Etna OM956ZG, tekst van de handleiding
Pagina's 21–41 van 172 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 21
6. Beginnen met bakken/braden
1 Toets
9. Gebruik
Het apparaat in- en uitschakelen
Snel voorverwarmen in- en uitschakelen
De huidige staat afsluiten zonder op te slaan Geselecteerde bereidingsstand
De temperatuur selecteren
Knop waarmee u instellingen kunt selecteren en bevestigen Eindtijd
Verstreken bereidingstijd
De werking starten en stoppen
- 10. De magnetronverlichting in- en uitschakelen OPMERKING: op het bedieningspaneel worden alleen de toetsen die in het huidige menu zijn ingeschakeld (geheel of gedeeltelijk) verlicht.
INFORMATIE!
Tijdens het bereidingsproces kunt u de stand, temperatuur en timerfuncties wijzigen.
7. Einde bereiding en oven uitschakelen
Wanneer de bereiding is voltooid, wordt op het display Bakken beëindigd weergegeven.
Pagina 22
U kunt de bereiding ook beëindigen door op Bakken beëindigd te drukken.
Draai aan de draaiknop om een andere instelling te selecteren. Bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken.
De inhoud van het menu hangt af van de op dat moment beschikbare bedieningsopties.
Bakken beëindigd
Extra tijd toevoegen
Gratineren
Krokante onderkant
Toeveoegen aan favorieten?
Selecteer Beëindigen om de bereiding af te sluiten. Op het display wordt het hoofdmenu weergegeven.
Wanneer u deze optie selecteert, wordt de bereiding verlengd met dezelfde stand- en temperatuurinstellingen.
OPMERKING: als er een bereidingstijd is ingesteld, wordt er geteld vanaf het moment waarop deze is gestopt.
Selecteer deze optie als u de bovenkant van het gerecht nog wat langer wilt bereiden.
Selecteer deze optie als u de onderkant van het gerecht verder wilt bruinen.
Met deze modus kunt u de geselecteerde instellingen opslaan bij uw favorieten en ze later opnieuw gebruiken (7.3 Favorieten - uw instellingen opslaan).
INFORMATIE!
Nadat de bereiding is voltooid, worden ook alle timerinstellingen gestopt en verwijderd, behalve de kookwekker. De tijd (klok) wordt weergegeven. De ventilator blijft nog een tijdje draaien.
Na het gebruik van de oven kan er wat water achterblijven in het condensatiekanaal (onder de deur). Veeg het kanaal schoon met een spons of een doek.
7.1 Gratineren (menu +)
Deze functie wordt tijdens de laatste fase van de bereiding gebruikt, wanneer we een dressing/topping aan het gerecht toevoegen of het oppervlak krokant willen maken. Wanneer u de gratineerfunctie gebruikt, wordt er een knapperige goudgele korst gevormd op het gerecht, die het beschermt tegen uitdrogen en er tegelijkertijd voor zorgt dat het gerecht er mooier uitziet en een betere smaak heeft.
Gratin
- 1. Druk op en draai aan de draaiknop om Gratineren te selecteren. De functie is na 10 minuten gebruik beschikbaar.
Pagina 23
Vervolg tabel vorige pagina
- 2. Op het display worden de vooraf ingestelde stand (grote grill) en de temperatuur (300 °C) weergegeven. Stel de werkingstijd (maximaal 10 minuten) in en bevestig uw selectie door op te drukken.
- 3. De functie kan ook tijdens gebruik worden uitgeschakeld. Druk hiervoor op .
WAARSCHUWING!
Houd de bereiding in de gaten. Bij gebruik van de gratineerfunctie bereikt het apparaat hoge temperaturen.
De gratineerfunctie werkt maximaal 10 minuten. Daarna wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld.
7.2 Krokante bodem
Crispy botton
Deze functie is alleen aan het eind van de bereiding beschikbaar en kan voor 10 minuten worden geactiveerd.
- 1. Draai in het laatste menu aan de draaiknop om Krokante onderkant te selecteren. Bevestig uw selectie door op te drukken.
- 2. Schakel de bereiding uit door op te drukken.
Pagina 24
7.3 Favorieten - uw instellingen opslaan
Met favorieten kunt u uw favoriete en meestgebruikte instellingen opslaan en later opnieuw gebruiken. Er kunnen maximaal 12 recepten worden opgeslagen.
- 1. Recepten opslaan in de instellingen.
Druk op en draai aan de draaiknop om Toeveoegen aan favorieten? te selecteren.
Bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken.
Instellingen opslaan na afloop van een bereiding.
- 2. Draai in het laatste menu aan de draaiknop om Toeveoegen aan favorieten? te selecteren.
Bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken.
U kunt ook de naam van een opgeslagen instelling wijzigen. Draai aan de draaiknop om een letter te selecteren en bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken. U kunt indien nodig een teken verwijderen met . Bevestig uw keuze met om uw favoriete recept op te slaan.
- 3. Eerder opgeslagen recepten opslaan.
Druk op . Draai aan de draaiknop om Mijn programma's te selecteren. Bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken om naar het submenu te gaan. De opgeslagen recepten worden weergegeven.
OPMERKING: u kunt ook de vooraf ingestelde waarden voor al opgeslagen recepten wijzigen en de recepten na de bereiding opslaan onder een nieuwe naam.
- 4. Eerder opgeslagen recepten verwijderen.
Schakel het apparaat in en selecteer . Draai aan de draaiknop om Mijn programma's te selecteren. Bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken om eerder opgeslagen recepten weer te geven. Selecteer een recept en verwijder het door op te drukken.
Pagina 25
8. De algemene instellingen kiezen
WAARSCHUWING!
Na een stroomuitval of nadat het apparaat is uitgeschakeld, blijven de instellingen van de extra functies nog enige minuten bewaard. Daarna worden alle instellingen, behalve het geluidssignaal en de displaydimmer, teruggezet naar de fabrieksinstellingen.
Druk op . Draai aan de draaiknop om Instellingen te selecteren. Bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken om naar het submenu te gaan.
Draai aan de draaiknop om de individuele instellingen te bewerken. Bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken.
- 1. Klok
Stel de uren en minuten in.
U kunt de 12- of 24-uurs weergave selecteren door op te drukken.
- 2. Geluidssterkte
U kunt kiezen uit vier volumeniveaus (geen geluid, laag volume, gemiddeld volume en hoog volume).
- 3. Geluid tiptoetsen
Schakel toetsgeluiden in of uit.
- 4. Nachtstand
Met deze functie wordt de helderheid van het display tussen 19:00 en 7:00 uur automatisch verlaagd. Ook worden de klokweergave en de geluidssignalen uitgeschakeld. Geef, als u de nachtmodus wilt activeren, de begin- en eindtijd van de werking in. Schakel de nachtmodus in door
op te drukken.
- 5. Display
Met deze functie kunt u het display overdag in- of uitschakelen. De functie is standaard gedeactiveerd (OFF). Als de functie is ingeschakeld (ON), kan het energieverbruik toenemen.
- 6. Voorverwarm instellingen
Met deze functie wordt automatisch voorverwarmen geactiveerd voor bereidingsstanden waarin dit mogelijk is.
Schakel de functie in (ON) of uit (OFF).
Pagina 26
Vervolg tabel vorige pagina
Druk op
Verwarmingssystemen
Met deze functie wordt de weergave van alle bereidingsstanden op het display geactiveerd.
Schakel de functie in (ON) of uit (OFF).
Opnieuw instellen - Fabrieksreset
Met deze functie worden de fabrieksinstellingen van het apparaat opnieuw ingesteld. Op het display wordt Opnieuw instellen weergegeven. Bevestig
uw keuze door ingedrukt te houden.
Taal
Op het display wordt de standaardtaal (Engels) weergegeven. Als de taal waarin de displayteksten worden weergegeven niet de juiste taal voor u is, kunt u een andere taal kiezen.
om het menu met algemene instellingen te sluiten.
of
8.1 Weergavevergrendeling (menu +)
- 1. Druk op en draai aan de draaiknop om Display vergrendeld te selecteren. Bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken. Het scherm wordt vergrendeld.
Druk op als u het scherm wilt ontgrendelen.
- Als het kinderslot is geactiveerd en er geen timerfunctie is ingesteld (alleen de klok wordt weergegeven), werkt de oven niet.
- Als de vergrendeling is geactiveerd nadat er een timerfunctie is ingesteld, werkt het apparaat normaal, maar is het niet mogelijk om de instellingen te wijzigen.
- Wanneer de toetsen zijn vergrendeld, kunt u de bereidingsstanden of aanvullende functies niet wijzigen. U kunt dan alleen de bereiding uitschakelen.
- De toetsen blijven ook vergrendeld nadat het apparaat is uitgeschakeld. Als u een nieuwe stand wilt selecteren, moet u de vergrendeling deactiveren.
9. Het apparaat verbinden met de
ConnectLife-app
ConnectLife is een Smart Home-platform dat mensen, apparaten en services met elkaar verbindt. De ConnectLife-app bevat geavanceerde digitale services en oplossingen waarmee de gebruikers zorgeloos hun apparaten kunnen bewaken en bedienen, smartphonemeldingen kunnen ontvangen en software kunnen bijwerken (de ondersteunde functies kunnen variëren per apparaat en regio/land).
Voor het verbinden van uw slimme apparaat hebt u een eigen wifinetwerk nodig (alleen 2,4GHz-netwerken worden ondersteund) en een smartphone waarop de ConnectLife-app is geïnstalleerd.
Pagina 27
Scan de QR-code of zoek in de appstore van uw voorkeur naar ConnectLife om de ConnectLife-app te downloaden.
- 1. Installeer de ConnectLife-app en maak een account.
- 2. Ga in de ConnectLife-app naar het menu voor het toevoegen van apparaten en selecteer het juiste type apparaat. Scan vervolgens de QR-code, die u kunt vinden op het typeplaatje van het apparaat. U kunt ook handmatig het AUID-/MV-nummer invoeren.
- 3. De app leidt u vervolgens door het proces om het apparaat te verbinden met uw smartphone.
- 4. Als de verbinding tot stand is gebracht, kunt u het apparaat op afstand bedienen met de mobiele app.
10. Wifibeheer
INFORMATIE!
Als deze instelling niet beschikbaar is, is uw oven niet uitgerust met een Wi-Fi-module en ondersteunt deze geen internetverbinding.
Wanneer de wifimodule is ingeschakeld en de verbindingen met succes zijn geconfigureerd en gesynchroniseerd, kan het apparaat worden bediend en aangestuurd via een mobiel apparaat en de
ConnectLife-app.
De wifiverbinding werkt met hetzelfde frequentiebereik als een aantal andere apparaten, zoals magnetronovens en speelgoed met afstandsbediening. Als gevolg hiervan kan er een tijdelijke of permanente storing van de verbinding optreden. In dergelijke gevallen kan de beschikbaarheid van de aangeboden functies niet worden gegarandeerd.
De kwaliteit van de beschikbare functies is sterk afhankelijk van de signaalsterkte. Als de router zich ver van het apparaat bevindt, is de verbinding mogelijk niet betrouwbaar.
10.1 Wifi gebruiken
Schakel het apparaat in en druk vervolgens op om de instellingen van de wififunctie te activeren.
Als u andere instellingen wilt invoeren voor de wifimodule, druk dan op .
Als u onbedoeld op hebt gedrukt, kunt u het instellen annuleren door herhaaldelijk lang (18 seconden) ingedrukt te houden.
De wifimodule inschakelen:
Houd lang (tot 3 seconden) ingedrukt. Op het display wordt Wifi
- 1. włączone weergegeven om aan te duiden dat de module is ingeschakeld.
Het symbool Wifi włączone begint te knipperen.
Pagina 28
Vervolg tabel vorige pagina
Verbinding maken met het apparaat:
Houd lang (3 tot 6 seconden) ingedrukt. Op het display wordt Instellen
- 2. verbiniding weergegeven.
OPMERKING: volg, voor meer instellingen, de instructies in de ConnectLife app.
Meer gebruikers toevoegen:
Houd lang (6 tot 9 seconden) ingedrukt. Op het display wordt Koppelen weergegeven.
- 3. Gebruik deze instelling om meer gebruikers aan het apparaat toe te voegen met de ConnectLife app.
OPMERKING: volg, voor meer instellingen, de instructies in de ConnectLife app.
Alle aangesloten gebruikers verwijderen:
Houd lang (9 tot 12 seconden) ingedrukt. Op het display wordt Alles
- 4. ontkoppelen weergegeven.
Gebruik deze instelling om alle aangesloten gebruikers te verwijderen uit de ConnectLife app.
De wifimodule uitschakelen:
- 5. Schakel de wifiverbinding uit door lang (15 tot 18 seconden) ingedrukt te houden. Op het display wordt WiFi uit weergegeven.
10.2 De afstandsbediening van de oven beheren
WAARSCHUWING!
De functie voor bewaking op afstand via een mobiel apparaat mag niet worden gebruikt ter vervanging van rechtstreeks persoonlijk toezicht op het kookproces in de oven. Controleer altijd regelmatig zelf wat er werkelijk in de oven gebeurt.
Druk op . Op het display wordt Remote weergegeven om aan te duiden dat het mogelijk is om het apparaat op afstand te bedienen via de ConnectLife app..
INFORMATIE!
Om veiligheidsredenen zijn sommige functies niet beschikbaar via toegang op afstand.
- Als de deur van het apparaat wordt geopend terwijl het apparaat in de stand-bymodus staat, moet de afstandsbediening opnieuw worden ingeschakeld.
- Als de deur tijdens het bakproces wordt geopend, wordt de optie voor afstandsbediening op het apparaat uitgeschakeld.
- Elke gebruikersactiviteit op het bedieningspaneel schakelt automatisch de afstandsbedieningsoptie van de oven uit.
- Het annuleren of afronden van het bakprogramma of -proces is de enige optie die beschikbaar blijft, ongeacht of de afstandsbediening is ingeschakeld of niet.
- De afstandsbediening wordt uitgeschakeld wanneer er een magnetronstand wordt gebruikt (behalve bij een gecombineerd programma met microgolven).
•
Pagina 29
WAARSCHUWING!
Zorg er altijd voor dat de oven correct en in overeenstemming met de instructies wordt gebruikt, vooral bij gebruik van de afstandsbediening. Bedien de oven niet via de afstandsbediening, tenzij u zeker weet wat er precies in de oven zit.
| WiFi-status | Wifisymbool op het display |
|---|---|
| Wi-Fi is uitgeschakeld. | De verlichting van het wifisymbool brandt constant zwak. |
| Wi-Fi is ingeschakeld en is verbonden met de server. | De verlichting van het wifisymbool brandt constant volledig. |
| Wifi is ingeschakeld en: | Wi-Fi-symbool brandt volledig en knippert. |
| • er wordt een verbinding met de server tot stand gebracht; | |
| • wordt geconfigureerd of is bezig verbinding tot stand te brengen; | |
| • is niet verbonden met de server. | |
| Afstandsbediening van de oven is niet ingeschakeld. | De verlichting van het REMOTE-symbool op het display brandt niet. |
| Afstandsbediening van de oven is ingeschakeld. | Het REMOTE-teken brandt volledig op het display. |
Pagina 30
11. Algemene tips en adviezen voor het bakken
Keukengerei
- Gebruik apparatuur van hittebestendige, niet-reflecterende materialen (meegeleverde bakplaten, schalen, geëmailleerd kookgerei, kookgerei van gehard glas). Felgekleurde materialen (roestvrij staal of aluminium) reflecteren warmte. Als gevolg hiervan is de thermische verwerking van voedsel daarin minder effectief.
- Plaats de bakplaten en schalen altijd tot het einde van de geleiders. Zet bij het bakken op het rooster de ovenschalen of bakplaten in het midden van het rooster.
- Plaats de bakplaten niet rechtstreeks op de bodem van de oven.
- Gebruik de universele diepe bakplaat niet op het 1e geleidingsniveau terwijl het apparaat in werking is.
- Bedek de bodem van de oven of het rooster niet met aluminiumfolie.
- Plaats ovenschalen altijd op het rooster.
- Plaats bij de bereiding van voedsel op meerdere niveaus tegelijk de universele diepe bakplaat op het onderste niveau.
- Als u bakpapier gebruikt, zorg er dan voor dat het bestand is tegen hoge temperaturen. En knip het indien nodig bij. Bakpapier voorkomt dat het voedsel aan de bakplaat blijft kleven en maakt het gemakkelijker om het van de bakplaat te verwijderen.
- Als u een gerecht direct op het rooster bakt, plaats dan de universele diepe bakplaat een niveau lager om als lekbak te dienen.
Voedselbereiding
- Voor een optimale voedselbereiding raden wij aan de richtlijnen in de bereidingstabel in acht te nemen. Kies de lagere gespecificeerde temperatuur en de kortste gespecificeerde bereidingstijd.
Als deze tijd is verstreken, controleert u de resultaten en past u de instellingen zo nodig aan.
- Gebruik bij het koken volgens recepten uit oudere kookboeken het onderste en bovenste verwarmingssysteem (zoals in conventionele ovens) en stel de temperatuur 10 °C lager in dan aangegeven in het recept.
- Bij het bakken/braden van grotere stukken vlees of ovengerechten met een hoger watergehalte, zal in de oven een grotere hoeveelheid stoom ontstaan. Dit is een normaal verschijnsel dat geen invloed heeft op de werking van het apparaat. Droog na het einde van het bakken/braden de deur en het glas van de deur goed af.
Efficiënt energiegebruik
- Verwarm het apparaat alleen voor als dat wordt aangegeven in het recept of in de tabellen uit deze gebruiksaanwijzing. Als u gebruikmaakt van snel voorverwarmen, plaats dan pas voedsel in het apparaat wanneer het apparaat volledig is opgewarmd, tenzij anders wordt aanbevolen. Het verwarmen van een lege oven kost veel energie, dus het is raadzaam om waar mogelijk meerdere gerechten na elkaar of tegelijk te bereiden.
- Haal tijdens het bakken alle overbodige apparatuur uit de oven
- Open de ovendeur niet tijdens het bakken, tenzij het absoluut noodzakelijk is.
- Bij langere bakprogramma's kunt u de oven ongeveer 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen om gebruik te maken van de opgehoopte warmte.
Pagina 31
11.1 Koken met een temperatuursonde ( BAKESENSOR)
De temperatuursonde zorgt voor een nauwkeurige controle van de kerntemperatuur van het voedsel tijdens het koken.
WAARSCHUWING!
De temperatuurvoeler mag zich niet in de directe nabijheid van de verwarmingselementen bevinden.
- 1. Steek het metalen uiteinde van de sonde in het dikste deel van het voedsel.
OPMERKING: het bereiden met de temperatuursonde kan pas beginnen wanneer het huidige bereidingsproces is onderbroken en de temperatuursonde in de aansluiting is geplaatst. Zodra de temperatuursonde wordt aangesloten, worden de vooraf ingestelde functies op het apparaat verwijderd.
- 2. Steek de stekker van de sonde in de aansluiting.
Draai aan de draaiknop om automatische of handmatige instelling te selecteren. Bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken.
- 3. - In de handmatige modus wordt op het display naast de stand het symbool weergegeven, samen met de vooraf ingestelde bereidingstemperatuur (maximaal 210 °C). Dit kan worden gewijzigd. Stel ook de kerntemperatuur van het voedsel (30 tot 99 °C) vast. Het gebruik van de handmatige modus is weergegeven in de bovenstaande afbeelding.
- Draai in de automatische modus aan de draaiknop om het gerecht te selecteren. Voor de recepten is vooraf een stand, temperatuur en bereidingstijd vastgesteld. U kunt de mate van bruining wijzigen.
OPMERKING: bij gebruik van de sonde is het instellen van de bereidingstijd niet mogelijk.
- 4. Bevestig de instelling door op te drukken.
Tijdens de bereiding worden op het display afwisselend de ingestelde en de huidige temperatuur van het voedsel weergegeven. U kunt indien gewenst tijdens de bereiding de bereidingstemperatuur of de gewenste kerntemperatuur van het voedsel wijzigen.
- 5. Zodra de ingestelde kerntemperatuur is bereikt, wordt het apparaat uitgeschakeld. Op het display wordt Bakken beëindigd weergegeven. Er klinkt een geluidssignaal, dat u kunt uitschakelen door op een willekeurige toets te drukken. Na één minuut wordt het geluidssignaal automatisch uitgeschakeld.
INFORMATIE!
Wanneer er een temperatuursonde wordt gebruikt, kan een automatische bereidingsmodus worden geselecteerd.
Pagina 32
Correct gebruik van de sonde, per soort voedsel:
- gevogelte: steek de sonde in het dikste deel van de borst;
- rood vlees: steek de sonde in een mager deel dat niet doorregen is met vet;
- kleinere stukken met bot: steek de sonde in een stuk langs het bot;
- vis: steek de sonde achter de kop, richting de graat.
WAARSCHUWING!
Haal de sonde na gebruik voorzichtig uit het voedsel en de aansluiting, maak hem schoon en draai de afdekking van de aansluiting weer vast.
Aanbevolen gaarheidsniveaus voor verschillende soorten vlees medium medium Eten / / medium rare well RUNDVLEES rundvlees, gebraden 48-52 53-58 59-65 /170/2 rundvlees, entrecote 49-53 54-57 58-62 /140/2 rosbief/biefstuk 49-53 54-57 58-62 /160/3 hamburgers 54-57 60-63 66-68 /hoog/4
KALFSVLEES kalfsvlees, entrecote 49-53 54-57 58-62 /140/2 kalfsvlees, romp 49-53 54-57 58-62 /160/2
VARKENSVLEES braadstuk, nek / / 65-70 /170/3 varkensvlees, lende / / 60-69 /140/2 gehaktbrood / / / /170/2
LAMSVLEES lamsvlees 60-65 66-71 72-76 /170/3
SCHAPENVLEES schapenvlees 60-65 66-71 72-76 /170/3
GEITENVLEES geitenvlees 60-65 66-71 72-76 /170/3
GEVOGELTE gevogelte, heel / / / /210/2
well done
/
Pagina 33: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 34
12. Reiniging en onderhoud
WAARSCHUWING!
Trek, voordat u het apparaat handmatig gaat schoonmaken, de stekker uit het stopcontact en wacht tot het apparaat is afgekoeld.
Reiniging en onderhoud mag niet worden uitgevoerd door kinderen zonder adequaat toezicht.
- Om het reinigen te vergemakkelijken, zijn de binnenkant van de oven en de bakplaat bekleed met speciaal email voor een glad en vuilbestendig oppervlak.
- Maak het apparaat regelmatig schoon en gebruik warm water en handafwasmiddel om vuil en kalkaanslag te verwijderen. Gebruik een schone zachte doek of spons.
- Gebruik nooit agressieve of schurende reinigingsmiddelen en accessoires (schuursponsjes en oplosmiddelen, vlekken- en roestverwijderaars, schrapers voor keramische kookplaten).
- Voedselresten (vet, suiker, eiwit) kunnen tijdens het gebruik van het apparaat ontbranden. Verwijder daarom voor elk gebruik grotere stukken vuil uit de oven en van de accessoires.
- De hulpmiddelen van het apparaat zijn vaatwasserbestendig. De uittrekbare geleiders zijn dat niet.
| Buitenkant van het apparaat | Gebruik warm zeepsop en een zachte doek om vuil te verwijderen en veeg vervolgens de oppervlakken droog. |
| Binnenkant van het apparaat | Gebruik voor hardnekkig(e) vuil en aanslag een reiniger voor conventionele ovens. Neem het apparaat na gebruik van een dergelijk reinigingsmiddel grondig af met een natte doek om resten van het middel te verwijderen. |
| Accessoires en geleiders | Maak deze schoon met warm zeepsop en een vochtige doek. Het is raadzaam hardnekkig vuil eerst te laten weken en vervolgens met een borstel te verwijderen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
Als de reinigingsresultaten niet bevredigend zijn, herhaalt u het reinigingsproces.
12.1 Stoomreinigen
Dit programma maakt het gemakkelijker om vlekken uit de binnenkant van de oven te verwijderen. De functie is het meest effectief bij regelmatig gebruik, na elk gebruik.
Voordat u het reinigingsprogramma uitvoert, moet u alle grote zichtbare stukken vuil en voedselresten uit de oven verwijderen.
WAARSCHUWING!
Gebruik het stoomreinigingssysteem alleen als het apparaat helemaal is afgekoeld.
- 1. Plaats de ondiepe bakplaat in het eerste geleideniveau en giet er 0,4 liter heet water in.
- 2. Schakel het apparaat in en selecteer . Draai aan de draaiknop om Reinigen te selecteren.
Bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken om naar het submenu te gaan.
- 3. Draai aan de draaiknop om Stoomreinigen te selecteren. Bevestig uw selectie door de draaiknop in te drukken.
- 4. Het programma duurt 30 minuten. Als het programma klaar is, verschijnt End op het display.
Pagina 35
Vervolg tabel vorige pagina
- 5. Als het programma klaar is, verwijder dan voorzichtig de bakplaat met ovenwanten (er kan nog wat water in de bakplaat aanwezig zijn). Veeg eventuele vlekken weg met een vochtige doek en zeepsop. Veeg het apparaat grondig af met een natte doek om alle reinigingsmiddelresten te verwijderen.
Als het reinigingsproces niet voldoende is gelukt (bij bijzonder hardnekkig vuil), herhaal het dan.
12.2 Verwijderen van de draadgeleiders en vaste uittrekbare (uitschuifbare) geleiders
INFORMATIE!
Let er bij het uitnemen van de geleiders op dat u de emaillaag niet beschadigt.
- 1. Pak het zijrooster aan de onderkant en trek het naar voren toe.
- 2. Trek het zijrooster aan de bovenkant uit de openingen.
12.3 De ovendeur en ruit verwijderen en terugplaatsen
- 1. Doe de ovendeur eerst helemaal open.
Pagina 36
Vervolg tabel vorige pagina
- 2. De ovendeur is aan de scharnieren bevestigd met speciale steunen die ook veiligheidshendels bevatten. Draai de veiligheidshendels 90° naar de deur. Sluit de deur langzaam tot een hoek van 45° (ten opzichte van de positie van de volledig gesloten deur); til de deur vervolgens op en trek hem eruit.
Het glas van de deur van het apparaat kan van binnenuit worden gereinigd, maar moet eerst uit de apparaatdeur worden verwijderd. Voer eerst de beschrijving uit stap 2 uit, maar verwijder de glasplaat niet.
- 3. Verwijder de luchtgeleider. Houd deze met uw handen aan de linker- en rechterkant van de deur vast. Verwijder hem door hem lichtjes naar u toe te trekken.
- 4. Houd de ruit aan de bovenrand vast en verwijder deze. Doe hetzelfde voor de tweede en derde ruit (afhankelijk van het model).
- 5. Terugplaatsing van de ruit gebeurt in de omgekeerde volgorde.
INFORMATIE!
Terugplaatsen gaat in de omgekeerde volgorde. Controleer, als de deur niet goed opent of sluit, of de inkepingen van de scharnieren goed in de zittingen vallen.
WAARSCHUWING!
Het scharnier van de ovendeur kan met veel kracht sluiten. Draai daarom bij het plaatsen of verwijderen van de ovendeur altijd beide veiligheidshendels naar de steun toe.
Zacht sluiten en openen van de deur (soft close)
(afhankelijk van het model)
De ovendeur is uitgerust met een dempend systeem voor het sluiten van de deur. Het maakt een stil en zacht openen en sluiten van de deur mogelijk. Met een zachte druk (bij een hoek van 15° gezien vanuit de gesloten positie van de deur) gaat de ovendeur zachtjes dicht.
WAARSCHUWING!
Als er teveel kracht wordt uitgeoefend om de deur te sluiten, wordt het effect van het systeem verminderd of wordt het systeem om veiligheidsredenen omzeild.
12.4 Vervanging van de lamp
De lamp is een verbruiksartikel en valt daarom niet onder de garantie. Haal alle accessoires uit het apparaat voordat u de lamp vervangt.
Halogeenlamp: G9, 230 V, side bulb - 25W and ceiling bulb - 40W.
Pagina 37
WAARSCHUWING!
Vervang de lamp alleen wanneer het apparaat is losgekoppeld van de netvoeding. Pas op dat u de emaillaag niet beschadigt. Gebruik bescherming om te voorkomen dat u zich verbrandt.
- 1. Schroef het deksel los en verwijder het (linksom). Verwijder de halogeenlamp.
- 2. Gebruik een plat plastic gereedschap om het deksel te verwijderen. Verwijder de halogeenlamp.
Pagina 38
13. Problemen verhelpen
Binnen het garantietermijn mogen reparaties slechts worden uitgevoerd door een gemachtigde servicedienst.
- Voor het begin van de reparatie moet het apparaat eerst van het lichtnet worden genomen door uitschakeling van de zekering of door de aansluitkabel uit het stopcontact te nemen.
- Ongeoorloofde reparaties aan het apparaat kunnen leiden tot elektrische schokken en kortsluiting; voer deze daarom niet uit. Laat dergelijke werkzaamheden over aan een vakman of een onderhoudsmonteur.
- Raadpleeg bij kleine problemen met de werking van het apparaat deze handleiding om te zien of u het probleem zelf kunt oplossen.
- Als het apparaat niet naar behoren of helemaal niet werkt als gevolg van een onjuiste bediening of behandeling, is een bezoek van een onderhoudsmonteur niet gratis, zelfs niet tijdens de garantieperiode.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing voor toekomstig gebruik en geef deze door aan eventuele volgende eigenaren of gebruikers van het apparaat.
- Hier onder vindt u enkele adviezen voor het verhelpen van storingen.
13.1 Storingstabel
| Storing/fout | Oorzaak |
|---|---|
| De zekering in huis slaat meerdere malen door. | Bel een servicemonteur. |
| De procedure voor het vervangen van het lampje in | |
| De ovenverlichting werkt niet. | de oven wordt beschreven in het hoofdstuk De lamp vervangen. |
| Koppel het apparaat enkele minuten los van de | |
| De besturingseenheid reageert niet, het scherm is ‘bevroren’. | netvoeding (ontkoppel de zekering of schakel de hoofdschakelaar uit); sluit het apparaat vervolgens weer aan en schakel het in. |
| Er is een fout opgetreden in de werking van de | |
| Op het display wordt de fout Err X weergegeven. | elektronische module. Koppel het apparaat enkele minuten los van de netvoeding. |
| Bij dubbelcijferige foutcodes wordt op | |
| het display Err XX weergegeven. | Als de fout nog steeds wordt aangegeven, bel dan een onderhoudsmonteur. |
| Op het display wordt Koken met | Reinig de aansluiting. |
| vleessonde weergegeven, maar de temperatuursonde is niet aangesloten. | Probeer de temperatuursonde meerdere keren achter elkaar aan te sluiten en los te koppelen. |
| De onderkant is niet genoeg geroosterd. | Zorg dat het juiste bereidingsprogramma is geselecteerd. |
| Er verschijnt stoom op het display wanneer de deur wordt geopend. | Open de deur helemaal, laat hem niet een stukje open staan. |
| Er ontstaat veel stoom tijdens de bereiding. | Sommig voedsel bevat veel water, waardoor een grote hoeveelheid stoom normaal is. |
| De vleessonde wordt weergegeven op het scherm, terwijl deze niet in gebruik is. | Deze fout kan worden veroorzaakt door druppels of vuil in de aansluiting van de vleessonde. Het is raadzaam de vleessonde meerdere keren aan te brengen en te verwijderen om de aansluiting schoon te maken. |
Pagina 39
Vervolg tabel vorige pagina
Storing/fout Oorzaak
Als de problemen ondanks het opvolgen van het bovenstaande advies aanhouden, neem dan contact op met een bevoegde onderhoudstechnicus. Reparaties of garantieclaims als gevolg van onjuiste aansluiting of onjuist gebruik van het apparaat vallen niet onder de garantie. In dat geval zal de gebruiker de reparatiekosten zelf moeten betalen.
13.2 Label - informatie over het apparaat
Een typeplaatje met basisinformatie over het apparaat is aan de rand van de oven bevestigd. Precieze informatie over type en model van het apparaat vindt u ook in de garantiedocumentatie.
| 1. Serienummer | 5. Code/ID |
|---|---|
| 2. Model | 6. QR-code |
| 3. Type | 7. Technische informatie |
| 4. Merk | 8. Conformiteitsaanduidingen/symbolen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
14. Nalevingsinformatie
Type radioapparatuur: Ingebouwde wifi-/Bluetooth Low Energy-module
Wifi indicatielampje
| Frequentiebereik.: | 2412 ~ 2472 MHz |
|---|---|
| Maximaal uitgangsvermogen: | 19.99 dBm EIRP |
| Maximale antenneversterking: | 3.26 dBi |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
Bluetooth-indicator
| Frequentiebereik: | 2402 ~ 2480 MHz |
|---|---|
| Drageruitgang: | 10,00 dBm |
| Emissietype: | F1D |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
Het bedrijf verklaart dat het apparaat met de functie Connectlife voldoet aan de essentiële vereisten en andere relevante bepalingen van Richtlijn 2014/53/EU. De gedetailleerde verklaring van conformiteit is in te zien op het webadres https://auid.connectlife.io van de pagina van uw apparaat onder de aanvullende documenten.
INFORMATIE!
Voor de grafische gebruikersinterface van het apparaat is gebruikgemaakt van de graphics-bibliotheek LVGL.
Pagina 40
- 15. Bescherming van het milieu
Voor de verpakking van de producten zijn milieuvriendelijke materialen gebruikt die zonder gevaar voor de omgeving gestort, vernietigd of opnieuw gebruikt (gerecycled) kunnen worden. Met dit doel zijn de verpakkingsmaterialen ook gemerkt.
Het symbool op het product of de verpakking geeft aan dat het product bij afdanking niet behandeld mag worden als gewoon huisafval. Het product moet afgevoerd worden naar een verzamelplaats voor de verwerking van elektrische en elektronische uitrusting.
Met de juiste wijze van afdanken van het apparaat helpt u mee mogelijke negatieve gevolgen en invloeden op het milieu en de menselijke gezondheid die kunnen optreden bij het onjuist afdanken van het product te voorkomen. Wend u zich voor meer gedetailleerde informatie over verwijdering en verwerking tot de officiële instantie, de gemeentelijke dienst of tot de winkel, waar u het product heeft gekocht.
Wij behouden ons het recht voor tot veranderingen en mogelijke fouten in deze gebruiksaanwijzingen.
Pagina 41
16. Kooktest
EN60350-1: Gebruik alleen apparatuur die door de fabrikant is geleverd.
Plaats de bakplaat altijd helemaal tot aan de eindpositie op de draadgeleider. Plaats gebak of cakes in bakvormen zoals weergegeven op de afbeelding.
* Verwarm het apparaat voor tot de gewenste temperatuur. Gebruik niet de snelle voorverwarmstand.
** Verwarm het apparaat gedurende 10 minuten voor. Gebruik niet de snelle voorverwarmstand.
*** Omdraaien na 2/3 van de bereidingstijd.
vorm plaatsing
| BAKKEN | ||||
| Gerecht | Uitrusting | |||
| biscuits/koekjes – één | ||||
| rooster biscuits/koekjes – één | ondiepe bakplaat | 3 | 150 | 25-40 |
| rooster koekjes - twee | ondiepe bakplaat | 3 | 135 ** | 35-50 |
| roosters/niveaus koekjes - drie | ondiepe bakplaat | 2, 4 | 140 ** | 25-45 |
| roosters/niveaus cupcakes – één | ondiepe bakplaat | 1, 4, 5 | 135 | 45-60 |
| rooster cupcakes – één | ondiepe bakplaat | 3 | 160-170 ** | 20-30 |
| rooster cupcakes – twee | ondiepe bakplaat | 3 | 155-160 ** | 20-30 |
| roosters/niveaus cupcakes - drie | ondiepe bakplaat | 1,5 | 140-150 ** | 30-45 |
| roosters/niveaus | ondiepe bakplaat | 1, 3, 5 | 140-150 | 30-50 |
| ronde metalen vorm, | ||||
| Biscuit taart | diameter 26 cm/rooster ronde metalen vorm, | 3 | 170 | 30-45 |
| Biscuit taart | diameter 26 cm/rooster | 2 | 160 | 45-55 |
| 2× ronde metalen | ||||
| biscuitgebak – twee | ||||
| roosters/niveaus | vorm, diameter 26 cm/rooster | 2, 4 | 170 * | 45-55 |
| 2× ronde metalen | ||||
| appeltaart | vorm, diameter 20 cm/rooster | 2 | 160 ** | 70-120 |
| 2× ronde metalen | ||||
| appeltaart | vorm, diameter 20 cm/rooster | 2 | 160 | 70-120 |
| BRADEN | ||||
| geroosterd brood | rooster | 5 | Hoog | 4-7 |