Liebherr CUele 2831, tekst van de handleiding
Koelkast · Liebherr · 13 pagina's in het Nederlands · pdf: 16 pagina's, 2,8 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: www.liebherr.com
Deze handleiding geldt ook voor: CUe 3331, CUefe 3331, CUele 3331.
Storingen op pagina 12
Pagina 12
Storingen
6.5 Energie-efficiëntieklasse verlichting
| Verlichting | |
| Energie-efficiëntieklasse¹ | Lichtbron |
| Dit product bevat een lichtbron met energie-efficiëntieklasse G | Led |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)
1 Het apparaat kan lichtbronnen met verschillende energie-efficiëntieklassen bevatten. De laagste energie-efficiëntieklasse is aangegeven.
7 Storingen
Uw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veilige werking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht er desondanks een storing optreden, dan svp eerst controleren of de storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt. In dit geval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiode in rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:
| Probleem | Oorzaak | Oplossing | |
|---|---|---|---|
| Het apparaat functioneert niet. | Het apparaat is niet ingeschakeld. | ► Apparaat inschakelen. | |
| De stekker zit niet goed in het stopcontact. | ► Stekker controleren. | ||
| De zekering van het stopcontact is niet in orde. | ► Zekering controleren. | ||
| De compressor blijft lopen. | De compressor schakelt bij een verminderde koudebehoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daardoor langer is, wordt energie bespaard. | ► Dat is bij energiebesparende modellen normaal. | |
| SuperCool is ingeschakeld. | ► Om de levensmiddelen snel af te koelen, draait de compressor langer. Dit is normaal. | ||
| Een led aan de onderachterkant van het apparaat (bij de compressor) knippert regelmatig om de 15 seconden*. | De inverter is met een foutdiagnose led uitgevoerd. | ► Het knipperen is normaal. | |
| Geluiden zijn te luid. | Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleiding van de verschillende draaisnelheden verschillende geluiden veroorzaken. | ► Het geluid is normaal. | |
| Een borrelen en klateren | Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuit stroomt. | ► Het geluid is normaal. | |
| Een zacht klikken | Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelen van het koelaggregaat (de motor). | ► Het geluid is normaal. | |
| Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn, wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. | Bij ingeschakelde SuperCool, nieuw opgeslagen levensmiddelen of na lang geopende deur wordt het koelvermogen automatisch verhoogd. | ► Het geluid is normaal. | |
| De omgevingstemperatuur is te hoog. | ► Oplossing: (zie 1.2 Toepassingsgebied van het apparaat) | ||
| Trilgeluiden | Het apparaat staat niet vast op de vloer. Daardoor gaan voorwerpen en meubels in de buurt van het lopende koelaggregaat trillen. | ► Lijn het apparaat via de stelvoeten uit. ► Flessen en bakken uit elkaar drukken. | |
| Het apparaat is aan de buitenkant warm*. | De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt om condenswater te voorkomen. | ► Dit is normaal. | |
| Temperatuur is niet laag genoeg. | De deur is niet goed gesloten. | ► Deur van het apparaat sluiten. | |
| Niet voldoende be- en ontluchting. | ► Ventilatieroosters vrijmaken en reinigen. | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)
12 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 13
Uitzetten
| Probleem | Oorzaak | Oplossing | |
|---|---|---|---|
| De omgevingstemperatuur is te hoog. | ► Oplossing: (zie 1.2 Toepassingsgebied van het apparaat) . | ||
| Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. | ► Afwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelf wordt bereikt. Zo niet, contact opnemen met de Technische Dienst (zie 6 Onderhoud) . | ||
| Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis, verwarming enz.). | ► Verander de standplaats van het apparaat of van de warmtebron. | ||
| De binnenverlichting brandt niet. | Het apparaat is niet ingeschakeld. | ► Apparaat inschakelen. | |
| Het lampje (levering met LED-lamp) is defect. | WAARSCHUWING Gevaar voor verwonding door LED-lamp! De lichtintensiteit van de led-verlichting komt overeen met risicogroep RG 2. Wanneer de afdekking wordt verwijderd: ► Niet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid direct in de verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen worden beschadigd. | ||
| ► Lampje vervangen (zie 6 Onderhoud) . | |||
| Bij omgevingstemperaturen lager dan 15 °C wordt het apparaat bij het rechter zijwandvlak van de koelruimte plaatselijk licht verwarmd. | Dat gebeurt bij deze functie automatisch. | ► Dit is normaal. | |
| De achtergrondverlichting van de toets SuperCool knippert. | Het apparaat is voorzien van een foutdiagnose. | ► Neem contact op met de klantenservice (zie 6 Onderhoud) . | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
8 Uitzetten
8.1 Apparaat uitschakelen
- Draai de temperatuurregelaar Fig. 3 (1) op off.
8.2 Buiten werking stellen
- Apparaat leegmaken.
- Apparaat uitschakelen (zie 8 Uitzetten) .
- Netstekker eruit halen.
- Apparaat reinigen (zie 6.2 Apparaat reinigen) .
- Laat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaangename geuren kunnen ontstaan.
9 Afvalverwijdering
9.1 Apparaat op afvoer voorbereiden
Liebherr maakt bij sommige apparaten gebruik van batterijen. In de EU is het nu voor de consument wettelijk verplicht deze batterijen voor de afvoer van apparaten te verwijderen. Als uw apparaat batterijen bevat, wordt dit op het apparaat aangegeven.
Lampen
Als u lampen zelfstandig en zonder kapot te maken kunt verwijderen, verwijder deze dan eveneens voor het voeren.
- Apparaat buiten bedrijf stellen. (zie 8.2 Buiten werking stellen)
- Apparaat met batterijen: verwijder batterijen. Beschrijving zie hoofdstuk Onderhoud.
- Indien mogelijk: verwijder lampen zonder deze kapot te maken.
* afhankelijk van model en uitvoering 13
Pagina 14
Afvalverwijdering
9.2 Apparaat volgens milieuvoorschriften afvoeren
Het apparaat bevat waardevolle materialen en moet gescheiden van het ongesorteerde, huishoudelijke afval worden afgevoerd.
Voer batterijen gescheiden van het apparaat af. Batterijen kunnen gratis worden ingeleverd bij de winkel en bij andere inleverpunten zoals het gemeentelijk depot en de chemokar.
Lampen
Voor Duitsland:*
Lever gedemonteerde lampen in bij een daarvoor bestemd inleverpunt.
U kunt het apparaat gratis inleveren bij de milieustraat. Bij de aankoop van een nieuwe koelkast of vriezer en een verkoopoppervlak > 400 m² neemt de dealer het oude apparaat ook gratis terug.*
WAARSCHUWING
Vrijkomend koudemiddel en olie!
Brand. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar wel brandbaar. De gebruikte olie is ook brandbaar. Vrijkomend koelmiddel en vrijkomende olie kunnen bij hoge concentratie en in contact met een externe warmtebron ontvlammen.
- Buisleidingen van de koelmiddelkringloop en compressor niet beschadigen.
- Aanwijzingen voor het transport van het apparaat in acht nemen. (zie 4.1 Apparaat transporteren)
- Voer het apparaten af zonder het te beschadigen.
- Voer batterijen, lampen en het apparaat af zoals hierboven beschreven.
14 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Het apparaat in vogelvlucht
Inhoudsopgave
- 1 Het apparaat in vogelvlucht..................................
- 1.1 Apparaat- en uitrustingsoverzicht............................
- 1.2 Toepassingsgebied van het apparaat.......................
- 1.3 Conformiteit..................................................................
- 1.4 SVHC-stoffen volgens de REACH-verordening.......
- 1.5 EPREL-database...........................................................
- 1.6 Reserveonderdelen......................................................
- 1.7 Opstelmaten.................................................................
- 1.8 Energie sparen..............................................................
- 2 Algemene veiligheidsvoorschriften......................
- 3 Bedienings- en controle-elementen.....................
- 3.1 Bedienings- en controle-elementen.........................
- 4 In gebruik nemen...................................................
- 4.1 Apparaat transporteren..............................................
- 4.2 Apparaat opstellen......................................................
- 4.3 Draairichting deur veranderen...................................
- 4.4 In het keukenblok schuiven........................................
- 4.5 Afvalverwerking van de verpakking..........................
- 4.6 Apparaat aansluiten....................................................
- 4.7 Apparaat inschakelen..................................................
- 5 Bediening...............................................................
- 5.1 Koelgedeelte ................................................................
- 5.2 Vriesgedeelte................................................................
- 6 Onderhoud.............................................................
- 6.1 Handmatig ontdooien..................................................
- 6.2 Apparaat reinigen.........................................................
- 6.3 Lamp van de binnenverlichting vervangen..............
- 6.4 Technische Dienst........................................................
- 6.5 Energie-efficiëntieklasse verlichting........................
- 7 Storingen...............................................................
- 8 Uitzetten................................................................
- 8.1 Apparaat uitschakelen................................................
- 8.2 Buiten werking stellen................................................
- 9 Afvalverwijdering..................................................
- 9.1 Apparaat op afvoer voorbereiden..............................
- 9.2 Apparaat volgens milieuvoorschriften afvoeren....
De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkeling van alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begrip voor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniek moeten voorbehouden.
Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, de instructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a.u.b.
De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijn mogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten van toepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*).
Handelingsinstructies zijn gemarkeerd met een , handelingsresultaten met een .
1 Het apparaat in vogelvlucht
1.1 Apparaat- en uitrustingsoverzicht
Aanwijzing
- Levensmiddelen zoals in de afbeelding getoond sorteren. Zo werkt het apparaat energiebesparend.
- Plateaus, schuifladen of manden zijn in de geleverde toestand voor een optimale energie-efficiëntie ingedeeld.
Fig. 1
- (1) Schappen, verstelbaar
- (2) Eiervakje
- (3) Deurvak, verstelbaar
- (4) Aan-/uit- en temperatuurregelaar en binnenverlichting
- (5) Dooiwaterafvoer
- (6) Flessenrooster
- (7) De koudste zone van de koelruimte, voor gevoelige en licht bederfelijke levensmiddelen
- (8) Laden voor groenten, sla, fruit
- (9) Typeplaatje
- (10) Hoge diepvriesladen
- (11) Stelvoeten voor
- (12) IJsblokjesbakje
- (13) Verzonken handgreep
1.2 Toepassingsgebied van het apparaat
Gebruik volgens de voorschriften
Het apparaat is uitsluitend geschikt voor het koelen van levensmiddelen voor huishoudelijke of soortgelijke doeleinden. Hieronder valt bijv. het gebruik
- in privékeukens, ontbijtgelegenheden, - door gasten in landhuizen, hotels, motels en andere accommodaties, - bij catering en vergelijkbare service in de groothandel.
Het apparaat is niet bestemd voor gebruik als inbouwapparaat.
Alle andere toepassingen zijn niet toegestaan.
Voorzienbaar verkeerd gebruik
De volgende toepassingen zijn uitdrukkelijk verboden:
- Opslag en koeling van medicijnen, bloedplasma, laboratoriumpreparaten of vergelijkbare, overeenkomstig de Europese richtlijn 2007/47/EG medische hulpmiddelen, ten grondslag liggende stoffen en producten - Gebruik in explosiegevaarlijke gebieden
Verkeerd gebruik van het apparaat kan tot beschadigingen van de opgeslagen goederen of het bederf hiervan leiden.
Klimaatklassen
Het apparaat kan afhankelijk van de klimaatklasse, bij begrensde omgevingstemperaturen, worden gebruikt. De voor uw apparaat betreffende klimaatklasse staat op het typeplaatje vermeld.
2 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 3
Het apparaat in vogelvlucht
1.7 Opstelmaten
Aanwijzing
- Om een probleemloze werking te waarborgen, moet de aangegeven omgevingstemperatuur worden aangehouden.
| Klimaatklasse | voor omgevingstemperaturen van |
|---|---|
| SN | 10 °C tot 32 °C |
| N | 16 °C tot 32 °C |
| ST | 16 °C tot 38 °C |
| T | 16 °C tot 43 °C |
| SN-ST | 10 °C tot 38 °C |
| SN-T | 10 °C tot 43 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 3)
1.3 Conformiteit
De koelmiddelkringloop is gecontroleerd op lekkage. Het apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsvoorschriften en de desbetreffende richtlijnen.
| Voor EU-markt: | het apparaat voldoet aan de richtlijn 2014/53/EU. |
| Voor GB-markt: | het apparaat voldoet aan de Radio Equipment Regulations 2017 SI 2017 No. 1206. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 3)
De volledige tekst van de EU-verklaring van overeenstemming is beschikbaar op het volgende internetadres: www.Liebherr.com
1.4 SVHC-stoffen volgens de REACHverordening
Onder de volgende link kunt u controleren of uw apparaat SVHC-stoffen volgens de REACH-verordening bevat: https:// go.liebherr.com/z3eewm
1.5 EPREL-database
Vanaf 1 maart 2021 zijn informatie over etikettering inzake energieverbruik en vereisten inzake ecologisch ontwerp te vinden in de Europese productdatabase (EPREL). U krijgt toegang tot de productdatabase via de link https:// eprel.ec.europa.eu/. Hier wordt u gevraagd de modelidentificatie in te voeren. De modelidentificatie vindt u op het typeplaatje.
1.6 Reserveonderdelen
De beschikbaarheid van reserveonderdelen voor functiedelen en lagergeschikte onderdelen van de uitrusting is 15 jaar.
Fig. 2
| H | |
| CU... 23.. | 1372 |
| CU... 28.. | 1612 |
| CU... 33../ CU 33.. | 1812 |
| KGw 1855 2E | 1812 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 3)
x Bij apparaten waarbij wandafstandhouders worden meegeleverd, ligt de maat 35 mm hoger (zie 4.2 Apparaat opstellen) .
1.8 Energie sparen
- Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieopeningen resp. -roosters niet af.
- Plaats het apparaat niet in direct zonlicht of naast een verwarming of iets dergelijks.
- Als u het apparaat direct naast een oven opstelt, kan het energieverbruik iets toenemen. Dit is afhankelijk van de duur en intensiteit van het gebruik van de oven.
- Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsingsomstandigheden zoals bijv. de omgevingstemperatuur (zie 1.2 Toepassingsgebied van het apparaat) . Bij een warmere omgevingstemperatuur kan het energieverbruik toenemen.
- Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk.
- Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger het energieverbruik.
- Levensmiddelen gesorteerd rangschikken: home.liebherr.com/food.
- Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren.
Condensvorming wordt voorkomen.
- Levensmiddelen zolang als nodig eruit halen, zodat ze niet te warm worden.
- Warme gerechten plaatsen: eerst tot op kamertemperatuur laten afkoelen.
- Diepvriesproducten in de koelruimte ontdooien.
- Als in het apparaat een dikke ijsaanslag aanwezig is:
Apparaat ontdooien.
* afhankelijk van model en uitvoering 3
Pagina 4
Algemene veiligheidsvoorschriften
Stof verhoogt het energieverbruik:
- De koelmachine met warmtewisselaar - metalen roosters aan de achterkant van het apparaat - eenmaal jaarlijks afstoffen.
2 Algemene veiligheidsvoorschriften
Bewaar deze handleiding zorgvuldig, zodat u hem te allen tijde kunt raadplegen.
Als u het apparaat doorgeeft, geef dan ook de handleiding door aan de volgende eigenaar.
Om het apparaat goed en veilig te kunnen gebruiken, moet u deze handleiding vóór gebruik aandachtig doorlezen. Volg altijd de instructies, veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen die hierin zijn opgenomen. Deze zijn belangrijk om het apparaat veilig en probleemloos te kunnen installeren en gebruiken.
Gevaren voor de gebruiker:
- Dit apparaat kan door kinderen evenals door personen met beperkte fysieke, sensorische of mentale vaardigheden of personen met onvoldoende ervaring en/of onvoldoende kennis worden gebruikt, als er toezicht wordt gehouden of als er aanwijzingen zijn gegeven betreffende het veilig gebruik van het apparaat en zij de hiermee verbonden gevaren begrijpen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud mogen niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd. Kinderen van 3-8 jaar mogen het apparaat beladen en ontladen. Kinderen onder 3 jaar moeten uit de buurt van het apparaat worden gehouden, indien deze niet onder permanente toezicht staan.
- De contactdoos moet eenvoudig toegankelijk zijn, zodat het apparaat in noodgevallen snel van de stroomvoorziening kan worden losgekoppeld. Deze moet zich buiten de achterkant van het apparaat bevinden.
- Als u het stroomsnoer van het apparaat uit het stopcontact trekt, altijd bij de stekker nemen. Niet aan het snoer trekken.
- Trek, in geval van een storing, de stekker uit het stopcontact of schakel de beveiliging uit.
- Beschadig het netsnoer niet. Gebruik het apparaat niet wanneer het netsnoer defect is.
- Reparaties en ingrepen aan het apparaat en het vervangen van de netaansluiting mag alleen worden uitgevoerd door de klantenservice of ander vakpersoneel dat hiervoor is opgeleid.
- Het apparaat alleen conform de beschrijving in de handleiding monteren, aansluiten en afvoeren.
Brandgevaar:
- Het gebruikte koelmiddel (gegevens op het typeplaatje) is milieuvriendelijk maar brandbaar. Koelmiddel dat ontsnapt kan ontbranden.
- Pijpleidingen van het koelcircuit niet beschadigen.
- Vermijd het hanteren van ontstekingsbronnen in de binnenkant van het apparaat.
- Binnen het apparaat geen elektrische toestellen gebruiken (bijv. stoomreinigers, verwarmingen, ijsmakers, enz.).
- Als koudemiddel weglekt: Open vuur of ontstekingsbronnen vlakbij het lek verwijderen. Vertrek goed ventileren. Informeer de klantendienst.
- Geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare drijfgassen, zoals b.v. butaan, propaan, pentaan enz. in het apparaat bewaren. Zulke spuitbussen zijn herkenbaar aan de op de verpakking vermelde inhoudsstoffen of
een vlammensymbool. Eventueel ontsnappende gassen kunnen door elektrische componenten vlam vatten.
- Brandende kaarsen, lampen en andere voorwerpen met open vuur uit de buurt van het apparaat houden, zodat ze het apparaat niet in brand kunnen steken.
- Alkoholische dranken of andere verpakkingen die alcohol bevatten, mogen uitsluitend goed afgesloten worden bewaard. Eventueel uittredende alcohol kan door elektrische componenten vlam vatten.
Gevaar voor vallen en omkiepen:
- Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteun of om te leunen misbruiken. Dit geldt in het bijzonder voor kinderen.
Gevaar voor voedselvergiftiging:
- Te lang opgeslagen levensmiddelen niet meer nuttigen.
Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheid en pijn:
- Vermijd permanent contact van de huid met koude oppervlakken of gekoelde/bevroren producten of tref beschermende maatregelen, gebruik bijvoorbeeld handschoenen.
Gevaar voor verwonding en beschadiging:
- Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrische kacheltjes of stoomreinigers, open vuur of ontdooispray gebruiken.
- IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen.
Knelgevaar:
- Bij het openen en sluiten van de deur niet in het scharnier grijpen. De vingers kunnen ingeklemd raken.
Symbolen op het apparaat:
Het symbool kan zich op de compressor bevinden. Het heeft betrekking op de olie in de compressor en wijst op het volgende gevaar: Kan bij het inslikken en indringen in de luchtwegen dodelijk zijn. Deze aanwijzing is alleen voor het recyclingproces van belang. In de normale modus bestaat er geen gevaar.
Het symbool bevindt zich op de compressor en wijst op het gevaar van ontvlambare stoffen. De sticker niet verwijderen.
Deze of een vergelijkbare sticker kan op de achterkant van het apparaat zijn aangebracht. Deze wijst erop dat er zich vacuümisolatiepanelen (VIP) of perlietpanelen in de deur en/of de behuizing bevinden. Deze aanwijzing is alleen van belang voor het recyclingproces. De sticker niet verwijderen.
Neem de specifieke waarschuwingen en de andere specifieke instructies in de andere hoofdstukken in acht:
| GEVAAR | duidt een direct gevaar aan, die de dood of ernstig lichamelijk letsel tot gevolg kan hebben wanneer dit gevaar niet vermeden wordt. |
| WAAR-SCHUWING | duidt een gevaarlijke situatie aan, die de dood of ernstig lichamelijk letsel tot gevolg kan hebben wanneer dit gevaar niet vermeden wordt. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 4)
4 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 5
Bedienings- en controle-elementen
| VOORZICHTIG | duidt een gevaarlijke situatie aan, die licht of middelzwaar lichamelijk letsel tot gevolg kan hebben wanneer dit gevaar niet vermeden wordt. | |
| WAARSCHUWING Vrijkomend koudemiddel en olie! Brand. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar wel brandbaar. De gebruikte olie is ook brandbaar. Vrijkomend koelmiddel en vrijkomende olie kunnen bij hoge concentratie en in contact met een externe warmtebron ontvlammen. ► Buisleidingen van de koelmiddelkringloop en compressor niet beschadigen. | ||
| LET OP | duidt een gevaarlijke situatie aan, die materiële schade tot gevolg kan hebben wanneer dit gevaar niet vermeden wordt. | |
| Aanwijzing | duidt op nuttige informatie en tips. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 5)
3 Bedienings- en controle-elementen
3.1 Bedienings- en controle-elementen
Fig. 3
- (1) Temperatuurregelaar
- (2) Toets SuperCool
4 In gebruik nemen
4.1 Apparaat transporteren
- Het apparaat verpakt transporteren.
- Het apparaat rechtop transporteren.
- Het apparaat niet in uw eentje transporteren.
WAARSCHUWING
Gevaar voor brand en beschadiging!
- Plaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron, toaster enz. op het apparaat!
LET OP
Afgedekte ventilatieopeningen!
Beschadigingen. Het apparaat kan oververhit raken, wat de levensduur van diverse onderdelen van het toestel kan verminderen en kan leiden tot functiebeperkingen.
- Let altijd op de be- en ontluchting.
- Ventilatieopeningen of - roosters in de apparaatbehuizing en in het keukenmeubel (inbouwapparaat) moeten altijd vrij worden gehouden.
LET OP
Gevaar voor beschadiging door condenswater!
- het apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesappa-raat zetten.
Aanwijzing
Als meerdere apparaten naast elkaar staan, een afstand van 100 mm tussen de apparaten laten. Wordt deze afstand niet aangehouden, vormt zich condenswater tussen de zijwanden van de apparaten.
4.2 Apparaat opstellen
WAARSCHUWING
Brandgevaar door vocht!
Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluiting vochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting.
- Het apparaat is ontworpen voor gebruik in een gesloten ruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgeving of binnen bereik van spatwater plaatsen.
WAARSCHUWING
Brandgevaar door verkeerd opstellen!
Als een stroomkabel of stekker de achterkant van het apparaat raakt, kunnen de trillingen van het apparaat de stroomkabel of stekker beschadigen en kortsluiting veroorzaken.
- Voorkom bij het opstellen van het apparaat dat onder het apparaat stroomkabels klem komen te zitten.
- Apparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen het apparaat liggen.
- Op contactdozen in het apparaatacchterpaneel geen apparaten aansluiten.
- Meervoudige contactdozen of verdeeldozen en andere elektronische apparaten (bijv. halogeen-transformatoren) mogen niet aan het achterpaneel van apparaten worden aangebracht en gebruikt.
Fig. 4
❑Bij schade aan het apparaat onmiddellijk vóór het aansluiten contact met de leverancier opnemen. ❑De vloer op de standplaats moet horizontaal en vlak zijn. ❑Plaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming of dergelijke, en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht.
❑Het apparaat met de achterkant en het gebruik van de meegeleverde wandafstandhouders (zie onder) altijd direct tegen de wand plaatsen.
❑Het apparaat mag alleen in onbeladen toestand worden verplaatst.
❑De ondergrond van het apparaat moet dezelfde hoogte hebben als de omgeven bodem.
* afhankelijk van model en uitvoering 5
Pagina 6
In gebruik nemen
❑Het apparaat niet zonder hulp plaatsen.
❑Hoe meer koelmiddel in het apparaat aanwezig is, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat staat. In te kleine ruimten kan bij een lek een brandbaar gasluchtmengsel ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet de opstelruimte minstens 1 m³ groot zijn. Gegevens over het gebruikte koelmiddel staan op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.
- Haal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsgeluiden ontstaan!
- Haal de beschermfolie van de buitenzijde van het apparaat.*
- Trek de beschermfolie van de sierlijsten.
- Verwijder alle transportbeveiligingsonderdelen.
Om het aangegeven energieverbruik te realiseren, moeten de afstandhouders worden gebruikt die bij sommige apparaten worden meegeleverd. Hierdoor vergroot de apparaatdiepte met ca. 35 mm. Het apparaat is zonder gebruik van de afstandhouder volledig functioneel, alleen het verbruik is een beetje hoger.
- Bij een apparaat met meegeleverde wandafstandhouders deze links- en rechtsonder aan de achterzijde van het apparaat monteren.
- Voer de verpakking af (zie 4.5 Afvalverwerking van de verpakking) .
VOORZICHTIG
Verwondings- en beschadigingsgevaar door kantelen en eruit vallen van de apparaatdeur!
Wanneer de extra stelvoet aan de onderkant van de lagerbus niet correct op de vloer rust, kan de deur eruit vallen of het apparaat kantelen. Dit kan tot materiële schade en verwondingen leiden.
- De extra stelvoet op de lagerbus eruit draaien tot deze op de vloer rust.
- Dan 90° verder draaien.
- Stel het apparaat met de meegeleverde steeksleutel en met behulp van de stelpootjes (A) en een waterpas stevig en vlak op.
- Vervolgens de deur ondersteunen: stelvoet bij lagerbus (B) uitdraaien tot deze op de vloer komt, daarna 90° verder draaien.
Aanwijzing
- Apparaat reinigen (zie 6.2 Apparaat reinigen) .
Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan er condens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat.
- Zorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsingsruimte.
4.3 Draairichting deur veranderen
Indien nodig kunt u de draairichting van de deur veranderen:
Controleer of volgend gereedschap klaar ligt:
❑Torx® 15 ❑Torx® 20 ❑schroevendraaier ❑eventueel accuschroevendraaier ❑eventueel een tweede persoon voor de montage
4.3.1 Bovenste deur afnemen
Aanwijzing
- Verwijder levensmiddelen uit de deurvakken voordat de deur wordt afgenomen, zodat er geen levenmiddelen uit vallen.
Fig. 5
- Afdekking Fig. 5 (1) naar voren en boven wegtrekken.
- Afdekking Fig. 5 (2) eraf nemen.
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel door uitkantelende deur!
Als u de bout volledig uit de deur verwijdert, kan de deur naar buiten kantelen en kunt u zich verwonden.
- Deur vasthouden voordat u de bouten verwijderd.
- Bovenste lagerbus Fig. 5 (3) losschroeven (2 maal Torx®
- 20) Fig. 5 (4) en naar boven eraf trekken.
- Bovenste deur naar boven optillen en opzij zetten.
4.3.2 Onderste deur afnemen
- Onderste deur openen.
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel door uitkantelende deur!
Als u de bout volledig uit de deur verwijdert, kan de deur naar buiten kantelen en kunt u zich verwonden.
- Deur vasthouden voordat u de bouten verwijderd.
- Bevestigingsbouten Fig. 6 (11) losschroeven (2 maal Torx®
- 20) en het middelste scharnierblok uit de onderste deur trekken.
- Kunststof ring Fig. 6 (10) verwijderen.
- Deur naar boven afnemen en opzij leggen.
6 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 7
4.3.3 Middelste lagerdelen omzetten
Fig. 6
- Afdekking Fig. 6 (12) voorzichtig wegtrekken.
- Afdekking Fig. 6 (12) terugplaatsen op de andere zijde.
4.3.4 Onderste lagerdelen omplaatsen
Fig. 7
- Bevestigingsbouten Fig. 7 (21) losschroeven.
- Lagerbok onder Fig. 7 (23) volledig met lagerbouten Fig. 7 (24), schijf Fig. 7 (26) en stelvoet Fig. 7 (22), verwijderen.
- Lagerbouten Fig. 7 (24) volledig met schijf Fig. 7 (26) losschroeven, terugplaatsen in het tegenoverliggende opnamegat van het lagerbok en weer vastschroeven.
- Afdekplaat Fig. 7 (25) voorzichtig verwijderen en terugplaatsen op de andere zijde.
- Lagerbok onder Fig. 7 (23) volledig met lagerbouten Fig. 7 (24), schijf Fig. 7 (26) en stelvoet Fig. 7 (22) weer op de nieuwe scharnierzijde evt. met behulp van een accuboormachine vastschroeven (met 4 Nm).
4.3.5 Onderste deur monteren
- Onderste deur van bovenaf op scharnierpen Fig. 7 (24) plaatsen.
- Sluit de deur.
- Middelste scharnierblok Fig. 6 (13) 180° gedraaid in de onderste deur plaatsen en met bevestigingsbouten Fig. 6 (11) (2 maal Torx® 20) op de nieuwe scharnierkant stevig (met 4 Nm) aandraaien.
- Kunststof ring Fig. 6 (10) weer aanbrengen.
4.3.6 Bovenste deur monteren
- Bovenste deur op het middelste scharnierblok Fig. 6 (13) plaatsen.
- Plaats de bovenste lagerbus Fig. 5 (3) aan de nieuwe scharnierkant in de deur.
- Bovenste lagerbok vastschroeven (met 4 Nm) (2 keer Torx® 20) Fig. 5 (4). Eventueel een accuboormachine gebruiken.
In gebruik nemen
- Afdekking Fig. 5 (1) aan de andere kant buiten plaatsen en vastklikken.
- Afdekking Fig. 5 (2) steeds aan de andere kant van bovenaf plaatsen en vastklikken.
- Stelpoot Fig. 7 (22) van onderste scharnierblok Fig. 7 (23) eruit draaien, tot deze de vloer raakt.
WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar door eruit vallende deur!
Als de lagerdelen niet correct zijn vastgeschroefd, kan de deur eruit vallen. Dit kan tot zware verwondingen leiden. Bovendien sluit de deur eventueel niet, zodat het apparaat niet correct koelt.
- De lagerbokken met 4 Nm vastschroeven.
- Alle schroeven controleren en eventueel aandraaien.
4.4 In het keukenblok schuiven
Fig. 8
- (1) Opbouwkast
- (2) Apparaat
- (3) Keukenkast
- (4) Wand
x Bij apparaten met bijgeleverde wandafstandshouders wordt de afmeting 35 mm groter (zie 4.2 Apparaat opstellen) .
Het apparaat kan in keukenkasten worden ingebouwd. Om het apparaat Fig. 8 (2) aan de hoogte van het keukenblok aan te passen, kan boven het apparaat een opzetkast Fig. 8 (1) worden aangebracht.
Bij een ombouw met keukenkasten (diepte max. 580 mm) kan het apparaat direct naast de keukenkast Fig. 8 (3) worden opgesteld. Het apparaat steekt er zijdelings 34 mm x en in het apparaatmidden 50 mm x ten opzichte van de keukenkastfront uit.
* afhankelijk van model en uitvoering 7
Pagina 8
Bediening
LET OP
Risico op beschadiging door oververhitting als gevolg van onvoldoende ventilatie!
Bij te weinig ventilatie kan de compressor worden beschadigd.
- Let op voldoende ventilatie.
- Neem de ventilatie-eisen in acht.
Ventilatievereisten:
- Aan de achterkant van de opzetkast moet een luchtafvoerkanaal van minimaal 50 mm diep, over de volledige breedte van de opzetkast, aanwezig zijn.
- De ontluchtingsdoorsnede onder het plafond moet minimaal 300 cm² bedragen.
- Hoe groter de ontluchtingsdiameter hoe zuiniger het apparaat werkt.
Als het apparaat met de scharnieren naast een wand Fig. 8 (4) wordt geplaatst, moet de afstand tussen het apparaat en de wand minimaal 40 mm bedragen. Dit komt overeen met de uitsteekmaat van de handgreep bij geopende deur.
4.5 Afvalverwerking van de verpakking
WAARSCHUWING
Gevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie!
- Kinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen.
De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:
- Golfkarton/karton - Onderdelen uit geschuimd polystyreen - Folies en zakken uit polyetheen - Spanbanden uit polypropeen - Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met polyethyleen*
- Breng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamelpunt.
4.6 Apparaat aansluiten
LET OP
Gevaar voor beschadiging door verkeerd aansluiten! Beschadigingen van het apparaat.
- Sluit het apparaat niet aan op stand-alone-omvormers zoals zonne-energiesystemen en benzinegenerators.
WAARSCHUWING
Brandgevaar door verkeerd aansluiten! Brandwonden.
Beschadigingen van het apparaat.
- Geen verlengkabel gebruiken.
- Geen verdeeldozen gebruiken.
Stroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats van bestemming moeten met de informaties op het typeplaatje (zie 1 Het apparaat in vogelvlucht) overeenstemmen.
Het stopcontact moet volgens de voorschriften zijn geaard en een elektrische beveiliging bevatten. De afschakelstroom van de zekering moet liggen tussen 10 A en 16 A.
Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat de stroomvoorziening van het apparaat in geval van nood snel kan worden onderbroken. Het mag zich niet achter het apparaat bevinden.
- Elektrische aansluiting controleren.
- Steek de stekker in het stopcontact.
4.7 Apparaat inschakelen
Neem het apparaat ca. 2 uur voor de eerste vulling met diepvriesproducten in gebruik.
- Draai de temperatuurregelaar Fig. 3 (1) rechtsom naar de middelste temperatuurpositie tussen off en max cold . ▷ De binnenverlichting brandt.
5 Bediening
5.1 Koelgedeelte
Door de natuurlijke luchtcirculatie in het koelgedeelte ontstaan er verschillende temperatuurbereiken. Direct boven de groentelades en tegen de achterkant is het het koudste. Voorin aan de bovenkant en in de deur is het het warmste.
5.1.1 Levensmiddelen koelen
- Licht bederfelijke levensmiddelen zoals klaargemaakte maaltijden, vleeswaren en worsten in de koudste zone opslaan. In het bovenste bereik en in de deur boter en conservenblikken neerzetten. (zie 1 Het apparaat in vogelvlucht)
- Voor het inpakken herbruikbare kunststof, metalen, aluminium of glazen bakken en vershoudfolie gebruiken.
- Rauw vlees of vis altijd in schone, afgesloten bakjes op de onderste plank van het koelgedeelte bewaren, zodat ze niet in contact komen met ander voedsel en er geen vloeistof van vlees of vis op ander voedsel kan druipen.
- Levensmiddelen, die gemakkelijk een geur of smaak aannemen of afgeven, zoals vloeistoffen, altijd in gesloten reservoirs of afgedekt bewaren.
- Het voorste vlak van de koelbodem alleen gebruiken voor het kort plaatsen van koelproducten, bijv. bij het verplaatsen of uitsorteren. Koelproducten echter niet laten staan, anders kan deze bij het sluiten van de deur naar achter worden geschoven of omvallen.
- Levensmiddelen niet te dicht opslaan, zodat de lucht goed kan circuleren.
5.1.2 Temperatuur instellen
De temperatuur is rechtsom instelbaar tussen „off” en „max cold” (koudste temperatuur, grootste koelvermogen).
Wij adviseren de middelste regelaarpositie, dan wordt een middelste koelruimtetemperatuur verkregen van ca. 5 °C.
In het vriesgedeelte ontstaat dan een gemiddelde temperatuur van ca. –18 °C.
Als diepvriesproducten worden opgeslagen en de vriestemperaturen gewaarborgd moeten zijn, wordt een instelling van de temperatuurregelaar van de gemiddelde regelaarstand tot „max cold” aanbevolen. Bij de instelling „max cold” kunnen in de koudste zone van de koelruimte temperaturen lager dan 0 °C worden bereikt.
- Draai de temperatuurregelaar Fig. 3 (1).
De temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:
- hoe vaak de deur wordt geopend - hoe lang de deur geopend blijft - de ruimtetemperatuur op de plaats van opstelling - type, temperatuur en hoeveelheid van de diepvriesproducten
- Pas de temperatuur indien nodig aan met de regelaar.
5.1.3 Functie SuperCool
Deze functie zorgt voor lage temperaturen in het vriesvak.
8 * afhankelijk van model en uitvoering
Verder lezen op pagina 9Inhoud