naslaan.comZoekenAlle merken

Neff KI2726DE0, tekst van de handleiding

Pagina's 106–118 van 120 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 91–105

Pagina 106

nl Extra functies

Extra functies

Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt.

Super-functie

Bij de Super-functie koelen het koelvak en het vriesvak sterker. Hierdoor koelen en bevriezen levensmiddelen snel tot in de kern.

Schakel de Super-functie 4 tot 6 uur vóór het opslaan van een hoeveelheid levensmiddelen vanaf 2 kg in. Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u de Super-functie.

→ "Invriescapaciteit", Pagina 108

Aanwijzing Als de Super-functie is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.

Super-functie inschakelen

indrukken.

▶

brandt.

Aanwijzing Na ca. 36 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Super-functie uitschakelen

Alarm

Uw apparaat beschikt over alarmfuncties.

Deuralarm

Als de deur van het apparaat langere tijd openstaat wordt het deuralarm ingeschakeld.

Waarschuwingssignaal (deuralarm) uitschakelen

Koelvak

In het koelvak kunt u vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, bereide gerechten en gebak bewaren.

De temperatuur in het koelvak kunt u van 2 °C tot 8 °C instellen.

De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C.

→ "Sticker "OK"", Pagina 107

Door de koelopslag kunt u ook zeer bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de gekozen temperatuur is, des te langer blijven de levensmiddelen vers.

Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak

Volg de tips op bij het bewaren van levensmiddelen in uw koelvak.

Pagina 107

Koudezones in het koelvak

Door de luchtcirculatie in et koelvak ontstaan verschillende koudezones.

Koudste zone

De koudste zone is tussen de op de zijkant gestempelde pijl en het eronder liggende legplateau.

Tip: Bewaar gevoelige levensmiddelen in de koudste zone, bijv. vis, worst en vlees.

Warmste zone

De warmste zone bevindt zich bovenaan in de deur en in de onderste groentelade.

Tip: Bewaar minder gevoelige levensmiddelen in de warmste zone, bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar.

Sticker "OK"

Met de sticker OK kunt u controleren of in het koelvak de voor de levensmiddelen aanbevolen veilige temperatuurbereiken van +4°C of kouder bereikt zijn.

De sticker OK wordt niet bij alle modellen meegeleverd.

Vriesvak nl

Wanneer de sticker OK niet weergeeft, dan de temperatuur stapsgewijze verlagen.

→ "Koelvaktemperatuur instellen", Pagina 105

Na ingebruikneming van het apparaat kan het tot wel 12 uur duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.

Correcte instelling

Vriesvak

In het vriesvak kunt u diepvrieswaren bewaren, levensmiddelen bevriezen en ijsblokjes maken.

De temperatuur in het vriesvak is afhankelijk van de temperatuur in het koelvak.

Langdurig bewaren van levensmiddelen moet op een temperatuur van – 18 °C of lager gebeuren.

Door het invriezen kunt u bederfelijke levensmiddelen gedurende lange tijd bewaren. De lage temperaturen vertragen of stoppen het bederven. De tijd die nodig is om verse levensmiddelen volledig diep te vriezen is afhankelijk van verschillende factoren:

Pagina 108

nl Vriesvak

Deur van het vriesvak

Aan de greepstand van de deur van het vriesvak herkent u of het vriesvak juist is gesloten.

Om ervoor te zorgen dat diepvrieswaren niet ontdooien en het vriesvak niet te sterk verijst, dient u de deur van het vriesvak altijd te sluiten.

Aanwijzing Als u de deur van het vriesvak sluit, klikt deze hoorbaar vast.

Invriescapaciteit

Het invriesvermogen geeft aan welke hoeveelheid levensmiddelen in hoeveel uur tot in de kern kan worden ingevroren.

Informatie over het invriesvermogen vindt u op het typeplaatje. → Afb. 1 /

5 Voorwaarden voor invriesvermogen

→ "Super-functie inschakelen", Pagina 106

Daar worden ze het snelst diepgevroren.

108

Tips voor het inkopen van diepvrieskost

Neem de tips in acht als u diepvrieskost inkoopt.

Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak

Neem de tips in acht als u levensmiddelen in het vriesvak inruimt.

Indien nodig diepgevroren levensmiddelen in het vriesvak veranderen van positie.

Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen

Neem de tips in acht als u verse levensmiddelen invriest.

Pagina 109

Meer aanwijzingen vindt u in de desbetreffende literatuur.

Over het invriezen van geschikte levensmiddelen

Over het invriezen van ongeschikte levensmiddelen

Diepvrieswaren verpakken

Als u geschikt verpakkingsmateriaal en de juiste soort verpakking kiest, kunt u de productkwaliteit in hoge mate behouden en vriesbrand vermijden.

Geschikte verpakking:

Vriesvak nl

Niet geschikt als verpakking:

Geschikte afsluitingen:

Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C

Neem de bewaartijden in acht als u levensmiddelen invriest.

LevensmiddelBewaartijd
Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banketTot 6 maanden
Gevogelte, vleesTot 8 maanden
Groente, fruitTot 12 maanden
Ontdooimethodes vrieswarenvoor diep-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 109)

Om de productkwaliteit zo goed mogelijk te behouden, de ontdooimethode aan levensmiddel en gebruiksdoel aanpassen.

VOORZICHTIG

Gezondheidsrisico!

Bij het ontdooien kan er bacterievorming optreden en kunnen de diepvrieswaren bederven.

109

Pagina 110

nl Ontdooien

OntdooimethodeLevensmiddel
KoelvakDierlijke levensmiddelen, zoals vis, vlees, kaas, kwark
OmgevingstemperatuurBrood
MagnetronLevensmiddelen voor directe consumptie of directe toebereiding
Oven of fornuisLevensmiddelen voor directe consumptie of directe toebereiding

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 110)

Ontdooien

Houdt u de informatie aan, wanneer u uw apparaat wilt ontdooien.

Ontdooien in het koelvak.

Tijdens het gebruik vormen zich op de achterwand van het koelvak afhankelijk van de werking waterdruppels of rijp. De achterwand van het koelvak ontdooit automatisch.

Dooiwater of rijp loopt via de dooiwatergoot in het afvoergat naar de verdampingsschaal en moeten niet worden afgeveegd.

Neem de volgende informatie in acht om ervoor te zorgen dat dooiwater kan weglopen en geurvorming wordt vermeden:

→ "De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.", Pagina 112.

Ontdooien in het vriesvak

Omdat de diepvrieswaren niet mogen ontdooien, ontdooit het vriesvak niet automatisch. Een laag rijp in het

vriesvak vermindert de afgifte van koude aan de diepvrieswaren en verhoogt het energieverbruik.

Vriesvak ontdooien

Het vriesvak regelmatig ontdooien.

→ "Super-functie inschakelen", Pagina 106

De levensmiddelen bereiken hierdoor heel lage temperaturen en u kunt de levensmiddelen langer op kamertemperatuur bewaren.

→ Pagina 105

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

→ Pagina 105

→ Pagina 108

Pagina 111

Reiniging en onderhoud

Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.

Apparaat voorbereiden voor reiniging

Informatie over de wijze waarop u uw apparaat voorbereid voor reiniging

→ Pagina 105

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

Indien beschikbaar koelelementen op de levensmiddelen leggen.

Apparaat schoonmaken

Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodat het niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte schoonmaakmiddelen beschadigd raakt.

WAARSCHUWING

Gevaar voor een elektrische schok!

Reiniging en onderhoud nl

LET OP!

→ Pagina 105

Pagina 112

nl Reiniging en onderhoud

De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.

Reinig de dooiwatergoot en het afvoergat regelmatig, om ervoor te zorgen dat het dooiwater kan weglopen.

→ Afb. 7

Onderdelen eruit halen

Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het apparaat.

Plateau verwijderen

Uittrekbaar legplateau verwijderen

Vriesvaklegplateau verwijderen

en

→ Afb. 9

Deurrek verwijderen

Groente- en fruitlade verwijderen

→ Afb. 12

Legplateau boven de groentelade verwijderen

→ Afb. 13

→ Afb. 14

→ Afb. 15

Pagina 113

Storingen verhelpen nl

Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING

Gevaar voor een elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

Functiestoringen

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Apparaat werkt niet.
Er brandt geen enkele indicatie.
De stekker zit niet goed in het stopcontact.▶ Sluit de stekker aan.
De zekering is geactiveerd.▶ Controleer de zekeringen.
De stroom is uitgevallen.1. Controleer of er stroom is.
2. Koude-accu's, indien voorhanden, op de dievrieswaren leggen.
Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden.Het presentatielicht is ingeschakeld.▶ Voer de apparaatzelftest uit.
→ Pagina 116
• Na het verstrijken van de apparaatzelftest gaat het apparaat weer over op normale werking.
LED-lampje is defect.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.▶ Neem contact op met de klantenservice.
→ "Servicedienst", Pagina 117
De koelmachine schakelt vaker en langer in.Apparaatdeur werd vaak geopend.▶ Open de apparaatdeur niet onnodig.
De ventilatieopeningen zijn afgedekt.▶ Verwijder blokkades voor de ventilatie-openingen
Bodem van het koelvak is nat.De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt.▶ De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen. → Pagina 112

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 113)

Pagina 114

nl Storingen verhelpen

Aanwijzingen op het display

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Melding met "D" of "E" verschijnt op het display.De elektronica heeft een fout geconstateerd.▶ Neem contact op met de klantenservice.
→ "Servicedienst", Pagina 117

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 114)

Temperatuurprobleem

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Temperatuur wijkt erg af van de instelling.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.1. Schakel het apparaat uit.
→ Pagina 105
2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. → Pagina 105 ‒ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw.
‒ Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 114)

Geluiden

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Apparaat bromt.Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat borrelt, zoemt of gorgelt.Geen storing. Er stroomt koudemiddel door de buizen.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat klikt.Geen storing. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat produceert geluiden.Het apparaat staat niet waterpas.▶ Stel het apparaat horizontaal met behulp van een waterpas. Leg er zo nodig iets onder.
Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen.▶ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of containers raken elkaar.▶ Haal flessen of containers van elkaar.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 114)

Pagina 115

Storingen verhelpen nl

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Apparaat produceert geluiden.Super-functie is ingeschakeld.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 115)

Geurtjes

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Het apparaat ruikt onaangenaam.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.1. Bereide het apparaat voor om te reinigen. → Pagina 111
2. Reinig het apparaat. → Pagina 111
3. Reinig alle levensmiddelenverpakkingen.
4. Verpak sterk ruikende levensmiddelen luchtdicht om geurvorming te voorkomen.
5. Controleer na 24 uur opnieuw of er luchtjes zijn ontstaan.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 115)

Pagina 116

nl Opslaan en afvoeren

Apparaatzelftest uitvoeren

→ Pagina 105

Opslaan en afvoeren

Hier krijgt u uitleg over de manier waarop u het apparaat voorbereidt voor de opslag. Daarnaast leggen we u uit hoe u oude apparaten dient af te voeren.

Apparaat buiten gebruik stellen

→ Pagina 105

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

→ Pagina 110

→ Pagina 111

Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

WAARSCHUWING

Gezondheidsrisico!

Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

Pagina 117

Servicedienst

Als u vragen hebt, een storing aan het apparaat niet zelf kunt verhelpen of als het apparaat moet worden gerepareerd, neem dan contact op met onze servicedienst.

Veel problemen kunt u via de informatie voor het verhelpen van storingen in deze gebruiksaanwijzing of op onze website zelf verhelpen. Als dit niet het geval is, neem dan contact op met onze servicedienst.

We vinden altijd een passende oplossing en proberen onnodig bezoek van de servicetechnicus te vermijden. We zorgen ervoor dat het apparaat zowel binnen de garantieperiode als na het verstrijken van de fabrieksgarantie met originele reserveonderdelen door geschoolde servicetechnici wordt gerepareerd.

Om veiligheidsredenen mag alleen geschoold vakpersoneel reparaties aan het apparaat uitvoeren. De garantieclaim vervalt indien reparaties of ingrepen worden uitgevoerd door personen die daartoe niet door ons zijn gemachtigd, dan wel indien onze apparaten worden voorzien van vervangende onderdelen, aanvullende onderdelen of accessoires die geen originele onderdelen zijn en daardoor een defect wordt veroorzaakt.

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

Aanwijzing Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur

Servicedienst nl

van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar (behalve in Denemarken en Zweden waar de duur 1 jaar bedraagt) in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.

Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.

Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.

De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.

Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

→ Afb. 1 / 5

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

Technische gegevens

Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.

→ Afb. 1 / 5

117

Pagina 118

nl Technische gegevens

Overige informatie over uw model vindt u op het internet onder https:// www.bsh-group.com/energylabel¹. Dit webadres bevat een link naar de officiële EU-productdatabase EPREL, waarvan de URL ten tijde van het drukken nog niet was gepubliceerd. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.

1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte

118

← pagina's 91–105Inhoud