Neff N29HA11Y2, tekst van de handleiding
Pagina's 7–24 van 24 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 7
Servies voorverwarmen nl
8 Servies voorverwarmen
In voorverwarmd servies blijven gerechten langer warm.
8.1 Servies voorverwarmen starten
- 1. Plaats de vorm in het apparaat.
- Zorg ervoor dat er geen hoge serviesdelen of stapels borden de ventilatie-openingen aan de achterzijde blokkeren, om een goede circulatie van de warme lucht te waarborgen.
- Verdeel het servies over de hele bodem van het apparaat, om de tijdsduur voor het verwarmen te reduceren.
De tijdsduur voor het verwarmen is afhankelijk van het materiaal de dikte, de hoeveelheid en de verdeling van het servies. Bij een menu-servies voor 6 personen bedraagt de opwarmduur ca. 30 tot 40 minuten.
- 2. Druk op .
De voorgestelde temperatuur is met kleur verlicht. De beschikbare temperaturen gaan branden.
- 3. Kies indien nodig een andere temperatuur.
- 4. Sluit het apparaat.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voorverwarmt.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en de ventilator draait.
8.2 Servies voorverwarmen beëindigen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De accessoires of vormen worden tijdens gebruik zeer heet.
- Haal hete accessoires of vormen altijd met behulp van ovenwanten uit het apparaat.
- 1. Open het apparaat.
- 2. Schakel het apparaat uit.
- 3. Verwijder het servies.
9 Kopjes voorverwarmen
In voorverwarmde kopjes blijven dranken langer warm.
9.1 Kopjes voorverwarmen starten
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij te hoge temperaturen bestaat verbrandingsgevaar.
- Stel voor kopjes altijd temperaturen onder 60°C in.
- 1. Plaats de kopjes in het apparaat.
- Verdeel de kopjes over de gehele bodem van het apparaat, om de tijdsduur te reduceren.
De tijdsduur is afhankelijk van het materiaal de dikte, de hoeveelheid en de verdeling van de kopjes.
- 2. Druk op .
De voorgestelde temperatuur is met kleur verlicht. De beschikbare temperaturen gaan branden.
- 3. Kies indien nodig een andere temperatuur.
- 4. Sluit het apparaat.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voorverwarmt.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en de ventilator draait.
9.2 Kopjes voorverwarmen beëindigen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De accessoires of vormen worden tijdens gebruik zeer heet.
- Haal hete accessoires of vormen altijd met behulp van ovenwanten uit het apparaat.
- 1. Open het apparaat.
- 2. Schakel het apparaat uit.
- 3. Haal de kopjes uit het apparaat.
10 Gerechten warmhouden
Met het apparaat kunnen gerechten een bepaalde tijd worden warm gehouden.
Houd de insteladviezen aan.
"Insteladvies voor het warmhouden van gerechten", Pagina 9
10.1 Gerechten warmhouden starten
- 1. Doe de vorm niet te vol, om overlopen te voorkomen.
- 2. Dek de gerechten af met hittebestendige doorzichtige folie, aluminiumfolie of een hittebestendig deksel.
- 3. Plaats de vorm in het apparaat.
- 4. Druk op .
De voorgestelde temperatuur is met kleur verlicht. De beschikbare temperaturen gaan branden.
- 5. Kies indien nodig een andere temperatuur.
- 6. Sluit de warmhoudlade.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voorverwarmt.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en de ventilator draait.
10.2 Gerechten warmhouden beëindigen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De accessoires of vormen worden tijdens gebruik zeer heet.
- Haal hete accessoires of vormen altijd met behulp van ovenwanten uit het apparaat.
- 1. Open het apparaat.
Pagina 8
nl Gistdeeg of yoghurt maken
- 2. Schakel het apparaat uit.
- 3. Verwijder het servies.
11 Gistdeeg of yoghurt maken
Met uw apparaat kunt u gemakkelijk gistdeeg of yoghurt maken.
Houd de insteladviezen aan.
"Insteladvies voor het maken van gistdeeg of yoghurt", Pagina 9
11.1 Gistdeeg maken
- 1. Het gistdeeg maken.
- 2. Het gistdeeg in een geschikte container doen.
- 3. Plaats de container in het apparaat.
- 4. Dek de container af met een vochtige doek.
- 5. Verhit het apparaat volgens de overeenkomstige temperatuurindicatie en tijdsindicatie verwarmen.
11.2 Yoghurt maken
- 1. Om dikke yoghurt te krijgen, kunt u magere melkpoeder aan de melk toevoegen alvorens deze te verwarmen.
Gebruik per liter melk één tot twee eetlepels magere melkpoeder.
- 2. Verhit gepasteuriseerde melk op de kookplaat tot 90°C om te voorkomen dat de yoghurt culturen vernietigd worden.
Bij UHT-melk is verhitten niet nodig.
Met koude melk is de rijpingsduur langer.
- 3. Laat de melk au bain-marie afkoelen tot 40°C om de yoghurtculturen niet te vernietigen.
- 4. Roer natuurlijke yoghurt met de geselecteerde yoghurt culturen door de melk.
Gebruik per 100°ml melk één tot twee theelepels yoghurt.
- 5. Neem bij yoghurtcultuur de aanwijzingen op de verpakking in acht.
- 6. Gebruik yoghurtpotten met schroefdeksel.
- 7. Indien beschikbaar, de afgewassen yoghurtpotten in een stoomoven bij 100°C en 100% vochtigheidsgraad gedurende 20 tot 25 minuten desinfecteren.
- 8. Doe het yoghurtmengsel in de gedesinfecteerde yoghurtpotten.
- 9. Sluit de yoghurtpotten met een schroefdeksel.
- 10. Plaats de yoghurtpotten in het apparaat.
- 11. Zet de yoghurt wanneer deze klaar is in de koelkast.
12 Garen met lage temperaturen
Bereiden bij lage temperaturen is de ideale bereidingsmethode om alle delicate stukken vlees rosé of à point te bereiden. Het vlees blijft heel sappig en wordt boterzacht. Omdat de tijden bij het bereiden bij lage temperatuur wezenlijk langer zijn, heeft u veel speelruimte bij de menu-planning. Op een lage temperatuur bereid vlees laat zich probleemloos warmhouden.
Houd de insteladviezen aan.
"Insteladvies voor garen bij lage temperaturen", Pagina 10
12.1 Tips voor het garen met lage temperaturen
Hier vindt u tips voor een goed resultaat voor het garen bij lage temperaturen.
Gebruik alleen vers vlees. Verwijder zorgvuldig de pezen en vetranden. Vet ontwikkelt bij het langzaam garen een sterke eigen smaak.
Ook grotere stukken vlees hoeft u niet te keren. U kunt het vlees na het langzaam garen direct in stukken snijden. Het hoeft niet te rusten.
Door de speciale bereidingsmethode ziet het vlees er van binnen altijd rosé uit. Het vlees is echter in geen geval rauw of niet gaar genoeg.
Het op een lage temperatuur gegaarde vlees is niet zo heet als vlees dat op de gebruikelijke manier is gebraden. Serveer de sauzen zeer heet. Doe de borden gedurende de laatste 20-30 minuten ook in het apparaat.
Wanneer u op een lage temperatuur gegaard vlees warm wilt houden, kies dan 60°C. Kleine stukken
vlees kunt u tot 45 minuten en grote stukken vlees maximaal 2 uur worden warmhouden.
12.2 Garen met lage temperaturen starten
- 1. Gebruik uitsluitend geschikt serviesgoed van glas, porselein of keramiek met deksel, bijvoorbeeld een glazen ovenschotel.
- 2. Wanneer er voor de vorm geen deksel beschikbaar is, gebruik dan hittebestendige vershoudfolie voor het afdekken van de vorm.
- 3. Plaats het gerei op de bodem in het apparaat.
- 4. Druk op om de vorm voor te verwarmen.
- 5. Sluit het apparaat.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voorverwarmt.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en de ventilator draait.
- 6. Verhit een beetje vet sterk in een pan.
- 7. Schroei het vlees heet dicht.
- 8. Plaats het vlees in de voorverwarmde vorm.
- 9. Doe het deksel op de vorm of gebruik hittebestendige vershoudfolie voor het afdekken.
- 10. Het gerei met het vlees in het apparaat plaatsen.
- 11. Druk op .
De voorgestelde temperatuur is met kleur verlicht. De beschikbare temperaturen gaan branden.
- 12. Kies indien nodig een andere temperatuur.
- 13. Sluit het apparaat.
De functie-indicatie knippert terwijl het apparaat voorverwarmt.
De functie-indicatie brandt, het apparaat verwarmt en de ventilator draait.
Pagina 9
Andere toepassingen nl
12.3 Garen met lage temperaturen beëindigen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De accessoires of vormen worden tijdens gebruik zeer heet.
- Haal hete accessoires of vormen altijd met behulp van ovenwanten uit het apparaat.
- 1. Open het apparaat.
- 2. Schakel het apparaat uit.
- 3. Verwijder het servies.
13 Andere toepassingen
Uw apparaat biedt nog meer nuttige toepassingen.
Houd de insteladviezen aan.
"Insteladvies voor andere toepassingen", Pagina 10
14 Ontdooien
Met uw apparaat kunt u diepvriesproducten zacht en gelijkmatiger dan in de magnetron ontdooien.
Houd de insteladviezen aan.
"Insteladviezen voor het ontdooien", Pagina 11
14.1 Etenswaar ontdooien
WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
Bij het ontdooien van dierlijke levensmiddelen is overdracht van kiemen mogelijk.
- Verwijder bij het ontdooien van dierlijke levensmiddelen het ontdooivocht.
- Zorg ervoor dat de ontdooivloeistof nooit in contact komt met andere levensmiddelen.
- 1. Haal de etenswaar vóór het ontdooien uit de verpakking.
- 2. Ontdooi slechts de benodigde hoeveelheid.
- 3. Keer vlees of vis na de helft van de ontdooitijd.
- 4. Losse diepvriesproducten zoals bessen of stukken vlees los van elkaar maken.
Opmerkingen
De ontdooiduur is afhankelijk van de grootte, het gewicht en de vorm van de diepvriesproducten. Vries voedsel vlak of afzonderlijk in, om de ontdooiduur te verkorten.
Ontdooide etenswaar zijn in bepaalde omstandigheden niet meer zo houdbaar en bederven sneller dan verse etenswaar. Verwerk ontdooid etenswaar direct en bereid deze door en door.
Vis moet niet volledig ontdooien. Bij vis is het voldoende wanneer het oppervlak zacht genoeg is om de specerijen op te nemen.
15 Zo lukt het
15.1 Insteladvies voor het warmhouden van gerechten
Houd u aan het volgende insteladvies wanneer u de gerechten warm houdt. Houd de maximale duur in het overzicht aan, om uitdrogen van de gerechten te vermijden.
| Voedingswaar | Servies voorverwarmen | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|
| Eieren gekookt, roerei | ja | 50 | maximaal 60 | Etenswaar afdekken |
| Toastbrood, broodjes | ja | 60 | maximaal 60 | |
| gevoelig voedsel, bijv. langzaam gegaard vlees | nee | 60 | maximaal 60 | Vlees pas kort voor het serveren snijden, etenswaar afdekken |
| Gerechten | ja | 80 | maximaal 60 | Etenswaar afdekken |
| Dranken | ja | 70 | maximaal 60 | Dranken afdekken |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
15.2 Insteladvies voor het maken van gistdeeg of yoghurt
Houd dit insteladvies aan.
| Voedingswaar | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|
| Gistdeeg | 40 | 45-60 | Schotel, schaal of bakblik, het gistdeeg afdekken |
Pagina 10
nl Zo lukt het
| Voedingswaar | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|
| Yoghurt | 40 | 420 | Yoghurtpotten afsluiten met de deksels |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
15.3 Insteladvies voor garen bij lage temperaturen
De volgende instellingen werden speciaal voor uw apparaat getest.
Voor het garen bij lage temperatuur zijn alle zachte delen van rund, varken, kalf, lam, wild en gevogelte geschikt. De aanbraad- en nagaartijden zijn afhankelijk van de grootte van de vleesstukken. De aanbraadtijden gelden voor het inleggen in het hete vet.
Kleine stukken vlees
| Voedingswaar Aanbraadtijd op de kook- Nagaartijd in de warmplaat houdlade | Temperatuur in °C |
|---|---|
| Blokjes of reepjes rondom 1-2 minuten 20-30 minuten | 80 |
| Kleine schnitzels, steaks of per zijde 1-2 minuten 35-50 minuten medaillons, ca. 1-2 cm dik | 80 |
| Middelgrote stukken vlees | |
| Voedingswaar Aanbraadtijd op de kook- Nagaartijd in de warmplaat houdlade | Temperatuur in °C |
| Filet, 400-800 g rondom 4-5 minuten 75-120 minuten | 80 |
| Lamsrug, ca. 450 g per zijde 2-3 minuten 50-60 minuten | 80 |
| magere braadstukken, rondom 6-8 minuten 120-180 minuten 800-1000 g | 80 |
| Grote stukken vlees | |
| Voedingswaar Aanbraadtijd Nagaartijd in de warmhoudlade | Temperatuur in °C |
| Filet, vanaf 800-2000 g rondom 6-8 minuten 120-210 minuten | 80 |
| Rosbief, 1-2 kg rondom 8-10 minuten 180-210 minuten | 80 |
| Overige voedingswaren | |
| Voedingswaar Aanbraadtijd Nagaartijd in de Temperatuur in °C Aanwijzingen warmhoudlade | |
| Ragout rondom 6-8 minuten 15 uur 80 80 | in braadslede met deksel |
| In olie gesmoord 20 uur 80 vlees | in braadslede met deksel, bijv. Confît de ca-nard (specialiteit uit Zuidwest Frankrijk) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
15.4 Insteladvies voor andere toepassingen
Houd de volgende insteladviezen aan.
Opwarmen
| Voedingswaar | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|
| Eier- en meelgerechten, bijv. crêpes, pannenkoeken, wraps, taco's | 80 | 10-60 | Etenswaar afdekken |
| Gebak, bijv. kruimeltaarten, muffins | 80 | 30-45 | Etenswaar afdekken |
Pagina 11
Home Connect nl
Smelten
| Voedingswaar | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|
| Gelatine oplossen | 80 | 10-15 | Gelatineblaadjes voor het smelten in water weken en uitwringen |
| Chocoladereep, chocoladecouverture | 60 | 30-45 | Breek de chocolade in stukken |
| Boter | 80 | 30-45 | Snij de boter in blokjes |
| Drogen | |||
| Voedingswaar | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten | Aanwijzingen |
| Verse kruiden | 60 | 90 | |
| Schuimgebakjes | 80 | 150-180 | 3-4 cm diameter |
| Appelringen | 70 | 420-480 | Snij de appel in fijne plakjes of ringen |
| Olie aromatiseren | |||
| Voedingswaar | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten | Aanwijzingen |
| Gearomatiseerde olie | 80 | 90-120 | bijv. olijfolie met citroen, rozemarijn, chilipepers |
| Katoenen doeken opwarmen | |||
| Tafellinnen | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten | Aanwijzingen |
| Hete katoenen doeken | 80 | 60 | Maak de katoenen doeken voor het verwarmen vochtig en rol ze op. Plaats de katoenen doeken op een bord of in een bak. Plaats het bord of de bak in de warmhoudlade. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
15.5 Insteladviezen voor het ontdooien
Houd u aan het volgende insteladvies wanneer u voedsel ontdooit.
| Voedingswaar | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten |
|---|---|---|
| gevoelig diepvriesvoedsel, bijv. boter, kaas, bessen | 40 | 45-60 |
| Brood, broodjes, baguette, gebak | 60 | 15-30 |
| Vlees, vis | 60 | 30-60 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
16 Home Connect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.
De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen en houd u aan de instructies in de Home Connect app.
Opmerkingen
Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient.
"Veiligheid", Pagina 2
De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.
Pagina 12
nl Home Connect
In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het apparaat max. 2 W nodig.
16.1 Home Connect instellen
Vereisten
Het apparaat is verbonden met het stroomnet en ingeschakeld.
U beschikt over een mobiel eindapparaat met een actuele versie van het iOS- of Android-besturingssysteem, bijvoorbeeld een smartphone.
Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).
Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw thuisnetwerk.
- 1. Scan de volgende QR-code.
Via de QR-code kunt u de Home Connect app installeren en uw apparaat verbinden.
- 2. De aanwijzingen van de Home Connect app opvolgen.
16.2 WiFi-instellingen resetten en WiFi uitschakelen
- 1. ingedrukt houden tot een geluidssignaal klinkt. knippert eenmaal wit.
WiFi is gereset. Het apparaat zoekt naar de verbinding met een ander mobiel eindapparaat.
- 2. opnieuw ingedrukt houden tot een geluidssignaal klinkt.
brandt gedurende 2 seconden wit.
WiFi is uitgeschakeld.
16.3 Software-update
Met de functie software-update wordt de software van uw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhelpen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates alsmede voor extra functies en diensten.
Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde Home Connect gebruiker bent, de app op uw mobiele eindapparaat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Home Connect server hebt gemaakt.
Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u hierover via de Home Connect app geïnformeerd en kunt u de software-update via de app starten. Na het succesvol downloaden kunt u de installatie via de Home Connect app starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk
(WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie wordt u via de Home Connect app geïnformeerd. De actuele softwareversie is in de Home Connect app onder de apparaatinformatie van het apparaat te vinden.
Opmerkingen
De software-update bestaat uit twee stappen.
- In de eerste stap vindt het downloaden plaats.
- In de tweede stap de installatie op uw apparaat. Tijdens het downloaden kunt u uw apparaat gewoon blijven gebruiken. Afhankelijk van de persoonlijke instellingen in de app kunnen software-updates ook automatisch worden gedownload.
De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de installatie kunt u uw apparaat niet gebruiken.
In geval van een veiligheidsrelevante update is het raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.
16.4 Afstandsdiagnose
De klantenservice kan via de diagnose op afstand toegang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de desbetreffende wens tot de klantenservice richt, uw apparaat met de Home Connect server verbonden is en de diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat gebruikt, beschikbaar is.
Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de beschikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land vindt u in het gedeelte service/support van de lokale website: www.home-connect.com.
16.5 Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie): Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde WiFi communicatiemodule).
Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat.
Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.
Pagina 13
Reiniging en onderhoud nl
17 Reiniging en onderhoud
17.1 Reinigingsmiddelen
Geschikte reinigingsmiddelen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice of in de online-shop.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken.
- Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal alleen gebruiken wanneer deze in de gebruiksaanwijzing voor het betreffende onderdeel worden aanbevolen.
- Vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
17.2 Apparaat reinigen
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
- Het apparaat nooit met vochtige handen gebruiken.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.
- 1. Reinig het apparaat met een vochtige doek en een neutraal reinigingsmiddel, zoals afwasmiddel en water.
- 2. Met een zachte doek nadrogen.
17.3 Roestvrijstalen oppervlakken reinigen
- 1. Kalkvlekken, vetvlekken, zetmeelvlekken en eiwitvlekken altijd onmiddellijk verwijderen.
Onder zulke vlekken kan corrosie ontstaan.
- 2. Water en een beetje afwasmiddel gebruiken om te reinigen.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
17.4 Glazen front reinigen
- Maak het glazen front schoon met een glasreiniger en een zachte doek.
- Gebruik geen krassende schuurspons of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
17.5 Glasplaat reinigen
- 1. Reinig de glasplaat met glasreiniger en een zachte doek.
- Gebruik geen krassende schuurspons of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
- 2. Met een zachte doek nadrogen.
17.6 Bedieningspaneel reinigen
- 1. Reinig het bedieningspaneel met een vochtige doek en een neutraal reinigingsmiddel, zoals afwasmiddel en water.
- Gebruik geen krassende schuurspons of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
- 2. Met een zachte doek nadrogen.
18 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
Tip: Verbind uw apparaat permanent met de Home Connect app om automatisch software-updates te verkrijgen. Zo worden fouten verholpen, prestatieverbeteringen doorgevoerd en nieuwe functies geüpload.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 15
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
Pagina 14
nl Storingen verhelpen
18.1 Storingsindicatie
In geval van een storing knippert de functie-indicatie snel. Er klinkt een geluidssignaal. Wanneer u het apparaat opent, dan branden op het bedieningspaneel symbolen, afhankelijk van de oorzaak.
Raak een willekeurige tiptoets aan om het geluidssignaal uit te schakelen. Wanneer u vervolgens aanraakt, dooft de indicatie.
18.2 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▸ Controleer de zekering in de meterkast. |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. 1. Open het apparaat. Na een stroomstoring branden de tiptoetsen oplopend van links naar rechts. Na ca. 30 s dooft de aanwijzing en is het apparaat klaar voor gebruik. 2. Start de gewenste functie. | |
| Het apparaat is ingeschakeld. De functie-indicatie brandt niet. | De functie-indicatie is defect. ▸ Neem contact op met de servicedienst Pagina 15. |
| De functie-indicatie knippert. | Het apparaat warmt op. ▸ Wacht tot het opwarmen is beëindigd. |
| Het servies of het voedsel blijft koud. | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. |
| Het apparaat is uitgeschakeld. ▸ Zet het apparaat aan. | |
| Het apparaat is niet volledig gesloten. ▸ Sluit het apparaat. | |
| Het servies dekt de ventilatiesleuf af en het apparaat schakelt de oververhittingsbeveiliging in. 1. Wacht tot het apparaat is afgekoeld. 2. Zorg ervoor dat de ventilatie-openingen op de achterwand van het apparaat niet worden afgedekt. 3. Schakel het apparaat met de hoofdschakelaar uit en weer aan. 4. Kies de gewenste functie en temperatuur. ▸ Neem contact op met de Service als het probleem zich blijft voordoen. "Servicedienst", Pagina 15 | |
| Het servies of het voedsel wordt niet warm genoeg. | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. |
| Het servies of het voedsel werd niet lang genoeg opgewarmd. ▸ Warm het servies of het voedsel gedurende een langere periode op. | |
| Het apparaat is niet volledig gesloten. ▸ Sluit het apparaat. | |
| Het apparaat schakelt zichzelf uit. en branden. | Het apparaat is oververhit. 1. Wacht tot het apparaat is afgekoeld. 2. Zorg ervoor dat de ventilatie-openingen op de achterwand van het apparaat niet worden afgedekt. 3. Controleer of bij een daarboven ingebouwde bakoven de pyrolysefunctie wordt uitgevoerd. |
| Het apparaat schakelt zichzelf uit. Er klinkt een geluidssignaal. en knipperen snel. | Fout van het elektronische systeem 1. Koppel het apparaat los van het stroomnet. 2. Wacht ca. 30 seconden. 3. Schakel het apparaat weer in. ▸ Neem contact op met de Service als het probleem zich blijft voordoen. "Servicedienst", Pagina 15 |
| Het apparaat schakelt zichzelf uit. Er klinkt een geluidssignaal. en knipperen snel. | Fout van het elektronische systeem 1. Koppel het apparaat los van het stroomnet. 2. Wacht ca. 30 seconden. 3. Schakel het apparaat weer in. |
Pagina 15
Afvoeren nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Het apparaat schakelt zichzelf uit. Er klinkt een geluidssignaal. en knipperen snel. | ▸ Neem contact op met de Service als het probleem zich blijft voordoen. "Servicedienst", Pagina 15 |
| Het apparaat schakelt zichzelf uit. Alle indicaties zijn uit. | De veiligheidsuitschakeling heeft het apparaat uitgeschakeld. ▸ Schakel het apparaat weer in. |
| De indicaties branden. Het apparaat warmt niet op. | De demonstratiemodus is geactiveerd. ▸ Deactiveer de demonstratiemodus. Pagina 15 |
| De Home Connect indicatie knippert in kleur. | Netwerkstoring 1. Controleer de verbinding met het thuisnetwerk, bijv. met een mobiele telefoon in de buurt van het apparaat. 2. Start de router opnieuw. ▸ Neem contact op met de Service als het probleem zich blijft voordoen. "Servicedienst", Pagina 15 |
| Het frontpaneel is niet uitgelijnd. | Het frontpaneel werd bij de montage niet uitgelijnd. ▸ Stel het frontpaneel. Pagina 21 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
18.3 Demonstratiemodus
Wanneer de demonstratiemodus is geactiveerd, dan branden de indicaties, maar het apparaat warmt niet op.
Demonstratiemodus deactiveren
- 1. Koppel het apparaat kort los van het net.
- Trek de netstekker uit het stopcontact of schakel de zekering of veiligheidsautomaat in de meterkast uit.
- 2. Activeer binnen de volgende 3 minuten de demonstratiemodus.
- Houd gelijktijdig en ingedrukt, tot en 30° met kleur branden.
- Druk op 30° totdat 30° wit brandt.
- 3. Houd om de instellingen op te slaan ingedrukt totdat alle indicaties doven.
19 Afvoeren
19.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
20 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.
Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.
De informatie conform verordening (EU) 2023/826 vindt u online op www.nef-home.com op de productpagina en de servicepagina van uw apparaat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende documenten.
Pagina 16
nl Informatie over vrije software en opensourcesoftware
20.1 Productnummer (E-Nr.), productienummer (FD) en volgnummer (Z-Nr.)
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.), het productienummer (FD) en
het volgnummer (Z-Nr.) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de lade opent.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
21 Informatie over vrije software en opensourcesoftware
Dit product bevat softwarecomponenten die door de houders van de intellectuele eigendom als vrije software of opensource-software zijn gelicentieerd.
De informatie over de betreffende licentie is in het huishoudapparaat opgeslagen. Daarnaast kunt u deze licentie-informatie via de Home Connect app raadplegen: 'Profiel -> Juridische informatie -> Licentie-informatie'. ¹ U kunt de licentie-informatie ook downloaden via de merkproductwebsite. (Zoek daarvoor op de productwebsite naar uw apparaatmodel en de bijbehorende documentatie.) In plaats daarvan kunt u de betreffende informatie ook aanvragen via ossrequest@bshg.com of BSH Hausgeräte GmbH, Carl-Wery-Str. 34, D-81739 München.
De betreffende broncode wordt u op verzoek ter beschikking gesteld.
Zend een daartoe strekkend verzoek naar ossrequest@bshg.com of BSH Hausgeräte GmbH, Carl-Wery-Str. 34, D-81739 München.
Onderwerp: „OSSREQUEST“
De kosten voor de afhandeling van uw verzoek worden u in rekening gebracht. Dit aanbod geldt gedurende drie jaar vanaf de datum van aankoop of ten minste gedurende de periode waarin wij support en reserveonderdelen voor het betreffende apparaat bieden.
22 Conformiteitsverklaring
Hierbij verklaart BSH Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de Richtlijn 2014/53/EU.
Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder www.nef-home.com op de productpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten.
2,4-GHz-band (2400–2483,5 MHz): max. 100 mW 5-GHz-band (5150–5350 MHz + 5470–5725 MHz): max. 150 mW
| BE | BG | CZ | DK | DE | EE | IE | el | ES |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| FR | HR | IT | CY | LI | LV | LT | LU | HU |
| MT | NL | AT | PL | PT | RO | SI | SK | FI |
| SE | NO | CH | TR | IS | UK (NI) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
| 5 GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis. | ||||
| AL GA MD ME | MK | RS | UK | UA |
| 5 GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
16
Pagina 17
Montagehandleiding nl
23 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.
23.1 Inhoud van de verpakking
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
23.2 Afmetingen van het apparaat
Hier vindt u de afmetingen van het apparaat.
23.3 Inbouw in kast
Hier vindt u de afmetingen van het apparaat.
Pagina 18
nl Montagehandleiding
23.4 Aanwijzingen voor de elektrische aansluiting
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Het apparaat moet op elk gewenst moment van de stroom kunnen worden afgesloten. Het mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
- De netstekker van de netaansluitkabel moet na de inbouw van het apparaat vrij toegankelijk zijn.
- Is dit niet mogelijk, dan moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de voorwaarden van de overspanningscategorie III en volgens de opbouwvoorschriften worden ingebouwd.
- De vaste aansluiting mag alleen door een elektricien worden aangelegd. Wij adviseren een aardlekschake-
laar (FI-schakelaar) in de stroomkring naar het apparaat te installeren.
Het apparaat mag alleen met de meegeleverde aansluitkabel worden aangesloten. Sluit de aansluitkabel aan op de achterzijde van het apparaat.
Aansluitleidingen met verschillende stekkertypen zijn verkrijgbaar bij de servicedienst.
Geen multistekkers, stopcontactdozen of verlengkabels gebruiken. Bij overbelasting bestaat het risico van brand.
23.5 Veilige montage
Neem bij het monteren van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niettoegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren gebruiken.
- Wanneer het netsnoer te kort is en er geen langer netsnoer beschikbaar is, neem dan contact op met een elektrospeciaalzaak om de huisinstallatie aan te passen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warmtebronnen in contact brengen.
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
De lade kan bij het transport schoksgewijs openen.
- Het apparaat zodanig transporteren dat de lade niet per ongeluk open gaat.
Tijdens de montage kunnen scherpe onderdelen toegankelijk zijn.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Pagina 19
Montagehandleiding nl
LET OP
Het apparaat kan kantelen bij het openen.
- Plaats boven het apparaat een vast ingebouwde tussenschot in het inbouwmeubel.
- Plaats bij de combinatie met een bakoven een vast ingebouwd tussenschot boven de bakoven.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
23.6 Installatie
Inbouwmeubel
Hier vindt u aanwijzingen voor de veilige inbouw.
LET OP
Door het afdekken van de ventilatiesleuven en aanzuigopeningen raakt het apparaat oververhit.
- Dek de ventilatiesleuven en aanzuigopeningen niet af. Door de inbouw achter een decorplaat is oververhitting van het apparaat mogelijk.
- Het apparaat niet achter een decorplaat inbouwen. Het apparaat kan kantelen bij het openen.
- Plaats boven het apparaat een vast ingebouwde tussenschot in het inbouwmeubel.
- Plaats bij de combinatie met een bakoven een vast ingebouwd tussenschot boven de bakoven.
De inbouwkast mag geen achterwand hebben achter de apparaten.
Combinatie met overige apparaten
U kunt de warmhoudlade met maximaal nog één apparaat uit dezelfde apparaatserie combineren.
Een tussenschot tussen de apparaten is niet noodzakelijk.
Bij inbouw onder een bakoven, combi-stoomoven of stoomoven is geen kantelbeveiliging noodzakelijk. Monteer bij inbouw onder de volautomatische espressomachine de kantelbeveiliging van de volautomatische espressomachine.
Monteer bij de volgende combinaties een kantelbeveiliging op de warmhoudlade:
Warmhoudlade afzonderlijk, ook bij inbouw onder een tussenschot
Warmhoudlade onder magnetron
Warmhoudlade onder kookplaat
Warmhoudlade met warmhoudlade, minimaal op bovenste apparaat
Warmhoudlade met accessoirelade, minimaal op bovenste apparaat
Warmhoudlade met vacumeerlade, minimaal op bovenste apparaat
De vacumeerlade altijd onder de warmhoudlade monteren.
U kunt een geschikte kantelbeveiliging verkrijgen via de klantenservice, op onze website of in de webshop. "Kantelbeveiliging monteren", Pagina 19
Monteer het apparaat niet boven een stoomopwekkend apparaat, bijv. boven een vaatwasser, een combi-stoomoven of een stoomoven.
Houd de aanwijzingen voor de montage Pagina 21 aan bij de combinatie met andere apparaten.
Combinatie met een volautomatische espressomachine
Deze warmhoudlade is bedoeld voor inbouw onder een volautomatische espressomachine van dezelfde apparaatserie.
De design-profielen worden op de volautomatische espressomachine vastgeschroefd. Houd de montagehandleiding van de volautomatische espressomachine aan.
Kantelbeveiliging monteren
U kunt een geschikte kantelbeveiliging (bestelnummer: 12039458) verkrijgen via de klantenservice, op onze website of in de webshop.
- 1. Lijn de beide hoeken op de markering uit.
Pagina 20
nl Montagehandleiding
- 2. Schroef de beide hoeken achter de markering in het sleufgat vast.
- 3. Leg het apparaat op een vlakke ondergrond.
- 4. Schroef de beide onderste schroeven op de achterkant van het apparaat er uit.
- 5. Schroef de beide metalen houders op de achterkant van het apparaat met de beide schroeven vast.
- Zorg ervoor dat de metalen houders exact met de apparaatkant zijn uitgelijnd.
- 6. Schuif het apparaat in het inbouwmeubel en controleer of de kantelbeveiliging aangrijpt.
- 7. Corrigeer indien nodig de positie van de hoek met behulp van het sleufgat.
- 8. Schroef de hoek in het inbouwmeubel definitief vast.
- 9. Steek de netaansluitkabel volledig in het apparaat.
- 10. Schuif het apparaat in het inbouwmeubel.
- Zorg dat de netaansluitkabel niet klem komt te zitten.
- 11. Verwijder de plakstroken van de frontplaat van het toestel.
- 12. Open het apparaat voorzichtig en controleer of de kantelbescherming werkt.
Apparaat monteren
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Het apparaat kan kantelen bij het openen.
- Verzwaar bij montage zonder tussenschot het apparaat vóór het openen met een geschikt gewicht.
LET OP
Wanneer u de schroeven te strak aandraait, dan vervormt de bekleding van de zijkanten. Het apparaat sluit dan niet meer vlak af met andere apparaten.
- Gebruik bij het vastschroeven niet teveel kracht.
- 1. Steek de netaansluitkabel volledig in het apparaat.
Pagina 21
Montagehandleiding nl
- 2. Schuif het apparaat in het inbouwmeubel.
- Zorg dat de netaansluitkabel niet klem komt te zitten.
- 3. Lijn het apparaat gecentreerd uit.
- 4. Verwijder de plakstroken van de frontplaat van het toestel.
- 5. Het apparaat openen.
- 6. Schroef het apparaat vast in het inbouwmeubel.
- 7. Steek de netaansluitkabel in een geaard stopcontact. De netaansluitkabel mag na de inbouw de achterkant en de bodem van het apparaat niet raken.
Frontpaneel stellen
Stel de frontplaat indien nodig naar omhoog of omlaag.
- 1. Open het apparaat.
- 2. De schroeven aan de zijde van de frontplaat slechts losdraaien en niet volledig er uit schroeven.
- 3. De frontplaat omhoog of omlaag stellen.
Maximale uitlijning is -3 tot +3 mm.
- 4. De schroeven vastdraaien.
- Wanneer de schroeven bij het vastdraaien niet pakken, de schroeven volledig losraken, dan het meu-
belfront naar boven of beneden bewegen, totdat de schroefdraden zichtbaar zijn.
Warmhoudlade met ander apparaat combineren
LET OP
Scherpe kanten op het apparaat kunnen de frontplaat van de warmhoudlade beschadigen.
- Bij het inschuiven van het apparaat de frontplaat van de warmhoudlade niet beschadigen.
- Voor de installatie van nog een apparaat de warmhoudlade openen, een doek over de frontplaat leggen en de warmhoudlade sluiten, om de frontplaat van de warmhoudlade tegen beschadigingen te beschermen.
- 1. Combineer uitsluitend geschikte apparaten van hetzelfde merk en dezelfde serie.
- 2. De aanwijzingen voor het combineren met andere apparaten Pagina 19 aanhouden.
- 3. Bouw eerst de warmhoudlade in.
- 4. Schuif het apparaat op de warmhoudlade in de inbouwkast.
- 5. Houd de montagehandleiding van het apparaat aan.
- 6. Verwijder het doek uit de warmhoudlade.
Pagina's 22–23: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 24
Neff Home Connect App
Verbind uw huishoudapparaat vandaag nog en maak gebruik van de volgende voordelen:
- Vanaf waar dan ook: toegang tot apparaatinfo, bijvoorbeeld de bereidingsvoortgang, alsmede slimme besturing, ook door middel van spraak.
- Verbeterde apparaatprestaties dankzij software-updates, kookassistent en functie-uitleg.
- Onderhoud wordt gemakkelijk gemaakt: onderhouds-/ reinigingsherinneringen alsmede een overzicht van de apparaattoestand.
Register your product online neff-home.com
BSH Hausgeräte GmbH
Carl-Wery-Straße 34 81739 München, GERMANY
*9001859692*
9001859692 (060608) REG25 nl