Etna CMV525WIT, tekst van de handleiding
Magnetron · Etna · 25 pagina's in het Nederlands · pdf: 56 pagina's, 3,4 MB
Storingen op pagina 26
Pagina 26
STORINGEN
Problemen oplossen
Als de kookresultaten niet naar wens zijn, er vonken overspringen in de magnetron, de magnetron niet start etc., probeer dan eerst zelf de oorzaak van de storing te vinden voordat u de servicedienst belt.
Controleer:
- Zit de stekker in het stopcontact?
- Is de deur goed gesloten?
- Is het vermogen en de bereidingsduur goed ingesteld?
- Staan er voorwerpen in de magnetron die er niet thuishoren?
- Is het juiste keukengerei gebruikt?
- Is het draaiplateau in de magnetron?
- Zijn de ventilatieopeningen niet geblokkeerd?
- Is het voedsel voldoende ontdooid?
- Is het voedsel tijdens de bereiding gekeerd of geroerd?
Probeer eveneens het volgende:
Plaats een mok met water (ongeveer 150 ml) in de magnetron, sluit zorgvuldig de deur en stel de tijd in op 1 minuut.
- Gaat de verlichting aan?
- Gaat de ventilator aan?
- Draait het draaiplateau?
- Is het water in de mok heet geworden?
Als op één van bovengenoemde vragen het antwoord ‘NEE’ is, controleer dan als laatste stap de zekering in de meterkast. Is hier niks mee aan de hand, neem dan contact op met de servicedienst.
Vonken in de magnetron
Let op!
Als u vonken in de magnetron ziet, schakel dan direct de magnetron uit. Vonken kunnen worden veroorzaakt door:
- metaal of aluminiumfolie dat de binnenkant van de magnetron aanraakt;
- aluminiumfolie dat niet correct om het voedsel is gewikkeld (punten die omhoog staan en als een antenne werken);
- metaal van een sluitstrip of servies met metaalhoudende sierrand;
- gerecycled papier dat kleine metalen deeltjes bevat.
Pagina 27
TECHNISCHE SPECIFICATIES
Op het gegevensplaatje worden de totale aansluitwaarde, de vereiste spanning en de frequentie aangegeven.
Dit toestel voldoet aan alle relevante CE richtlijnen.
Productspecificaties
| Afmetingen toestel (bxdxh) | 513 x 509* x 310 mm |
| Inhoud | 25 liter |
| Diameter draaiplateau | 315 mm |
| Aansluiting | 230 V ~ 50 Hz |
| Magnetronvermogen | 900 W |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
* Diepte is exclusief de knop op het bedieningspaneel en de deurgreep.
310
Pagina 28
MILIEUASPECTEN
Afvoer van het apparaat en de verpakking
Dit product is gemaakt van duurzame materialen. Aan het einde van zijn nuttige leven moet het apparaat echter op een verantwoorde manier worden afgevoerd. De overheid kan u hierover informeren.
De verpakking van het apparaat kan worden gerecycled. Er is gebruikgemaakt van de volgende materialen:
- karton;
- polyethyleenfolie (PE);
- CFC-vrij polystyreen (hard PS-schuim).
Gooi deze materialen op een verantwoorde manier weg conform de wettelijke bepalingen.
Op het product staat een pictogram van een afvalcontainer met een kruis erdoor. Dit geeft aan dat huishoudelijke apparatuur afzonderlijk moet worden afgevoerd. Het apparaat mag aan het einde van zijn nuttige leven dan ook niet worden verwerkt via de normale afvalstroom. U moet het inleveren bij een gemeentelijk afvalinzamelingspunt of bij een verkooppunt dat dit voor u aanbiedt.
Door huishoudelijke apparatuur afzonderlijk in te zamelen, wordt voorkomen dat het milieu en de volksgezondheid schade wordt berokkend. De materialen die bij de vervaardiging van dit apparaat zijn gebruikt, kunnen worden hergebruikt en dat betekent een aanzienlijke besparing in energie en grondstoffen.
Conformiteitsverklaring
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de van toepassing zijnde Europese Richtlijnen, Besluiten en Verordeningen en de eisen die zijn vermeld in de normen waar naar wordt verwezen.
Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 3
INHOUD
Uw magnetron
Eerste gebruik
Bediening
Kooktips
Onderhoud
Inleiding
Toestelbeschrijving Bedieningspaneel
Vóór het eerste gebruik
Plaatsing
De magnetron gebruiken
Richtlijnen voor magnetronkookgerei
Let op!
Opmerkingen over de bediening Klok instellen
Kookwekker
Snelle start
Voedsel bereiden met de magnetronfunctie Grill-/combinatiefunctie
Convectiefunctie (met voorverwarming) Convectiefunctie (zonder voorverwarming) Bereiding in meerdere fasen
Automatische programma’s
Ontdooien (op gewicht)
Ontdooien (op tijd)
De tijd of het vermogen controleren Kinderslot
Geheugenfunctie
Opwarmen en koken
Ontdooien
Factoren die van invloed zijn op het kookproces Basistechnieken
Koken van groente
Koken van vis
Het toestel reinigen
Pagina 4: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 5
UW MAGNETRON
Inleiding
Gefeliciteerd met uw keuze voor deze Etna magnetron. In het ontwerp van dit product heeft eenvoudige bediening en optimale gebruiksvriendelijkheid centraal gestaan.
In deze handleiding leest u hoe u deze magnetron het best kunt gebruiken. Naast informatie over de bediening, vindt u hier ook achtergrondinformatie die u tijdens het gebruik van het apparaat van pas kan komen.
Lees eerst de afzonderlijke veiligheidsinstructies voordat u het apparaat gaat gebruiken!
Lees deze gebruikershandleiding door voordat u het apparaat in gebruik neemt, en berg de handleiding daarna veilig op voor toekomstig gebruik.
Pagina 6
UW MAGNETRON
Toestelbeschrijving
- 1. Deur
- 2. Handgreep deur
- 3. Bedieningspaneel
- 4. Deurvergrendelingshaken
- 5. Binnenruit
- 6. Draaiplateau
- 7. Geleidering
- 8. Aandrijving
Let op!
De magnetron mag niet gebruikt worden zonder geleidering en draaiplateau. Het draaiplateau moet met de uitsparing voor de aandrijving naar beneden geplaatst worden.
Pagina 7
UW MAGNETRON
Bedieningspaneel
- 1. Display met alle symbolen
- 2. Magnetron
- 3. Grill/combi/
- 4. Convectie
- 5. Gewicht/ontdooitijd
- 6. Instelknop (tijd/gewicht/ automatische menustand)
- 7. Kookwekker/klok
- 8. Geheugen
- 9. Menu
- 10. Stop/wissen
- 11. Start-/+30Sec-/bevestigingstoets
Functieselectietoets (magnetron/grill/combi/convectie)
Druk (meerdere keren) op de toets om het vermogen in te stellen.
‘Uitgestelde start’ toets / Kloktoets / Ontdooitoets
- Een uitgestelde start instellen.
- De klok instellen.
- Druk een- of tweemaal op de toets om het ontdooiprogramma in te stellen op d1/d2.
Pagina 8
UW MAGNETRON
Sneltoets / Starttoets
- Druk eenmaal op de toets om meteen 1 minuut op vol vermogen de magnetron in te schakelen.
- Druk, na het maken van een gewenste instelling, eenmaal op de toets om de magnetron te starten met de vooraf gemaakte instelling.
Pauzetoets / Stoptoets
- Druk eenmaal op de toets om het koken te pauzeren (om bijvoorbeeld het voedsel om te draaien). Druk daarna op de starttoets om het koken weer te starten.
▷ In de display blijft tijdens de pauze de resterende tijd en de gekozen instelling zichtbaar.
- Druk tweemaal op de toets om het koken te stoppen.
▷ In de display wordt de tijd en het kloksymbool weergegeven.
Instelknop
- Rechtsom: automatische programma selecteren
- Linksom: tijd instellen ▷ Linksom draaien: meteen naar 60 minuten.
▷ Rechtsom draaien: stappen van 10 seconden.
- Draaien: het gewicht instellen bij de ontdooiprogramma’s en de automatische programma’s. ▷ Het in te stellen gewicht is afhankelijk van de gewichtsmarge behorende bij het gekozen ontdooiprogramma.
▷ Het in te stellen gewicht is afhankelijk van de voorgeprogrammeerde gewichten behorende bij het gekozen automatische programma.
- Indrukken (Enter): de keuze bevestigen na het kiezen van een automatisch programma. ▷ De knop indrukken ter bevestiging werkt alleen bij de automatische programma’s. Drukt u op een ander moment de knop in, dan hoort een geluidssignaal en gebeurt er verder niets.
Tip
Gedurende het koken is de tijd is aan te passen door aan de instelknop te draaien. Bij de ontdooiprogramma’s en de automatische programma’s is dit niet mogelijk; hier staat de tijd vast.
Pagina 9
EERSTE GEBRUIK
Vóór het eerste gebruik
- Open de deur, verwijder al het verpakkingsmateriaal en controleer de magnetron op beschadigingen.
- Gebruik de magnetron niet als deze beschadigd is, maar neem contact op met uw leverancier.
- Verwijder de beschermfolie van de ommanteling.
- Reinig de ovenruimte en het toebehoren met een vochtige doek. Gebruik geen schuurmiddel of sterk geurende schoonmaakmiddelen.
- Leg eerst de geleidering en daarna het draaiplateau in het midden van de ovenruimte met de uitsparing voor de aandrijving naar beneden.
Let op!
De magnetron mag niet gebruikt worden zonder geleidering en draaiplateau.
Plaatsing
- Plaats de magnetron op een stevige en vlakke ondergrond.
- Zorg voor voldoende ventilatie rondom de magnetronoven. Er moet ten minste 30 cm vrije ruimte boven de magnetronoven zijn. Zorg aan de zijkanten voor ten minste 20 cm vrije ruimte. De magnetron moet op ten minste 85 cm van de vloer worden geplaatst. De achterkant van het apparaat mag tegen een wand worden geplaatst.
- Dek de ventilatieopeningen niet af.
De magnetron gebruiken
Microgolven zijn hoogfrequente elektromagnetische golven. De energie maakt het mogelijk om een gerecht te garen of op te warmen zonder de vorm of kleur aan te tasten.
Kookprincipe
- De microgolven die door de magnetron worden gegenereerd, worden gelijkmatig verspreid door middel van een distributiesysteem. Het gerecht wordt zo gelijkmatig gegaard.
- De microgolven worden tot een diepte van ongeveer 2,5 cm door het gerecht geabsorbeerd. Het garen gaat dan door, omdat de warmte in het gerecht wordt verspreid.
- De bereidingstijden variëren en hangen af van de schaal die u gebruikt en de eigenschappen van het gerecht:
▷ Hoeveelheid en dichtheid ▷ Watergehalte ▷ Begintemperatuur (wel of niet gekoeld)
Pagina 10
EERSTE GEBRUIK
Let op!
Het gerecht wordt van binnen gegaard door middel van warmteverspreiding. Het garen gaat door, zelfs als u het gerecht uit de oven hebt gehaald. Rusttijden in recepten en in dit boekje moeten daarom worden aangehouden om te zorgen voor:
- Gelijkmatige verwarming tot binnen in het gerecht.
- Gelijke temperaturen in alle delen van het gerecht.
Richtlijnen voor magnetronkookgerei
Kookgerei dat u voor de magnetronfunctie gebruikt, mag de microgolven niet blokkeren. Metalen zoals roestvrij staal, aluminium en koper weerkaatsen microgolven. Gebruik daarom geen metalen kookgerei. Kookgerei waarop staat aangegeven dat het magnetronbestendig is, kan veilig worden gebruikt. Raadpleeg voor meer informatie over geschikt kookgerei de volgende richtlijnen.
Aanbevolen Voorzichtig Onveilig
| Kookgerei | Magnetronbestendig | Opmerkingen |
|---|---|---|
| Aluminiumfolie | Kan in kleine hoeveelheden worden gebruikt om te voorkomen dat bepaalde delen van het voedsel te gaar worden. Vonkontlading kan voorkomen als de folie zich te dicht bij de ovenwand bevindt of als er te veel folie wordt gebruikt. | |
| Porselein en aardewerk | Porselein, aardewerk, geglazuurd aardewerk en ivoorporselein zijn doorgaans geschikt, tenzij ze zijn voorzien van een metalen randje. | |
| Wegwerpservies van polyester of karton | Soms worden diepvriesmaaltijden verpakt in wegwerpservies. |
Pagina 11
EERSTE GEBRUIK
| Kookgerei | Magnetronbestendig | Opmerkingen |
|---|---|---|
| Fastfoodverpakkingen • Polystyreenbekers • Papieren zakken of krantenpapier • Gerecycled papier of metalen randjes | Kan worden gebruikt voor het verwarmen van voedsel. Bij oververhitting kan het polystyreen smelten. Kan vlam vatten. Kan vonkontlading veroorzaken. | |
| Glaswerk • Ovenschalen • Fijn glaswerk • Glazen potten | Kan worden gebruikt, tenzij voorzien van een metalen randje. Kan worden gebruikt voor het verwarmen van voedsel of vloeistoffen. Dun glas kan breken of barsten bij plotselinge verhitting. Het deksel moet worden verwijderd. Alleen geschikt voor verwarmen. | |
| Metaal | Kan vonkontlading of brand veroorzaken. | |
| Papier • Borden, bekers, keukenpapier • Gerecycled papier | Voor korte bereidingstijden en verwarmen. Voor het absorberen van overtollig vocht. Kan vonkontlading veroorzaken. | |
| Kunststof | Met name hittebestendig thermoplastisch materiaal. Andere soorten plastic kunnen kromtrekken of verkleuren bij hoge temperaturen. Gebruik geen melamine plastic. Kan worden gebruikt om vocht vast te houden. Mag het voedsel niet aanraken. Wees voorzichtig wanneer u de folie verwijdert; er kan hete stoom ontsnappen. Alleen indien kook- of ovenbestendig. Mag niet luchtdicht zijn. Indien nodig inprikken met een vork. |
Pagina 12
BEDIENING
Let op!
Let op!
Het verwarmen van vloeistoffen in de magnetron kan tot gevolg hebben dat de vloeistof vertraagd tot het kookpunt komt. Dit houdt in dat de vloeistof explosief tot het kookpunt kan komen nadat deze is verwijderd uit de magnetron. Brandwonden kunnen hier het gevolg van zijn. U kunt dit vertraagde ontstaan van het kookpunt tegengaan door in de vloeistof een plastic of glazen lepel te plaatsen voordat u de vloeistof in de magnetron verwarmt.
Let op!
Wees voorzichtig met babyvoeding:
- Schud of roer de inhoud van flesjes of potjes met babyvoeding nadat deze zijn opgewarmd.
- Controleer vóór consumptie zorgvuldig de temperatuur van de voeding om brandwonden te voorkomen.
Let op!
Bestek en servies kunnen heet zijn na gebruik in de magnetron.
Opmerkingen over de bediening
- De eerste keer dat u de knop draait, klinkt er een pieptoon.
- Als u de deur opent wanneer de oven is ingeschakeld, moet u opnieuw op de starttoets drukken om de bereiding te hervatten.
- U moet binnen 5 minuten nadat u een programma hebt ingesteld op de starttoets drukken.
Anders wordt het programma geannuleerd en wordt de huidige tijd op het display getoond.
- Als een toets goed wordt ingedrukt, klinkt er een pieptoon. Als de toets niet goed wordt ingedrukt, klinkt er geen pieptoon.
- Wanneer het programma is afgerond, klinken er 5 pieptonen.
Klok instellen
- 1. Sluit de magnetron aan op de stroomvoorziening. ▷ Het scherm geeft ‘0:00’ weer en er klinkt een pieptoon.
- 2. Druk tweemaal op de kloktoets.
▷ Het display geeft '0:00' weer.
Pagina 13
BEDIENING
- 3. Draai de instelknop om het uur in te stellen (0 tot 23).
- 4. Druk opnieuw op de kloktoets.
▷ De cijfers voor de minuten gaan knipperen.
- 5. Draai de instelknop om de minuten in te stellen (0 tot 59).
- 6. Druk op de kloktoets om de instelmodus af te sluiten.
- 7. De tijd wordt ingesteld wanneer u opnieuw op de kloktoets drukt of 5 seconden wacht.
▷ De ingestelde tijd wordt op het display weergegeven.
Let op!
Als de klok niet is ingesteld, wordt de tijd niet weergegeven.
Druk op de stoptoets als u tijdens het instellen van de klok wilt terugkeren naar de vorige modus.
Kookwekker
- 1. Druk eenmaal op de kloktoets.
▷ Het display geeft ‘0:00’ weer.
- 2. Draai de instelknop om de duur in te stellen (00:05 tot 95:00).
- 3. Druk op de starttoets om te bevestigen.
▷ Als de tijd is verstreken, klinken er 5 pieptonen.
▷ Als de klok is ingesteld, wordt de huidige tijd weergegeven.
Snelle start
Volg de volgende stappen om het apparaat direct te gebruiken zonder vooraf de instellingen te wijzigen:
- 1. Druk op de starttoets om gedurende 30 seconden op 100% vermogen te starten. Wanneer u nogmaals op de toets drukt, worden er 30 seconden toegevoegd (0:05 tot 95:00).
Pagina 14
BEDIENING
Tip
De functie Snelle start is niet beschikbaar voor ontdooien op basis van gewicht en de automatische menu's.
Voedsel bereiden met de magnetronfunctie
In de tabel staan de beschikbare instellingen voor het magnetronvermogen en waar u ze voor kunt gebruiken.
- 1. Druk eenmaal op de magnetrontoets.
▷ Op het scherm knippert ‘P100’.
- 2. Druk op de starttoets om te bevestigen.
▷ ‘P100’ stopt met knipperen.
- 3. Druk herhaaldelijk op de aan-/uittoets of draai de instelknop om het gewenste magnetronvermogen te selecteren (100% tot 10%). ▷ ‘P100’, ‘P80’, ‘P50’, ‘P30’ en ‘P10’ worden in deze volgorde weergegeven.
- 4. Druk op de starttoets om te bevestigen.
- 5. Draai de instelknop om de bereidingstijd in te stellen (00:05 tot 95:00).
- 6. Druk op de starttoets om de bereiding te starten.
Tip
U stelt de bereidingstijd in met de volgende stapgrootte:
0-1 min > 5 sec, 1-5 min > 10 sec, 5-10 min > 30 sec, 10-30 min > 1 min, 30-95 min > 5 min
Overzicht magnetronvermogen
| Druk | 1x | 2x | 3x | 4x | 5x |
| Magnetronvermogen | 100% | 80% | 50% | 30% | 10% |
Pagina 15
BEDIENING
Grill-/combinatiefunctie
- 1. Druk eenmaal op de functieselectietoets (grill/combi).
▷ Op het display knippert 'Gr'.
- 2. Druk op de functieselectietoets (grilll/combi) om de bereidingstijd in te stellen of draai de instelknop om het programma te selecteren: 'Gr', 'C-1', 'C-2', 'C-3' of 'C-4'.
- 3. Druk op de starttoets om te bevestigen.
- 4. Draai de instelknop om de bereidingstijd in te stellen (00:05 tot 95:00).
- 5. Druk op de starttoets om de bereiding te starten.
Opmerking
Als u de grillfunctie gebruikt, klinken er twee pieptonen wanneer het programma voor de helft is voltooid. U hoeft geen actie te ondernemen, maar voor het beste resultaat draait u het eten om. Als u dat hebt gedaan, drukt u op start om de bereiding te hervatten.
| Combinatieprogramma's | ||||
|---|---|---|---|---|
| Instructies | Display | Magnetron | Grill | Convectie |
| 1 | C-1 | • | • | |
| 2 | C-2 | • | • | |
| 3 | C-3 | • | • | |
| 4 | C-4 | • | • | • |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
Convectiefunctie (met voorverwarming)
Dit apparaat kan ook gebruikt worden als conventionele oven, met bereiding op basis van warmte in plaats van microgolven. Dit wordt convectiebereiding genoemd.
Als u deze bereidingsfunctie gebruikt, wordt het aangeraden de oven voor te verwarmen voordat u eten in de oven plaatst.
Pagina 16
BEDIENING
- 1. Druk eenmaal op de convectietoets.
▷ Op het scherm knippert '150'.
- 2. Druk herhaaldelijk op de convectietoets of draai de instelknop om de convectietemperatuur in te stellen: '150', '160', '170', '180', '190', '200', '210' of '220'.
- 3. Druk op de starttoets om te bevestigen.
- 4. Druk op de starttoets om de oven voor te verwarmen.
- 5. Wanneer de juiste temperatuur is bereikt, klinken er twee pieptonen en knippert de temperatuur.
- 6. Plaats het eten in de oven en sluit de deur.
- 7. Draai de instelknop om de bereidingstijd in te stellen (00:05 tot 95:00).
- 8. Druk op de starttoets om de bereiding te starten.
Opmerking
- De bereidingstijd kan pas worden ingesteld wanneer de oven klaar is met voorverwarmen. Wanneer de juiste temperatuur is bereikt, moet de deur worden geopend om de bereidingstijd in te stellen.
- Als er binnen vijf minuten geen bereidingstijd wordt ingesteld, stopt het voorverwarmen, klinken er vijf pieptonen en schakelt de oven uit.
Convectiefunctie (zonder voorverwarming)
- 1. Druk eenmaal op de convectietoets.
▷ Op het scherm knippert '150'.
- 2. Druk herhaaldelijk op de convectietoets of draai de instelknop om de convectietemperatuur in te stellen: '150', '160', '170', '180', '190', '200', '210' of '220'.
- 3. Druk op de starttoets om te bevestigen.
- 4. Draai de instelknop om de kookduur in te stellen (00:05 tot 95:00).
- 5. Druk op de starttoets om de bereiding te starten.
Pagina 17
BEDIENING
Bereiding in meerdere fasen
Voor het bereiden in meerdere fasen kunt u twee functies instellen. Wanneer de eerste fase is voltooid, klinkt er een pieptoon en wordt de tweede fase gestart.
Opmerking
U kunt ‘ontdooien’ alleen instellen voor de eerste fase. De functies ‘automatisch menu’ en ‘voorverwarmen’ zijn niet beschikbaar voor dit programma.
Als u bijvoorbeeld 5 minuten wilt ontdooien en vervolgens 7 minuten op 80% magnetronvermogen wilt verwarmen:
- 1. Druk tweemaal op de toets voor gewicht/ontdooitijd.
▷ Het display geeft 'dEF2' weer.
- 2. Draai de instelknop om de ontdooitijd in te stellen op 5 minuten.
- 3. Druk eenmaal op de magnetrontoets.
- 4. Draai de instelknop om het magnetronvermogen op 80% in te stellen.
▷ Het display geeft ‘P80’ weer.
- 5. Druk op de starttoets om te bevestigen.
- 6. Draai de instelknop om de bereidingstijd in te stellen op 7 minuten.
- 7. Druk op de starttoets om de bereiding te starten.
Automatische programma’s
Met deze functie kunt u veel populaire gerechten in een handomdraai bereiden. Selecteer het programma dat past bij het soort voedsel en het gewicht.
Pagina 18
BEDIENING
De onderstaande tabel bevat de automatische programma’s en de bijbehorende instellingen per gewicht.
| Menu | Gewicht | Vermogen |
|---|---|---|
| A-01 Pizza | 200 g | C-2 |
| 300 g | ||
| 400 g | ||
| A-02 Aardappel | 1 (ongeveer 230 g) | P100 |
| 2 (ongeveer 460 g) | ||
| 3 (ongeveer 690 g) | ||
| A-03 Vlees | 300 g | C-4 |
| 500 g | ||
| 700 g | ||
| 900 g | ||
| A-04 Vis | 150 g | P80 |
| 250 g | ||
| 350 g | ||
| 450 g | ||
| 650 g | ||
| A-05 Groenten | 150 g | P100 |
| 350 g | ||
| 500 g | ||
| A-06 Dranken | 1 beker (ongeveer 240 g) | P100 |
| 2 bekers (ongeveer 480 g) | ||
| 3 bekers (ongeveer 720 g) | ||
| A-07 Pasta | 50 g (met 450 g koud water) | P80 |
| 100 g (met 800 g koud water) | ||
| 150 g (met 1200 g koud water) | ||
| A-08 Popcorn | 50 g | P100 |
| 100 g | ||
| A-09 Cake | 475 g | Voorverwarmen op 160 graden, daarna convectie op 160 graden |
| A-10 Kip | 500 g | C-4 |
| 750 g | ||
| 1000 g | ||
| 1200 g |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
De temperatuur, het gewicht en de vorm van het eten hebben invloed op de bereiding. Aan het eind van het automatische programma kunt u de magnetron opnieuw starten om de bereidingstijd te verlengen voor een beter resultaat.
Pagina 19
BEDIENING
- 1. Druk op de menutoets om het gewenste automatische programma te selecteren: 'A-01', 'A-02', 'A-03' … 'A-10'.
- 2. Druk op de starttoets om te bevestigen.
- 3. Draai de instelknop om het gewicht in te stellen.
▷ Het display geeft ‘g’ weer.
- 4. Druk op de starttoets om de bereiding te starten.
Opmerking
Voor het programma voor taarten wordt de convectiefunctie gebruikt. Wacht tot de oven is voorverwarmd tot 160 °C en er twee pieptonen klinken. Daarna kunt u de taart in de oven plaatsen en op start drukken.
Ontdooien (op gewicht)
Als u eten ontdooit, moet u voor het beste resultaat het eten halverwege de ontdooitijd omdraaien.
- 1. Druk op de toets voor gewicht/ontdooitijd.
▷ Het display geeft ‘dEF1’ weer.
- 2. Draai de instelknop om het gewicht in te stellen (100-2000 g). ▷ Het display geeft ‘g’ weer.
- 3. Druk op de starttoets om te ontdooien.
Pagina 20
BEDIENING
Ontdooien (op tijd)
Als u eten ontdooit, moet u voor het beste resultaat het eten halverwege de ontdooitijd omdraaien.
- 1. Druk tweemaal op de toets voor gewicht/ontdooitijd. ▷ Het display geeft ‘dEF2’ weer.
- 2. Draai de instelknop om de tijd in te stellen (00:05 tot 95:00).
- 3. Druk op de starttoets om te ontdooien.
De tijd of het vermogen controleren
- Druk tijdens de bereiding op de kloktoets om de tijd weer te geven.
- Als u tijdens de bereiding op de functieselectietoets (magnetron/grill/combi/convectie) drukt, wordt het vermogensniveau gedurende drie seconden weergegeven op het display.
Kinderslot
U kunt uw magnetron vergrendelen zodat deze niet per ongeluk kan worden gestart (bijvoorbeeld wanneer het apparaat wordt gereinigd).
Activeren
Druk 3 seconden op de stoptoets.
▷ Er klinkt een lange pieptoon en de vergrendelingsindicator gaat branden. De bedieningselementen zijn nu vergrendeld. ▷ De huidige tijd of '[ = = ]' wordt weergegeven.
Deactiveren
Druk 3 seconden op de stoptoets.
▷ Er klinkt een lange pieptoon om aan te geven dat de bedieningselementen zijn ontgrendeld.
Pagina 21
BEDIENING
Geheugenfunctie
- 1. Druk op de geheugentoets om geheugenprogramma 1, 2 of 3 te selecteren.
▷ Het display geeft '1', '2' of '3' weer.
- 2. Als er een programma is ingesteld, drukt u op de starttoets om de bereiding te starten.
- 3. Anders kunt u het programma instellen. U kunt een of twee fasen programmeren. Wanneer u klaar bent met programmeren, drukt u op de geheugentoets om het programma op te slaan. Als u meteen op de starttoets drukt, wordt het programma opgeslagen en begint de bereiding direct.
Pagina 22
KOOKTIPS
Opwarmen en koken
- De magnetron verwarmt altijd met dezelfde intensiteit. Hoe meer u in de magnetron plaatst, des te langer de kooktijd.
- Vlakke en platte gerechten zijn sneller warm dan smalle, hoge gerechten.
- Gerechten afdekken met magnetronfolie of een passende deksel voorkomt spetteren, verkort de gaartijd en helpt de vochtigheidsgraad te behouden. Na afloop de folie of het deksel voorzichtig verwijderen. Let op! De vrijkomende stoom kan zeer heet zijn!
- Gerechten die snel uitdrogen eventueel bevochtigen. Zet aardappels en groenten eerst even in koud water voordat u ze in de magnetron plaatst. Hiermee voorkomt u dat er zich een velletje op vormt.
- Voor een gelijkmatig resultaat kunt u het beste gerechten één- tot tweemaal roeren of keren.
- Kies voor het opwarmen van reeds bereide gerechten altijd de hoogste magnetronstand.
- Bij het koken hoeft u maar weinig water, zout en kruiden te gebruiken. Zout kunt u het beste na afloop toevoegen. Hiermee voorkomt u dat het vocht aan het gerecht wordt onttrokken.
- Nadat de magnetron is uitgeschakeld gaart het gerecht nog enige tijd na. Houd hier rekening mee door het gerecht niet te lang op te warmen.
Let op!
Plaats, bij het opwarmen van kleine hoeveelheden poedervormige producten (zoals bij het drogen van kruiden), altijd een bekertje water in de magnetron. Anders bestaat er, door de geringe hoeveelheid, kans op zelfontbranding.
Ontdooien
- Ontdooi grote compacte stukken altijd met behulp van het ontdooiprogramma. Doordat het gerecht geleidelijk en gelijkmatig ontdooit, loopt u niet de kans dat de buitenkant uitdroogt terwijl de kern nog bevroren is.
- Om het ontdooiproces sneller te laten verlopen, wordt aanbevolen om het gerecht na enige tijd in stukken te verdelen.
- Las, bij grote stukken vlees en compacte gerechten, tweemaal een pauze in.
- Bij het ontdooien van onregelmatig gevormde gerechten kunt u dunne delen na de helft van de ontdooitijd afdekken of omwikkelen met aluminiumfolie.
Pagina 23
KOOKTIPS
Factoren die van invloed zijn op het kookproces
- De temperatuur van ingrediënten is van invloed op de bereidingstijd. Een koude maaltijd heeft een langere kooktijd nodig dan een maaltijd op kamertemperatuur.
- Lichte gerechten garen sneller dan zware en massieve gerechten, zoals stoofgerechten of rollades. Let op bij het bereiden van lichte, poreuze gerechten. De randen worden snel droog en taai.
- Kleine gerechten worden gelijkmatiger verwarmd als u ze los van elkaar, liefst cirkelvormig, in de magnetron plaatst.
- Botten en vet geleiden hitte beter dan vlees. Aluminiumfolie blokkeert de magnetrongolven.
Door dunnere gedeelten van gerechten (zoals kippenpoten en -vleugeltjes) af te dekken voorkomt u dat ze te snel garen.
- Vetvrij papier voorkomt spetteren en helpt warmte vast te houden.
Basistechnieken
Plaatsen
Plaats dikkere stukken aan de buitenkant op het draaiplateau. Gerechten die aan de buitenkant op het draaiplateau geplaatst worden ontvangen de meeste microgolven.
Roeren
Door gerechten regelmatig te roeren verspreidt u de opgeslagen warmte. Roer altijd van buiten naar binnen, aangezien de buitenkant van het gerecht altijd het eerste warm wordt.
Omdraaien
Grote, dikke gerechten regelmatig omdraaien. Ze garen dan regelmatiger en sneller.
Prikken
Gerechten met een vel of schaal, zoals eierdooiers, schaaldieren en fruit, barsten open in de magnetron. Voorkom dit door er van te voren enkele keren met een vork of satéprikker in te prikken.
Controleren
Gerechten garen snel. Controleer ze daarom regelmatig. Haal gerechten net voordat ze gaar zijn uit de magnetron.
Pagina 24
KOOKTIPS
Nagaren
Laat gerechten, nadat u ze uit de magnetron hebt gehaald, over het algemeen 3 tot 10 minuten afgedekt staan. De gerechten garen dan na. Gerechten met een droge korst, zoals cake, niet afdekken.
Invriezen
Bij het invriezen kunt u al rekening houden met het ontdooien in de magnetron, door geen aluminiumfolie of -bakjes te gebruiken en door plattere porties in te vriezen.
Koken van groente
- Gebruik indien mogelijk verse groenten. Als groenten al wat slap zijn geworden doordat ze te lang gelegen hebben kunt u ze een tijdje in koud water leggen, zodat ze zich weer vol kunnen zuigen.
- Gebruik voor het koken van groente een ruime schaal, zodat de schaalbodem bedekt wordt met een niet al te dikke laag.
- Kook groenten bij voorkeur met het reeds aanwezige water dat na het schoonspoelen overblijft.
- Dek de schaal altijd af met een deksel of magnetronfolie.
- Voeg geen zout toe. De van nature in de groente aanwezige zouten geven meestal voldoende smaak. Indien u toch zout toe wilt voegen, doe dat dan na het koken.
- Kook groente zo kort mogelijk. Houd rekening met het nagaren.
- Controleer met een satéprikker of vork of de groente gaar is.
Koken van vis
Vis moet geleidelijk gaar worden. Schakel daarom bij dunne vissen, vette vissen of kleine porties een laag vermogen in (ongeveer 30%). In andere gevallen kunt u het vermogen gerust iets hoger instellen. Houd wel rekening met nagaren. Vis is gaar als het ondoorschijnend is geworden.
Pagina 25
ONDERHOUD
Het toestel reinigen
Reinig het toestel regelmatig om te voorkomen dat vet- en voedselresten zich ophopen, met name op de oppervlakken aan de binnen- en buitenkant, de deur en de deurafdichtingen.
- Reinig de oppervlakken aan de buitenkant met een zachte doek en warm water met zeep.
Veeg na met een schone, natte doek en droog de oppervlakken af.
- Zorg dat de afdekking van de microgolfverdeler (rechterzijde van de ovenruimte) schoon is.
Vervuiling van de afdekking kan leiden tot vonkvorming.
- Reinig de binnenzijde direct na gebruik. Verwijder overgekookt vocht en voedselresten met een vochtige doek. Achtergebleven kruimels en vocht absorberen microgolven en verlengen de kooktijd.
- Reinig het toebehoren regelmatig; gebruik een sopje van afwasmiddel met een borstel en maak het toebehoren met een droge doek goed droog. Het toebehoren mag ook in de vaatwasmachine.
- Geurtjes verdwijnen als u een glas azijn of water met citroen in de ovenruimte zet. Schakel de magnetron gedurende twee minuten in op vol vermogen. Daarna afnemen met een vochtige doek.
Belangrijk!
- Let erop dat er GEEN water in de ventilatieopeningen komt.
- Gebruik NOOIT schurende schoonmaakmiddelen of chemische oplosmiddelen.
- Gebruik GEEN schuurmiddelen of metalen schrapers voor het reinigen van de glazen ovendeur. Het oppervlak raakt hierdoor bekrast, waardoor het glas kan barsten.
- Gebruik GEEN hogedruk- of stoomreiniger om de magnetron schoon te maken.
- Als de afdichting van de magnetron sterk is vervuild, sluit de deur niet goed. De aangrenzende voorzijden van meubels kunnen worden beschadigd. Houd de afdichting schoon.
Pagina 26: zie Storingen hierboven.
Pagina 27: zie hierboven.
Pagina 28: zie hierboven.