Neff T68TL6UN2, tekst van de handleiding
Pagina's 10–22 van 28 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–9verder op pagina 23 →
Pagina 10
nl FlexZone
| Vis ¹ | 4 - 5 | 10 - 15 |
|---|---|---|
| Witte sauzen, bijv. bechamelsaus | 1 - 2 | 3 - 6 |
| Geklopte sauzen, bijv. bearnaisesaus, hollandaisesaus | 3 - 4 | 8 - 12 |
| Koken, stomen, stoven | ||
| Rijst met dubbele hoeveelheid water | 2. - 3. | 15 - 30 |
| Rijstepap ² | 2 - 3 | 30 - 40 |
| Aardappelen in schil | 4. - 5. | 25 - 35 |
| Gekookte aardappelen | 4. - 5. | 15 - 30 |
| Pasta ¹ | 6 - 7 | 6 - 10 |
| Eenpansgerecht | 3. - 4. | 120 - 180 |
| Soepen | 3. - 4. | 15 - 60 |
| Groente | 2. - 3. | 10 - 20 |
| Groente, diepvries | 3. - 4. | 7 - 20 |
| Eenpansgerecht met de snelkookpan | 4. - 5. | - |
| Sudderen | ||
| Rollade | 4 - 5 | 50 - 65 |
| Stoofvlees | 4 - 5 | 60 - 100 |
| Goulash ² | 3 - 4 | 50 - 60 |
| Sudderen / braden met weinig vet ¹ | ||
| Schnitzel, al dan niet gepaneerd | 6 - 7 | 6 - 10 |
| Schnitzel, diepvries | 6 - 7 | 6 - 12 |
| Koteletten, al dan niet gepaneerd | 6 - 7 | 8 - 12 |
| Steak (3 cm dik) 1 Zonder deksel | 7 - 8 | 8 - 12 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
2 Voorverwarmen op kookstand 8 - 8.
| Borst van gevogelte (2 cm dik) | 5 - 6 | 10 - 20 |
| Borst van gevogelte, diepvries | 5 - 6 | 10 - 30 |
| Gehaktballen (3 cm dik) | 4. - 5. | 20 - 30 |
| Hamburger (2 cm dik) | 6 - 7 | 10 - 20 |
| Vis en visfilet, ongepaneerd | 5 - 6 | 8 - 20 |
| Vis en visfilet, gepaneerd | 6 - 7 | 8 - 20 |
| Vis, gepaneerd en diepvries, bijv. vissticks | 6 - 7 | 8 - 15 |
| Garnalen en krab | 7 - 8 | 4 - 10 |
| Sauteren van verse groente en paddestoelen | 7 - 8 | 10 - 20 |
| Pangerechten, groente, vlees in reepjes op Aziatische wijze | 7 - 8 | 15 - 20 |
| Diepvriesgerechten, bijv. koekenpangerechten | 6 - 7 | 6 - 10 |
| Pannenkoeken, na elkaar bakken | 6. - 7. | - |
| Omelet (na elkaar bakken) | 3. - 4. | 3 - 10 |
| Spiegeleieren | 5 - 6 | 3 - 6 |
| Frituren, 150-200 g per portie in 1-2 l olie, in porties frituren¹ | ||
| Diepvriesproducten, bijv. frites, kip-nuggets | 8 - 9 | - |
| Kroketten, diepvries | 7 - 8 | - |
| Vlees, bijv. stukken kip | 6 - 7 | - |
| Vis, gepaneerd of in bierdeeg | 6 - 7 | - |
| Groente, paddestoelen, gepaneerd, in bierdeeg of in tempura | 6 - 7 | - |
| Klein gebak, bijv. beignets, Berliner bollen, fruit in bierdeeg 1 Zonder deksel | 4 - 5 | - |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
2 Voorverwarmen op kookstand 8 - 8.
9 FlexZone
De flexibele kookzone maakt het voor u mogelijk om kookgerei in gelijk welke vorm of grootte naar wens te plaatsen. Hij bestaat uit vier inductoren, die onafhankelijk van elkaar functioneren. Is de flexibele kookzone in gebruik, dan wordt alleen het gebied geactiveerd dat door de pan wordt bedekt.
9.1 Plaatsen van het kookgerei
De flexibele kookzone kan op twee manieren worden geconfigureerd, al naar gelang welk kookgerei wordt gebruikt. Om een goede warmteherkenning en warmteverdeling te waarborgen, het kookgerei goed gecentreerd te plaatsen, zoals op de afbeeldingen is weergegeven.
Als een gecombineerde kookzone
Aanbevolen voor het komen met slechts één stuk kookgerei.
•
Plaatsen van het kookgerei afhankelijk van de grootte:
Pagina 11
Uitgebreide FlexZone nl
- Aanbevolen langwerpig kookgerei :
Als twee gescheiden kookzones
Aanbevolen voor het koken met twee stukken kookgerei.
U kunt de voorste en achterste zone gescheiden van elkaar gebruiken en voor elke een eigen vermogensstand instellen.
Attentie
Plaats geen kookgerei in het midden tussen de rechter- en linkerzone. De kookzones worden anders niet correct geactiveerd en u realiseert geen goed bereidingsresultaat.
9.2 Schakel FlexZone in
- 1. Plaats het kookgerei op de kookzone.
- 2. Het apparaat herkent het kookgerei en kiest de kookzone.
- Al naar gelang de grootte en positie van de pan worden de kookzones automatische gescheiden of verbonden.
- Wanneer FlexZone zijn verbonden, dan brandt .
Opmerkingen
- Wanneer u op drukt, dan kunt u de instellingen van de kookzone handmatig wijzigen.
- U kunt de standaardconfiguratie van de flexibele kookzone wijzigen. Hoe u dat kunt doen kunt u vinden in het hoofdstuk Basisinstellingen.
→ Pagina 17
- Als u de pan van de actieve kookzone verplaatst of optilt, start automatische een zoekfunctie. Elke pan, die bij deze zoekactie binnen de kookzone wordt gevonden, wordt verwarmd met de eerder gekozen kookstand.
10 Uitgebreide FlexZone
Met de uitgebreide kookzone kunt u met groter kookgerei koken of langwerpig kookgerei zijwaarts plaatsen. De uitbreiding schakelt steeds in combinatie met een van beide flexibele kookzones in. U kunt de uitbreiding niet afzonderlijk inschakelen.
10.1 Plaatsen van het kookgerei overeenkomstig de vorm en het formaat
Plaats het kookgerei in het midden boven het achterste gedeelte van de flexibele kookzone en de uitbreiding ervan.
Afhankelijk van het formaat van het kookgerei en het afgedekte kookvlak kunt u de flexibele kookzone als twee gescheiden of als een samenhangende kookzone inschakelen:
10.2 Uitgebreide FlexZone activeren
- 1. Het kookgerei op de flexibele kookzone plaatsen en hierbij de uitbreiding afdekken.
Pagina 12
nl PowerMove
- 2. Kookzone en vermogensstand kiezen De indicaties voor de kookzone en voor de uitgebreide zone branden.
- De zone is geactiveerd.
Opmerking: Als de indicatie niet brandt, dan het kookgerei optillen en weer op de kookzone plaatsen.
10.3 Uitgebreide FlexZone deactiveren
- De kookzone selecteren en met de TwistPad® op zetten.
- De functie is gedeactiveerd.
11 PowerMove
Met deze functie kunt u de vermogensstand van het kookgerei wijzigen, door het gewoon in de flexibele kookzone naar voren of terug te schuiven. De zone wordt hievoor in drie gebieden met verschillende vermogensstanden onderverdeeld.
11.1 Plaatsen en verplaatsen van het kookgerei
Slechts een stuk kookgerei gebruiken. Het kookgebied hangt van het gebruikte kookgerei en zijn grootte en positie af.
Elk kookgebied heeft een vooraf ingestelde vermogensstand:
- Voorste gebied = kookstand
- Middelste gebied = kookstand
- Achterste gebied = kookstand
U kunt de standaardinstelling van de vooringestelde vermogensstanden wijzigen. In het hoofdstuk Basisinstellingen kunt u nalezen hoe u de waarden verandert → Pagina 17.
11.2 PowerMove activeren
Vereiste: Slechts één stuk kookgerei op een flexibele zone plaatsen.
- 1. Een van de beide kookzones van de flexibele zone kiezen.
- 2. Op drukken.
en de vermogensstand van het gebied waarin de pan zich bevindt, branden.
- De functie is ingeschakeld.
Opmerking: U kunt de vermogensstanden van de gebieden tijdens het koken wijzigen.
11.3 PowerMove deactiveren
- aanraken verdwijnt.
- De functie is gedeactiveerd.
12 Tijdfuncties
Uw kookplaat beschikt over verschillende instellingen voor de bereidingstijd:
- Uitschakeltimer
- Timer
- Looptijd
12.1 Uitschakeltimer
Maakt de programmering van een bereidingstijd voor één of meerdere kookzones mogelijk. Na het verstrijken van de tijd wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.
Uitschakeltimer inschakelen
- 1. Kookzone en vermogensstand kiezen.
Pagina 13
PowerBoost nl
- 2. Druk op .
- De indicatie van de kookzone licht op.
- 3. Met TwistPad® de bereidingstijd selecteren.
- De bereidingstijd begint af te lopen.
- Wanneer de bereidingstijd is verstreken, schakelt de kookzone uit en er klinkt een geluidssignaal. Opmerking: Als u voor een kookplaat een bereidingstijd wilt programmeren, en de Frying Sensor is geactiveerd, dan begint de bereidingstijd pas af te lopen wanneer de gewenste temperatuurstand is bereikt.
Uitschakeltimer wijzigen of uitschakelen
- 1. De kookzone kiezen en aanraken.
- 2. De bereidingstijd met TwistPad® wijzigen of op instellen om de bereidingstijd te wissen.
12.2 Timer
Maakt de activering mogelijk van een timer van 0 tot 99 min. Deze functie is onafhankelijk van de kookzones en andere instellingen. Deze schakelt de kookzones niet automatisch uit.
Timer inschakelen
- 1. Raak aan.
- 2. De gewenste tijd met TwistPad® selecteren.
- 3. Bevestig met .
- De tijd begint af te lopen.
- Als de tijd is verstreken, klinkt er een signaal en knipperen de displays.
Timer wijzigen of uitschakelen
- 1. Raak aan.
- 2. De looptijd met TwistPad® wijzigen of op len om de looptijd te wissen.
- 3. Bevestig met .
instel-
12.3 Looptijd
De stopwatchfunctie geeft de tijd weer die sinds de activering is verstreken.
Schakel Looptijd in
- Raak aan.
branden.
- De tijd begint af te lopen.
Schakel Looptijd uit
- Raak aan.
- De indicaties van de looptijdprogrammeerfunctie gaan uit.
- De functie is gedeactiveerd.
13 PowerBoost
Met deze functie verhit u grote hoeveelheden water sneller dan met .
Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor zover de andere kookzone van dezelfde groep niet in gebruik is.
13.1 PowerBoost inschakelen
- 1. Kies de kookzone.
- 2. Op tippen. De indicaties en zijn verlicht.
- De functie is ingeschakeld.
Opmerking: Deze functie kunt u ook bij het koken met samenhangende FlexZone inschakelen.
13.2 PowerBoost uitschakelen
- 1. Kies de kookzone.
- 2. Op tippen. De indicaties en doven en de kookzone schakelt automatisch naar de kookstand terug.
- De functie is gedeactiveerd.
Opmerking: Onder bepaalde omstandigheden kan deze functie automatisch uitschakelen, om de elektronische elementen binnenin de kookplaat te beschermen.
14 PanBoost
Met deze functie verhit u pannen sneller dan met . Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voor zover de andere kookzone van dezelfde groep niet in gebruik is.
14.1 Gebruiksadviezen
- Leg geen deksel op de pan.
- Nooit lege pannen zonder toezicht verhitten.
- Alleen koude pannen gebruiken.
- Pannen met volkomen effen bodem gebruiken. Geen pannen met dunne bodem gebruiken.
14.2 Schakel PanBoost in
- 1. Kies de kookzone.
- 2. Tweemaal op tippen. en branden.
- De functie is ingeschakeld.
Opmerking: Deze functie kunt u ook bij het koken met samenhangende FlexZone inschakelen.
Pagina 14
nl Warmhoudfunctie
14.3 PanBoost uitschakelen
- 1. Kies de kookzone.
- 2. Op tippen. en doven en de kookzone schakelt terug naar de kookstand .
- De functie is gedeactiveerd.
Opmerking: Om hoge temperaturen te vermijden schakelt deze functie na 30 seconden automatisch uit.
15 Warmhoudfunctie
| Deze functie kunt u gebruiken om chocolade of boter | brandt. |
| te smelten en gerechten warm te houden. | • De functie is ingeschakeld. |
| 15.1 Schakel Warmhoudfunctie in | 15.2 Schakel Warmhoudfunctie uit |
| 1. Kies de gewenste kookzone. | 1. Kies de kookzone. |
| 2. Raak binnen de volgende 10 seconden het symbool aan. | 2. Tip op . verdwijnt. |
| • De functie is gedeactiveerd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
16 PowerTransfer
Met deze functie kunt u de kookstand en de geprogrammeerde bereidingstijd van de ene naar de andere kookzone overdragen.
16.1 PowerTransfer
Vereiste: Verplaats het kookgerei naar een kookzone die niet ingeschakeld is en nog niet vooraf is ingesteld en waarop eerder geen ander kookgerei stond.
- 1. Verplaats het kookgerei.
Het kookgerei wordt herkend en op het display van de nieuwe kookzone knipperen afwisselend de eerder gekozen kookstand en .
- 2. Kies de nieuwe kookzone in de instellingen over te nemen.
Het apparaat zet het vermogen van de oorspronkelijk kookzone op .
- De instellingen zijn op de nieuwe kookzone overgedragen.
Opmerking: Wanneer u een nieuw kookgerei op een andere kookzone plaatst, voordat u de instellingen heeft bevestigd, dan kunt u deze functie voor beide pannen gebruiken.
17 Frying Sensor
Is geschikt voor het bereiden of inkoken van sauzen, pannenkoeken of voor het bakken van eieren met boter, voor het bakken van groente of steaks tot de gewenste gaarheid en hierbij de temperatuur onder controle houden.
In de plaats van tijdens het koken vaak de vermogensstand aan te passen, bij het begin een keer de gewenste doeltemperatuur kiezen. De sensoren onder de keramische glasplaat meten dan de temperatuur van het kookgerei en houden deze tijdens het volledige kookproces constant.
Deze functie is op alle kookzones beschikbaar die met zijn gemarkeerd.
17.1 Voordelen
- De temperatuur wordt constant gehouden zonder dat u de vermogensstand hoeft te veranderen.
- Olie wordt niet oververhit. Het aanbranden van de levensmiddelen wordt verhinderd.
- De kookzone warmt alleen op wanneer dit nodig is voor het behouden van de temperatuur, waardoor er energie wordt gespaard.
Pagina 15
Frying Sensor nl
17.2 Temperatuurstanden
Temperatuurstanden voor de bereiding van voedsel.
| Stand | Temperatuur | Functies | Kookgerei |
|---|---|---|---|
| 1 | 120 ºC | Koken en inkoken van sauzen, bakken van groente | |
| 2 | 140 ºC | In olijfolie of boter aanbraden | |
| 3 | 160 ºC | Bakken van vis en grove levensmiddelen | |
| 4 | 180 ºC | Frituren van gepaneerde, bevroren en gegrilde gerechten | |
| 5 | 215 ºC | Hogetemperatuurgrill en grillplaat |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
17.3 Aanbevolen kookgerei
Voor deze functie werd speciaal kookgerei ontwikkeld, dat optimale resultaten levert.
| Kookgerei | Aanbevolen kookzone |
|---|---|
| Koekenpan Ø 15 cm | Kookzone met één ring |
| Koekenpan Ø 19 cm | Kookzone met één ring |
| Koekenpan Ø 21 cm | Kookzone met één ring |
| Koekenpan Ø 28 cm | Uitgebreide FlexZone |
| Teppanyaki | FlexZone |
| Grill | FlexZone |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
Het aanbevolen kookgerei kunt u verkrijgen via de servicedienst, de vakhandel of onze onlineshop www.neff-international.com.
Opmerking: U kunt ook ander kookgerei gebruiken. Afhankelijk van de kwaliteit van het kookgerei kan de bereikte temperatuur echter van de gekozen temperatuurstand afwijken.
17.4 Frying Sensor inschakelen
- 1. Lege pan op de kookzone plaatsen.
- 2. De kookzone kiezen en aanraken.
- 3. Binnen de volgende 5 seconden met de draaiknop TwistPad® de gewenste temperatuurstand kiezen.
- De functie start. knippert tot de ingestelde doeltemperatuur is bereikt.
- Als de doeltemperatuur is bereikt, weerklinkt een signaal en stopt met knipperen.
- 4. Het braadvet en dan het product in de braadpan doen.
Opmerking: Als u meer dan 250 ml olie nodig hebt om te koken, dan de olie toevoegen en een paar seconden wachten voordat u het te bereiden product toevoegt.
17.5 Schakel Frying Sensor uit
- De kookzone kiezen en aanraken.
- De functie is gedeactiveerd.
17.6 Adviezen voor het koken met de Frying Sensor
De volgende tabel toont de ideale temperatuurstand voor een selectie van gerechten. De temperatuur en de bereidingstijd zijn afhankelijk van de hoeveelheid, de toestand en de kwaliteit van de levensmiddelen.
- Braadpan
- Teppanyaki
- Grillplaat
| Kookgerei | |||
|---|---|---|---|
| Vlees | |||
| Schnitzels | 4 | 6-10 | |
| Schnitzel, gepaneerd | 4 | 6-10 | |
| Filet | 4 | 6-10 | |
| Koteletten | 3 | 10-15 | |
| Cordon bleu, Wiener Schnitzel | 4 | 10-15 | |
| Steak, rare, 3 cm dik | 5 | 6-8 | |
| Steak, medium, 3 cm dik | 5 | 8-12 | |
| Steak, well done, 3 cm dik | 4 | 8-12 | |
| T-Bone-steak, rare, 4,5 cm dik | 5 | 10-15 | |
| T-Bone-steak, medium, 4,5 cm dik | 5 | 20-30 | |
| Borst van gevogelte, 2 cm dik | 3 | 10-20 | |
| Spek | 2 | 5-8 | |
| Gehakt | 4 | 6-10 | |
| Hamburger, 1,5 cm dik | 3 | 6-15 | |
| Vleesballetjes, 2 cm dik | 3 | 10-20 | |
| Worstjes | 3 | 8-20 | |
| Chorizo, verse worst | 3 | 10-20 | |
| Brochettes, kebabs | 3 | 10-20 | |
| Gyros | 4 | 7-12 | |
| Vis en zeevruchten | |||
| Visfilet | 4 | 10-20 | |
| Visfilet, gepaneerd | 4 | 10-20 | |
| Vis, gebakken, heel | 3 | 10-20 | |
| Sardienen | 4 | 6-12 | |
| Scampi, garnalen | 4 | 4-8 | |
| Inktvis, sepia | 4 | 6-12 | |
| Eiergerechten | |||
| Spiegeleieren in boter | 2 | 2-6 | |
| Spiegeleieren | 4 | 2-6 | |
| Roerei | 2 | 4-9 | |
| Omelet | 2 | 3-6 | |
| French toast | 3 | 4-8 | |
| Crêpes, blini's, tortilla's, taco's | 5 | 1-3 | |
| Groente | |||
| Gebakken aardappelen | 5 | 6-12 | |
| Frites | 4 | 15-25 |
Pagina 16
nl Kinderslot
| Kookgerei | |||
|---|---|---|---|
| Aardappelkoekjes | 5 | 2-4 | |
| Uien, gebraden knoflook | 2 | 2-10 | |
| Uienringen | 3 | 5-10 | |
| Courgettes, aubergines, paprika | 2 | 4-12 | |
| Groene asperges | 3 | 4-15 | |
| Paddestoelen | 4 | 10-15 | |
| Groente, in olie gesmoord | 1 | 10-20 | |
| Groente in tempuradeeg | 4 | 5-10 | |
| Diepvriesproducten | |||
| Chicken nuggets | 4 | 10-15 | |
| Vissticks | 4 | 8-12 | |
| Frites | 5 | 4-8 | |
| Pangerechten | 3 | 6-10 | |
| Loempia's | 4 | 10-30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
| Kookgerei | |||
|---|---|---|---|
| Pastei, kroketten | 5 | 3-8 | |
| Sauzen | |||
| Tomatensaus | 1 | 25-35 | |
| Bechamelsaus | 1 | 10-20 | |
| Kaassaus | 1 | 10-20 | |
| Zoete sauzen | 1 | 15-25 | |
| Sauzen, ingekookt | 1 | 25-35 | |
| Andere | |||
| Gebakken kaas | 3 | 7-10 | |
| Croutons | 3 | 6-10 | |
| Geroosterd brood | 4 | 4-8 | |
| Droge kant-en-klaarmaaltijden | 1 | 5-10 | |
| Amandelen, walnoten, pijnboompitten, geroosterd | 4 | 3-15 | |
| Popcorn | 5 | 3-4 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
18 Kinderslot
De kookplaat is voorzien van een kinderslot. Hiermee voorkomt u dat kinderen de kookplaat inschakelen.
18.1 Kinderslot inschakelen
Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
- Raak gedurende 4 seconden aan.
- De indicatie is 10 seconden lang verlicht.
- De kookplaat is geblokkeerd.
18.2 Kinderslot uitschakelen
- Raak gedurende 4 seconden aan.
- De blokkering is opgeheven.
18.3 Automatisch kinderslot
U kunt het kinderslot ook automatisch elke keer na het uitschakelen van de kookplaat activeren.
In het hoofdstuk Basisinstellingen kunt u nalezen hoe u de functie in- en uitschakelt. → Pagina 17
19 Veegbeveiliging
Zorgt voor een blokkering van het bedieningspaneel, zodat bij het reinigen instellingen niet ongewild worden gewijzigd.
De reinigingsblokkering heeft geen invloed op de hoofdschakelaar.
19.2 Schakel Veegbeveiliging uit
Voor het voortijdig uitschakelen van de functie:
- TwistPad® indrukken en draaien, totdat dooft.
- Het bedieningspaneel is ontgrendeld.
19.1 Schakel Veegbeveiliging in
- Verwijder de draaiknop TwistPad®. brandt.
- Het bedieningspaneel is gedurende 35 seconden geblokkeerd. 5 seconden voor het uitschakelen klinkt een signaal.
20 Individuele veiligheidsuitschakeling
Is een kookzone lange tijd in gebruik en heeft u de instelling niet veranderd, dan wordt de automatische uitschakeling geactiveerd. De kookzone geeft weer en schakelt uit.
De tijd van 1 tot 10 uur hangt van de geselecteerde vermogensstand af.
Druk op een willekeurige button.
Pagina 17
Basisinstellingen nl
21 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
21.1 Overzicht van de basisinstellingen
| Indicatie | Instelling | Waarde |
|---|---|---|
| Kinderslot | - Handmatig.¹ Automatisch. – Uitgeschakeld | |
| Akoestische signalen | – Bevestigings- en foutsignaal zijn uitgeschakeld. – Alleen het foutsignaal is ingeschakeld. – Alleen het bevestigingssignaal is ingeschakeld. – Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld ¹. | |
| Weergave energieverbruik Toont het totale energieverbruik tussen het in- en uitschakelen van de kookplaat in kWh. De precisie van de indicatie is onder andere afhankelijk van de spanningskwaliteit van het elektriciteitsnet. | – Uitgeschakeld¹ – Ingeschakeld | |
| Automatisch uitschakelen van de kookzones. | - uitgeschakeld.¹ - - Tijd tot het automatisch uitschakelen. | |
| Duur van het timer-einde-geluidssignaal | – 10 seconden – 30 seconden - 1 minuut ¹. | |
| Vermogensbegrenzing Maakt indien nodig de begrenzing mogelijk van het totale vermogen van de kookplaat, indien vereist, op basis van de omstandigheden van uw elektrische installatie. De beschikbare instellingen zijn afhankelijk van het maximale vermogen van de kookplaat. Precieze gegevens vindt u op het typeplaatje. Wanneer de functie actief is en de kookplaat de ingestelde vermogensgrens bereikt, dan wordt weergegeven en u kunt geen hogere vermogensstand kiezen. | - Uitgeschakeld. Maximaal vermogen van de kookplaat 1. - 1000 W. Laagste stand. . - 1500 W. ... - 3000 W. Aanbevolen voor 13 ampère. . - 3500 W. Aanbevolen voor 16 ampère. - 4000 W. . - 4500 W. Aanbevolen voor 20 ampère. ... - Maximaal vermogen van de kookplaat. | |
| Keuzetijd van de kookzone | - Onbegrensd: u kunt de laatst gekozen kookzone instellen zonder deze opnieuw te selecteren.¹ - Begrensd: u kunt de laatst gekozen kookzone binnen 10 seconden na de selectie instellen. Daarna moet u de kookzone vóór het instellen opnieuw selecteren. | |
| PowerMove Maakt de wijziging mogelijk van de vooringestelde vermogensstanden van de drie kookbereiken van de flexibele kookzone. Kies hiervoor een van de beide kookzones, stel de gewenste vermogensstand in het instelbereik in raak aan om de nieuwe vermogensstand te bevestigen en de volgende kookzone te selecteren. | - Vooringestelde vermogensstand voor de voorste kookzone. - Vooringestelde vermogensstand voor de middelste kookzone. - Vooringestelde vermogensstand voor de achterste kookzone. | |
| Kookgerei-test Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgerei controleren. | - Niet geschikt. - Niet optimaal. - Geschikt. | |
| ZoneLight-lampjes | - Dynamische modus: de lampjes van de actieve kookplaten gaan aan.¹ - Permanente modus: de lampjes van alle kookplaten schakelen permanent in. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
1 Fabrieksinstelling
Pagina 18
nl Kookgerei-test
| Indicatie | Instelling | Waarde |
|---|---|---|
| Automatische herkenning pannen | - De gewenste kookzone handmatig kiezen. - De kookzone herkent de grootte en de positie van de pan en kiest de betreffende kookzone sresp. kookzones.¹ | |
| Terugzetten naar de fabrieksinstellingen | - Individuele instellingen ¹. - Fabrieksinstellingen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
1 Fabrieksinstelling
21.2 Naar de basisinstellingen
Vereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
- 1. Raak aan om de kookplaat in te schakelen.
- 2. Raak binnen de volgende 10 seconden 4 seconden lang aan.
| Productinformatie | Indicatie |
|---|---|
| Lijst van de Technische Service (TS) | |
| Fabricagenummer | |
| Fabricagenummer 1 | . |
| Fabricagenummer 2 | . |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
- De eerste vier indicaties geven productinformatie weer. Om elke indicatie op te roepen, aan de draaiknop TwistPad® draaien;
- 3. Raak aan om naar de basisinstellingen te gaan. en lichten op als voorinstelling.
- 4. Raak net zo lang aan totdat de gewenste instelling verschijnt.
- 5. De gewenste instelling met TwistPad® selecteren.
- 6. Raak gedurende 4 seconden aan.
- De instellingen zijn opgeslagen.
21.3 Wijzigen van de basisinstellingen annuleren
- Raak aan.
- Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.
22 Kookgerei-test
De kwaliteit van de pan heeft een grote invloed op de snelheid en het resultaat van het kookproces.
Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgerei testen.
Ga vóór de test na of de diameter van de bodem van de pan met de grootte van de gebruikte kookzone overeenstemt.
De toegang vindt plaats via de basisinstellingen. → Pagina 17
22.1 Kookgerei-test uitvoeren
De flexibele kookzone is als enige kookzone zo ingesteld dat deze slechts één enkele pan controleert.
- 1. Plaats het kookgerei bij kamertemperatuur met ca. 200 ml water midden op die kookzone, waarvan de diameter het best overeenkomt met de diameter van de bodem van het kookgerei.
- 2. Roep de basisinstellingen op en kies .
- 3. TwistPad® draaien. In de kookzones knippert .
- De functie is ingeschakeld.
- Na 10 seconden verschijnt het resultaat op het kookzonedisplay.
22.2 Resultaat controleren
In de volgende tabel kunt u zien wat het resultaat voor kwaliteit en snelheid van het kookproces betekent.
Resultaat
Het kookgerei is voor de kookzone niet geschikt en wordt daarom niet opgewarmd.
Het kookgerei warmt langzamer op dan verwacht en het kookproces verloopt niet optimaal.
Het kookgerei wordt goed warm en het kookproces is in orde.
Draai aan TwistPad® om de functie opnieuw te activeren.
23 Home Connect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.
De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen in de Home Connect app om de instellingen aan te brengen.
Tips
- Neem de meegeleverde documenten van Home Connect in acht.
- Neem ook de aanwijzingen in de Home Connect app in acht.
Pagina 19
Home Connect nl
Opmerkingen
- Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient.
→ "Veiligheid", Pagina 2
- Kookplaten zijn niet bedoeld voor gebruik zonder toezicht. Het bereidingsproces moet in de gaten worden gehouden.
- De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.
- In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het apparaat max. 2 W nodig.
- 1. De Home Connect app downloaden.
- 2. De Home Connect app openen en de volgende QRcode scannen.
23.1 Home Connect instellen
Vereisten
- Het apparaat is verbonden met het elektriciteitsnet en ingeschakeld.
- U beschikt over een mobiel eindapparaat met een actuele versie van het iOS- of Android besturingssysteem, bijvoorbeeld een smartphone.
- Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw thuisnetwerk.
- 3. De aanwijzingen in de Home Connect app opvolgen.
23.2 Overzicht van de Home Connect instellingen
In de basisinstellingen van uw kookplaat kunt u voor Home Connect instellingen en netwerkinstellingen aanpassen.
| Instelling | Selectie of weergave | Extra informatie |
|---|---|---|
| Netwerkverbinding – Niet verbonden/netwerkverbinding verbreken - Automatisch verbinden - Handmatig verbinden - Verbonden | Kookplaat in het WLAN-thuisnetwerk (WiFi) aanmelden of netwerkverbinding verbreken | |
| Verbinding met app - Niet verbonden – Verbinding maken | wordt alleen weergegeven als de kookplaat met het thuisnetwerk is verbonden. | |
| Verbinding met WiFi – Draadloze module uitgeschakeld – Draadloze module ingeschakeld | Wanneer WiFi is geactiveerd, kunt u gebruikmaken van de Home Connect functionaliteit. wordt alleen weergegeven, wanneer de kookplaat al een keer met het netwerk werd verbonden. | |
| Instelling via app – Uitgeschakeld – Ingeschakeld¹ | Als is uitgeschakeld, worden uitsluitend de bedrijfstoestanden van de kookplaat in de Home Connect app weergegeven. | |
| Software-update – Update beschikbaar en gereed voor installatie – Installatie starten | wordt alleen weergegeven wanneer er een software-update beschikbaar is. | |
| Toegang op afstand door servicedienst regelen – Niet toegestaan - Toegestaan | wordt alleen weergegeven wanneer de servicedienst verbinding probeert te maken met de kookplaat. Nadat u toegang heeft verleend, kunt u deze op elk gewenst moment weer beëindigen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
1 Fabrieksinstelling
Pagina 20
nl Home Connect
| Instelling | Selectie of weergave | Extra informatie |
|---|---|---|
| WiFi-signaalsterkte laten weergeven – Niet verbonden met het WiFi-thuisnetwerk – Signaalsterkte 1 (slecht) – Signaalsterkte 2 (gemiddeld) – Signaalsterkte 3 (goed) | wordt alleen weergegeven als er een verbinding is met het thuisnetwerk (WiFi). | |
| Verbinding met de Home Connect server - Niet verbonden - Verbonden | wordt alleen weergegeven als er een verbinding is met het thuisnetwerk (WiFi). |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
1 Fabrieksinstelling
23.3 Instellingen via de Home Connect app wijzigen
Met de Home Connect app kunt u de instellingen voor de kookzones wijzigen en naar de kookplaat sturen.
Vereisten
- De kookplaat is met het thuisnetwerk en de Home Connect app verbonden.
- Om de kookplaat via de Home Connect app in te kunnen stellen, moet in de basisinstellingen ingeschakeld zijn. In de toestand bij levering is ingeschakeld. Als de overdracht van instellingen is gedeactiveerd, worden uitsluitend de bedrijfstoestanden van de kookplaat in de Home Connect app weergegeven.
- 1. De instelling in de Home Connect app uitvoeren en naar de kookplaat sturen.
De aanwijzingen in de Home Connect app opvolgen.
Instellingen die u vanuit de Home Connect app naar de kookplaat stuurt, moet u op de kookplaat bevestigen.
- Wanneer kookinstellingen naar een kookzone worden gezonden, begint afhankelijk van de instelling de kookzone-indicatie, de ZoneLight-lampjes, de timer-indicatie of de indicatie van de ingestelde functie te knipperen.
- 2. Om de instellingen te bevestigen de Twist-knop in de buurt van de gewenste kookzone aanraken.
- 3. Om de instelling te verwerpen, op een willekeurig ander touchveld van de kookplaat tippen.
23.4 Software-update
Met de functie Software-update wordt de software van uw apparaat bijgewerkt, bijv. optimalisatie, verhelpen van fouten, veiligheidsrelevante updates.
Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde Home Connect gebruiker bent, de app op uw mobiele eindapparaat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Home Connect server hebt gemaakt.
Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u hierover via de Home Connect app geïnformeerd en kunt u de software-update via de app starten. Na het succesvol downloaden kunt u de installatie via de Home Connect app starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk (WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie wordt u via de Home Connect app geïnformeerd.
Opmerkingen
- Tijdens de download kunt u uw apparaat gewoon blijven gebruiken. Afhankelijk van de persoonlijke instellingen in de app kan een software-update ook automatisch worden gedownload.
- In geval van een veiligheidsrelevante update is het raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.
23.5 Afstandsdiagnose
De klantenservice kan via de diagnose op afstand toegang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de desbetreffende wens tot de klantenservice richt, uw apparaat met de Home Connect server verbonden is en de diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat gebruikt, beschikbaar is.
Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de beschikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land vindt u in het gedeelte service/support van de lokale website: www.home-connect.com
23.6 Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server(eerste registratie):
- Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde Wi-Fi communicatiemodule).
- Veiligheidscertificaat van de Wi-Fi communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
- De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat.
- Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.
Pagina 21
Afzuigregeling van het kookveld nl
24 Afzuigregeling van het kookveld
Wanneer beide apparaten Home Connect-compatibel zijn, verbindt u de apparaten in de Home Connect app. Verbind daarvoor beide apparaten met Home Connect en volg de aanwijzingen in de app op.
Opmerkingen
- De bediening aan de afzuigkap heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is een bediening via de afzuigregeling van het kookveld niet mogelijk.
- In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het apparaat max. 2 W nodig.
- U kunt de verbinding met de afzuigkap alleen via de Home Connect app realiseren. Andere methoden voor het verbinden worden niet langer ondersteund.
24.1 Home Connect instellingen resetten
Als de verbinding van uw apparaat met het WLANthuisnetwerk (Wi-Fi) problemen oplevert of als u uw apparaat in een ander WLAN-thuisnetwerk (Wi-Fi) wilt aanmelden, kunt u de Home Connect instellingen resetten. Opmerking: Wanneer u de Home Connect instellingen reset, wordt ook de verbinding met een mogelijk verbonden afzuigkap verbroken.
- 1. 4 seconden ingedrukt houden.
- Het display toont de productinformatie.
- 2. Net zo vaak op tippen tot het display afwisselend en laat zien.
- 3. Met de Twist-knop de waarde instellen.
24.2 Bediening van de afzuigkap via de kookplaat
In de basisinstellingen van uw kookplaat kunt u het gedrag van uw afzuigkap afhankelijk van het inschakelen en uitschakelen van de kookplaat of afzonderlijke kookzones instellen.
Via de bedieningselementen van de kookplaat kunt u nog meer instellingen aanbrengen.
Ventilator instellen
- 1. Op tippen.
- 2. Met de Twist-knop de ventilatorstand selecteren. U kunt kiezen uit de standen 1, 2 en 3.
Om een intensiefstand in te stellen de Twist-knop draaien tot of verschijnt.
Ventilator uitschakelen
- Met de Twist-knop ventilatorstand 0 instellen.
Automatische modus inschakelen
- 1. Op tippen.
- 2. De Twist-knop draaien tot de indicatie aangeeft.
- Bij dampvorming start de ventilator automatisch.
Automatische modus uitschakelen
- 1. Op tippen.
- 2. Met de Twist-knop ventilatorstand 0 instellen.
- 3. Wanneer u een andere ventilatorstand instelt, wordt de automatische modus eveneens beëindigd.
Verlichting van de afzuigkap instellen
U kunt het licht van de afzuigkap via het bedieningspaneel van de kookplaat inschakelen en uitschakelen.
- 1. Tip op om de verlichting in te schakelen.
- 2. Tip opnieuw op om de verlichting uit te schakelen.
24.3 Overzicht van de instellingen van de afzuigkapbediening
In de basisinstellingen van uw kookplaat kunt u het gedrag van uw afzuigkap afhankelijk van het inschakelen en uitschakelen van de kookplaat of afzonderlijke kookzones instellen.
| Instelling | Keuze | Beschrijving |
|---|---|---|
| Verbinding kookplaat - afzuigkap – niet verbonden / verbinding verbroken – Geen functie – verbonden met het WLAN-thuisnetwerk (WiFi) – verbonden met WiFi en met de afzuigkap | - | |
| Automatisch starten van de ventilator – Uitgeschakeld De afzuigkap moet zo nodig handmatig worden ingeschakeld. – Ingeschakeld met automatische modus¹. De afzuigkap wordt bij inschakelen van een kookzone ingeschakeld in de automatische modus. – Ingeschakeld met handmatige modus. De afzuigkap wordt bij inschakelen van een kookzone op een vooraf gedefinieerde stand ingeschakeld. | Het display toont de instelling alleen als het apparaat is verbonden met de afzuigkap. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)
Pagina 22
nl Reiniging en onderhoud
| Instelling | Keuze | Beschrijving |
|---|---|---|
| Naventilatie – De ventilator wordt samen met de kookplaat uitgeschakeld. – Ingeschakeld met automatische modus¹ – Ingeschakeld met standaard naventilatie – Geen wijziging van de instellingen | Instelling of, en hoelang de ventilator na uitschakelen van de kookplaat blijft draaien. Het display toont de instelling alleen als het apparaat is verbonden met de afzuigkap. | |
| Automatisch inschakelen van de verlichting – Uitgeschakeld – Ingeschakeld¹ De verlichting wordt bij inschakelen van de kookplaat ingeschakeld. | Het display toont de instelling alleen als het apparaat is verbonden met de afzuigkap. | |
| Automatisch uitschakelen van de verlichting – Uitgeschakeld¹ – De verlichting wordt bij uitschakelen van de kookplaat uitgeschakeld. | Het display toont de instelling alleen als het apparaat is verbonden met de afzuigkap. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)
25 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
25.1 Reinigingsmiddelen
Geschikte reinigingsmiddelen en schraper voor vitrokeramische kookplaat zijn verkrijgbaar bij de servicedienst, in de vakhandel of in de webshop www.neff-in-ternational.com.
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Nooit ongeschikte reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen schoonmaakmiddelen gebruiken zolang de kookplaat nog heet is. Dat kan tot verkleuring van het oppervlak leiden.
Ongeschikte reinigingsmiddelen
- Onverdund afwasmiddel reinigingsmiddelen voor de vaatwasmachine
- Schuurmiddelen
- Agressieve reinigingsmiddelen, bijv. ovensprays of vlekverwijderaars
- Krassende sponzen
- Hogedrukreinigers of stoomapparaten
25.2 Kookplaat reinigen
Reinig de kookplaat na elk gebruik, zodat kookresten niet inbranden.
Vereiste: De kookplaat moet koud zijn. Laat bij suikervlekken, rijstzetmeel, kunststof- of aluminiumfolie de kookplaat niet afkoelen.
- 1. Verwijder hardnekkig vuil met een schraper voor vitrokeramische kookplaat.
- 2. Reinig de kookplaat met een reinigingsmiddel voor glaskeramiek.
Houd de reinigingsinstructies op de verpakking van het reinigingsmiddel aan.
Tips
- Met een speciale spons voor glaskeramiek kunt u goede reinigingsresultaten boeken.
- Wanneer u de bodem van het kookgerei schoon houdt, dan blijft het oppervlak van de kookplaat in een goede conditie.
25.3 Kookplaatrand reinigen
Wanneer er na het gebruik vuil of vlekken op de rand van de kookplaat bevinden, reinig deze dan.
Opmerking: Geen schraper gebruiken.
- 1. De kookplaatrand reinigen met warm zeepsop en een zachte doek.
Nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uitwassen.
- 2. Droog na met een zachte doek.
25.4 TwistPad® reinigen
Gebruik lauw water met een beetje afwasmiddel voor het reinigen van de Twist-knop.
Gebruik geen schurende of corrosieve reinigingsmiddelen. Niet in de vaatwasser reinigen of in water onderdompelen, omdat er anders schade kan ontstaan.