naslaan.comZoekenAlle merken

Neff KI5862SF0S, tekst van de handleiding

Vriezer · Neff · 25 pagina's in het Nederlands · pdf: 112 pagina's, 6,7 MB

Handleiding openen (pdf) Bron: www.neff-home.com

Storingen op pagina 106

Pagina 106

Vanaf de titel; het begin van pagina 106 staat in de pdf.

Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING

Gevaar voor een elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

  • Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
  • Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
  • Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.

Functiestoringen

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Apparaat werkt niet.
Er brandt geen enkele indicatie.
De stekker zit niet goed in het stopcontact.▶ Sluit de stekker aan.
De zekering is geactiveerd.▶ Controleer de zekeringen.
De stroom is uitgevallen.1. Controleer of er stroom is.
2. Koude-accu's, indien voorhanden, op de dievrieswaren leggen.
Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden.Het presentatielicht is ingeschakeld.▶ Voer de apparaatzelftest uit.
→ Pagina 109
• Na het verstrijken van de apparaatzelftest gaat het apparaat weer over op normale werking.
LED-verlichting functioneert niet.
Kapje van de lamp niet verwijderen.
Verschillende oorzaken zijn mogelijk.▶ Neem contact op met de klantenservice.
→ "Servicedienst", Pagina 110
De koelmachine schakelt vaker en langer in.Apparaatdeur werd vaak geopend.▶ Open de apparaatdeur niet onnodig.
De ventilatieopeningen zijn afgedekt.▶ Verwijder blokkades voor de ventilatie-openingen
Bodem van het koelvak is nat.De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt.▶ De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen. → Pagina 105

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 106)

Pagina 107

Storingen verhelpen nl

Temperatuurprobleem

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Temperatuur wijkt erg af van de instelling.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.1. Schakel het apparaat uit.
→ Pagina 99
2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. → Pagina 98 ‒ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw.
‒ Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw.
Geluiden
StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Apparaat bromt.Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat borrelt, zoemt of gorgelt.Geen storing. Er stroomt koudemiddel door de buizen.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat klikt.Geen storing. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat produceert geluiden.Het apparaat staat niet waterpas.▶ Stel het apparaat horizontaal met behulp van een waterpas. Leg er zo nodig iets onder.
Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen.▶ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of containers raken elkaar.▶ Haal flessen of containers van elkaar.
Super-functie is ingeschakeld.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 107)

Pagina 108

nl Storingen verhelpen

Geurtjes

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Het apparaat ruikt onaangenaam.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.1. Bereide het apparaat voor om te reinigen. → Pagina 104
2. Reinig het apparaat. → Pagina 104
3. Reinig alle levensmiddelenverpakkingen.
4. Verpak sterk ruikende levensmiddelen luchtdicht om geurvorming te voorkomen.
5. Controleer na 24 uur opnieuw of er luchtjes zijn ontstaan.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 108)

Pagina 109

Apparaatzelftest uitvoeren

→ Pagina 99

Opslaan en afvoeren

Hier krijgt u uitleg over de manier waarop u het apparaat voorbereidt voor de opslag. Daarnaast leggen we u uit hoe u oude apparaten dient af te voeren.

Apparaat buiten gebruik stellen

→ Pagina 99

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

→ Pagina 103

Opslaan en afvoeren nl

→ Pagina 104

Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

WAARSCHUWING

Gezondheidsrisico!

Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

109

Pagina 110

nl Servicedienst

Servicedienst

Als u vragen hebt, een storing aan het apparaat niet zelf kunt verhelpen of als het apparaat moet worden gerepareerd, neem dan contact op met onze servicedienst.

Veel problemen kunt u via de informatie voor het verhelpen van storingen in deze gebruiksaanwijzing of op onze website zelf verhelpen. Als dit niet het geval is, neem dan contact op met onze servicedienst.

We vinden altijd een passende oplossing en proberen onnodig bezoek van de servicetechnicus te vermijden. We zorgen ervoor dat het apparaat zowel binnen de garantieperiode als na het verstrijken van de fabrieksgarantie met originele reserveonderdelen door geschoolde servicetechnici wordt gerepareerd.

Om veiligheidsredenen mag alleen geschoold vakpersoneel reparaties aan het apparaat uitvoeren. De garantieclaim vervalt indien reparaties of ingrepen worden uitgevoerd door personen die daartoe niet door ons zijn gemachtigd, dan wel indien onze apparaten worden voorzien van vervangende onderdelen, aanvullende onderdelen of accessoires die geen originele onderdelen zijn en daardoor een defect wordt veroorzaakt.

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

Aanwijzing Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur

110

van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar (behalve in Denemarken en Zweden waar de duur 1 jaar bedraagt) in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.

Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.

Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.

De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.

Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

→ Afb. 1 / 4

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

Technische gegevens

Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.

→ Afb. 1 / 4

Pagina 111

Technische gegevens nl

Overige informatie over uw model vindt u op het internet onder https:// www.bsh-group.com/energylabel¹. Dit webadres bevat een link naar de officiële EU-productdatabase EPREL, waarvan de URL ten tijde van het drukken nog niet was gepubliceerd. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.

1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte

111

Pagina's 1–85: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 86

nl

Inhoudsopgave

Veiligheid....................................... 88

Algemene aanwijzingen ................. 88

Bestemming van het apparaat....... 88

Inperking van de gebruikers .......... 89

Veiliger transport ............................ 89

Veilige installatie............................. 89

Veilig gebruik.................................. 90

Beschadigd apparaat..................... 93

Het voorkomen van materiële schade ........................................... 94

Milieubescherming en besparing................................................. 94

Afvoeren van de verpakking .......... 94

Energie besparen........................... 94

Opstellen en aansluiten................ 95

Leveringsomvang ........................... 95

Apparaat opstellen en aansluiten................................................... 95

Criteria voor de opstellocatie ......... 96

Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden ......................... 96

Apparaat elektrisch aansluiten....... 96

Uw apparaat leren kennen............ 97

Apparaat......................................... 97

Bedieningselementen..................... 97

Uitrusting....................................... 97

Legplateau...................................... 97

Variabel legplateau......................... 97

Uittrekbaar legplateau.................... 97

Groente- en fruitlade....................... 97

Boter- en kaasvak .......................... 98

Deurrekken..................................... 98

Accessoires.................................... 98

De Bediening in essentie.............. 98

Apparaat inschakelen..................... 98

Opmerkingen bij het gebruik ......... 98

Machine uitschakelen..................... 99

Temperatuur instellen..................... 99

86 Extra functies ................................ 99

Super-functie .................................. 99

Koelvak.......................................... 99

Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak........ 100

Koudezones in het koelvak.......... 100

Sticker "OK".................................. 100

Vriesvak....................................... 100

Invriescapaciteit............................ 101

Vriesvakvolume volledig gebruiken................................................ 101

Tips voor het inkopen van diepvrieskost ....................................... 101

Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak....... 101

Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen ....................... 101

Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C.......................... 102

Diepvrieskalender......................... 103

Ontdooimethodes voor diepvrieswaren .................................... 103

Ontdooien.................................... 103

Ontdooien in het koelvak. ............ 103

Ontdooien in het vriesvak ............ 103

Reiniging en onderhoud............. 104

Apparaat voorbereiden voor reiniging............................................ 104

Apparaat schoonmaken............... 104

De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen. ................................. 105

Onderdelen eruit halen ................ 105

Storingen verhelpen ................... 106

Functiestoringen........................... 106

Temperatuurprobleem.................. 107

Geluiden ....................................... 107

Geurtjes ........................................ 108

Apparaatzelftest uitvoeren............ 109

Pagina 87: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 88

nl Veiligheid

Veiligheid

Houd de informatie omtrent veiligheid aan, zodat u het apparaat veilig kunt gebruiken.

Dit apparaat is conform de desbetreffende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten en is ontstoord.

Algemene aanwijzingen

Hier vindt u algemene informatie over deze gebruiksaanwijzing.

Bestemming van het apparaat

Om het apparaat veilig en op de juiste manier te gebruiken dient u de aanwijzingen over het beoogd gebruik in acht te nemen. Dit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld. Installatiehandleiding aanhouden.

Gebruik het apparaat uitsluitend:

volgens deze gebruiksaanwijzing.

om levensmiddelen te koelen en in te vriezen en voor ijsbereiding.

voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.

tot een hoogte van maximaal 2000 m boven zeeniveau.

Pagina 89

Veiligheid nl

Inperking van de gebruikers

Voorkom risico's voor kinderen en kwetsbare personen.

Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.

Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.

Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/ diepvriezer vullen en legen.

Veiliger transport

Houd de veiligheidsaanwijzingen aan wanneer u het apparaat transporteert.

WAARSCHUWING ‒ Gevaar voor letsel!

Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.

Veilige installatie

Houd deze veiligheidsaanwijzingen in acht bij de installatie van het apparaat.

WAARSCHUWING ‒ Gevaar voor een elektrische schok!

Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.

Pagina 90

nl Veiligheid

WAARSCHUWING ‒ Risico van brand!

Draagbare meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.

Veilig gebruik

Neem bij gebruik van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.

WAARSCHUWING ‒ Gevaar voor een elektrische schok!

90

Pagina 91

Veiligheid nl

WAARSCHUWING ‒ Verstikkingsgevaar!

WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!

Pagina 92

nl Veiligheid

WAARSCHUWING ‒ Gevaar voor letsel!

WAARSCHUWING ‒ Verbrandingsgevaar door kou!

Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan tot brandwonden door koude leiden.

VOORZICHTIG ‒ Gezondheidsrisico!

Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.

Pagina 93

Veiligheid nl

Beschadigd apparaat

Neem deze veiligheidsvoorschriften in acht als uw apparaat beschadigd is.

WAARSCHUWING ‒ Gevaar voor een elektrische schok!

WAARSCHUWING ‒ Risico van brand!

Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.

Pagina 94

nl Het voorkomen van materiële schade

Het voorkomen van materiële schade

Ter voorkoming van materiële schade, aan het apparaat, de accessoires of keukenvoorwerpen dient u de aanwijzingen in acht te nemen.

LET OP!

Milieubescherming en besparing

Bescherm het milieu door het apparaat op een hulpbronnenbesparende manier te gebruiken en herbruikbare materialen op de juiste manier af te voeren.

Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.

Keuze van de opstellingslocatie

Houd deze aanwijzing aan wanneer u het apparaat plaatst.

Het apparaat hoeft bij lagere omgevingstemperaturen minder vaak te koelen.

De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm.

Het apparaat hoeft minder vaak te koelen.

Energie besparen bij het gebruik.

Houd deze aanwijzing aan wanneer u uw apparaat gebruikt.

Aanwijzing De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.

De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm.

Pagina 95

Opstellen en aansluiten nl

De lucht in het apparaat warmt niet zo sterk op.

Het apparaat hoeft minder vaak te koelen.

De lucht kan circuleren en de luchtvochtigheid blijft constant.

Een vorstvrij vriesvak is stroombe-sparend en koelt de diepvrieswaren optimaal.

Een gesloten deur van het vriesvak beschermt het vriesvak tegen sterke verijzing.

1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

2 Niet in alle landen

Opstellen en aansluiten

Leveringsomvang

Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.

Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst → Pagina 110 contact op.

De levering bestaat uit:

Apparaat opstellen en aansluiten

Voorwaarde: De leveringsomvang van het apparaat is gecontroleerd. → Pagina 95

→ Pagina 96

→ Pagina 96

95

Pagina 96

nl Opstellen en aansluiten

Criteria voor de opstellocatie

Houd deze aanwijzing aan wanneer u het apparaat plaatst.

WAARSCHUWING

Explosiegevaar!

Wanneer het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van het koudecircuit een brandbaar gasluchtmengsel ontstaan.

Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 65 bedragen.

De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.

Toegestane ruimtetemperatuur

De toegestane kamertemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat.

De klimaatklasse vindt u op het typeplaatje. → Afb. 1 / 4

KlimaatklasseToegestane ruimtetemperatuur
SN10 °C…32 °C
N16 °C…32 °C
ST16 °C…38 °C
T16 °C…43 °C
Het apparaatis volledig functioneel

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 96)

binnen de toegestane binnentemperatuur.

Wanneer u een apparaat van de klimaatklasse SN gebruikt bij lagere kamertemperaturen, dan kunnen beschadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5 °C worden uitgesloten.

96 Nismaten

Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de meubelnis inbouwt. Bij afwijkingen kunnen problemen optreden tijdens de installatie van het apparaat.

Nisdiepte

Bouw het apparaat in de aanbevolen nisdiepte van 560 mm in.

Bij een kleinere nisdiepte wordt het energieverbruik iets hoger. De nisdiepte moet minimaal 550 mm bedragen.

Nisbreedte

Voor het apparaat is een meubelnis met een binnenbreedte van minimaal 560 mm nodig.

Side-by-side-opstelling

Als u 2 apparaten naast elkaar wilt opstellen, moet u tussen de apparaten minimaal een tussenafstand van 150 mm aanhouden.

Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden

Apparaat elektrisch aansluiten

De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. → Afb. 1 / 4

Pagina 97

Uw apparaat leren kennen

Lees meer over de onderdelen van uw apparaat.

Apparaat

Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.

→ Afb. 1

AKoelvak
BVriesvak
1Bedieningselementen
2Uittrekbaar legplateau → Pagina 97
3Groente- en fruitlade → Pagina 97
4Typeplaatje
5Vlakke diepvrieslade
6Diepvrieslade
7Boter- en kaasvak → Pagina 98
8Deurrek voor grote flessen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 97)

Aanwijzing Verschillen tussen uw apparaat en de afbeeldingen zijn mogelijk op basis van uitrusting en grootte.

Bedieningselementen

Via de bedieningselementen kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

→ Afb. 2

Uw apparaat leren kennennl
4schakelt het apparaat in of uit.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 97)

Uitrusting

Hier krijgt u een overzicht van de accessoires behorende bij uw apparaat en de manier waarop ze worden gebruikt.

De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.

Legplateau

Om de schappen naar wens te variëren, het schap uitnemen en op een andere positie weer plaatsen.

→ "Plateau verwijderen", Pagina 105

Variabel legplateau

Gebruik het variabel legplateau alleen om op het daaronder liggende plateau hoog koelmateriaal te bewaren, bijv. kannen of flessen. U kunt het voorste deel van het variabele legplateau verwijderen en onder het achterste deel van het legplateau schuiven.

→ Afb. 3

Uittrekbaar legplateau

Om een beter overzicht te krijgen en levensmiddelen sneller te kunnen uitnemen, het legplateau uittrekken.

Groente- en fruitlade

Bewaar vers fruit en groente in de fruit- en groentelade.

Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de fruit- en groentelade condenswater vormen.

Verwijder het condenswater met een droge doek.

Pagina 98

nl De Bediening in essentie

Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit en het aroma behouden blijven, moet u koudegevoelig fruit en groente buiten het apparaat bewaren bij temperaturen van ca. 8°C tot 12°C.

Koudegevoelig fruit• Ananas
• Bananen
• Mango
• Papaya
• Citrusvruchten
Koudegevoelige groente• Aubergines
• Komkommers
• Courgette
• Paprika
• Tomaten
• Aardappels

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 98)

Boter- en kaasvak

Bewaar boter en harde kaas in het boter- en kaasvak.

Om het boter- en kaasvak te openen, midden-onder op de klep licht drukken.

Aanwijzing Het vak wordt naar onderen geopend. De klep schuift onder het vak.

→ Afb. 4

Deurrekken

Om het deurrek naar behoefte te variëren deze er uit nemen en op een andere positie weer plaatsen.

→ "Deurrek verwijderen", Pagina 105

Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn speciaal op uw apparaat afgestemd. Hier krijgt u een overzicht van de accessoires behorende bij uw apparaat en de manier waarop ze worden gebruikt.

De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.

Eierplateau

Bewaar eieren veilig op het eierpla-teau.

Koude-accu

Gebruik de koude-accu voor het tijdelijk koel houden van levensmiddelen, bijv. in een koeltas.

Tip: De koude-accu vertraagt bij het uitvallen van de stroom of bij een storing het verwarmen van de opgeslagen diepvrieswaren.

IJsblokjesschaal

Gebruik de ijsblokjesschaal om ijsblokjes te maken.

IJsblokjes maken

Vastgevroren ijsblokjesschaal alleen met een bot voorwerp, bijv. steel van een lepel, losmaken.

De Bediening in essentie

Hier wordt de bediening van het apparaat in essentie beschreven.

Apparaat inschakelen

Opmerkingen bij het gebruik

Pagina 99

bereikt. Geen levensmiddelen in het apparaat doen voordat de temperatuur is bereikt.

Machine uitschakelen

Temperatuur instellen

Nadat u het apparaat heeft ingeschakeld, kunt u de temperatuur instellen.

Koelvaktemperatuur instellen

De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C.

→ "Sticker "OK"", Pagina 100

Vriesvaktemperatuur instellen

De koelvaktemperatuur beïnvloedt de vriesvaktemperatuur. Hoger ingestelde koelvaktemperaturen zorgen voor hogere vriesvaktemperaturen.

Extra functies nl

Extra functies

Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt.

Super-functie

Bij de Super-functie koelen het koelvak en het vriesvak sterker. Hierdoor koelen en bevriezen levensmiddelen snel tot in de kern.

Schakel de Super-functie 4 tot 6 uur vóór het opslaan van een hoeveelheid levensmiddelen vanaf 2 kg in. Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u de Super-functie.

→ "Invriescapaciteit", Pagina 101

Aanwijzing Als de Super-functie is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.

Super-functie inschakelen

Aanwijzing Na ca. 60 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Super-functie uitschakelen

Koelvak

In het koelvak kunt u vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, bereide gerechten en gebak bewaren.

De temperatuur in het koelvak kunt u van 2 °C tot 8 °C instellen.

De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C.

→ "Sticker "OK"", Pagina 100

Door de koelopslag kunt u ook zeer bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe

Pagina 100

nl Vriesvak

lager de gekozen temperatuur is, des te langer blijven de levensmiddelen vers.

Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak

Volg de tips op bij het bewaren van levensmiddelen in uw koelvak.

Koudezones in het koelvak

Door de luchtcirculatie in et koelvak ontstaan verschillende koudezones.

Koudste zone

De koudste zone is tussen de op de zijkant gestempelde pijl en het eronder liggende legplateau.

Tip: Bewaar gevoelige levensmiddelen in de koudste zone, bijv. vis, worst en vlees.

Warmste zone

De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.

Tip: Bewaar minder gevoelige levensmiddelen in de warmste zone, bijv. harde kaas en boter. Hierdoor

100

komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar.

Sticker "OK"

Met de sticker OK kunt u controleren of in het koelvak de voor de levensmiddelen aanbevolen veilige temperatuurbereiken van +4°C of kouder bereikt zijn.

De sticker OK wordt niet bij alle modellen meegeleverd.

Wanneer de sticker OK niet weergeeft, dan de temperatuur stapsgewijze verlagen.

→ "Koelvaktemperatuur instellen", Pagina 99

Na ingebruikneming van het apparaat kan het tot wel 12 uur duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.

Correcte instelling

Vriesvak

In het vriesvak kunt u diepvrieswaren bewaren, levensmiddelen bevriezen en ijsblokjes maken.

De temperatuur in het vriesvak is afhankelijk van de temperatuur in het koelvak.

Langdurig bewaren van levensmiddelen moet op een temperatuur van – 18 °C of lager gebeuren.

Door het invriezen kunt u bederfelijke levensmiddelen gedurende lange tijd bewaren. De lage temperaturen vertragen of stoppen het bederven. De tijd die nodig is om verse levensmiddelen volledig diep te vriezen is afhankelijk van verschillende factoren:

Verder lezen op pagina 101Inhoud

Meer handleidingen: Neff vriezer