Etna AFI8514ZT, tekst van de handleiding
Pagina's 13–19 van 20 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 13
Onderhoud
Reinig de buitenkant van het apparaat en het bedieningspaneel met een vochtig doekje. In geen geval agressieve reinigingsmiddelen of schuurmiddelen gebruiken. Gebruik ook nooit oplosmiddelen (aceton, tri, enz.).
Maak de deurafdichting, het afwasmiddelbakje en het glansmiddelreservoir regelmatig schoon met een vochtige doek.
Laat de machine elke drie maanden een 65°C-programma afwerken, zonder servies, met afwasmiddel.
Schoonmaken van de zeven
De zeven in de kuipbodem zijn in hoge mate zelfreinigend. Toch moet u de zeven af en toe controleren en eventueel schoonmaken. Verontreinigde zeven hebben een nadelige invloed op het afwasresultaat.
- 1. Deur openen, onderste korf uit de machine nemen.
- 2. Het zeefsysteem van de afwasautomaat bestaat uit een grove/fijne zeef (A/B), een microfilter (C) en een vlakke zeef (D).
- 3. Greep ongeveer een kwart slag linksom draaien en uitnemen.
- 4. Grove/fijne zeef (A/B) aan het oogje pakken en uit het microfilter (C) trekken.
MA32
Voor een goede werking van de afwasmachine NOOIT de bovenste sproeiarm demonteren.
Als de sproeigaatjes verstopt zitten met etensresten, dan kunt u deze met een tandenstoker verwijderen.
MA33
Als de machine langere tijd buiten gebruik is
Wordt de machine voor langere tijd niet gebruikt, dan:
- 1. Kraan dichtdraaien.
- 2. Stekker uit het stopcontact trekken.
- 3. Deur op een kier laten staan om het ontstaan van een onaangename geur te vermijden.
- 4. Binnenkant en accessoires reinigen.
Bescherming tegen vorst
Plaats de afwasmachine nooit in een ruimte waar de temperatuur onder het vriespunt kan zakken. Mocht dat toch het geval zijn, maak de machine dan leeg, draai de kraan dicht, verwijder de waterafvoerslang en laat deze leeg lopen.
Vervoeren van de machine
MA36
- 5. Alle zeven onder stromend water grondig schoonmaken.
- 6. Vlakke zeef (D) uit de kuipbodem nemen en aan beide kanten grondig schoonmaken.
MA31
- 7. Vlakke zeef weer in de kuipbodem zetten.
- 8. Grove/fijne zeef in het microfilter zetten en in elkaar drukken.
- 9. Zeefcombinatie weer inzetten en door rechtsom draaien van de greep vergrendelen.
Let erop dat de vlakke zeef niet boven de kuipbodem uitsteekt.
Belangrijk!
Gebruik de machine nooit zonder de zeven.
Als u de machine gaat vervoeren (bijv. bij verhuizing):
- 1. Stekker uit het stopcontact trekken.
- 2. Waterkraan dichtdraaien.
- 3. Watertoevoerslang van de waterkraan losschroeven en leeg laten lopen.
- 4. De machine samen met de slangen vervoeren.
Zorg ervoor dat de machine tijdens het transport rechtop blijft staan.
13
Pagina 14
Wat is er aan de hand, als...
Met behulp van de volgende aanwijzingen kunt u zelf de meeste kleine storingen van de afwasmachine verhelpen.
...de afwasmachine een alarmsignaal geeft
De machine start niet of slaat tijdens een programma en alle bedieningstoetsen zijn buiten werking behalve de aan/uit toets. Het ingrijpen van de alarminrichtingen wordt aangegeven door een combinatie van knipperende controlelampjes en onderbroken geluidssignalen (combinaties beschreven in de volgende tabel). Open de deur, schakel de machine uit d.m.v. de aan/uit toets en controleer het volgende.
| Alarm / Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| - Het controlelampje van het lopende programma knippert - 1 onderbroken geluidssignaal - 1 knippering van het "einde programma" controlelampje De machine neemt geen water in. | Waterkraan verstopt. | Waterkraan schoonmaken. |
| Waterkraan is dicht. | Waterkraan opendraaien. | |
| Verstopte of vuile zeef (indien aanwezig) van de watertoevoerslang. | Zeef van de watertoevoerslang controleren. | |
| Watertoevoerslang niet goed geïnstalleerd of geknikt. | Installatie van de watertoevoerslang controleren. | |
| - Het controlelampje van het lopende programma knippert - 2 onderbroken geluidssignaalen - 2 knipperingen van het "einde programma" controlelampje De afwasmachine loost geen water. | Afvoer verstopt. | Afvoer ontstoppen. |
| Waterafvoerslang niet goed geïnstalleerd of geknikt. | Installatie van de waterafvoerslang controleren. | |
| - Het controlelampje van het lopende programma knippert - 3 onderbroken geluidssignaalen - 3 knipperingen van het "einde programma" controlelampje | De beveiliging tegen wateroverlast is in werking getreden. | Waterkraan dichtdraaien en contact opnemen de service-afdeling. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
Start een programma om te controleren of u de storing verholpen heeft; bel de servicedienst als de alarmmelding nog steeds aanwezig is.
Stel u in verbinding met de servicedienst als de machine een alarmmelding geeft die niet in bovenstaande tabel beschreven is.
...er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De machine start niet | De machinedeur is niet goed dicht. | Deur sluiten. |
| De stekker zit niet in het stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken. | |
| De zekering in de huisinstallatie werkt niet goed. | Vervang de zekering. | |
| Voor afwasmachines met uitgestelde start functie: er is een utigestelde start ingesteld. | Als u het programma direkt wilt starten van een model: - met multi-display, dan moet u de uitgestelde start op 0 uur instellen - zonder multi-display, dan moet u de uitgestelde start annuleren | |
| Sissend geluid tijdens het afwassen | Dit duidt niet op een storing. | Gebruik een ander merk afwasmiddel. |
Pagina 15
...het afwasresultaat niet bevredigend is
Het serviesgoed is niet schoon
G U heeft geen geschikt afwasprogramma gekozen.
G Het serviesgoed is verkeerd gerangschikt en het water heeft niet alle delen ervan kunnen bereiken. De korven moeten niet te vol geladen worden.
G De sproeiarmen kunnen niet draaien omdat zij belemmerd worden door verkeerd gerangschikt serviesgoed.
G De bodemzeven zijn vuil of verkeerd geplaatst.
G Er is geen of te weinig afwasmiddel gebruikt.
G Als het vaatwerk kalkvlekken vertoont, dan is het zoutreservoir leeg of de waterontharder van de afwasmachine niet goed ingesteld.
G De waterafvoerslang is niet goed geïnstalleerd.
G De dop van het zoutreservoir is niet goed gesloten.
Het serviesgoed is nat en dof
G Er is geen glansmiddel gebruikt. G Het glansmiddelreservoir is leeg.
Het serviesgoed vertoont strepen, doffe vlekken of een blauwe waas.
G Stel de glansmiddeldosering lager in.
Het serviesgoed vertoont waterkringen.
G Stel de glansmiddeldosering hoger in.
G Het afwasmiddel kan de oorzaak zijn. Neem contact op met de producent van het afwasmiddel.
Pagina 16
Kunt u de oorzaak van een storing niet zelf opsporen en verhelpen, belt u dan de servicedienst. Houd merk, modelnummer (Mod.), serienummer (S.N.) van uw machine bij de hand; de servicedienst zal u erom vragen. U vindt de nummers op het typeplaatje aan de rechter kant van de deur.
Om deze nummers snel bij de hand te hebben, raden wij aan ze hieronder in te vullen.
Modelnummer: . . . . . . . . . . .
Serienummer:. . . . . . . . . . . .
RA08
Service en onderdelen
Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd.
Er mogen alleen originele onderdelen worden gebruikt. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico’s voor de gebruiker leiden.
Bescherming tegen overstroming (T.A.S: - Total Aqua Security)
De machine is voorzien van twee beveiligingen tot beschermimg tegen overstroming van water met de volgende eigenschappen:
- 1. Aan de toevoerslang (zie wateraansluiting) Deze werkt als de toevoerslang kapot gaat dorrdat hij de waterstroom blokkeert. Deze beveiliging is ook met uitgeschakelde machine werkzaam.
- 2. Op de bodem van de machine
De machine is voorzien van een beveiliging geplaatst op de bodemplaat van de machine, die ervoor zorgt, dat bij interne lekken de watertoevoer stopt.
Pagina 17
Installatie
Waarschuwing!
Het apparaat mag alleen door een erkend elektroinstallateur worden aangesloten.
Verwijder alle verpakkingsonderdelen alvorens de machine te plaatsen.
Plaats de machine, indien mogelijk, zo dicht mogelijk bij aansluitingen voor de watertoe- en afvoer.
Onderbouw-aanwijzingen
Deze afwasautomaat is bestemd voor inbouw.
Attentie!
Volg bij de montage van het paneel aan de deur en de inbouw van de afwasautomaat de instructies op het meegeleverde boorpatroon.
De inbouwnis hoeft niet van ventilatie-openingen voorzieen te worden. Indien de nis van een achterwand voorzien is, dan is het voldoende om openingen te maken voor het aansluitsnoer, de toevoerslang en de afvoerslang.
De stelvoetjes met een groot regelbereik bieden de mogelijkheid de hoogte van de machine te regelen.
Alle ingrepen waarbij inwendige componenten toegankelijk zijn, moeten worden uitgevoerd wanneer de machine is afgesloten van het elektriciteitsnet.
Verzeker u ervan dat de watertoevoer- en waterafvoerslang en het netsnoer niet klem raken of geknikt worden tijdens het plaatsen van de machine in de inbouwruimte.
De afwasmachine waterpas zetten
Een waterpas installatie is van groot belang voor de goede sluiting en waterdichtheid van de deur.
Verzeker u ervan dat de deur goed sluit, zonder wrijving aan de zijkanten.
Regel de stelvoetjes zodanig dat de deur perfect sluit.
Bevestigen aan aangrenzende keukenmeubelen
Om te voorkomen dat de afwasmachine gaat schommelen. Moet hij d.m.v. de meegeleverde steuntjes aan het werkblad, aan aangrenzende keukenkastjes of aan de muur worden bevestigd.
Watertoevoer
De machine mag op warm water, tot maximaal 50°C, aangesloten worden.
Wij adviseren u echter dat niet te doen omdat dan de afwasresultaten niet altijd goed zullen zijn en daarnaast ook de koude spoelgangen met warm water gebeuren, zodat van besparing nauwelijks sprake is.
Wel is de programmaduur aanzienlijk korter, omdat de noodzakelijke opwarmtijd ontbreekt. Dat is echter tevens één van de redenen waarom, met name bij sterk bevuilde afwas, de resultaten niet altijd goed zullen zijn.
De afwasmachine is voorzien van beveiligingen die voorkomen dat het afwaswater in de drinkwaterleiding kan terugstromen en die aan de terzake geldende veiligheidseisen voldoen. Controleer of de waterleidingsdruk binnen de in de technische gegevens aangegeven grenzen ligt.
Voorkom scherpe bochten of knikken in de slang, omdat deze de doorstroming van water kunnen vertragen of verhinderen. Het slangeinde dat aan de machine gekoppeld is kan naar believen gedraaid worden.
Als de machine wordt aangesloten op nieuwe of lange tijd ongebruikte leidingen, dan is het raadzaam om het water een paar minuten te laten doorstromen alvorens de watertoevoerslang op de machine aan te sluiten.
Op deze wijze wordt voorkomen dat de zeef van de watertoevoerslang door opgehoopt zand of roest verstopt raakt.
Gebruik een nieuwe slang voor de aansluiting.
Toevoerslang met Aquastop
Deze veiligheidsklep bevindt zich in het slangeinde dat aan de waterkraan wordt gekoppeld. Als de slang tijdens het innemen van water gaat lekken, dan wordt de waterstroom door de veiligheidsklep gestopt.
Sluit de toevoerslang goed aan:
- De afstand tussen de onderkant van de veiligheidsklep en de vloer waarop de afwasmachine staat moet minstens 30 cm bedragen.
- De elektrische bedrading voor de veiligheidsklep ligt in de slang. Dompel de toevoerslang en/of de veiligheidsklep niet in water.
- Als de toevoerslang en/of de veiligheidsklep beschadigd zijn, dan moet u onmiddellijk de stekker uit het stopcontact nemen.
- Een toevoerslang met veiligheidsklep mag alleen door bevoegde vakmensen of door de servicedienst vervangen worden.
- Plaats de toevoerslang zodanig dat hij nooit de hoogte van de onderkant van de veiligheidsklep overschrijdt.
CS19
Pagina 18
Waterafvoer
De waterafvoerslang kan op de volgende manieren gemonteerd worden
- 1. In een sifon, zorg er dan wel voor dat de slang niet kan wegglijden.
- 2. In een afvoerpijp met ventilatie, binnendiameter min. 4 cm.
De hoogte van de afvoerslang moet tussen 30 cm (min.) en 100 cm (max.) boven de onderkant van het apparaat liggen. De afvoerslang kan links of rechts van de afwasmachine gedraaid worden.
Zorg ervoor dat de slang niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld is, dat kan de waterafvoer verstoren. Als u een verlengslang gebruikt, mag deze niet langer dan 2 meter zijn en de binnendiameter mag niet kleiner zijn dan die van de oorspronkelijke afvoerslang. Ook de binnendiameter van de koppelingen die u gebruikt voor aansluiting aan de afvoerpijp mag niet kleiner zijn.
CS18
Let op!
Al onze afwasmachines zijn voorzien van een beveiliging die verhindert dat afvalwater in de machine kan terugstromen. Als de sifon (afvoerpijp, zwanenhals) van de gootsteen is voorzien van een eenrichtingsklep, dan kan deze klep de waterlozing van de afwasmachine storen. Daarom raden wij aan de klep te verwijderen.
Elektrische aansluiting
De gegevens met betrekking tot de elektrische aansluiting zijn vermeld op het typeplaatje aan de rechterkant van de deur.
Alvorens de stekker in het stopcontact te steken, moet u zich van het volgende verzekeren:
- 1. Dat de netspanning die op het typeplaatje is vermeld overeenstemt met de netspanning op de plaats van installatie.
- 2. Dat de elektriciteitsmeter, de zekering, de elektrische leiding en het stopcontact geschikt zijn voor de aansluitwaarde van de afwasmachine. Verzeker u ervan dat de stekker in het stopcontact past, zonder gebruik van verloopstekkers, meervoudige stekkerdozen en adapters. Als de stekker niet in het stopcontact past, dan moet u het stopcontact laten vervangen.
Om de afwasmachine spanningloos te maken, moet u de stekker uit het stopcontact nemen.
Let op!
Het stopcontact moet altijd bereikbaar zijn, ook wanneer het apparaat geïnstalleerd is.
Vervangen van het aansluitsnoer dient door een erkend installateur te gebeuren.
Let op!
De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade of letsel, ontstaan door het niet voldoen aan deze veiligheidsvoorschriften.
Pagina 19
Toelichtingen voor testinstituten
De test volgens EN 60704 moet met een volledige standaard lading en het vergelijkingsprogramma worden uitgevoerd (zie "Programma-overzicht").
Voor de test volgens EN 50242 moet het zoutreservoir van de waterontharder gevuld zijn met zout en het glansmiddelreservoir gevuld met glansmiddel en het vergelijkingsprogramma worden uitgevoerd (zie "Programma-overzicht").
| Laadvermogen: | 12 standaard couverts |
|---|---|
| Glansmiddelreservoir (type A): Glansmiddelreservoir (type B): | stand 4 (Type III) stand 5 (Type III) |
| Dosering afwasmiddel: | 5g + 25g (Type B) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Rangschikking in de bovenste korf
Rangschikking in de onderste korf
Rangschikking in de bestekmandje
Rangschikking in de messenmandje