Liebherr MRFvd 5511, tekst van de handleiding
Pagina's 14–21 van 22 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 14
Opstellen en aansluiten
- Stekker er linksboven insteken.
Fig. 39
- Afdekking plaatsen.
Fig. 42
- Voorste afdekkingen Fig. 42 (1) zijdelings aanbrengen en van binnen vastklikken.
- Bovenste afdekking Fig. 42 (2) van boven vastklikken.
- Deur sluiten.
▷ De deurscharnieren zijn gewisseld.
3.7 Deur uitlijnen
Als de deur niet recht is, kunt u de deur aan de onderste scharnierhoek afstellen.
Fig. 40
- Sluithaak vastschroeven.
Fig. 41
- Deur openen.
Fig. 43
Fig. 44
- Beide schroeven iets losmaken en deur met scharnierhoek naar rechts of links verschuiven.
▷ De deur is recht uitgelijnd.
14 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 15
| Opstellen en aansluiten | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 3.8 Apparaat | opstellen | Fig. 46 | ||||||||
| Apparaat optillen: | ||||||||||
| ► Stelvoet rechtsom draaien. | ||||||||||
| VOORZICHTIG | Apparaat neerlaten: | |||||||||
| Letsel- ► Apparaat | en beschadigingsgevaar! | met 2 | personen | opstellen. | ► Stelvoet linksom draaien. | |||||
| 3.10 Plaatsen van meerdere apparaten | ||||||||||
| LET OP | ||||||||||
| VOORZICHTIG Letsel- en | beschadigingsgevaar! | Beschadigingsgevaar door condenswater tussen de zijwanden! | ||||||||
| De deur beschadigd. | kan | tegen Bij glazen | de | wand | deuren | slaan kan | en hierdoor worden ► Het apparaat niet direct naast een ander koelapparaat het beschadigde glas tot plaatsen. | |||
| letsel leiden! ► Deur | tegen het | slaan | tegen de | ► Apparaat met afstand van 3 cm tussen de apparaten wand beveiligen. Deur‐ | ||||||
| stopper, | bijv. | van | vilt, | op de wand | opstellen. aanbrengen. ► Meerdere apparaten alleen tot temperaturen van klimaat‐ | |||||
| ► Alle benodigde | onderdelen | (bijv. | netkabel) op de achter‐ klasse CC2 (32,2 °C, 65 % luchtvochtigheid) naast elkaar plaatsen. | |||||||
| zijde leiden. | van | het apparaat | aansluiten | en naar de zijkant ► Bij hoge luchtvochtigheid afstand tussen de apparaten vergroten. | ||||||
| Aanwijzing | ||||||||||
| Kabels ► Kabels | kunnen bij | beschadigd het terugschuiven | worden! | niet ingeklemd raken. | ||||||
| Fig. 47 Side-by-side-opstelling | ||||||||||
| Aanwijzing | ||||||||||
| Een side-by-side-kit is als toebehoren via de Liebherr-klan‐ | ||||||||||
| tenservice verkrijgbaar. (zie 9.3 Klantenservice) | ||||||||||
| 3.11 Na het plaatsen | ||||||||||
| Fig. ► Apparaat | 45 | ofwel | vrij | in | de ruimte | of direct tegen een wand ► Beschermfolies verwijderen. * | ||||
| met een | minimumafstand | van | 5 mm Fig. 45 (1) opstellen. ► Apparaat reinigen. (zie 8.2 Apparaat reinigen) ► Factuur bewaren om voor servicediensten apparaat- en | |||||||
| 3.9 | Apparaat | uitlijnen | dealergegevens beschikbaar te hebben. | |||||||
| 3.12 Afvalverwerking van de verpakking | ||||||||||
| LET Vervorming ► Apparaat ► Oneffen | OP | van ondergrond | het horizontaal | apparaat | met | en en verticaal stelvoeten | deur sluit niet. uitlijnen. compenseren. WAARSCHUWING | |||
| Gevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie! | ||||||||||
| WAARSCHUWING | ► Kinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen. | |||||||||
| Niet-deskundige | hoogteverstelling | De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal: van de stelvoet! - Golfkarton/karton | ||||||||
| Zwaar tot | dodelijk | letsel. | Door verkeerde hoogteverstelling | |||||||
| kan het | onderdeel | van de stelvoet losraken en het apparaat - Onderdelen uit geschuimd polystyreen | ||||||||
| kantelen. ► De | stelvoet | er | niet | - Folies en zakken uit polyetheen te ver uitdraaien. - Spanbanden uit polypropeen | ||||||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
- Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met polyethyleen*
- Breng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamelpunt.
* afhankelijk van model en uitvoering 15
Pagina 16
In gebruik nemen
3.13 Apparaat op de stroomvoorziening aansluiten
WAARSCHUWING
Gevaar voor elektrische schokken en letsel door beschadigd apparaat of beschadigd netsnoer!
Levensgevaar en snijwonden. Als het apparaat of netsnoer tijdens het transport beschadigd zijn geraakt, kunt u een dodelijke elektrische schok krijgen. Bovendien kunt u zich snijden aan beschadigde onderdelen van de behuizing van het apparaat.
- Controleer apparaat en netsnoer na het transport op beschadiging.
- Neem het apparaat in geen geval in gebruik, als het apparaat of netsnoer beschadigd zijn.
- Neem contact op met de klantenservice.
LET OP
Risico op schade door overbelasting van het elektriciteitsnet!
Indien u het apparaat samen met andere grootverbruikers (bijv. oven) op hetzelfde elektriciteitsnet gebruikt, kunnen netspanningsschommelingen het apparaat beschadigen.
- Let op de vereisten voor de stroomvoorziening.
(🢧dynamic link)
- Gebruik het apparaat uitsluitend bij stabiele netspanning en correcte aarding.
U sluit uw apparaat met de apart aangesloten voedingskabel aan op het lichtnet. De voedingskabel heeft aan het vrije uiteinde een netstekker.
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- Apparaat en voedingskabel zijn onbeschadigd.
- Apparaat is volgens de voorschriften opgesteld. (zie 3.8 Apparaat opstellen)
- Vereisten aan de elektrische aansluiting zijn aangehouden.
- Maten voor de voorschriftmatige aansluiting zijn bekend en aangehouden.
- Netspanning en spanningsfrequentie komen overeen met de gegevens op het typeplaatje.
- Contactdoos is overeenkomstig de voorschriften geaard en elektrisch gezekerd.
- Uitschakelstroom van de zekering ligt tussen 10 A en 16 A.
- Contactdoos is eenvoudig toegankelijk en bevindt zich niet achter het apparaat.
WAARSCHUWING
Brandgevaar door verkeerd aansluiten! Brandwonden.
Beschadigingen van het apparaat.
- Geen verlengkabel gebruiken.
- Geen verdeeldozen gebruiken.
LET OP
Gevaar voor beschadiging door verkeerd aansluiten! Beschadigingen van het apparaat.
- Sluit het apparaat niet aan op stand-alone-omvormers zoals zonne-energiesystemen en benzinegenerators.
- Netsnoer van de netaansluiting op de stroomvoorziening aansluiten. Let op een goede bevestiging van de contactdoos.
▷ Apparaat is aangesloten. Eerste inbedrijfstelling zie volgende hoofdstuk of gebruiksaanwijzing.
4 In gebruik nemen
4.1 Apparaat inschakelen
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- Apparaat is opgesteld, uitgelijnd en een geschikte contactdoos is voorhanden.
- Alle plakstroken, plak- en beschermfolies alsook de transportbeveiligingen in en op het apparaat zijn verwijderd.
- Netstekker in de contactdoos steken.
▷ Het apparaat is ingeschakeld zodra de temperatuur op het display verschijnt.
5 Opslag
5.1 Instructies voor opslag
Aanwijzing
Het niet opvolgen van deze gegevens kan leiden tot bederf van levensmiddelen.
1
Fig. 49
1
Fig. 48 Voorbeeld
Bij het bewaren in acht nemen:
❑Als draagplateaus Fig. 48 (1) verstelbaar zijn, kunnen deze in de hoogte worden aangepast.
❑Maximale belading in acht nemen. (zie 9.1 Technische gegevens) ❑Apparaat pas beladen, zodra de opslagtemperatuur werd bereikt (inachtneming van koelketen).
❑Gekoelde goederen mogen de achterwand niet raken. ❑Koelproduct steekt niet uit over het draagplateau. ❑Koelgoed goed verpakken.
❑Koelgoed die gemakkelijk geur of smaak aannemen of afgeven in gesloten houders verpakken of afdekken. ❑Vloeistoffen in gesloten houders bewaren.
❑Rauw vlees of rauwe vis in schone, gesloten containers bewaren. Zo voorkomt u dat vlees of vis in contact komen met andere levensmiddelen.
❑Koelgoed met tussenafstand bewaren zodat de lucht goed kan circuleren.
16 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 17
5.2 Bewaartijden
De op de verpakking aangegeven houdbaarheidsdatum geldt als richtlijn voor de bewaartijd.
6 Bediening
6.1 Bedienings- en weergave-elementen
Fig. 50
MRFvd 3501 MRFvd 4001 MRFvd 5501
MRFvd 3511 MRFvd 4011 MRFvd 5511
Fig. 50 (1) Slot
Fig. 50 (2) Temperatuurweergave Fig. 50 (3) Deurcontactschakelaar licht Fig. 50 (4) Temperatuurregelaar Fig. 50 (5) Deurcontactschakelaar ventilator Fig. 50 (6) Lichtschakelaar aan/uit
Bediening
Temperatuur instellen
Fig. 51 Regelknop voor temperatuurinstelling
- Lagere temperatuur in het apparaat instellen: Regelaar in de richting „Max” draaien. In stand „Max” wordt de laagste temperatuur in het apparaat bereikt.
- Hogere temperatuur in het apparaat instellen: Regelaar in de richting „Min” draaien.
Digitale thermometer kalibreren
Fig. 52 Voorbeeld
De thermometer is in de fabriek al gekalibreerd (offset van +6 Kelvin). Als de temperatuur in het apparaat Fig. 52 (1) afwijkt van de temperatuurweergave, kunt u de thermometer kalibreren.
Instelbereik: +/- 10 Kelvin in stappen van 1 Kelvin.
6.2 Apparaatfuncties
6.2.1 Temperatuur
De temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren: - hoe vaak de deur wordt geopend - hoe lang de deur geopend blijft - de ruimtetemperatuur op de plaats van opstelling - type, temperatuur en hoeveelheid van de te koelen producten
Aanwijzing
In sommige delen van de binnenruimte kan de luchttemperatuur afwijken van de weergegeven temperatuur.
Met de correcte temperatuur blijven de te koelen producten langer houdbaar. Overbodig weggooien kan zo worden vermeden.
Aanbevolen temperatuurinstelling: zie temperatuurklasse op het typeplaatje. (zie 2.4 Toepassingsgebied van het apparaat)
Fig. 53
- Sluithaak Fig. 53 (1) losschroeven.
- Afdekking Fig. 53 (2) met een kleine schroevendraaier losmaken en verwijderen.
* afhankelijk van model en uitvoering 17
Pagina 18
Uitrusting
7 Uitrusting
7.1 Veiligheidsslot
Fig. 54
- Offset met stelschroef instellen.
- Ingestelde offset wordt kort op het display weergegeven en schakelt vervolgens terug naar de temperatuurweergave.
Het slot in de deur van het apparaat is voorzien van een veiligheidsmechanisme.
7.1.1 Apparaat vergrendelen
Fig. 57 Voorbeeld
- Sleutel erin duwen.
- Sleutel 90° linksom draaien. ▷ Het apparaat is afgesloten.
7.1.2 Apparaat opensluiten
Fig. 58 Voorbeeld
- Sleutel erin duwen Fig. 58 (1).
- Sleutel 90° rechtsom draaien Fig. 58 (2). ▷ Het apparaat is opengesloten.
8 Onderhoud
Fig. 55
- Afdekking plaatsen Fig. 55 (1).
- Sluithaak vastschroeven Fig. 55 (2).
▷ Digitale thermometer is gekalibreerd.
▷ Display geeft na ongeveer 2 minuten de ingestelde temperatuur aan.
6.2.2 Verlichting
Het apparaat is voorzien van een binnenverlichting.
De binnenverlichting wordt altijd ingeschakeld als de deur van het apparaat wordt geopend.
Verlichting inschakelen/uitschakelen*
Fig. 56
- Lichtschakelaar bedienen.
▷ Verlichting is in- of uitgeschakeld.
8.1 Apparaat ontdooien
WAARSCHUWING
Apparaat op de verkeerde manier ontdooid!
Verwondingen en beschadigingen.
- Om het ontdooiproces te versnellen, geen mechanische hulpmiddelen of andere middelen gebruiken die niet door de fabrikant worden aanbevolen.
- Gebruik voor het ontdooien geen elektrische verwarmings- of stoomreinigingsapparaten, open vuur of ontdooisprays.
- IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen.
Het ontdooien gebeurt automatisch. Het dooiwater wordt via de afvoeropening afgevoerd en verdampt.
Om de functionaliteit van het apparaat te behouden, raden we aan het te ontdooien als er veel ijsvorming is. Voor ijsvorming in de binnenruimte zijn de plaats van opstelling (bijv. een hoge luchtvochtigheid), instellingen op het apparaat en verkeerd gebruikersgedrag bepalend.
Als het automatisch ontdooien niet voldoende is, moet het apparaat handmatig worden ontdooid:
- Apparaat uitschakelen.
- Netstekker loskoppelen.
- Koelgoed verplaatsen.
- Apparaatdeur tijdens ontdooien open laten.
- Resterend condenswater met een doek opnemen, afvoeropening en het apparaat reinigen.
18 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 19
Onderhoud
8.2 Apparaat reinigen
8.2.1 Voorbereiden
WAARSCHUWING
Gevaar voor kortsluiting door onder stroom staande onderdelen!
Elektrische schok of beschadiging van de elektronica.
- Apparaat uitschakelen.
- Netstekker eruit trekken of zekering uitschakelen.
WAARSCHUWING
Brandgevaar
- De buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet beschadigen.
- Apparaat leegmaken.
- Netstekker eruit halen.
- Aanwijzingen voor het transport van het apparaat in acht nemen.
8.2.2 Behuizing reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging!
Beschadigingen aan het apparaat.
- Uitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutrale allesreiniger gebruiker.
- Gebruik geen schurende of krassende sponzen of staalwol.
- Gebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaakmiddelen.
WAARSCHUWING
Gevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom! Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de oppervlakken beschadigen.
- Gebruik geen stoomreinigers!
LET OP
Beschadigingsgevaar door kortsluiting!
- Bij het reinigen van het apparaat voorkomen dat reinigingswater in de elektrische componenten dringt.
- Behuizing met een zachte, schone doek schoonvegen. Bij sterke vervuiling lauwwarm water met neutraal reinigingsmiddel gebruiken. Glazen oppervlakken kunnen ook met een glasreinigingsmiddel worden gereinigd.
- Condensorspiraal jaarlijks reinigen. Als de condensorspiraal niet wordt gereinigd, leidt dit tot een aanzienlijke reductie van de efficiëntie van het apparaat.
8.2.3 Ventilatorafdekking reinigen
LET OP
Beschadigingsgevaar door kortsluiting!
- Bij het reinigen van het apparaat voorkomen dat reinigingswater in de elektrische componenten dringt.
LET OP
Ondeskundige reiniging!
Beschadigingen aan het apparaat.
- Uitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutrale allesreiniger gebruiker.
- Gebruik geen schurende of krassende sponzen of staalwol.
- Gebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaakmiddelen.
Fig. 59
- Ventilatorafdekkingen voorzichtig aan de zijkant eruit halen Fig. 59 (1) en naar de voorkant toe verwijderen Fig. 59 (2).
- Ventilatieopeningen van de ventilatorafdekkingen onder stromend water doorspoelen. Bij sterke vervuiling: lauwwarm water met neutraal reinigingsmiddel gebruiken.
- Ventilatorafdekkingen volledig in de lucht laten drogen.
- Ventilatorafdekkingen weer in het apparaat plaatsen.
8.2.4 Binnenruimte reinigen
WAARSCHUWING
Gevaar voor kortsluiting door onder stroom staande onderdelen!
Elektrische schok of beschadiging van de elektronica.
- Apparaat uitschakelen.
- Netstekker eruit trekken of zekering uitschakelen.
WAARSCHUWING
Gevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom! Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de oppervlakken beschadigen.
- Gebruik geen stoomreinigers!
LET OP
Ondeskundige reiniging!
Beschadigingen aan het apparaat.
- Uitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutrale allesreiniger gebruiker.
- Gebruik geen schurende of krassende sponzen of staalwol.
- Gebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaakmiddelen.
Aanwijzing
- Condensafvoer (zie 2.2 Apparaat- en uitrustingsoverzicht) : Afzettingen met een dun hulpmiddel (bijvoorbeeld wattenstaafjes) verwijderen.
* afhankelijk van model en uitvoering 19
Pagina 20
Klantenhulp
| Maximale belading | per steunvlak A) | ||
|---|---|---|---|
| Aanwijzing Typeplaatje aan binnenzijde van apparaat niet beschadigen of verwijderen. Typeplaatje is belangrijk voor de klantenservice. (zie 9.3 Klantenservice) ► Deur openen. ► Apparaat leegmaken. ► Binnenruimte en uitrustingsdelen met lauwwarm water en een beetje afwasmiddel reinigen. Geen zand- of zuurhoudende reinigingsmiddelen en geen chemische oplosmiddelen gebruiken. | |||
| Apparaatbreedte | 550 mm 600 mm | 750 mm | |
| Glasplaat | 40 kg 40 kg | 40 kg | |
| Schuiflade (vriesapparatuur) | 15 kg 15 kg | 15 kg | |
| A) Bij zware belading | kunnen de steunen iets doorbuigen. | ||
| Netto-inhoud | |||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
8.2.5 Na het reinigen Zie de nuttige inhoud op het typeplaatje. (zie 2.2 Apparaat- en uitrustingsoverzicht)
- Apparaat en uitrustingsdelen droogwrijven.
- Apparaat aansluiten en inschakelen.
Als de temperatuur voldoende koud is:
- Koelgoed erin leggen.
- Reiniging regelmatig herhalen.
| Verlichting | |
|---|---|
| Energie-efficiëntieklasse A) | Lichtbron |
| Dit product bevat een of meerdere lichtbronnen van energie-efficiëntieklasse F | Led |
| A) Dit product kan lichtbronnen met verschillende | energie- |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
- Koelmachine met warmtewisselaar een keer per jaar reinigen en ontstoffen.
9 Klantenhulp efficiëntieklassen bevatten. De laagste energie-efficiëntieklasse is aangegeven.
9.1 Technische gegevens
Temperatuurbereik
Koelen +1 °C tot +15 °C
| Maximale belading per steunvlak A) | |||
|---|---|---|---|
| Apparaatbreedte | 550 mm | 600 mm | 750 mm |
| Oplegroosters | -- | 45 kg | 60 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
9.2 Technische storing
Uw apparaat is zodanig geconstrueerd en gemaakt dat functieveiligheid en lange levensduur gegarandeerd zijn. Als er tijdens de werking een storing optreedt, controleer dan of de storing werd veroorzaakt door een bedieningsfout. In dat geval moeten ook de tijdens de garantieperiode gemaakte kosten aan u worden doorberekend.
De volgende storingen kunt u zelf verhelpen.
9.2.1 Apparaatfunctie
| Probleem | Oorzaak | Oplossing | |
|---|---|---|---|
| Het apparaat werkt niet. | Het apparaat is niet ingeschakeld. | ► Apparaat inschakelen. | |
| De netstekker steekt niet correct in het stopcontact. | ► Netstekker controleren. | ||
| De zekering van het stopcontact is niet in orde. | ► Zekering controleren. | ||
| Stroomuitval | ► Apparaat gesloten houden. | ||
| Temperatuur is te laag. | De apparaatdeur is niet correct aangesloten. | ► Apparaatdeur sluiten. | |
| De be- en ontluchting is onvoldoende. | ► Ventilatieroosters vrijmaken en reinigen. | ||
| De omgevingstemperatuur is te hoog. | ► Let op de juiste omgevingsvoorwaarden: (zie 2.4 Toepassingsgebied van het apparaat) | ||
| Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. | ► Afwachten of de noodzakelijke temperatuur vanzelf weer wordt ingesteld. Als dit niet gebeurt, dan contact opnemen met de klantenservice. (zie 9.3 Klantenservice) | ||
| De temperatuur is verkeerd ingesteld. | ► Temperatuur lager instellen en na 24 uur controleren. | ||
| Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis, verwarming etc.). | ► Opstelplaats van het apparaat of de warmtebron veranderen. | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
9.3 Klantenservice
Controleer eerst of u de fout zelf kunt oplossen . Als dit niet het geval is, contact met de klantenservice opnemen.
U vindt het adres in de bijgevoegde brochure „Liebherr Service” of op home.liebherr.com/service.
20 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 21
Buiten bedrijf stellen
WAARSCHUWING
Ondeskundige reparatie!
Verwondingen.
- Reparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaansluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie 8 Onderhoud) , uitsluitend door de Technische Dienst laten uitvoeren.
- Beschadigde netaansluiting alleen door de fabrikant, de klantenservice of een dergelijk gekwalificeerde persoon laten vervangen.
- Bij apparaten met stekker voor koelapparaten mag ook de klant zelf de vervanging uitvoeren.
9.3.1 Contact met de klantenservice opnemen
Zorg ervoor dat u de volgende apparaatinformatie beschikbaar hebt:
❑Apparaataanduiding (model en index) ❑Servicenr. (Service) ❑Serienr. (S-Nr.)
-of-
- Apparaatinformatie van het typeplaatje aflezen. (zie 9.4 Typeplaatje)
- Apparaatinformatie noteren.
- Klantenservice informeren: Fout en apparaatinformatie mededelen.
▷ Zo is een snelle en doelgerichte service mogelijk.
- Verdere instructies van de klantenservice opvolgen.
9.4 Typeplaatje
Het typeplaatje bevindt zich aan de binnenkant van het apparaat. Zie apparaatoverzicht.
Fig. 60
- (1) Apparaataanduiding
- (2) Service-nr.
- (3) Serie-nr.
10 Buiten bedrijf stellen
- Apparaat leegmaken.
- Apparaat uitschakelen.
- Trek de netstekker uit het stopcontact.
- Apparaat reinigen. (zie 8.2 Apparaat reinigen)
- Indien beschikbaar: Verwijder afdekkingen en isolatie van de sensordoorvoer om schimmelvorming te voorkomen.
- Deur open laten, zodat geen slechte geur kan ontstaan.
Aanwijzing
Beschadiging van het apparaat en storingen!
- Na de buitenbedrijfstelling mag het apparaat alleen worden gebruikt bij een toelaatbare kamertemperatuur tussen -10 °C en +50 °C opslaan.
11 Afvalverwijdering
11.1 Apparaat op afvoer voorbereiden
Liebherr maakt bij sommige apparaten gebruik van batterijen. In de EU is het nu voor de consument wettelijk verplicht deze batterijen voor de afvoer van apparaten te verwijderen. Als uw apparaat batterijen bevat, wordt dit op het apparaat aangegeven.
Lampen
Als u lampen zelfstandig en zonder kapot te maken kunt verwijderen, verwijder deze dan eveneens voor het voeren.
- Apparaat buiten bedrijf stellen.
- Indien mogelijk: verwijder lampen zonder deze kapot te maken.
11.2 Apparaat volgens milieuvoorschriften afvoeren
Het apparaat bevat waardevolle materialen en moet gescheiden van het ongesorteerde, huishoudelijke afval worden afgevoerd.
Voer batterijen gescheiden van het apparaat af. Batterijen kunnen gratis worden ingeleverd bij de winkel en bij andere inleverpunten zoals het gemeentelijk depot en de chemokar.
Lampen
Voor Duitsland:
Lever gedemonteerde lampen in bij een daarvoor bestemd inleverpunt.
U kunt het apparaat gratis inleveren bij de milieustraat. Bij de aankoop van een nieuwe koelkast of vriezer en een verkoopoppervlak > 400 m² neemt de dealer het oude apparaat ook gratis terug.
WAARSCHUWING
Vrijkomend koudemiddel en olie!
Brand. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar wel brandbaar. De gebruikte olie is ook brandbaar. Vrijkomend koelmiddel en vrijkomende olie kunnen bij hoge concentratie en in contact met een externe warmtebron ontvlammen.
- Buisleidingen van de koelmiddelkringloop en compressor niet beschadigen.
- Aanwijzingen voor het transport van het apparaat in acht nemen.
- Voer het apparaten af zonder het te beschadigen.
- Voer batterijen, lampen en het apparaat af zoals hierboven beschreven.
12 Aanvullende informatie
Meer informatie over garantiebepalingen vindt u in de meegeleverde servicebrochure of op internet op https:// home.liebherr.com.
* afhankelijk van model en uitvoering 21