Neff KI8513D30, tekst van de handleiding
Koelkast · Neff · 16 pagina's in het Nederlands · pdf: 86 pagina's, 3,6 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: www.neff-home.com
Deze handleiding geldt ook voor: KI8516D31, KI8516F30.
Storingen op pagina 81
Pagina 81
Vanaf de titel; het begin van pagina 81 staat in de pdf.
3 Storingen, wat te doen?
Controleer aan de hand van deze tabel of u de storing zelf kunt verhelpen, voordat u de klantenservice belt.
De temperatuur wijkt erg af van de instelling.
Apparaat 5 minuten uitschakelen.
"Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen" op pagina 75
Wanneer de temperatuur te hoog is, de temperatuur na een paar uur opnieuw controleren.
Wanneer de temperatuur te laag is, de temperatuur de volgende dag opnieuw controleren.
| Geen enkele indicatie brandt. | |
|---|---|
| De stekker zit niet goed in het stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken. |
| De zekering is geactiveerd. | Zekeringen controleren. |
| De stroom is uitgevallen. | Controleren of er stroom is. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 81)
De indicatie geeft E... aan.
De elektronica heeft een fout geconstateerd.
Contact opnemen met de servicedienst. "Servicedienst" op pagina 82
Het apparaat koelt niet, de indicatie en verlichting branden.
Presentatielicht ingeschakeld.
Het is te warm of koud in het verskoelvak.
De standaardinstelling is te hoog of te laag ingesteld (bijv. bij vorst in het verskoelvak).
--------
Zelftest starten.
"Zelftest apparaat" op pagina 82
Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik.
U kunt de temperatuur in het verskoelvak 3 standen warmer of kouder instellen. Als de temperatuur in het koelvak op stand 0 is ingesteld, heeft het verskoelvak een temperatuur van omstreeks 0 °C.
- 1. Toets Super Vriesvak indrukken en ingedrukt houden totdat de indicatie Temperatuur koelvak knippert.
- 2. Toets / indrukken om de instelling te wijzigen.
Stand –3 is de koudste instelling.
Stand +3 is de warmste instelling.
Na een minuut wordt de ingestelde stand opgeslagen.
81
Pagina 82
nl Servicedienst
4 Servicedienst
Als het u niet lukt om de storing zelf te verhelpen, kunt u contact opnemen met onze klantenservice. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van de monteur te voorkomen.
De contactgegevens van de dichtstbijzijnde Servicedienst vindt u hier of in de lijst met
Servicedienstadressen.
Vermeld bij het telefoongesprek a.u.b. het fabrikaatnummer (E-Nr.) en het productnummer (FD), die u op het typeplaatje vindt.
"Het apparaat leren kennen" op pagina 74
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. U bent er dan van verzekerd dat de reparatie door ervaren technici wordt uitgevoerd die gebruik maken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.
Zelftest apparaat
Uw apparaat beschikt over een zelftestprogramma dat fouten aangeeft, die uw klantenservice kan verhelpen.
- 1. Apparaat uitschakelen en 5 minuten wachten.
- 2. Apparaat inschakelen.
- 3. Binnen de eerste 10 seconden na het inschakelen de toets Super koelvak 3 ... 5 seconden indrukken en ingedrukt houden tot er een geluidssignaal klinkt.
Het zelftestprogramma start. Terwijl de zelftest wordt uitgevoerd, klinkt ondertussen een lang geluidssignaal.
- Als na afloop van de zelftest 2 geluidssignalen klinken en de ingestelde temperatuur wordt weergegeven: uw apparaat is in orde.
- Als na afloop van de zelftest 5 geluidssignalen klinken en de toets Super Koelvak 10 seconden knippert: contact opnemen met de Service.
Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met
Servicedienstadressen.
--------
Garantie
Meer informatie over de garantieperiode en de garantievoorwaarden in uw land zijn verkrijgbaar bij uw klantenservice, uw speciaalzaak en op onze website.
Pagina's 1–66: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 67
nl
nl Inhoud
Veiligheidsvoorschriften. . . . . . 68
Over deze gebruiksaanwijzing . . . . . 68
Kans op explosie . . . . . . . . . . . . . . . 68
Gevaar voor een elektrische schok . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 68
Risico van letsel . . . . . . . . . . . . . . . . 68
Gevaren door of van het koelmiddel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 68
Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen . . . 69
Materiële schade . . . . . . . . . . . . . . . 69
Gewicht. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 69
8 Correct gebruik van het apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . 70
7 Milieubescherming . . . . . . . . . . 70
Verpakking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70
Oude apparaten . . . . . . . . . . . . . . . . 70
5 Installeren en aansluiten. . . . . . 71
Inhoud van de verpakking . . . . . . . . 71
Technische gegevens. . . . . . . . . . . . 71
Apparaat installeren . . . . . . . . . . . . . 71
Nisdiepte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 71
Energie besparen . . . . . . . . . . . . . . . 72
Voor het eerste gebruik . . . . . . . . . . 73
Elektrische aansluiting . . . . . . . . . . . 73
Het apparaat leren kennen . . . . 74
Apparaat. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 74
Bedieningselementen . . . . . . . . . . . . 74
Uitrusting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 74
1 Apparaat bedienen . . . . . . . . . . 75
Apparaat inschakelen . . . . . . . . . . . . 75
Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen. . . . . . . . . . . . 75
Temperatuur instellen . . . . . . . . . . . . 76
Superkoelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76
Alarm . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76
Deuralarm . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76
Koelvak. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76
In acht nemen bij het bewaren . . . . . 76
Let op de koudezones in het koelvak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 77
Verskoelruimte . . . . . . . . . . . . . 77
Groentelade. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 77
Verskoellade . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 78
Bewaartijden bij 0 °C . . . . . . . . . . . . 78
Ontdooien . . . . . . . . . . . . . . . . . 78
Koelvak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 78
Schoonmaken . . . . . . . . . . . . . . 78
Schoonmaken van het interieur. . . . . 79
Luchtjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 80
9 Verlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . 80
Geluiden. . . . . . . . . . . . . . . . . . . 80
Normale geluiden . . . . . . . . . . . . . . . 80
Voorkomen van geluiden. . . . . . . . . . 80
3 Storingen, wat te doen? . . . . . . 81
4 Servicedienst. . . . . . . . . . . . . . . 82
Zelftest apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . 82
Verzoek om reparatie en advies bij storingen . . . . . . . . . . . . . . 82
Garantie. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 82
Pagina 68
nl Veiligheidsvoorschriften
Veiligheidsvoorschriften
Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparatuur en het is radio-ontstoord.
Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd.
Over deze gebruiksaanwijzing
- Lees de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding en neem deze in acht. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat.
- De fabrikant is niet aansprakelijk wanneer u de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding negeert.
- Bewaar alle documenten voor later gebruik en voor eventuele volgende eigenaars.
Kans op explosie
- Gebruik nooit elektrische apparaten in het apparaat (bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders).
- Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan.
- Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren.
Gevaar voor een elektrische schok
Onvakkundige installatie en reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de gebruiker van het apparaat.
- Bij een beschadigd aansluitsnoer: Maak het apparaat direct los van het stroomnet.
- Gebruik geen meervoudige stopcontacten, verlengsnoeren of adapters.
- Het apparaat uitsluitend laten repareren door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon.
- Gebruik alleen originele onderdelen van de fabrikant. De fabrikant garandeert dat deze onderdelen voldoen aan de veiligheidseisen.
Risico van letsel
Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten.
Gevaren door of van het koelmiddel
Door de leidingen van het koelcircuit stroomt een kleine hoeveelheid milieuvriendelijk, maar brandbaar koelmiddel (R600a).
Pagina 69
Dit is niet schadelijk voor de ozonlaag en verhoogt het broeikaseffect niet. Vrijkomend koelmiddel kan echter oogletsel veroorzaken of vlam vatten.
- Leidingen niet beschadigen.
Bij beschadiging van de leidingen:
- Vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden.
- De ruimte ventileren.
- Het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken.
- Contact opnemen met de servicedienst.
Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen
Er bestaat gevaar voor:
- kinderen;
- personen met lichamelijke, geestelijke of zintuiglijke beperkingen;
- personen die onvoldoende kennis hebben over de veilige bediening van het apparaat.
Maatregelen:
- Zorg dat kinderen en kwetsbare personen begrijpen wat de gevaren zijn.
- Alleen kinderen vanaf 8 jaar het apparaat laten gebruiken.
Veiligheidsvoorschriften nl
- Een voor de veiligheid verantwoordelijke persoon moet toezicht houden op kinderen en kwetsbare personen bij het apparaat of hen instrueren.
- Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen.
- Laat kinderen nooit met het apparaat spelen.
Kans op stikken
- Bij een apparaat met deurslot: Sleutel buiten bereik van kinderen opbergen.
- Verpakkingsmateriaal en onderdelen van het apparaat zijn geen speelgoed voor kinderen.
Materiële schade
Om materiële schade te voorkomen:
- Niet op de sokkel, uitschuifdelen of deuren staan of leunen.
- Kunststof onderdelen en deurafdichtingen olie- en vetvrij houden.
- Aan de stekker trekken – niet aan de aansluitkabel.
Gewicht
Houd er bij plaatsing en transport van het apparaat rekening mee dat het apparaat erg zwaar kan zijn.
"De juiste opstelplaats" op pagina 71
69
Pagina 70
nl Bestemming van het apparaat
8 Correct gebruik van het apparaat
Gebruik dit apparaat
- alleen voor het koelen van levensmiddelen.
- uitsluitend voor privégebruik en huishoudelijk gebruik.
- uitsluitend volgens deze gebruiksaanwijzing.
Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeeniveau.
7 Milieubescherming
Verpakking
Alle materialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen hergebruikt worden.
- Zorg dat de verpakking milieuvriendelijk wordt afgevoerd.
- Informatie over het afvoeren van afval en het oude apparaat kunt u opvragen bij uw speciaalzaak of bij de gemeente.
Oude apparaten
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.
Waarschuwing
Kinderen kunnen zichzelf in het apparaat opsluiten en stikken!
- Legplateaus en lades niet uit het apparaat nemen, om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen.
- Kinderen uit de buurt van een afgedankt apparaat houden.
Attentie!
Er kan koelmiddel en schadelijk gas vrijkomen.
Buizen van de koelmiddelkringloop en isolatie niet beschadigen.
- 1. Stekker uit het stopcontact halen.
- 2. Aansluitsnoer doorknippen.
- 3. Apparaat op deskundige wijze laten afvoeren.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Pagina 71
Installeren en aansluiten nl
5 Installeren en aansluiten
Inhoud van de verpakking
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.
Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze servicedienst. "Servicedienst" op pagina 82
De levering bestaat uit de volgende onderdelen:
- Inbouwapparaat
- Uitrusting (modelafhankelijk)
- Montagemateriaal
- Gebruiksaanwijzing
- Installatievoorschrift
- Klantenserviceboekje
- Garantiebijlage
- Informatie over energieverbruik en geluiden
Technische gegevens
Koelmiddel, netto inhoud van het apparaat en andere technische gegevens vindt u op het typeplaatje. "Het apparaat leren kennen" op pagina 74
Apparaat installeren
De juiste opstelplaats
Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat wordt opgesteld. In een te kleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan.
Per 8 g koelmiddel moet het vertrek minstens 1 m³ groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.
"Het apparaat leren kennen" op pagina 74
Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 57 kg bedragen.
Toegestane omgevingstemperatuur
De toegestane binnentemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat.
Informatie over de klimaatklasse vindt u op het typeplaatje.
"Het apparaat leren kennen" op pagina 74
| Klimaatklasse | Toegestane omgevingstemperatuur |
|---|---|
| SN | +10 °C ... 32 °C |
| N | +16 °C ... 32 °C |
| ST | +16 °C ... 38 °C |
| T | +16 °C ... 43 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 71)
Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur.
Wanneer een apparaat uit klimaatklasse SN wordt gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, kunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een binnentemperatuur van +5 °C.
Nisdiepte
Voor het apparaat wordt een nisdiepte van 56 cm aanbevolen. Bij een kleinere nisdiepte – minstens 55 cm – wordt het energieverbruik iets hoger.
Pagina 72
nl Installeren en aansluiten
Energie besparen
Wanneer u de volgende aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom. Aanwijzing: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.
| Apparaat installeren | |
|---|---|
| Apparaat niet blootstellen aan direct zonlicht. | Bij een lage omgevingstemperatuur hoeft het apparaat minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. |
| Het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen plaatsen: Naast elektrische of gasfornuizen: 3 cm. Naast een cv-installatie: 30 cm. Aanwijzing: Als dat niet mogelijk is een isolatieplaat aanbrengen tussen het apparaat en de warmtebron. | |
| Een opstelplaats met een binnentemperatuur van ca. 20 °C kiezen. | |
| Een nisdiepte van 56 cm aanhouden. Attentie! Gevaar voor verbranding! Sommige onderdelen van het apparaat worden tijdens het gebruik heet. Aanraking van deze onderdelen kan brandwonden veroorzaken. | De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm. Het apparaat verbruikt minder stroom wanneer de warme lucht kan wegtrekken. |
| Ventilatieopeningen niet afdekken of versperren. | |
| De ruimte dagelijks luchten. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 72)
| Gebruik van het apparaat | |
|---|---|
| Deur van het apparaat slechts kort openen. | De lucht in het apparaat wordt niet veel warmer. Het apparaat hoeft minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. |
| Gekochte levensmiddelen in een koeltas transporteren en snel in het apparaat leggen. | |
| Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen. | |
| Diepvrieswaren ter ontdooiing in het koelvak leggen, om de kou van de diepvrieswaren te benutten. | |
| Altijd wat ruimte openlaten tussen de levensmiddelen en de achterwand. | De lucht kan circuleren en de luchtvochtigheid blijft constant. Het apparaat hoeft minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. |
| Levensmiddelen luchtdicht verpakken. | |
| Achterkant van het apparaat eenmaal per jaar schoon zuigen. | De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm. Het apparaat verbruikt minder stroom wanneer de warme lucht kan wegtrekken. |
| Ventilatieopeningen niet afdekken of versperren. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 72)
--------
Pagina 73
Installeren en aansluiten nl
Voor het eerste gebruik
- 1. Infomateriaal eruit nemen en zowel plakband als beschermfolie verwijderen.
- 2. Apparaat schoonmaken.
"Schoonmaken" op pagina 78
Elektrische aansluiting
Attentie!
Het apparaat niet aansluiten op een elektronische electronische energiebesparende stekker.
Aanwijzing: U kunt het apparaat aansluiten op netvoedingsinverters en sinusinverters.
Netvoedingsinverters worden gebruikt bij fotovoltaïsche installaties met rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen dient u sinusinverters gebruiken. Losstaande systemen, bijv. op schepen of in berghutten, hebben geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet.
- 1. Na plaatsing van het apparaat minstens 1 uur wachten met aansluiten, om beschadiging van de compressor te voorkomen.
- 2. Het apparaat aansluiten op een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact.
Het stopcontact moet voldoen aan de volgende voorwaarden:
Stopcontact met 220 V ... 240 V Aardleiding 50 Hz
Zekering 10A ... 16 A Buiten Europa: controleren of de vermelde stroomsoort van het apparaat overeenkomt met de waarden van uw elektriciteitsnet. De gegevens van het apparaat staan op het typeplaatje.
"Het apparaat leren kennen" op pagina 74
- 3. Sluit het apparaat aan op een stopcontact in de buurt van het apparaat.
Het stopcontact moet ook na het opstellen van het apparaat goed bereikbaar zijn.
Waarschuwing
Gevaar voor een elektrische schok!
Indien het aansluitsnoer niet lang genoeg is, mag u in geen geval meervoudige stopcontacten of verlengsnoeren gebruiken.Neem in plaats daarvan contact op met de klantenservice voor alternatieve oplossingen.
Pagina 74
nl Het apparaat leren kennen
Het apparaat leren kennen
Klap het laatste blad met afbeeldingen open. Afhankelijk van de uitrusting kunnen er verschillen zijn tussen uw apparaat en de afbeeldingen.
Apparaat
- Afb.
* Niet bij alle modellen.
- Koelvak
- Verskoelruimte ... Bedieningselementen
- Verlichting
* Uittrekbaar legplateau
- Scheidingsplaat met vochtigheidsregelaar
- Groentelade
Verskoellade Typeplaatje 2* Boter- en kaasvak Vak voor grote flessen
Bedieningselementen
- Afb.
- Toets
Schakelt het apparaat in of uit.
- 0 Toets Super koelvak Schakelt het superkoelen in of uit.
- 8 Toets / koelvak Stelt de temperatuur van het koelvak in.
- Indicatie temperatuur koelvak Toont de ingestelde temperatuur in °C.
- Toets Alarm
Schakelt het alarmsignaal uit.
Uitrusting
(niet bij alle modellen)
Legplateau
- Afb.
U kunt het legplateau variëren:
- Legplateau eruit trekken en verwijderen.
Varioplateau
- Afb.
U kunt hoge voorwerpen koelen (bijv. kannen of flessen):
- Het voorste deel van het legplateau verwijderen en onder het achterste deel schuiven.
Pagina 75
Apparaat bedienen nl
Uittrekbaar legplateau
- Afb.
U kunt zorgen voor een beter overzicht:
- Legplateau eruit trekken.
U kunt het legplateau geheel verwijderen:
- 1. Beide knoppen onder het legplateau indrukken en ingedrukt houden.
- 2. Legplateau eruit trekken, laten zakken en zijwaarts naar buiten draaien.
Reservoir
- Afb.
U kunt de lade verwijderen:
- Lade achteraan iets optillen en verwijderen.
U kunt de lade aanbrengen:
- Lade op de rails plaatsen en in het apparaat schuiven.
Botervak en kaasvak
- Afb.
U kunt het vak op simpele wijze openen:
- Onderaan in het midden van de klep licht indrukken.
Het vak wordt naar onderen geopend. De klep schuift onder het vak.
Voorraadvakken
- Afb.
U kunt het flessenrek verwijderen:
- Flessenrek optillen en verwijderen.
Flessenhouder
- Afb.
Wanneer u de deur opent en sluit:
- Het flessenrek voorkomt dat de flessen kantelen.
1 Apparaat bedienen
Apparaat inschakelen
- 1. Toets indrukken.
Het apparaat begint te koelen.
- 2. De gewenste temperatuur instellen. "Temperatuur instellen" op pagina 76
Opmerkingen bij/voor het gebruik
- Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.
Geen levensmiddelen inruimen voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.
- De voorzijde van het apparaat achter de deur wordt gedeeltelijk licht verwarmd waardoor de vorming van condenswater in de buurt van de deurafdichting wordt voorkomen.
Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen
Apparaat uitschakelen
- Toets indrukken.
Het apparaat koelt niet meer.
Apparaat buiten werking stellen
Als u het apparaat langere tijd niet gebruikt:
- 1. Toets indrukken.
Het apparaat koelt niet meer.
- 2. De stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen.
- 3. Apparaat schoonmaken.
- 4. Apparat open laten.
Pagina 76
nl Alarm
Temperatuur instellen
Aanbevolen temperatuur
Koelvak: +4 °C
Koelvak
- Toets / meermaals indrukken tot de gewenste temperatuur verschijnt op de display.
Verskoelruimte
De temperatuur in de verskoelruimte wordt op circa 0 °C gehouden.
Aanwijzing: Wanneer rijp op de kleine koelproducten in de verskoelruimte voorkomt: De temperatuur warmer instellen. "Storingen, wat te doen?" op pagina 81
Superkoelen
Bij het superkoelen wordt het koelvak zo koud als mogelijk is.
Het superkoelen inschakelen bijv.:
- vóór het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen
- voor het snelkoelen van dranken
Aanwijzing: Wanneer superkoelen is ingeschakeld, wordt het apparaat iets luider.
Na 15 uur schakelt het apparaat over op het normale werking.
Superkoelen in-/uitschakelen:
- Toets Super indrukken.
De toets brandt als het superkoelsysteem is ingeschakeld.
Alarm
Deuralarm
Als de deur van het apparaat langer dan twee minuten open staat, wordt het deuralarm (aanhoudend geluidssignaal) ingeschakeld.
- Deur sluiten of toets Alarm indrukken.
Het alarmsignaal wordt uitgeschakeld.
Koelvak
Het koelvak is geschikt voor het bewaren van melkproducten, eieren, bereide gerechten, bakproducten, geopende conserven en harde kaas.
De temperatuur is van +3 °C ... +8 °C instelbaar.
Door de koelopslag kunt u ook zeer bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de temperatuur, hoe langzamer de gistingsprocessen, de chemische processen en het bederf door micro-organismen verloopt. Een temperatuur van +4 °C of lager waarborgt een optimale versheid en veiligheid van de levensmiddelen.
In acht nemen bij het bewaren
- Verse, onbeschadigde levensmiddelen inruimen.
Zo blijft de kwaliteit en de versheid langer bewaard.
- Bij kant-en-klaarproducten en gebottelde producten de door de fabrikant vermelde houdbaarheidsdatum of gebruiksdatum niet overschrijden.
Pagina 77
Verskoelruimte nl
- De levensmiddelen goed verpakt of afgedekt inruimen, om aroma/smaak, kleur en versheid te bewaren.
Zo voorkomt u smaakvermenging en verkleuring van de kunststof onderdelen.
- Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, dan in het koelvak zetten.
Let op de koudezones in het koelvak
Door de luchtcirculatie in de koelruimte ontstaan verschillende koudezones.
Koudste zone
De koudste zone is op de scheidingsplaat en in het vak voor grote flessen.
Warmste zone
De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.
Opmerkingen
- Bewaar in de warmste zone bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar.
- Bewaar gevoelige levensmiddelen zoals vis, worst en vlees in de verskoelruimte. "Verskoelruimte" op pagina 77
Verskoelruimte
De temperatuur in de verskoelruimte wordt op circa 0 °C gehouden.
De lage temperatuur en de optimale luchtvochtigheid zorgen voor ideale omstandigheden voor het bewaren van verse levensmiddelen.
Door de verskoelmogelijkheid kunt u verse levensmiddelen tot wel drie keer langer vers houden dan in het koelvak – voor het langer vers blijven, een langer behoud van voedingsstoffen en een betere smaak.
Groentelade
- Afb.
De groentelade is de optimale plaats voor het bewaren van vers fruit en verse groente.Met de vochtigheidsregelaar van de scheidingsplaat en een speciale afdichting kunt u de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen.
De luchtvochtigheid in de groentelade kunt u instellen afhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen:
- overwegend fruit en bij hoge belading – lagere luchtvochtigheid instellen
- overwegend groente en bij gemengde belading of geringe belading – hogere luchtvochtigheid instellen
Pagina 78
nl Ontdooien
Aanwijzingen
- Koudegevoelige soorten fruit (bijv. ananas, bananen, papaja's en citrusvruchten) en groente (bijv. aubergines, komkommers, courgettes, paprika, tomaten en aardappels) dienen voor een optimaal behoud van kwaliteit en aroma buiten het apparaat op temperaturen van circa +8 °C ... +12 °C te worden bewaard.
- Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de groentelade condenswater vormen.
Condenswater verwijderen met een droge doek en de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen met behulp van de vochtigheidsregelaar.
Verskoellade
- Afb. /
Het klimaat in verskoellade biedt ideale omstandigheden voor het bewaren van vis, vlees en worst.
Bewaartijden bij 0 °C
De bewaartijden zijn afhankelijk van de uitgangskwaliteit.
| Verse vis, zeevruchten: | tot 3 dagen |
|---|---|
| Gevogelte, vlees (gekookt/gebraden): | tot 5 dagen |
| Rundvlees, varkensvlees, lamsvlees, worst (broodbeleg): | tot 7 dagen |
| Gerookte vis, broccoli: | tot 14 dagen |
| Sla, venkel, abrikozen, pruimen: | tot 21 dagen |
| Zachte kaas, yoghurt, kwark, karnemelk, bloemkool: | tot 30 dagen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 78)
Ontdooien
Koelvak
Het ontdooien wordt automatisch uitgevoerd.
Schoonmaken
Attentie!
Beschadiging van het apparaat en de uitrustingsonderdelen vermijden.
- Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten.
- Geen schurende of krassende sponsjes gebruiken.
Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.
- De legplateaus en voorraadvakken mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden.
Ze kunnen vervormen.
Ga als volgt te werk:
- 1. Apparaat uitschakelen.
- 2. De stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen.
- 3. Levensmiddelen verwijderen en op een koele plaats bewaren.
De koude-accu (indien aanwezig) op de levensmiddelen leggen.
- 4. Indien aanwezig: Wachten tot de rijplaag is ontdooid.
- 5. Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een scheutje pH neutraal schoonmaakmiddel.
Attentie!
Het afwaswater mag niet in de verlichting of via het afvoergat in het verdampingsgedeelte terechtkomen.
Pagina 79
Schoonmaken nl
- 6. Deurafdichting afvegen met schoon water en goed afdrogen.
- 7. Apparaat weer aansluiten, inschakelen en levensmiddelen inruimen.
Schoonmaken van het interieur
De variabele onderdelen uit het apparaat nemen.
"Uitrusting" op pagina 74
Scheidingsplaat en afdekking groentelade
Scheidingsplaat verwijderen
- Afb.
- Hendel aan de onderzijde aan beide zijden indrukken, scheidingsplaat naar voren trekken, optillen en zijwaarts naar buiten draaien.
Afdekking van de groentelade verwijderen
- Afdekking optillen, naar voren trekken en zijwaarts naar buiten draaien.
Afdekking van de groentelade en scheidingsplaat aanbrengen
- Afb.
- 1. Afdekking van de groentelade aanbrengen.
- 2. Scheidingsplaat aanbrengen.
Aanwijzing: Om de scheidingsplaat aan te kunnen brengen, moet u de vochtigheidsregelaar instellen op een lage luchtvochtigheid.
Uittrekbare rails
- Afb.
Uittrekbare rails demonteren
- 1. De rail uittrekken.
- 2. Vergrendeling in de richting van de pijl schuiven.
- 3. Uittrekbare rail losmaken van de achterste pen.
- 4. Uittrekbare rail in elkaar schuiven, boven de achterste pen naar achteren schuiven en ontgrendelen.
Uittrekbare rails monteren
- 1. Uittrekbare rail in uitgetrokken toestand op de voorste pen zetten.
- 2. Uittrekbare rail om vast te klikken iets naar voren trekken.
- 3. Uittrekbare rail op de achterste pen erin zetten.
- 4. Vergrendeling naar achteren schuiven.
Pagina 80
nl Luchtjes
Luchtjes
Als u onaangename luchtjes ruikt:
- 1. Apparaat uitschakelen met de Aan/Uit-toets .
- 2. Alle levensmiddelen uit het apparaat halen.
- 3. De binnenruimte reinigen. "Schoonmaken" op pagina 78
- 4. Alle verpakkingen reinigen.
- 5. Sterk ruikende levensmiddelen luchtdicht verpakken om luchtjes te voorkomen.
- 6. Apparaat weer inschakelen.
- 7. Levensmiddelen inruimen.
- 8. Na 24 uur controleren of er opnieuw luchtjes zijn ontstaan.
9 Verlichting
Het apparaat is voorzien van een onderhoudsvrije LED verlichting.
Alleen de klantenservice of een geautoriseerde vakman mag de verlichting repareren.
Geluiden
Normale geluiden
Brommen: Er loopt een motor, bijv. koelaggregaat, ventilator.
Borrelen, zoemen of gorgelen: Koelmiddel stroomt door de buizen.
Klikgeluiden: Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.
Gekraak: automatische ontdooiing wordt uitgevoerd.
Voorkomen van geluiden
Het apparaat staat niet waterpas: Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Indien nodig er iets onderleggen.
Lades, legplateaus of flessenrekken wiebelen of klemmen: Uitneembare uitrustingsonderdelen controleren en eventueel opnieuw aanbrengen.
Flessen of serviesgoed raken elkaar: Flessen of schalen uit elkaar zetten.
Pagina 81: zie Storingen hierboven.
Pagina 82: zie hierboven.