Liebherr CNsfd 5204, tekst van de handleiding
Pagina's 7–23 van 50 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–6verder op pagina 24 →
Pagina 7
Opstellen en aansluiten
- Plaats het apparaat altijd met de achterkant tegen de muur.* - Gebruik in explosiegevaarlijke omgevingen is niet toegestaan.
3.1.3 Integratie in een keukenblok
- U kunt het apparaat integreren tussen keukenkastjes. (zie 3.12 Apparaat in een keukenblok integreren)
3.2 Ventilatie-eisen
LET OP
Risico op beschadiging door oververhitting als gevolg van onvoldoende ventilatie!
Bij te weinig ventilatie kan de compressor worden beschadigd.
- Let op voldoende ventilatie.
- Neem de ventilatie-eisen in acht.
Als het apparaat in het keukenblok wordt geïntegreerd, moeten de volgende ventilatievoorschriften in acht worden genomen:*
- In principe geldt: hoe groter de ventilatiedoorsnede, hoe zuiniger het apparaat werkt.*
A
Fig. 3 Koel-/vriescombinaties / diepvriezers / volledige BioFresh-apparaten (a) Maximale beschikbare (d) Afstand tussen de appalengte van netaansluit‐ raatstekker en de vloer kabel (b) Maximale beschikbare (G) Apparaatstekker lengte van netaansluitkabel (c) Maximale beschikbare verticale lengte van de netaansluitkabel
| Voor 600 mm brede apparaten:* | |
| a | ~ 1800 mm |
| b | ~ 1400 mm |
| c | ~ 2100 mm |
| d | ~ 200 mm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
| Voor 750 mm brede apparaten:* | |
| a | ~ 1725 mm |
| b | ~ 1325 mm |
| c | ~ 2100 mm |
| d | ~ 200 mm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
3.4 Apparaat transporteren
Fig. 2 *
Wandafstand A*
25 mm*
Het energieverbruik is bepaald met een afstand tot de muur Fig. 2 (A) tussen de apparaatachterzijde en wand bepaald. Als de wandafstand minder dan Fig. 2 (A) is, heeft dit geen invloed op de werking van het apparaat. Bij een kleinere wandafstand kan het energieverbruik iets toenemen en kan er condensvorming op de achterwand van het apparaat optreden.*
3.3 Aansluitmaten voor de stroomvoorziening
De aansluiting op de stroomvoorziening bevindt zich aan de achterkant van het apparaat. Om ervoor te zorgen dat u uw apparaat veilig kunt aansluiten, moet u ervoor zorgen dat aan de volgende vereisten wordt voldaan:
❑De afmetingen voor de aansluiting op de stroomvoorziening zijn bekend en worden in acht genomen. Zie onderstaande tabel.
❑Aansluiten op de stroomvoorziening volgens de handleiding. (zie 3.14 Apparaat op de stroomvoorziening aansluiten)
3.4.1 Apparaat vervoeren voor de eerste inbedrijfstelling
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Het apparaat is verpakt. ❑Het apparaat staat rechtop.
Fig. 4
- Druk het verpakkingskarton aan de bovenkant van de perforatie Fig. 4 (1) in.
- Trek de ingedrukte lipjes Fig. 4 (2) naar buiten. ▷ De draagbeugel Fig. 4 (3) is rechts en links zichtbaar.
- Houd het apparaat vast aan de draaggrepen Fig. 4 (3).
- Vervoer het apparaat met behulp van twee personen.
- Apparaat uitpakken. (zie 3.5 Apparaat uitpakken)
* afhankelijk van model en uitvoering 7
Pagina 8
Opstellen en aansluiten
3.4.2 Apparaat na eerste inbedrijfstelling transporteren
Neem de volgende aanwijzingen in acht als u het apparaat na de eerste inbedrijfstelling opnieuw wilt vervoeren of verplaatsen.
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Het apparaat is leeg.
❑Het apparaat staat rechtop.
❑Apparaat met deur(en): De deur is beveiligd tegen ongewenst openen.
❑Apparaat met uittrekwagen: De uittrekwagen is beveiligd tegen ongewenst openen.
❑Apparaat met verstelbare poten: Verstelbare poten zijn ingedraaid.
- Houd het apparaat vast aan de draaggrepen.
- Vervoer het apparaat met behulp van twee personen.
Na transport:
- Draai de verstelbare poot op het apparaat uit.
- Apparaat uitlijnen. (zie 3.9 Apparaat uitlijnen)
LET OP
Gevaar op beschadiging door botsing van deur!
Beschadiging van de apparaten bij Side-by-Side-opstelling. Als u twee apparaten naast elkaar opstelt in een specifieke Side-by-Side-opstelling, wordt de deurdraairichting van beide apparaten vooraf ingesteld in de fabriek.
- Side-by-Side-opstelling: Deurdraairichting niet veranderen.
Voor apparaten zonder sluitdemper gelden de paragrafen:
❑Voor apparaten zonder sluitdemper ❑Voor alle apparaten
3.5 Apparaat uitpakken
LET OP
Gevaar op beschadiging door verplaatsing van het apparaat! Als het apparaat zonder bescherming over de vloer wordt verplaatst, kan het apparaat de vloer beschadigen.
- De vloer voldoende afdekken, voordat u de verpakking van het apparaat verwijdert.
- Apparaat en verpakking controleren: Als transportschade wordt vermoed, neem dan voor het aansluiten contact op met de leverancier.
LET OP
Materiële schade door puntige of scherpe voorwerpen! Als u puntige of scherpe voorwerpen gebruikt bij het verwijderen van verpakkingsmateriaal, kunt u het apparaat beschadigen.
- Gebruik geen puntige of scherpe voorwerpen om verpakkingsmateriaal te verwijderen.
- Verwijder de verpakkingsmaterialen.
- Het apparaat is op de juiste positie geplaatst: Verwijder de beschermfolie op de deur en zijwanden.
Fig. 6
Leesrichting in acht nemen.
3.6.1 Deurrek leegmaken
- Levensmiddelen uit de deurrekken nemen.
▷ Levensmiddelen vallen niet uit de deur, als u de deur demonteert.
3.6.2 Apparaten zonder sluitdemper: Afdekkingen verwijderen
3.6 Wissel deurscharniering
Gereedschap
Fig. 7
- Deur openen.
- Buitenste afdekking (1) verwijderen.
- Lagerbokafdekking (2) ontgrendelen en verwijderen.
Fig. 5
8 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 9
Opstellen en aansluiten
LET OP
Gevaar op beschadiging door schroevendraaier!
Als u de deurafdichting beschadigt, sluit de deur niet goed en is de koeling onvoldoende.
- Schroevendraaier voorzichtig als hulpmiddel gebruiken.
- Deurafdichting niet beschadigen met de schroevendraaier.
- Afdekking (3) buiten op de deur met een schroevendraaier ontgrendelen en opzij draaien.
3.6.3 Bovenste deur demonteren
*
TORX 15
Fig. 8
- Afdekking Fig. 8 (1) voorzichtig wegnemen.
- Bouten Fig. 8 (2) met een schroevendraaier iets losdraaien.
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel door uitkantelende deur!
Als u de bout volledig uit de deur verwijdert, kan de deur naar buiten kantelen en kunt u zich verwonden.
- Deur vasthouden voordat u de bouten verwijderd.
- Deur vasthouden.
- Bouten Fig. 8 (3) met de vingers er uit trekken.
- Deur optillen en opzij zetten.
- Afdekking Fig. 8 (4) voorzichtig met een schroevendraaier optillen en verwijderen.
3.6.4 Onderste deur demonteren
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel door uitkantelende deur!
Als u de bout volledig uit de deur verwijdert, kan de deur naar buiten kantelen en kunt u zich verwonden.
- Deur vasthouden voordat u de bouten verwijderd.
Fig. 9 Zonder sluitdemper
- Bouten Fig. 9 (1) naar boven toe eruit trekken.
- Deur Fig. 9 (2) eruit draaien, naar boven trekken en opzij leggen.
* afhankelijk van model en uitvoering 9
Pagina 10
Opstellen en aansluiten
3.6.5 Bovenste lagerdelen overzetten
*
TORX 20
T20
Fig. 10
- Beide schroeven losdraaien.
- Lagerbok optillen en verwijderen.
WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar door eruit vallende deur!
Als de lagerdelen niet correct zijn vastgeschroefd, kan de deur eruit vallen. Dit kan tot zware verwondingen leiden. Bovendien sluit de deur eventueel niet, zodat het apparaat niet correct koelt.
- De lagerbokken met 4 Nm vastschroeven.
- Alle schroeven controleren en eventueel aandraaien.
| * | TORX 20 | ||
| 1 3 4 6 T20 5 | CLICK! | 2 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
Fig. 11
- Afdekking Fig. 11 (1) van boven af naar voren lostrekken.
- Afdekking Fig. 11 (2) 180° gedraaid aan de andere zijde van rechts inhangen.
- Afdekking Fig. 11 (3) vastklikken.
- Bovenste lagerbok Fig. 11 (4) bevestigen.
- Schroef Fig. 11 (5) vastdraaien.
- Schroef Fig. 11 (6) vastdraaien.
3.6.6 Middelste lagerdelen omzetten
WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar door eruit vallende deur!
Als de lagerdelen niet correct zijn vastgeschroefd, kan de deur eruit vallen. Dit kan tot zware verwondingen leiden. Bovendien sluit de deur eventueel niet, zodat het apparaat niet correct koelt.
- De lagerbokken met 4 Nm vastschroeven.
- Alle schroeven controleren en eventueel aandraaien.
10 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 11
Opstellen en aansluiten
Fig. 12
- Sluitring Fig. 12 (1) wegnemen.
- Schroeven Fig. 12 (2) met een schroevendraaier er uit draaien.
- Afdekking Fig. 12 (3) voorzichtig wegtrekken.
- Lagerbok met folie Fig. 12 (4) 180° gedraaid aan de andere zijde goed vastschroeven.
- Afdekking Fig. 12 (5) 180° gedraaid op de andere zijde aanbrengen.
- Sluitring Fig. 12 (6) van voren af erop schuiven.
3.6.7 Onderste lagerdelen omzetten
Voor alle apparaten:
WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar door eruit vallende deur!
Als de lagerdelen niet correct zijn vastgeschroefd, kan de deur eruit vallen. Dit kan tot zware verwondingen leiden. Bovendien sluit de deur eventueel niet, zodat het apparaat niet correct koelt.
- De lagerbokken met 4 Nm vastschroeven.
- Alle schroeven controleren en eventueel aandraaien.
Fig. 13
- Lagerbout Fig. 13 (1) volledig naar boven toe wegtrekken.
- Schroeven Fig. 13 (2) met schroevendraaier er uit draaien en het lagerbok wegnemen.
Voor apparaten zonder sluitdemper:
Fig. 14
- Schroef Fig. 14 (1) met een schroevendraaier losdraaien.
- Deursluithulp Fig. 14 (2) optillen en 90° naar rechts in de boring draaien.
- Schroef Fig. 14 (3) met een schroevendraaier vastschroeven.
Voor alle apparaten:
Fig. 15
- Afdekking Fig. 15 (1) wegnemen.
* afhankelijk van model en uitvoering 11
Pagina 12
Opstellen en aansluiten
Fig. 16
- Lagerbok aan de andere zijde plaatsen en met behulp van een schroevendraaier er in schroeven. Met schroef Fig. 16 (2) onder in het midden beginnen.
- Schroef Fig. 16 (3) en schroef Fig. 16 (4) vastschroeven.
- Lagerbouten Fig. 16 (5) volledig insteken. Let hierbij op dat het vergrendelingslipje naar achteren wijst.
Fig. 17
- Afdekking Fig. 17 (1) van de andere zijde weer er in steken.
3.6.8 Lagerdelen van de deur omzetten
Voor apparaten zonder sluitdemper:
WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar door eruit vallende deur!
Als de lagerdelen niet correct zijn vastgeschroefd, kan de deur eruit vallen. Dit kan tot zware verwondingen leiden. Bovendien sluit de deur eventueel niet, zodat het apparaat niet correct koelt.
- De lagerbokken met 4 Nm vastschroeven.
- Alle schroeven controleren en eventueel aandraaien.
Deur onder
Fig. 18
- Onderkant van de deur wijst naar boven: Deur draaien.
- Strip Fig. 18 (1) met een platte schroevendraaier omlaag drukken.
- Sluithaak Fig. 18 (2) uit de geleiding trekken.
- Sluithaak Fig. 18 (3) aan andere zijde in geleiding schuiven.
- Bovenkant van de deur wijst naar boven: Deur draaien.
Deur boven
12 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 13
Opstellen en aansluiten
Fig. 19
- Onderkant van de deur wijst naar boven: Deur draaien.
- Strip Fig. 19 (1) met een platte schroevendraaier omlaag drukken.
- Sluithaak Fig. 19 (2) uit de geleiding trekken.
- Geleidebus Fig. 19 (3, 4) uittrekken: Strip met platte schroevendraaier indrukken en gelijktijdig een platte schroevendraaier onder de geleidebus plaatsen.
- In de leveringsomvang meegeleverde geleidebus Fig. 19 (5) in de andere behuizingszijde schuiven. Apparaten zonder sluitdemper:
- Sluithaak Fig. 19 (6) in geleiding schuiven.
- Bovenkant van de deur wijst naar boven: Deur draaien.
3.6.9 Grepen omzetten*
Voor alle apparaten:
Fig. 20
- Afdekking Fig. 20 (1) wegtrekken.
- Schroeven Fig. 20 (2) met een schroevendraaier er uit draaien.
- Greep Fig. 20 (3) wegnemen.
- Til de zijplug voorzichtig Fig. 20 (4) op met een platte schroevendraaier en trek hem er uit.
- Plug Fig. 20 (5) aan de andere kant er weer insteken.
* afhankelijk van model en uitvoering 13
Pagina 14
Opstellen en aansluiten
Fig. 21
- Breng het handvat Fig. 21 (1) aan de andere kant aan. ▷ De schroefgaten moeten precies boven elkaar liggen.
- Schroeven Fig. 21 (2) met een schroevendraaier vastschroeven.
- Plaats de afdekkingen Fig. 21 (3) op de zijkanten en schuif ze erop.
▷ Let op het correct vastklikken.
3.6.10 Zonder sluitdemper: Onderste deur monteren
Fig. 22
- Til de plug voorzichtig Fig. 22 (1) op met een platte schroevendraaier en trek hem er uit.
- Plug Fig. 22 (2) aan de andere deurzijde er weer insteken.
- Deur Fig. 22 (3) van bovenaf op de onderste lagerbouten plaatsen.
- Lagerbout midden Fig. 22 (4) door lagerbok midden in de onderste deur steken. Let hierbij op dat het vergrendelingslipje naar achteren wijst.
3.6.11 Bovenste deur monteren
- Deur op de middelste scharnierbouten plaatsen.
14 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 15
*
| T15 CLICK! 3 | 1 | 2 |
| 4 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
Fig. 23
- Deur met de opening in het lagerbok Fig. 23 (1) uitlijnen.
- Bouten Fig. 23 (2) insteken en met een schroevendraaier vastschroeven.
- Afdekking Fig. 23 (3) plaatsen.
- Controleer of de afdekking Fig. 23 (3) tegen de deur ligt.
- Afdekking Fig. 23 (4) plaatsen.
3.6.12 Deuren uitlijnen
Voor alle apparaten:
WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar door eruit vallende deur!
Als de lagerdelen niet correct zijn vastgeschroefd, kan de deur eruit vallen. Dit kan tot zware verwondingen leiden. Bovendien sluit de deur eventueel niet, zodat het apparaat niet correct koelt.
- De lagerbokken met 4 Nm vastschroeven.
- Alle schroeven controleren en eventueel aandraaien.
- De deur eventueel via de beide slobgaten in de lagerbus onder en lagerbus midden t.o.v. het apparaathuis uitlijnen. Hiervoor de middelste schroef in de lagerbus onder met het bijgevoegde T20-gereedschap eruit schroeven. De overige schroeven met het T20- gereedschap of met een schroevendraaier T20 een beetje losdraaien en via de slobgaten uitlijnen. In de lagerbus middelste schroeven met het T20-gereedschap losdraaien en lagerbus midden via de slobgaten uitlijnen.
- Deur ondersteunen: Stelvoet met steeksleutel SW10 op de lagerbus aan de onderkant eruit draaien, totdat deze op de bodem rust, dan 90° verder draaien.
3.6.13 Afdekkingen aanbrengen
Voor apparaten zonder sluitdemper:
Opstellen en aansluiten
Fig. 24
De deur is met 90° geopend.
- Lagerbokafdekking Fig. 24 (1) plaatsen en vastklikken, evt. voorzichtig uit elkaar drukken.
- Panelen Fig. 24 (2) aan de zijkanten plaatsen en vastklikken.
Fig. 25
- Buitenste afdekking Fig. 25 (1) erop schuiven.
- Bovenste deur Fig. 25 (2) sluiten.
3.7 Wandafstandshouder monteren*
Met afstandhouders voor de muur verkrijgt uw apparaat het gedeclareerde energieverbruik en wordt er geen condens gevormd bij een hoge omgevingsvochtigheid. Het apparaat is zonder gebruik van de afstandshouder volledig werkend, maar heeft een iets hoger energieverbruik.
Als u de afstandsstukken voor de muur plaatst, wordt de diepte van het apparaat vergroot met ca. 15 mm.*
*
- Apparaat met meegeleverde wandafstandhouders: Wandafstandhouders aan de achterkant van het apparaat links- en rechtsonder plaatsen.
3.8 Apparaat plaatsen
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel door zwaar apparaat!
- Apparaat met twee personen naar de plaats van opstelling transporteren.
* afhankelijk van model en uitvoering 15
Pagina 16
Opstellen en aansluiten
WAARSCHUWING
Brandgevaar door kortsluiting!
- Als u het apparaat opstelt: Netkabel niet knikken, klemmen of beschadigen.
- Apparaat niet gebruiken met een defecte netkabel.
WAARSCHUWING
Gevaar voor brand en beschadiging!
- Plaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron, toaster enz. op het apparaat!
Zorg ervoor dat aan de volgende vereisten is voldaan:
❑Het apparaat uitsluitend in lege toestand verschuiven. ❑Het apparaat uitsluitend met hulp plaatsen.
- Neem de netkabel uit de verpakking.
- Steek de koelapparaatbus van de netkabel volledig in de apparaatstekker aan de achterkant van het apparaat. Let op een goede bevestiging van de koelapparaatbus.
- Leid indien nodig de netstekker met behulp van een snoer naar een vrij toegankelijk stopcontact.
3.9 Apparaat uitlijnen
Fig. 26
- Stelvoetjes Fig. 26 (A) met meegeleverde steeksleutel en met behulp van een waterpas er uit draaien tot het apparaat vast en vlak is uitgelijnd.
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel en schade door omkantelen van het apparaat!
Als de extra verstelbare poot op het onderste lagerbok niet correct op de vloer rust, kan het apparaat kantelen. Dit kan leiden tot materiële schade en letsel.
- Schroef de extra stelvoet op het lagerbok volgens de aanwijzing los.
- Stelvoetje Fig. 26 (B) op het lagerblok losdraaien met de bijgeleverde steeksleutel totdat deze op de vloer rust.
- Stelvoetje Fig. 26 (B) 90° verder draaien.
▷ Apparaat is uitgelijnd.
3.10 Na het plaatsen
- Alle transportveiligheidsonderdelen verwijderen.
- Beschermfolies van de behuizingsbuitenzijde lostrekken.
- Beschermfolies van de sierlijsten lostrekken.*
- Beschermfolies van de achterwand van roestvrijstaal lostrekken.*
- Apparaat reinigen. (zie gebruiksaanwijzing)
- Noteer type (model, nummer), apparaataanduiding, apparaat-/serienummer, aankoopdatum en het adres van de leverancier.
3.11 Meerdere apparaten opstellen
De apparaten zijn voor verschillende opstellingswijzen ontwikkeld. Als u meerdere apparaten naast elkaar of boven elkaar wilt plaatsen, garanderen dat er aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Uitsluitend apparaten naast of boven elkaar opstellen, die daarvoor ontwikkeld zijn.
❑Aanwijzingen en de volgende tabellen in acht nemen.
LET OP
Gevaar voor beschadiging door condenswater!
- Plaats het apparaat niet direct naast een ander koel-/ vriesapparaat.
| Model | Opstellingswijze |
|---|---|
| alle modellen | afzonderlijk |
| Modellen waarvan de modelaanduiding met S... begint. | Side-by-Side (SBS) |
| Modellen zonder zijwandverwarming | Naast elkaar: Met afstand A van 70 mm tussen de apparaten opstellen. Als u deze afstand niet aanhoudt, ontstaat er condenswater aan de zijwanden tussen de apparaten. Aan een buitenwand: Met afstand A zoals bij een opstelling naast elkaar opstellen. Als u deze afstand niet aanhoudt, kan er condenswater aan de zijwand van het apparaat ontstaan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
Modellen en hun opstellingswijze
Apparaten volgens aparte montageaanwijzing samenbouwen.
3.12 Apparaat in een keukenblok integreren
U kunt het apparaat in een keukenblok integreren. Neem de volgende opstellingsvoorwaarden in acht:
- Als u een opzetkast boven het apparaat installeert, moet u aan de achterkant van de opzetkast rekening houden met een ventilatiedoorsnede van de juiste diepte.
16 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 17
Opstellen en aansluiten
| - Als u het apparaat met de scharnieren naast een muur opstelt, moet u rekening houden met de afstand tot de zijkant van het apparaat. - Om ervoor te zorgen dat de deur volledig geopend kan worden, moet het apparaat even ver uitsteken als de dikte van de voorkant. Afhankelijk van de nisdiepte kan het apparaat verder uitsteken. | Apparaten met verzonken greep: C min. 300 cm² D min. 50 mm E min. 13 mm Apparaten met verzonken greep en glasfront / stenen front: A 682 mmx B 82 mm C min. 300 cm² | |
| WAARSCHUWING Brandgevaar door kortsluiting! ► Als u het apparaat opstelt: Netkabel niet knikken, klemmen of beschadigen. ► Apparaat niet gebruiken met een defecte netkabel. | ||
| Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑Contactdoos is eenvoudig toegankelijk en bevindt zich niet achter het apparaat. | D E | min. 50 mm min. 20 mm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
❑Er wordt voldaan aan de ventilatievereisten. X Bij apparaten met muurafstandhouders wordt de afmeting (zie 3.2 Ventilatie-eisen) vergroot met 15 mm.* ❑Er is rekening gehouden met aansluitmaten.
(zie 3.14 Apparaat op de stroomvoorziening aansluiten) 3.12.2 Nismaten voor apparaten met hendel-❑Er zijn wandafstandhouders gemonteerd.* greep*
3.12.1 Nismaten voor apparaten met verzonken greep*
Fig. 27
- (1) Opzetkast
- (2) Apparaat
- (3) Keukenkast
- (4) Wand (A) Apparaatdiepte
(B) Diepte deur (C) Ventilatiedoorsnede (D) Apparaatachterzijde (E) Afstand tot apparaatzijde
| Apparaten met verzonken greep: | |
| A | 675 mmx |
| B | 75 mm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
Fig. 28
- (1) Opzetkast
- (2) Apparaat
- (3) Keukenkast
- (4) Wand (A) Apparaatdiepte
(B) Diepte deur (C) Ventilatiedoorsnede (D) Apparaatachterzijde (E) Afstand tot apparaatzijde
| Apparaten met hendelgreep: | |
| A | 675 mmx |
| B | 75 mm |
| C | min. 300 cm² |
| D | min. 50 mm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
* afhankelijk van model en uitvoering 17
Pagina 18
Werking van het Touch-display
| Apparaten met hendelgreep: | |
| LET OP Gevaar voor beschadiging door onjuist gebruik! Beschadiging van de elektrische componenten van het apparaat. ► Gebruik uitsluitend het meegeleverde netsnoer. | |
| E min. 57 mm | |
| X Bij apparaten met muurafstandhouders wordt de afmeting |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
vergroot met 15 mm.*
3.13 Afvalverwerking van de verpakking
WAARSCHUWING
Gevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie!
- Kinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen.
De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:
- Golfkarton/karton - Onderdelen uit geschuimd polystyreen - Folies en zakken uit polyetheen - Spanbanden uit polypropeen - Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met polyethyleen*
- Breng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamelpunt.
3.14 Apparaat op de stroomvoorziening aansluiten
WAARSCHUWING
Gevaar voor elektrische schokken en letsel door beschadigd apparaat of beschadigd netsnoer!
Levensgevaar en snijwonden. Als het apparaat of netsnoer tijdens het transport beschadigd zijn geraakt, kunt u een dodelijke elektrische schok krijgen. Bovendien kunt u zich snijden aan beschadigde onderdelen van de behuizing van het apparaat.
- Controleer apparaat en netsnoer na het transport op beschadiging.
- Neem het apparaat in geen geval in gebruik, als het apparaat of netsnoer beschadigd zijn.
- Neem contact op met de klantenservice.
U sluit uw apparaat met de apart meegeleverde voedingskabel aan op het lichtnet. De voedingskabel heeft aan één uiteinde een contrastekker voor de aansluiting op de koelkast en aan het andere uiteinde een stekker voor de netvoeding.
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- Apparaat en voedingskabel zijn onbeschadigd.
- Apparaat is volgens de voorschriften opgesteld. (zie 3.7 Wandafstandshouder monteren*)
- Vereisten aan de elektrische aansluiting zijn aangehouden.
- Maten voor de voorschriftmatige aansluiting zijn bekend en aangehouden. (zie 3.3 Aansluitmaten voor de stroomvoorziening)
- Netspanning en spanningsfrequentie komen overeen met de gegevens op het typeplaatje.
- Contactdoos is overeenkomstig de voorschriften geaard en elektrisch gezekerd.
- Uitschakelstroom van de zekering ligt tussen 10 A en 16 A.
- Contactdoos is eenvoudig toegankelijk en bevindt zich niet achter het apparaat. (zie 3.3 Aansluitmaten voor de stroomvoorziening)
WAARSCHUWING
Brandgevaar door verkeerd aansluiten! Brandwonden.
Beschadigingen van het apparaat.
- Geen verlengkabel gebruiken.
- Geen verdeeldozen gebruiken.
LET OP
Gevaar voor beschadiging door verkeerd aansluiten! Beschadigingen van het apparaat.
- Sluit het apparaat niet aan op stand-alone-omvormers zoals zonne-energiesystemen en benzinegenerators.
- Netsnoer van de netaansluiting op de stroomvoorziening aansluiten. Let op een goede bevestiging van de contactdoos.
▷ Liebherr-logo verschijnt op het display.
▷ Weergave wisselt naar standby-symbool.
▷ Indien binnen 60 seconden geen actie volgt: Stand-by symbool vervaagt of verdwijnt.
▷ Apparaat is aangesloten. Eerste inbedrijfstelling zie volgende hoofdstuk of gebruiksaanwijzing.
4 Werking van het Touch-display
U bedient uw apparaat met het Touch-display. Met het Touch-display (verder display genoemd) selecteert u de functies van het apparaat door te tikken. Als u gedurende 10 seconden geen actie op het display uitvoert, gaat het display terug naar het bovenliggende menu of rechtstreeks naar de statusweergave.
4.1 Navigatie en verklaring van symbolen
In de afbeeldingen worden verschillende symbolen voor navigatie op het display gebruikt. Deze symbolen worden in de volgende tabel beschreven.
| Symbool | Beschrijving |
|---|---|
| Op de navigatiepijl vooruit drukken: In het menu één stap verdergaan. | |
| Op de navigatiepijl achteruit drukken: In het menu één stap teruggaan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
18 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 19
Werking van het Touch-display
| Symbool | Beschrijving | Menu | Beschrijving |
|---|---|---|---|
| Meerdere keren achter elkaar op de navigatiepijl drukken: In het menu verdergaan tot de gewenste functie. | Hoofdmenu | Wanneer u het apparaat inschakelt, bevindt u zich automatisch in het hoofdmenu. Vanaf hier navigeert u naar de belangrijkste functies van het apparaat, het instellingenmenu en het uitgebreide menu. | |
| Op het bevestigingssymbool drukken: Functie activeren/deactiveren. Submenu openen. | |||
| Instellingenmenu | Het instellingenmenu bevat de overige apparaatfuncties voor het instellen van uw apparaat. (zie 4.2.1 Instellingenmenu openen) | ||
| Tegelijk op het bevestigingssymbool en het terugsymbool drukken: Eén menuniveau terugspringen. | |||
| Uitgebreid menu | Het uitgebreide menu bevat speciale apparaatfuncties voor het instellen van uw apparaat. De toegang tot het uitgebreide menu wordt beveiligd met de cijfercode 1 5 1. (zie 4.2.2 Uitgebreid menu openen) | ||
| Pijl met klok: Het duurt meer dan 10 seconden voordat de volgende weergave op het display verschijnt. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
4.2.1 Instellingenmenu openen
| Pijl met tijdweergave: Het duurt de aangegeven tijd voordat de volgende weergave op het display verschijnt. | |
| Symbool "Instellingsmenu" openen: Naar het instellingsmenu navigeren en het instellingsmenu openen. Indien vereist: In het instellingsmenu naar de gewenste functie navigeren. (zie 4.2.1 Instellingenmenu openen) | |
| Symbool "Uitgebreid menu" openen: Naar het uitgebreide menu navigeren en het uitgebreide menu openen. Indien vereist: In het uitgebreide menu naar de gewenste functie navigeren. (zie 4.2.2 Uitgebreid menu openen) | |
| Geen actie gedurende 10 seconden | Als u gedurende 10 seconden geen actie op het display uitvoert, gaat het display terug naar het bovenliggende menu of rechtstreeks naar de statusweergave. |
| Deur sluiten en weer openen. | Als u de deur sluit en direct weer opent, springt het display direct terug naar de statusweergave. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Fig. 29 Voorbeeld
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Instellingenmenu is geopend.
- Indien vereist: Naar de gewenste functie navigeren.
4.2.2 Uitgebreid menu openen
Fig. 30
Opmerking: Afbeeldingen van het display worden met
Engelse begrippen weergegeven. Fig. 31 Voorbeeldweergave, toegang met cijfercode 151
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. 4.2 Menu's ▷ Geavanceerd menu is geopend.
- Indien vereist: Naar de gewenste functie navigeren.
De functies van het apparaat zijn over verschillende menu's verdeeld.
* afhankelijk van model en uitvoering 19
Pagina 20
In gebruik nemen
4.3 Slaapstand
Als u het display 1 minuut niet aanraakt, schakelt het display over naar de slaapstand. In de slaapstand is de helderheid van het display gedimd.
4.3.1 Slaapstand beëindigen
- Op een willekeurige navigatietoets drukken. ▷ Slaapstand is beëindigd.
5 In gebruik nemen
5.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling)
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Apparaat is overeenkomstig de montage-instructies opgesteld en aangesloten.
❑Alle plakstroken, plak- en beschermfolies alsook de transportbeveiligingen in en op het apparaat zijn verwijderd.
❑Alle reclame-inserts zijn uit de laden verwijderd. ❑Werking van het Touch-display is bekend. (zie 4 Werking van het Touch-display)
Apparaat via het Touch-display inschakelen:
- Als het display in de sluimermodus staat: Bevestigingssymbool indrukken.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
Fig. 32 Voorbeeld ▷ De statusweergave verschijnt.
▷ Apparaat koelt af tot de in de fabriek ingestelde doeltemperatuur.
▷ Apparaat start in de demomodus (statusweergave met DEMO verschijnt): Als het apparaat in de demomodus start, kunt u de demomodus binnen de volgende 5 minuten deactiveren. (zie Demomodus)
Meer informatie:
- EasyTwist-Ice in gebruik nemen. (zie 5.2 EasyTwist-Ice in gebruik nemen*) * - SmartDevice in gebruik nemen. (zie 2.3 SmartDevice) en (zie WLAN)
Aanwijzing
De fabrikant adviseert het volgende:
- Levensmiddelen plaatsen: ca. 6 uur wachten tot de ingestelde temperatuur is bereikt.
- Diepvriesproducten bij -18 °C of kouder in de diepvriezer leggen.
- Bewaarinstructies in acht nemen. (zie 6.1 Instructies voor opslag)
Aanwijzing
Toebehoren zijn verkrijgbaar in de Liebherr-Hausgeräte-shop op home.liebherr.com/shop/de/deu/zubehor.html.
5.2 EasyTwist-Ice in gebruik nemen*
Als uw apparaat is uitgerust met een EasyTwist-Ice moet u voor het eerste gebruik de EasyTwist-Ice reinigen.
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Het apparaat is volledig aangesloten.
- EasyTwist-Ice reinigen. (zie 10.8.6 EasyTwist-Ice reinigen*)
- Waterreservoir vullen. (zie Waterreservoir vullen)
6 Opslag
6.1 Instructies voor opslag
WAARSCHUWING
Brandgevaar door elektrische apparaten!
Als u elektrische apparaten in het levensmiddelengedeelte van uw apparaat gebruikt, kunnen ze brand veroorzaken.
- Gebruik geen elektrische apparaten in het levensmiddelengedeelte van het apparaat, tenzij ze door de fabrikant worden aanbevolen.
Aanwijzing
Het energieverbruik stijgt en het koelvermogen neemt af als de ontluchting niet toereikende is.
- Houd de luchtopening altijd vrij.
De volgende bewaarvoorschriften in acht nemen:
- In het vriesgedeelte: Levensmiddelen goed verpakken.
- Levensmiddelen die gemakkelijk geur of smaak aannemen of afgeven, in gesloten containers verpakken of afdekken.
- Rauw vlees of rauwe vis in schone, gesloten containers bewaren. Zo voorkomt u dat vlees of vis in contact komen met andere levensmiddelen.
- Vloeistoffen in gesloten houders bewaren.
- Levensmiddelen met tussenafstand bewaren zodat de lucht goed kan circuleren.
- Levensmiddelen overeenkomstig de aanwijzingen op de verpakking bewaren.
- Altijd de op de verpakking vermelde minimale houdbaarheidsdatum in acht nemen.
Aanwijzing
Het niet opvolgen van deze gegevens kan leiden tot bederf van levensmiddelen.
6.2 Koelgedeelte
Door de luchtcirculatie in het apparaat kunnen verschillende temperatuurzones worden ingesteld. U vindt de verschillende temperatuurzones in het apparaat- en uitrustingsoverzicht. (zie 2.2 Apparaat- en uitrustingsoverzicht)
6.2.1 Levensmiddelen sorteren
- Bovenste gedeelte en deur: Boter, kaas, conserven en tubes bewaren.
- Koudste temperatuurzone: Licht bederfelijke levensmiddelen, zoals kant-en-klare maaltijden, vlees- en worstproducten bewaren.
- Onderste plateau: Rauw vlees of rauwe vis bewaren.
6.3 EasyFresh
EasyFresh is geschikt voor onverpakte levensmiddelen zoals groente en fruit.
20 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 21
Opslag
| Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Levensmiddelen sorteren | |
| Aanwijzing ► Bewaar gesneden citrusvruchten (bijv. schijfjes citroen of sinaasappel) in een bakje. | ||
| De luchtvochtigheid in het vak is afhankelijk van het vochtgehalte van de hierin gelegde koelproducten en van het aantal keren dat de deur wordt geopend. U kunt de luchtvochtigheid regelen. (zie 9.6 Vakdeksel EasyFresh-safe) 6.3.1 Levensmiddelen sorteren | Kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Verpakte levensmiddelen in de bovenste lade leggen. Levensmiddelen indien mogelijk achter in de lade tegen de achterzijde leggen. |
| ► Onverpakte groenten en fruit bewaren. Als de luchtvochtigheid te hoog is: ► Luchtvochtigheid regelen. 6.4 Vriesgedeelte Hier heerst bij -18 °C een droog, ijskoud klimaat. Een ijskoud klimaat is geschikt voor het bewaren van diepvries‐ | Maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Verpakte levensmiddelen over alle lades verdelen, maar in de onderste lade uitsluitend reeds ingevroren levensmiddelen leggen. Levensmiddelen indien mogelijk achter in de lade tegen de achterzijde leggen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
producten gedurende meerdere maanden, voor het maken 6.4.2 Levensmiddelen ontdooien van ijsblokjes en voor het invriezen van verse levensmiddelen.
6.4.1 Levensmiddelen invriezen
Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen
U kunt binnen 24 uur maximaal zoveel verse levensmiddelen invriezen als op het typeplaatje (zie 11.5 Typeplaatje) onder "Invriescapaciteit ... kg/24h" wordt aangegeven.
Houd u aan de volgende hoeveelheden per verpakking zodat de levensmiddelen snel tot de kern bevriezen:
- Groenten en fruit tot 1 kg - Vlees tot 2,5 kg
Levensmiddelen invriezen met SuperFrost
Afhankelijk van de vrieshoeveelheid kunt u voor het invriezen SuperFrost activeren om lagere vriestemperaturen te verkrijgen. (zie SuperFrost)
- SuperFrost activeren als de hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen groter dan ca. 2 kg is.
Het tijdstip waarop u SuperFrost activeert is afhankelijk van de hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:
| Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Tijdstip voor activering van SuperFrost |
| Kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | SuperFrost ongeveer 6 uur vóór het invriezen activeren. Zodra het apparaat SuperFrost automatisch deactiveert, kunt u het voedsel opnieuw sorteren. |
| Maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | SuperFrost ongeveer 24 uur vóór het invriezen activeren. Zodra het apparaat SuperFrost automatisch deactiveert, kunt u het voedsel opnieuw sorteren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Levensmiddelen sorteren
VOORZICHTIG
Risico van letsel door glasscherven!
Flessen en blikjes dranken kunnen barsten tijdens het invriezen. Dit geldt met name voor koolzuurhoudende dranken.
- Flessen en blikjes met dranken alleen invriezen als u de BottleTimer-functie in de SmartDevice-app hebt geactiveerd.
WAARSCHUWING
Gevaar voor voedselvergiftiging!
- Ontdooide levensmiddelen nooit weer terug invriezen.
- Verwerk ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk.
U kunt levensmiddelen op verschillende manieren ontdooien:
- In het koelgedeelte - In de magnetron - In de oven/heteluchtoven - Bij kamertemperatuur
- Slechts zoveel levensmiddelen verwijderen als nodig is.
6.5 Opslagtijden
De aangegeven opslagtijden zijn richtwaarden.
Bij levensmiddelen met gegevens over de minimale houdbaarheid geldt altijd de op de verpakking aangegeven datum.
6.5.1 Koelgedeelte
De minimale houdbaarheidsdatum op de verpakking is van toepassing.
6.5.2 Vriesgedeelte
| Richtwaarden voor de opslagduur levensmiddelen | van verschillende | ||
| IJs | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Worst, ham | bij -18 | °C | 2 tot 3 maanden |
| Brood, bakkerijproducten | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Wild, varken | bij -18 | °C | 6 tot 9 maanden |
| Vis, vet | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Vis, mager | bij -18 | °C | 6 tot 8 maanden |
| Kaas | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Gevogelte, rundvlees | bij -18 | °C | 6 tot 12 maanden |
| Groente, fruit | bij -18 | °C | 6 tot 12 maanden |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
* afhankelijk van model en uitvoering 21
Pagina 22
Energie sparen
7 Energie sparen
- Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieopeningen resp. -roosters niet af.
- Houd de ventilatieluchtopeningen altijd vrij.
- Plaats het apparaat niet in direct zonlicht of naast een verwarming of iets dergelijks.
- Als u het apparaat direct naast een oven opstelt, kan het energieverbruik iets toenemen. Dit is afhankelijk van de duur en intensiteit van het gebruik van de oven.
- Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsingsomstandigheden zoals bijv. de omgevingstemperatuur . Bij een warmere omgevingstemperatuur kan het energieverbruik toenemen.
- Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk.
- Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger het energieverbruik.
- Levensmiddelen gesorteerd rangschikken: home.liebherr.com/food.
- Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren.
Condensvorming wordt voorkomen.
- Levensmiddelen zolang als nodig eruit halen, zodat ze niet te warm worden.
- Warme gerechten plaatsen: eerst tot op kamertemperatuur laten afkoelen.
- Diepvriesproducten in de koelruimte ontdooien.
- Bij langere vakantieperioden de HolidayMode gebruiken (zie HolidayMode) gebruiken.
8 Bediening
8.1 Bedienings- en weergave-elementen
8.1.1 Status-weergave
Fig. 33
- (1) Temperatuurweergave van het koelgedeelte
- (2) Temperatuurweergave van het vriesgedeelte
De Status-weergave toont de ingestelde temperatuur en staat in de beginweergave. Van hieruit vindt de navigatie naar de functies en instellingen plaats.
8.1.2 Symbolen
De symbolen geven informatie over de actuele staat van het apparaat.
Symbool
Toestand van het apparaat
Stand-by
Apparaat of temperatuurzone is uitgeschakeld.
Knipperend cijfer
Apparaat werkt. Temperatuur pulseert tot de ingestelde waarde is bereikt.
Knipperend symbool
Apparaat werkt. Instelling wordt uitgevoerd.
Symbool Toestand van het apparaat
Balk wordt opgebouwd
Functie wordt geactiveerd.
8.2 Apparaatfuncties
8.2.1 Opmerkingen over de functies van het apparaat
De apparaatfuncties zijn af fabriek zo ingesteld dat uw apparaat volledig functioneel is.
Voordat u de functies van het apparaat wijzigt, activeert of deactiveert, controleert u of aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑U hebt de beschrijvingen over de werking van het display gelezen en begrepen. (zie 4 Werking van het Touchdisplay) ❑U hebt kennisgemaakt met de bedienings- en weergave-elementen van uw apparaat.
Apparaat uit- en inschakelen
Gebruik deze functie om het hele apparaat uit en in te schakelen.
Apparaat uitschakelen
Als u het apparaat uitschakelt, blijven de eerder aangebrachte instellingen opgeslagen.
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Instructies (zie 12 Buiten bedrijf stellen) zijn uitgevoerd.
Fig. 34
Fig. 35
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Apparaat is uitgeschakeld.
▷ Stand-bysymbool verschijnt op het display. ▷ Display wordt zwart.
Apparaat inschakelen
Als het display zich in sluimermodus bevindt:
- Willekeurige navigatietoets indrukken.
Fig. 36 Voorbeeldweergave
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
22 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 23
Bediening
| Wanneer het apparaat opstart in demomodus: ► Demomodus deactiveren. (zie Demomodus deactiveren) ▷ Apparaat is ingeschakeld. ▷ Eerder aangebrachte instellingen zijn hersteld. ▷ Apparaat koelt tot de ingestelde doeltemperatuur. | |||
| Temperatuurzone | In de fabriek ingestelde temperatuur | Aanbevolen instelling | |
| Koelgedeelte | 5 °C | 4 °C | |
| Temperatuurzone uit- en inschakelen U kunt afzonderlijke temperatuurzones van het apparaat gescheiden van elkaar uitschakelen. | Vriesgedeelte | -18 °C | -18 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
Temperatuur in het koelgedeelte instellen
Toepassing:
- Reinigen - Ontdooien
Koelgedeelte uitschakelen
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑Koelgedeelte is leeggemaakt.
Fig. 39 Voorbeeldweergave
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Temperatuur is ingesteld.
Temperatuur in het vriesgedeelte instellen
Fig. 37 Voorbeeld
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Koelgedeelte is uitgeschakeld.
Koelgedeelte inschakelen
Fig. 38 Voorbeeld
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Koelgedeelte is ingeschakeld.
▷ Apparaat koelt af tot de laatst ingestelde temperatuur.
Temperatuur
Met deze functie stelt u de temperatuur in.
De temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren: - Hoe vaak de deur wordt geopend - Hoe lang de deur geopend blijft - Kamertemperatuur van de plaats van opstelling - Type, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelen
Fig. 40 Voorbeeldweergave
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Temperatuur is ingesteld.
D-Value*
Met deze functie stelt u de D-Value in.
De D-Value geeft aan of u uw koelgedeelte met droge achterwand of zonder droge achterwand wilt gebruiken. De achterwand is bij levering in het apparaat gemonteerd. De D-Value is op D1 vooraf ingesteld.
* afhankelijk van model en uitvoering 23