LG F147W2D, tekst van de handleiding
Wasmachine · LG · 31 pagina's in het Nederlands · pdf: 65 pagina's, 12,0 MB
Storingen op pagina 27
Pagina 27
S toringsindex
❋ De wasmachine is voorzien van automatische veiligheidsfuncties die fouten tijdig detecteren, diagnosticeren en ook nog eens dienovereenkomstig reageren.
Wanneer de machine niet naar behoren werkt of helemaal niet meer werkt, kan u de hiernavolgende punten nakijken vooraleer contact op te nemen met een servicepunt.
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Rammelend geluid | • Vreemde voorwerpen zoals muntstukken of veiligheidsspelden kunnen in de trommel of in de pomp zitten. | Leg de wasmachine stil en controleer de trommel en de afvoerfilter. Als het geluid blijft voortduren nadat de wasmachine opnieuw werd opgestart, neem dan contact op met uw plaatselijke verdeler. |
| Bonkend geluid | • Een zware lading kan een bonkend geluid produceren. Dit is meestal normaal. | Als het geluid doorgaat, is de wasmachine waarschijnlijk uit balans. Stop de machine en herverdeel de was. |
| Trillend geluid | • Zijn alle vergrendelingsbouten en verpakkingen verwijderd? • Rusten alle stelvoetjes stevig op de grond? | Als u hem niet verwijderd heeft bij de installatie: zie "Installatie" voor het verwijderen van de vergrendelingsbouten. Waslading ongelijk verdeeld in de trommel. Stop de wasmachine en herverdeel de was. |
| Waterlekkage | • De aansluiting van de toevoerleiding is los aan de zijde van het kraantje of aan de zijde | Controleer en draai de leidingaansluitingen vast. |
| van de wasmachine. • De afvoerleidingen van de woning zijn verstopt. | Ontstop de afvoerpijpen. Contacteer indien nodig een loodgieter. | |
| Te veel schuim | Te veel wasmiddel of een verkeerd wasmiddel? De vorming van schuim kan waterlekkage veroorzaken. | |
| Het water komt niet of te traag in de machine | • Onvoldoende watertoevoer in de regio. | Controleer een andere kraan in huis. |
| • Watertoevoerkraan niet helemaal opengedraaid. | Draai de kraan helemaal open. | |
| • Watertoevoerleiding geplooid. • Filter van de toevoerleiding is verstopt. | Leg de leiding recht. Controleer de filter van de toevoerleiding. | |
| Het water wordt niet of te traag uit de machine afgevoerd. | • De afvoerleiding is geklemd of verstopt. • De afvoerfilter is verstopt. | Reinig de afvoerleiding en leg hem recht. Reinig de afvoerfilter. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
26
Pagina 28
S toringsindex
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De wasmachine wil niet starten. | • De stekker steekt niet in het stopcontact of de aansluiting is los. | Zorg ervoor dat de stekker stevig in het stopcontact zit. |
| • De zekering is doorgeslagen, de stroomonderbreker is aangeslagen of er was een stroompiek. • De watertoevoer is niet aangesloten. | Reset de stroomonderbreker of vervang de zekering. De capaciteit van de zekering niet verhogen. Indien het een probleem van overlading is, moet dit worden hersteld door een erkend elektricien. Draai de watertoevoerkraan open. | |
| De wasmachine wil niet centrifugeren. | ❋ Controleer of de deur goed gesloten is. | Sluit de deur en druk de "Start/Pause"- knop in. Nadat u op de "Start/Pause"-knop gedrukt heeft kan het een aantal minuten duren vooraleer de kleding in de wasmachine begint te centrifugeren. De deur moet vergrendeld zijn vooraleer het centrifugeren kan beginnen. |
| De deur gaat niet open. | Wanneer de machine ingeschakeld is, kan de deur, om veiligheidsredenen, niet geopend worden. Wacht één of twee minuten vooraleer u de deur opent. Hierdoor heeft het elektrisch deurmechanisme voldoende tijd om de deur vrij te geven. | |
| De wascyclus wordt vertraagd. | De wastijd kan verschillen naargelang de washoeveelheid, de druk van de waterleiding, de watertemperatuur en andere gebruiksvoorwaarden. Wanneer instabiliteit wordt vastgesteld of wanneer het programma voor de verwijdering van schuim actief is, zal de wastijd de verwachte tijd overschrijden. |
Pagina 29
S toringsindex
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| • Onvoldoende watertoevoer in de regio <Fig 1> • Watertoevoerkraan niet volledig open. • Knik in watertoevoerleiding. • De de toevoerleiding is verstopt. • Als waterlekkage optreedt in de toevoerslang, licht de indicator “ ” rood op vervang de toevoerslang. | Controleer een ander kraantje in huis. Zet het kraantje helemaal open. Trek de leiding recht. | |
| • Afvoerleiding is geklemd of verstopt. | Reinig de afvoerleiding en trek ze recht. | |
| • Te kleine lading • Lading uit balans • Het toestel heeft een instabiliteitsdetectie- en correctiesysteem. Wanneer individueel zware artikelen zoals badkamermatten, gordijnen, enz. in de machine geladen worden is het mogelijk dat het systeem de centrifugeercyclus onderbreekt of zelfs helemaal stopt wanneer vastgesteld wordt dat de instabiliteit te groot is, zelfs na verschillende pogingen om te centrifugeren. • Wanneer het wasgoed nog te nat is op het einde van de cyclus, breng dan kleine kledingstukken in de trommel om de balans te herstellen en herhaal de centrifugeercyclus. | Voeg 1 of 2 gelijksoortige artikelen toe om de lading in balans te brengen. Herschik de lading om het centrifugeren mogelijk te maken. | |
| • Is de deur geopend ? | Sluit de deur. Als " "niet vrijgegeven wordt, moet u contact opnemen met de verdeler. | |
| Trek de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de verdeler. | ||
| • Als het teveel aan water te wijten is aan een defecte waterklep, dan krijgt u het volgende icoon " ". | Draai de waterkraan dicht. Trek de stekker uit het stopcontact. Neem contact op met de verdeler. | |
| • " " wordt getoond wanneer de sensor voor het waterpeil defect is. | ||
| • Overbelasting in de motor. | ||
| • Overbelasting in de motor. | ||
| • Er is een fout opgetreden tijdens het programma | Start het programma oprieuw. |
Pagina 30
S toringsindex
De SMARTDIAGNOSIS™functie is alleen aanwezig voor producten met een SMARTDIAGNOSIS™logo. Sommige mobiele telefoon toestellen kunnen het geluid onderdrukken waardoor de SMARTDIAGNOSIS™ functie niet werkt.
Gebruiksaanwijzing SMARTDIAGNOSIS™
- Gebruik deze functie alleen wanneer service erom vraagt.
De informatie overdracht werkt hetzelfde als een fax, en werkt alleen wanneer u belt naar service.
- SMARTDIAGNOSIS™ kan alleen geactiveerd worden wanneer de wasmachine aan staat. Wanneer de wasmachine uit staat kan SMARTDIAGNOSIS™ niet worden gebruikt.
Wanneer er een probleem optreedt met uw wasmachine, belt u service.
Volg de instructie van service, en de stappen die service aangeeft.
- 1. Druk op de aan/uit knop om de wasmachine aan te zetten.
Druk of draai niet aan andere knoppen.
- 2. Zodra service aangeeft kunt u de microfoon van uw telefoon vlakbij de aan/uit knop houden.
Max. 10 mm
- 3. Houd de temperatuur knop voor 3 seconde ingedrukt terwijl u de microfoon van uw telefoon vlakbij de aan/uit knop houdt.
- 4. Houd de microfoon van uw telefoon bij de aan/uit knop totdat de data overdracht is voltooid. De data overdracht duurt ongeveer 17 seconde, dit kunt u op het wasmachine display volgen.
- Voor het beste data overdracht adviseren wij de telefoon niet te bewegen.
- Wanneer de data overdracht mislukt kunt u gevraagd worden de voorgaande stappen te herhalen.
- Wanneer u de aan/uit knop tijdens de data overdracht indrukt zal de data overdracht via SMARTDIAGNOSIS™ geannuleerd worden.
- 5. Zodra het aftellen voorbij is en u geen geluid meer hoort, kunt u het gesprek met service hervatten. Service kan u verder adviseren en assisteren middels de ontvangen data. Smart Diagnosis is een probleemoplossende funtie ontworpen als aanvulling op de traditionele manier van het service-proces. De effectiviteit van deze functie is afhankelijk van verschillende factoren, waaronder de ontvangstkwaliteit van de mobiele telefoon en externe geluiden tijdens de transmissie.
Daarom kan LG niet garanderen dat Smart Diagnosis altijd een exacte diagnose kan stellen in elke situatie.
Pagina 31
Garantiebepalingen
Uw oude toestel wegdoen
- 1. Als het symbool met de doorgekruiste verrijdbare afvalbak op een product staat, betekent dit dat het product valt onder de Europese Richtlijn 2002/96/EC.
- 2. Elektrische en elektronische producten mogen niet worden meegegeven met het huishoudelijk afval, maar moeten worden ingeleverd bij speciale inzamelingspunten die door de lokale of landelijke overheid zijn aangewezen.
- 3. De correcte verwijdering van uw oude toestel helpt negatieve gevolgen voor het milieu en de menselijke gezondheid voorkomen.
- 4. Wilt u meer informatie over de verwijdering van uw oude toestel? Neem dan contact op met uw gemeente, de afvalophaaldienst of de winkel waar u het product hebt gekocht.
De garantie geldt niet in geval van:
- Voorrijkosten naar uw huis om u te leren het product te gebruiken.
- Als het product aangesloten is op een ander net dan het aangegeven op de plaat.
- Als de fout veroorzaakt is door ongeluk, nalatigheid, misbruik of bovenmachtige redenen.
- Als de fout veroorzaakt is door een ander dan het gewoon huishoudelijk gebruik of niet volgens de gebruikershandleiding.
- De gebruikinstructies van het product aanpassen of de instelling van het product veranderen.
- Als de fout veroorzaakt is door ongedierte, zoals ratten, kakkerlakken, enz.
- Lawaai of vibratie als normaal beschouwd, zoals water afvoeren, centrifugeren of de inname van warm water.
- De installatie corrigeren, bijvoorbeeld, het product waterpas stellen of
- Verwijderen van vreemde voorwerpen/stoffen uit de machine, pomp of filter, zoals gruis, nagels, bh-beugels, knopen, enz.
- Verwijderen van zekeringen of veranderen van kabels of waterleidingen.
- Niet toegestane reparaties.
- Directe of indirecte schade aan persoonlijke eigendom veroorzaakt door eventuele gebreken aan dit apparaat.
- Als dit product voor commerciële doeleinden is, wordt hij niet gewaarborgd.
(bijvoorbeeld, voor verkoop-en marketing activiteiten, zoals in openbare toiletten, sportscholen, hotels, enz.)
Pagina 32: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 33
Operationele gegevens
| Productkaart_Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1061/2010 van de Commissie | ||||
|---|---|---|---|---|
| De naam van de leverancier of het handelsmerk | LG | LG | LG | |
| De typeaanduiding van de leverancier | F14B9Q D(W)(A)(1~9) F147W2D | F12B9Q D(W)(A)(1~9) | F10B9Q D(W)(A)(1~9) | |
| De nominale capaciteit in kg | 7 | 7 | 7 | kg |
| De energie-efficiëntieklasse | A+++ | A+++ | A+++ | |
| Krachtens Verordening (EG) nr. 66/2010 een "EU-milieukeur" is toegekend aan de huishoudelijke wasmachine | No | No | No | |
| Het gewogen jaarlijkse energieverbruik (AEC) in kWh per jaar gebaseerd op 220 standaard wascycli voor de katoenprogramma’s op 60°C en 40°C bij volledige en gedeeltelijke lading, en het verbruik in de energiebesparende standen. Het werkelijke verbruik wordt bepaalddoor de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt. | 156 | 156 | 156 | kWh/Jear |
| Het energieverbruik - Het standaard katoen 60°C bij volledige lading - Het standaard katoen 60°C bij gedeeltelijke lading - Het standaard katoen 40°C bij gedeeltelijke lading | 0.80 0.64 0.60 | 0.80 0.64 0.60 | 0.80 0.64 0.60 | kWh kWh kWh |
| Het gewogen energieverbruik in de uitstand en de sluimerstand. | 0.33 | 0.33 | 0.33 | W |
| Het gewogen jaarlijkse waterverbruik (AWC) in liter per jaar gebaseerd op 220 standaard wascycli voor de katoenprogramma’s op 60°C en 40°C bij volledige en gedeeltelijke lading. Het werkelijke waterverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt. | 10 000 | 10 000 | 10 000 | Litres/ year |
| Centrifuge-efficiëntieklasse op een schaal van G (minst efficiënt) tot A (meest efficiënt). | A | B | B | |
| De maximale centrifugesnelheid voor het standaard katoenprogramma op 60°C bij volledige lading of het standaard katoenprogramma op 40°C bij gedeeltelijke lading, indien deze lager is, en het resterend vochtgehalte voor het standaard katoenprogramma op 60°C bij volledige lading of het standaard katoenprogramma op 40°C bij gedeeltelijke lading, indien dit hoger is. | 1400 | 1200 | 1000 | rpm |
| 44 | 53 | 53 | % | |
| De vermelding dat het "Katoen Eco 60°C / 40°C + Intensief" de standaard wasprogramma’s zijn waarop de informatie op het etiket en de productkaart betrekking heeft, dat deze programma’s geschikt zijn voor het wassen van normaal bevuild katoenen wasgoed en dat ze de meest efficiënte programma’s zijn wat het gecombineerd energie- en waterverbruik betreft; | ||||
| Het programma tijd - Het standaard katoen 60°C bij volledige lading - Het standaard katoen 60°C bij gedeeltelijke lading - Het standaard katoen 40°C bij gedeeltelijke lading | 240 209 212 | 240 209 212 | 240 209 212 | min min min |
| De duur van de sluimerstand (Tl) | 10 | 10 | 10 | min |
| De geluidsemissie via de lucht, uitgedrukt in dB(A) re 1 pW en afgerond tot op het dichtstbijzijnde gehele getal, tijdens de was- en centrifugefasen van het standaard katoenprogramma op 60°C bij volledige lading. | 54 (Wassen) 75 (Centrif.) | 54 (Wassen) 74 (Centrif.) | 54 (Wassen) 74 (Centrif.) | dB(A) |
| Als de huishoudelijke wasmachine bestemd is voor inbouw, dient dit te worden vermeld. | ||||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
32
Pagina 34
F74892WH F14B9Q/TD(W)(A)(1~9)/F147W2D F1496Q/TD(W)(1~9) F72892WH F12B9Q/TD(W)(A)(1~9) F1296Q/TD(W)(1~9) F84892WH F10B9Q/TD(W)(A)(1~9)
F1096Q/TD(W)(1~9) F82892WH
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
HANDLEIDING
WASMACHINE
Lees deze handleiding zorgvuldig voordat u de wasautomaat in gebruik neemt en bewaar de handleiding om later iets op te zoeken.
F14B9Q/TD(W)(A)(1~9) / F147W2D F12B9Q/TD(W)(A)(1~9)
F10B9Q/TD(W)(A)(1~9)
P/No.: MFL68027604 www.lg.com ver. 24102013.00
Pagina 3
Productkenmerken
Bescherming tegen kreuken
Door de links-/rechtsdraaiende beweging van de trommel wordt het kreukelen van het wasgoed tot een strikt minimum beperkt.
Ingebouwde verwarmer
De ingebouwde verwarmer verwarmt het water op de beste temperatuur voor de ingestelde wascyclus.
Economischer door het Intelligent Wassysteem
Om het energiegebruik en het waterverbruik tot een minimum te beperken, detecteert het Intelligent Wassysteem de grootte van de lading en de watertemperatuur. Ook bepaalt het op basis hiervan het optimale waterniveau en de wastijd.
Kinderslot
Het kinderslotsysteem wordt gebruikt om te vermijden dat kinderen op een knop duwen om het programma te wijzigen terwijl de machine draait.
Ruisarm snelheidscontrolesysteem
Door de washoeveelheid en de balans te meten, zorgt het systeem ervoor dat de was gelijkmatig verdeeld wordt zodat het geluidsniveau bij het centrifugeren tot een minimum herleid wordt.
Direct Drive-systeem
De moderne Blushless DC-motor drijft de trommel rechtstreeks aan zonder gebruik te maken van riem of riemschijf.
6 Motion.
De wasmachine kan diverse trommelacties of een combinatie van verschillende acties, afhankelijk van het geselecteerde wasprogramma uitvoeren.
Gecombineerd met een gecontroleerde rotatiesnelheid en de capaciteit van de trommel zowel links als rechts te roteren, zijn de wasprestaties van de machine uitstekend met als resultaat een perfect wasresultaat.
nhoudsopgave
Waarschuwingen ......................................................................3
I
Kenmerken ...............................................................................4
Installatie....................................................................................5
Aandachtspunten voor het wassen .........................................10
Zeep toevoegen ......................................................................11
Functies ..................................................................................13
Gebruik van de wasmachine ...................................................15
Onderhoud...............................................................................22
Storingsindex...........................................................................26
Garantiebepalingen .................................................................30
2
Pagina 4
Waarschuwingen
LEES ALLE INFORMATIE ALVORENS U HET TOESTEL IN GEBRUIK NEEMT.
Waarschuwing
Voor uw veiligheid: alle informatie in deze handleiding dient te worden opgevolgd om het risico voor brand, explosie of een elektrische schok tot een minimum te beperken, en om schade aan eigendommen, verwondingen of dodelijk letsel te voorkomen.
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
- Installeer of plaats het apparaat op een plaats waar het niet aan temperaturen onder het vriespunt of aan de weerelementen kan worden blootgesteld.
- Het is gevaarlijk om de kenmerken van dit toestel op enigerlei wijze aan te passen.
- Probeer de machine niet zelf te herstellen.
Herstellingen die uitgevoerd zijn door onervaren of niet-gekwalificeerd personeel kunnen verwondingen en/of nog ernstigere fouten veroorzaken aan de machine.
- Hou de plaatsen onder en rondom de toestellen vrij van brandbare materialen zoals pluizen, papier, vodden, chemicaliën, enz.
- Nauw toezicht is nodig indien het apparaat door of in de buurt van kinderen wordt gebruikt.
- Sta niet toe dat kinderen op, met of in dit toestel of enig ander apparaat spelen.
- Laat de wasmachinedeur nooit open staan.
- Kinderen zouden op de geopende deur kunnen gaan hangen of in de wasmachine kruipen.
- Breng uw hand of arm nooit in de wasmachine terwijl deze nog draait. Wacht tot de trommel geheel tot stilstand is gekomen.
- Het wasproces kan de brandvertrager van textiel verminderen.
- Was of droog geen artikelen die zijn gereinigd, gewassen, gedrenkt in of besprenkeld met brandbare
of explosieve stoffen (zoals was, olie, verf, dieselolie, ontvetters, oplosmiddelen voor droog reinigen, kerosine, enz.) die zouden kunnen ontvlammen of exploderen. Olie kan achterblijven in de trommel, waardoor er brand kan ontstaan tijdens het drogen. Laad dus geen kleding met olievlekken.
- Om dit te vermijden volgt u zorgvuldig de was- en verzorgingsinstructies op van de fabrikant die in het kledingstuk zijn opgenomen.
- Sla de wasmachinedeur nooit met kracht dicht en probeer deze niet geforceerd te openen wanneer hij op slot zit . Dit kan schade veroorzaken aan de wasmachine.
- Om risico op een elektrische schok tot een minimum te beperken, trekt u de stekker van het apparaat uit het stopcontact of haalt u de zekering van de wasmachine uit de stoppenkast of zet de hoofdschakelaar van het elektrisch circuit in uw huis uit alvorens u begint met onderhoud of reiniging.
- Gebruik het apparaat nooit wanneer het beschadigd is, niet goed functioneert, gedeeltelijk is gedemonteerd, of er onderdelen aan ontbreken of stuk zijn. Dit geldt ook wanneer het snoer of de stekker zijn beschadigd.
- Neem contact op met het service centrum indien het apparaat onder water heeft gestaan.
Risico op elektrische schokken en brand.
- Alle elektriciteitswerken, die noodzakelijk zijn voor de installatie van het toestel, moeten uitgevoerd worden
door een erkende elektricien of een deskundig persoon.
- Gebruik uitsluitend een geaard stopcontact van 220 –240 V.Gebruik geen verlengkabel of een verdeelstekker.
- Om gevaar te vermijden moet de stroomtoevoerkabel, wanneer deze beschadigd is, vervangen worden door
de fabrikant, door zijn erkende verdelers of door gelijkwaardig gekwalificeerde personen.
- Sluit de machine aan op een geaard stopcontact. Volg hierbij de stroombedradingsrichtlijnen.
Pagina 5
Kenmerken
| Naam | : Wasmachine, voorlader |
|---|---|
| Stroomtoevoer | : 220-240V~, 50Hz |
| Afmetinges | : 600mm (B) X 550mm (D) X 850mm (H) |
| Gewicht. | : 62 kg |
| Wascapaciteit | : 7kg [F10/12/14B9QD(W)(A)(1~9)]/[F147W2D] |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 5)
8kg [F10/12/14B9TD(W)(A)(1~9)] Max. vermogen. : 2100W/ 0.33 W (uit-stand, standby-stand) Centrifugeersnelheid : Niet Centrif. / 400 / 800 / 1400 [F14 B9Q/TD(W)(A)(1~9)]/ [F147W2D] Niet Centrif. / 400 / 800 / 1200 [F12 B9Q/TD(W)(A)(1~9)] Niet Centrif. / 400 / 800 / 1000 [F10 B9Q/TD(W)(A)(1~9)] Waterverbruik : 49 [F10/12/14B9QD(W)(A)(1~9)]/[F147W2D] 56 [F10/12/14B9TD(W)(A)(1~9)] Toegelaten waterdru : 0,3-10kgf/cm (30-1000 kPa)
Het uitzicht en de kenmerken kunnen zonder voorafgaande kennisgeving afwijken. Dit enkel om de kwaliteit van het toestel te verbeteren.
Accessoires
Toevoerleiding (1EA) Moersleutel
Pagina 6
Installatie
Installeer of plaats het apparaat op een plaats waar het niet aan temperaturen onder het vriespunt of aan schommelende weersomstandigheden kan worden blootgesteld.
Als de wasmachine geplaatst werd op een vast tapijt, mag de het tapijt de plintopening niet hinderen.
Vergrendelingsbouten voor vervoer
Het toestel is uitgerust met vergrendelingsbouten voor vervoer om interne schade tijdens het transport te vermijden.
De verpakking en alle transportbouten moeten worden verwijderd alvorens de wasmachine te gebruiken.
Wasmachine Wanneer u de verpakking onderaan verwijdert, zorg er dan voor ook de bijkomende verpakkingsplaat in het midden onderaan te verwijderen. Verpakking onderkant
Verwijderen van de vergrendelingsbouten
- 1. Om interne schade tijdens het transport te vermijden zijn de 4 speciale vergrendelingsbouten vastgeschroefd. Vooraleer de wasmachine in gebruik te nemen, moet u de bouten en de rubberen stoppen verwijderen.
- Als ze niet verwijderd worden, zal de machine hevig schudden, veel geluid veroorzaken en uiteindelijk in storing gaan.
- 2. Draai de 4 bouten los met de meegeleverde moersleutel.
- 3. Verwijder de 4 bouten samen met de rubberen stoppen door zachtjes aan de stop te draaien. Houd de 4 bouten en de moersleutel bij voor eventueel later gebruik.
- Telkens wanneer het toestel verplaatst wordt, moeten deze vergrendelingsbouten opnieuw geplaatst worden.
- 4. Sluit de gaten af met de meegeleverde afdekhoedjes.
Pagina 7
Installatie
Ruimtelijke installatievereisten
afvoerleiding wasmachine
ong. 2cm
was-Kuip
Positioneren
Passtelling met de vloer:
De toegelaten hellingsgraad onder de wasmachine bedraagt 1˚
Stopcontact :
Moet geplaatst zijn op maximaal 1,5 meter links of rechts van de wasmachine. Niet meer dan één toestel aansluiten op het stopcontact.
Bijkomende vrije ruimte :
Voor inbouw tegen muur, deur en vloer is volgende vrije ruimte noodzakelijk.
(10 cm: achterzijde / 2 cm: rechter- en linkerzijde) Plaats of bewaar nooit wasproducten op de wasmachine.
Installeer de wasmachine op een vlakke harde vloer.
Zorg ervoor dat de luchtcirculatie rond de wasmachine niet wordt gehinderd door tapijten, matten enz.
- Probeer nooit om een oneffenheid in de vloer te corrigeren door stukken hout, karton of soortgelijke materialen onder de wasmachine te plaatsen.
- Als de wasmachine naast een gasfornuis of een kolenkachel geplaatst moet worden, voorzie dan een isolatie (85x60cm), bedekt met aluminiumfolie, op de zijkant van het fornuis of de kachel tussen de twee toestellen.
- Installeer de wasmachine niet in ruimtes waar de temperatuur tot onder 0°C kan dalen.
- Zorg ervoor dat de wasmachine ook na de installatie nog gemakkelijk bereikbaar is voor de technicus in geval van een defect.
- Eens de wasmachine is geïnstalleerd, de vier pootjes bijregelen met de meegeleverde boutsleutel zodat het toestel stabiel staat en er een open ruimte is van ongeveer 20 mm tussen de bovenkant van de wasmachine en de onderkant van het werkblad.
Pagina 8
Installatie
Elektrische aansluiting
- 1. Gebruik nooit een verlengkabel of een verdeelstekker.
- 2. Om gevaar te vermijden moet de stroomtoevoerkabel in geval van beschadiging, vervangen worden door de fabrikant, zijn erkende verdelers of door gelijkwaardig gekwalificeerde personen.
- 3. Trek de stekker na gebruik steeds uit het stopcontact en draai de waterkraan dicht.
- 4. Sluit de machine aan op een geaard stopcontact. Volg hierbij de stroombedradingsrichtlijnen.
- 5. Het toestel moet zo geplaatst worden dat de stekker gemakkelijk toegankelijk is.
LET OP
Het product is niet gemaakt voor het gebruik en als speelgoed door jonge kinderen zonder toezicht of voor personen die niet in staat zijn zonder toezicht een apparaat te dedienen.
LET OP
LET OP het netsnoer
Het wordt aanbevolen de meeste machines aan te sluiten op een eigen circuit; dat wil zeggen, een circuit met stopcontact dat alleen voor die machine gebruikt wordt, zonder verdere stopcontacten of aansluitingen op het circuit. Controleer voor de zekerheid de specificatie-pagina van deze handleiding.
U mag de stopcontacten niet overbelasten. Overbelaste/losse/beschadigde stopcontacten of verlengsnoeren, versleten netsnoeren, of beschadigde snoerisolatie vormen een gevaar. Dit kan leiden tot brand of een elektrische schok. Kijk regelmatig het netsnoer van uw machine na; indien dit er beschadigd uitziet, haalt u dan de stekker uit het stopcontact en laat het snoer vervangen door een authentiek snoer aangeleverd door een bevoegde dealer, alvorens de machine opnieuw te gebruiken. Zorg ervoor dat het snoer niet beschadigd raakt: zorg ervoor dat het b.v. niet in de knoop ligt of afgeknepen wordt, of dat men erop kan lopen. Let vooral op stekkers, stopcontacten, en de snoeruitgang op de machine.
Als de wasautomaat door een verlengkabel of een draagbaar aggregaat van stroom wordt voorzien, moeten de verlengkabel of het aggregaat zodanig worden geplaatst dat er geen (was)water op geknoeid kan worden.
De wasmachine moet op de waterleiding aangesloten worden met nieuwe leidingen. Oude leidingen mogen niet worden gebruikt.
Aansluiting van de watertoevoerleidingen
Joint aansluiting en caoutchouc
rubberen Raccord de tuyau ringen
De toegeleverde waterdruk moet tussen 30 kPa en 1000 kPa (0,3~10kgf/cm²)liggen.
Ontbloot of kruis de leiding niet wanneer u de toevoerleiding aansluit op de klep.
Wanneer de toegeleverde waterdruk hoger is dan 1000 kPa, moet u een decompressietoestel laten installeren.
- Om lekkage te vermijden werden twee ringen voorzien op het aansluitpunt in de aansluiting van de watertoevoerleiding.
- Controleer de waterdichtheid van de aansluitingen tussen wasmachine en toevoerleiding door de kraan helemaal open te draaien.
- Controleer regelmatig de toestand van de leiding en vervang deze indien nodig.
- Zorg ervoor dat er geen knik zit in de leiding en dat deze niet geklemd is.
Pagina 9
Installatie
Deze uitrusting is niet bedoeld voor maritiem gebruik of voor gebruik in mobiele installaties zoals caravans, vliegtuigen, enz.
Draai de plugkraan dicht wanneer de machine een langere periode niet wordt gebruikt (bijv. tijdens een vakantie), zeker wanneer er geen vloerafloop (goot) is in de onmiddellijke omgeving van de machine. Wanneer het toestel moet worden afgevoerd, moet u het netsnoer afknippen en de stekker vernietigen. Maak de deurgrendel onklaar om te voorkomen dat kinderen in de machine gevangen raken. Het verpakkingsmateriaal (bijvoorbeeld folie en styrofoam) kan voor kinderen gevaarlijk zijn. Er is gevaar voor verstikking!
Houd verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen.
Installatie van de afvoerleiding
| ong. 100 cm ong. 145 cm | ||||||||
| ong. | 105 cm | |||||||
| ong. 100 | cm | |||||||
| ong. | 145 cm | |||||||
| ong. | 105 cm | |||||||
| De afvoerleiding boven de | vloer | mag geplaatst | niet | hoger worden. | dan | 100 cm | ||
| Een goede zal ervoor | bevestiging zorgen | dat de | van vloer | de | afvoerleiding niet | |||
| beschadigd Wanneer dan niet in ontstaat nl. 8 | wordt de afvoerleiding de wasmachine. een | abnormaal | door | waterlekkage. te geluid. | lang Hierdoor | is, duw ze | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
- Wanneer de afvoerleiding aan een wasbak bevestigd wordt, maak ze dan stevig vast met een kettinkje.
- Een goede bevestiging van de afvoerleiding zal ervoor zorgen dat de vloer niet beschadigd wordt door waterlekkage.
| Bac waskuip de lavage | leiding-houder Logement du tuyau | |
| max. 100cm min. 60cm | Bride kabel-binder de fixation | max. 100cm min. 60cm |
Pagina 10
Installatie
Niveauregeling
- 1. Door een wasmachine goed waterpas op te stellen voorkomt u overgeluid en trillingen. Plaats het toestel op een stevige vloer die waterpas is, bij voorkeur in een hoek van de kamer.
OPMERKING Een houten of zwevende vloer kan voor overmatige trillingen of stabiliteitsproblemen bij een geladen machine zorgen.
- 2. Wanneer de vloer oneffen is, kan u de stelvoetjes aanpassen tot op de gewenste hoogte (gebruik geen stukjes hout en dergelijke onder de voetjes). Zorg ervoor dat alle vier de voetjes stevig op de vloer rusten, en controleer of het toestel waterpas staat (gebruik een waterpas)
Nadat u de pootjes bijgeregeld hebt, de borgmoer in tegenwijzerzin aandraaien.
OPMERKING Zet de wasmachine goed vast als hij op een verhoogd platform staat: anders loopt u het risico dat hij eraf valt.
Diagonale controle
Wanneer u op de overlangse hoeken van de bovenplaat van de wasmachine aandrukt, mag de machine absoluut niet op en neer bewegen (controleer beide richtingen). Wanneer de machine bij deze duwbewegingen wel beweegt, moet u de stelvoetjes weer aanpassen.
Betonnen vloeren
- Het installatieoppervlak moet proper, droog en waterpas zijn.
- Installeer de wasmachine op een vlakke harde vloer.
Tegelvloeren (gladde vloeren)
- Ga met beide voeten op de Tread Mate staan en stel de machine af totdat hij recht staat. (Knip de Tread Mate in stukken van 70x70 mm en plak de stukken op de droge tegels waar u de machine wilt plaatsen.)
Tread Mate is een zelfklevend materiaal dat gebruikt wordt op ladders & trappen, om het uitglijden tegen te gaan.
Houten vloeren
- Houten vloeren zijn bijzonder gevoelig voor trillingen.
- Om trillingen te voorkomen, raden wij aan rubber doppen van ten minste 15 Rubber Cup dop mm dik te plaatsen onder elk pootje van de wasmachine en deze met behulp van schroeven te bevestigen aan ten minste 2 vloerbalken.
- Indien mogelijk de wasmachine installeren in een van de hoeken van de ruimte waar de vloer stabieler is.
Gebruik rubber doppen om de trillingen te verminderen.
Rubber doppen (onderdeelnr. .4620ER4002B) kunt u verkrijgen bij de LG-afdeling onderdelen.
Belangrijk!
- Correcte plaatsing van de wasmachine verzekert een lange, regelmatige en betrouwbare werking.
- De wasmachine moet volledig horizontaal en stevig vast staan.
- De wasmachine mag niet gaan schommelen tijdens het wassen.
- Het installatieoppervlak moet proper zijn, vrij van vloerwas en andere smeermiddelen.
- Zorg ervoor dat de onderkant van de wasmachine niet nat wordt. Als de onderkant van de wasmachine nat wordt, zou u kunnen uitglijden. 9
Pagina 11
A andachtspunten voor het wassen
Voor het in gebruik nemen van de wasmachine
Kies een wascyclus (KATOEN 60°C, voeg een halve lading wasmiddel toe), zet de machine in werking (zonder kleding). Hiermee verwijdert u eventueel in de trommel resterende aanslag.
Aandacht voor het wassen
- 1. Aandacht voor de labels
Controleer of uw kledingstuk een label heeft met wasinstructies. Dit zal aangeven uit welke stoffen het stuk gemaakt is en hoe het gewassen moet worden.
- 2. Was sorteren
Voor de beste wasresultaten, sorteert u uw kledingstukken in ladingen die met hetzelfde wasprogramma gewassen kunnen worden. De watertemperatuur en de centrifugeersnelheid zijn afhankelijk van het soort stof waaruit de kledingstukken gemaakt zijn. Sorteer donkere was van lichte was en witgoed. Was afzonderlijk als kleuren kunnen doorlopen of pluis in elkaar kan klitten waardoor wit kan verkleuren, enz. Indien mogelijk wast u zwaar vervuilde stoffen apart van licht vervuild goed.
- Vuil (zwaar, normaal, licht) : Sorteer kleding volgens de vuilheidsgraad. - Kleur (witte was, lichte was, donkere was) Sorteer witgoed van gekleurde was. - Pluis (pluisproducerende was, pluisverzamelende was)Was pluisproducerende was afzonderlijk van pluisverzamelende was.
- 3. Aandacht bij het vullen
- Combineer grote en kleine stukken in één lading. Laad de grote stukken eerst. Grote stukken mogen niet meer dan de helft van de gehele waslading beslaan.
- Laat de machine niet draaien met slechts één artikel erin. Dit kan instabiliteit veroorzaken. Voeg een of twee gelijksoortige stukken toe.
- Controleer alle zakken en zorg ervoor dat ze leeg zijn. Nagels, haarpennen, lucifers, potloden, muntstukken en sleutels kunnen zowel uw wasmachine als uw kleding beschadigen.
- Sluit ritsen, haken en koorden om ervoor te zorgen dat deze geen andere kledingsstukken scheuren.
- Behandel vuil en plekken voor door een beetje in water opgeloste zeep op boord- en omslagplekken aan te brengen.
Dit om het vuil reeds gedeeltelijk op te lossen.
- Verwijder al het vreemde materiaal.
Pagina 12
Zeep toevoegen
Toevoegen van wasmiddel en wasverzachter
- 1. De verdeellade
- Hoofdwas alleen ➔
- Voorwas + hoofdwas ➔
Opgelet
Wasverzachter
Wasmiddel Wasmiddel de hoofdwas voor de voorwas
Houd waspoeder en reinigingsproducten buiten het bereik van kinderen i.v.m.
vergiftigingsgevaar.
Bij te veel wasmiddel en of wasverzachter bestaat het risico dat er water overstroomt. Gebruik alleen de aanbevolen hoeveelheid wasmiddel.
- 2. Wasverzachter toevoegen
- Niet hoger vullen dan tot aan het maximale vulstreepje. Als het bakje overvol is kan de wasverzachter te vroeg vrijkomen, waardoor er vlekken op de kleding kunnen ontstaan.
- Laat wasverzachter niet langer dan 2 dagen in de zeeplade (wasverzachter kan uitharden)
- De wasverzachter wordt automatisch toegevoegd gedurende de laatste spoelcyclus.
- De lade niet openen wanneer er water wordt aangevoerd.
- Solventen (benzeen, enz..) zijn niet toegelaten.
OPMERKING Geen wasverzachter rechtstreeks op de kledij gieten.
Pagina 13
Zeep toevoegen
Hoeveelheid wasmiddel
- Het wasmiddel dient gebruikt te worden volgens de aanwijzingen van de fabrikant en moet worden gekozen op basis van type, kleur, de mate van vervuiling van de stof en de wastempratuur.
- Als u meer wasmiddel gebruikt dan is voorgeschreven, ontstaat er veel schuim waardoor het wasresultaat afneemt en zal de motor te sterk belast worden (oorzaak van storing).
- Het is aan te raden geconcentreerd wasmiddel te gebruiken voor het beste resultaat.
- Als gebruik wordt gemaakt van vloeibaar wasmiddel neem dan de aanwijzingen van de wasmiddelfabrikant in acht.
- U kunt gebruik maken van vloeibaar wasmiddel in de wasmiddeldoseerlade zodra het wascyclus direct van start gaat.
- Vloeibaar wasmiddel kan uitharden, gebruik daarom geen vloeibaar wasmiddel tijdens uitgestelde start.
- Heeft u last van zeepsop resten, verminder dan de hoeveelheid wasmiddel.
- De hoeveelheid wasmiddel moet mogelijk aangepast worden aan het programma, watertemperatuur, de hardheid van het water, de was hoeveelheid, en de vuilheid van het wasgoed. Zorg ervoor dat er niet te veel schuim ontstaat.
- Raadpleeg het label van de kleding voordat u het wasmiddel en de watertemperatuur kiest.
- Gebruik enkel het aangegeven wasmiddel voor gebruik in de wasmachine.
- Algemene waspoeders voor alle stofsoorten (Koud - 95°C) - Waspoeder voor delicate stof (Koud - 40°C) - Vloeibaar wasmiddel voor alle stofsoorten (Koud - 95°C) of alleen aangegeven wasmiddelen voor wol (Koud - 40°C)
- Voor een beter was- en wit-resultaat gebruikt u een wasmiddel met een algemeen bleekmiddel.
WAARSCHUWING
- Zorg ervoor dat vloeibaar wasmiddel niet uithard.
Dit kan leiden tot blokkeringen, verminderde spoeling en geurtjes.
OPMERKING
- Volle lading: volgens de aanbevelingen van de producent.
- Gedeeltelijke lading: 3/4 van de normale hoeveelheid.
- Minimumlading: 1/2 van een volle lading.
- Het wasmiddel wordt bij het begin van de wascyclus uit de verdeler gespoeld.
Waterverzachter
- Een water verzachter, zoals Calgon, kan worden gebruikt in regio’s met extreem hard water. Voeg toe volgens de aanwijzingen op de verpakking.
Voeg eerst wasmiddel toe en vervolgens de water verzachter.
- Gebruik de hoeveelheid wasmiddel voor zacht water.
Gebruik van wastabletten
- 1. Open de deur en stop de tabletten in de trommel.
12
- 2. Laad het wasgoed in de trommel.
Pagina 14: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 15
Functies
Watertemperatuur : kies de watertemperatuur bij het wasprogramma. Volg bij het wassen altijd de wasvoorschriften of instructies op het label van de fabrikant.
Voorwas : Voorwas zwaar vervuilde en prote¥ negevlekte stukken.
Intensief : Voor zeer vuile was, kies de optie "Intensief".
De programma-afstelling met testoptie "Katoen 60Á C+Intensief" is in overeenstemming met IEC60456 en EN60456 . Intensief Spoelen : Voor grotere effectiviteit of een nog schoner resultaat na het spoelen kunt u de mogelijkheid Spoelen Extra selecteren.
Kreukvrij : Als u het kreuken van kleding wilt voorkomen, selecteer dan deze functie bij het centrifugeren. Stel programma in op de opties "Katoen Eco 40Á C + Intensief (Halve Belading)", "Katoen Eco 60Á C +Intensief (Halve Belading)", "Katoen Eco 60Á C + Intensief (Volle Belading)" voor test volgens EN60456 en Verordening 1015/2010 - Standaard 60Á C katoenprogramma: Katoen Eco . + 60Á C + Intensief - Standaard 40Á C katoenprogramma: Katoen Eco + 40Á C + Intensief (Zij zijn geschikt om normaal vervuild, katoen wasgoed te reinigen.)
(Dit zijn de meest efficiÔ nte programma's wat betreft gecombineerd energie- en waterverbruik voor het wassen van dat type katoenen wasgoed.)
* De werkelijke watertemperatuur kan afwijken van de opgegeven cyclustemperatuur. De testresultaten zijn afhankelijk van de waterdruk, de hardheid van het water, de waterinlaattemperatuur, de kamertemperatuur, de soort en hoeveelheid belading, mate van vervuiling, gebruikt wasmiddel, netspanningsfluctuaties en de gekozen extra opties.
Opmerkingen : Normaal synthetisch wasmiddel wordt aanbevolen. Het wolprogramma werkt met rustige bewegingen en rotaties op lage snelheid om de kleding te beschermen.
Opmerkingen : Normaal synthetisch wasmiddel wordt aanbevolen. Het wolprogramma werkt met rustige bewegingen en rotaties op lage snelheid om de kleding te beschermen.
Informatie over hoofdwasprogramma's bij halve belading.
| Programma | Tijd in minuten | Resterend vochtgehalte | Water in liter | Energie in kWh | |
|---|---|---|---|---|---|
| 1400 rpm | 1200/1000rpm | ||||
| Katoen (40°C) | 94 | 44 % | 53 % | 39 | 0.66 |
| Katoen Eco (60°C) | 120 | 44 % | 53 % | 49 | 0.74 |
Pagina 16
Gebruik van de wasmachine
De SmartDiagnosisTM functie is alleen aanwezig voor producten met een SmartDiagnosisTM logo.
2
1. Bij gebruik van de wascyclus met de standaardvoorwaarden
- Om de machine te starten drukt u op de knop "Inschakelen".
- Druk op de "Start/Pause"-knop.
- Standaardinstelling
- Wassen : alleen hoofdwas
- Spoelen : 3 keer
- Essorage :
- 1000 rpm [F10B9Q/TD(W)(A)(1~9)]
- 1200 rpm [F12B9Q/TD(W)(A)(1~9)]
- 1400 rpm [F14B9Q/TD(W)(A)(1~9)]/
[F147W2D]
- Watertemperatuur: 60°C
- Programma: Katoen
2. Manuele instelling
- Druk op de knop Aan/Uit om de machine op te starten.
- Selecteer de voorwaarden die u wenst te gebruiken door telkens de overeenstemmende knoppen in te drukken.
Om de voorwaarden van elk programma te selecteren verwijzen we naar pagina’s 15 tot 20.
- Druk de "Start/Pause"-knop in.
3. Piepsignaal aan/uit
Voorprogramma
- De Pieptoon- functie kan alleen worden geactiveerd tijdens het wassen:
- 1. Zorg ervoor dat de wasmachine aan is ( Inschakelen aan)
- 2. Druk op de knop Start/Pause.
- 3. Druk en houd ingedrukt beide knoppen tegelijk voor 3 sec: Voorprogramma.
- Nu is de Pieptoon-functie aangezet. Deze blijft aan staan, ook nadat de wasmachine is uitgeschakeld.
Verder lezen op pagina 17Inhoud