Neff KI6863FE0, tekst van de handleiding
Pagina's 83–95 van 108 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 96 →
Pagina's 1–82: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 83
Inhoudsopgave nl
Inhoudsopgave
........................................................ 84
1 Veiligheid ................................... 84
1.1 Algemene aanwijzingen ........... 84 1.2 Bestemming van het apparaat ............................................... 84 1.3 Inperking van de gebruikers ... 84 1.4 Veiliger transport ....................... 85 1.5 Veilige installatie ........................ 85 1.6 Veilig gebruik ............................. 86 1.7 Beschadigd apparaat ............... 88
2 Het voorkomen van materiële schade ........................................ 89
3 Milieubescherming en besparing .............................................. 89
3.1 Afvoeren van de verpakking ... 89 3.2 Energie besparen ..................... 89
4 Opstellen en aansluiten ............ 90
4.1 Leveringsomvang ...................... 90 4.2 Criteria voor de opstellocatie ................................................. 90 4.3 Apparaat monteren ................... 91 4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden ............... 91 4.5 Apparaat elektrisch aansluiten ................................................ 91
5 Uw apparaat leren kennen ........ 91
5.1 Apparaat ..................................... 91 5.2 Bedieningspaneel ..................... 92
6 Uitrusting ................................... 92
6.1 Legplateau .................................. 92 6.2 Variabel legplateau ................... 92 6.3 Uittrekbaar legplateau .............. 92 6.4 Fruit- en groentelade met vochtigheidsregelaar ................ 92 6.5 Vlakke diepvrieslade ................ 93 6.6 Boter- en kaasvak ..................... 93 6.7 Deurrekken ................................. 93 6.8 Accessoires ............................... 93
7 De Bediening in essentie .......... 94
7.1 Apparaat inschakelen .............. 94 7.2 Opmerkingen bij het gebruik .. 94 7.3 Machine uitschakelen .............. 94 7.4 Temperatuur instellen ............... 94
8 Extra functies ............................ 94
8.1 Superkoelen ............................. 94 8.2 Automatisch Supervriezen ...... 95 8.3 Handmatig Supervriezen ......... 95 8.4 Vakantiemodus .......................... 95
9 Alarm .......................................... 96
9.1 Deuralarm ................................... 96 9.2 Temperatuuralarm .................... 96
10 Koelvak .................................... 96
10.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak ............................................. 97 10.2 Koudezones in het koelvak .. 97 10.3 Sticker "OK" ............................. 97
11 Vriesvak ................................... 97
11.1 Invriescapaciteit ...................... 97 11.2 Vriesvakvolume volledig gebruiken ...................................... 98 11.3 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak ............................................. 98 11.4 Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen ............ 98 11.5 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C ............ 99 11.6 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren ................................ 99
12 Ontdooien ................................ 99
12.1 Ontdooien in het koelvak. ..... 99 12.2 Ontdooien in het vriesvak ..... 99
13 Reiniging en onderhoud ....... 100
13.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging ................................. 100 13.2 Apparaat schoonmaken ..... 100 13.3 De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen. .................. 101
83
Pagina 84
nl Veiligheid
13.4 Onderdelen eruit halen ....... 101 13.5 Apparaatonderdelen demonteren ....................................... 101
14 Storingen verhelpen ............. 102
14.1 Stroomuitval .......................... 105 14.2 Apparaatzelftest uitvoeren .. 105
15 Opslaan en afvoeren ............. 105
15.1 Apparaat buiten gebruik stellen ........................................... 105 15.2 Afvoeren van uw oude apparaat ......................................... 105
16 Servicedienst ........................ 106
16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) ....... 106
17 Technische gegevens .......... 107
1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
- Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Dit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
om levensmiddelen te koelen en in te vriezen en voor de bereiding van ijsblokjes.
voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Pagina 85
Veiligheid nl
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.
Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/ diepvriezer vullen en legen.
1.4 Veiliger transport
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.
- Het apparaat niet alleen optillen.
1.5 Veilige installatie
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
- Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met warmtebronnen in contact brengen.
Pagina 86
nl Veiligheid
WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!
Wanneer de ventilatieopeningen van het apparaat zijn gesloten, dan kan bij een lek van het koude circuit een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan.
- Ventilatieopeningen in de behuizing van het apparaat of in de inbouwbehuizing niet afsluiten.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren gebruiken.
- Wanneer het netsnoer te kort is en er geen langer netsnoer beschikbaar is, neem dan contact op met een elektrospeciaalzaak om de huisinstallatie aan te passen.
Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.
- Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen niet aan de achterkant van de apparaten plaatsen.
1.6 Veilig gebruik
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
- Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
86
Pagina 87
Veiligheid nl
WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!
Door beschadiging van de koudemiddelkringloop kan brandbaar koudemiddel lekken en exploderen.
- Gebruik voor het versnellen van het ontdooien geen andere mechanische inrichtingen of andere middelen dan diegene die door de fabrikant zijn aanbevolen.
- Maak vastgevroren levensmiddelen met een stomp voorwerp los, bijv. met een steel van een houten lepel.
Producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen kunnen exploderen, bijv. spuitbussen.
- Bewaar geen producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen in het apparaat.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen tot een brand leiden, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.
- Gebruik geen elektrische apparaten binnenin het apparaat.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten.
- Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren.
Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen.
- De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie niet beschadigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op koude-brandwonden!
Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan tot brandwonden door koude leiden.
- Nooit diepvrieswaren in de mond nemen nadat deze uit het vriesvak werden genomen.
- Vermijd langer contact van de huid met diepvrieswaren, ijs en oppervlakken van het vriesvak.
Pagina 88
nl Veiligheid
VOORZICHTIG ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.
- Wanneer de deur langere tijd wordt geopend, kan dit leiden tot een aanzienlijke temperatuurstijging in de vakken van het apparaat.
- Maak de oppervlakken, die met levensmiddelen en toegankelijke afvoersystemen in contact komen, regelmatig schoon.
- Rauw vlees en vis in geschikte containers in de koelkast dusdanig bewaren dat het niet in contact komt met andere levensmiddelen of op deze drupt.
- Wanneer het koel-/vriesapparaat langere tijd leeg staat, het apparaat uitschakelen, ontdooien, reinigen en de deur open laten, om schimmelvorming te voorkomen.
Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Wanneer zure levensmiddelen in contact komen met aluminium in contact komen, dan kunnen aluminiumionen overdragen naar de levensmiddelen.
- Verontreinigde levensmiddelen niet consumeren.
1.7 Beschadigd apparaat
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Neem contact op met de klantenservice. Pagina 106
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
Pagina 89
Het voorkomen van materiële schade nl
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.
- Houd vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat.
- Ventileer de ruimte.
- Het apparaat uitschakelen. Pagina 94
- De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Neem contact op met de service. Pagina 106
2 Het voorkomen van materiële schade
LET OP
Door het gebruik van de plint, laden of apparaatdeuren als zitvlak of opstapje kan het apparaat beschadigd raken.
- Niet op de plint, laden of deuren staat of leunen.
Door verontreinigingen met olie of vet kunnen kunststofdelen en deurafdichtingen poreus worden.
- Houd kunststofdelen en deurafdichtingen olie- en vetvrij.
Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Bij contact met zuurhoudende levensmiddelen corrodeert en verkleurt het aluminium.
- Levensmiddelen uitsluitend verpakt in het apparaat bewaren.
Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.
- Nooit uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigen.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Keuze van de opstellingslocatie
Stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht.
Pagina 90
nl Opstellen en aansluiten
Plaats het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen:
- Houd 30 mm afstand aan tot elektrische- of gasfornuizen.
- Houd 300 mm afstand aan tot olie- en kolenfornuizen.
Een nisdiepte van 560 mm gebruiken.
De externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren.
Energie besparen bij het gebruik.
Opmerking: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.
Open het apparaat slechts kort en sluit het zorgvuldig.
De binnenste ventilatieopeningen of de externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren.
Transporteer gekoelde levensmiddelen in een koeltas en leg ze snel in het apparaat.
Warm voedsel en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.
Leg om de koude van de diepvriesproducten te benutten, deze ter ontdooiing in het koelvak.
Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de achterwand. Ontdooi het vriesvak regelmatig.
4 Opstellen en aansluiten
4.1 Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
2 Niet in alle landen
90
Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst Pagina 106 contact op.
De levering bestaat uit:
Inbouw
Uitrusting en accessoires ¹ Montagemateriaal Montagehandleiding Gebruiksaanwijzing Klantenservice overzicht
Garantiebijlage ²
Energielabel
4.2 Criteria voor de opstellocatie
WAARSCHUWING
Explosiegevaar!
Wanneer het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van het koudecircuit een brandbaar gasluchtmengsel ontstaan.
- Stel het apparaat uitsluitend op in een ruimte, welke tenminste een volume heeft van 1 m³ per 8 g koudemiddel. De hoeveelheid van het koudemiddel staat op het typeplaatje.
"Apparaat", Fig. 1 /
Pagina 91
Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 75 bedragen.
De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.
Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur.
Nismaten
Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de nis inbouwt. Bij af-
Pagina 91
wijkingen kunnen problemen optreden tijdens de installatie van het apparaat.
Nisdiepte
Bouw het apparaat in de aanbevolen nisdiepte van 560 mm in.
Bij een kleinere nisdiepte wordt het energieverbruik iets hoger. De nisdiepte moet minimaal 550 mm bedragen.
Nisbreedte
Voor het apparaat is een meubelnis met een binnenbreedte van minimaal 560 mm nodig.
Over-and-Under- en Side-by-Sideopstelling
Als u 2 koeltoestellen boven of naast elkaar wilt opstellen, moet u tussen de toestellen minimaal een tussenafstand van 150 mm aanhouden. Voor bepaalde toestellen is een opstelling zonder minimumafstand mogelijk. Neem hiervoor contact op met uw dealer of keukeninstallateur.
4.3 Apparaat monteren
- Het apparaat conform meegeleverde montagehandleiding monteren.
4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden
- 1. Haal het informatiemateriaal er uit.
- 2. Verwijder de beschermfolie en transportborgingen, bijv. plakstrips en karton.
- 3. Het apparaat voor de eerste keer reinigen. Pagina 100
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
Uw apparaat leren kennen nl
4.5 Apparaat elektrisch aansluiten
- 1. De netstekker van het aansluitsnoer van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.
De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. "Apparaat", Fig. 1 /
Pagina 91
- 2. De netstekker op vastheid controleren.
Het apparaat is nu gereed voor gebruik.
5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
Fig. 1
Koelvak Pagina 96
Vriesvak Pagina 97
Bedieningspaneel Pagina 92
Variabel legplateau
Pagina 92 ¹
Uittrekbaar legplateau Pagina 92 ¹
Fruit- en groentelade met vochtigheidsregelaar Pagina 92
Typeplaatje Pagina 107
Vlakke diepvrieslade Pagina 93 ¹
Diepvrieslade Pagina 101
Boter- en kaasvak Pagina 93 ¹
91
Pagina 92
nl Uitrusting
| Verlichting |
| Deurrek voor grote flessen Pagina 93 |
| 5.2 Bedieningspaneel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 92)
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
Fig. 2
Super (koelvak) schakelt Superkoelen in of uit.
/ (koelvak) stelt de temperatuur van het koelvak in.
Toont de ingestelde temperatuur van het koelvak in °C.
Holiday schakelt de vakantiemodus in of uit.
Alarm schakelt het waarschuwingssignaal uit.
/ (vriesvak) stelt de temperatuur van het vriesvak in.
Toont de ingestelde temperatuur van het vriesvak in °C.
Super (vriesvak) schakelt Supervriezen in of uit.
schakelt het apparaat in of uit.
6 Uitrusting
De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.
6.1 Legplateau
Om de schappen naar wens te variëren, kunt u het schap uitnemen en op een andere positie weer plaatsen. "Plateau verwijderen", Pagina 101
92
6.2 Variabel legplateau
Gebruik het variabel legplateau alleen om op het daaronder liggende plateau hoge te koelen producten te bewaren, bijv. kannen of flessen. U kunt het voorste deel van het variabele legplateau uittrekken en onder het achterste deel van het variabele legplateau schuiven.
Fig. 3
6.3 Uittrekbaar legplateau
Om een beter overzicht te krijgen en levensmiddelen sneller te kunnen uitnemen, trekt u het uittrekbare legplateau er uit.
6.4 Fruit- en groentelade met vochtigheidsregelaar
Bewaar vers fruit en groente onverpakt in de fruit- en groentelade.
Bewaar gesneden fruit en groente afgedekt of luchtdicht verpakt.
Met de vochtigheidsregelaar en een speciale afdichting kunt u de luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade aanpassen. Hierdoor kunt u vers fruit en verse groente tot tweemaal zo lang bewaren als bij een conventionele bewaarmethode.
Fig. 4
De luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade kunt u afhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen instellen door het verschuiven van de vochtigheidsregelaar:
Naar links schuiven voor lage luchtvochtigheid bij het overwegend bewaren van fruit, gemengde belading of hogere belading.
Naar rechts schuiven voor hoge luchtvochtigheid bij overwegend bewaren van groente of geringe belading.
Pagina 93
Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de fruit- en groentelade condenswater vormen.
Het condenswater verwijderen met een droge doek en een lage luchtvochtigheid via de vochtigheidsregelaar instellen.
Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit en het aroma behouden blijven, moet u koudegevoelig fruit en groente buiten het apparaat bewaren bij temperaturen van ca. 8 °C tot 12 °C, bijv. ananas, bananen, citrusvruchten, augurken, courgette, paprika, tomaten en aardappelen.
6.5 Vlakke diepvrieslade
Bewaar vlakke diepvrieswaren, de houder voor ijsblokjes en de ijsschep in de vlakke diepvrieslade.
6.6 Boter- en kaasvak
Bewaar boter en harde kaas in het boter- en kaasvak.
Om het boter- en kaasvak te openen, drukt u licht midden-onder op de klep.
Opmerking: Het vak wordt naar onderen geopend. De klep schuift onder het vak.
Fig. 5
6.7 Deurrekken
Om het deurrek naar behoefte te variëren kunt u het deurrek er uit nemen en op een andere positie weer plaatsen.
"Deurrek verwijderen", Pagina 101
6.8 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd. De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.
Uitrusting nl
Eierplateau
Bewaar eieren veilig op het eierpla-teau.
Flessenhouder
De flessenhouder voorkomt dat flessen bij het openen en sluiten van de apparaatdeur kantelen.
Fig. 6
Diepvriesschaal
In de diepvriesladen kunt u kleinere hoeveelheden voedingsmiddelen snel invriezen, bijv. bessen, stukken fruit, kruiden en groenten.
Fig. 7
De diepvriesproducten gelijkmatig in de diepvriesschaal verdelen en ca. 10 tot 12 uur laten invriezen. Vervolgens in een diepvrieszak of een diepvriesdoos doen.
Koude-accu
Gebruik de koude-accu voor het tijdelijk koel houden van levensmiddelen, bijv. in een koeltas.
Tip: De koude-accu vertraagt bij het uitvallen van de stroom of bij een storing het verwarmen van de opgeslagen diepvrieswaren.
IJsblokjesschaal
Gebruik de ijsblokjesschaal om ijsblokjes te maken.
IJsblokjes maken
Gebruik voor het maken van ijsblokjes uitsluitend drinkwater.
- 1. Vul de schaal voor ijsblokjes voor ¾ met drinkwater en plaats deze in het diepvriesvak.
Maak vastgevroren levensmiddelen met een stomp voorwerp los, bijv. met een steel van een houten lepel.
- 2. Om de ijsblokjesschaal los te maken de ijsblokjesschaal iets torde-
93
Pagina 94
nl De Bediening in essentie
ren of kort onder stromend water houden.
7 De Bediening in essentie
7.1 Apparaat inschakelen
- 1. indrukken.
Het apparaat begint te koelen. Er weerklinkt een waarschuwingssignaal, de temperatuurindicatie (vriesvak) knippert en "Alarm" brandt omdat het vriesvak nog te warm is.
- 2. Het waarschuwingssignaal met Alarm uitschakelen.
"Alarm" gaat uit zodra de ingestelde temperatuur is bereikt.
- 3. De gewenste temperatuur instellen. Pagina 94
7.2 Opmerkingen bij het gebruik
Wanneer u het apparaat heeft ingeschakeld, duurt het tot enkele uren voordat de ingestelde temperatuur wordt bereikt.
Plaats geen levensmiddelen in het apparaat voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.
De behuizing rond het vriesvak wordt tijdelijk licht verwarmd. Dit voorkomt vorming van condenswater in de zone van de deurafdichting.
Let er bij het sluiten van de deur op dat de deur niet door product wordt geblokkeerd.
Wanneer u de deur sluit, kan een onderdruk ontstaan. De deur gaat dan alleen moeilijker open. Wacht een ogenblik tot de onderdruk wordt gecompenseerd.
De temperatuur in het apparaat varieert door de volgende condities:
94
- Het aantal keer dat het apparaat wordt geopend
- Beladingshoeveelheid
- Temperatuur van de vers opgeslagen levensmiddelen
- Omgevingstemperatuur
- Direct instralend zonlicht
7.3 Machine uitschakelen
indrukken.
7.4 Temperatuur instellen
Koelvaktemperatuur instellen
- Druk net zo vaak op / (koelvak), totdat de temperatuuraanduiding (koelvak) de gewenste temperatuurinstelling weergeeft.
De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C.
"Sticker "OK"", Pagina 97
Vriesvaktemperatuur instellen
- Druk net zo vaak op / (vriesvak), totdat de temperatuuraanduiding (diepvriesvak) de gewenste temperatuurinstelling weergeeft.
De aanbevolen temperatuur in het vriesvak bedraagt −18 °C.
8 Extra functies
Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt.
8.1 Superkoelen
Bij het Superkoelen koelt het koelvak zo koud mogelijk.
Schakel Superkoelen in voor het bewaren van grote hoeveelheden levensmiddelen in het koelvak.
Opmerking: Als Superkoelen is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.
Pagina 95
Superkoelen inschakelen
- Druk op Super (koelvak). "Super" (koelvak) brandt.
Opmerking: Na ca. 15 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.
Superkoelen uitschakelen
- Druk op Super (koelvak).
De voordien ingestelde temperatuur wordt op indicatie aangegeven.
8.2 Automatisch Supervriezen
Bij het automatisch Supervriezen koelt het vriesvak duidelijk op een lagere temperatuur dan bij de normale werking. Hierdoor bevriezen de levensmiddelen sneller tot in de kern. De automatische Supervriezen schakelt in als u verse levensmiddelen in de achter op de grote diepvrieslade geplaatste driepvriesschaal of van rechts beginnend in de vlakke diepvrieslade legt.
Als het automatische Supervriezen is ingeschakeld, brandt "Super" (vriesvak) en er kunnen meer geluiden ontstaan.
Het apparaat schakelt na het verstrijken van het automatisch Supervriezen op normale werking.
Automatische Supervriezen annuleren
- Druk op Super (vriesvak).
De voordien ingestelde temperatuur wordt op indicatie aangegeven.
8.3 Handmatig Supervriezen
Bij het Supervriezen koelt het vriesvak zo koud mogelijk.
Schakel Supervriezen 4 tot 6 uur voor het inladen van een hoeveelheid
Extra functies nl
levensmiddelen vanaf 2 kg in het vriesvak in.
Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u Supervriezen.
"Voorwaarden voor invriesvermogen", Pagina 98
Opmerking: Als Supervriezen is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.
Handmatig Supervriezen inschakelen
- Druk op Super (vriesvak).
"Super" (vriesvak) brandt.
Opmerking: Na ca. 60 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.
Handmatig Supervriezen uitschakelen
- Druk op Super (vriesvak).
De voordien ingestelde temperatuur wordt op indicatie aangegeven.
8.4 Vakantiemodus
Als u langere tijd afwezig bent, kunt u het apparaat in de energiebesparende vakantiemodus schakelen.
VOORZICHTIG
Kans op gevaar voor de gezondheid!
Terwijl de vakantiemodus is ingeschakeld, warmt het koelvak op. Door de verhoogde temperatuur kunnen bacteriën zich vermenigvuldigen en de levensmiddelen bederven.
- Bij een ingeschakelde vakantiemodus geen levensmiddelen in het koelvak bewaren.
Het apparaat stelt de temperaturen automatisch om.