Etna A2295RVS, tekst van de handleiding
Pagina's 19–29 van 60 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 19
NL
Ontdooien
Om voedsel te ontdooien dient u de magnetronfunctie en een van onderstaande vermogensstanden te kiezen:
| Stand | Vermogensstand | Vermogen |
|---|---|---|
| Ontdooien / Warm houden | 200 W |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
| Ontdooien | 400 W |
| tabel geeft een | overzicht |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Onderstaande van de verschillende ontdooi- en doorwarmtijden (zodat het voedsel een gelijkmatige temperatuur krijgt) naargelang van het soort voedsel, het gewicht en bijbehorende aanbevelingen.
| Voedsel | Gewicht (g) | Ontdooitijd (min) | Doorwarmtijd (min) | Opmerking |
|---|---|---|---|---|
| Stukken vlees, kalfs-, runds- en varkensvlees | 100 | 2-3 | 5-10 | 1 x omkeren |
| 200 | 4-5 | 5-10 | 1 x omkeren | |
| 500 | 10-12 | 10-15 | 2 x omkeren | |
| 1000 | 21-23 | 20-30 | 2 x omkeren | |
| 1500 | 32-34 | 20-30 | 2 x omkeren | |
| 2000 | 43-45 | 25-35 | 3 x omkeren | |
| Stoofvlees | 500 | 8 -10 | 10-15 | 2 x omkeren |
| 1000 | 17-19 | 20-30 | 3 x omkeren | |
| Gehakt vlees | 100 | 2-4 | 10-15 | 2 x omkeren |
| 500 | 10-14 | 20-30 | 3 x omkeren | |
| Worst | 200 | 4-6 | 10-15 | 1 x omkeren |
| 500 | 9-12 | 15-20 | 2 x omkeren | |
| Gevogelte (stukken) | 250 | 5-6 | 5-10 | 1 x omkeren |
| Kip | 1000 | 20-24 | 20-30 | 2 x omkeren |
| Poularde | 2500 | 38-42 | 25-35 | 3 x omkeren |
| Visfilet | 200 | 4-5 | 5-10 | 1 x omkeren |
| Forel | 250 | 5-6 | 5-10 | 1 x omkeren |
| Garnalen | 100 | 2-3 | 5-10 | 1 x omkeren |
| 500 | 8-11 | 15-20 | 2 x omkeren | |
| Fruit | 200 | 4-5 | 5-10 | 1 x omkeren |
| 300 | 8-9 | 5-10 | 1 x omkeren | |
| 500 | 11-14 | 10-20 | 2 x omkeren | |
| Brood | 200 | 4-5 | 5-10 | 1 x omkeren |
| 500 | 10-12 | 10-15 | 1 x omkeren | |
| 800 | 15-17 | 10-20 | 2 x omkeren | |
| Boter | 250 | 8-10 | 10-15 | |
| Kwark | 250 | 6-8 | 10-15 | |
| Room | 250 | 7-8 | 10-15 |
Pagina 20
NL
Koken met de magnetron
Opgelet! Lees aandachtig het hoofdstuk “Veiligheidsinstructies” alvorens met de magnetron te koken.
Volg de volgende aanwijzingen bij het koken met de magnetron:
Prik vóór het opwarmen of bereiden van voedsel met schil of vel (bijvoorbeeld appels, tomaten, aardappelen, worsten) de schil of het vel door, zodat het niet uit elkaar kan spatten. Maak een inkeping in het voedsel alvorens met de bereiding te beginnen.
Controleer alvorens een schaal of pot te gebruiken of die geschikt is voor de magnetron (zie hoofdstuk over het soort serviesgoed).
Bij het bereiden van voedsel met weinig vocht (bijv. brood ontdooien, popcorn maken, enz.) treedt er een snelle verdamping op. Op die manier werkt de oven alsof hij leeg is en kan het voedsel verkolen. Dit kan de oven en het serviesgoed beschadigen. Stel daarom alleen de nodige tijd in en blijf in de buurt.
Het is niet mogelijk grote hoeveelheden olie (frituren) in de magnetron op te warmen.
Haal kant-en-klare maaltijden uit hun verpakking, aangezien die niet altijd hittebestendig is. Volg de door de fabrikant opgegeven instructies.
Als er meerdere stukken serviesgoed zijn, zoals bijvoorbeeld kopjes thee, verdeel die dan gelijkmatig over het hele draaiplateau.
Sluit plastic zakken niet met metalen knijpers, maar met plastic knijpers. Prik de zak verschillende keren door, zodat stoom makkelijk kan ontsnappen.
Als u voedsel kookt of opwarmt, controleer of het een minimumtemperatuur van 70 ºC bereikt.
Tijdens het kookproces kan er op het glas van de deur waterdamp ontstaan die eventueel kan gaan druppen. Dit is een normaal verschijnsel dat zich vooral voordoet als de omgevingstemperatuur laag is. De veiligheid van de oven wordt daardoor niet beïnvloed. Veeg na de bereiding het condensatiewater weg.
Gebruik voor het opwarmen van vloeistoffen serviesgoed met een grote opening, zodat de stoom makkelijk kan ontsnappen.
Bereid het voedsel volgens de aanwijzingen en neem de in de tabellen aangegeven kooktijden en vermogensstanden in acht.
Denk eraan dat de opgegeven waarden slechts een aanwijzing zijn en dus kunnen variëren naargelang van de begintoestand, de temperatuur, de vochtigheid en het soort voedsel. Het is aangeraden de tijden en vermogensstanden aan elke situatie aan te passen. Naargelang van het soort voedsel kan het nodig zijn de kooktijd te verlengen of in te korten, dan wel de vermogensstand te verhogen of te verlagen.
Koken met de magnetron…
- 1. Hoe groter de hoeveelheid voedsel, hoe langer de kooktijd. Denk eraan dat:
Dubbele hoeveelheid » dubbele tijd
Half de hoeveelheid » halve tijd
- 2. Hoe lager de temperatuur, hoe langer de kooktijd.
- 3. Vloeibaar voedsel warmt sneller op.
- 4. Het gelijkmatig verdelen van het voedsel op het draaiplateau vergemakkelijkt het gelijkvormig kookproces. Als u de dikkere stukken voedsel aan de buitenkant van het plateau legt en de dunnere in het midden, zal u verschillende soorten voedsel tegelijk kunnen opwarmen.
- 5. De deur van de oven kan op elk moment worden geopend. De oven stopt dan automatisch met werken. De magnetron gaat pas verder, als u de deur sluit.
- 6. Afgedekt voedsel heeft minder kooktijd nodig en behoudt bovendien beter zijn oorspronkelijke smaak en kleur. Het deksel dient wel de microgolven door te laten en moet van kleine openingen zijn voorzien om stoom te laten ontsnappen.
Pagina 21
Koken met de magnetron
Tabellen en suggesties – Groenten koken
| Voedsel | Hoeveelheid (g) | Vocht toevoegen | Vermogen (Watt) | Tijd (min) | Doorwarmt ijd (min) | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Bloemkool Broccoli Champignons | 500 300 250 | 100 ml 50 ml 25 ml | 800 800 800 | 9-11 6-8 6-8 | 2-3 2-3 2-3 | In schijven snijden. Afdekken. |
| Erwten & wortels Diepgevroren wortels | 300 250 | 100 ml 25 ml | 800 800 | 7-9 8-10 | 2-3 2-3 | In blokjes of schijfjes snijden. Afdekken. |
| Aardappelen | 250 | 25 ml | 800 | 5-7 | 2-3 | Schillen en in gelijke stukken snijden. Afdekken. |
| Paprika Prei | 250 250 | 25 ml 50 ml | 800 800 | 5-7 5-7 | 2-3 2-3 | In blokjes of schijfjes snijden. Afdekken. |
| Spruitjes, diepgevroren | 300 | 50 ml | 800 | 6-8 | 2-3 | Afdekken. |
| Zuurkool | 250 | 25 ml | 800 | 8-10 | 2-3 | Afdekken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Tabellen en suggesties – Vis bereiden
| Voedsel | Hoeveelheid (g) | Vermogen (Watt) | Tijd (min) | Doorwarmt ijd (min) | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|---|
| Visfilet | 500 | 600 | 10-12 | 3 | Afgedekt koken. Omkeren als de helft van de tijd is verlopen. |
| Hele vis | 800 | 800 400 | 2-3 7-9 | 2-3 | Afgedekt koken. Omkeren als de helft van de tijd is verlopen. Eventueel de fijne uiteinden van de vis afdekken. |
Pagina 22
NL
Koken met de grill
Gebruik om een goed resultaat te bekomen met de grill het bij de oven geleverde rooster.
BELANGRIJKE INSTRUCTIES:
- 1. Als de grill voor het eerst wordt gebruikt, ontstaat er enige rook en geur, die het gevolg zijn van de oliën die tijdens de fabricage werden toegepast.
- 2. Het deurglas bereikt hoge temperaturen wanneer de grill wordt gebruikt. Houd buiten bereik van kinderen.
- 3. Als de grill in werking is, worden de ovenwanden en het rooster zeer heet. Het is daarom aangeraden ovenhandschoenen te gebruiken.
- 4. Bij langer gebruik van de grill is het normaal dat de weerstanden tijdelijk worden uitgeschakeld. Dit komt door de veiligheidsthermostaat.
- 5. Belangrijk! Als u voedsel grilleert of kookt in schalen, dient u te controleren of het serviesgoed geschikt is. Zie hoofdstuk over het gebruik van serviesgoed!
- 6. Bij het gebruik van de grill kan het gebeuren dat vetspatjes op de weerstand terechtkomen en aanbranden. Dit is normaal en wijst niet op het slecht functioneren van de oven.
- 7. Reinig na elke bereiding de binnenkant en de accessoires, zodat er geen vuil aankoekt.
Pagina 23
Koken met de grill
Tabellen en suggesties – Grill zonder magnetron
| Vis | Hoeveelheid (g) | Tijd (min) | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|
| Vis | |||
| Zeebaars Sardine/poon | 800 6-8 stuks | 18-24 15-20 | Een dun laagje boter aanbrengen. Omkeren als de helft van de tijd is verlopen en op smaak maken. |
| Vlees | |||
| Worst | 6-8 stuks | 22-26 | Doorprikken als de helft van de bereidingstijd is verlopen en omdraaien. |
| Diepgevroren hamburger | 3 stuks | 18-20 | |
| Sparerib (ca. 3 cm dik) | 400 | 25-30 | Beboteren en omdraaien als de helft van de bereidingstijd is verlopen. |
| Overige | |||
| Toast | 4 stuks | 1½-3 | Houd het roosteren in het oog. |
| Broodjes roosteren | 2 stuks | 5-10 | Houd het roosteren in het oog. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
Verwarm de grill 2 minuten voor. Gebruik het rooster, tenzij anders staat aangeduid. Plaats het rooster op een bakje of bord, zodat vocht en vet kunnen worden opgevangen. De opgegeven tijden zijn slechts een aanwijzing en kunnen variëren naargelang van de samenstelling en de hoeveelheid voedsel, alsook het gewenste resultaat. Vis en vlees krijgen een heerlijke smaak als ze voor het grilleren worden besprenkeld met plantaardige olie, kruiden en specerijen en enkele
uren blijven marineren. Voeg het zout pas na het grilleren toe.
Worsten spatten niet uiteen als ze vooraf met een vork worden doorgeprikt.
Als de helft van de tijd is verlopen, controleert u de bereiding en keert u het voedsel eventueel om.
De grill is uitermate geschikt voor het bereiden van dunne stukken vlees en vis. Dunne stukken vlees hoeven maar een keer te worden omgedraaid, dikkere stukken verscheidene keren.
Pagina 24
NL
Koken met de grill
Tabellen en suggesties – Magnetron + Grill
De magnetron + grillfunctie is ideaal om snel voedsel te koken en het tegelijkertijd een bruin korstje te geven. Bovendien kunt u er ook voedsel mee gratineren.
De magnetron en de grill functioneren gelijktijdig. De magnetron kookt en de grill braadt.
| Voedsel | Hoeveelheid (g) | Serviesgoed | Vermogen (Watt) | Tijd (min) | Doorwarmtijd (min) |
|---|---|---|---|---|---|
| Gegratineerde pasta | 500 | Lage vorm | 400 | 12-17 | 3-5 |
| Gegratineerde aardappelen | 800 | Lage vorm | 600 | 20-22 | 3-5 |
| Lasagne | ca. 800 | Lage vorm | 600 | 15-20 | 3-5 |
| Gegratineerde kwark | ca. 500 | Lage vorm | 400 | 18-20 | 3-5 |
| 2 verse kippenbouten (op het rooster) | 200 elk | Lage vorm | 400 | 10-15 | 3-5 |
| Kip | ca. 1000 | Lage en brede vorm | 400 | 35-40 | 3-5 |
| Gegratineerde uiensoep | 2 kopjes van 200 g | Soepkommen | 400 | 2-4 | 3-5 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
Controleer of het serviesgoed geschikt is voor de magnetron alvorens het te gebruiken. Gebruik alleen serviesgoed dat geschikt is voor de magnetron.
Het serviesgoed dat voor de combinatiefunctie wordt gebruikt, dient zowel voor de magnetron als voor de grill geschikt te zijn. Zie hoofdstuk over het gebruik van serviesgoed!
Denk eraan dat de opgegeven waarden slechts aanwijzingen zijn en kunnen variëren naargelang van de begintoestand, de temperatuur, de vochtigheid en het soort voedsel.
Als de tijd niet genoeg is om een bruin korstje te krijgen, laat u het voedsel nog 5 of 10 min. onder de grill staan.
Houd rekening met de doorwarmtijden en keer de stukken vlees om.
Gebruik het draaiplateau bij de bereiding, tenzij anders staat aangegeven.
De opgegeven waarden gelden bij een koele binnenruimte (het is niet nodig voor te verwarmen).
Pagina 25
NL
Tabellen en suggesties - Braden
Tabellen en suggesties – Braden
Advies voor correct oven gebruik:
Waarschuwing: Warm nooit de oven voor wanneer de magnetron functie of een gecombineerde functie in gebruik is.
| Soort | Hoeveelheid (g) | Vermogen (Watt) | Temperatuur ºC | Tijd (min) | Doorwarmtijd (min) | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Runderstoofvle es | 1000 | 200 | 160/170 | 80/90 | 10 | Bakje zonder deksel |
| Varkenshaas | 500/600 | 200 | 180/190 | 35/40 | 10 | Bakje zonder deksel |
| Hele kip | 100/1200 | 400 | 210/220 | 30/40 | 10 | Bakje met deksel. Borstkant naar boven plaatsen. Niet omdraaien. |
| Stukken kip | 800 | 400 | 210/220 | 25/35 | 10 | Bakje zonder deksel. Stukken met vel naar boven plaatsen. Niet omdraaien. |
| Eend | 1500/1700 | 200 | 200/210 | 70/80 | 10 | Bakje met deksel. Niet omdraaien. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
Tips om te braden
Draai de stukken vlees om als de helft van de kooktijd is verlopen. Laat, als het gebraad klaar is, nog 10 minuten rusten in de uitgeschakelde en gesloten oven. Zo wordt het vleessap beter verdeeld.
Voeg bij mager vlees 2 à 3 eetlepels vocht toe en bij stoofvlees 8 à 10 eetlepels, al naargelang de hoeveelheid vlees.
De temperatuur en de bereidingstijd hangen af van het soort en de hoeveelheid voedsel.
Als het gewicht van het gebraad niet in de tabel staat aangeduid, kies dan het aangeduide gewicht dat er net onder ligt en verleng de tijd.
Tips over het serviesgoed
Controleer of het serviesgoed in de oven past.
Heet glazen serviesgoed dient op een droge keukendoek te worden geplaatst. Als zulk serviesgoed op een koud of nat oppervlak wordt geplaatst, kan het glas barsten en breken. Gebruik pannenlappen of ovenwanten om het serviesgoed uit de oven te halen.
Pagina 26
NL
Tabellen en suggesties - Bakken
Tabellen en suggesties – Gebak
Advies voor correct oven gebruik:
Waarschuwing: Warm nooit de oven voor wanneer de magnetron functie of een gecombineerde functie in gebruik is.
| Soort | Bak | Stand | Temperatuur | Tijd (min) |
|---|---|---|---|---|
| Notencake | Springvorm | 1 | 170/180 | 30/35 |
| Fruittaart | Springvorm | 2 | 150/160 | 35/45 |
| Fruitcake | Cakevorm met opening in het midden | 1 | 170/190 | 30/45 |
| Hartige taarten | Springvorm | 2 | 160/180 | 50/70 |
| Gewoon gebak (Moskovisch gebak) | Springvorm | 1 | 160/170 | 40/45 |
| Amandelgebakjes | Cakevorm | 2 | 110 | 35/45 |
| Bladerdeeg | Cakevorm | 2 | 170/180 | 35/45 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Tips over de bakvormen
De meest gebruikte bakvormen zijn de zwarte metalen vormen. Als u ook de magnetron gebruikt, gebruik dan bakvormen van glas, aardewerk of kunststof. Deze dienen bestand te zijn tegen temperaturen tot 250 ºC. Als u dit soort vormen gebruikt, wordt het gebak minder krokant.
Tips over het bereiden van gebak
De temperatuur en bereiding van het gebak hangen af van de hoeveelheid en het soort deeg. Probeer eerst een lagere temperatuur uit en stel de volgende keer eventueel een hogere temperatuur in. Een lagere temperatuur laat toe gelijkmatiger te bakken. Plaats de bakvorm steeds in het midden van het plateau.
Bereidingssuggesties
Hoe te controleren of het gebak gaar is
Steek 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd een tandenstoker in het dikste gedeelte van het gebak. Als het deeg niet aan de tandenstoker blijft plakken, is het gebak klaar.
Het gebak is heel donker
Stel de volgende keer een lagere temperatuur in en laat het gebak langere tijd gaar worden.
.
Het gebak is uitgedroogd
Maak met een tandenstoker kleine gaatjes in het reeds gare gebak. Giet er daarna wat vruchtensap of sterke drank over. Verhoog de volgende keer de temperatuur met ongeveer 10º en verkort de bereidingstijd.
Het gebak raakt niet los als het wordt omgedraaid
Laat het gebak na de bereiding 5 à 10 minuten afkoelen, waardoor het gemakkelijker uit de vorm loskomt. Als het gebak dan nog niet loskomt, maak de randen dan voorzichtig los met een mes. Vet de bakvorm de volgende keer beter in.
Tips om energie te besparen
Als u meer dan één gebak klaarmaakt, is het aangeraden de gebakken na elkaar te bereiden. De oven is dan nog warm, wat de bereidingstijd van het tweede en volgende gebak inkort.
Gebruik bij voorkeur donkere, geverfde of emaillen bakvormen, want deze absorberen beter de warmte.
In geval van langere bereidingstijden, kunt u de oven 10 minuten voor het einde uitzetten en zo van de resterende warmte gebruik maken om de bereiding te voltooien.
Pagina 27
NL
Reiniging en onderhoud van de oven
Normaal gesproken is het reinigen het enige nodige onderhoud.
Opgelet! De magnetronoven dient regelmatig te worden gereinigd en alle etensresten dienen te worden verwijderd. Indien de magnetronoven niet naar behoren wordt schoongemaakt, kan het oppervlak ervan worden beschadigd, wat de levensduur van de oven kan inkorten en eventueel tot gevaarlijke toestanden kan leiden.
Opgelet! Het reinigen dient te gebeuren als de oven van het elektriciteitsnet is losgekoppeld Trek de stekker uit het stopcontact of schakel het elektriciteitscircuit van de oven uit.
Gebruik geen bijtende of schuurmiddelen, schuursponzen of scherpe voorwerpen, aangezien die vlekken en krassen kunnen veroorzaken.
Gebruik geen hogedruk- of stoomreinigers.
Buitenkant
Het volstaat de oven met een vochtige doek te reinigen. Als die heel vuil is, kan u enkele druppels afwasmiddel aan het water toevoegen. Wrijf de oven daarna droog met een droge doek.
Gebruik bij ovens met een aluminium voorkant een reinigingsmiddel voor glas en een zachte doek die geen draden loslaat. Reinig in horizontale richting zonder druk uit te oefenen op het oppervlak.
Verwijder onmiddellijk kalkaanslag en vlekken veroorzaakt door vet, zetmeel en eiwit. Deze vlekken kunnen invreten.
Vermijd dat er water in de oven binnenkomt.
Binnenkant
Reinig na elk gebruik de binnenwanden met een vochtige doek, aangezien het dan gemakkelijker is spatjes en aangekoekt eten te verwijderen.
Gebruik een niet bijtend middel om hardnekkig vuil te verwijderen. Gebruik geen ovensprays of andere bijtende of schuurmiddelen.
Houd de deur en de voorkant van de oven altijd schoon, zodat een correcte werking gegarandeerd kan worden.
Laat geen water in de ventilatieopeningen komen.
Verwijder regelmatig het draaiplateau en respectieve houder en reinig de bodem van de binnenruimte, vooral als er vocht is gemorst.
Schakel de oven niet in zonder het draaiplateau en de respectieve houder.
Als de binnenkant zeer vuil is, plaats dan een glas water op het draaiplateau en laat de magnetron gedurende 2 of 3 minuten in de hoogste vermogensstand werken. De vrijgekomen waterdamp zal het vuil losweken, dat nadien makkelijk met een zachte doek kan worden verwijderd.
Onaangename geuren (bijv. na het bereiden van vis) kunnen gemakkelijk geneutraliseerd worden door een kop water met enkele druppels citroensap 2 à 3 minuten in de hoogste vermogensstand van de magnetron te verwarmen. Zet een theelepel in de kop om te voorkomen dat het water overkookt.
Pagina 28
NL
Reiniging en onderhoud van de oven
Bovenwand van de oven
Wacht totdat het grillelement is afgekoeld alvorens de oven te reinigen om brandwonden te voorkomen.
Het mica plaatje (3) in de bovenwand moet altijd goed schoon gehouden te worden.
Opgehoopte etensresten op het plaatje kunnen schade of vonken veroorzaken.
Gebruik geen bijtende reinigingsmiddelen of scherpe voorwerpen.
Verwijder het mica plaatje niet om alle risico’s te vermijden.
Het glazen omhulsel van het lampje (4) bevindt zich in de bovenwand van de oven en kan gemakkelijk verwijderd worden voor reiniging. Schroef het los en reinig het met water en afwasmiddel.
Acessoires
Reinig de accessoires na elk gebruik. Als deze erg vuil zijn, kunt u ze eerst laten weken en vervolgens met een borstel en spons reinigen. De accessoires kunnen in de vaatwasser gewassen worden.
Controleer of het draaiplateau en respectievelijke houder altijd schoon zijn. Schakel de oven niet in zonder het draaiplateau en de respectievelijke houder.
Pagina 29
NL
Wat te doen bij storingen?
OPGELET! Alle reparaties dienen door vakmensen te worden uitgevoerd. Alle reparaties uitgevoerd door personen die niet door de fabrikant worden erkend, kunnen gevaarlijk zijn.
De volgende storingen kunnen worden verholpen zonder contact op te nemen met de Technische Dienst:
Het display staat uit! Controleer of:
- De uuraanduiding werd uitgeschakeld (zie hoofdstuk over basisregelingen).
Er verschijnt LAMP op het display!
Controleer of: - Het lampje gesprongen is of het vermogen groter is dan het in het hoofdstuk “Het lampje vervangen” aangegeven vermogen.
Er gebeurt niets als men op de toetsen drukt! Controleer of:
- De veiligheidsblokkering ingeschakeld is (zie hoofdstuk over basisregelingen).
De oven werkt niet! Controleer of:
- De stekker goed in het stopcontact zit. - Het voedingscircuit van de oven aan staat. - De deur goed dicht is. De deur moet met een klik dichtgaan.
- Er een voorwerp tussen de deur en de voorkant van de binnenruimte zit.
Er klinken vreemde geluiden als de oven aan staat! Controleer of:
- Er vonkontlading in de oven ontstaat door metalen voorwerpen (zie hoofdstuk over het soort serviesgoed).
- Het servies met de ovenwanden in contact komt.
- Of er los bestek of keukengerei in de oven liggen.
Het voedsel warmt niet of heel traag op!
Controleer of:
- U misschien per ongeluk metalen serviesgoed heeft gebruikt.
- U de juiste bereidingstijd en vermogensstand heeft gekozen.
- U een grotere hoeveelheid voedsel of voedsel dat kouder is dan normaal, in de oven heeft geplaatst.
Het voedsel is te warm, uitgedroogd of aangebrand! Controleer of u de juiste bereidingstijd en vermogensstand heeft gekozen.
Er is een geluid hoorbaar als het bereidingsproces is geëindigd! Dat is geen probleem. De koelventilator werkt gedurende enige tijd voort. Als de temperatuur voldoende is gedaald, zal de ventilator uitschakelen.
De oven werkt, maar het lampje binnenin niet! Als alle functies normaal werken, is het lampje mogelijk gesprongen. U kan het apparaat gewoon verder gebruiken.
Het lampje vervangen
Ga om het lampje te vervangen als volgt te werk: - Sluit de oven van het elektriciteitsnet af. Trek de stekker uit het stopcontact of verbreek de stroomtoevoer naar de oven.
- Schroef het glazen omhulsel (1) van het lampje los.
- Verwijder het halogeen lampje (2). Opgelet!
Het lampje kan zeer heet zijn.
- Plaats een nieuw halogeen lampje van 12V /
10 W. Opgelet! Raak het oppervlak van het lampje niet rechtstreeks met de vingers aan, want dat zou het lampje kunnen beschadigen. Volg de instructies van de fabrikant van het lampje op.
- Schroef het glazen omhulsel vast (1).
Sluit de oven weer op het elektriciteitsnet aan.