naslaan.comZoekenAlle merken

Neff KI8813FE0, tekst van de handleiding

Pagina's 66–81 van 88 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← begin van de handleidingverder op pagina 82 →

Pagina's 1–65: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 66

nl Inhoudsopgave

Inhoudsopgave

1 Veiligheid ................................... 67

1.1 Algemene aanwijzingen ........... 67 1.2 Bestemming van het apparaat ............................................... 67 1.3 Inperking van de gebruikers ... 67 1.4 Veiliger transport ....................... 67 1.5 Veilige installatie ........................ 68 1.6 Veilig gebruik ............................. 69 1.7 Beschadigd apparaat ............... 70

2 Het voorkomen van materiële schade ........................................ 71

3 Milieubescherming en besparing .............................................. 72

3.1 Afvoeren van de verpakking ... 72 3.2 Energie besparen ..................... 72

4 Opstellen en aansluiten ............ 72

4.1 Leveringsomvang ...................... 72 4.2 Criteria voor de opstellocatie ................................................. 73 4.3 Apparaat monteren ................... 73 4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden ............... 73 4.5 Apparaat elektrisch aansluiten ................................................ 73

5 Uw apparaat leren kennen ........ 74

5.1 Apparaat ..................................... 74 5.2 Bedieningspaneel ..................... 74

6 Uitrusting ................................... 74

6.1 Legplateau .................................. 74 6.2 Variabel legplateau ................... 74 6.3 Uittrekbaar legplateau .............. 74 6.4 Groente- en fruitlade ................. 75 6.5 Verskoellade .............................. 75 6.6 Boter- en kaasvak ..................... 75 6.7 Deurrekken ................................. 75 6.8 Accessoires ............................... 75

7 De Bediening in essentie .......... 75

7.1 Apparaat inschakelen .............. 75

7.2 Opmerkingen bij het gebruik .. 76 7.3 Machine uitschakelen .............. 76 7.4 Temperatuur instellen ............... 76

8 Extra functies ............................ 76

8.1 Superkoelen ............................. 76

9 Alarm .......................................... 77

9.1 Deuralarm ................................... 77

10 Koelvak .................................... 77

10.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak ............................................. 77 10.2 Koudezones in het koelvak .. 77

11 Verskoelruimte ........................ 77

11.1 Bewaartijden in de verskoelruimte bij 0 °C ......................... 78

12 Ontdooien ................................ 78

12.1 Ontdooien in het koelvak. ..... 78 12.2 Ontdooien in de verskoelruimte ........................................ 78

13 Reiniging en onderhoud ......... 78

13.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging .................................... 78 13.2 Apparaat schoonmaken ........ 78 13.3 Onderdelen eruit halen .......... 79 13.4 Apparaatonderdelen demonteren .......................................... 79

14 Storingen verhelpen ............... 80

14.1 Apparaatzelftest uitvoeren .... 82

15 Opslaan en afvoeren .............. 82

15.1 Apparaat buiten gebruik stellen .............................................. 82 15.2 Afvoeren van uw oude apparaat ............................................ 83

16 Servicedienst .......................... 83

16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) .......... 84

17 Technische gegevens ............ 84

Pagina 67

Veiligheid nl

1 Veiligheid

Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.

1.1 Algemene aanwijzingen

1.2 Bestemming van het apparaat

Dit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld.

Gebruik het apparaat uitsluitend:

voor het koelen van levensmiddelen.

voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.

tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.

1.3 Inperking van de gebruikers

Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.

Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/ diepvriezer vullen en legen.

1.4 Veiliger transport

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.

Pagina 68

nl Veiligheid

1.5 Veilige installatie

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.

Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.

WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!

Wanneer de ventilatieopeningen van het apparaat zijn gesloten, dan kan bij een lek van het koude circuit een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.

Pagina 69

Veiligheid nl

Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.

1.6 Veilig gebruik

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!

Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.

Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.

WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!

Door beschadiging van de koudemiddelkringloop kan brandbaar koudemiddel lekken en exploderen.

Producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen kunnen exploderen, bijv. spuitbussen.

Pagina 70

nl Veiligheid

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen tot een brand leiden, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten.

Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen.

VOORZICHTIG ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!

Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.

Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Wanneer zure levensmiddelen in contact komen met aluminium in contact komen, dan kunnen aluminiumionen overdragen naar de levensmiddelen.

1.7 Beschadigd apparaat

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.

70

Pagina 71

Het voorkomen van materiële schade nl

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.

2 Het voorkomen van materiële schade

LET OP

Door het gebruik van de plint, laden of apparaatdeuren als zitvlak of opstapje kan het apparaat beschadigd raken.

Door verontreinigingen met olie of vet kunnen kunststofdelen en deurafdichtingen poreus worden.

Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Bij contact met zuurhoudende levensmiddelen corrodeert en verkleurt het aluminium.

71

Pagina 72

nl Milieubescherming en besparing

Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.

3 Milieubescherming en besparing

3.1 Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

3.2 Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.

Keuze van de opstellingslocatie

Stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht.

Plaats het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen:

Een nisdiepte van 560 mm gebruiken.

De externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren.

Energie besparen bij het gebruik.

Opmerking: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen in-

1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

2 Niet in alle landen

72

vloed op het energieverbruik van het apparaat.

Open het apparaat slechts kort en sluit het zorgvuldig.

De binnenste ventilatieopeningen of de externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren.

Transporteer gekoelde levensmiddelen in een koeltas en leg ze snel in het apparaat.

Warm voedsel en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.

Leg om de koude van de diepvriesproducten te benutten, deze ter ontdooiing in het koelvak.

Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de achterwand.

4 Opstellen en aansluiten

4.1 Leveringsomvang

Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.

Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst Pagina 83 contact op.

De levering bestaat uit:

Inbouw

Uitrusting en accessoires ¹ Montagemateriaal

Montagehandleiding

Gebruiksaanwijzing

Klantenservice overzicht

Garantiebijlage ²

Energielabel

Informatie over energieverbruik en geluiden

Pagina 73

4.2 Criteria voor de opstellocatie

WAARSCHUWING

Explosiegevaar!

Wanneer het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van het koudecircuit een brandbaar gasluchtmengsel ontstaan.

"Apparaat", Fig. 1 /

Pagina 74

Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 70 bedragen.

De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.

Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 10°C tot 43°C.

Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur.

Wanneer u het apparaat gebruikt bij lagere kamertemperaturen, dan kunnen beschadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5°C worden uitgesloten.

Nismaten

Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de nis inbouwt. Bij afwijkingen kunnen problemen optreden tijdens de installatie van het apparaat.

Nisdiepte

Bouw het apparaat in de aanbevolen nisdiepte van 560 mm in.

Opstellen en aansluiten nl

Bij een kleinere nisdiepte wordt het energieverbruik iets hoger. De nisdiepte moet minimaal 550 mm bedragen.

Nisbreedte

Voor het apparaat is een meubelnis met een binnenbreedte van minimaal 560 mm nodig.

Over-and-Under- en Side-by-Sideopstelling

Als u 2 koeltoestellen boven of naast elkaar wilt opstellen, moet u tussen de toestellen minimaal een tussenafstand van 150 mm aanhouden. Voor bepaalde toestellen is een opstelling zonder minimumafstand mogelijk. Neem hiervoor contact op met uw dealer of keukeninstallateur.

4.3 Apparaat monteren

4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden

4.5 Apparaat elektrisch aansluiten

De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. "Apparaat", Fig. 1 / Pagina 74

Pagina 74

nl Uw apparaat leren kennen

Het apparaat is nu gereed voor gebruik.

5 Uw apparaat leren kennen

5.1 Apparaat

Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.

Fig. 1

Koelvak Pagina 77
Verskoelruimte Pagina 77
Bedieningspaneel Pagina 74
Variabel legplateau Pagina 74 ¹
Uittrekbaar legplateau Pagina 74 ¹
Scheidingsplaat met vochtigheidsregelaar Pagina 75
Groente- en fruitlade Pagina 75
Verskoellade Pagina 75
Typeplaatje Pagina 84
Boter- en kaasvak Pagina 75 ¹
Verlichting
Deurrek voor grote flessen Pagina 75
5.2 Bedieningspaneel

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 74)

Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en

1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

74

informatie krijgen over de gebruikstoestand.

Fig. 2

0 °C brandt als het apparaat in werking is.

Alarm schakelt het waarschuwingssignaal uit.

Toont de ingestelde temperatuur van het koelvak in °C.

/ stelt de temperatuur van het koelvak in.

Super schakelt Superkoelen in of uit.

schakelt het apparaat in of uit.

6 Uitrusting

De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.

6.1 Legplateau

Om de schappen naar wens te variëren, kunt u het schap uitnemen en op een andere positie weer plaatsen. "Plateau verwijderen", Pagina 79

6.2 Variabel legplateau

Gebruik het variabel legplateau alleen om op het daaronder liggende plateau hoge te koelen producten te bewaren, bijv. kannen of flessen. U kunt het voorste deel van het variabele legplateau uittrekken en onder het achterste deel van het variabele legplateau schuiven.

Fig. 3

6.3 Uittrekbaar legplateau

Om een beter overzicht te krijgen en levensmiddelen sneller te kunnen uit-

Pagina 75

nemen, trekt u het uittrekbare legplateau er uit.

6.4 Groente- en fruitlade

Bewaar vers fruit en groente onverpakt in de fruit- en groentelade.

Bewaar gesneden fruit en groente afgedekt of luchtdicht verpakt.

Met de vochtigheidsregelaar van de scheidingsplaat en een speciale afdichting kunt u de luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade aanpassen. Fig. 4

De luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade kunt u afhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen door aan de vochtigheidsregelaar te draaien instellen:

Naar links draaien voor lage luchtvochtigheid bij overwegend bewaren van fruit of hoge belading.

Naar het midden draaien voor gemiddelde luchtvochtigheid bij gemengde belading.

Naar rechts draaien voor hoge luchtvochtigheid bij overwegend bewaren van groente of geringe belading.

Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de fruit- en groentelade condenswater vormen.

Het condenswater verwijderen met een droge doek en een lage luchtvochtigheid via de vochtigheidsregelaar instellen.

Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit en het aroma behouden blijven, moet u koudegevoelig fruit en groente buiten het apparaat bewaren bij temperaturen van ca. 8 °C tot 12 °C, bijv. ananas, bananen, citrusvruchten, augurken, courgette, paprika, tomaten en aardappelen.

De Bediening in essentie nl

6.5 Verskoellade

Gebruik de lagere temperaturen in de verskoellade om snel bedervende levensmiddelen te bewaren, bijv. vis, vlees en worst.

6.6 Boter- en kaasvak

Bewaar boter en harde kaas in het boter- en kaasvak.

Om het boter- en kaasvak te openen, drukt u licht midden-onder op de klep.

Opmerking: Het vak wordt naar onderen geopend. De klep schuift onder het vak.

Fig. 5

6.7 Deurrekken

Om het deurrek naar behoefte te variëren kunt u het deurrek er uit nemen en op een andere positie weer plaatsen.

"Deurrek verwijderen", Pagina 79

6.8 Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd. De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.

Flessenhouder

De flessenhouder voorkomt dat flessen bij het openen en sluiten van de apparaatdeur kantelen.

Fig. 6

7 De Bediening in essentie

7.1 Apparaat inschakelen

Het apparaat begint te koelen.

75

Pagina 76

nl Extra functies

7.2 Opmerkingen bij het gebruik

Wanneer u het apparaat heeft ingeschakeld, duurt het tot enkele uren voordat de ingestelde temperatuur wordt bereikt.

Plaats geen levensmiddelen in het apparaat voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.

De behuizing links, rechts en onder de verskoelruimte wordt tijdelijk licht verwarmd. Dit voorkomt vorming van condenswater in de zone van de deurafdichting.

Let er bij het sluiten van de deur op dat de deur niet door product wordt geblokkeerd.

Wanneer u de deur sluit, kan een onderdruk ontstaan. De deur gaat dan alleen moeilijker open. Wacht een ogenblik tot de onderdruk wordt gecompenseerd.

De temperatuur in het apparaat varieert door de volgende condities:

7.3 Machine uitschakelen

indrukken.

7.4 Temperatuur instellen

Koelvaktemperatuur instellen

De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C.

Temperatuur verskoelruimte instellen

Opmerking: De standaardinstelling van het cool-fresh-vak is vooraf ingesteld op 0. Instelling 0 komt overeen met een temperatuur van ca. 0 °C. U kunt de temperatuur in het cool-freshvak tot 3 instellingen warmer of kouder instellen.

Tip: Wanneer er rijp vormt op de producten in het verskoelvak, dan de verskoeltemperatuur hoger instellen.

Na een minuut wordt de ingestelde stand opgeslagen.

8 Extra functies

Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt.

8.1 Superkoelen

Bij het Superkoelen koelt het koelvak zo koud mogelijk.

Schakel Superkoelen in voor het bewaren van grote hoeveelheden levensmiddelen in het koelvak.

Opmerking: Als Superkoelen is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.

Superkoelen inschakelen

"Super" brandt.

Opmerking: Na ca. 15 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Pagina 77

Superkoelen uitschakelen

De voordien ingestelde temperatuur wordt op indicatie aangegeven.

9 Alarm

9.1 Deuralarm

Als de deur van het apparaat langere tijd open staat wordt het deuralarm ingeschakeld.

Er klinkt een waarschuwingssignaal.

Deuralarm uitschakelen

Het waarschuwingssignaal is uitgeschakeld.

10 Koelvak

In het koelvak kunt u melkproducten, eieren, bereide gerechten, brood en banket, geopende conservenblikken en harde kaas bewaren.

De temperatuur is van 3 °C tot 8 °C instelbaar.

Door de koelopslag kunt u ook licht bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de gekozen temperatuur is, des te langer blijven de levensmiddelen vers.

10.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak

Alleen verse en onbeschadigde levensmiddelen inruimen.

Bewaar de levensmiddelen luchtdicht verpakt of afgedekt.

Om de luchtcirculatie niet te hinderen en het bevriezen van levens-

Alarm nl

middelen te vermijden, de levensmiddelen niet direct tegen de achterwand plaatsen.

Laat warme etenswaren en dranken eerst afkoelen.

Houd de door de fabrikant vermelde houdbaarheidsdatum of gebruiksdatum in acht.

10.2 Koudezones in het koelvak

Door de luchtcirculatie in et koelvak ontstaan verschillende koudezones.

Koudste zone

De koudste zone is op de scheidingsplaat en in het deurrek voor grote flessen.

Tip: Bewaar snel bedervende levensmiddelen in de verskoelruimte, bijv. vis, worst en vlees.

"Verskoelruimte", Pagina 77

Warmste zone

De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.

Tip: Bewaar minder gevoelige levensmiddelen in de warmste zone, bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar.

11 Verskoelruimte

In de verskoelruimte kunt u verse levensmiddelen tot drie keer langer vers houden dan in het koelvak.

De temperatuur in de verskoelruimte wordt op circa 0 °C gehouden.

Door het vershouden blijft de kwaliteit van de opgeslagen levensmiddelen beter behouden. De lage temperatuur en de optimale luchtvochtigheid maken ideale omstandigheden mogelijk

77

Pagina 78

nl Ontdooien

voor het bewaren van verse levensmiddelen.

11.1 Bewaartijden in de verskoelruimte bij 0 °C

De bewaartijden zijn afhankelijk van de uitgangskwaliteit van uw levensmiddelen.

ProductBewaartijd
Verse vis, zeevruchtentot 3 dagen
Gevogelte, vlees (gekookt/gebraden)tot 5 dagen
Rundvlees, varkensvlees, lamsvlees, worstwaren (broodbeleg)tot 7 dagen
Gerookte vis, broccolitot 14 dagen
Sla, venkel, abrikozen, pruimentot 21 dagen
Zachte kaas, yoghurt, kwark, karnemelk, bloemkooltot 30 dagen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 78)

12 Ontdooien

12.1 Ontdooien in het koelvak.

Het koelvak van uw apparaat ontdooit automatisch.

12.2 Ontdooien in de verskoelruimte

De verskoelruimte van uw apparaat ontdooit automatisch.

78

13 Reiniging en onderhoud

Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.

De reiniging van ontoegankelijke plaatsen moet door de servicedienst worden uitgevoerd. Aan de reiniging door de servicedienst kunnen kosten verbonden zijn.

13.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging

Pagina 76

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

Pagina 79

Pagina 80

13.2 Apparaat schoonmaken

WAARSCHUWING

Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.

Pagina 79

Vloeistof in de verlichting of in de bedieningselementen kan gevaarlijk zijn.

LET OP

Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.

Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.

Pagina 75

13.3 Onderdelen eruit halen

Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het apparaat.

Reiniging en onderhoud nl

Plateau verwijderen

Fig. 7

Uittrekbaar legplateau verwijderen

Fig. 8

Deurrek verwijderen

Fig. 9

Groente- en fruitlade verwijderen

Fig. 10

Verskoellade verwijderen

Fig. 10

13.4 Apparaatonderdelen demonteren

Als u uw apparaat grondig wilt reinigen, kunt u bepaalde onderdelen uit uw apparaat demonteren.

Scheidingsplaat en afdekking van de fruit- en groentelade

Om de scheidingsplaat en de afdekking van de fruit- en groentelade grondig te reinigen, kunt u deze demonteren.

Scheidingsplaat demonteren

Fig. 11

79

Pagina 80

nl Storingen verhelpen

Fig. 12

Afdekking demonteren

Scheidingsplaat en afdekking inbouwen

Telescooprails

Om de telescooprails grondig te reinigen, kunt u deze demonteren.

Telescooprails demonteren

Fig. 14

Fig. 15

Fig. 16

Uittrekbare rails monteren

Fig. 17

14 Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING

Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

Pagina 81

Storingen verhelpen nl

StoringOorzaak en probleemoplossing
Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden.Het presentatielicht is ingeschakeld.
▸ Voer de apparaatzelftest uit. Pagina 82
Na het verstrijken van de apparaatzelftest gaat het apparaat weer over op normale werking.
LED-verlichting functioneert niet.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▸ Neem contact op met de servicedienst.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
De koelmachine schakelt vaker en langer in.Het apparaat is te vaak geopend.
▸ Open de apparaatdeur niet onnodig.
Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt.
▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
Geen storing. Moderne koelapparaten schakelen vaker in en hebben verschillende vermogensstanden om efficiënter te koelen.
▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
▸ Stel het apparaat met de grootst mogelijke afstand tot verwarmingselementen, fornuis en andere warmtebronnen op. Vermijd langdurig direct zonlicht op het apparaat.
▸ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is.
▸ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen.
"E" of "d" verschijnt op het temperatuurdisplay.De elektronica heeft een fout geconstateerd.
1. Schakel het apparaat uit. Pagina 76
2. Koppel het apparaat los van de voedingspanning. Haal stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.
3. Sluit het apparaat na 5 minuten weer aan.
4. Als de melding nog altijd verschijnt, neem dan contact op met de klantenservice.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
Alarmsignaal weerklinkt en "Alarm" brandt.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▸ Druk op Alarm.
Schakel het alarm uit.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 81)

81

← begin van de handleidingverder op pagina 82 →Inhoud