Liebherr SUFNc 375i, tekst van de handleiding
Pagina's 8–21 van 22 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 8
Energie sparen
Houd u aan de volgende hoeveelheden per verpakking zodat de levensmiddelen snel tot de kern bevriezen:
- Groenten en fruit tot 1 kg - Vlees tot 2,5 kg
Levensmiddelen invriezen met SuperFrost
Afhankelijk van de vrieshoeveelheid kunt u voor het invriezen SuperFrost activeren om lagere vriestemperaturen te verkrijgen. (zie SuperFrost)
- SuperFrost activeren als de hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen groter dan ca. 2 kg is.
Het tijdstip waarop u SuperFrost activeert is afhankelijk van de hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:
| Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Tijdstip voor activering van SuperFrost |
| Kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | SuperFrost ongeveer 6 uur vóór het invriezen activeren. Zodra het apparaat SuperFrost automatisch deactiveert, kunt u het voedsel opnieuw sorteren. |
| Maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | SuperFrost ongeveer 24 uur vóór het invriezen activeren. Zodra het apparaat SuperFrost automatisch deactiveert, kunt u het voedsel opnieuw sorteren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
Levensmiddelen sorteren
VOORZICHTIG
Risico van letsel door glasscherven!
Flessen en blikjes dranken kunnen barsten tijdens het invriezen. Dit geldt met name voor koolzuurhoudende dranken.
| ► Flessen en blikjes met dranken alleen invriezen als u de BottleTimer-functie in de SmartDevice-app hebt geactiveerd. | |
| Hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Levensmiddelen sorteren |
| Kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Verpakte levensmiddelen over alle lades verdelen. Levensmiddelen indien mogelijk achter in de lade tegen de achterzijde leggen. |
| Maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen | Verpakte levensmiddelen over alle lades verdelen. Levensmiddelen indien mogelijk achter in de lade tegen de achterzijde leggen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
5.2.2 Levensmiddelen ontdooien
WAARSCHUWING
Gevaar voor voedselvergiftiging!
- Ontdooide levensmiddelen nooit weer terug invriezen.
- Verwerk ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk.
U kunt levensmiddelen op verschillende manieren ontdooien:
- In een koelapparaat - In de magnetron
- In de oven/heteluchtoven - Bij kamertemperatuur
- Slechts zoveel levensmiddelen verwijderen als nodig is.
5.3 Opslagtijden
De aangegeven opslagtijden zijn richtwaarden.
Bij levensmiddelen met gegevens over de minimale houdbaarheid geldt altijd de op de verpakking aangegeven datum.
| Richtwaarden voor de opslagduur levensmiddelen | van verschillende | ||
| IJs | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Worst, ham | bij -18 | °C | 2 tot 3 maanden |
| Brood, bakkerijproducten | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Wild, varken | bij -18 | °C | 6 tot 9 maanden |
| Vis, vet | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Vis, mager | bij -18 | °C | 6 tot 8 maanden |
| Kaas | bij -18 | °C | 2 tot 6 maanden |
| Gevogelte, rundvlees | bij -18 | °C | 6 tot 12 maanden |
| Groente, fruit | bij -18 | °C | 6 tot 12 maanden |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
6 Energie sparen
- Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieopeningen resp. -roosters niet af.
- Houd de ventilatieluchtopeningen altijd vrij.
- Installeer het apparaat niet in direct zonlicht of naast een verwarming of iets dergelijks.
- Als u het apparaat direct naast een oven installeert, kan het energieverbruik iets toenemen. Dit is afhankelijk van de duur en intensiteit van het gebruik van de oven.
- Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsingsomstandigheden zoals bijv. de omgevingstemperatuur . Bij een warmere omgevingstemperatuur kan het energieverbruik toenemen.
- Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk.
- Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger het energieverbruik.
- Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren.
Condensvorming wordt voorkomen.
- Warme gerechten plaatsen: eerst tot op kamertemperatuur laten afkoelen.
7 Bediening
7.1 Bedienings- en weergave-elementen
7.1.1 Statusindicatie
Fig. 6 Statusindicatie is werkelijke temperatuur.
- (1) Temperatuurindicatie
8 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 9
7.1.2 Symbolen
De symbolen geven informatie over de actuele staat van het apparaat.
Symbool
Toestand van het apparaat
Stand-by
Apparaat of temperatuurzone is uitgeschakeld.
Knipperend cijfer
Apparaat werkt. Temperatuur knippert tot de ingestelde waarde is bereikt.
Knipperend symbool
Apparaat werkt. Instelling wordt uitgevoerd.
7.2 Apparaatfuncties
7.2.1 Opmerkingen over de functies van het apparaat
De apparaatfuncties zijn af fabriek zo ingesteld dat uw apparaat volledig functioneel is.
Voordat u de functies van het apparaat wijzigt, activeert of deactiveert, controleert u of aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑U hebt de beschrijvingen over de werking van het display gelezen en begrepen. (zie 3 Werking van het Touch & Swipe-display) ❑U hebt kennisgemaakt met de bedienings- en weergave-elementen van uw apparaat.
Apparaat uit- en inschakelen
Gebruik deze functie om het hele apparaat uit en in te schakelen.
Apparaat uitschakelen
Als u het apparaat uitschakelt, blijven de eerder aangebrachte instellingen opgeslagen.
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑Instructies (zie 11 Buiten bedrijf stellen) zijn uitgevoerd.
Fig. 7
Fig. 8
Bediening
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Apparaat is uitgeschakeld.
▷ Stand-bysymbool verschijnt op het display. ▷ Display wordt zwart.
Apparaat inschakelen
Als het display zich in sluimermodus bevindt:
- Display kort aanraken.
Fig. 9 Voorbeeldweergave
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
Wanneer het apparaat opstart in demomodus:
- Demomodus deactiveren. (zie Demomodus deactiveren) ▷ Apparaat is ingeschakeld.
▷ Eerder aangebrachte instellingen zijn hersteld.
▷ Apparaat koelt tot de ingestelde doeltemperatuur.
WLAN
Met deze functie verbindt u uw apparaat met WiFi. U kunt uw apparaat vervolgens op een mobiel eindapparaat bedienen via de SmartDevice-app. Met deze functie kunt u de WiFi-verbinding ook weer verbreken of herstellen. Meer informatie over SmartDevice: (zie 2.3 SmartDevice)
Aanwijzing
In de volgende landen is de SmartDevice-functie niet beschikbaar: Rusland, Belarus, Kazachstan.
Voor de eerste keer verbinding maken met WiFi
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan: ❑SmartDevice-app is geïnstalleerd (zie apps.home.liebherr.com).
❑Registratie in de SmartDevice-app is afgesloten.
Fig. 10
Fig. 11
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
* afhankelijk van model en uitvoering 9
Pagina 10
Bediening
▷ Verbinding is gemaakt.
WLAN-verbinding verbreken
Fig. 12
Fig. 13
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Verbinding is verbroken.
WLAN-verbinding resetten
Fig. 14
Fig. 15
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ WiFi-verbinding en andere WiFi-instellingen zijn teruggezet naar de fabrieksinstellingen.
Informatie over de WiFi-verbinding weergeven
Fig. 16
Fig. 17
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
Temperatuur
Met deze functie stelt u de temperatuur in.
De temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren: - Hoe vaak de deur wordt geopend - Hoe lang de deur geopend blijft - Kamertemperatuur van de plaats van opstelling - Type, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelen
| Vriesruimte | In de fabriek ingestelde temperatuur | Aanbevolen instelling |
| -18 °C | -18 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
Temperatuur instellen
Fig. 18 Voorbeeldweergave
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Temperatuur is ingesteld.
Temperatuureenheid
Met deze functie stelt u de temperatuureenheid in. U kunt als temperatuureenheid graden Celsius en graden Fahrenheit instellen.
10 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 11
Temperatuureenheid instellen
Fig. 19
Fig. 21 Voorbeeldweergave: Tussen Celsius en graden Fahrenheit schakelen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Temperatuureenheid is ingesteld.
SuperFrost
Met deze functie activeer of deactiveert u SuperFrost. Als u de SuperFrost activeert, versterkt het apparaat het vriesvermogen. Hierdoor kunt u lagere vriestemperaturen bereiken.
Toepassing:
- Vries vers voedsel snel in tot op de kern.
Dit zorgt ervoor dat de voedingswaarde, het uiterlijk en de smaak van het voedsel behouden blijven.
- Verhoog de koude reserve in opgeslagen bevroren voedsel voordat u het apparaat ontdooit.
Als de functie actief is, werkt het apparaat met een hoger vermogen. Hierdoor kunnen bedrijfsgeluiden van het apparaat tijdelijk luider zijn en kan het energieverbruik toenemen.
SuperFrost activeren
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Er wordt met de invrieshoeveelheid en het tijdstip voor activering van SuperFrost rekening gehouden. (zie Levensmiddelen invriezen met SuperFrost)
Fig. 22
Fig. 23
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
-of-
- Met de SmartDevice-app activeren.
▷ SuperFrost is geactiveerd.
▷ Temperatuurweergave wordt blauw.
Bediening
SuperFrost deactiveren
SuperFrost wordt afhankelijk van de hoeveelheid geplaatste levensmiddelen na 56 tot 72 uur automatisch gedeactiveerd. U kunt SuperFrost echter ook te allen tijde handmatig deactiveren:
Fig. 24
Fig. 25
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
-of-
- Met de SmartDevice-app deactiveren.
▷ SuperFrost is gedeactiveerd.
▷ Apparaat blijft in normale modus werken.
▷ Apparaat koelt af tot de eerder ingestelde temperatuur.
Start ontdooicyclus
Met deze functie start u de automatische ontdooicyclus handmatig als de ontdooicyclus bij een storing niet automatisch start.
Ontdooicyclus starten
Fig. 26
Fig. 27
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ De ontdooicyclus is gestart: Symbool knippert, tot de ontdooicyclus automatisch is voltooid.
▷ Wanneer de ontdooicyclus is voltooid: Apparaat blijft in normale modus werken.
Ontdooicyclus annuleren
De ontdooicyclus wordt automatisch beëindigd. U kunt de ontdooicyclus echter ook op elk moment tijdens het ontdooiproces annuleren:
Fig. 28
* afhankelijk van model en uitvoering 11
Pagina 12
Bediening
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ De ontdooicyclus is geannuleerd.
▷ Apparaat blijft in normale modus werken.
SabbathMode
Met deze functie activeer of deactiveert u de SabbathMode. Als u deze functie activeert, worden sommige elektronische functies uitgeschakeld. Dit betekent dat uw apparaat voldoet aan de religieuze vereisten op Joodse feestdagen zoals Sabbat en voldoet aan de STAR-K Kosher certificering.
Apparaatstatus bij actieve SabbathMode
De statusweergave geeft continu SabbathMode weer.
Alle functies op het display, behalve de functie SabbathMode deactiveren, zijn vergrendeld.
Actieve functies blijven actief.
Het display blijft helder, als u de deur sluit.
De binnenverlichting is gedeactiveerd.
Herinneringen worden niet uitgevoerd. De ingestelde tijdinterval wordt gestopt.
Herinneringen en waarschuwingen worden niet uitgevoerd.
Er is geen deuralarm.
Er is geen temperatuuralarm.
De ontdooi-cyclus werkt alleen conform de vooraf ingevoerde tijd zonder dat het gebruik van het apparaat in acht wordt genomen.
Na een stroomonderbreking keert het apparaat terug naar SabbathMode.
Apparaatstatus
Aanwijzing
Dit apparaat is gecertificeerd door het „Institute for Science and Halacha”. (www.machonhalacha.co.il)
Een lijst met STAR-K-gecertificeerde apparaten vindt u op www.star-k.org/appliances.
SabbathMode activeren
WAARSCHUWING
Vergiftigingsgevaar door verdorven levensmiddelen! Als u de SabbathMode geactiveerd hebt en de stroom uitvalt, verschijnt er geen melding in de statusweergave over de stroomuitval. Als de stroomuitval voorbij is, werkt het apparaat verder in SabbathMode. Stroomuitval kan ertoe leiden dat levensmiddelen bederven. De consumptie ervan kan voedselvergiftiging veroorzaken.
Na een stroomuitval:
- Levensmiddelen die bevroren waren en ontdooid zijn niet meer consumeren.
Fig. 29
Fig. 30
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ SabbathMode is geactiveerd.
▷ Statusweergave geeft permanent SabbathMode weer.
SabbathMode deactiveren
De SabbathMode wordt automatisch gedeactiveerd na 80 uur. U kunt de SabbathMode echter ook op elk moment handmatig deactiveren:
Fig. 31
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ SabbathMode is gedeactiveerd.
EnergySaver
Met deze functie activeert of deactiveert u de energiebesparingsmodus. Als u de energiebesparingsmodus activeert, daalt het energieverbruik en wordt de temperatuur in het apparaat hoger. De levensmiddelen blijven vers, maar de houdbaarheid wordt korter.
| Temperatuurzone | Aanbevolen instelling (zie Temperatuur instellen) | Temperatuur bij actieve Energy-Saver |
| -18 °C | -16 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)
Temperaturen
EnergySaver activeren
Fig. 32
Fig. 33
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Energiebesparingsmodus is geactiveerd.
EnergySaver deactiveren
Fig. 34
Fig. 35
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
12 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 13
▷ Energiebesparingsmodus is gedeactiveerd.
Display-helderheid
Met deze functie stelt u de helderheid van het display trapsgewijs in.
U kunt de volgende helderheidsniveaus instellen:
- 40% - 60% - 80% - 100 % (voorinstelling)
Helderheid instellen
Fig. 36
Fig. 37 Voorbeeldweergave: Van 80% naar 60% schakelen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Helderheid is ingesteld.
Deuralarm
Met deze functie activeert of deactiveert u het deuralarm. Het deuralarm klinkt als de deur te lang geopend is. Het deuralarm is bij levering geactiveerd. U kunt instellen hoe lang de deur mag zijn geopend, tot het deuralarm klinkt.
U kunt de volgende waarden instellen:
- 1 minuut - 2 minuten - 3 minuten - Uit
Deuralarm instellen
Fig. 38
Bediening
Fig. 39 Voorbeeldweergave: Deuralarm van 1 minuut in 3 minuten veranderen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Deuralarm is ingesteld.
Deuralarm deactiveren
Fig. 41
Fig. 42
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Deuralarm is gedeactiveerd.
Invoerblokkering
Met deze functie activeert of deactiveert u de invoerblokkering. De invoerblokkering voorkomt dat het apparaat onvoorzien door kinderen wordt bediend.
Toepassing:
- Voorkom onbedoelde wijziging van functies. - Voorkom onbedoeld uitschakelen van het apparaat. - Vermijd onbedoelde temperatuurinstelling.
Invoerblokkering activeren
Als u de invoerblokkering activeert, kunt u in de menu's navigeren, u kunt echter andere functies niet selecteren of wijzigen.
Fig. 43
Fig. 44
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Invoerblokkering is geactiveerd.
Invoerblokkering deactiveren
Fig. 45
* afhankelijk van model en uitvoering 13
Pagina 14
Bediening
Fig. 46
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Invoerblokkering is gedeactiveerd.
Taal
Met deze functie stelt u de weergavetaal in.
U kunt de volgende talen instellen:
- Duits
- Engels
- Frans
- Spaans
- Italiaans
- Nederlands
- Tsjechisch
- Pools
- Portugees
- Bulgaars
- Russisch
- Chinees
Taal instellen
Fig. 47
Fig. 48 Voorbeeldweergave afhankelijk van de taal en temperatuur
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Taal is ingesteld.
▷ Weergave springt terug naar de statusweergave.
Apparaatinformatie
Met deze functie geeft u de modelnaam, de index, het serienummer en het servicenummer van het apparaat weer. U heeft de apparaatinformatie nodig, als u contact opneemt met de klantenservice. (zie 10.4 Klantenservice)
Met deze functie opent u bovendien het menu Geavanceerd. (zie 3 Werking van het Touch & Swipe-display)
Apparaatinformatie weergeven
Fig. 49
Fig. 50
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Display geeft apparaatinformatie weer.
Software
Met deze functie stelt u de softwareversie van uw apparaat in.
Softwareversie weergeven
Fig. 51
Fig. 52
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Display geeft softwareversie weer.
Demomodus
De demomodus is een speciale functie voor dealers die apparaatfuncties willen demonstreren. Als u de demomodus activeert, zijn alle koudetechnische functies gedeactiveerd.
Als u uw apparaat inschakelt en in de statusweergave "Demo" verschijnt, is de demomodus al geactiveerd.
Als u de demomodus activeert en vervolgens weer deactiveert, wordt het apparaat teruggezet naar de fabrieksinstellingen. (zie Resetten naar fabrieksinstellingen)
Demomodus activeren
Fig. 53
14 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 15
Bediening
Fig. 54
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Demomodus is geactiveerd.
▷ Apparaat is uitgeschakeld.
- Apparaat inschakelen. (zie 4.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling)) ▷ In de statusweergave verschijnt "DEMO".
Demomodus deactiveren
Fig. 55
Fig. 56
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Demomodus is gedeactiveerd.
▷ Apparaat is uitgeschakeld.
- Apparaat inschakelen. (zie 4.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling)) ▷ Apparaat is teruggezet naar de fabrieksinstellingen.
Resetten naar fabrieksinstellingen
Gebruik deze functie om alle instellingen terug te zetten naar de fabrieksinstellingen. Alle instellingen die u tot nu toe hebt gemaakt, worden gereset naar de oorspronkelijke instellingen.
Reset uitvoeren
Fig. 57
Fig. 58
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Apparaat wordt gereset.
▷ Apparaat is uitgeschakeld.
- Apparaat opnieuw starten. (zie 4.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling))
* afhankelijk van model en uitvoering 15
Pagina 16
Bediening
7.3 Meldingen
Er zijn twee categorieën meldingen:
| Categorie | Betekenis |
|---|---|
| Waarschuwing | Waarschuwingen verschijnen bij een deuralarm of storing. Eenvoudige waarschuwingen kunt u zelf beëindigen. Bij ernstige storingen moet u contact opnemen met de klantenservice. (zie 10.4 Klantenservice) |
| Herinnering | Herinneringen herinneren u aan algemene procedures. U kunt deze procedures uitvoeren om de melding te beëindigen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
7.3.1 Overzicht van waarschuwingen
Gedrag van het apparaat bij waarschuwingen:
- Waarschuwing verschijnt in rood op het display. - Alarmtoon klinkt steeds harder.
- De binnenverlichting pulseert voor enkele waarschuwingen.
| Melding | Oorzaak | Melding beëindigen |
|---|---|---|
| Deuralarm | De melding verschijnt als de deur te lang open heeft gestaan. | Actiestappen uitvoeren. (zie Deuralarm) |
| Alarm bij stroomuitval | ||
| Temperatuuralarm | De melding verschijnt als de vriestemperatuur niet overeenkomt met de ingestelde temperatuur. | Actiestappen uitvoeren. (zie Temperatuuralarm) |
| Fout | De melding verschijnt als er een fout in het apparaat is. Een onderdeel van het apparaat heeft een fout. | Actiestappen uitvoeren. (zie Fout) |
| WLAN-fout | De melding verschijnt als het apparaat niet met het WLAN verbonden kon worden. (zie Voor de eerste keer verbinding maken met WiFi) De melding verschijnt alleen bij de eerste instelling. | Actiestappen uitvoeren. (zie WLANfout) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
7.3.2 Waarschuwingen beëindigen
Deuralarm
Fig. 59 Voorbeeldweergave
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
-of-
- Deur sluiten.
▷ Het display springt naar de statusweergave.
U kunt instellen hoe lang de deur mag zijn geopend, tot het deuralarm klinkt. (zie Deuralarm instellen)
Alarm bij stroomuitval
Als de stroomstoring voorbij is, koelt het apparaat automatisch af tot de eerder ingestelde doeltemperatuur zonder dat u de melding hoeft te bevestigen. U moet de melding echter wel bevestigen, zodat het van het display verdwijnt.
Fig. 60 Voorbeeldweergave
- Display kort aanraken.
▷ Het display toont informatie over de waarschuwing.
- Display kort aanraken.
▷ De warmste vriestemperatuur wordt weergegeven. ▷ Als de vriestemperatuur lager is dan -9 °C: Levensmiddelen kunnen nog steeds geconsumeerd worden. Als de vriestemperatuur hoger is dan -9 °C:
- Controleer voedsel.
- Display kort aanraken.
▷ Het display springt naar de statusweergave: Huidige temperatuur en doeltemperatuur worden weergegeven.
Temperatuuralarm
Temperatuurverschillen kunnen veroorzaakt worden door:
- U heeft warm, vers voedsel geplaatst.
- Bij het sorteren en uitnemen van levensmiddelen is teveel warme ruimtelucht binnen gestroomd.
- De stroom is langere tijd uitgevallen.
- Het apparaat is defect.
- Oorzaak verhelpen.
▷ Apparaat koelt af tot eerder ingestelde doeltemperatuur.
Fig. 61 Voorbeeldweergave
- Display kort aanraken.
16 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 17
▷ Het display toont informatie over de waarschuwing.
- Display kort aanraken.
▷ De warmste vriestemperatuur wordt weergegeven. ▷ Als de vriestemperatuur lager is dan -9 °C: Levensmiddelen kunnen nog steeds geconsumeerd worden. Als de vriestemperatuur hoger is dan -9 °C:
- Controleer voedsel.
- Display kort aanraken.
▷ Het display springt naar de statusweergave: Huidige temperatuur en doeltemperatuur worden weergegeven.
Fout
Fig. 62 Voorbeeldweergave
- Display kort aanraken.
▷ Foutcode wordt weergegeven.
- Noteer de foutcode.
- Display kort aanraken.
▷ Het display springt naar de statusweergave.
- Contact opnemen met de klantenservice. (zie 10.4 Klantenservice)
WLAN-fout
- WLAN-verbinding controleren.
- Sluit het apparaat opnieuw aan op het WLAN. (zie WLAN)
7.3.3 Overzicht van herinneringen
Gedrag van het apparaat met herinneringen:
- Herinnering verschijnt in geel op het display.
- Er klinkt een alarmtoon.
- Bij sommige herinneringen pulseert de binnenverlichting.
Uitrusting
Lade verwijderen
Fig. 63
- Lade tot de aanslag eruit trekken.
- Lade aan de voorkant optillen. Fig. 63 (1)
- Lade naar voren toe verwijderen. Fig. 63 (2)
Lade plaatsen
Fig. 64
- Lade schuin achter de stoppers op containerrib plaatsen. (zie Fig. 64)
- Lade neerlaten.
- Lade naar achteren erin schuiven.
8.2 Koelaccu
De koelaccu's verhinderen bij stroomuitval dat de temperatuur te snel stijgt.
De koelaccu's bevinden zich in de schuiflade.
8.2.1 Koelaccu gebruiken
8 Uitrusting
8.1 Laden
U kunt de laden voor reiniging verwijderen.
U kunt de laden verwijderen om VarioSpace te gebruiken.
De wijze van verwijderen en aanbrengen van de laden is afhankelijk van het uitschuifsysteem. Uw apparaat kan verschillende uitschuifsystemen bevatten.
Aanwijzing
Het energieverbruik stijgt en het koelvermogen neemt af als de ontluchting niet toereikende is.
- Onderste schuiflade in het apparaat laten.
- De luchtsleuf ventilator binnen aan het achterpaneel altijd vrijhouden.
8.1.1 Lade geleid op containerrib
De lade loopt direct op de containerrib. Er zijn geen rails.
Fig. 65
Wanneer de koelaccu's zijn bevroren:
- In het bovenste, voorste bereik van het vriesgedeelte op de diepvriesproducten leggen.
* afhankelijk van model en uitvoering 17
Pagina 18
Onderhoud
8.3 IJsblokjeshouder met deksel
8.3.1 IJsblokjeshouder gebruiken
9.2 Apparaat ontdooien
9.2.1 Met NoFrost ontdooien
Met NoFrost-systeem gebeurt het ontdooien automatisch. Het vocht condenseert op de verdamper, wordt regelmatig ontdooid en verdampt.
Het apparaat hoeft niet te worden ontdooid.
9.3 Apparaat reinigen
Fig. 66
Als water is bevroren:
- IJsblokjesbakje kort onder warm water houden.
- Deksel eraf halen.
- beide uiteinden van de ijsblokjeshouder licht in tegengestelde richting draaien.
- IJsblokjes eruit halen.
8.3.2 IJsblokjeshouder uit elkaar halen
De ijsblokjeshouder kan voor het reinigen uit elkaar worden gehaald.
Fig. 67
- ijsblokjeshouder uit elkaar halen.
9 Onderhoud
9.1 Uitschuifsystemen demonteren/ monteren
9.1.1 Opmerkingen over demontage
U kunt enkele uitschuifsystemen voor de reiniging demonteren. Uw apparaat kan verschillende uitschuifsystemen bevatten.
De volgende uitschuifsystemen kunnen worden gedemonteerd of niet worden gedemonteerd:
| Uitschuifsysteem | demonteerbaar / niet demonteerbaar |
| Schuifvak geleid op bakrib | niet demonteerbaar |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
9.3.1 Voorbereiden
WAARSCHUWING
Gevaar voor elektrische schok!
- Trek de stekker van de koelkast uit het stopcontact of onderbreek de stroomtoevoer.
WAARSCHUWING
Brandgevaar!
- De buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet beschadigen.
- Apparaat legen.
- Netstekker uit het stopcontact trekken.
9.3.2 Binnenruimte reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging!
Beschadigingen aan het apparaat.
- Uitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutrale allesreiniger gebruiker.
- Gebruik geen schurende of krassende sponzen of staalwol.
- Gebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaakmiddelen.
- Kunststof vlakken: met een zachte, schone doek, lauwwarm water en een beetje spoelmiddel met de hand reinigen.
- Metalen vlakken: met een zachte, schone doek, lauwwarm water en een beetje spoelmiddel met de hand reinigen.
- Afvoeropening: afzettingen verwijderen met een dun hulpmiddel, bijv. wattenstaafje.
9.3.3 Uitrusting reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging!
Beschadigingen aan het apparaat.
- Uitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutrale allesreiniger gebruiker.
- Gebruik geen schurende of krassende sponzen of staalwol.
- Gebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaakmiddelen.
Reinigen met een zachte, schone doek, lauwwarm water en een beetje spoelmiddel:
- Schuiflade
Reinigen in de vaatwasser tot 60 °C:
- IJsblokjeshouder
- Uitrusting demonteren: zie betreffende hoofdstuk.
- Uitrusting reinigen.
18 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 19
Klantenhulp
9.3.4 Na het reinigen
- Apparaat en uitrustingsdelen droogwrijven.
- Apparaat aansluiten en inschakelen.
- SuperFrost inschakelen (zie 7.2 Apparaatfuncties) . Wanneer de temperatuur voldoende koud is:
- Levensmiddelen plaatsen.
- Reiniging regelmatig herhalen.
10 Klantenhulp
10.1 Technische gegevens
| Temperatuurbereik | |
| Invriezen -28 °C | tot -15 °C |
| Maximale invrieshoeveelheid / 24 uur | |
| Vriesgedeelte | zie typeplaatje onder „vriesvermogen …/ 24 h” |
| Uitrusting | Maximaal laadgewicht |
| Bovenste schuifvak | 15 kg |
| Middelste schuifvak | 15 kg |
| Onderste schuifvak | 10 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
| Verlichting | |
| Energie-efficiëntieklasse¹ | Lichtbron |
| Dit product bevat een of meerdere lichtbronnen van energie-efficiëntieklasse G. | LED |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
1 Het apparaat kan lichtbronnen met verschillende energie-efficiëntieklassen bevatten. De laagste energie-efficiëntieklasse is aangegeven.
Voor apparaten met WLAN-verbinding:
| Frequentievermelding | |
| Frequentieband | 2,4 GHz |
| Maximum uitgestraald vermogen | < 100 mW |
| Beoogd gebruik van de radioapparatuur | Integratie in het plaatselijke WLANnetwerk voor gegevenscommunicatie |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
10.2 Bedrijfsgeluiden
Het apparaat veroorzaakt tijdens de werking verschillende loopgeluiden.
- Bij een lage koelcapaciteit werkt het apparaat zuiniger, maar langer. De geluidssterkte is lager.
- Bij hoog koelvermogen worden levensmiddelen sneller gekoeld. Het geluidsniveau is hoger.
Voorbeelden:
- Geactiveerde functies (zie 7.2 Apparaatfuncties)
- Draaiende ventilator
- Vers erin gelegde levensmiddelen
- Hoge omgevingstemperatuur
- Lang geopende deur
| Geluiden | Mogelijke oorzaak | Type geluid |
|---|---|---|
| Borrelen en ruisen | Koelmiddel stroomt in het koelcircuit. | Normaal werkingsgeluid |
| Blazen en sissen | Koelmiddel spuit in het koelcircuit. | Normaal werkingsgeluid |
| Brommen | Het apparaat koelt. De geluidssterkte is afhankelijk van de koelcapaciteit. | Normaal werkingsgeluid |
| Zoemen en ruisen | De ventilator draait. | Normaal bedrijfsgeluid |
| Klikken | Componenten worden in- en uitgeschakeld. | Normaal schakelgeluid |
| Ratelen of zoemen | Ventielen of klappen zijn actief. | Normaal schakelgeluid |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
| Geluiden | Mogelijke oorzaak | Type geluid | Oplossen |
|---|---|---|---|
| Trilling | Ongeschikte inbouw | Foutgeluid | Inbouw controleren. Apparaat uitlijnen. |
| Klapperen | Uitrusting, Voorwerpen aan de binnenkant van het apparaat | Foutgeluid | Uitrustingsdelen bevestigen. Afstand tussen de voorwerpen laten. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
10.3 Technische storing
Uw apparaat is zo geconstrueerd en gemaakt dat de functionele veiligheid en een lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht er tijdens het bedrijf toch een storing optreden, controleer dan a.u.b. of de storing te wijten is aan een bedieningsfout. In dat geval moet u tijdens de garantieperiode de ontstane kosten zelf betalen.
De volgende storingen kunt u zelf oplossen.
10.3.1 Apparaatfunctie
| Probleem | Oorzaak | Oplossing | |
|---|---|---|---|
| Het apparaat werkt niet. | Het apparaat is niet ingeschakeld. | ► Apparaat inschakelen. | |
| De netstekker zit niet correct in het stopcontact. | ► De netstekker controleren. | ||
| De zekering van de netstekker is niet in orde. | ► Zekering controleren. | ||
| Stroomuitval | ► Apparaat gesloten houden. | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
* afhankelijk van model en uitvoering 19
Pagina 20
Klantenhulp
| Probleem | Oorzaak | Oplossing | |
|---|---|---|---|
| ► Levensmiddelen beschermen: Koelaccu's boven op levensmiddelen leggen of een andere vriezer gebruiken als de stroomstoring langer duurt. ► Ontdooide levensmiddelen niet meer invriezen. | |||
| De koelapparaatbus steekt niet correct in het apparaat. | ► Koelapparaatbus controleren. | ||
| Temperatuur is niet voldoende koud. | De apparaatdeur is niet correct gesloten. | ► Apparaat sluiten. | |
| De be- en ontluchting is niet toereikend. | ► Ventilatieroosters vrijmaken en reinigen. | ||
| De omgevingstemperatuur is te hoog. | ► Probleemoplossing: (zie 1.3 Klimaatklassen) | ||
| Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. | ► Afwachten of de vereiste temperatuur vanzelf terugkeert. Als dit niet gebeurt, contact opnemen met de klantenservice. (zie 10.4 Klantenservice) | ||
| Er werden grote hoeveelheden verse levensmiddelen zonder SuperFrost erin gelegd. | ► Probleemoplossing: (zie SuperFrost) | ||
| De temperatuur is verkeerd ingesteld. | ► Stel de temperatuur lager in en controleer deze na 24 uur. | ||
| Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis, verwarming enz.). | ► Verander de standplaats van het apparaat of van de warmtebron. | ||
| Het apparaat werd niet correct in de nis ingebouwd. | ► Controleer of het apparaat correct werd ingebouwd en de deur goed sluit. | ||
| Het deurrubber is defect of moet om een andere reden worden vervangen. | Het deurrubber kan worden vervangen. Er kan zonder gereedschap een nieuw deurrubber worden geplaatst. | ► Contact opnemen met de klantenservice. (zie 10.4 Klantenservice) | |
| Het apparaat is bevroren of er heeft zich condenswater gevormd. | Het deurrubber kan uit de groef geschoven zijn. | ► Het deurrubber op een correcte passing in de groef controleren. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
10.3.2 Uitrusting
| Probleem | Oorzaak | Oplossing | |
|---|---|---|---|
| De binnenverlichting brandt niet. | → | Het apparaat is niet ingeschakeld. | ► Apparaat inschakelen. |
| → | De deur is langer dan 15 minuten open. | ► De binnenverlichting gaat automatisch uit na ongeveer 15 minuten wanneer de deur open is. | |
| → | De LED-verlichting is defect of de afdekking is beschadigd. | ► Contact opnemen met de klantenservice. (zie 10.4 Klantenservice) | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
10.4 Klantenservice
Controleer eerst of u de fout zelf kunt oplossen (zie 10 Klantenhulp) . Als dit niet het geval is, dient u contact op te nemen met de klantenservice.
U vindt het adres in de bijgevoegde brochure „Liebherr Service” of op home.liebherr.com/service.
20 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 21
Buiten bedrijf stellen
WAARSCHUWING
Ondeskundige reparatie!
Verwondingen.
- Reparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaansluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie 9 Onderhoud) , uitsluitend door de Technische Dienst laten uitvoeren.
- Beschadigde netaansluiting alleen door de fabrikant, de klantenservice of een dergelijk gekwalificeerde persoon laten vervangen.
- Bij apparaten met stekker voor koelapparaten mag ook de klant zelf de vervanging uitvoeren.
10.4.1 Contact opnemen met de klantenservice
Controleren of de volgende apparaatinformatie beschikbaar is:
❑Apparaataanduiding (model en index) ❑Servicenr. (Service) ❑Serienr. (S-Nr.)
- Apparaatinformatie via het display oproepen. (zie Apparaatinformatie)
-of-
- Apparaatinformatie van het typeplaatje aflezen.
(zie 10.5 Typeplaatje)
- Apparaatinformatie noteren.
- De klantenservice informeren: Fout en apparaatinformatie mededelen.
▷ Dit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk.
- Verdere instructies van de klantenservice opvolgen.
10.5 Typeplaatje
Het typeplaatje bevindt zich onder aan de binnenkant van het apparaat.
Fig. 68
- (1) Apparaatbeschrijving (3) Serienr.
- (2) Servicenr.
- Informatie van het typeplaatje lezen.
11 Buiten bedrijf stellen
- Apparaat leegmaken.
- Apparaat uitschakelen. (zie Apparaat uit- en inschakelen)
- Trek de netstekker uit het stopcontact.
- Verwijder indien nodig de koelapparaatbus: Trek de koelapparaatbus uit de apparaatstekker en beweeg tegelijkertijd naar links en rechts.
- Apparaat reinigen. (zie 9.3 Apparaat reinigen)
- Deur open laten, zodat er geen slechte geuren ontstaan.
12 Afvoeren
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Betekenis van de symbolen op het apparaat zijn bekend. ❑Aanwijzingen betreffende het afvoeren zijn bekend. (zie 1.7 Afvalverwerking)
12.1 Apparaat voor afvoeren voorbereiden
- Apparaat buiten bedrijf stellen. (zie 11 Buiten bedrijf stellen)
12.2 Verwijder het apparaat op een mili-euvriendelijke manier
WAARSCHUWING
Brandgevaar door lekkend koelmiddel en olie!
Het koelmiddel is milieuvriendelijk maar brandbaar. De olie is ook brandbaar. Uittredend koelmiddel en olie kunnen in hoge concentraties en bij contact met een externe warmtebron ontbranden.
- Leidingen van het koelmiddelcircuit en de compressor niet beschadigen.
- Aanwijzingen voor het transport van het apparaat in acht nemen.
- Voer het apparaat af zonder het te beschadigen.
- Voer het apparaat weg volgens de bovenstaande specificaties.
* afhankelijk van model en uitvoering 21