Neff T46TS61N0, tekst van de handleiding
Pagina's 2–10 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 11 →
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
nl Veiligheid
Raadpleeg de Digitale Gebruikersgids voor meer informatie.
Inhoudsopgave
- 1 Veiligheid.............................................................. 2
- 2 Materiële schade voorkomen .............................. 4
- 3 Milieubescherming en besparing........................ 5
- 4 Geschikt kookgerei.............................................. 5
- 5 Uw apparaat leren kennen................................... 7
- 6 TwistPad® ............................................................ 8
- 7 De Bediening in essentie..................................... 8
- 8 Tijdfuncties......................................................... 10
- 9 PowerBoost........................................................ 11
- 10 PanBoost ............................................................ 11
- 11 Warmhoudfunctie............................................... 11
- 12 Frying Sensor..................................................... 12
- 13 Kinderslot ........................................................... 13
- 14 Veegbeveiliging.................................................. 13
- 15 Individuele veiligheidsuitschakeling ................ 14
- 16 Basisinstellingen ............................................... 14
- 17 Kookgerei-test.................................................... 15
- 18 Reiniging en onderhoud.................................... 15
- 19 Storingen verhelpen .......................................... 16
- 20 Afvoeren ............................................................. 17
- 21 Servicedienst...................................................... 17
- 22 Testgerechten .................................................... 18
1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
- Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
- Bewaar de gebruiksaanwijzingen, de apparaatpas en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
2
1.2 Bestemming van het apparaat
Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.
De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een deskundige montage volgens de montagehandleiding. De installateur is verantwoordelijk voor een goede werking op de plaats van opstelling.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
om voedsel en dranken te bereiden.
onder toezicht. Houd kortstondige kookprocessen ononderbroken in het oog.
voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving. tot een hoogte van 4000 m boven zeeniveau.
Gebruik het apparaat niet:
met een externe timer of een separate afstandsbediening. Dit geldt niet voor het geval dat de werking middels de door EN 50615 genoemde apparaten wordt uitgeschakeld.
Als u een actief, geïmplanteerd medisch apparaat (zoals een pacemaker of defibrillator) draagt, ga dan bij uw arts na of dit voldoet aan de Richtlijn 90/385/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 juni 1990 alsmede EN 45502-2-1 en EN 45502-2-2, en conform VDE-AR-E 2750-10 is geselecteerd, geïmplanteerd en geprogrammeerd. Als aan deze voorwaarden wordt voldaan en er bovendien non-ferro pannen met non-ferro handgrepen worden gebruikt, kan deze inductiekookplaat zonder bezwaar worden gebruikt, mits dit natuurlijk op de juiste wijze gebeurt.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in
Pagina 3
Veiligheid nl
het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.
1.4 Veilig gebruik
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Zonder toezicht koken op kookplaten met vet of olie kan gevaarlijk zijn en brand veroorzaken.
- Verlies hete oliën en vetten daarom nooit uit het oog.
- Nooit proberen om een vuur met water te blussen, maar het apparaat uitschakelen en dan de vlammen bijv. met een deksel of een blusdeken afdekken.
Het kookvlak wordt erg heet.
- Nooit brandbare voorwerpen op het kookvlak of in de directe omgeving leggen.
- Nooit voorwerpen op het kookvlak bewaren.
Het apparaat wordt heet.
- Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat.
Als de kookplaat wordt afgedekt, kan dat ongelukken veroorzaken, bijvoorbeeld door oververhitting, in brand vliegen of ontploffende materialen.
- Dek de kookplaat niet af.
Na gebruik de kookplaat altijd met de hoofdschakelaar uitschakelen.
- Niet wachten tot de kookplaat automatisch uitschakelt omdat er zich geen potten en pannen meer op bevinden.
Levensmiddelen kunnen vuur vatten.
- Er moet toezicht worden gehouden op het kookproces. Een korte procedure moet permanent worden gecontroleerd.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en zijn aanraakbare onderdelen heet, vooral een eventueel aanwezig kookplaatframe.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
Kookplaatbeschermroosters kunnen tot ongevallen leiden.
- Nooit kookplaatbeschermroosters gebruiken.
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
Voorwerpen van metaal worden zeer snel heet op de kookplaat.
- Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals messen, vorken, lepels of deksels, op de kookplaat.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, dient dit te worden vervangen door een speciaal snoer dat verkrijgbaar is bij de fabrikant of de servicedienst.
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Is het oppervlak gescheurd, dan het apparaat uitschakelen om een mogelijke elektrische schok te vermijden. Hiervoor het apparaat niet aan de hoofdschakelaar, maar via de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Contact opnemen met de servicedienst. → Pagina 17
Pagina 4
nl Materiële schade voorkomen
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen. Bij hete apparaatonderdelen kan de kabelisolatie van elektrische apparaten smelten.
- Zorg ervoor dat de aansluitkabel van elektrische apparaten nooit in contact komt met hete onderdelen van het apparaat.
Contact van metalen voorwerpen met de zich aan de onderkant van de kookplaat bevindende ventilator kan leiden tot een elektrische schok.
- Bewaar geen lange, puntige metalen voorwerpen in de lade onder de kookplaat.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem van de pan en de kookzone, kunnen kookpannen plotseling omhoog springen.
- Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.
- Nooit bevroren kookgerei gebruiken. Bij de bereiding au-bain-marie kunnen de kookplaat en kookvorm barsten door oververhitting.
- De au-bain-marie kookvorm mag niet in direct contact komen met de bodem van de pan die met water is gevuld.
- Gebruik alleen hittebestendige vormen.
Een apparaat met een gebarsten of gebroken oppervlak kan tot snijwonden leiden.
- Het apparaat niet gebruiken als het oppervlak ervan gebarsten of gebroken is.
WAARSCHUWING ‒ Gevaar:
magnetisme!
Het afneembare bedieningselement is magnetisch en kan elektronische implantaten, bijv. pacemakers of insulinepompen, beïnvloeden.
- Personen met elektronische implantaten moeten een afstand van minimaal 10 cm tot het apparaat aanhouden. Nooit het bedieningselement in de zakken van kleding dragen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
2 Materiële schade voorkomen
Hier vindt u de meest voorkomende oorzaken van schade en tips om deze te voorkomen.
| Schade | Oorzaak | Maatregel |
|---|---|---|
| Vlekken | Bereiden zonder toezicht. | Het bereidingsproces in de gaten houden. |
| Vlekken, defecten | Gemorste levensmiddelen, vooral diegene met hoog suikergehalte. | Onmiddellijk met een schraper voor vitrokeramische kookplaat verwijderen. |
| Vlekken, defecten of breuken in het glas | Defect kookgerei, kookgerei met gesmolten emaille of kookgerei met koperen- of aluminiumbodem. | Gebruik geschikt kookgerei dat in een goede conditie is. |
| Vlekken, verkleuringen | Ongeschikte reinigingsmethoden. | Alleen reinigingsmiddelen gebruiken die geschikt zijn voor glaskeramiek en reinig de kookplaat alleen wanneer deze koud is. |
| Defecten of breuken in het glas | Stoten of vallend kookgerei, kookaccessoires of andere harde of scherpe voorwerpen. | Bij het koken niet tegen het glas stoten of voorwerpen op de kookplaat laten vallen. |
| Krassen, verkleuringen | Ruwe pannenbodems of het verplaatsen van de pan op de kookplaat. | Kookgerei controleren. Kookgerei bij het verplaatsen optillen. |
| Krassen | Zout, suiker of zand. | Gebruik de kookplaat niet als plaats om iets op te zetten of als werkvlak. |
| Schade aan het apparaat | Koken met diepgevroren kookgerei. | Nooit bevroren kookgerei gebruiken. |
Pagina 5
Milieubescherming en besparing nl
| Schade | Oorzaak | Maatregel |
|---|---|---|
| Schade aan de pan of aan het apparaat | Koken zonder inhoud. | Nooit een pan zonder inhoud op een hete kookzone plaatsen of verhitten. |
| Glasbeschadigingen | Gesmolten materiaal op de hete kookzone of hete deksels van pannen op het glas. | Geen bakpapier of aluminiumfolie en geen kunststof containers of pandeksels op de kookplaat leggen. |
| Oververhitting | Heet kookgerei op het bedieningspaneel of op het kader. | Plaats heet kookgerei nooit op deze gebieden. |
| Krassen | Materiaalresten tussen de kookplaat en de draaiknop TwistPad®. | Houd het steunvlak van de draaiknop Twist-Pad® schoon. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 5)
LET OP!
Deze kookplaat beschikt aan de onderkant over een ventilator.
- Als er zich onder de kookplaat een lade bevindt, bewaar daarin dan geen kleine of scherpe voorwerpen, geen papier en geen theedoeken. Deze voorwerpen kunnen aangezogen worden en de ventilator beschadigen of de koeling belemmeren.
- Tussen de inhoud van de lade en de ventilator-ingang moet een minimale afstand van 2 cm worden aangehouden.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt het apparaat minder energie.
Een kookzone kiezen die bij de grootte van de pan past. Het kookgerei gecentreerd plaatsen.
Gebruik kookgerei met een bodemdiameter die overeenkomt met de diameter van de kookzone.
Tip: Fabrikanten van kookgerei geven vaak de bovendiameter van de pan aan. Die is dikwijls groter dan de bodemdiameter.
- Niet-passend kookgerei of niet volledig afgedekte kookzones verbruiken veel energie.
Pannen afsluiten met een passend deksel.
- Wanneer u zonder deksel kookt, heeft het apparaat aanzienlijk meer energie nodig.
4 Geschikt kookgerei
Een voor inductiekoken geschikt kookgerei moet een ferromagnetische bodem hebben, dus door een magneet worden aangetrokken, en verder moet de bodem even groot zijn als de kookzone. Wanneer het kookge-
Deksel zo min mogelijk oplichten.
- Wanneer u het deksel oplicht, ontsnapt er veel energie.
Glazen deksel gebruiken.
- Door het glazen deksel kunt u in de pan kijken zonder het deksel op te lichten.
Pannen met vlakke bodem gebruiken.
- Als de bodem niet vlak is, wordt het energieverbruik hoger.
Gebruik kookgerei dat past bij de hoeveelheid levensmiddel.
- Groot kookgerei met weinig product heeft meer energie nodig om op te warmen.
Met weinig water koken.
Hoe meer water er in het kookgerei zit, des te meer energie is er nodig om op te warmen.
Tijdig terugschakelen naar een lagere kookstand.
- Met een te hoge doorkookstand verspilt u energie. Productinformatie conform (EU) 66/2014 vindt u op de meegeleverde apparaatpas en op het intern op de productpagina van uw apparaat.
Pagina 6
nl Geschikt kookgerei
rei op een kookplaat niet herkend kan worden, plaats dan het kookgerei op een kookplaat met de eerstvolgende kleinere diameter.
4.1 Grootte en kenmerken van het kookgerei
Houd om het kookgerei correct te kunnen herkennen, rekening met de grootte en het materiaal van het kookgerei. Alle panbodems moeten volledig vlak en glad zijn.
Met Kookgerei-test kunt u controleren of uw kookgerei geschikt is. Meer informatie vindt u onder → "Kookgerei-test", Pagina 15.
| Kookgerei | Materialen | Eigenschappen |
|---|---|---|
| Aanbevolen kookgerei | Edelstalen kookgerei met sandwich-bodem welke de warmte goed verdeelt. | Dit kookgerei verdeelt de warmte gelijkmatig, warmt snel op en waarborgt zijn herkenning. |
| Ferromagnetisch kookgerei van geëmailleerd staal, gietijzer, of speciale pannen voor inductie van edelstaal. | Dit kookgerei warmt snel op en waarborgt zijn herkenning. | |
| Geschikt | De bodem is niet volledig ferromagnetisch. | Als de diameter van het ferromagnetische oppervlak kleiner is dan de bodem van het kookgerei, warmt alleen het ferromagnetische oppervlak op. Daardoor verdeelt de warmte niet gelijkmatig. |
| Kookgereibodems met aluminiumaandeel. | Deze verkleinen het ferromagnetische oppervlak, waardoor er minder vermogen aan de pan kan worden afgegeven. Het kan zijn dat deze pannen onvoldoende of helemaal niet worden herkend en daarom ook onvoldoende worden verwarmd. | |
| Niet geschikt | Kookgerei van normaal dun staal, glas, aardewerk, koper of aluminium. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)
Opmerkingen
- Gebruik tussen de kookplaat en de pan in principe geen adapterplaten.
- Verwarm geen leeg kookgerei en geen kookgerei met dunne bodem, omdat deze zeer sterk verhit kunnen raken.
Pagina 7
Uw apparaat leren kennen nl
5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Koken met inductie
Vergeleken met gangbare kookplaten brengt inductiekoken enkele veranderingen met zich mee en biedt het een aantal voordelen zoals tijdbesparing tijdens het ko-
5.2 Bedieningspaneel
Individuele details, zoals kleur en vorm, kunnen afwijken van de illustratie.
Tips
- Zorg ervoor dat het bedieningspaneel altijd schoon en droog is.
- Geen pannen in de buurt van de displays en sensoren plaatsen. De elektronica kan oververhit raken.
Keuzesensoren
Wanneer u de kookplaat inschakelt, dan gaan de knoppen branden die op dat moment gekozen kunnen worden.
| Sensor | Functie |
|---|---|
| Hoofdschakelaar | |
| Warmhoudfunctie | |
| PowerBoost / PanBoost | |
| Frying Sensor | |
| Looptijd | |
| Uitschakeltimer | |
| Timer / Kinderslot | |
| Afhankelijk | van de status van de kookplaat lichten ook |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
de indicatoren voor de kookzones en de verschillende geactiveerde en beschikbare functies op.
ken en braden, energiebesparing, alsmede eenvoudiger onderhoud en reiniging. Het biedt ook een betere warmteregeling, omdat de warmte direct in het kookgerei wordt opgewekt.
5.3 Verdeling van de kookzones
Het aangegeven vermogen wordt gemeten met de genormeerde pannen, die in IEC/EN 60335-2-6 zijn beschreven. Het vermogen kan al naar gelang de grootte of materiaal van het kookgerei variëren.
B
| Gebied | Hoogste kookstand | |
|---|---|---|
| Ø 18 cm | Vermogensstand 9 PowerBoost | 1.800 W 3.100 W |
| Ø 18 cm | Vermogensstand 9 PowerBoost | 1.800 W 3.100 W |
| Ø 28 cm | Vermogensstand 9 PowerBoost | 2.000 W 3.700 W |
| Ø 14,5 cm | Vermogensstand 9 PowerBoost | 1.400 W 2.200 W |
| Ø 21 cm | Vermogensstand 9 PowerBoost | 2.200 W 3.700 W |
Pagina 8
nl TwistPad®
5.4 Kookzone
Controleer voordat u met het koken begint of het formaat van de pan bij de kookzone past waarmee u kookt:
| Gebied | Type kookzone |
|---|---|
| Kookzone van één enkele kring | |
| Braadzone De kookzone schakelt automatisch in, wanneer u kookgerei gebruikt waarvan de bodem overeenkomt met de buitenste zone-grootte. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
5.5 Restwarmte-indicatie
De kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicatie. Zolang de restwarmte-indicator brandt, mag u de kookzone niet aanraken.
| Indicatie | Betekenis |
|---|---|
| De kookzone is heet. | |
| De kookzone is warm. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
6 TwistPad®
De regeling TwistPad® is een uittrekbare draaiknop waarmee u de kookzones en vermogensstanden kunt selecteren. Omdat hij magnetisch is, centreert hij zich automatisch in zijn speciale programmeerzone.
6.1 Positionering en bediening van TwistPad®
De draaiknop zodanig positioneren dat hij gecentreerd op de programmeerzone m.b.t. de indicaties die deze zone begrenzen is gericht.
Om een kookzone in te schakelen, TwistPad® ter hoogte van de gewenste kookzone aanraken. Om de kookstand te selecteren, aan de draaiknop draaien. Opmerking: Als de draaiknop niet precies is gecentreerd, functioneert hij toch correct.
De draaiknop altijd schoon houden. Als de knop vuil is, werkt hij mogelijk niet naar behoren.
6.2 Gebruiksaanwijzingen
- Binnenin de knop bevindt zich een sterke magneet.
De draaiknop niet in de omgeving van magnetische gegevensdragers, zoals creditcards of kaarten met magneetstroken brengen. Deze kunnen hierdoor beschadigd raken. Ook kunnen er storingen bij televisies en beeldschermen optreden.
- De draaiknop is magnetisch. Metalen deeltjes die aan de onderkant blijven plakken, kunnen krassen veroorzaken op het oppervlak van de kookplaat. De twist-knop altijd grondig reinigen.
6.3 TwistPad® verwijderen
U kunt de draaiknop tijdens het koken op de kookzone verwijderen.
Als u de regelaar verwijdert, wordt Veegbeveiliging gedurende 35 seconden ingeschakeld. Als u de draaiknop na het verstrijken van deze tijd niet in zijn positie terugdraait, schakelt de kookplaat uit.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
De kookplaat kan verder verhitten. Wanneer u gedurende deze 35 seconden een metalen voorwerp in de buurt van de twist-pad neerlegt, dan kan het de kookplaat verder verhitten.
- De kookplaat daarom altijd met de hoofdschakelaar uitschakelen.
6.4 Gebruik zonder draaiknop TwistPad®
U kunt de kookplaat ook zonder TwistPad® gebruiken:
- 1. Schakel de kookplaat in met de hoofdschakelaar.
- 2. Binnen de volgende 5 seconden de symbolen en tegelijk gedurende 4 seconden indrukken. Er klinkt een signaal.
- 3. Meermaals op drukken tot de weergave van de gewenste kookplaat is verlicht.
- 4. Vervolgens met of de gewenste kookstand instellen.
- De kookzone is ingeschakeld.
Opmerkingen
- Zonder draaiknop kunt u de timer niet inschakelen.
- U kunt de draaiknop altijd weer op de programmeerzone positioneren.
7 De Bediening in essentie
7.1 Kookplaat inschakelen
- aanraken.
De symbolen van de kookzones en de momenteel beschikbare functies branden. Behalve de kookzones branden . De draaiknop TwistPad® op het instelgebied zetten.
- De kookplaat is klaar voor gebruik.
ReStart
- Wanneer u het apparaat binnen 4 seconden na het uitschakelen weer inschakelt, treedt de kookplaat in werking met de vorige instellingen.
7.2 De kookplaat uitschakelen
- aanraken tot de indicaties doven.
- Alle kookzones zijn uitgeschakeld.
Pagina 9
De Bediening in essentie nl
Opmerking: Wanneer alle kookzones langer dan 15 seconden uitgeschakeld zijn, dan schakelt de kookplaat uit.
7.3 De vermogensstand in de kookzones instellen
De kookzone heeft 17 vermogensstanden, die van tot met tussenwaarden worden weergegeven. Voor het product en het geplande bereidingsproces de meest geschikte vermogensstand kiezen.
- 1. Kies de kookzone. Hiervoor TwistPad® ter hoogte van de gewenste kookzone aanraken.
is helderder verlicht.
- 2. TwistPad® draaien tot op het display de gewenste vermogensstand oplicht.
- De vermogensstand is ingesteld.
7.4 Kooktips
- Wanneer u puree, romige soepen of dikvloeibare sauzen opwarmt, deze af en toe omroeren.
- Om voor te verwarmen, kookstand 8-9 instellen.
- Wanneer u bereidt met deksel, de kookstand verlagen zodra er stoom vrijkomt. Het bereidingsresultaat wordt door het vrijkomen van stoom niet beïnvloed.
- Doe na het bereiden een deksel op het kookgerei, totdat u het gerecht serveert.
- Houd voor het bereiden met de snelkookpan de aanwijzingen van de fabrikant aan.
- Levensmiddelen niet te lang bereiden, voor het behoud van de voedingswaarde. Met de kookwekker kunt u de optimale bereidingstijd instellen.
- Zorg ervoor dat de olie niet rookt.
- Om de levensmiddelen te bruinen, deze na elkaar en in kleine porties aanbraden.
- Sommige pannen kunnen bij het bereiden hoge temperaturen bereiken. Gebruik daarom pannenlappen.
- Advies voor energiezuinig koken kunt u vinden onder
→ "Energie besparen", Pagina 5
Kookadviezen
De tabel geeft aan welke vermogensstand ( ) voor welk levensmiddel geschikt is. De bereidingstijd ( )kan variëren afhankelijk van de soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van de levensmiddelen.
| Smelten | |
|---|---|
| Chocolade, couverture | 1 - 1. |
| Boter, honing, gelatine | 1 - 2 |
| Verwarmen en warm houden | |
| Eenpansgerecht, bijv. linzenschotel | 1. - 2 |
| Melk¹ 1 Zonder deksel | 1. - 2. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
2 Voorverwarmen op kookstand 8 - 8.
Opmerking: Wanneer er geen kookgerei op de kookplaat staat, of de pan niet geschikt is, dan knippert de gekozen vermogensstand. Na een bepaalde tijd wordt de kookzone uitgeschakeld.
QuickStart
- Wanneer u vóór het inschakelen kookgerei op de kookplaat plaatst, dan wordt dit bij het inschakelen herkend en wordt de betreffende kookzone automatisch gekozen. Vervolgens in de volgende 20 seconden de vermogensstand kiezen, anders schakelt de kookplaat zelf uit.
Vermogensstand wijzigen of kookzone uitschakelen
- 1. De kookzone kiezen.
- 2. De gewenste vermogensstand kiezen of met de op TwistPad® instellen.
- De kookstand van de kookzone wijzigt of de kookzone schakelt uit en de restwarmte-indicatie verschijnt.
| Gekookte worstjes¹ | 3 - 4 | - |
|---|---|---|
| Ontdooien en opwarmen | ||
| Spinazie, diepvries | 3 - 4 | 15 - 25 |
| Goulash, diepvries | 3 - 4 | 35 - 55 |
| Gaarstoven, zachtjes laten koken | ||
| Aardappelballetjes ¹ | 4. - 5. | 20 - 30 |
| Vis ¹ | 4 - 5 | 10 - 15 |
| Witte sauzen, bijv. bechamelsaus | 1 - 2 | 3 - 6 |
| Geklopte sauzen, bijv. bearnaisesaus, hollandaisesaus | 3 - 4 | 8 - 12 |
| Koken, stomen, stoven | ||
| Rijst met dubbele hoeveelheid water | 2. - 3. | 15 - 30 |
| Rijstepap ² | 2 - 3 | 30 - 40 |
| Aardappelen in schil | 4. - 5. | 25 - 35 |
| Gekookte aardappelen | 4. - 5. | 15 - 30 |
| Pasta ¹ | 6 - 7 | 6 - 10 |
| Eenpansgerecht | 3. - 4. | 120 - 180 |
| Soepen | 3. - 4. | 15 - 60 |
| Groente | 2. - 3. | 10 - 20 |
| Groente, diepvries | 3. - 4. | 7 - 20 |
| Eenpansgerecht met de snelkookpan | 4. - 5. | - |
| Sudderen | ||
| Rollade | 4 - 5 | 50 - 65 |
| Stoofvlees | 4 - 5 | 60 - 100 |
| Goulash ² 1 Zonder deksel | 3 - 4 | 50 - 60 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
2 Voorverwarmen op kookstand 8 - 8.
Pagina 10
nl Tijdfuncties
| Sudderen / braden met weinig vet ¹ | ||
|---|---|---|
| Schnitzel, al dan niet gepaneerd | 6 - 7 | 6 - 10 |
| Schnitzel, diepvries | 6 - 7 | 6 - 12 |
| Koteletten, al dan niet gepaneerd | 6 - 7 | 8 - 12 |
| Steak (3 cm dik) | 7 - 8 | 8 - 12 |
| Borst van gevogelte (2 cm dik) | 5 - 6 | 10 - 20 |
| Borst van gevogelte, diepvries | 5 - 6 | 10 - 30 |
| Gehaktballen (3 cm dik) | 4. - 5. | 20 - 30 |
| Hamburger (2 cm dik) | 6 - 7 | 10 - 20 |
| Vis en visfilet, ongepaneerd | 5 - 6 | 8 - 20 |
| Vis en visfilet, gepaneerd | 6 - 7 | 8 - 20 |
| Vis, gepaneerd en diepvries, bijv. vissticks | 6 - 7 | 8 - 15 |
| Garnalen en krab | 7 - 8 | 4 - 10 |
| Sauteren van verse groente en paddestoelen 1 Zonder deksel | 7 - 8 | 10 - 20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
2 Voorverwarmen op kookstand 8 - 8.
| Pangerechten, groente, vlees in reepjes op Aziatische wijze | 7 - 8 | 15 - 20 |
| Diepvriesgerechten, bijv. koekenpangerechten | 6 - 7 | 6 - 10 |
| Pannenkoeken, na elkaar bakken | 6. - 7. | - |
| Omelet (na elkaar bakken) | 3. - 4. | 3 - 10 |
| Spiegeleieren | 5 - 6 | 3 - 6 |
| Frituren, 150-200 g per portie in 1-2 l olie, in porties frituren¹ | ||
| Diepvriesproducten, bijv. frites, kip-nuggets | 8 - 9 | - |
| Kroketten, diepvries | 7 - 8 | - |
| Vlees, bijv. stukken kip | 6 - 7 | - |
| Vis, gepaneerd of in bierdeeg | 6 - 7 | - |
| Groente, paddestoelen, gepaneerd, in bierdeeg of in tempura | 6 - 7 | - |
| Klein gebak, bijv. beignets, Berliner bollen, fruit in bierdeeg 1 Zonder deksel | 4 - 5 | - |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
2 Voorverwarmen op kookstand 8 - 8.
8 Tijdfuncties
Uw kookplaat beschikt over verschillende instellingen voor de bereidingstijd:
- Uitschakeltimer
- Timer
- Looptijd
8.1 Uitschakeltimer
Maakt de programmering van een bereidingstijd voor één of meerdere kookzones mogelijk. Na het verstrijken van de tijd wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.
Uitschakeltimer inschakelen
- 1. Kookzone en vermogensstand kiezen.
- 2. Druk op .
- De indicatie van de kookzone licht op.
- 3. Met TwistPad® de bereidingstijd selecteren.
- De bereidingstijd begint af te lopen.
- Wanneer de bereidingstijd is verstreken, schakelt de kookzone uit en er klinkt een geluidssignaal. Opmerking: Als u voor een kookplaat een bereidingstijd wilt programmeren, en de Frying Sensor is geactiveerd, dan begint de bereidingstijd pas af te lopen wanneer de gewenste temperatuurstand is bereikt.
Uitschakeltimer wijzigen of uitschakelen
- 1. De kookzone kiezen en aanraken.
- 2. De bereidingstijd met TwistPad® wijzigen of op instellen om de bereidingstijd te wissen.
8.2 Timer
Maakt de activering mogelijk van een timer van 0 tot 99 min. Deze functie is onafhankelijk van de kookzones en andere instellingen. Deze schakelt de kookzones niet automatisch uit.
Timer inschakelen
- 1. Raak aan.
- 2. De gewenste tijd met TwistPad® selecteren.
- 3. Bevestig met .
- De tijd begint af te lopen.
- Als de tijd is verstreken, klinkt er een signaal en knipperen de displays.
Timer wijzigen of uitschakelen
- 1. Raak aan.
- 2. De looptijd met TwistPad® wijzigen of op len om de looptijd te wissen.
- 3. Bevestig met .
instel-
8.3 Looptijd
De stopwatchfunctie geeft de tijd weer die sinds de activering is verstreken.
Schakel Looptijd in
- Raak aan.
branden.
- De tijd begint af te lopen.
Schakel Looptijd uit
- Raak aan.
- De indicaties van de looptijdprogrammeerfunctie gaan uit.