naslaan.comZoekenAlle merken

Liebherr FCFvg 4002, tekst van de handleiding

Pagina's 24–40 van 42 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 4–23

Pagina 24

Bediening

Voordat u de functies van het apparaat wijzigt, activeert of deactiveert, controleert u of aan de volgende voorwaarden is voldaan:

❑U hebt de beschrijvingen over de werking van het display gelezen en begrepen. (zie 4 Werking van het Touchdisplay) ❑U hebt kennisgemaakt met de bedienings- en weergave-elementen van uw apparaat. (zie 7.1 Bedienings- en weergave-elementen)

7.2.2 Apparaat in- en uitschakelen

Met deze instelling kan het gehele apparaat worden in- en uitgeschakeld.

Apparaat inschakelen

Zonder geactiveerde DemoMode:

Fig. 76

Met geactiveerde DemoMode:

Fig. 77

Aanwijzing

DemoMode voor aflopen van de countdown deactiveren.

Fig. 78 ▷ De temperatuurweergave verschijnt op het display.

Apparaat uitschakelen

Fig. 79

Fig. 80

▷ Display wordt na ongeveer 10 minuten uitgeschakeld.

7.2.3 Temperatuurzone uit- en inscha‐

kelen

U kunt afzonderlijke temperatuurzones van het apparaat gescheiden van elkaar uitschakelen.

Toepassing: - Reinigen - Ontdooien

Koelgedeelte uitschakelen

Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑Koelgedeelte is leeggemaakt.

Fig. 81

Fig. 82

Vriesgedeelte uitschakelen

Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑Vriesgedeelte is leeggemaakt.

Fig. 83

24 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 25

Fig. 84

Koelgedeelte inschakelen

Fig. 85

Fig. 86

▷ Koelgedeelte is ingeschakeld.

▷ Apparaat koelt af tot de laatst ingestelde temperatuur.

Vriesgedeelte inschakelen

Fig. 87

Fig. 88

Bediening

▷ Apparaat koelt af tot de laatst ingestelde temperatuur.

7.2.4 Temperatuur

De temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:

- hoe vaak de deur wordt geopend - hoe lang de deur geopend blijft - ruimtetemperatuur van de plaats van opstelling - type, temperatuur en hoeveelheid van het koel-/vries-goed

Aanwijzing

In sommige delen van de binnenruimte kan de luchttemperatuur van de temperatuurweergave afwijken.

Met de correcte temperatuur blijft koel- & vriesgoed langer houdbaar. Overbodig wegwerpen kan zo worden vermeden.

Temperatuur instellen

Fig. 89

Fig. 90 Temperatuurwissel van 5 °C tot 6 °C en -15 °C tot -16 °C

▷ Temperatuur is ingesteld.

7.2.5 Temperatuurregistratie

Het apparaat geeft de minimum- en maximumtemperatuur in het apparaat aan. De registratie start automatisch na het inschakelen van het apparaat met een interval van één minuut. Na 999 uur (ca. 40 dagen) wordt erop gewezen dat het geheugen vol is. De temperatuurregistratie moet dan gereset worden.

* afhankelijk van model en uitvoering 25

Pagina 26

Bediening

Aanwijzing

Aanbevolen wordt om de temperatuurregistratie bij inbedrijfstelling van het apparaat en na het bereiken van de ingestelde temperatuur eenmalig te resetten. Hierdoor wordt de relevante maximumtemperatuur aangegeven.

Temperatuurregistratie tonen

De temperatuurregistratie toont de duur van de registratie en de gedurende die tijd gemeten minimum- en maximumtemperatuur.

Fig. 91

Fig. 92

Fig. 93

Fig. 94 ▷ Statusscherm met de temperatuurregistraties wordt weergegeven.

Temperatuurregistratie resetten

De weergegeven minimum- en maximumtemperaturen kunnen op elk moment gereset worden. Hiermee worden de weergegeven waarden gewist en het meetinterval opnieuw gestart.

Fig. 95

Fig. 96

Fig. 97

Fig. 98

▷ Registratie-interval start opnieuw.

7.2.6 Verlichting

Het apparaat is van een binnenverlichting voorzien. U kunt de binnenverlichting continu inschakelen.

(zie Verlichting inschakelen*) *

Als u de deur van het apparaat opent, wordt de binnenverlichting ingeschakeld.

U kunt deze functie ook deactiveren. (zie Verlichting bij deuropening uitschakelen*) *

Verlichting uitschakelen*

Fig. 99

Fig. 100

Verlichting inschakelen*

Fig. 101

26 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 27

Bediening

Fig. 102

Verlichting bij deuropening uitschakelen*

Fig. 103

Fig. 104

Verlichting bij deuropening inschakelen*

Fig. 105

Fig. 106

7.2.7 Verlichtingsintensiteit

Met deze instelling kan de helderheid van de binnenruimte trapsgewijs worden ingesteld.

De volgende helderheidswaarden kunnen worden ingesteld:

- 20% - 40% - 60% - 80% - 100% (voorinstelling)

Verlichtingsintensiteit instellen

Fig. 107

Fig. 108

▷ De verlichtingsintensiteit neemt dienovereenkomstig toe of af.

7.2.8 SuperCool

Met deze functie activeer of deactiveert u SuperCool. Als u SuperCool activeert, versterkt het apparaat het koelvermogen. Hierdoor kunt u lagere koeltemperaturen bereiken. U kunt SuperCool activeren, als u grote hoeveelheden levensmiddelen snel wilt gaan afkoelen.

Als de functie actief is, werkt het apparaat met een hoger vermogen. Hierdoor kunnen bedrijfsgeluiden van het apparaat tijdelijk luider zijn en kan het energieverbruik toenemen.

SuperCool activeren

Fig. 109

Fig. 110

* afhankelijk van model en uitvoering 27

Pagina 28

Bediening

SuperCool deactiveren

SuperCool wordt afhankelijk van de hoeveelheid geplaatste levensmiddelen na 6 tot 12 uur automatisch gedeactiveerd. U kunt SuperCool echter ook te allen tijde handmatig deactiveren:

Fig. 111

Fig. 112

▷ SuperCool is gedeactiveerd.

▷ Apparaat blijft in normale modus werken.

▷ Apparaat koelt af tot de eerder ingestelde temperatuur.

7.2.9 SuperFrost

Met deze functie activeer of deactiveert u SuperFrost. Als u de SuperFrost activeert, versterkt het apparaat het vriesvermogen. Hierdoor kunt u lagere vriestemperaturen bereiken.

Toepassing:

- Vries vers voedsel snel in tot op de kern.

Dit zorgt ervoor dat de voedingswaarde, het uiterlijk en de smaak van het voedsel behouden blijven.

- Verhoog de koude reserve in opgeslagen bevroren voedsel voordat u het apparaat ontdooit.

Als de functie actief is, werkt het apparaat met een hoger vermogen. Hierdoor kunnen bedrijfsgeluiden van het apparaat tijdelijk luider zijn en kan het energieverbruik toenemen.

SuperFrost activeren

Fig. 113

Fig. 114

SuperFrost deactiveren

SuperFrost wordt afhankelijk van de hoeveelheid geplaatste levensmiddelen na 8 tot 65 uur automatisch gedeactiveerd. U kunt SuperFrost echter ook te allen tijde handmatig deactiveren:

Fig. 115

Fig. 116

▷ SuperFrost is gedeactiveerd.

▷ Apparaat blijft in normale modus werken.

▷ Apparaat koelt af tot de eerder ingestelde temperatuur.

7.2.10 HumiditySelect

De vochtigheid in het koelgedeelte kan worden ingesteld afhankelijk van de levensmiddelen die worden opgeslagen.

Toepassing:

- Hoge vochtigheid is geschikt voor het bewaren van onverpakte sla, groenten, fruit met een hoog eigen vochtgehalte.

- Een lage vochtigheid is geschikt om droge of verpakte levensmiddelen te bewaren (bijv. zuivelproducten, vlees, worst, vis). Hier wordt een relatief droog opslagklimaat ingesteld.

De volgende standen kunnen worden ingesteld:

- Standaard (laag) - Gemiddeld - Hoog

Luchtvochtigheid in het apparaat verhogen

Fig. 117

Fig. 118

Luchtvochtigheid in het apparaat op Standard instellen

Fig. 119

28 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 29

2s

Fig. 120

7.2.11 Displayblokkering

Deze instelling vermijdt onbedoelde bediening van het apparaat.

Toepassing:

- Onbedoeld wijzigen van instellingen en functies vermijden.

- Onbedoeld uitschakelen van het apparaat vermijden. - Onbedoelde temperatuurinstelling vermijden.

Displayblokkering activeren

Fig. 121

Fig. 122

Displayblokkering deactiveren

Fig. 123

7.2.12 Herinnering onderhoudsinterval

Instelling van de periode tot aan het onderhoud wordt herinnerd.

Bediening

De volgende waarden kunnen worden ingesteld:

Herinnering onderhoudsinterval instellen

De volgende stappen beschrijven hoe de periode tot het volgende onderhoud ingesteld wordt.

Fig. 124

Fig. 125

▷ De periode tot aan het volgende onderhoud wordt herinnerd is ingesteld.

▷ De resterende tijd wordt weergegeven.

7.2.13 Taal

Met deze instelling wordt de taal van de weergave ingesteld.

Taal instellen

Fig. 126

Fig. 127

* afhankelijk van model en uitvoering 29

Pagina 30

Bediening

7.2.14 Temperatuureenheid

Met deze functie stelt u de temperatuureenheid in. U kunt als temperatuureenheid graden Celsius en graden Fahrenheit instellen.

Temperatuureenheid instellen

Fig. 128

Fig. 129 Voorbeeldweergave: Tussen Celsius en graden Fahrenheit schakelen.

▷ Temperatuureenheid is ingesteld.

7.2.15 Display-helderheid

Met deze functie stelt u de helderheid van het display trapsgewijs in.

U kunt de volgende helderheidsniveaus instellen:

- 40% - 60% - 80% - 100 % (voorinstelling)

Helderheid instellen

Fig. 130

Fig. 131 Voorbeeldweergave: Van 80 % naar 60 % schakelen.

▷ Helderheid is ingesteld.

7.2.16 WLAN-verbinding

Aanwijzing

Liebherr SmartMonitoring Dashboard is niet in alle landen beschikbaar. Controleer de beschikbaarheid via de QR-code door uw model in te voeren.

Aanwijzing

Het gebruik van het Liebherr SmartMonitoring Dashboard onder https://smartmonitoring.liebherr.com vereist een geïnstalleerde SmartModule en een zakelijke MyLiebherraccount. U kunt zich tijdens de online-inbedrijfstelling direct met uw beschikbare aanmeldgegevens aanmelden of zich opnieuw registeren en een bedrijfsaccount aanmaken.

Deze instelling brengt een snoerloze verbinding tussen apparaat en internet tot stand. De verbinding wordt via de SmartModule gestuurd. Het apparaat kan via het Liebherr SmartMonitoring Dashboard in een browser worden geïntegreerd en met geavanceerde opties en individuele mogelijkheden voor besturing, beheer en bewaking worden gebruikt.

Aanwijzing

Accessoires zijn verkrijgbaar bij de klantenservice (zie 10.3 Klantenservice) of bij gespecialiseerde dealers via de dealerzoekfunctie op onze servicepagina op internet:

home.liebherr.com

Fig. 132

Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:

❑SmartModule Fig. 132 (1) is geplaatst.

Verbinding maken

De inbedrijfstelling en inrichting van uw SmartModule doet u online via het Liebherr SmartMonitoring Dashboard op uw internetcompatibele eindapparaat.

Op het Liebherr SmartMonitoring Dashboard vindt u ook informatie over de inbouw achteraf van de SmartModule.

Fig. 133

Op het koel- of vriesapparaat:

Fig. 134

30 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 31

Bediening

Fig. 135

Fig. 136

▷ WiFi connecting wordt weergegeven. Het symbool knippert.

▷ Verbinding is gemaakt.

Verbinding verbreken

Fig. 137

Fig. 138

Verbinding resetten

Fig. 139

Fig. 140

▷ De WiFi-instellingen zijn teruggezet op de toestand van levering.

7.2.17 LAN-verbinding

Aanwijzing

Liebherr SmartMonitoring Dashboard is niet in alle landen beschikbaar. Controleer de beschikbaarheid via de QR-code door uw model in te voeren.

Aanwijzing

Het gebruik van het Liebherr SmartMonitoring Dashboard onder https://smartmonitoring.liebherr.com vereist een geïnstalleerde SmartModule en een zakelijke MyLiebherraccount. U kunt zich tijdens de online-inbedrijfstelling direct met uw beschikbare aanmeldgegevens aanmelden of zich opnieuw registeren en een bedrijfsaccount aanmaken.

Deze instelling zorgt voor een kabelgebonden verbinding tussen het apparaat en het internet tot stand. De verbinding wordt via de SmartModule gestuurd. Het apparaat kan via het Liebherr SmartMonitoring Dashboard in een browser worden geïntegreerd en met geavanceerde opties en individuele mogelijkheden voor besturing, beheer en bewaking worden gebruikt.

Aanwijzing

Accessoires zijn verkrijgbaar bij de klantenservice (zie 10.3 Klantenservice) of bij gespecialiseerde dealers via de dealerzoekfunctie op onze servicepagina op internet:

home.liebherr.com

Fig. 141

Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:

❑SmartModule Fig. 141 (1) is geplaatst.

* afhankelijk van model en uitvoering 31

Pagina 32

Bediening

❑Een netwerkkabel is aangesloten. ❑Netwerk is met internet verbonden.

Verbinding maken

De inbedrijfstelling en inrichting van uw SmartModule doet u online via het Liebherr SmartMonitoring Dashboard op uw internetcompatibele eindapparaat.

Op het Liebherr SmartMonitoring Dashboard vindt u ook informatie over de inbouw achteraf van de SmartModule.

Fig. 142

Op het koel- of vriesapparaat:

7.2.18 Apparaatinformatie

Met deze functie geeft u de modelnaam, de index, het serienummer en het servicenummer van het apparaat weer. U heeft de apparaatinformatie nodig, als u contact opneemt met de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice) Met deze functie opent u bovendien het menu Geavanceerd. (zie 4 Werking van het Touch-display)

Apparaatinformatie weergeven

Fig. 147

Fig. 143

Fig. 144

▷ Verbinding wordt gemaakt: LAN connecting wordt weergegeven. Het symbool knippert.

▷ Verbinding is gemaakt.

Verbinding verbreken

Fig. 145

Fig. 146

Fig. 148

7.2.19 Bedrijfsuren

Deze weergave toont de bedrijfsuren van het apparaat.

Bedrijfsuren weergeven

Fig. 149

Fig. 150 ▷ De bedrijfsuren verschijnen.

7.2.20 Software

Met deze functie stelt u de softwareversie van uw apparaat in.

Softwareversie weergeven

Fig. 151

Fig. 152

32 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 33

7.2.21 Ontdooien

Het apparaat ontdooit tijdens normaal bedrijf automatisch.

Toepassing:

- Als de binnenruimte sterk bevroren raakt, kan de automatische ontdooifunctie handmatig worden gestart. - Alleen het koelgedeelte wordt ontdooid.

Automatisch ontdooien handmatig starten

Fig. 153

Fig. 154

▷ Automatisch ontdooien is gestart. Na een voltooide ontdooiing schakelt het apparaat automatisch weer in normaal bedrijf.

Aanwijzing

Als na meerdere keren starten van de automatische ontdooiing nog steeds ijs in de binnenruimte aanwezig zijn, moet het apparaat handmatig worden ontdooid. (zie 9.1 Apparaat ontdooien)

Handmatig gestarte ontdooiing annuleren

Fig. 155

Fig. 156

▷ Handmatig gestarte ontdooiing is geannuleerd. Apparaat schakelt automatisch weer in normaal bedrijf.

7.2.22 Deuralarm

Met deze functie activeert of deactiveert u het deuralarm. Het deuralarm klinkt als de deur te lang geopend is. Het deuralarm is bij levering geactiveerd. U kunt instellen hoe lang de deur mag zijn geopend, tot het deuralarm klinkt.

Bediening

U kunt de volgende waarden instellen:

Deuralarm instellen

Fig. 157

Fig. 159 Voorbeeldweergave: Deuralarm van 30 seconden in 60 seconden veranderen.

▷ Deuralarm is ingesteld.

Deuralarm deactiveren

Fig. 160

Fig. 161

*

7.2.23 Lichtalarm

Met deze instelling kunnen de visuele alarmmeldingen op het display extra worden geaccentueerd door knipperende apparaatverlichting.

Lichtalarm activeren

* afhankelijk van model en uitvoering 33

Pagina 34

Bediening

Fig. 162

Fig. 163

Lichtalarm deactiveren

Fig. 164

Fig. 165

7.2.24 Demomodus

De demomodus is een speciale functie voor dealers die apparaatfuncties willen demonstreren. Als u de demomodus activeert, zijn alle koudetechnische functies gedeactiveerd.

Als u uw apparaat inschakelt en in de statusweergave een "D" verschijnt, is de demomodus al geactiveerd.

Als u de demomodus activeert en vervolgens weer deactiveert, wordt het apparaat teruggezet naar de fabrieksinstellingen. (zie 7.2.25 Resetten naar fabrieksinstellingen )

Demomodus activeren

Fig. 166

Fig. 167

▷ Demomodus is geactiveerd.

▷ Apparaat is uitgeschakeld.

Demomodus deactiveren

Fig. 168

Fig. 169

▷ Demomodus is gedeactiveerd.

▷ Apparaat is uitgeschakeld.

7.2.25 Resetten naar fabrieksinstellingen

Gebruik deze functie om alle instellingen terug te zetten naar de fabrieksinstellingen. Alle instellingen die u tot nu toe hebt gemaakt, worden gereset naar de oorspronkelijke instellingen.

Reset uitvoeren

Fig. 170

Fig. 171

▷ Apparaat wordt gereset.

▷ Apparaat is uitgeschakeld.

7.3 Meldingen

7.3.1 Waarschuwingen

Waarschuwingen worden akoestisch door een signaaltoon en optisch door een symbool op het display weergegeven. De signaaltoon wordt sterker en luider tot de melding wordt bevestigd.

34 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 35

Bediening

MeldingOorzaakOplossing
Deur openDe melding verschijnt, als de deur te lang geopend is.Deur sluiten.
Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd.
Aanwijzing
De tijdsduur tot verschijnen van de melding kan worden ingesteld (zie 7.2.22 Deuralarm ) .
TemperatuuralarmDe melding verschijnt, als de temperatuur niet overeenkomt met de ingestelde temperatuur. Oorzaak voor temperatuurverschillen kan zijn:
⁃ Er werden koelgoederen in gelegd. ⁃ Bij het hersorteren en het verwijderen van levensmiddelen is te veel warme lucht het apparaat in gestroomd.
⁃ De stroom is langdurig uitgevallen.
Bevestigingsknop indrukken. Warmste temperatuur wordt weergegeven.
Bevestigingsknop indrukken. De huidige temperatuur knippert en op het display verschijnt afwisselend het temperatuuralarmsymbool totdat de ingestelde temperatuur bereikt is. Controleer de kwaliteit van de gekoelde producten.
Functie van het apparaat is beperkt, een onderdeel van het apparaat vertoont een fout of het apparaat is defect.Bevestigingsknop indrukken. Foutcode wordt weergegeven.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)

FoutBevestigingsknop indrukken. Indien aanwezig, wordt een andere foutcode weergegeven. of
Het statusscherm met knipperend foutsymbool wordt weergegeven.
Druk op de navigatietoetsen om de foutcode(s) opnieuw weer te geven.
Foutcode(s) noteren.
Controleer of de fout op de lijst staat en of u de fout zelf kunt verhelpen. (zie 10.2 Technische storing)
Fout staat niet op de lijst of bestaat nog steeds: Contact opnemen met de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice) Gekoelde producten ergens anders bewaren.
StroomuitvalHet bericht verschijnt na een onderbreking in de stroomtoevoer als de temperatuur boven de alarmgrens ligt wanneer de stroom terugkeert.Bevestigingsknop indrukken. Warmste temperatuur wordt weergegeven.
Bevestigingsknop indrukken. Het alarm wordt geannuleerd en de huidige temperatuur wordt weergegeven.
Controleer de kwaliteit van de gekoelde producten.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)

* afhankelijk van model en uitvoering 35

Pagina 36

Uitrusting

MeldingOorzaakOplossing
WLAN-foutWLAN-verbinding is onderbroken.Controleer de verbinding. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd.
WWW-fout WLANHet bericht verschijnt als er geen internetverbinding via WLAN is.Controleer de verbinding. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd.
LAN-foutLAN-verbinding is onderbroken.Controleer de verbinding en de netwerkkabel.
Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd.
WWW-fout LANDit bericht verschijnt als er geen internetverbinding via LAN is.Controleer de verbinding. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)

7.3.2 Herinneringen

Er verschijnen herinneringen bij oproepen om iets te doen. Ze worden akoestisch door een signaaltoon en optisch door een symbool op het display weergegeven. Bevestigen van de melding door drukken op de bevestigingstoets.

MeldingOorzaakOplossing
OnderhoudsherinneringDe melding verschijnt als de timer van het ingestelde onderhoudsinterval is afgelopen.Bevestigingsknop indrukken.
Alarm wordt beëindigd.
Aanwijzing
Het onderhoudsinterval kan worden ingesteld (zie 7.2.12 Herinnering onderhoudsinterval ) .
OpnameherinneringDe melding verschijnt, als het geheugen van de temperatuurregistratie (999 uur) vol is.Bevestigingsknop indrukken.
Alarm wordt beëindigd.
De oudste gegevens worden overschreven.
Aanwijzing
De temperatuurregistratie kan worden gereset (zie 7.2.5 Temperatuurregistratie ) .

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)

8 Uitrusting

8.1 Veiligheidsslot

Het slot in de deur van het apparaat is voorzien van een veiligheidsmechanisme.

8.1.1 Apparaat vergrendelen

Vriesgedeelte afsluiten.

Vries- en koelgedeelte afsluiten.

36 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 37

▷ Het vries- en koelgedeelte is afgesloten.

8.1.2 Apparaat opensluiten

Koelgedeelte opensluiten.

▷ Het koelgedeelte is opengesloten.

Vries- en koelgedeelte opensluiten.

▷ Het vries- en koelgedeelte is open.

9 Onderhoud

9.1 Apparaat ontdooien

WAARSCHUWING

Apparaat op de verkeerde manier ontdooid!

Verwondingen en beschadigingen.

Het ontdooien gebeurt automatisch. Het dooiwater wordt via de afvoeropening afgevoerd en verdampt.

Om de functionaliteit van het apparaat te behouden, raden we aan het te ontdooien als er veel ijsvorming is. Voor ijsvorming in de binnenruimte zijn de plaats van opstelling (bijv. een hoge luchtvochtigheid), instellingen op het apparaat en verkeerd gebruikersgedrag bepalend.

Als de automatische ontdooicyclus niet voldoende is:

Als het probleem blijft bestaan, moet het apparaat handmatig worden ontdooid:

9.2 Apparaat reinigen

9.2.1 Voorbereiden

WAARSCHUWING

Gevaar voor kortsluiting door onder stroom staande onderdelen!

Elektrische schok of beschadiging van de elektronica.

WAARSCHUWING

Brandgevaar!

Onderhoud

9.2.2 Behuizing reinigen

LET OP

Ondeskundige reiniging!

Beschadigingen aan het apparaat.

WAARSCHUWING

Gevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom! Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de oppervlakken beschadigen.

LET OP

Beschadigingsgevaar door kortsluiting!

9.2.3 Ventilatorafdekking reinigen

LET OP

Beschadigingsgevaar door kortsluiting!

LET OP

Ondeskundige reiniging!

Beschadigingen aan het apparaat.

Fig. 172

* afhankelijk van model en uitvoering 37

Pagina 38

Klantenhulp

9.2.4 Binnenruimte reinigen

WAARSCHUWING

Gevaar voor kortsluiting door onder stroom staande onderdelen!

Elektrische schok of beschadiging van de elektronica.

WAARSCHUWING

Gevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom! Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de oppervlakken beschadigen.

LET OP

Ondeskundige reiniging!

Beschadigingen aan het apparaat.

Aanwijzing

Aanwijzing

Typeplaatje aan binnenzijde van apparaat niet beschadigen of verwijderen. Typeplaatje is belangrijk voor de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice)

9.2.5 Na het reinigen

Als de temperatuur voldoende koud is:

10 Klantenhulp

10.1 Technische gegevens

Temperatuurbereik
Koelen+1 °C tot +15 °C
Vriezen-9 °C tot -26 °C

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)

Maximale belading per steunvlak A)
Apparaatbreedte550 mm600 mm750 mm
Oplegroosters--45 kg60 kg
Glasplaat40 kg40 kg40 kg
Schuiflade (vriesapparatuur)15 kg15 kg15 kg

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)

A) Bij zware belading kunnen de steunen iets doorbuigen.

Netto-inhoud
Zie de nuttige inhoud op het typeplaatje. (zie 2.2 en uitrustingsoverzicht)Apparaat-
Verlichting
Energie-efficiëntieklasse A)Lichtbron
Dit product bevat een of meerdere lichtbronnen van energie-efficiëntieklasse FLed
A) Dit product kan lichtbronnen met verschillendeenergie-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)

efficiëntieklassen bevatten. De laagste energie-efficiëntieklasse is aangegeven.

Specificatie WLAN-frequentie
Frequentieband2,4 GHz
Maximum uitgestraald vermogen<100 mW
Beoogd gebruik van de radioapparatuurIntegratie in het plaatselijke WLAN-netwerk voor gegevenscommunicatie

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)

10.2 Technische storing

Uw apparaat is zodanig geconstrueerd en gemaakt dat functieveiligheid en lange levensduur gegarandeerd zijn. Als er tijdens de werking een storing optreedt, controleer dan of de storing werd veroorzaakt door een bedieningsfout. In dat geval moeten ook de tijdens de garantieperiode gemaakte kosten aan u worden doorberekend.

De volgende storingen kunt u zelf verhelpen.

10.2.1 Apparaatfunctie

ProbleemOorzaakOplossing
Het apparaat werkt niet.→ Het apparaat is niet ingeschakeld.► Apparaat inschakelen.
→ De netstekker steekt niet correct in het stopcontact.► Netstekker controleren.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)

38 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 39

Buiten bedrijf stellen

ProbleemOorzaakOplossing
De zekering van het stopcontact is niet in orde.► Zekering controleren.
Stroomuitval► Apparaat gesloten houden.
► Levensmiddelen beschermen: Koelaccu’s boven op levensmiddelen leggen of een decentrale vrieskast gebruiken, als de stroomuitval langer duurt.
► Ontdooide levensmiddelen niet weer bevriezen.
De koelapparaatbus steekt niet correct in het apparaat.► Koelapparaatbus controleren.
Temperatuur is te laag.De apparaatdeur is niet correct aangesloten.► Apparaatdeur sluiten.
De be- en ontluchting is onvoldoende.► Ventilatieroosters vrijmaken en reinigen.
De omgevingstemperatuur is te hoog.► Let op de juiste omgevingsvoorwaarden:
Het apparaat werd te vaak of te lang geopend.► Afwachten of de noodzakelijke temperatuur vanzelf weer wordt ingesteld. Als dit niet gebeurt, dan contact opnemen met de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice)
De temperatuur is verkeerd ingesteld.► Temperatuur lager instellen en na 24 uur controleren.
Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis, verwarming etc.).► Opstelplaats van het apparaat of de warmtebron veranderen.
Rijpvorming op het behuizingsframe en/of aan de binnenzijde van de deur.Deurafdichting is beschadigd.► Deurafdichting vervangen.
U heeft de temperatuur te koud ingesteld of u heeft de deur te weinig geopend.► Apparaatfunctie is niet beïnvloed, rijpvorming met een doek verwijderen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)

10.3 Klantenservice

Controleer eerst of u de fout zelf kunt oplossen . Als dit niet het geval is, contact met de klantenservice opnemen.

U vindt het adres in de bijgevoegde brochure „Liebherr Service” of op home.liebherr.com/service.

WAARSCHUWING

Ondeskundige reparatie!

Verwondingen.

10.3.1 Contact met de klantenservice opnemen

Zorg ervoor dat u de volgende apparaatinformatie beschikbaar hebt:

❑Apparaataanduiding (model en index) ❑Servicenr. (Service) ❑Serienr. (S-Nr.)

-of-

▷ Zo is een snelle en doelgerichte service mogelijk.

10.4 Typeplaatje

Het typeplaatje bevindt zich aan de binnenkant van het apparaat. Zie apparaatoverzicht.

Fig. 173

11 Buiten bedrijf stellen

* afhankelijk van model en uitvoering 39

Pagina 40

Afvalverwijdering

► Verwijder indien nodig de koelapparaatbus: Trek de koelapparaatbus uit de apparaatstekker en beweeg tegelijkertijd naar links en rechts.
► Apparaat reinigen. (zie 9.2 Apparaat reinigen)
► Indien beschikbaar: Verwijder afdekkingen en isolatie van de sensordoorvoer om schimmelvorming te voorkomen.
► Deur open laten, zodat geen slechte geur kan ontstaan.
WAARSCHUWING
Brandgevaar door lekkend koelmiddel en olie!
Het koelmiddel is milieuvriendelijk maar brandbaar. De olie is ook brandbaar. Uittredend koelmiddel en olie kunnen in hoge concentraties en bij contact met een externe warmtebron ontbranden.
► Leidingen van het koelmiddelcircuit en de compressor niet beschadigen.
Aanwijzing
Beschadiging van het apparaat en storingen!
► Na de buitenbedrijfstelling mag het apparaat alleen worden gebruikt bij een toelaatbare kamertemperatuur tussen -10 °C en +50 °C opslaan.
► Aanwijzingen voor het transport van het apparaat in acht nemen.
12 Afvalverwijdering► Voer het apparaten af zonder het te beschadigen.
► Voer batterijen, lampen en het apparaat af zoals hierboven beschreven.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)

12.1 Apparaat op afvoer voorbereiden

Liebherr maakt bij sommige apparaten gebruik van batterijen. In de EU is het nu voor de consument wettelijk verplicht deze batterijen voor de afvoer van apparaten te verwijderen. Als uw apparaat batterijen bevat, wordt dit op het apparaat aangegeven.

Lampen

Als u lampen zelfstandig en zonder kapot te maken kunt verwijderen, verwijder deze dan eveneens voor het voeren.

13 Aanvullende informatie

Meer informatie over garantiebepalingen vindt u in de meegeleverde servicebrochure of op internet op https:// home.liebherr.com.

12.2 Apparaat volgens milieuvoorschriften afvoeren

Het apparaat bevat waardevolle materialen en moet gescheiden van het ongesorteerde, huishoudelijke afval worden afgevoerd.

Voer batterijen gescheiden van het apparaat af. Batterijen kunnen gratis worden ingeleverd bij de winkel en bij andere inleverpunten zoals het gemeentelijk depot en de chemokar.

Lampen

Voor Duitsland:

Lever gedemonteerde lampen in bij een daarvoor bestemd inleverpunt.

U kunt het apparaat gratis inleveren bij de milieustraat. Bij de aankoop van een nieuwe koelkast of vriezer en een verkoopoppervlak > 400 m² neemt de dealer het oude apparaat ook gratis terug.

40 * afhankelijk van model en uitvoering

← pagina's 4–23Inhoud