Liebherr ICBNcx 5173, tekst van de handleiding
Pagina's 24–38 van 68 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 6–23verder op pagina 39 →
Pagina 24
Opslag
5.2.1 Watersysteem ontluchten
- Apparaatdeur openen.
- Drinkglas tegen het onderste deel van de InfinitySpringdispenser drukken.
▷ Bovenste deel beweegt eruit en lucht stroomt eruit of water stroomt in het glas.
- Proces voortzetten tot het water als een gelijkmatige straal in het glas stroomt.
▷ Het watersysteem is ontlucht.
5.2.2 InfinitySpring reinigen
(zie 10.10.5 InfinitySpring reinigen)
5.3 IceMaker in gebruik nemen*
Als uw apparaat is uitgerust met een IceMaker moet u voor het eerste gebruik de IceMaker reinigen.
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Er is een wateraansluiting tot stand gebracht. Zie Installation Guide of montagehandleiding.
❑Het apparaat is volledig ingebouwd en aangesloten.
- IceMaker reinigen. (zie 10.10.7 IceMaker reinigen*)
5.4 HydroBreeze in gebruik nemen
Als uw apparaat is uitgerust met een HydroBreeze moet u voor het eerste gebruik de HydroBreeze reinigen.
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Het apparaat is volledig ingebouwd en aangesloten.
- HydroBreeze reinigen. (zie 10.10.6 HydroBreeze reinigen)
- Waterreservoir vullen. (zie 9.8.1 Waterreservoir vullen)
- HydroBreeze activeren. (zie HydroBreeze)
6 Opslag
6.1 Instructies voor opslag
WAARSCHUWING
Brandgevaar door elektrische apparaten!
Als u elektrische apparaten in het levensmiddelengedeelte van uw apparaat gebruikt, kunnen ze brand veroorzaken.
- Gebruik geen elektrische apparaten in het levensmiddelengedeelte van het apparaat, tenzij ze door de fabrikant worden aanbevolen.
Aanwijzing
Het energieverbruik stijgt en het koelvermogen neemt af als de ontluchting niet toereikende is.
- Houd de luchtopening altijd vrij.
De volgende bewaarvoorschriften in acht nemen:
- Luchtspleten bij de ventilator vrijhouden.*
- In het vriesgedeelte: Levensmiddelen goed verpakken.
- Levensmiddelen die gemakkelijk geur of smaak aannemen of afgeven, in gesloten containers verpakken of afdekken.
- Vloeistoffen in gesloten houders bewaren.
- Levensmiddelen met tussenafstand bewaren zodat de lucht goed kan circuleren.
- Levensmiddelen overeenkomstig de aanwijzingen op de verpakking bewaren.
- Altijd de op de verpakking vermelde minimale houdbaarheidsdatum in acht nemen.
Aanwijzing
Het niet opvolgen van deze gegevens kan leiden tot bederf van levensmiddelen.
| Temperatuurzone | Voedsel |
|---|---|
| VarioTempZone | Voedsel volgens de ingestelde temperatuur bewaren. Liebherr adviseert om levensmiddelen te bewaren in de Vario-TempZone: |
| Temperatuur‐ Voedsel bereik | |
| 4 °C tot 5 °C reeds bereid voedsel, kaas, conserven | |
| 0 °C verpakt fruit en verpakte groenten | |
| -2 °C verse vis en zeevruchten | |
| -18 °C zie diepvriesgedeelte |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
Overzicht VarioTempZone
6.2 Koelgedeelte
Door de luchtcirculatie in het apparaat kunnen verschillende temperatuurzones worden ingesteld. U vindt de verschillende temperatuurzones in het apparaat- en uitrustingsoverzicht. (zie 2.2 Apparaat- en uitrustingsoverzicht)
6.2.1 Levensmiddelen sorteren
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel en schade door verkeerd geclassificeerde levensmiddelen of voorwerpen!
Als u levensmiddelen of voorwerpen op de onderste glasplaat plaatst, kan de deur niet goed sluiten. Daarbij kan het deurrek breken, levensmiddelen of voorwerpen eruit vallen en verwondingen veroorzaken.
- Houd het voorste gedeelte van de onderste glasplaat vrij.
1
Fig. 74 Voorbeeldweergave
- (1) Voorste gedeelte
- Bovenste gedeelte en deur: Boter, kaas, conserven en tubes bewaren.
- Koudste temperatuurzone: Licht bederfelijke levensmiddelen zoals kant-en-klare maaltijden bewaren.*
6.3 BioFresh
BioFresh verlengt bij sommige verse levensmiddelen de versheid in vergelijking met gebruikelijke koelmethodes.
24 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 25
Opslag
| Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Tijdstip voor activering van SuperFrost | |
| Aanwijzing Als de temperatuur onder 0 °C daalt, kunnen levensmiddelen bevriezen. ► Groenten die gevoelig zijn voor kou, zoals komkommer, aubergine, courgette en zuidvruchten, moeten in het koelgedeelte worden bewaard. | ||
| Maximale hoeveelheid in te vriezen | SuperFrost ongeveer 24 uur vóór het invriezen activeren. | |
| 6.3.1 Fruit & Vegetable-safe Hier wordt een bewaarklimaat rond 0 °C ingesteld. Het | levensmiddelen | Zodra het apparaat SuperFrost automatisch deactiveert, kunt u het voedsel opnieuw sorteren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
vakdeksel zorgt voor een constante luchtvochtigheid. Dit Levensmiddelen sorteren klimaat is geschikt voor het bewaren van onverpakte levensmiddelen met een hoog vochtgehalte (bijv. sla, groenten, fruit). VOORZICHTIG
De luchtvochtigheid in het vak is afhankelijk van het vocht‐ Risico van letsel door glasscherven!
gehalte van de bewaarde producten en hoe vaak het vak Flessen en blikjes dranken kunnen barsten tijdens het wordt geopend. U kunt de luchtvochtigheid regelen. invriezen. Dit geldt met name voor koolzuurhoudende dranken.
Levensmiddelen sorteren
- Onverpakte groenten en fruit bewaren.
Als de luchtvochtigheid te hoog is:
- Luchtvochtigheid regelen.
6.3.2 Meat & Dairy-safe
Levensmiddelen sorteren
- Droge of verpakte levensmiddelen bewaren.
| ► Flessen en blikjes met dranken alleen invriezen als u de BottleTimer-functie in de SmartDevice-app hebt geactiveerd. | |
| Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Levensmiddelen sorteren |
| Kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Verpakte levensmiddelen over alle lades verdelen. Levensmiddelen indien mogelijk achter in de lade tegen de achterzijde leggen. |
| Maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Verpakte levensmiddelen over alle lades verdelen. Levensmiddelen indien mogelijk achter in de lade tegen de achterzijde leggen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
6.4 Vriesgedeelte
Hier heerst bij -18 °C een droog, ijskoud klimaat. Een ijskoud klimaat is geschikt voor het bewaren van diepvriesproducten gedurende meerdere maanden, voor het maken van ijsblokjes en voor het invriezen van verse levensmiddelen.
6.4.1 Levensmiddelen invriezen
Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen
U kunt binnen 24 uur maximaal zoveel verse levensmiddelen invriezen als op het typeplaatje (zie 11.5 Typeplaatje) onder "Invriescapaciteit ... kg/24h" wordt aangegeven.
Houd u aan de volgende hoeveelheden per verpakking zodat de levensmiddelen snel tot de kern bevriezen:
- Groenten en fruit tot 1 kg - Vlees tot 2,5 kg
Levensmiddelen invriezen met SuperFrost
Afhankelijk van de vrieshoeveelheid kunt u voor het invriezen SuperFrost activeren om lagere vriestemperaturen te verkrijgen. (zie SuperFrost)
- SuperFrost activeren als de hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen groter dan ca. 1 kg is.*
- SuperFrost activeren als de hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen groter dan ca. 2 kg is.*
Het tijdstip waarop u SuperFrost activeert is afhankelijk van de hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:
| Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Tijdstip voor activering van SuperFrost |
| Kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | SuperFrost ongeveer 6 uur vóór het invriezen activeren. Zodra het apparaat SuperFrost automatisch deactiveert, kunt u het voedsel opnieuw sorteren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
6.4.2 Levensmiddelen ontdooien
WAARSCHUWING
Gevaar voor voedselvergiftiging!
- Ontdooide levensmiddelen nooit weer terug invriezen.
- Verwerk ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk.
U kunt levensmiddelen op verschillende manieren ontdooien:
- In het koelgedeelte - In de magnetron - In de oven/heteluchtoven - Bij kamertemperatuur
- Slechts zoveel levensmiddelen verwijderen als nodig is.
6.5 Opslagtijden
De aangegeven opslagtijden zijn richtwaarden.
Bij levensmiddelen met gegevens over de minimale houdbaarheid geldt altijd de op de verpakking aangegeven datum.
6.5.1 Koelgedeelte
De minimale houdbaarheidsdatum op de verpakking is van toepassing.
* afhankelijk van model en uitvoering 25
Pagina 26
Energie sparen
6.5.2 BioFresh
| Richtwaarden voor de opslagduur in Meat & Dairy-Safe | ||
| boter | bij 1 °C | tot 90 dagen |
| harde kaas | bij 1 °C | tot 110 dagen |
| melk | bij 1 °C | tot 12 dagen |
| worst, beleg | bij 1 °C | tot 8 dagen |
| gevogelte | bij 1 °C | tot 6 dagen |
| varkensvlees | bij 1 °C | tot 6 dagen |
| rundvlees | bij 1 °C | tot 6 dagen |
| wild | bij 1 °C | tot 6 dagen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Aanwijzing
- Let op: eiwitrijkere levensmiddelen bederven sneller. d.w.z. schaaldieren bederven sneller dan vis en vis sneller dan vlees.
| Richtwaarden voor de opslagduur in Fruit & Vegetable-Safe | ||
| groenten, salade | ||
| artisjokken | bij 1 °C | tot 14 dagen |
| selderij | bij 1 °C | tot 28 dagen |
| bloemkool | bij 1 °C | tot 21 dagen |
| Broccoli | bij 1 °C | tot 13 dagen |
| chicorée | bij 1 °C | tot 27 dagen |
| veldsla | bij 1 °C | tot 19 dagen |
| erwten | bij 1 °C | tot 14 dagen |
| boerenkool | bij 1 °C | tot 14 dagen |
| wortels | bij 1 °C | tot 80 dagen |
| knoflook | bij 1 °C | tot 160 dagen |
| koolrabi | bij 1 °C | tot 14 dagen |
| kropsla | bij 1 °C | tot 13 dagen |
| kruiden | bij 1 °C | tot 13 dagen |
| prei | bij 1 °C | tot 29 dagen |
| champignons | bij 1 °C | tot 7 dagen |
| radijsjes | bij 1 °C | tot 10 dagen |
| spruitjes | bij 1 °C | tot 20 dagen |
| asperge | bij 1 °C | tot 18 dagen |
| spinazie | bij 1 °C | tot 13 dagen |
| savooiekool | bij 1 °C | tot 20 dagen |
| Fruit | ||
| abrikozen | bij 1 °C | tot 13 dagen |
| appels | bij 1 °C | tot 80 dagen |
| peren | bij 1 °C | tot 55 dagen |
| braambessen | bij 1 °C | tot 3 dagen |
| dadels | bij 1 °C | tot 180 dagen |
| aardbeien | bij 1 °C | tot 7 dagen |
| vijgen | bij 1 °C | tot 7 dagen |
| blauwe bosbessen | bij 1 °C | tot 9 dagen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
| Richtwaarden voor de opslagduur in Fruit & Vegetable-Safe | ||
| frambozen | bij 1 °C | tot 3 dagen |
| rode bessen | bij 1 °C | tot 7 dagen |
| kersen, zoet | bij 1 °C | tot 14 dagen |
| kiwi | bij 1 °C | tot 80 dagen |
| perziken | bij 1 °C | tot 13 dagen |
| pruimen | bij 1 °C | tot 20 dagen |
| vossenbessen | bij 1 °C | tot 60 dagen |
| rabarber | bij 1 °C | tot 13 dagen |
| kruisbessen | bij 1 °C | tot 13 dagen |
| druiven | bij 1 °C | tot 29 dagen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
6.5.3 Vriesgedeelte
| Richtwaarden voor de opslagduur levensmiddelen | van verschillende | ||
| IJs | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Worst, ham | bij -18 | °C | 2 tot 3 maanden |
| Brood, bakkerijproducten | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Wild, varken | bij -18 | °C | 6 tot 9 maanden |
| Vis, vet | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Vis, mager | bij -18 | °C | 6 tot 8 maanden |
| Kaas | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Gevogelte, rundvlees | bij -18 | °C | 6 tot 12 maanden |
| Groente, fruit | bij -18 | °C | 6 tot 12 maanden |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
7 Energie sparen
- Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieopeningen resp. -roosters niet af.
- Houd de ventilatieluchtopeningen altijd vrij.
- Installeer het apparaat niet in direct zonlicht of naast een verwarming of iets dergelijks.
- Als u het apparaat direct naast een oven installeert, kan het energieverbruik iets toenemen. Dit is afhankelijk van de duur en intensiteit van het gebruik van de oven.
- Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsingsomstandigheden zoals bijv. de omgevingstemperatuur . Bij een warmere omgevingstemperatuur kan het energieverbruik toenemen.
- Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk.
- Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger het energieverbruik.
- Levensmiddelen gesorteerd rangschikken: home.liebherr.com/food.
- Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren.
Condensvorming wordt voorkomen.
- Levensmiddelen zolang als nodig eruit halen, zodat ze niet te warm worden.
- Warme gerechten plaatsen: eerst tot op kamertemperatuur laten afkoelen.
- Diepvriesproducten in de koelruimte ontdooien.
- Bij langere vakantieperioden de HolidayMode gebruiken (zie HolidayMode) gebruiken.
26 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 27
Bediening
8 Bediening
8.1 Bedienings- en weergave-elementen
8.1.1 Statusindicatie
De statusindicatie toont de werkelijke temperatuur en is de uitgangsindicatie. Van daaruit gebeurt de navigatie naar de functies en instellingen.
8.1.2 Symbolen
De symbolen geven informatie over de actuele staat van het apparaat.
Symbool
Toestand van het apparaat
Stand-by
Apparaat of temperatuurzone is uitgeschakeld.
Knipperend cijfer
Apparaat werkt. Temperatuur knippert tot de ingestelde waarde is bereikt.
Knipperend symbool
Apparaat werkt. Instelling wordt uitgevoerd.
8.2 Apparaatfuncties
8.2.1 Opmerkingen over de functies van het apparaat
De apparaatfuncties zijn af fabriek zo ingesteld dat uw apparaat volledig functioneel is.
Voordat u de functies van het apparaat wijzigt, activeert of deactiveert, controleert u of aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑U hebt de beschrijvingen over de werking van het display gelezen en begrepen. (zie 4 Werking van het Touch & Swipe-display) ❑U hebt kennisgemaakt met de bedienings- en weergave-elementen van uw apparaat.
Apparaat uit- en inschakelen
Gebruik deze functie om het hele apparaat uit en in te schakelen.
Apparaat uitschakelen
Als u het apparaat uitschakelt, blijven de eerder aangebrachte instellingen opgeslagen.
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑Instructies (zie 12 Buiten bedrijf stellen) zijn uitgevoerd.
Fig. 75
Fig. 76
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Apparaat is uitgeschakeld.
▷ Stand-bysymbool verschijnt op het display. ▷ Display wordt zwart.
Apparaat inschakelen
Als het display zich in sluimermodus bevindt:
- Display kort aanraken.
Fig. 77 Voorbeeldweergave
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
Wanneer het apparaat opstart in demomodus:
- Demomodus deactiveren. (zie Demomodus deactiveren) ▷ Apparaat is ingeschakeld.
▷ Eerder aangebrachte instellingen zijn hersteld.
▷ Apparaat koelt tot de ingestelde doeltemperatuur.
Temperatuurzone uit- en inschakelen
U kunt afzonderlijke temperatuurzones van het apparaat gescheiden van elkaar uitschakelen.
Koelgedeelte uitschakelen
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑Koelgedeelte is leeggemaakt.
❑InfinitySpring-watertank is leeg.
Fig. 78 Voorbeeld
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
* afhankelijk van model en uitvoering 27
Pagina 28
Bediening
▷ Koelgedeelte is uitgeschakeld.
Koelgedeelte inschakelen
Fig. 79 Voorbeeld
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Koelgedeelte is ingeschakeld.
▷ Apparaat koelt af tot de laatst ingestelde temperatuur.
Temperatuur
Met deze functie stelt u de temperatuur in.
De temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:
- Hoe vaak de deur wordt geopend - Hoe lang de deur geopend blijft - Kamertemperatuur van de plaats van opstelling - Type, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelen
| Temperatuurzone | In de fabriek ingestelde temperatuur | Aanbevolen instelling |
| Koelgedeelte | 5 °C | 4 °C |
| Vriesgedeelte | -18 °C | -18 °C |
| 0 °C* | B-Value (zie BioFresh B-Value ) * |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)
Temperatuur in het koelgedeelte instellen
Fig. 80 Voorbeeldweergave
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Temperatuur is ingesteld.
Temperatuur in het vriesgedeelte instellen
Fig. 81
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Temperatuur is ingesteld.
Temperatuur in de BioFresh instellen*
U kunt de temperatuur instellen met de BioFresh B-Value. (zie BioFresh B-Value )
BioFresh B-Value
Met deze functie stelt u de BioFresh B-Value in. Met de BioFresh B-Value kunt u BioFresh iets warmer of kouder instellen, als dit vanwege hogere of lagere omgevingstemperatuur nodig is. De BioFresh B-Value is bij uitlevering op de waarde B5 ingesteld. Als u de B-Value verandert, moet u de volgende tabel in acht nemen:
| Waarde* | Beschrijving* |
|---|---|
| B1 | laagste temperatuur |
| B1-B4 | De temperatuur kan onder 0 °C dalen, waardoor de levensmiddelen snel kunnen bevriezen.* |
| B5 | vooraf ingestelde temperatuur |
| B9 | hoogste temperatuur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)
BioFresh B-Value instellen
Fig. 82 *
Fig. 84 Voorbeeldweergave: Van B5 naar B6 schakelen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ BioFresh B-Value is ingesteld.
28 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 29
Bediening
D-Value
Met deze functie stelt u de D-Value in.*
De D-Value geeft aan of u uw koelgedeelte met droge achterwand of zonder droge achterwand wilt gebruiken. De achterwand is bij levering in het apparaat gemonteerd. De D-Value is op D1 vooraf ingesteld.*
U kunt de achterwand voor reiniging verwijderen.
(zie 10.10.3 Droog achterpaneel reinigen*) Om het apparaat zonder achterwand te gebruiken, moet u de D-Value op D2 instellen.*
Aanwijzing
Het opgegeven energieverbruik is vastgesteld zonder droge achterwand. Het apparaat is met een droge achterwand volledig werkend, maar heeft een iets hoger energieverbruik.*
Liebherr adviseert:
- Apparaat met droge achterwand gebruiken om een zichtbaar condensaat en het vastvriezen van de producten te vermijden.
De D-Value is voor uw apparaat vooraf ingesteld en mag niet worden gewijzigd.*
D-Value instellen*
Fig. 85
Fig. 87 Voorbeeldweergave: Van D1 naar D2 schakelen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ D-Value is ingesteld.
SuperCool
Met deze functie activeer of deactiveert u SuperCool. Als u SuperCool activeert, versterkt het apparaat het koelvermogen. Hierdoor kunt u lagere koeltemperaturen bereiken. U kunt SuperCool activeren, als u grote hoeveelheden levensmiddelen snel wilt gaan afkoelen.
De temperatuur in de VarioTempZone blijft zoals vooraf ingesteld. De actieve functie SuperCool heeft geen effect op de VarioTempZone.
Als de functie actief is, werkt het apparaat met een hoger vermogen. Hierdoor kunnen bedrijfsgeluiden van het apparaat tijdelijk luider zijn en kan het energieverbruik toenemen.
SuperCool activeren
Tijdstip voor activering van de functie:
- Als u verse levensmiddelen in het koeldeel wilt bewaren: Functie bij het plaatsen van de levensmiddelen activeren.
Fig. 88
Fig. 89
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
-of-
- Met de SmartDevice-app activeren.
▷ SuperCool is geactiveerd.
▷ Temperatuurweergave wordt blauw.
SuperCool deactiveren
SuperCool wordt automatisch gedeactiveerd na 18 uur. U kunt SuperCool echter ook te allen tijde handmatig deactiveren:
Fig. 90
Fig. 91
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
-of-
- Met de SmartDevice-app deactiveren.
▷ SuperCool is gedeactiveerd.
▷ Apparaat blijft in normale modus werken.
▷ Apparaat koelt af tot de eerder ingestelde temperatuur.
VarioTemp
Met deze functie kunt u het vriesgedeelte als extra koelzone gebruiken. U kunt de temperatuur instellen van -2 °C tot 14 °C. Als u deze functie activeert, kunnen luidere apparaatgeluiden ontstaan. Het apparaat functioneert echter volledig.
Liebherr adviseert voor de opslag van levensmiddelen in het vriesgedeelte bij geactiveerde functie VarioTemp:
| Temperatuurbereik | Levensmiddelen |
|---|---|
| 4 °C tot 9 °C | Reeds bereide maaltijden, kaas, conserven |
| 0 °C | Verpakte groente en fruit |
| -2 °C | Verse vis en zeevruchten |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
* afhankelijk van model en uitvoering 29
Pagina 30
Bediening
| Fig. 94 Voorbeeldweergave: VarioTemp wijzigen van 12 °C | |
| Temperatuurbe‐ Levensmiddelen reik | |
| 10 °C tot 14 °C Koudegevoelige levensmiddelen zoals zoete aardappel, pompoen of zuidvruchten, levensmiddelen of dranken die bij consumptie niet te koud mogen zijn | |
| VarioTemp activeren Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑IceMaker is gereinigd. (zie 10.10.7 IceMaker reinigen*) * | |
| WAARSCHUWING Gevaar voor voedselvergiftiging! ► Ontdooide levensmiddelen nooit weer terug invriezen. ► Verwerk ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk. | |
| Fig. 92 | naar 5 °C voor een koel-vriescombinatie met EasyFresh.* ► Handelingen volgens afbeelding uitvoeren. ▷ VarioTemp is gewijzigd. ▷ In de statusweergave wordt de nieuwe ingestelde temperatuur pas weergegeven, zodra deze is bereikt. VarioTemp deactiveren |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)
Fig. 95
Fig. 93
- Handelingen volgens afbeelding uitvoeren.
▷ VarioTemp is geactiveerd.
▷ IceMaker is gedeactiveerd.* ▷ VarioTemp wordt ingesteld op de vooraf ingestelde waarde.
▷ In de statusweergave wordt de vooraf ingestelde temperatuur pas weergegeven, zodra deze is bereikt.
VarioTemp wijzigen
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑VarioTemp is geactiveerd. (zie VarioTemp activeren)
Fig. 96
- Handelingen volgens afbeelding uitvoeren.
▷ VarioTemp is gedeactiveerd.
▷ Vriesgedeelte wordt tot vooraf ingestelde temperatuur gekoeld.
SuperFrost
WAARSCHUWING
Gevaar voor voedselvergiftiging!
- Ontdooide levensmiddelen nooit weer terug invriezen.
- Verwerk ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk.
Met deze functie activeer of deactiveert u SuperFrost. Als u de SuperFrost activeert, versterkt het apparaat het vriesvermogen. Hierdoor kunt u lagere vriestemperaturen bereiken.
Toepassing:
- Vries vers voedsel snel in tot op de kern.
Dit zorgt ervoor dat de voedingswaarde, het uiterlijk en de smaak van het voedsel behouden blijven.
- Verhoog de koude reserve in opgeslagen bevroren voedsel voordat u het apparaat ontdooit.
De temperatuur in de VarioTempZone wordt beïnvloed door het activeren van de functie SuperFrost zolang de Vario-TempZone tussen -12 °C en -18 °C is ingesteld. Als de temperatuur van de VarioTempZone binnen dit temperatuurbereik ligt, wordt de functie SuperFrost geactiveerd voor VarioTempZone. Als de temperatuur hoger is dan -12 °C is ingesteld, wordt de VarioTempZone niet beïnvloed door SuperFrost.
30 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 31
Als de functie actief is, werkt het apparaat met een hoger vermogen. Hierdoor kunnen bedrijfsgeluiden van het apparaat tijdelijk luider zijn en kan het energieverbruik toenemen.
Als de deur te lang openstaat, bijvoorbeeld omdat u levensmiddelen wilt opbergen, controleert het apparaat automatisch of de werkelijke temperatuur in het apparaat overeenkomt met de ingestelde temperatuur in het apparaat. Als het verschil een bepaalde waarde overschrijdt, koelt het apparaat automatisch meer. Als gevolg hiervan kan de temperatuur die op het display wordt weergegeven hoger zijn dan de werkelijke temperatuur in het apparaat. Dit is normaal en uw apparaat zal correct werken.*
SuperFrost activeren
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Er wordt met de invrieshoeveelheid en het tijdstip voor activering van SuperFrost rekening gehouden. (zie Levensmiddelen invriezen met SuperFrost) ❑VarioTemp is gedeactiveerd. (zie VarioTemp)
Fig. 97
Fig. 98
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
-of-
- Met de SmartDevice-app activeren.
▷ SuperFrost is geactiveerd.
▷ Temperatuurweergave wordt blauw.
SuperFrost deactiveren
SuperFrost wordt afhankelijk van de hoeveelheid geplaatste levensmiddelen na 56 tot 72 uur automatisch gedeactiveerd. U kunt SuperFrost echter ook te allen tijde handmatig deactiveren:
Fig. 99
Fig. 100
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
-of-
- Met de SmartDevice-app deactiveren.
▷ SuperFrost is gedeactiveerd.
▷ Apparaat blijft in normale modus werken.
▷ Apparaat koelt af tot de eerder ingestelde temperatuur.
Bediening
PartyMode
Met deze functie activeer of deactiveert u de PartyMode. De PartyMode activeert verschillende functies die voor een party handig zijn.
PartyMode activeert de volgende functies:
- SuperCool (zie SuperCool) - SuperFrost (zie SuperFrost) - IceMaker met MaxIce (zie IceMaker / MaxIce *) *
U kunt alle opgeroepen functies afzonderlijk en flexibel instellen. Als u de PartyMode deactiveert, worden alle wijzigingen ongedaan gemaakt.
Als de functie actief is, werkt het apparaat met een hoger vermogen. Hierdoor kunnen bedrijfsgeluiden van het apparaat tijdelijk luider zijn en kan het energieverbruik toenemen.
PartyMode activeren
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑IceMaker is in bedrijf genomen. (zie 5.3 IceMaker in gebruik nemen*) *
Fig. 101
Fig. 102
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ PartyMode en de bijbehorende functies zijn geactiveerd. ▷ Temperatuurweergave wordt blauw.
▷ Actuele temperatuur knippert tot de doeltemperatuur is bereikt.
PartyMode deactiveren
De PartyMode wordt automatisch gedeactiveerd na 24 uur. U kunt de PartyMode echter ook op elk moment handmatig deactiveren:
Fig. 103
Fig. 104
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ PartyMode is gedeactiveerd.
▷ Apparaat koelt af tot de eerder ingestelde temperatuur: Actuele temperatuur knippert tot de doeltemperatuur is bereikt.
* afhankelijk van model en uitvoering 31
Pagina 32
Bediening
HolidayMode
Met deze functie activeer of deactiveert u de HolidayMode. Als u HolidayMode activeert, wordt het koelgedeelte ingesteld op 15 °C ingesteld. Dit bespaart energie tijdens een langere afwezigheid en voorkomt nare geurtjes en schimmelgroei.
Apparaatstatus bij actieve HolidayMode
Koelgedeelte koelt af tot 15 °C.
BioFresh koelt tot 15 °C.
De ingestelde temperatuur wordt gehandhaafd in het vriesgedeelte.
PartyMode is gedeactiveerd.
SuperCool is gedeactiveerd.
HolidayMode activeren
- Koelgedeelte volledig leegmaken.
- BioFresh volledig leegmaken.
Fig. 105
Fig. 106
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ HolidayMode is geactiveerd.
▷ Temperatuurindicatie wordt blauw en toont het symbool HolidayMode.
HolidayMode deactiveren
Fig. 107
Fig. 108
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ HolidayMode is gedeactiveerd.
▷ Apparaat koelt af tot de eerder ingestelde temperatuur.
SabbathMode
Met deze functie activeer of deactiveert u de SabbathMode. Als u deze functie activeert, worden sommige elektronische functies uitgeschakeld. Dit betekent dat uw apparaat voldoet aan de religieuze vereisten op Joodse feestdagen zoals Sabbat en voldoet aan de STAR-K Kosher certificering.
Apparaatstatus bij actieve SabbathMode
De statusweergave geeft continu SabbathMode weer.
Alle functies op het display, behalve de functie SabbathMode deactiveren, zijn vergrendeld.
Actieve functies blijven actief.
Het display blijft helder, als u de deur sluit.
De binnenverlichting is gedeactiveerd.
Herinneringen worden niet uitgevoerd. De ingestelde tijdinterval wordt gestopt.
Herinneringen en waarschuwingen worden niet uitgevoerd.
Er is geen deuralarm.
Er is geen temperatuuralarm.
De IceMaker is buiten bedrijf.*
De InfinitySpring is buiten bedrijf.
De ontdooi-cyclus werkt alleen conform de vooraf ingevoerde tijd zonder dat het gebruik van het apparaat in acht wordt genomen.
Na een stroomonderbreking keert het apparaat terug naar SabbathMode.
Apparaatstatus
Aanwijzing
Dit apparaat is gecertificeerd door het „Institute for Science and Halacha”. (www.machonhalacha.co.il)
Een lijst met STAR-K-gecertificeerde apparaten vindt u op www.star-k.org/appliances.
SabbathMode activeren
WAARSCHUWING
Vergiftigingsgevaar door verdorven levensmiddelen! Als u de SabbathMode geactiveerd hebt en de stroom uitvalt, verschijnt er geen melding in de statusweergave over de stroomuitval. Als de stroomuitval voorbij is, werkt het apparaat verder in SabbathMode. Stroomuitval kan ertoe leiden dat levensmiddelen bederven. De consumptie ervan kan voedselvergiftiging veroorzaken.
Na een stroomuitval:
- Levensmiddelen die bevroren waren en ontdooid zijn niet meer consumeren.
Fig. 109
Fig. 110
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ SabbathMode is geactiveerd.
▷ Statusweergave geeft permanent SabbathMode weer.
SabbathMode deactiveren
De SabbathMode wordt automatisch gedeactiveerd na 80 uur. U kunt de SabbathMode echter ook op elk moment handmatig deactiveren:
32 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 33
Bediening
Fig. 111
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ SabbathMode is gedeactiveerd.
EnergySaver
Met deze functie activeert of deactiveert u de energiebesparingsmodus. Als u de energiebesparingsmodus activeert, daalt het energieverbruik en wordt de temperatuur in het apparaat hoger. De levensmiddelen blijven vers, maar de houdbaarheid wordt korter.
De temperatuur in de VarioTempZone blijft zoals vooraf ingesteld. De actieve functie EnergySaver heeft geen effect op de VarioTempZone.
| Temperatuurzone | Aanbevolen instelling (zie Temperatuur in het koelgedeelte instellen) | Temperatuur bij actieve EnergySaver |
| Koelgedeelte | 4 °C | 7 °C |
| Vriesgedeelte | -18 °C | -16 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
Temperaturen
EnergySaver activeren
Fig. 112
Fig. 113
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Energiebesparingsmodus is geactiveerd.
EnergySaver deactiveren
Fig. 114
Fig. 115
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Energiebesparingsmodus is gedeactiveerd.
HydroBreeze
Met deze functie activeer of deactiveert u HydroBreeze. Als u de functie activeert, genereert de HydroBreeze in de BioFresh-safe een fijne, koude nevel. Hierdoor verhoogt de houdbaarheid van onverpakte sla, groente en fruit met een hoge vochtgehalte.
Als u de functie activeert, wordt HydroBreeze elke 90 minuten gedurende 4 seconden bij een gesloten deur geactiveerd. Als u de deur opent, wordt HydroBreeze afhankelijk van de instelling geactiveerd:
| Waarde | Beschrijving |
|---|---|
| 1 | HydroBreeze is bij geopende deur 4 seconden lang actief. |
| 2 | HydroBreeze is bij geopende deur 6 seconden lang actief. |
| 3 | HydroBreeze is bij geopende deur 8 seconden lang actief. |
| gedeactiveerd (voorinstelling) | HydroBreeze is gedeactiveerd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
Duur van HydroBreeze bij een geopende deur
HydroBreeze activeren
Aanwijzing
Als u HydroBreeze activeert, maar geen levensmiddelen in de schuiflade bewaart, wordt op de bodem van de schuiflade condens gevormd.
- HydroBreeze uitsluitend activeren, als u levensmiddelen in de schuiflade wilt bewaren.
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑HydroBreeze is gereinigd. (zie 10.10.6 HydroBreeze reinigen) ❑Watertank is gevuld. (zie 9.8.1 Waterreservoir vullen)
U activeert HydroBreeze, door een waarde voor de duur van HydroBreeze te selecteren:
Fig. 116
Fig. 117 Voorbeeldweergave: HydroBreeze met waarde 3 activeren.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ HydroBreeze is geactiveerd.
* afhankelijk van model en uitvoering 33
Pagina 34
Bediening
HydroBreeze deactiveren
Fig. 118
Fig. 119
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ HydroBreeze is gedeactiveerd.
IceMaker / MaxIce *
Met de functie IceMaker activeert of deactiveert u de ijsblokjesproductie. Met de functie MaxIce verhoogt u de hoeveelheid ijsblokjes van de IceMaker. MaxIce wordt na 48 uur automatisch gedeactiveerd. U kunt MaxIce echter ook te allen tijde handmatig deactiveren: (zie MaxIce deactiveren)
| Meer informatie over de hoeveelheden ijsblokjes: | (zie 11.1 Technische gegevens) |
| Meer informatie over de IceMaker-watertoevoer: | (zie IceMaker-watertoevoer*) |
| Meer informatie over het reinigen van de IceMaker-leidingen: | (zie TubeClean *) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
Als de functie actief is, werkt het apparaat met een hoger vermogen. Hierdoor kunnen bedrijfsgeluiden van het apparaat tijdelijk luider zijn en kan het energieverbruik toenemen.
Als u de functie VarioTemp activeert, wordt de IceMaker automatisch gedeactiveerd. (zie VarioTemp)
IceMaker activeren
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Watertoevoer van de vaste wateraansluiting is gegarandeerd. Zie montagehandleiding.
❑IceMaker is in bedrijf genomen. (zie 9.10 IceMaker*)
Fig. 120
Fig. 121
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
-of-
- Met de SmartDevice-app activeren.
▷ IceMaker is geactiveerd. Het kan 24 uur duren tot de IceMaker de eerste ijsblokjes maakt.
IceMaker met MaxIce activeren
Als u de functie IceMaker niet eerder hebt geactiveerd, moet u ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Watertoevoer van de vaste wateraansluiting is gegarandeerd. Zie montagehandleiding.
❑IceMaker is in bedrijf genomen. (zie 9.10 IceMaker*)
Fig. 122
Fig. 123
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
-of-
- Met de SmartDevice-app activeren.
▷ IceMaker met MaxIce is geactiveerd.
Wissen tussen IceMaker en MaxIce
Als u IceMaker hebt geactiveerd en wilt overschakelen op MaxIce:
Fig. 124
34 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 35
Fig. 125
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ IceMaker met MaxIce is geactiveerd.
Als u MaxIce hebt geactiveerd en wilt overschakelen op IceMaker:
Fig. 126
Fig. 127
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ IceMaker is geactiveerd.
▷ MaxIce is gedeactiveerd.
IceMaker en MaxIce deactiveren
Fig. 128
Fig. 129 Voorbeeld met actieve functie IceMaker
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
-of-
- Met de SmartDevice-app deactiveren.
▷ IceMaker en MaxIce zijn gedeactiveerd.
▷ Lopende productie van ijsblokjes wordt afgesloten. ▷ IceMaker schakelt automatisch uit.
Bediening
MaxIce deactiveren
- IceMaker activeren. (zie IceMaker activeren) ▷ MaxIce is gedeactiveerd.
▷ IceMaker is geactiveerd.
▷ IceMaker en MaxIce deactiveren: (zie IceMaker en MaxIce deactiveren)
IceMaker-watertoevoer*
Met deze functie stelt u de watertoevoer in. De watertoevoer regelt de toevoerhoeveelheid van het water. U kunt de watertoevoer wijzigen als de watertoevoer niet bij de waterdruk en de uitgeworpen ijsblokjesgrootte past.
De watertoevoer is bij uitlevering op de waarde 4 ingesteld. U kunt een waarde van 1 (kleinste toevoerhoeveelheid) tot 8 (grootste toevoerhoeveelheid) selecteren.
Watertoevoer instellen
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑IceMaker is in bedrijf genomen. (zie 5.3 IceMaker in gebruik nemen*) * ❑IceMaker is geactiveerd. (zie IceMaker / MaxIce *) *
Fig. 130
Fig. 131 Voorbeeldweergave: Van waarde 5 naar waarde 6 schakelen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Watertoevoer is ingesteld.
TubeClean *
Met deze functie activeer of deactiveert u TubeClean. Als u de TubeClean activeert, worden de IceMaker-leidingen gereinigd.
TubeClean activeren
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑IceMaker-reiniging is voorbereid. (zie 10.10.7 IceMaker reinigen*) ❑Lege container met een inhoud van 1,5 l en met een maximale hoogte van 10 cm staan klaar.
- Container in de lade onder de IceMaker zetten.
Fig. 132
* afhankelijk van model en uitvoering 35
Pagina 36
Bediening
Fig. 133
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ TubeClean is geactiveerd.
▷ Reinigingsprocedure is gestart: Symbool knippert, tot de reinigingsprocedure na 60 minuten automatisch is voltooid.
▷ Wanneer de reinigingsprocedure is voltooid: Apparaat blijft in normale modus werken.
TubeClean deactiveren
TubeClean wordt na 60 minuten automatisch beëindigd. U kunt TubeClean echter ook te allen tijde deactiveren tijdens de reinigingsprocedure:
Fig. 134
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ TubeClean is gedeactiveerd: De reinigingsprocedure is geannuleerd.
▷ Apparaat blijft in normale modus werken.
CleaningMode
Met deze functie activeer of deactiveert u de CleaningMode. De CleaningMode maakt een comfortabele reiniging van het apparaat mogelijk.
Deze instelling heeft betrekking op het koelgedeelte.
Toepassing:
- Koelgedeelte reinigen. (zie 10.10 Apparaat reinigen) - InfinitySpring reinigen. (zie 10.10.5 InfinitySpring reinigen)
Apparaatstatus bij actieve CleaningMode
De statusweergave geeft continu CleaningMode weer.
Het koelgedeelte is uitgeschakeld.
De binnenverlichting is geactiveerd.
De herinneringen en waarschuwingen worden niet weergegeven. Er klinkt geen signaaltoon.
De InfinitySpring is buiten bedrijf.
Apparaatstatus
CleaningMode activeren
Fig. 135
Fig. 136
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ CleaningMode is geactiveerd.
▷ Statusweergave geeft permanent CleaningMode weer.
CleaningMode deactiveren
De CleaningMode wordt automatisch gedeactiveerd na 60 minuten. U kunt de CleaningMode echter ook op elk moment handmatig deactiveren:
Fig. 137
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ CleaningMode is gedeactiveerd.
▷ Apparaat koelt af tot de eerder ingestelde temperatuur.
Invoerblokkering
Met deze functie activeert of deactiveert u de invoerblokkering. De invoerblokkering voorkomt dat het apparaat onvoorzien door kinderen wordt bediend.
Toepassing:
- Voorkom onbedoelde wijziging van functies. - Voorkom onbedoeld uitschakelen van het apparaat. - Vermijd onbedoelde temperatuurinstelling.
Invoerblokkering activeren
Als u de invoerblokkering activeert, kunt u in de menu's navigeren, u kunt echter andere functies niet selecteren of wijzigen.
Fig. 138
Fig. 139
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Invoerblokkering is geactiveerd.
Invoerblokkering deactiveren
Fig. 140
36 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 37
Fig. 141
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Invoerblokkering is gedeactiveerd.
Herinnering
Met deze functie activeert of deactiveert u herinneringen. De functie is geactiveerd bij levering.
Als de functie geactiveerd is, verschijnen de volgende herinneringen:
- Waterfilter vervangen (zie Waterfilter vervangen*) * - FreshAir-actief koolfilter vervangen (zie FreshAir-actief koolfilter vervangen)
Herinnering activeren
Fig. 142
Fig. 143
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ De herinnering is geactiveerd.
Herinnering deactiveren
Fig. 144
Fig. 145
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ De herinnering is gedeactiveerd.
Taal
Met deze functie stelt u de weergavetaal in.
U kunt de volgende talen instellen:
- Duits
- Engels
- Frans
- Spaans
- Italiaans
- Nederlands
- Tsjechisch
- Pools
Bediening
- Portugees - Bulgaars - Russisch - Chinees
Taal instellen
Fig. 146
Fig. 147 Voorbeeldweergave afhankelijk van de taal en temperatuur
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Taal is ingesteld.
▷ Weergave springt terug naar de statusweergave.
Temperatuureenheid
Met deze functie stelt u de temperatuureenheid in. U kunt als temperatuureenheid graden Celsius en graden Fahrenheit instellen.
Temperatuureenheid instellen
Fig. 148
Fig. 150 Voorbeeldweergave: Tussen Celsius en graden Fahrenheit schakelen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Temperatuureenheid is ingesteld.
Display-helderheid
Met deze functie stelt u de helderheid van het display trapsgewijs in.
U kunt de volgende helderheidsniveaus instellen:
- 40% - 60%
* afhankelijk van model en uitvoering 37
Pagina 38
Bediening
- 80% - 100 % (voorinstelling)
Helderheid instellen
Fig. 151
Fig. 152 Voorbeeldweergave: Van 80% naar 60% schakelen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Helderheid is ingesteld.
WLAN
Met deze functie verbindt u uw apparaat met WiFi. U kunt uw apparaat vervolgens op een mobiel eindapparaat bedienen via de SmartDevice-app. Met deze functie kunt u de WiFi-verbinding ook weer verbreken of herstellen. Meer informatie over SmartDevice: (zie 2.3 SmartDevice)
Aanwijzing
In de volgende landen is de SmartDevice-functie niet beschikbaar: Rusland, Belarus, Kazachstan.
Voor de eerste keer verbinding maken met WiFi
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑SmartDevice-app is geïnstalleerd (zie apps.home.liebherr.com).
❑Registratie in de SmartDevice-app is afgesloten.
Fig. 153
Fig. 154
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Verbinding is gemaakt.
WLAN-verbinding verbreken
Fig. 155
Fig. 156
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Verbinding is verbroken.
WLAN-verbinding resetten
Fig. 157
Fig. 158
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ WiFi-verbinding en andere WiFi-instellingen zijn teruggezet naar de fabrieksinstellingen.
Informatie over de WiFi-verbinding weergeven
Fig. 159
38 * afhankelijk van model en uitvoering