naslaan.comZoekenAlle merken

Liebherr ICNbsci 5173, tekst van de handleiding

Pagina's 42–57 van 58 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 25–41

Pagina 42

Uitrusting

9.1.3 Deurrek plaatsen

Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑VarioBoxen zijn verwijderd. (zie 9.1.1 VarioBoxen verwijderen)

Fig. 183 Voorbeeldweergave deurrek met flessenhouder

DeurrekkenVoedsel
Deurrekken (zie Fig. 181)Boter, kaas, conserven en tubes
Deurrek met flessenhouder (zie Fig. 183)Flessen
Met de verschuifbare flessenhouder borgt u de flessen in het deurrek.
Deurrek met VarioBoxen (zie Fig. 182)Kleine levensmiddelen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)

9.1.1 VarioBoxen verwijderen

U kunt een of beide VarioBoxen gebruiken. Als u in het deurrek on het deurrek met de VarioBoxen zeer hoge flessen wilt plaatsen, kunt u één of beide VarioBoxen verwijderen.

Fig. 184

9.1.2 Deurrek verwijderen

Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑VarioBoxen zijn verwijderd. (zie 9.1.1 VarioBoxen verwijderen)

Fig. 185 Voorbeeldweergave

Fig. 186 Voorbeeldweergave

9.1.4 VarioBoxen plaatsen

Fig. 187

9.1.5 VarioBoxen omzetten

Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑VarioBoxen zijn verwijderd. (zie 9.1.1 VarioBoxen verwijderen) ❑Deurrek is verwijderd. (zie 9.1.2 Deurrek verwijderen)

Fig. 188

42 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 43

Fig. 189

9.2 Draagplateaus

9.2.1 Draagplateaus verplaatsen / verwijderen

De draagplateaus moeten worden beveiligd tegen het per ongelijk omlaag vallen door uittrekaanslagen.

Fig. 190

-of-

Fig. 191

▷ Uittrekaanslagen bevinden zich achter het voorste draagplateau.

De draagplateaus boven de EasyFresh-laden kunnen eveneens eruit worden gehaald.

Fig. 192

Draagplateaus eruit halen:

Uitrusting

Op de eronder liggende deksel van het vak geen producten neerzetten!

Draagplateau erin schuiven:

9.2.2 Draagplateaus demonteren

De draagplateaus kunnen voor het reinigen gedemonteerd worden.

Fig. 193

9.3 Deelbaar draagplateau

9.3.1 Deelbaar draagplateau gebruiken

De draagplateaus moeten worden beveiligd tegen het per ongelijk omlaag vallen door uittrekaanslagen.

Fig. 194

Fig. 195

In de hoogte verstellen:

▷ Hoge uittrekaanslagen achter.

Beide oppervlakken gebruiken:

▷ Glasplaat Fig. 195 (1) met sierlijst ligt voor.

▷ Stops Fig. 195 (3) zijn naar onder gericht.

* afhankelijk van model en uitvoering 43

Pagina 44

Uitrusting

9.4 VarioSafe

De VarioSafe biedt in het koelgedeelte ruimte voor bijv. kleine levensmiddelen, verpakkingen, tubes en glazen.

Fig. 196

9.4.1 VarioSafe plaatsen

Fig. 199

▷ VarioSafe klikt aan de voorkant hoorbaar vast. ▷ VarioSafe is geplaatst.

9.4.2 VarioSafe verplaatsen

U kunt de VarioSafe als geheel in het koeldeel zetten.

Fig. 197

Fig. 200

Fig. 198

Fig. 201

44 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 45

Uitrusting

Fig. 202

▷ VarioSafe klikt aan de voorkant hoorbaar vast. ▷ VarioSafe is op de gewenste hoogte geplaatst.

9.4.3 VarioSafe-lade verplaatsen

U kunt de VarioSafe-lade op twee verschillende hoogtes plaatsen. Als u in de VarioSafe-lade grote levensmiddelen wilt bewaren, zet u de VarioSafe-lade in op de onderste rib. Als u in de VarioSafe-lade kleine levensmiddelen wilt bewaren, zet u de VarioSafe-lade in op de bovenste rib.

Fig. 203

Fig. 204

▷ VarioSafe-lade is op de gewenste hoogte geplaatst.

9.4.4 VarioSafe verwijderen

U kunt de VarioSafe als geheel verwijderen.

Fig. 205

Fig. 206

Fig. 207

9.4.5 VarioSafe uit elkaar halen

U kunt de onderdelen van de VarioSafe uit elkaar halen als u de VarioSafe wilt reinigen of als u onderdelen wilt aanbrengen of verwijderen.

* afhankelijk van model en uitvoering 45

Pagina 46

Uitrusting

Fig. 208

9.5 Laden

U kunt de laden voor reiniging verwijderen.

U kunt de laden verwijderen om VarioSpace te gebruiken.

De wijze van verwijderen en aanbrengen van de laden is afhankelijk van het uitschuifsysteem. Uw apparaat kan verschillende uitschuifsystemen bevatten.

Aanwijzing

Het energieverbruik stijgt en het koelvermogen neemt af als de ontluchting niet toereikende is.

9.5.1 Lade op apparaatbodem of glasplaat

De lade loopt direct op de apparaatbodem of op een glasplaat. Er zijn geen rails.

Als u de lades verwijdert, kunt u de glasplaten eronder als stelvlakken gebruiken.

Lade verwijderen

Fig. 209

Lade plaatsen

Fig. 210

9.5.2 Lade op telescooprails

De lade loopt op uitschuifbare rails (telescooprails). Er zijn volledig uitschuifbare telescooprails en gedeeltelijk uitschuifbare telescooprails. Volledig uitschuifbare laden kunnen helemaal uit het apparaat getrokken worden. Gedeeltelijk uitschuifbare laden kunnen niet helemaal uit het apparaat worden getrokken. Welk systeem in uw apparaat zit, hangt af van het type apparaat.

Volledig uitschuifbaar*

U kunt de volledige uitschuifbaarheid herkennen aan een klem die zich links en rechts achteraan de rail bevindt.

Lade verwijderen

Fig. 211

Lade plaatsen

Fig. 212

▷ Lade klikt aan de achterkant hoorbaar vast.

Gedeeltelijk uitschuifbaar koelgedeelte*

Lade verwijderen

Fig. 213

46 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 47

Fig. 214

Als de rails na het verwijderen van de lade nog niet volledig zijn ingeschoven:

Lade plaatsen

Uitrusting

Lade plaatsen

Fig. 218

9.6 Vakdeksel EasyFresh-safe

Fig. 215

Gedeeltelijk uitschuifbaar vriesgedeelte

Aanwijzing

Als de magneet van de bovenste lade in het vriesgedeelte beschadigd of verwijderd wordt, treden storing op aan het deursensorsysteem.

Lade verwijderen

Fig. 216

Als de lade in het vriesgedeelte zich boven bevindt:

-of-

Fig. 217

Als de lade in het vriesgedeelte zich in het midden bevindt:

Het vakdeksel zorgt voor een constante luchtvochtigheid.

Het vakdeksel bevindt zich direct op het schuifvak en kan door draagplateaus of extra schuifvakken zijn verborgen.

Fig. 219 Voorbeeldweergave vakdeksel EasyFresh-safe

9.6.1 Luchtvochtigheid in schuifvak reduceren

Fig. 220

▷ Bij een gesloten schuifvak bevindt zich een kleine spleet tussen het vakdeksel en het schuifvak.

* afhankelijk van model en uitvoering 47

Pagina 48

Uitrusting

9.6.2 Luchtvochtigheid in schuifvak verhogen

Fig. 221

▷ Bij een gesloten schuifvak sluit het vakdeksel goed aan op het schuifvak.

9.7 Glasplaten

U kunt de glasplaat onder de schuifladen verwijderen om ze te reinigen.

U kunt de glasplaat onder de schuifladen verwijderen om VarioSpace te gebruiken.

9.7.1 Glasplaat verwijderen / plaatsen

Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:

❑Glasplaat onder schuiflade: Schuiflade is verwijderd. (zie 9.5 Laden)

Glasplaat verwijderen

9.8 IceMaker

De IceMaker dient uitsluitend voor het maken van ijsblokjes in huishoudelijke hoeveelheden.

Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden zijn voldaan:

- IceMaker is gereinigd. (zie 10 Onderhoud) - IceMaker-lade is gereinigd.

- IceMaker-schuiflade is volledig erin geschoven.

9.8.1 IJsblokjes produceren

De productiecapaciteit is afhankelijk van de vriestemperatuur. Hoe lager de temperatuur hoe meer ijsblokjes er in een bepaalde periode gemaakt kunnen worden.

Nadat de IceMaker voor de eerste keer wordt ingeschakeld, kan het 24 uur duren totdat het eerste ijsblokje wordt geproduceerd.

Aanwijzing

Wanneer een bepaalde vulhoogte in de IceMaker-schuiflade is bereikt, worden er geen verdere ijsblokjes geproduceerd. De IceMaker vult de schuiflade niet tot de rand.

9.8.2 Lade gebruiken als de IceMaker gedeactiveerd is

Als u de IceMaker deactiveert, kunt u de gehele IceMakerlade gebruiken als vrieslade.

Fig. 222 Voorbeeldweergave van de glasplaat

Glasplaat plaatsen

Fig. 224

Wanneer u levensmiddelen in de linker lade plaatst:

9.9 VarioSpace

Fig. 225

Fig. 223 Voorbeeldweergave van de glasplaat

48 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 49

Uitrusting

9.11.1 Eierhouder gebruiken

U kunt laden en glazen apparaten uit het apparaat nemen. Zo hebt u plaats voor grote levensmiddelen zoals gevogelte, vlees, delen van groot wild en hoog gebak. Deze kunnen daardoor volledig worden ingevroren en verder worden verwerkt.

9.10 Botervloot

9.10.1 Botervloot openen / sluiten

Fig. 228

9.12 Flessenhouder

Fig. 226

9.10.2 Botervloot uit elkaar halen

De botorvloot kan voor het reinigen uit elkaar worden gehaald.

Fig. 227

9.11 Eierhouder

De eierhouder kan eruit getrokken worden en is draaibaar. De beide delen van de eierhouder kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt om verschillen qua aankoopdatum aan te geven.

9.12.1 Flessenhouder gebruiken

Fig. 229

9.13 Flexibele ijsvak-scheider

Het ijsblokjesvak van de IceMaker beschikt over een flexibele ijsvak-scheider. Zo kunt u naar behoefte ook grotere ijsblokjes of extra levensmiddelen bewaren. U kunt de ijsvak-scheider verschuiven of verwijderen.

9.13.1 Flexibele ijsvak-scheider verschuiven

Fig. 230 Voorbeeldweergave van de ijsvak-scheider

9.13.2 Flexibele ijsvak-scheider verwijderen

Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑IJsblokjesvak is verwijderd. (zie 9.5 Laden)

* afhankelijk van model en uitvoering 49

Pagina 50

Onderhoud

Fig. 231

9.13.3 Flexibele ijsvak-scheider plaatsen

Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑IJsblokjesvak is verwijderd. (zie 9.5 Laden)

10.1.1 FreshAir-actiefkoolfilter verwijderen

Fig. 233

10.1.2 FreshAir-actiefkoolfilter aanbrengen

Fig. 232

10 Onderhoud

10.1 FreshAir-actiefkoolfilter

Het FreshAir-actiefkoolfilter bevindt zich in de lade boven de ventilator.

De waarborgt een optimale luchtkwaliteit.

❑Actiefkoolfilter iedere 6 maanden vervangen.

Wanneer de herinnering is geactiveerd, vraagt een bericht op het display u om het filter te vervangen. ❑Het actiefkoolfilter kan bij het normale huisafval worden gegooid.

Aanwijzing

Het FreshAir-actievekoolfilter is verkrijgbaar in de Liebherr-Hausgeräte-shop op home.liebherr.com/shop/de/deu/ zubehor.html.

Fig. 234

▷ Actiefkoolfilter klikt niet vast.

Als het actiefkoolfilter naar onder wijst:

▷ Het actiefkoolfilter is nu gereed voor gebruik.

10.2 Deurrek demonteren

U kunt enkele deurrekken demonteren als u het deurrek wilt reinigen of reserveonderdelen wilt aanbrengen of verwijderen.

10.2.1 Deurrek demonteren

Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑Deurrek is verwijderd. (zie 9.1.2 Deurrek verwijderen)

Fig. 235 Deurrek met draagplateau

10.2.2 Deurrek met VarioBoxen demonteren

Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑Deurrek is verwijderd. (zie 9.1.2 Deurrek verwijderen)

50 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 51

Onderhoud

Fig. 236

10.2.3 Deurrek met flessenhouder demonteren

Fig. 237 Deurrek met flessenhouder en draagplateau

10.3 Deurrek monteren

10.3.1 Deurrek monteren

Fig. 238 Deurrek met draagplateau

10.3.2 Deurrek met VarioBoxen monteren

Fig. 239

10.3.3 Deurrek met flessenhouder monteren

Fig. 240 Deurrek met draagplateau

10.4 Uitschuifsystemen demonteren/ monteren

10.4.1 Opmerkingen over demontage

U kunt enkele uitschuifsystemen voor de reiniging demonteren. Uw apparaat kan verschillende uitschuifsystemen bevatten.

De volgende uitschuifsystemen kunnen worden gedemonteerd of niet worden gedemonteerd:

Uitschuifsysteemdemonteerbaar / niet demonteerbaar
Lade op apparaatbodem of glasplaatniet demonteerbaar
Geheel uitschuifbare lade*niet demonteerbaar*
Gedeeltelijk uittrekbaar koelgedeelte*niet demonteerbaar*
Gedeeltelijk uittrekbaar vriesgedeeltedemonteerbaar (zie Gedeeltelijk uitschuifbaar vriesgedeelte)

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 51)

* afhankelijk van model en uitvoering 51

Pagina 52

Onderhoud

10.4.2 Lade op telescooprails

Gedeeltelijk uitschuifbaar vriesgedeelte

Uitschuifsysteem demonteren

Zorg ervoor dat aan de volgende vereisten is voldaan:

❑Lade is verwijderd.

❑Glasplaat is verwijderd. (zie 9.7 Glasplaten)

Fig. 241 Glasplaat met rails

Uitschuifsysteem monteren

10.5.2 Vakdeksel plaatsen

Fig. 244

Bij opschrift THIS SIDE UP boven ligt:

10.6 Apparaat ontdooien

Fig. 242 Glasplaat met rails

10.5 Vakdeksel EasyFresh-safe

U kunt het vakdeksel voor reiniging verwijderen.

10.5.1 Vakdeksel verwijderen

Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:

❑Draagplateau direct boven het schuifvak is verwijderd. (zie 9.2 Draagplateaus) ❑Schuiflade direct onder het vakdeksel is verwijderd. (zie 9.5 Laden)

Fig. 243

10.6.1 Koelgedeelte ontdooien

Het ontdooien gebeurt automatisch. Het dooiwater wordt via de afvoeropening afgevoerd en verdampt.

10.6.2 Vriesgedeelte met NoFrost ontdooien

Met NoFrost-systeem gebeurt het ontdooien automatisch. Het vocht condenseert op de verdamper, wordt regelmatig ontdooid en verdampt.

Het apparaat hoeft niet te worden ontdooid.

10.7 Apparaat reinigen

10.7.1 Voorbereiden

WAARSCHUWING

Gevaar voor elektrische schok!

WAARSCHUWING

Brandgevaar

-of-

52 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 53

Onderhoud

10.7.2 Binnenruimte reinigen

LET OP

Ondeskundige reiniging!

Beschadigingen aan het apparaat.

10.7.3 Droog achterpaneel reinigen

U kunt het droge achterpaneel voor de reiniging verwijderen.

Achterpaneel verwijderen

Fig. 245

Als u het apparaat met uitgebouwd achterpaneel verder gebruikt:

Achterpaneel plaatsen

Fig. 246

▷ Achterpaneel klikt hoorbaar vast.

10.7.4 Uitrusting reinigen

LET OP

Ondeskundige reiniging!

Beschadigingen aan het apparaat.

Reinigen met een zachte, schone doek, lauwwarm water en een beetje spoelmiddel:

Let op: Magneet van de schuiflade niet verwijderen!

Magneet zorgt voor correcte werking van de IceMaker.

Reinigen met een vochtige doek:

- Telescooprails

Let op: Het vet in de geleiders dient voor de smering en mag niet worden verwijderd!

Reinigen in de vaatwasser tot 60 °C:

- Deurafsteller - VarioBox - Flessenhouder - Vasthouddeel deelbaar draagplateau - Eierhouder - Botervloot - IJsblokjesschep

10.7.5 IceMaker reinigen

De IceMaker kan op verschillende manieren worden gereinigd.

De reiniging moet worden uitgevoerd bij:

❑Eerste inbedrijfname ❑Met wateraansluiting:

Niet gebruik langer dan 5 dagen.

Zorg ervoor dat aan de volgende eisen zijn voldaan:

❑IceMaker-schuiflade is leeggemaakt. ❑IceMaker-schuiflade is erin geschoven. ❑IceMaker is geactiveerd.

Bij de eerste inbedrijfstelling of wanneer het apparaat gedurende langere tijd niet is gebruikt

IceMaker met functie TubeClean reinigen.

▷ Spoelen wordt voorbereid (max. 60 min.): Symbool pulseert.

▷ Waterleidingen worden gespoeld: Symbool knippert. ▷ Spoelproces is beëindigd: Functie is automatisch gedeactiveerd.

▷ De productie van ijsblokjes start automatisch.

Zonder waterfilter

* afhankelijk van model en uitvoering 53

Pagina 54

Klantenhulp

► IJsblokjes die 24 uur na de eerste productie van ijsblokjes zijn gemaakt, afvoeren.
Bij een reinigingsbehoefte
IceMaker handmatig reinigen.
► IceMaker-schuiflade eruit halen en met warm water en een beetje spoelmiddel reinigen.
► De IceMaker-schuiflade er weer inschuiven.
▷ De productie van ijsblokjes start automatisch.
Duur tot het bereiken van verschillende temperaturen bij VarioTemp
UitgangstemperatuurDoeltemperatuurTijd tot het bereiken van de doeltemperatuur
-18 °C8 °C> 12 uur
8 °C14 °C> 6 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

10.7.6 Na het reinigen

14 °C -18 °C > 4 uur

Wanneer de temperatuur voldoende koud is:

Verlichting
Energie-efficiëntieklasse¹Lichtbron
Dit product bevat een of meerdere lichtbronnen van energie-efficiëntieklasse G.LED
1 Het apparaat kan lichtbronnen met verschillendeenergie-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

11 Klantenhulp efficiëntieklassen bevatten. De laagste energie-efficiëntieklasse is aangegeven.

11.1 Technische gegevens

Temperatuurbereik
Koelen2 °C tot 9 °C
Invriezen-26 °C tot -15 °C

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

Maximale invrieshoeveelheid / 24uur
Vriesgedeeltezie typeplaatje onder „vriesvermogen …/ 24 h”
Maximaal laadgewicht van de uitrusting
UitrustingApparaatbreedte
550 mm (zie monta-gehandlei-ding, appa-raatafmetingen)
Apparaatbreedte 600 mm (zie montage-handleiding, apparaa-tafme-tingen)Apparaatbreedte
700 mm (zie monta-gehandlei-ding, appa-raatafmetingen)
Schuiflade op glasplaat (zie 9.5.1 Lade op apparaatbodem of glasplaat)12 kg15 kg--
Gedeeltelijk uittrekbaar vriesgedeelte (zie 9.5.2 Lade op telescooprails)12 kg15 kg--

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

Product van ijsblokjes met IceMaker
IJsblokjesproductie / 24 uurBij temperatuur -18 °C: 1,2 kg ijsblokjes
Maximale ijsblokjesproductie / 24 uurAls de functie MaxIce actief is: 1,5 kg ijsblokjes

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

Duur tot het bereiken van verschillende temperaturen bij VarioTemp
UitgangstemperatuurDoeltemperatuurTijd tot het bereiken van de doeltemperatuur
-18 °C0 °C> 8 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

Voor apparaten met WLAN-verbinding:

Frequentievermelding
Frequentieband2,4 GHz
Maximum uitgestraald vermogen< 100 mW
Beoogd gebruik van de radioapparatuurIntegratie in het plaatselijke WLANnetwerk voor gegevenscommunicatie

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

11.2 Bedrijfsgeluiden

Het apparaat veroorzaakt tijdens de werking verschillende loopgeluiden.

- Bij een lage koelcapaciteit werkt het apparaat zuiniger, maar langer. De geluidssterkte is lager.

- Bij hoog koelvermogen worden levensmiddelen sneller gekoeld. Het geluidsniveau is hoger.

Voorbeelden:

GeluidenMogelijke oorzaakType geluid
Borrelen en ruisenKoelmiddel stroomt in het koelcircuit.Normaal werkingsgeluid
Blazen en sissenKoelmiddel spuit in het koelcircuit.Normaal werkingsgeluid
BrommenHet apparaat koelt. De geluidssterkte is afhankelijk van de koelcapaciteit.Normaal werkingsgeluid
SlurpgeluidenDe deur met sluitdemper wordt geopend en gesloten.Normaal werkingsgeluid
Zoemen en ruisenDe ventilator draait.Normaal bedrijfsgeluid
KlikkenComponenten worden in- en uitgeschakeld.Normaal schakelgeluid

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

54 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 55

Klantenhulp

GeluidenMogelijke oorzaakType geluid
Ratelen of zoemenVentielen of klappen zijn actief.Normaal schakelgeluid

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 55)

GeluidenMogelijke oorzaakType geluidOplossen
TrillingOngeschikte inbouwFoutgeluidInbouw controleren. Apparaat uitlijnen.
KlapperenUitrusting, Voorwerpen aan de binnenkant van het apparaatFoutgeluidUitrustingsdelen bevestigen.
Afstand tussen de voorwerpen laten.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 55)

11.3 Technische storing

Uw apparaat is zo geconstrueerd en gemaakt dat de functionele veiligheid en een lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht er tijdens het bedrijf toch een storing optreden, controleer dan a.u.b. of de storing te wijten is aan een bedieningsfout. In dat geval moet u tijdens de garantieperiode de ontstane kosten zelf betalen.

De volgende storingen kunt u zelf oplossen.

11.3.1 Apparaatfunctie

ProbleemOorzaakOplossing
Het apparaat werkt niet.Het apparaat is niet ingeschakeld.► Apparaat inschakelen.
De netstekker zit niet correct in het stopcontact.► De netstekker controleren.
De zekering van de netstekker is niet in orde.► Zekering controleren.
Stroomuitval► Apparaat gesloten houden.
► Levensmiddelen beschermen: Koelaccu's boven op levensmiddelen leggen of een andere vriezer gebruiken als de stroomstoring langer duurt.
► Ontdooide levensmiddelen niet meer invriezen.
De koelapparaatbus steekt niet correct in het apparaat.► Koelapparaatbus controleren.
Temperatuur is niet voldoende koud.De apparaatdeur is niet correct gesloten.► Apparaat sluiten.
De be- en ontluchting is niet toereikend.► Ventilatieroosters vrijmaken en reinigen.
De omgevingstemperatuur is te hoog.► Probleemoplossing: (zie 1.2 Klimaatklassen)
Het apparaat werd te vaak of te lang geopend.► Afwachten of de vereiste temperatuur vanzelf terugkeert. Als dit niet gebeurt, contact opnemen met de klantenservice. (zie 11.4 Klantenservice)
Er werden grote hoeveelheden verse levensmiddelen zonder SuperFrost erin gelegd.► Probleemoplossing: (zie SuperFrost)
De temperatuur is verkeerd ingesteld.► Stel de temperatuur lager in en controleer deze na 24 uur.
Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis, verwarming enz.).► Verander de standplaats van het apparaat of van de warmtebron.
Het apparaat werd niet correct in de nis ingebouwd.► Controleer of het apparaat correct werd ingebouwd en de deur goed sluit.
De temperatuur die op het display wordt weergegeven, is hoger dan de werkelijke tempe‐De apparaatdeur stond lange tijd open en het deuralarm werd automatisch geactiveerd. Hierdoor koelt het apparaat meer af.► Apparaatdeur sluiten.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 55)

* afhankelijk van model en uitvoering 55

Pagina 56

Klantenhulp

ProbleemOorzaakOplossing
ratuur in het apparaat.*
Het deurrubber is defect of moet om een andere reden worden vervangen.→Het deurrubber kan worden vervangen. Er kan zonder gereedschap een nieuw deurrubber worden geplaatst.► Contact opnemen met de klantenservice. (zie 11.4 Klantenservice)
Het apparaat is bevroren of er heeft zich condenswater gevormd.→Het deurrubber kan uit de groef geschoven zijn.► Het deurrubber op een correcte passing in de groef controleren.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 56)

11.3.2 Uitrusting

ProbleemOorzaakOplossing
De IceMaker kan niet worden ingeschakeld.Het apparaat en zodoende de IceMaker zijn niet aangesloten.► Apparaat sluiten (zie montagehandleiding).
De IceMaker maakt geen ijsblokjes.De IceMaker is niet ingeschakeld.► IceMaker inschakelen.
De schuiflade van de IceMaker is niet correct gesloten.► De schuiflade correct erin schuiven.
De wateraansluiting is niet open.► De wateraansluiting openen.
De binnenverlichting brandt niet.Het apparaat is niet ingeschakeld.► Apparaat inschakelen.
De deur is langer dan 15 minuten open.► De binnenverlichting gaat automatisch uit na ongeveer 15 minuten wanneer de deur open is.
De LED-verlichting is defect of de afdekking is beschadigd.► Contact opnemen met de klantenservice. (zie 11.4 Klantenservice)

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 56)

11.4 Klantenservice

Controleer eerst of u de fout zelf kunt oplossen (zie 11 Klantenhulp) . Als dit niet het geval is, dient u contact op te nemen met de klantenservice.

U vindt het adres in de bijgevoegde brochure „Liebherr Service” of op home.liebherr.com/service.

WAARSCHUWING

Ondeskundige reparatie!

Verwondingen.

-of-

(zie 11.5 Typeplaatje)

▷ Dit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk.

11.5 Typeplaatje

Het typeplaatje bevindt zich aan de achterkant van de schuifladen, aan de binnenkant van het apparaat.

11.4.1 Contact opnemen met de klantenservice

Controleren of de volgende apparaatinformatie beschikbaar is:

❑Apparaataanduiding (model en index) ❑Servicenr. (Service) ❑Serienr. (S-Nr.)

Fig. 247

56 * afhankelijk van model en uitvoering

Pagina 57

Buiten bedrijf stellen

12 Buiten bedrijf stellen

13 Afvoeren

Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:

❑Betekenis van de symbolen op het apparaat zijn bekend. (zie 1.14 Symbolen op het apparaat) ❑Aanwijzingen betreffende het afvoeren zijn bekend. (zie 1.8 Afvoeren)

13.1 Apparaat voor afvoeren voorbereiden

13.2 Verwijder het apparaat op een mili-euvriendelijke manier

WAARSCHUWING

Vrijkomend koudemiddel en olie!

Brand. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar wel brandbaar. De gebruikte olie is ook brandbaar. Vrijkomend koelmiddel en vrijkomende olie kunnen bij hoge concentratie en in contact met een externe warmtebron ontvlammen.

* afhankelijk van model en uitvoering 57

← pagina's 25–41Inhoud