Liebherr ICBNci 5663, tekst van de handleiding
Pagina's 7–25 van 62 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–6verder op pagina 26 →
Pagina 7
Opstellen en aansluiten Nismaten
- Als het apparaat in zeer vochtige omgeving wordt opgesteld, kan zich aan de buitenzijde van het apparaat condenswater vormen.
Zorg altijd voor goede ventilatie en ontluchting op de opstelplaats.
- Hoe meer koelmiddel in het apparaat zit, hoe groter de ruimte moet zijn, waar het apparaat in staat. In te kleine ruimten kan bij een lekkage een brandbaar gaslucht mengsel ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet de opstellingsruimte ten minste 1 m³ groot zijn. Gegevens betreffende het koelmiddel staan op het typeplaatje in de binnenruimte in het apparaat.
- De ondergrond op de opstellingslocatie moet horizontaal en vlak zijn.
3.1.2 Plaatsing in de ruimte
- Installeer het apparaat niet in direct zonlicht of naast een verwarming of iets dergelijks.
- U kunt het apparaat direct naast een oven installeren.
- Als u het apparaat direct naast een oven installeert, kan het energieverbruik iets toenemen. Dit is afhankelijk van de duur en intensiteit van het gebruik van de oven.
- Plaats het apparaat alleen in stabiele meubels.
- Gebruik in explosiegevaarlijke omgevingen is niet toegestaan.
3.3
3.2 Afmetingen apparaat
Fig. 2
| ICN.. 56..3 / ICBN.(i) 56..3 | |
| A (mm) | 559 |
| B (mm) | 546 |
| C (mm) | 1938 |
| D (mm) | 695 |
| E (mm) | 15 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Fig. 3 (K): max. 2100 mm
Bij apparaten met een vaste wateraansluiting de volgende informatie in acht nemen:
- Wateraansluiting (zie 3.5 Wateraansluiting) - Apparaat op de watervoorziening aansluiten (zie 3.11 Apparaat op de watertoevoer aansluiten)
| ICN 56.. / IC(B)N..(i) 56.. / IRB..(i).56.. | |
| F (mm) | 1940 tot 1950 |
| G (mm) | 560 tot 570 |
| H (mm) | min. 550, aanbevolen 560 |
| J (mm) | min. 500 |
| L (mm) | max. 19 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Het opgegeven energieverbruik is berekend met een keukenblokdiepte van 560 mm bepaald. Het apparaat is geschikt voor een keukenblokdiepte van 550 mm volledig functioneel, maar heeft een iets hoger energieverbruik.
- Controleer de wanddikte van aangrenzende meubels: Het moet min. 16 mm zijn.
- Het apparaat alleen in stabiele, vaste keukenmeubels inbouwen. Meubels tegen kantelen beveiligen.
- Het keukenmeubel met een waterpas en winkelhaak uitlijnen en indien nodig met vulplaatjes compenseren.
- Zorg ervoor dat de vloer en de zijwanden van het meubel in een rechte hoek ten opzichte van elkaar staan.
* afhankelijk van model en uitvoering 7
Pagina 8
Opstellen en aansluiten
3.3 Ventilatievereisten
LET OP
Afgedekte ventilatieopeningen!
Beschadigingen. Het apparaat kan oververhit raken, wat de levensduur van diverse onderdelen van het toestel kan verminderen en kan leiden tot functiebeperkingen.
- Let altijd op de be- en ontluchting.
- Ventilatieopeningen of - roosters in de apparaatbehuizing en in het keukenmeubel (inbouwapparaat) moeten altijd vrij worden gehouden.
- Ventilatieluchtopeningen altijd vrij houden.
De ontluchtingsopeningen per se in acht nemen:
- De diepte van de ontluchtingsschacht aan de meubelachterwand moet min. 38 mm bedragen.
- Voor de ventilatieopeningen in de meubelpoot en ombouw boven zijn min. 200 cm² vereist.
- In principe geldt: hoe groter de ontluchtingsdiameter hoe zuiniger het apparaat werkt.
Voor een goede werking van het apparaat is een toereikende ventilatie vereist. De in de fabriek aangebrachte ventilatieroosters zorgen voor een effectieve ventilatieopening op het apparaat van 200 cm². Als u het ventilatierooster door een afdekplaat vervangt, moet deze minstens een even grote of grotere ventilatieopening dan het ventilatierooster van de fabrikant hebben.
3.4 Meubelfrontgewichten
LET OP
Gevaar voor beschadiging door te zwaar meubelfront! Als het meubelfront te zwaar is, kunnen de scharnieren worden beschadigd en kan de functie worden aangetast.
- Controleer het toegestane gewicht van het meubelfront vóór de montage van het meubelfront en overschrijd het niet.
| Nishoogte ( mm) | Maximaal gewicht meubelfront ( kg) | |
|---|---|---|
| Deur koeldeel | Deur vriesdeel | |
| 1940 | 18 | 12 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
Combinaties 600 mm breedte
3.5 Wateraansluiting
Als uw apparaat een vaste wateraansluiting heeft, wordt bij het apparaat een bijpassende slang geleverd.
| Aanwijzing | |
|---|---|
| Een slang met een andere lengte kunt u als accessoire kopen. | |
| Overzicht van de maten voor de wateraansluiting: | (zie 3.5 Wateraansluiting) |
| Vereisten voor de waterdruk: | (zie 3.5 Wateraansluiting) |
| Wateraansluiting maken: | (zie 3.11 Apparaat op de watertoevoer aansluiten) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
3.5.1 Maten voor de wateraansluiting
Fig. 4 (a) Maximaal beschikbare slanglengte (b) Maximaal beschikbare slanglengte
(c) Afstand magneetventiel tot bodem (M) Magneetventiel
| a | b | c |
| ~ 1200 mm | ~ 1200 mm | ~ 55 mm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
3.5.2 Waterdruk
De wateraansluitleiding en het magneetventiel van het apparaat zijn geschikt voor een waterdruk tot 1 MPa (10 bar).
Om ervoor te zorgen dat uw apparaat goed functioneert (debiet, grootte van de ijsblokjes, geluidsniveau), de volgende waterdruk in acht nemen:
| Waterdruk: | |
| bar | MPa |
| 1,5 tot 6,2 | 0,15 tot 0,62 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
Als de druk hoger is dan 6,2 bar:
- Drukverminderaar voorschakelen.
- Wateraansluiting maken. (zie 3.11 Apparaat op de watertoevoer aansluiten)
3.6 Apparaat transporteren
3.6.1 Apparaat vervoeren voor de eerste inbedrijfstelling
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Het apparaat is verpakt. ❑Het apparaat staat rechtop.
- Vervoer het apparaat met behulp van twee personen.
- Apparaat uitpakken. (zie 3.7 Apparaat uitpakken)
3.6.2 Apparaat na eerste inbedrijfstelling transporteren
Neem de volgende aanwijzingen in acht als u het apparaat na de eerste inbedrijfstelling opnieuw wilt vervoeren of verplaatsen.
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Het apparaat is leeg.
❑Het apparaat staat rechtop.
❑Apparaat met deur(en): De deur is beveiligd tegen ongewenst openen.
❑Apparaat met uittrekwagen: De uittrekwagen is beveiligd tegen ongewenst openen.
❑Apparaat is gedemonteerd.
- Vervoer het apparaat met behulp van twee personen.
8 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 9
Opstellen en aansluiten
3.7 Apparaat uitpakken
LET OP
Gevaar op beschadiging door verplaatsing van het apparaat! Als het apparaat zonder bescherming over de vloer wordt verplaatst, kan het apparaat de vloer beschadigen.
- De vloer voldoende afdekken, voordat u de verpakking van het apparaat verwijdert.
- Apparaat en verpakking controleren: Als transportschade wordt vermoed, neem dan voor het aansluiten contact op met de leverancier.
LET OP
Materiële schade door puntige of scherpe voorwerpen! Als u puntige of scherpe voorwerpen gebruikt bij het verwijderen van verpakkingsmateriaal, kunt u het apparaat beschadigen.
- Gebruik geen puntige of scherpe voorwerpen om verpakkingsmateriaal te verwijderen.
- Verwijder de verpakkingsmaterialen.
3.8 Transportbeveiliging verwijderen
- Transportbeveiliging op de apparaatdeur.
*
3.9 Verklaring van gebruikte symbolen
Er bestaat gevaar voor letsel bij het uitvoeren van deze stap! Neem de veiligheidsaanwijzingen in acht!
De handleiding is geldig voor verschillende modellen. Voer deze stap alleen uit als deze op uw apparaat van toepassing is.
Zie voor de montage de gedetailleerde beschrijving in het tekstgedeelte van de handleiding.
Dit hoofdstuk is van toepassing op een ééndeurs- of een tweedeursapparaat.
Kies tussen de alternatieven: Apparaat met deuraanslag rechts of apparaat met deuraanslag links.
Vereiste montagestap voor IceMaker en / of InfinitySpring.
De schroeven alleen iets losdraaien of iets vastzetten.
Draai de schroeven stevig vast.
Controleer of de volgende stap voor uw model van toepassing is.
Controleer of de gebruikte onderdelen correct gemonteerd / goed vastzitten.
Meet de opgegeven afmetingen en corrigeer indien nodig.
Gereedschap voor montage: Duimstok
Gereedschap voor montage: Accuschroevendraaier en inzetstuk
Voor een betere toegang tot de schroeven wordt een lang bit-inzetstuk aanbevolen.
Gereedschap voor montage: Waterpas
Gereedschap voor montage: Steeksleutel met SW 7 en SW 10
Voor deze stap zijn twee personen nodig.
De werkstap vindt plaats op het gemarkeerde punt op het apparaat.
Hulpmiddel voor montage: Touw
Hulpmiddel voor montage: Hoekmeter
Hulpmiddel voor montage: Schroevendraaier
* afhankelijk van model en uitvoering 9
Pagina 10
Opstellen en aansluiten
| Hulpmiddel voor montage: Schaar | |
| Hulpmiddel voor montage: Markeerstift, uitwisbaar | |
| Accessoires: Onderdelen uitnemen | |
| Gooi onderdelen die niet meer nodig zijn op de juiste manier weg. | |
| Fig. 7 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
3.10 Deurscharniering veranderen ► Afdekkingen verwijderen.
Aanwijzing
Gereedschap
Bij het verwijderen van de afdekkingen erop letten, dat de oppervlakken niet beschadigd raken.
Fig. 5
LET OP
Onder stroom staande onderdelen!
Beschadiging van elektrische onderdelen.
- Trek de netstekker eruit, voordat u de deuraanslagwissel uitvoert.
Fig. 8
- Draai de schroeven bij alle scharnieren los, maar niet eruit draaien.
Fig. 6
- Sluitdempers verwijderen: Sluitdempers van de kogeltappen trekken (1) en houder verwijderen (2). De kogeltappen met de schroevendraaier demonteren (3).
Aanwijzing
Indien de sluitdemper zich net boven de vloer bevindt, kunt u de kogelpen uitsluitend bij een gedemonteerde deur demonteren.
Fig. 9 *
- Deur eruit halen: Schuif de deur naar voren en dan naar achter, afhangen en aan beide zijden afstellen.
10 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 11
Opstellen en aansluiten
Fig. 10
- Alle scharnieren eraf schroeven en samen met de schroeven aan de kant leggen.
Fig. 11
- Hoek boven en onder uit de deur losmaken en omzetten. De hoek moet voor het vastschroeven van de scharnieren worden omgezet.
Fig. 12
- De schroeven voor de scharnierbevestiging omzetten. Na het omzetten niet vastschroeven, de scharnieren moeten later worden aangebracht.
Fig. 13
- De bevestigingshoek aan de tegenovergestelde kant aanbrengen.
Fig. 14
- Alle scharnieren 180° gedraaid op de andere kant omzetten en vastdraaien.
Fig. 15 *
- Deur weer monteren: De deur met scharnieren aanbrengen en de schroeven vastdraaien.
Fig. 16
* afhankelijk van model en uitvoering 11
Pagina 12
Opstellen en aansluiten
- De sluitdempers weer monteren: De kogeltappen erin schroeven (1), houder vastschroeven (2) en de sluitdempers in de kogeltappen aanbrengen.
- Alle schroeven controleren en eventueel aandraaien.
Fig. 17
- De afdekking onder en in het midden weer monteren. De overige afdekkingen pas na de inbouw in het meubel weer monteren.
3.11.1 Slang aansluiten
Fig. 18
3.11 Apparaat op de watertoevoer aansluiten
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Maten voor de aansluiting op de watertoevoer zijn bekend en worden in acht genomen. (zie 3.5.1 Maten voor de wateraansluiting)
❑Waterdruk is in acht genomen. (zie 3.5.1 Maten voor de wateraansluiting) ❑Watertoevoer naar het apparaat wordt uitgevoerd via de koudwaterleiding die de bedrijfsdruk uithoudt en op de drinkwatertoevoer is aangesloten.
❑Alle apparaten en voorzieningen die voor de toevoer van water worden gebruikt, moeten aan de geldige voorschriften van het betreffende land voldoen.
❑Achterzijde van het apparaat is toegankelijk zodat het apparaat op de drinkwatertoevoer kan worden aangesloten.
❑Bijgevoegde slang wordt gebruikt. Oude slangen zijn weggegooid.
❑In het aansluitstuk van de slang bevindt zich een zeef met afdichting.
❑Tussen de slangleidingen en de wateraansluiting in het gebouw bevindt zich een waterkraan waarmee u, als dat nodig is, de watertoevoer kunt onderbreken.
❑De waterkraan bevindt zich buiten het bereik aan de achterkant van het apparaat en is gemakkelijk toegankelijk. Zo kunt u het apparaat zo diep mogelijk in de meubelnis duwen en kunt u, indien nodig, de kraan snel dichtdraaien.
WAARSCHUWING
Gevaar voor elektrische schok door water!
- Vóór de aansluiting op de waterleiding: Apparaat van het stopcontact los koppelen.
- Vóór de aansluiting op watertoevoerleidingen: Watertoevoer afsluiten.
- Alleen gekwalificeerde specialisten moeten het apparaat op de drinkwatervoorziening aansluiten.
WAARSCHUWING
Gevaar voor vergiftiging door besmet water!
- Alleen op de drinkwatertoevoer aansluiten.
12
Fig. 18
- (1) Moer
- (2) Haakse slangeinde
- (3) Houder
- (4) Recht slangeinde
- (5) Waterkraan
- (6) Magneetventiel: Het magneetventiel bevindt zich onderaan de achterzijde van het apparaat. Deze heeft een R3/4- aansluitdraad.
LET OP
Beschadigingsgevaar door ondeskundige montage!
- Slang bij de montage niet beschadigen of knikken.
- Slang bij de inbouw in de meubelnis niet beschadigen of knikken.
Slang op het apparaat aansluiten:
- Haakse slangeinde Fig. 18 (2) horizontaal op de houder Fig. 18 (3) positioneren en vasthouden.
- Moer Fig. 18 (1) met de hand op de schroefdraad draaien tot een veilige en vaste bevestiging is bereikt.
▷ Slang is op het apparaat aangesloten.
Slang op de waterkraan aansluiten:
- Recht slangeinde Fig. 18 (4) op de waterkraan Fig. 18 (5) aansluiten.
▷ Slang is op de waterkraan aangesloten.
3.11.2 Watersysteem controleren
Voordat u het apparaat volledig in de meubelnis inbouwt, adviseert Liebherr het watersysteem op lekkages te controleren.
- Waterkraan langzaam openen.
- Controleren of slangen, watertoevoer en aansluitingen niet lekken.
▷ Watersysteem is op lekkages gecontroleerd.
▷ Watersysteem lekt niet: U kunt het apparaat volledig in de meubelnis inbouwen.
* afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 13
Opstellen en aansluiten
Aanwijzing
IceMaker: Voor het eerste gebruik moet u de IceMaker reinigen. (zie Quick Start Guide of gebruiksaanwijzing)
3.12 Meerdere apparaten opstellen
Fig. 20
De apparaten zijn voor verschillende opstellingswijzen ontwikkeld. Als u meerdere apparaten naast elkaar of boven elkaar wilt plaatsen, garanderen dat er aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Uitsluitend apparaten naast of boven elkaar opstellen, die daarvoor ontwikkeld zijn.
❑Aanwijzingen en de volgende tabellen in acht nemen.
LET OP
Gevaar voor beschadiging door condenswater!
- Plaats het apparaat niet direct naast een ander koel-/ vriesapparaat.
LET OP
Beschadigingsgevaar door condenswater!
- Plaats het apparaat niet direct boven een ander koel-/ vriesapparaat.
| Model | Opstellingswijze |
|---|---|
| alle modellen | afzonderlijk |
| Modellen waarvan de modelaanduiding met S... begint. | Side-by-Side (SBS) |
| Modellen tot een maximale nishoogte van 880 mm en met verwarmd plafond kunnen „boven elkaar” worden opgesteld. Bovenste apparaat: tot maximale nishoogte 140 mm | Boven elkaar |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
Modellen en hun opstellingswijze
Fig. 19
Elk apparaat in een aparte meubelnis inbouwen.
Bijgevoegde montageonderdelen
3.13 Apparaat in uitsparing inbouwen
Gereedschap
Fig. 21
Fig. 22
* afhankelijk van model en uitvoering 13
Pagina 14
Opstellen en aansluiten
Fig. 23
Fig. 24
Fig. 25
- Ontkoppel de bodemmontagehoek aan de perforatie.
LET OP
Correcte inbouwdiepte van het apparaat.
- Het gebruik van de montagehoek waarborgt de correcte inbouwdiepte van het apparaat.
Fig. 26
- De montagehoek van de bodem telkens rechts en links, vlak t.o.v. de zijwand op de bodem van de meubelnis schroeven.
Fig. 27
- Neem de netkabel uit de verpakking.
- Steek de koelapparaatbus van de netkabel volledig in de apparaatstekker aan de achterkant van het apparaat. Let op een goede bevestiging van de koelapparaatbus.
- Leid de netstekker met behulp van een snoer naar een vrij toegankelijk stopcontact.
Fig. 28
- Installeer nu indien nodig de wateraansluiting volgens de handleiding.
14 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 15
Opstellen en aansluiten
Fig. 29
- De opvulstroken op de bovenkant van het apparaat aanbrengen. De plaat kan naar beide zijden worden gebogen.
Fig. 33
- 16 mm dikke meubelwanden: Afstandshouder op alle scharnieren steken.
- 19 mm dikke meubelwanden: U hebt geen afstandhouder nodig.
Fig. 30
- Bevestigingshoek monteren. De bevestiginsghoek ter hoogte van de meubelhandgreep aanbrengen. Bij een grote deur in totaal vier bevestigingshoeken gebruiken.
- Afdekkingen na de montage op de hoek klappen.
Fig. 34
- Draai met een schroevendraaier de afdekplaat linksboven los en verwijder deze.
Fig. 31
- Het apparaat 2/3 deel in de meubelnis schuiven.
Fig. 35
- Bevestigingshoek losjes vastdraaien. De hoek moet niet gemakkelijk verschoven kunnen worden.
Fig. 36
Fig. 32
- Controleren of de wanddikte van de meubelzijwand 16 mm of 19 mm bedraagt.
* afhankelijk van model en uitvoering 15
Pagina 16
Opstellen en aansluiten
Fig. 37
WAARSCHUWING
Brandgevaar door kortsluiting!
- Als u het apparaat in de nis schuift: Netkabel niet knikken, klemmen of beschadigen.
- Apparaat niet gebruiken met een defecte netkabel.
- Apparaat volledig in de meubelnis schuiven. De stelpoten moeten aan beide zijden in de uitsparingen van de aanslaghoeken zitten.
Fig. 38
- De aanslag van de montagehoek bodem verwijderen. De aanslag door bewegen losmaken en eventueel met behulp van een tang afbreken.
Fig. 39
- Controleren of het apparaat zich vlak in de meubelnis bevindt. De bevestigingshoek moet tegen de zijwand van de meubeluitsparing zitten.
Fig. 40
Aanwijzing
Bij 16 mm dikke meubelzijwanden zitten de afstandhouders aan de scharnierzijde van de meubelnis.
Fig. 41
- 19 mm dikke meubelzijwanden: Voorkanten van de scharnieren vlak met de voorkant van de meubelzijwand uitlijnen.
Fig. 42
- Zo nodig de neiging van het apparaat met de stelvoeten uitlijnen.
Fig. 43
- Apparaat aan de scharnierzijde vastschroeven.
16 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 17
Opstellen en aansluiten
Fig. 44
- De hoek zodanig verschuiven dat deze vlak tegen de zijwand van de meubelnis zit.
- Alle schroeven vast aandraaien.
Fig. 45
- Aan de zijde van de greep de aanslag van de hoek afbreken en afvoeren.
Fig. 46
- Afdekkingen aanbrengen.
Fig. 48
- Indien nodig: Lijstwerk indien nodig met een scherpe schaar passend inkorten.
- Lijstwerk onder de bovenste afdekking aanbrengen en aandrukken. Het lijstwerk is magnetisch.
Vanaf nishoogte 1400 mm nivelleerrail inbouwen:
Fig. 49
U moet vanaf een nishoogte van 1400 mm de nivelleerrail onder het apparaat inbouwen. De nivelleerrail vermindert het geluidsniveau. Twee nivelleerrails en een montagegreep zijn vanaf nishoogte 1400 mm standaard meegeleverd.
Fig. 50
- Steek de montagegreep Fig. 50 (1) op de nivelleerrail Fig. 50 (2).
Fig. 47
- De afdekking zodanig verschuiven dat deze in een lijn met de meubelwand is.
Fig. 51
- Schuif de nivelleerrail in de geleiding onder de apparaatbodem tot aan de aanslag in.
- Trek de montagegreep eraf en steek deze aan de tweede nivelleerrail.
* afhankelijk van model en uitvoering 17
Pagina 18
Opstellen en aansluiten
- Verplaats gelijkmatig met de tweede nivelleerrail.
- Bevestigingstraverse aan de binnenkant van de meubeldeur hangen en in het midden uitlijnen.
Fig. 52
- Deur sluiten.
- Voorinstelling van 8 mm vanaf bovenzijde van de apparaatdeur tot de steun van de traverse controleren.
Fig. 56
- Monteer de bevestigingsdwarsbalk met minstens 6 schroeven voor spaanplaatdeuren en met minstens 4 schroeven voor cassettedeuren.
Fig. 53
- Montagehulp op de deurhoogte van het meubel omhoog schuiven. Onderste aanslagkant van de montagehulp = bovenkant van de te monteren deur.
Fig. 57
- Montagehulpen eruit trekken en in de ernaast liggende opnameopening gedraaid erin schuiven.
| Fig. 54 | Fig. 58 |
|---|---|
| ► Borgmoeren Fig. 54 (1) losmaken. | ► Aan greepzijde de afdekking op de bevestigingstraverse |
| ► Bevestigingstraverse Fig. 54 (2) verwijderen. | steken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
Fig. 55 Fig. 59
18 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 19: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 20
Opstellen en aansluiten
Fig. 67
- De lengte van het lijstwerk op maat knippen.
- Lijstwerk tussen meubelfrontdeur en apparaatdeur plaatsen.
Om ervoor te zorgen dat het apparaat correct ingebouwd is en geen ijsvorming, condensvorming en storingen optreden, gelden de volgende criteria:
- De deur moet correct sluiten.
- De meubeldeur mag de behuizing van het meubel niet raken.
- De afdichting aan greepzijde bovenhoek moet optimaal afdichten.
- Nisinbouw volgens bovengenoemde criteria controleren.
3.14 Meubelfronten
3.14.1 Maten
Afhankelijk van de apparaatvariant hebt u één of twee meubeldeuren nodig. De grootte van de overeenkomstige meubeldeur(en) hangt af van de gehele nisgrootte en dikte van het meubelcorpus.
Aanwijzing
Neem de betreffende afmetingen van het apparaat en de nis en de installatieschema's in acht.
Algemene gegevens:
- Neem onze apparaatspecifieke aanbevelingen voor afmetingen en gewicht voor vaste deurmontage in acht. - De dikte van het meubelcorpus moet minimaal 16 mm en maximaal 19 mm bedragen.
- Neem voor een tweedeurs meubeldeurmontage de voegpositie in acht.
Fig. 68 Voegpositie tweedeurs meubelfront
| Nishoogte 194 met 3 schuiflades | |
| Apparaathoogte (A) ( mm) | 1938 |
| Afstand (B) ( mm) | 15 |
| Voegpositie (C) vaste deur ( mm) | 695 + 15 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
Andere meubeldeur daarboven, daaronder of daarnaast:
- Verticale spleetmaat tussen meubeldeuren moet 4 mm bedragen.
- Horizontale spleetmaat tussen meubeldeuren moet 4 mm bedragen. Controleer hier de botsingseigenschappen. (zie 3.14.3 Voegenspleet zonder botsing instellen)
Gewicht en scharnieren:
- Bij zware meubelfronten is de belasting op het scharnier zeer hoog. Het scharnier kan beschadigd raken. Let op het maximale gewicht voor uw apparaat in het hoofdstuk Gewichten meubelfronten .
- Als het meubelfront het maximaal toegestane gewicht overschrijdt, kan een apparaat met sleepdeurtechnologie hulp bieden, omdat het gewicht over meerdere kopscharnieren van het meubel wordt ontlast.
- Als u lange meubelfronten gebruikt, die tot ver buiten het apparaat steken, raden wij een extra deurscharnier aan (bijv. Kamat), dat hetzelfde draaipunt heeft als het in het apparaat gebruikte vaste deurscharnier. Door het gebruik van een ander scharnier (Kamat) wordt het gewicht over meerdere punten ontlast. Het gebruik van een ingefreesd compensatiebeslag wordt bij hoge meubelfronten aanbevolen om kromtrekken (convex/concaaf) tegen te gaan.
3.14.2 Meubelfront(en) monteren
Bij inbouw in acht nemen:
- Meubelfront moet symmetrisch ten opzichte van de koelapparaatdeur zijn ingebouwd.
- Aangrenzende meubelfront ligt op exact hetzelfde niveau. - Aangrenzende meubelfront heeft dezelfde randradius als het apparaatfront.
20 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 21
Opstellen en aansluiten
| - Meubelfront is vlak en spanningsvrij. - Meubelfront heeft een minimale diepte-instelling van ca. 2 mm tot het corpus. ► Bouw het apparaat in de nis in. (zie 3.13 Apparaat in uitsparing inbouwen) ► Bevestig het meubelfront aan de apparaatdeur. (zie 3.13 Apparaat in uitsparing inbouwen) ► Voegenspleet instellen. ► Controleer het meubelfront op botsing. (zie 3.14.3 Voegenspleet zonder botsing instellen) | |||
| Frontdikte F [ mm] | Hoekradius meubelfront R [ mm] | Voegenspleet min. X (verticaal) [ mm] | |
| 22 | 0 | 4 | |
| 1 | 3 | ||
| 2 | 3 | ||
| 3 | 2 | ||
| 3.14.3 Voegenspleet zonder botsing instellen | 24 | 0 | 6 |
| 3.14.3 Voegenspleet met aansluitende meubel-wang | 26 | 1 2 3 0 1 2 3 | 5 5 4 8 7 7 6 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Fig. 69 Voegenspleet met aansluitende meubelwang (F) Dikte voorkant (X) Voegenspleet min. (R) Hoekradius meubelfront
| Frontdikte F [ mm] | Hoekradius meubelfront R [ mm] | Voegenspleet min. X (verticaal) [ mm] |
| 16 tot 20 | 0 tot 3 | 3 |
| 22 | 0 | 4 |
| 1 | 4 | |
| 2 | 3 | |
| 3 | 3 | |
| 24 | 0 | 8 |
| 1 | 7 | |
| 2 | 6 | |
| 3 | 6 | |
| 26 | Niet aanbevolen. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
3.14.3 Voegenspleet met aansluitende meubeldeur
Fig. 70 Voegenspleet met aansluitende meubeldeur (F) Dikte voorkant (X) Voegenspleet min. (R) Hoekradius meubelfront
| Frontdikte F [ mm] | Hoekradius meubelfront R [ mm] | Voegenspleet min. X (verticaal) [ mm] |
| 16 tot 20 | 0 tot 3 | 2 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
3.15 Na het inbouwen
- Alle transportbeveiligingsdelen uit de binnenruimte verwijderen.
Fig. 71
- De transportbeveiligingsdelen van het draagplateau verwijderen.
LET OP
Materiële schade door puntige of scherpe voorwerpen! Als u puntige of scherpe voorwerpen gebruikt bij het verwijderen van verpakkingsmateriaal, kunt u het apparaat beschadigen.
- Gebruik geen puntige of scherpe voorwerpen om verpakkingsmateriaal te verwijderen.
- Beschermfolie uit de binnenruimte verwijderen: Folie vlak langs het onderdeel wegtrekken, om de hechting van de folie te beperken.
- Apparaat reinigen. (zie 10.8 Apparaat reinigen)
- Type (model, nummer), apparaataanduiding, apparaat-/serienummer, aanschafdatum en dealeradres noteren.
* afhankelijk van model en uitvoering 21
Pagina 22
Werking van het Touch & Swipe-display
3.16 Apparaat op de stroomvoorziening aansluiten
WAARSCHUWING
Gevaar voor elektrische schokken en letsel door beschadigd apparaat of beschadigd netsnoer!
Levensgevaar en snijwonden. Als het apparaat of netsnoer tijdens het transport beschadigd zijn geraakt, kunt u een dodelijke elektrische schok krijgen. Bovendien kunt u zich snijden aan beschadigde onderdelen van de behuizing van het apparaat.
- Controleer apparaat en netsnoer na het transport op beschadiging.
- Neem het apparaat in geen geval in gebruik, als het apparaat of netsnoer beschadigd zijn.
- Neem contact op met de klantenservice.
U sluit uw apparaat met de apart meegeleverde voedingskabel aan op het lichtnet. De voedingskabel heeft aan één uiteinde een contrastekker voor de aansluiting op de koelkast en aan het andere uiteinde een stekker voor de netvoeding.
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- Apparaat en voedingskabel zijn onbeschadigd.
- Apparaat is volgens de voorschriften ingebouwd. (zie 3.13 Apparaat in uitsparing inbouwen)
- Vereisten aan de elektrische aansluiting zijn aangehouden.
- Maten voor de voorschriftmatige aansluiting zijn bekend en aangehouden.
- Netspanning en spanningsfrequentie komen overeen met de gegevens op het typeplaatje.
- Contactdoos is overeenkomstig de voorschriften geaard en elektrisch gezekerd.
- Uitschakelstroom van de zekering ligt tussen 10 A en 16 A.
- Contactdoos is eenvoudig toegankelijk en bevindt zich niet achter het apparaat. (zie 3.3 Nismaten)
LET OP
Gevaar voor beschadiging door onjuist gebruik! Beschadiging van de elektrische componenten van het apparaat.
- Gebruik uitsluitend het meegeleverde netsnoer.
WAARSCHUWING
Brandgevaar door verkeerd aansluiten! Brandwonden.
Beschadigingen van het apparaat.
- Geen verlengkabel gebruiken.
- Geen verdeeldozen gebruiken.
LET OP
Gevaar voor beschadiging door verkeerd aansluiten! Beschadigingen van het apparaat.
- Sluit het apparaat niet aan op stand-alone-omvormers zoals zonne-energiesystemen en benzinegenerators.
- Netsnoer van de netaansluiting op de stroomvoorziening aansluiten. Let op een goede bevestiging van de contactdoos.
▷ Liebherr-logo verschijnt op het display.
▷ Weergave wisselt naar standby-symbool.
▷ Indien binnen 60 seconden geen actie volgt: Stand-by symbool vervaagt of verdwijnt.
▷ Apparaat is aangesloten. Eerste inbedrijfstelling zie volgende hoofdstuk of gebruiksaanwijzing.
3.17 Afvalverwerking van de verpakking
WAARSCHUWING
Gevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie!
- Kinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen.
De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:
- Golfkarton/karton - Onderdelen uit geschuimd polystyreen - Folies en zakken uit polyetheen - Spanbanden uit polypropeen - Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met polyethyleen*
- Breng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamelpunt.
4 Werking van het Touch & Swipedisplay
U bedient uw apparaat met het Touch & Swipe-display. Met het Touch & Swipe-display (verder display genoemd) selecteert u de functies van het apparaat door te tikken of te vegen. Als u gedurende 10 seconden geen actie op het display uitvoert, gaat het display terug naar het bovenliggende menu of rechtstreeks naar de statusweergave.
4.1 Navigatie en verklaring van symbolen
In de afbeeldingen worden verschillende symbolen voor navigatie op het display gebruikt. Deze symbolen worden in de volgende tabel beschreven.
| Symbool | Beschrijving |
|---|---|
| Display kort aanraken: Functie activeren/deactiveren. Keuze bevestigen. Submenu openen. | |
| Display een bepaalde tijd (bijv. 3 seconden) aanraken: Functie of waarde activeren/deacti-veren. | |
| Naar rechts of links vegen: In het menu navigeren. | |
| Terugsymbool kort aanraken: Eén menuniveau terugspringen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
22 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 23
In gebruik nemen
| Symbool | Beschrijving |
|---|---|
| Terugsymbool 3 seconden aanraken: Terugspringen naar de statusweergave. | |
| Pijl met klok: Het duurt meer dan 10 seconden voordat de volgende weergave op het display verschijnt. | |
| Pijl met tijdweergave: Het duurt de aangegeven tijd voordat de volgende weergave op het display verschijnt. | |
| Symbool "Instellingenmenu" openen: Naar het instellingsmenu navigeren en het instellingsmenu openen. Indien vereist: In het instellingsmenu naar de gewenste functie navigeren. (zie 4.2.1 Instellingenmenu openen) | |
| Symbool "Uitgebreid menu" openen: Naar het uitgebreide menu navigeren en het uitgebreide menu openen. Indien vereist: In het uitgebreide menu naar de gewenste functie navigeren. (zie 4.2.2 Geavanceerd menu openen) | |
| Geen actie gedurende 10 seconden | Als u gedurende 10 seconden geen actie op het display uitvoert, gaat het display terug naar het bovenliggende menu of rechtstreeks naar de statusweergave. |
| Deur sluiten en weer openen. | Als u de deur sluit en direct weer opent, springt het display direct terug naar de statusweergave. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
Opmerking: Afbeeldingen van het display worden met Engelse begrippen weergegeven.
4.2 Menu's
De functies van het apparaat zijn over verschillende menu's verdeeld:
| Menu | Beschrijving |
|---|---|
| Hoofdmenu | Wanneer u het apparaat inschakelt, bevindt u zich automatisch in het hoofdmenu. Vanaf hier navigeert u naar de belangrijkste functies van het apparaat, het instellingenmenu en het uitgebreide menu. |
| Instellingenmenu | Het instellingenmenu bevat de overige apparaatfuncties voor het instellen van uw apparaat. |
| Uitgebreid menu | Het uitgebreide menu bevat speciale apparaatfuncties voor het instellen van uw apparaat. De toegang tot het uitgebreide menu wordt beveiligd met de cijfercode 1 5 1. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
4.2.1 Instellingenmenu openen
Fig. 72 Voorbeeld
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Instellingenmenu is geopend.
- Indien vereist: Naar de gewenste functie navigeren.
4.2.2 Geavanceerd menu openen
Fig. 73
Fig. 74 Voorbeeldweergave, toegang met cijfercode 151
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Geavanceerd menu is geopend.
- Indien vereist: Naar de gewenste functie navigeren.
4.3 Slaapstand
Als u het display 1 minuut niet aanraakt, schakelt het display over naar de slaapstand. In de slaapstand is de helderheid van het display gedimd.
4.3.1 Slaapstand beëindigen
- Display kort met de vinger aanraken. ▷ Slaapstand is beëindigd.
5 In gebruik nemen
5.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling)
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑Apparaat is overeenkomstig de montage-instructies ingebouwd en aangesloten.
❑Alle plakstroken, plak- en beschermfolies alsook de transportbeveiligingen in en op het apparaat zijn verwijderd.
* afhankelijk van model en uitvoering 23
Pagina 24
Opslag
❑Alle reclame-inserts zijn uit de laden verwijderd. ❑Werking van het Touch & Swipe-display is bekend. (zie 4 Werking van het Touch & Swipe-display)
Apparaat via het Touch & Swipe-display inschakelen:
- Als het scherm in de slaapstand staat: Display kort aanraken.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
Fig. 75 Voorbeeld ▷ De statusweergave verschijnt.
▷ Apparaat koelt af tot de in de fabriek ingestelde doeltemperatuur.
▷ Apparaat start in de demomodus (statusweergave met DEMO verschijnt): Als het apparaat in de demomodus start, kunt u de demomodus binnen de volgende 5 minuten deactiveren. (zie Demomodus)
Meer informatie:
- IceMaker in gebruik nemen. (zie 5.2 IceMaker in gebruik nemen) - SmartDevice in gebruik nemen. (zie 2.3 SmartDevice) en (zie WLAN)
Aanwijzing
De fabrikant adviseert het volgende:
- Levensmiddelen plaatsen: ca. 6 uur wachten tot de ingestelde temperatuur is bereikt.
- Diepvriesproducten bij -18 °C of kouder in de diepvriezer leggen.
- Bewaarinstructies in acht nemen. (zie 6.1 Instructies voor opslag)
Aanwijzing
Toebehoren zijn verkrijgbaar in de Liebherr-Hausgeräte-shop op go.liebherr.com/47wtc4.
5.2 IceMaker in gebruik nemen
Als uw apparaat is uitgerust met een IceMaker moet u voor het eerste gebruik de IceMaker reinigen.
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Er is een wateraansluiting tot stand gebracht. Zie Installation Guide of montagehandleiding.
❑Het apparaat is volledig ingebouwd en aangesloten.
- IceMaker reinigen. (zie 10.8.4 IceMaker reinigen)
6 Opslag
6.1 Instructies voor opslag
WAARSCHUWING
Brandgevaar door elektrische apparaten!
Als u elektrische apparaten in het levensmiddelengedeelte van uw apparaat gebruikt, kunnen ze brand veroorzaken.
- Gebruik geen elektrische apparaten in het levensmiddelengedeelte van het apparaat, tenzij ze door de fabrikant worden aanbevolen.
Aanwijzing
Het energieverbruik stijgt en het koelvermogen neemt af als de ontluchting niet toereikende is.
- Houd de luchtopening altijd vrij.
De volgende bewaarvoorschriften in acht nemen:
- Luchtspleten bij de ventilator vrijhouden.
- In het vriesgedeelte: Levensmiddelen goed verpakken.
- Levensmiddelen die gemakkelijk geur of smaak aannemen of afgeven, in gesloten containers verpakken of afdekken.
- Vloeistoffen in gesloten houders bewaren.
- Levensmiddelen met tussenafstand bewaren zodat de lucht goed kan circuleren.
- Levensmiddelen overeenkomstig de aanwijzingen op de verpakking bewaren.
- Altijd de op de verpakking vermelde minimale houdbaarheidsdatum in acht nemen.
Aanwijzing
Het niet opvolgen van deze gegevens kan leiden tot bederf van levensmiddelen.
6.2 Koelgedeelte
Door de luchtcirculatie in het apparaat kunnen verschillende temperatuurzones worden ingesteld. U vindt de verschillende temperatuurzones in het apparaat- en uitrustingsoverzicht. (zie 2.2 Apparaat- en uitrustingsoverzicht)
6.2.1 Levensmiddelen sorteren
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel en schade door verkeerd geclassificeerde levensmiddelen of voorwerpen!
Als u levensmiddelen of voorwerpen op de onderste glasplaat plaatst, kan de deur niet goed sluiten. Daarbij kan het deurrek breken, levensmiddelen of voorwerpen eruit vallen en verwondingen veroorzaken.
- Houd het voorste gedeelte van de onderste glasplaat vrij.
24 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 25
Opslag
1
Fig. 76 Voorbeeldweergave
- (1) Voorste gedeelte
- Bovenste gedeelte en deur: Boter, kaas, conserven en tubes bewaren.
- Koudste temperatuurzone: Licht bederfelijke levensmiddelen zoals kant-en-klare maaltijden bewaren.
6.3 BioFresh
BioFresh verlengt bij sommige verse levensmiddelen de versheid in vergelijking met gebruikelijke koelmethodes.
Aanwijzing
Als de temperatuur onder 0 °C daalt, kunnen levensmiddelen bevriezen.
- Groenten die gevoelig zijn voor kou, zoals komkommer, aubergine, courgette en zuidvruchten, moeten in het koelgedeelte worden bewaard.
6.3.1 Fruit & Vegetable-safe
Hier wordt een bewaarklimaat rond 0 °C ingesteld. Het vakdeksel zorgt voor een constante luchtvochtigheid. Dit klimaat is geschikt voor het bewaren van onverpakte levensmiddelen met een hoog vochtgehalte (bijv. sla, groenten, fruit).
De luchtvochtigheid in het vak is afhankelijk van het vochtgehalte van de bewaarde producten en hoe vaak het vak wordt geopend. U kunt de luchtvochtigheid regelen.
Levensmiddelen sorteren
- Onverpakte groenten en fruit bewaren. Als de luchtvochtigheid te hoog is:
- Luchtvochtigheid regelen.
6.3.2 Meat & Dairy-safe
Hier wordt een bewaarklimaat rond 0 °C ingesteld. Dit klimaat is geschikt voor gevoelige levensmiddelen (bijv. zuivelproducten, vlees, vis, worst).
Levensmiddelen sorteren
- Droge of verpakte levensmiddelen bewaren.
6.4 Vriesgedeelte
Hier heerst bij -18 °C een droog, ijskoud klimaat. Een ijskoud klimaat is geschikt voor het bewaren van diepvriesproducten gedurende meerdere maanden, voor het maken van ijsblokjes en voor het invriezen van verse levensmiddelen.
6.4.1 Levensmiddelen invriezen
Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen
U kunt binnen 24 uur maximaal zoveel verse levensmiddelen invriezen als op het typeplaatje (zie 11.5 Typeplaatje) onder "Invriescapaciteit ... kg/24h" wordt aangegeven.
Houd u aan de volgende hoeveelheden per verpakking zodat de levensmiddelen snel tot de kern bevriezen:
- Groenten en fruit tot 1 kg - Vlees tot 2,5 kg
Levensmiddelen invriezen met SuperFrost
Afhankelijk van de vrieshoeveelheid kunt u voor het invriezen SuperFrost activeren om lagere vriestemperaturen te verkrijgen. (zie SuperFrost)
- SuperFrost activeren als de hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen groter dan ca. 2 kg is.
Het tijdstip waarop u SuperFrost activeert is afhankelijk van de hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:
| Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Tijdstip voor activering van SuperFrost |
| Kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | SuperFrost ongeveer 6 uur vóór het invriezen activeren. Zodra het apparaat SuperFrost automatisch deactiveert, kunt u het voedsel opnieuw sorteren. |
| Maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | SuperFrost ongeveer 24 uur vóór het invriezen activeren. Zodra het apparaat SuperFrost automatisch deactiveert, kunt u het voedsel opnieuw sorteren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
Levensmiddelen sorteren
VOORZICHTIG
Risico van letsel door glasscherven!
Flessen en blikjes dranken kunnen barsten tijdens het invriezen. Dit geldt met name voor koolzuurhoudende dranken.
| ► Flessen en blikjes met dranken alleen invriezen als u de BottleTimer-functie in de SmartDevice-app hebt geactiveerd. | |
| Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Levensmiddelen sorteren |
| Kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Verpakte levensmiddelen over alle lades verdelen. Levensmiddelen indien mogelijk achter in de lade tegen de achterzijde leggen. |
| Maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Verpakte levensmiddelen over alle lades verdelen. Levensmiddelen indien mogelijk achter in de lade tegen de achterzijde leggen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
6.4.2 Levensmiddelen ontdooien
WAARSCHUWING
Gevaar voor voedselvergiftiging!
- Ontdooide levensmiddelen nooit weer terug invriezen.
- Verwerk ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk.
* afhankelijk van model en uitvoering 25