Liebherr IRci 3950, tekst van de handleiding
Pagina's 7–24 van 48 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–6verder op pagina 25 →
Pagina 7
Opstellen en aansluiten
3.2 Afmetingen apparaat
IR(B)(P)..(i) 51.. / IRD..i 51.. / IRBbsci 5170 / IRBbsci 5171 / IRBPbsci 5170 / IKB 51Vc50i / IKB 51Vc51i / IK 51Ve00 / IK 51Ve01 / IK 51Vd00 / SIFN..(i) 51.. / SIFNbsdi 51.. / IK(B).. 1780 / IK(B).. 1784 / SIGN 51Vd28
Nishoogte 1780 - Apparaten met één deur
3.3 Nismaten
Fig. 2
| IFN..(i) 39.. / IR..(i) 39.. / SIBa20i 3905 / SIFN..i 39.. | |
| A (mm) | 559 |
| B (mm) | 546 |
| C (mm) | 872 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Nishoogte 880 - Apparaten met één deur
| IR(B)..(i) 40.. | |
| A (mm) | 559 |
| B (mm) | 546 |
| C (mm) | 1022 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Nishoogte 1020 - Apparaten met één deur
| IR(B)..(i) 41.. / IRBbsbi 4170 / SIFN..i 41.. | |
| A (mm) | 559 |
| B (mm) | 546 |
| C (mm) | 1213 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Nishoogte 1220 - Apparaten met één deur
| IR(B)..(i) 45.. / IRBbsbi 4570 / SIFN..i 45.. | |
| A (mm) | 559 |
| B (mm) | 546 |
| C (mm) | 1395 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Nishoogte 1400 - Apparaten met één deur
| IR(B)(P)..(i) 51.. / IRD..i 51.. / IRBbsci 5170 / IRBbsci 5171 / IRBPbsci 5170 / IKB 51Vc50i / IKB 51Vc51i / IK 51Ve00 / IK 51Ve01 / IK 51Vd00 / SIFN..(i) 51.. / SIFNbsdi 51.. / IK(B).. 1780 / IK(B).. 1784 / SIGN 51Vd28 | |
| A (mm) | 559 |
| B (mm) | 546 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Fig. 3 (K): max. 2100 mm
Bij apparaten met een vaste wateraansluiting de volgende informatie in acht nemen:
- Wateraansluiting - Apparaat op de watervoorziening aansluiten
| IFN..(i) 39.. / IR..(i) 39.. / SIBa20i 3905 / SIFN..i 39.. | |
| F (mm) | 874 tot 890 |
| G (mm) | 560 tot 570 |
| H (mm) | min. 550, aanbevolen 560 |
| J (mm) | min. 500 |
| L (mm) | max. 19 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
| IR(B)..(i) 40.. | |
| F (mm) | 1024 tot 1040 |
| G (mm) | 560 tot 570 |
| H (mm) | min. 550, aanbevolen 560 |
| J (mm) | min. 500 |
| L (mm) | max. 19 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
| IR(B)..(i) 41.. / IRBbsbi 4170 / SIFN..i 41.. | |
| F (mm) | 1216 tot 1236 |
| G (mm) | 560 tot 570 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
* afhankelijk van model en uitvoering 7
Pagina 8
Opstellen en aansluiten
| grotere ventilatieopening dan het ventilatierooster van de fabrikant hebben. | |
| IR(B)..(i) 41.. / IRBbsbi 4170 / SIFN..i 41.. | |
| H (mm) min. 550, aanbevolen 560 | |
| J (mm) min. 500 L (mm) max. 19 IR(B)..(i) 45.. / IRBbsbi 4570 / SIFN..i 45.. F (mm) 1397 tot 1413 G (mm) 560 tot 570 H (mm) min. 550, aanbevolen 560 J (mm) min. 500 L (mm) max. 19 IC(B)(N)..(i) 51.. / ICBNbsci 5173 / IKG 51Ve03 / IKGN 51Vc03 / ICNbsci 5173 / IKGN 51Ve03 / IKGBN 51Vd23i / IR(B)(P)..(i) 51.. / IRD..i 51.. / IRBbsci 5170 / IRBbsci 5171 / IRBPbsci 5170 / IKB 51Vc50i / IKB 51Vc51i / IK 51Vd00 / IK 51Ve00 / IK 51Ve01 / IK(B).. 1780 / IK(B).. 1784 / IKGNc 1783 / SICN..i 51.. / SIFN..(i) 51.. / SIFNbsdi 51.. / SIGN 51Vd28 / IC(B)Ndx 5173 F (mm) 1772 tot 1788 G (mm) 560 tot 570 H (mm) min. 550, aanbevolen 560 J (mm) min. 500 L (mm) max. 19 | 3.4 Meubelfrontgewichten LET OP Gevaar voor beschadiging door zwaar meubelfront! Als het meubelfront te zwaar is, kunnen beschadigingen aan de scharnieren en daaruit voortvloeiende functiebeperkingen niet worden uitgesloten. ► Controleer vóór montage van het meubelfront of het toegestane gewicht van het meubelfront niet wordt overschreden. Nishoogte (mm) Maximaal gewicht van het meubelfront (kg) 720 16 880 16 1020 13 1220 19 1400 21 1580 22 1780 26 Koel- en vriesapparaten met één deur 3.5 Apparaat transporteren 3.5.1 Apparaat vervoeren voor de eerste inbedrijfstelling |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
Het opgegeven energieverbruik is berekend met een keuken‐ Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: blokdiepte van 560 mm bepaald. Het apparaat is geschikt voor een keukenblokdiepte van 550 mm volledig functio‐ ❑Het apparaat is verpakt.
neel, maar heeft een iets hoger energieverbruik. ❑Het apparaat staat rechtop.
- De wanddikte van aangrenzende meubels controleren: ► Vervoer het apparaat met behulp van twee personen. Het moet min. 16 mm zijn. ► Apparaat uitpakken. (zie 3.6 Apparaat uitpakken)
- Het apparaat alleen in stabiele, vaste keukenmeubels inbouwen. Meubels tegen kantelen beveiligen. 3.5.2 Apparaat na eerste inbedrijfstelling trans‐
- Het keukenmeubel met een waterpas en winkelhaak uitlijnen en indien nodig met vulplaatjes compenseren. porteren
- Zorg ervoor dat de vloer en de zijwanden van het meubel Neem de volgende aanwijzingen in acht als u het apparaat in een rechte hoek ten opzichte van elkaar staan. na de eerste inbedrijfstelling opnieuw wilt vervoeren of verplaatsen.
3.3.1 Ventilatievereisten
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: LET OP ❑Het apparaat is leeg.
Afgedekte ventilatieopeningen! ❑Het apparaat staat rechtop.
Beschadigingen. Het apparaat kan oververhit raken, wat ❑Apparaat met deur(en): De deur is beveiligd tegen onge-de levensduur van diverse onderdelen van het toestel kan wenst openen.
verminderen en kan leiden tot functiebeperkingen.
❑Apparaat met uittrekwagen: De uittrekwagen is beveiligd
- Let altijd op de be- en ontluchting.
tegen ongewenst openen.
- Ventilatieopeningen of - roosters in de apparaatbehuizing ❑Apparaat is gedemonteerd.
en in het keukenmeubel (inbouwapparaat) moeten altijd vrij worden gehouden. ► Vervoer het apparaat met behulp van twee personen.
De ontluchtingsopeningen per se in acht nemen:
- De diepte van de ontluchtingsschacht aan de meubelachterwand moet min. 38 mm bedragen.
- Voor de ventilatieopeningen in de meubelpoot en ombouw boven zijn min. 200 cm² vereist.
- In principe geldt: hoe groter de ontluchtingsdiameter hoe zuiniger het apparaat werkt.
Voor een goede werking van het apparaat is een toereikende ventilatie vereist. De in de fabriek aangebrachte ventilatieroosters zorgen voor een effectieve ventilatieopening op het apparaat van 200 cm². Als u het ventilatierooster door een afdekplaat vervangt, moet deze minstens een even grote of
3.6 Apparaat uitpakken
LET OP
Gevaar op beschadiging door verplaatsing van het apparaat! Als het apparaat zonder bescherming over de vloer wordt verplaatst, kan het apparaat de vloer beschadigen.
- De vloer voldoende afdekken, voordat u de verpakking van het apparaat verwijdert.
- Apparaat en verpakking controleren: Als transportschade wordt vermoed, neem dan voor het aansluiten contact op met de leverancier.
8 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 9
Opstellen en aansluiten
LET OP
Materiële schade door puntige of scherpe voorwerpen! Als u puntige of scherpe voorwerpen gebruikt bij het verwijderen van verpakkingsmateriaal, kunt u het apparaat beschadigen.
- Gebruik geen puntige of scherpe voorwerpen om verpakkingsmateriaal te verwijderen.
- Verwijder de verpakkingsmaterialen.
3.7 Transportbeveiliging verwijderen
- Transportbeveiliging op de apparaatdeur.
Meet de opgegeven afmetingen en corrigeer indien nodig.
Gereedschap voor montage: Duimstok
Gereedschap voor montage: Accuschroevendraaier en inzetstuk
Voor een betere toegang tot de schroeven wordt een lang bit-inzetstuk aanbevolen.
Gereedschap voor montage:
*
Waterpas
3.8 Verklaring van gebruikte symbolen
| Er bestaat gevaar voor letsel bij het | Gereedschap voor montage: |
| uitvoeren van deze stap! Neem de veiligheidsaanwijzingen in acht! | Steeksleutel met SW 7 en SW 10 |
| De handleiding is geldig voor verschillende modellen. Voer deze stap alleen uit als deze op uw apparaat van toepassing is. | Voor deze stap zijn twee personen nodig. |
| Zie voor de montage de gedetailleerde beschrijving in het tekstgedeelte van de handleiding. | De werkstap vindt plaats op het gemarkeerde punt op het apparaat. |
| Dit hoofdstuk is van toepassing op een ééndeurs- of een tweedeursapparaat. | Hulpmiddel voor montage: Touw |
| Kies tussen de alternatieven: Apparaat met deuraanslag rechts of apparaat met deuraanslag links. | Hulpmiddel voor montage: Hoekmeter |
| Vereiste montagestap voor IceMaker en / of InfinitySpring. | Hulpmiddel voor montage: Schroevendraaier |
| De schroeven alleen iets losdraaien of iets vastzetten. | Hulpmiddel voor montage: Schaar |
| Draai de schroeven stevig vast. | Hulpmiddel voor montage: |
| Markeerstift, uitwisbaar | |
| Controleer of de volgende stap voor uw model van toepassing is. | Accessoires: Onderdelen uitnemen |
| Controleer of de gebruikte onderdelen correct gemonteerd / goed vastzitten. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
* afhankelijk van model en uitvoering 9
Pagina 10
Opstellen en aansluiten
Gooi onderdelen die niet meer nodig zijn op de juiste manier weg.
LET OP
Onder stroom staande onderdelen!
Beschadiging van elektrische onderdelen.
- Trek de netstekker eruit, voordat u de deuraanslagwissel uitvoert.
3.9 Deuraanslag van de 4-sterrenvriesvak omzetten*
U kunt de deur van het 4-sterren-vriesvak bij het veranderen van de deuraanslag met een eenvoudige handeling verplaatsen. Als het mogelijk is om de apparaatdeur van het koelapparaat meer dan 115° te openen (1), kunt u het vriesvak ook openen zonder de deuraanslag te veranderen. Bij een kleinere openingshoek (2) van de apparaatdeur moet de deuraanslag worden verplaatst.
De schuif voor het omzetten van de deuraanslag bevindt zich onderaan de achterkant van de deur van het 4-sterrenvriesvak.
Fig. 4
Fig. 5
- Sluit de deur van het 4-sterren-vriesvak (1).
- Grijp van onderaf naar de 4-sterren-vriesdeur.
- Verschuif de schuif (2) naar rechts of links.
3.10 Deurscharniering veranderen
Gereedschap
Fig. 6
Fig. 7
- Sluitdempers verwijderen: Sluitdempers van de kogeltappen trekken (1) en houder verwijderen (2). De kogeltappen met de schroevendraaier demonteren (3).
Aanwijzing
Indien de sluitdemper zich net boven de vloer bevindt, kunt u de kogelpen uitsluitend bij een gedemonteerde deur demonteren.
Fig. 8
- Afdekkingen verwijderen.
Aanwijzing
Bij het verwijderen van de afdekkingen erop letten, dat de oppervlakken niet beschadigd raken.
Fig. 9
10 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 11
- Draai de schroeven bij alle scharnieren los, maar niet eruit draaien.
Fig. 10 *
- Deur eruit halen: Schuif de deur naar voren en dan naar achter, afhangen en aan beide zijden afstellen.
Opstellen en aansluiten
Fig. 13
- De schroeven voor de scharnierbevestiging omzetten. Na het omzetten niet vastschroeven, de scharnieren moeten later worden aangebracht.
Fig. 11
- Alle scharnieren eraf schroeven en samen met de schroeven aan de kant leggen.
Fig. 12
- Hoek boven en onder uit de deur losmaken en omzetten. De hoek moet voor het vastschroeven van de scharnieren worden omgezet.
Fig. 14
- De bevestigingshoek aan de tegenovergestelde kant aanbrengen.
Fig. 15
- Alle scharnieren 180° gedraaid op de andere kant omzetten en vastdraaien.
Fig. 16 *
* afhankelijk van model en uitvoering 11
Pagina 12
Opstellen en aansluiten
| ► Deur weer monteren: De deur met scharnieren aanbrengen en de schroeven vastdraaien. | ||
| Model | Opstellingswijze | |
| Modellen tot een maximale nishoogte van 880 mm en met verwarmd plafond kunnen „boven elkaar” worden opgesteld. Bovenste apparaat: tot maximale nishoogte 140 mm | Boven elkaar | |
| Modellen en hun opstellingswijze |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)
Fig. 17
- De sluitdempers weer monteren: De kogeltappen erin schroeven (1), houder vastschroeven (2) en de sluitdempers in de kogeltappen aanbrengen.
- Alle schroeven controleren en eventueel aandraaien.
Fig. 19
Elk apparaat in een aparte meubelnis inbouwen.
3.12 Apparaat in uitsparing inbouwen
Gereedschap
Fig. 18
- De afdekking onder en in het midden weer monteren. De overige afdekkingen pas na de inbouw in het meubel weer monteren.
3.11 Meerdere apparaten opstellen
De apparaten zijn voor verschillende opstellingswijzen ontwikkeld. Als u meerdere apparaten naast elkaar of boven elkaar wilt plaatsen, garanderen dat er aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Uitsluitend apparaten naast of boven elkaar opstellen, die daarvoor ontwikkeld zijn.
❑Aanwijzingen en de volgende tabellen in acht nemen.
Fig. 20
Bijgevoegde montageonderdelen
LET OP
Gevaar voor beschadiging door condenswater!
- Plaats het apparaat niet direct naast een ander koel-/ vriesapparaat.
LET OP
Beschadigingsgevaar door condenswater!
- Plaats het apparaat niet direct boven een ander koel-/ vriesapparaat.
| Model | Opstellingswijze |
|---|---|
| alle modellen | afzonderlijk |
| Modellen waarvan de modelaanduiding met S... begint. | Side-by-Side (SBS) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)
12 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 13
Opstellen en aansluiten
Fig. 21
Fig. 22
Fig. 23
Fig. 24
Fig. 25
- Ontkoppel de bodemmontagehoek aan de perforatie.
LET OP
Correcte inbouwdiepte van het apparaat.
- Het gebruik van de montagehoek waarborgt de correcte inbouwdiepte van het apparaat.
Fig. 26
* afhankelijk van model en uitvoering 13
Pagina 14
Opstellen en aansluiten
- De montagehoek van de bodem telkens rechts en links, vlak t.o.v. de zijwand op de bodem van de meubelnis schroeven.
Fig. 27
- Neem de netkabel uit de verpakking.
- Steek de koelapparaatbus van de netkabel volledig in de apparaatstekker aan de achterkant van het apparaat. Let op een goede bevestiging van de koelapparaatbus.
- Leid de netstekker met behulp van een snoer naar een vrij toegankelijk stopcontact.
Fig. 28
- De opvulstroken op de bovenkant van het apparaat aanbrengen. De plaat kan naar beide zijden worden gebogen.
Fig. 29
- Bevestigingshoek monteren. De bevestiginsghoek ter hoogte van de meubelhandgreep aanbrengen. Bij een grote deur in totaal vier bevestigingshoeken gebruiken.
- Afdekkingen na de montage op de hoek klappen.
Fig. 30
- Het apparaat 2/3 deel in de meubelnis schuiven.
Fig. 31
- Controleren of de wanddikte van de meubelzijwand 16 mm of 19 mm bedraagt.
Fig. 32
- 16 mm dikke meubelwanden: Afstandshouder op alle scharnieren steken.
- 19 mm dikke meubelwanden: U hebt geen afstandhouder nodig.
Fig. 33
- Draai met een schroevendraaier de afdekplaat linksboven los en verwijder deze.
14 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 15
Opstellen en aansluiten
Fig. 34
- Bevestigingshoek losjes vastdraaien. De hoek moet niet gemakkelijk verschoven kunnen worden.
Fig. 35
Fig. 36
WAARSCHUWING
Brandgevaar door kortsluiting!
- Als u het apparaat in de nis schuift: Netkabel niet knikken, klemmen of beschadigen.
- Apparaat niet gebruiken met een defecte netkabel.
- Apparaat volledig in de meubelnis schuiven. De stelpoten moeten aan beide zijden in de uitsparingen van de aanslaghoeken zitten.
Fig. 37
- De aanslag van de montagehoek bodem verwijderen. De aanslag door bewegen losmaken en eventueel met behulp van een tang afbreken.
Fig. 38
- Controleren of het apparaat zich vlak in de meubelnis bevindt. De bevestigingshoek moet tegen de zijwand van de meubeluitsparing zitten.
Fig. 39
Aanwijzing
Bij 16 mm dikke meubelzijwanden zitten de afstandhouders aan de scharnierzijde van de meubelnis.
* afhankelijk van model en uitvoering 15
Pagina 16
Opstellen en aansluiten
Fig. 40
- 19 mm dikke meubelzijwanden: Voorkanten van de scharnieren vlak met de voorkant van de meubelzijwand uitlijnen.
Fig. 44
- Aan de zijde van de greep de aanslag van de hoek afbreken en afvoeren.
Fig. 41
- Zo nodig de neiging van het apparaat met de stelvoeten uitlijnen.
Fig. 45
- Afdekkingen aanbrengen.
Fig. 42
- Apparaat aan de scharnierzijde vastschroeven.
Fig. 46
- De afdekking zodanig verschuiven dat deze in een lijn met de meubelwand is.
Fig. 43
- De hoek zodanig verschuiven dat deze vlak tegen de zijwand van de meubelnis zit.
- Alle schroeven vast aandraaien.
Fig. 47
- Indien nodig: Lijstwerk indien nodig met een scherpe schaar passend inkorten.
- Lijstwerk onder de bovenste afdekking aanbrengen en aandrukken. Het lijstwerk is magnetisch.
Vanaf nishoogte 1400 mm nivelleerrail inbouwen:
16 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 17
Opstellen en aansluiten
Fig. 48
U moet vanaf een nishoogte van 1400 mm de nivelleerrail onder het apparaat inbouwen. De nivelleerrail vermindert het geluidsniveau. Twee nivelleerrails en een montagegreep zijn vanaf nishoogte 1400 mm standaard meegeleverd.
Fig. 49
- Steek de montagegreep Fig. 49 (1) op de nivelleerrail Fig. 49 (2).
Fig. 50
- Schuif de nivelleerrail in de geleiding onder de apparaatbodem tot aan de aanslag in.
- Trek de montagegreep eraf en steek deze aan de tweede nivelleerrail.
- Verplaats gelijkmatig met de tweede nivelleerrail.
Fig. 52
- Montagehulp op de deurhoogte van het meubel omhoog schuiven. Onderste aanslagkant van de montagehulp = bovenkant van de te monteren deur.
Fig. 53
- Borgmoeren Fig. 53 (1) losmaken.
- Bevestigingstraverse Fig. 53 (2) verwijderen.
Fig. 54
- Bevestigingstraverse aan de binnenkant van de meubeldeur hangen en in het midden uitlijnen.
Fig. 51
- Deur sluiten.
- Voorinstelling van 8 mm vanaf bovenzijde van de apparaatdeur tot de steun van de traverse controleren.
Fig. 55
- Monteer de bevestigingsdwarsbalk met minstens 6 schroeven voor spaanplaatdeuren en met minstens 4 schroeven voor cassettedeuren.
* afhankelijk van model en uitvoering 17
Pagina 18: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 19
Fig. 63
Meubeldeur in Z-richting uitlijnen:
- Stelschroef op de bevestigingstravese en op de bevestigingshoek losdraaien.
- Deur verschuiven.
Fig. 64
- Afstand tussen meubeldeur en behuizing van het meubel controleren.
- Alle schroeven controleren en aandraaien, als dat nodig is.
Fig. 65
- Bovenste afdekking erop steken.
Fig. 66
- De lengte van het lijstwerk op maat knippen.
Opstellen en aansluiten
- Lijstwerk tussen meubelfrontdeur en apparaatdeur plaatsen.
Om ervoor te zorgen dat het apparaat correct ingebouwd is en geen ijsvorming, condensvorming en storingen optreden, gelden de volgende criteria:
- De deur moet correct sluiten.
- De meubeldeur mag de behuizing van het meubel niet raken.
- De afdichting aan greepzijde bovenhoek moet optimaal afdichten.
- Nisinbouw volgens bovengenoemde criteria controleren.
3.13 Meubelfronten
3.13.1 Maten
Afhankelijk van de apparaatvariant hebt u één of twee meubeldeuren nodig. De grootte van de overeenkomstige meubeldeur(en) hangt af van de gehele nisgrootte en dikte van het meubelcorpus.
Aanwijzing
Neem de betreffende afmetingen van het apparaat en de nis en de installatieschema's in acht.
Algemene gegevens:
- Neem onze apparaatspecifieke aanbevelingen voor afmetingen en gewicht voor vaste deurmontage in acht. (zie 3.4 Meubelfrontgewichten) - De dikte van het meubelcorpus moet minimaal 16 mm en maximaal 19 mm bedragen.
Andere meubeldeur daarboven, daaronder of daarnaast:
- Verticale spleetmaat tussen meubeldeuren moet 4 mm bedragen.
- Horizontale spleetmaat tussen meubeldeuren moet 4 mm bedragen. Controleer hier de botsingseigenschappen. (zie 3.13.3 Voegenspleet zonder botsing instellen)
Gewicht en scharnieren:
- Bij zware meubelfronten is de belasting op het scharnier zeer hoog. Het scharnier kan beschadigd raken. Let op het maximale gewicht voor uw apparaat in het hoofdstuk Gewichten meubelfronten (zie 3.4 Meubelfrontgewichten) .
- Als het meubelfront het maximaal toegestane gewicht overschrijdt, kan een apparaat met sleepdeurtechnologie hulp bieden, omdat het gewicht over meerdere kopscharnieren van het meubel wordt ontlast.
- Als u lange meubelfronten gebruikt, die tot ver buiten het apparaat steken, raden wij een extra deurscharnier aan (bijv. Kamat), dat hetzelfde draaipunt heeft als het in het apparaat gebruikte vaste deurscharnier. Door het gebruik van een ander scharnier (Kamat) wordt het gewicht over meerdere punten ontlast. Het gebruik van een ingefreesd compensatiebeslag wordt bij hoge meubelfronten aanbevolen om kromtrekken (convex/concaaf) tegen te gaan.
3.13.2 Meubelfront(en) monteren
Bij inbouw in acht nemen:
- Meubelfront moet symmetrisch ten opzichte van de koelapparaatdeur zijn ingebouwd.
- Aangrenzende meubelfront ligt op exact hetzelfde niveau. - Aangrenzende meubelfront heeft dezelfde randradius als het apparaatfront.
- Meubelfront is vlak en spanningsvrij.
- Meubelfront heeft een minimale diepte-instelling van ca. 2 mm tot het corpus.
- Bouw het apparaat in de nis in. (zie 3.12 Apparaat in uitsparing inbouwen)
- Bevestig het meubelfront aan de apparaatdeur.
(zie 3.12 Apparaat in uitsparing inbouwen)
* afhankelijk van model en uitvoering 19
Pagina 20
Opstellen en aansluiten
| ► Voegenspleet instellen. ► Controleer het meubelfront op botsing. (zie 3.13.3 Voegenspleet zonder botsing instellen) | |||
| Frontdikte F [ mm] | Hoekradius meubelfront R [ mm] | Voegenspleet min. X (verticaal) [ mm] | |
| 3.13.3 Voegenspleet zonder botsing instellen | 24 | 0 | 6 |
| 3.13.3 Voegenspleet met aansluitende meubel-wang | 26 | 1 2 3 0 1 2 3 | 5 5 4 8 7 7 6 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
Fig. 67 Voegenspleet met aansluitende meubelwang (F) Dikte voorkant (X) Voegenspleet min. (R) Hoekradius meubelfront
| Frontdikte F [ mm] | Hoekradius meubelfront R [ mm] | Voegenspleet min. X (verticaal) [ mm] |
| 16 tot 20 | 0 tot 3 | 3 |
| 22 | 0 | 4 |
| 1 | 4 | |
| 2 | 3 | |
| 3 | 3 | |
| 24 | 0 | 8 |
| 1 | 7 | |
| 2 | 6 | |
| 3 | 6 | |
| 26 | Niet aanbevolen. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
3.13.3 Voegenspleet met aansluitende meubeldeur
Fig. 68 Voegenspleet met aansluitende meubeldeur (F) Dikte voorkant (X) Voegenspleet min. (R) Hoekradius meubelfront
| Frontdikte F [ mm] | Hoekradius meubelfront R [ mm] | Voegenspleet min. X (verticaal) [ mm] |
| 16 tot 20 | 0 tot 3 | 2 |
| 22 | 0 | 4 |
| 1 | 3 | |
| 2 | 3 | |
| 3 | 2 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
3.14 Na het inbouwen
- Alle transportbeveiligingsdelen uit de binnenruimte verwijderen.
Fig. 69
- De transportbeveiligingsdelen van het draagplateau verwijderen.
LET OP
Materiële schade door puntige of scherpe voorwerpen! Als u puntige of scherpe voorwerpen gebruikt bij het verwijderen van verpakkingsmateriaal, kunt u het apparaat beschadigen.
- Gebruik geen puntige of scherpe voorwerpen om verpakkingsmateriaal te verwijderen.
- Beschermfolie uit de binnenruimte verwijderen: Folie vlak langs het onderdeel wegtrekken, om de hechting van de folie te beperken.
- Apparaat reinigen. (zie 10.7 Apparaat reinigen)
- Type (model, nummer), apparaataanduiding, apparaat-/serienummer, aanschafdatum en dealeradres noteren.
3.15 Apparaat op de stroomvoorziening aansluiten
WAARSCHUWING
Gevaar voor elektrische schokken en letsel door beschadigd apparaat of beschadigd netsnoer!
Levensgevaar en snijwonden. Als het apparaat of netsnoer tijdens het transport beschadigd zijn geraakt, kunt u een dodelijke elektrische schok krijgen. Bovendien kunt u zich snijden aan beschadigde onderdelen van de behuizing van het apparaat.
- Controleer apparaat en netsnoer na het transport op beschadiging.
- Neem het apparaat in geen geval in gebruik, als het apparaat of netsnoer beschadigd zijn.
- Neem contact op met de klantenservice.
20 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 21
Werking van het Touch & Swipe-display
U sluit uw apparaat met de apart meegeleverde voedingskabel aan op het lichtnet. De voedingskabel heeft aan één uiteinde een contrastekker voor de aansluiting op de koelkast en aan het andere uiteinde een stekker voor de netvoeding.
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- Apparaat en voedingskabel zijn onbeschadigd.
- Apparaat is volgens de voorschriften ingebouwd. (zie 3.12 Apparaat in uitsparing inbouwen)
- Vereisten aan de elektrische aansluiting zijn aangehouden.
- Maten voor de voorschriftmatige aansluiting zijn bekend en aangehouden.
- Netspanning en spanningsfrequentie komen overeen met de gegevens op het typeplaatje.
- Contactdoos is overeenkomstig de voorschriften geaard en elektrisch gezekerd.
- Uitschakelstroom van de zekering ligt tussen 10 A en 16 A.
- Contactdoos is eenvoudig toegankelijk en bevindt zich niet achter het apparaat. (zie 3.3 Nismaten)
LET OP
Gevaar voor beschadiging door onjuist gebruik! Beschadiging van de elektrische componenten van het apparaat.
- Gebruik uitsluitend het meegeleverde netsnoer.
WAARSCHUWING
Brandgevaar door verkeerd aansluiten! Brandwonden.
Beschadigingen van het apparaat.
- Geen verlengkabel gebruiken.
- Geen verdeeldozen gebruiken.
LET OP
Gevaar voor beschadiging door verkeerd aansluiten! Beschadigingen van het apparaat.
- Sluit het apparaat niet aan op stand-alone-omvormers zoals zonne-energiesystemen en benzinegenerators.
- Netsnoer van de netaansluiting op de stroomvoorziening aansluiten. Let op een goede bevestiging van de contactdoos.
▷ Liebherr-logo verschijnt op het display.
▷ Weergave wisselt naar standby-symbool.
▷ Indien binnen 60 seconden geen actie volgt: Stand-by symbool vervaagt of verdwijnt.
▷ Apparaat is aangesloten. Eerste inbedrijfstelling zie volgende hoofdstuk of gebruiksaanwijzing.
3.16 Afvalverwerking van de verpakking
WAARSCHUWING
Gevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie!
- Kinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen.
De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:
- Golfkarton/karton - Onderdelen uit geschuimd polystyreen
- Folies en zakken uit polyetheen - Spanbanden uit polypropeen - Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met polyethyleen*
- Breng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamelpunt.
4 Werking van het Touch & Swipedisplay
U bedient uw apparaat met het Touch & Swipe-display. Met het Touch & Swipe-display (verder display genoemd) selecteert u de functies van het apparaat door te tikken of te vegen. Als u gedurende 10 seconden geen actie op het display uitvoert, gaat het display terug naar het bovenliggende menu of rechtstreeks naar de statusweergave.
4.1 Navigatie en verklaring van symbolen
In de afbeeldingen worden verschillende symbolen voor navigatie op het display gebruikt. Deze symbolen worden in de volgende tabel beschreven.
| Symbool | Beschrijving |
|---|---|
| Display kort aanraken: Functie activeren/deactiveren. Keuze bevestigen. Submenu openen. | |
| Display een bepaalde tijd (bijv. 3 seconden) aanraken: Functie of waarde activeren/deacti-veren. | |
| Naar rechts of links vegen: In het menu navigeren. | |
| Terugsymbool kort aanraken: Eén menuniveau terugspringen. | |
| Terugsymbool 3 seconden aanraken: Terugspringen naar de statusweergave. | |
| Pijl met klok: Het duurt meer dan 10 seconden voordat de volgende weergave op het display verschijnt. | |
| Pijl met tijdweergave: Het duurt de aangegeven tijd voordat de volgende weergave op het display verschijnt. | |
| Symbool "Instellingenmenu" openen: Naar het instellingsmenu navigeren en het instellingsmenu openen. Indien vereist: In het instellingsmenu naar de gewenste functie navigeren. (zie 4.2.1 Instellingenmenu openen) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
* afhankelijk van model en uitvoering 21
Pagina 22
In gebruik nemen
| Symbool | Beschrijving |
|---|---|
| Symbool "Uitgebreid menu" openen: Naar het uitgebreide menu navigeren en het uitgebreide menu openen. Indien vereist: In het uitgebreide menu naar de gewenste functie navigeren. (zie 4.2.2 Geavanceerd menu openen) | |
| Geen actie gedurende 10 seconden | Als u gedurende 10 seconden geen actie op het display uitvoert, gaat het display terug naar het bovenliggende menu of rechtstreeks naar de statusweergave. |
| Deur sluiten en weer openen. | Als u de deur sluit en direct weer opent, springt het display direct terug naar de statusweergave. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
Opmerking: Afbeeldingen van het display worden met Engelse begrippen weergegeven.
4.2.2 Geavanceerd menu openen
Fig. 71
4.2 Menu's
De functies van het apparaat zijn over verschillende menu's verdeeld:
| Menu | Beschrijving |
|---|---|
| Hoofdmenu | Wanneer u het apparaat inschakelt, bevindt u zich automatisch in het hoofdmenu. Vanaf hier navigeert u naar de belangrijkste functies van het apparaat, het instellingenmenu en het uitgebreide menu. |
| Instellingenmenu | Het instellingenmenu bevat de overige apparaatfuncties voor het instellen van uw apparaat. |
| Uitgebreid menu | Het uitgebreide menu bevat speciale apparaatfuncties voor het instellen van uw apparaat. De toegang tot het uitgebreide menu wordt beveiligd met de cijfercode 1 5 1. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
4.2.1 Instellingenmenu openen
Fig. 70 Voorbeeld
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Instellingenmenu is geopend.
- Indien vereist: Naar de gewenste functie navigeren.
Fig. 72 Voorbeeldweergave, toegang met cijfercode 151
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Geavanceerd menu is geopend.
- Indien vereist: Naar de gewenste functie navigeren.
4.3 Slaapstand
Als u het display 1 minuut niet aanraakt, schakelt het display over naar de slaapstand. In de slaapstand is de helderheid van het display gedimd.
4.3.1 Slaapstand beëindigen
- Display kort met de vinger aanraken. ▷ Slaapstand is beëindigd.
5 In gebruik nemen
5.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling)
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Apparaat is overeenkomstig de montage-instructies ingebouwd en aangesloten.
❑Alle plakstroken, plak- en beschermfolies alsook de transportbeveiligingen in en op het apparaat zijn verwijderd.
❑Alle reclame-inserts zijn uit de laden verwijderd.
❑Werking van het Touch & Swipe-display is bekend. (zie 4 Werking van het Touch & Swipe-display)
Apparaat via het Touch & Swipe-display inschakelen:
- Als het scherm in de slaapstand staat: Display kort aanraken.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
22 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 23
Opslag
- Levensmiddelen overeenkomstig de aanwijzingen op de verpakking bewaren.
- Altijd de op de verpakking vermelde minimale houdbaarheidsdatum in acht nemen.
Aanwijzing
Het niet opvolgen van deze gegevens kan leiden tot bederf van levensmiddelen.
6.2 Koelgedeelte
Fig. 73 Voorbeeld ▷ De statusweergave verschijnt.
▷ Apparaat koelt af tot de in de fabriek ingestelde doeltemperatuur.
▷ Apparaat start in de demomodus (statusweergave met DEMO verschijnt): Als het apparaat in de demomodus start, kunt u de demomodus binnen de volgende 5 minuten deactiveren. (zie Demomodus)
Meer informatie:
- SmartDevice in gebruik nemen. (zie 2.3 SmartDevice) en (zie WLAN)
Aanwijzing
De fabrikant adviseert het volgende:
- Levensmiddelen plaatsen: ca. 6 uur wachten tot de ingestelde temperatuur is bereikt.
- Diepvriesproducten bij -18 °C of kouder in de diepvriezer leggen.*
- Bewaarinstructies in acht nemen. (zie 6.1 Instructies voor opslag)
Aanwijzing
Toebehoren zijn verkrijgbaar in de Liebherr-Hausgeräte-shop op go.liebherr.com/47wtc4.
6 Opslag
6.1 Instructies voor opslag
WAARSCHUWING
Brandgevaar door elektrische apparaten!
Als u elektrische apparaten in het levensmiddelengedeelte van uw apparaat gebruikt, kunnen ze brand veroorzaken.
- Gebruik geen elektrische apparaten in het levensmiddelengedeelte van het apparaat, tenzij ze door de fabrikant worden aanbevolen.
Aanwijzing
Het energieverbruik stijgt en het koelvermogen neemt af als de ontluchting niet toereikende is.
- Houd de luchtopening altijd vrij.
De volgende bewaarvoorschriften in acht nemen:
- In het vriesvak: Levensmiddelen goed verpakken.* - Levensmiddelen die gemakkelijk geur of smaak aannemen of afgeven, in gesloten containers verpakken of afdekken.
- Vloeistoffen in gesloten houders bewaren.
- Levensmiddelen met tussenafstand bewaren zodat de lucht goed kan circuleren.
Door de luchtcirculatie in het apparaat kunnen verschillende temperatuurzones worden ingesteld. U vindt de verschillende temperatuurzones in het apparaat- en uitrustingsoverzicht. (zie 2.2 Apparaat- en uitrustingsoverzicht)
6.2.1 Levensmiddelen sorteren
VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel en schade door verkeerd geclassificeerde levensmiddelen of voorwerpen!
Als u levensmiddelen of voorwerpen op de onderste glasplaat plaatst, kan de deur niet goed sluiten. Daarbij kan het deurrek breken, levensmiddelen of voorwerpen eruit vallen en verwondingen veroorzaken.
- Houd het voorste gedeelte van de onderste glasplaat vrij.
1
Fig. 74 Voorbeeldweergave
- (1) Voorste gedeelte
- Bovenste gedeelte en deur: Boter, kaas, conserven en tubes bewaren.
- Koudste temperatuurzone: Licht bederfelijke levensmiddelen, zoals kant-en-klare maaltijden, vlees- en worstproducten bewaren.
- Onderste plateau: Rauw vlees of rauwe vis bewaren.
6.3 EasyFresh
EasyFresh is geschikt voor onverpakte levensmiddelen zoals groente en fruit.
Aanwijzing
- Bewaar gesneden citrusvruchten (bijv. schijfjes citroen of sinaasappel) in een bakje.
De luchtvochtigheid in het vak is afhankelijk van het vochtgehalte van de hierin gelegde koelproducten en van het aantal keren dat de deur wordt geopend. U kunt de luchtvochtigheid regelen. (zie 9.6 Vakdeksel EasyFresh-safe)
6.3.1 Levensmiddelen sorteren
- Onverpakte groenten en fruit bewaren. Als de luchtvochtigheid te hoog is:
- Luchtvochtigheid regelen.
* afhankelijk van model en uitvoering 23
Pagina 24
Energie sparen
6.4 4-sterren-vriesvak*
Hier heerst bij -18 °C een droog, ijskoud klimaat. Een ijskoud klimaat is geschikt voor het bewaren van diepvriesproducten gedurende meerdere maanden, voor het maken van ijsblokjes en voor het invriezen van verse levensmiddelen.
De luchttemperatuur in het vriesvak, gemeten met een thermometer of andere meetapparatuur, kan variëren. De temperatuurschommelingen zijn in een halfvol of leeg vriesvak groter en het is mogelijk dat temperaturen hoger dan -18 °C worden bereikt.
6.4.1 Levensmiddelen invriezen
U kunt binnen 24 uur maximaal zoveel verse levensmiddelen invriezen als op het typeplaatje (zie 11.5 Typeplaatje) onder "Invriescapaciteit ... kg/24h" wordt aangegeven.
Houd u aan de volgende hoeveelheden per verpakking zodat de levensmiddelen snel tot de kern bevriezen:
- Groenten en fruit tot 1 kg - Vlees tot 2,5 kg
Levensmiddelen sorteren
VOORZICHTIG
Gevaar voor verwonding door glasscherven!
Flessen en blikjes drinken kunnen bij het invriezen springen. Dit geldt met name voor koolzuurhoudend drinken.
- Flessen en blikjes met drinken niet invriezen!
- Verpakte levensmiddelen in het vriesvak plaatsen.
Levensmiddelen ontdooien
WAARSCHUWING
Gevaar voor voedselvergiftiging!
- Ontdooide levensmiddelen nooit weer terug invriezen.
- Verwerk ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk.
U kunt levensmiddelen op verschillende manieren ontdooien:
- In het koelgedeelte - In de magnetron - In de oven/heteluchtoven - Bij kamertemperatuur
- Slechts zoveel levensmiddelen verwijderen als nodig is.
6.5 Opslagtijden
De aangegeven opslagtijden zijn richtwaarden.
Bij levensmiddelen met gegevens over de minimale houdbaarheid geldt altijd de op de verpakking aangegeven datum.
6.5.1 Koelgedeelte
De minimale houdbaarheidsdatum op de verpakking is van toepassing.
6.5.2 Vriesvak*
| Richtwaarden voor de opslagduur levensmiddelen | van verschillende | ||
| IJs | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Worst, ham | bij -18 | °C | 2 tot 3 maanden |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
| Richtwaarden voor de opslagduur levensmiddelen | van verschillende | ||
| Brood, bakkerijproducten | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Wild, varkensvlees | bij -18 | °C | 6 tot 9 maanden |
| Vis, vet | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Vis, mager | bij -18 | °C | 6 tot 8 maanden |
| Kaas | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Gevogelte, rundvlees | bij -18 | °C | 6 tot 12 maanden |
| Groente, fruit | bij -18 | °C | 6 tot 12 maanden |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
7 Energie sparen
- Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieopeningen resp. -roosters niet af.
- Installeer het apparaat niet in direct zonlicht of naast een verwarming of iets dergelijks.
- Als u het apparaat direct naast een oven installeert, kan het energieverbruik iets toenemen. Dit is afhankelijk van de duur en intensiteit van het gebruik van de oven.
- Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsingsomstandigheden zoals bijv. de omgevingstemperatuur . Bij een warmere omgevingstemperatuur kan het energieverbruik toenemen.
- Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk.
- Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger het energieverbruik.
- Levensmiddelen gesorteerd rangschikken: home.liebherr.com/food.
- Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren.
Condensvorming wordt voorkomen.
- Levensmiddelen zolang als nodig eruit halen, zodat ze niet te warm worden.
- Warme gerechten plaatsen: eerst tot op kamertemperatuur laten afkoelen.
- Diepvriesproducten in de koelruimte ontdooien.*
- Als in het apparaat een dikke ijsaanslag aanwezig is:
Apparaat ontdooien.*
- Bij langere vakantieperioden de Holiday-functie gebruiken .
8 Bediening
8.1 Bedienings- en weergave-elementen
8.1.1 Statusindicatie
Fig. 75 Statusindicatie is werkelijke temperatuur.
- (1) Temperatuurweergave van het koelgedeelte
8.1.2 Symbolen
De symbolen geven informatie over de actuele staat van het apparaat.
24 * afhankelijk van model en uitvoering