukken om het apparaat uit te schakelen.
- Stroomonderbreking.
Werd Flex Start gedeactiveerd, dan blijft Klaar in verder geactiveerd.
Wasgoed bijvullen of uitnemen:
Aanwijzing: Is Flex Start al geactiveerd en het programma nog niet gestart, dan kunt u wasgoed bijvullen of uitnemen
- 1. Op Start/ Pauze drukken.
- 2. Deur openen.
- 3. Wasgoed bijvullen of uitnemen.
- 4. Deur sluiten.
- 5. Op Start/ Pauze drukken.
- 6. Op Bedien via App drukken. De FlexStart is nu geactiveerd en het apparaat wacht op een start op afstand via het Smart Energy-Systeem (Energiemanager).
Intelligente programma-aanbeveling
Nadat u uw wasgoed in de wasmachine hebt gewassen, wordt aan de droger een passend programma voor het drogen van de was aanbevolen.
De vermoedelijke programmaduur van het aanbevolen programma wordt aan de hand van uw vorige wasprogramma bepaald.
Om een optimaal droogprogramma te bepalen, moeten uw apparaten informatie doorgeven en ontvangen.
Let daarom op het volgende:
- Om de gegevens over te dragen, moet het wasprogramma volledig zijn afgesloten.
- De wasmachine moet geschikt zijn voor Home Connect.
Pagina 40
nl Home Connect
- De wasmachine en de droger moeten met het thuisnetwerk verbonden en in uw Home Connect app geregistreerd zijn.
- 1. Apparaat inschakelen.
- 2. Programma op Smart Dry instellen.
De analyse start en er verschijnt een animatie op het display.
- 3. Om de analyse af te breken, stelt u een ander programma in of schakelt u het apparaat uit.
Werd het passende programma gevonden, dan stopt de animatie, de led van het aanbevolen programma brandt permanent en programma-inforamtie wordt op het display weergegeven.
- 4. Op Start/ Pauze drukken.
Aanwijzing: Kon geen passend programma worden gevonden, weerklinkt een signaal en op het display verschijnt:
Mogelijke redenen:
- Geen passend droogprogramma voor het gekozen wasprogramma gevonden.
- De wasmachine en de droger moeten met het thuisnetwerk verbonden en in uw Home Connect app geregistreerd zijn.
- Controleer of uw apparaten zich binnen reikwijdte van het thuisnetwerk bevinden.
- Er zijn geen gegevens van het laatste wasprogramma voorhanden. De gegevens worden 24 uur opgeslagen en dan gewist.
- Het wasprogramma werd afgebroken. Het wasprogramma moet volledig zijn afgesloten.
Afstandsdiagnose
Bij storingen kan de servicedienst toegang tot uw apparaat krijgen om een diagnose op afstand uit te voeren.
Neem contact op met de servicedienst en zorg ervoor dat uw apparaat met de Home Connect-server is verbonden. Controleer of de dienst diagnose op afstand in uw land beschikbaar is.
Aanwijzing: Ga voor meer informatie naar Help & Support op de Home Connect-website van uw land:
www.home-connect.com. Daar kunt u ook zien of de dienst diagnose op afstand in uw land beschikbaar is.
Aanwijzing over gegevensbescherming
Wanneer het apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een Wi-Fi-netwerk dat op het internet is aangesloten, dan geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie):
- Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde Wi-Fi communicatiemodule).
- Veiligheidscertificaat van de Wi-Fi communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
- De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudelijke apparaat.
- Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Pagina 41
Home Connect nl
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
Aanwijzing: Houd er rekening mee dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in verbinding met de Home Connect app. Informatie over gegevensbeveiliging kan in de Home Connect app worden opgevraagd.
Conformiteitsverklaring
Hierbij verklaart Robert Bosch Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de richtlijn 2014/53/EU.
Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder www.bosch-home.com op de productpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten.
2,4 GHz band: 100 mW max. 5 GHz band: 100 mW max.
| • | BE | BG | CZ | DK | DE |
|---|---|---|---|---|---|
| EE | IE | EL | ES | FR | |
| HR | IT | CY | LV | LT | |
| LU | HU | MT | NL | AT | |
| PL | PT | RO | SI | SK | |
| FI | SE | UK | NO | CH | |
| TR | |||||
| 5 GHz WLAN (Wi-Fi): alleen voor het gebruik binnenshuis | |||||