Pelgrim IK5094F, tekst van de handleiding
Kookplaat · Pelgrim · 20 pagina's in het Nederlands · pdf: 52 pagina's, 1,5 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: service.pelgrim.nl
Deze handleiding geldt ook voor: IK5084F.
Storingen op pagina 21
Pagina 21
PROBLEMEN OPLOSSEN
Algemeen
Wanneer u een barst in het glas ziet (hoe klein ook), schakelt u de kookplaat onmiddellijk uit, haalt u de stekker uit het stopcontact, zet u de (automatische) zekering(en) in de meterkast uit of, bij een permanente aansluiting, zet u de stroomvoorziening op nul. Neem contact op met de serviceafdeling.
Probleemoplossingstabel
Als het apparaat niet naar behoren werkt, betekent dit niet altijd dat het defect is. Probeer het probleem eerst zelf op te lossen door de onderstaande punten na te lopen. U kunt voor meer informatie ook terecht op de website ‘www.pelgrim.nl’.
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Het display gaat branden wanneer de kookplaat de eerste keer wordt ingeschakeld. | Dit is de standaard opstartroutine. | Normale werking. |
| De ventilator blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld. | De kookplaat koelt af. | Normale werking. |
| In het begin is het mogelijk dat u een lichte geur ruikt. | Het nieuwe apparaat wordt opgewarmd. | Dit is normaal en verdwijnt nadat het apparaat een aantal keer is gebruikt. Ventileer de keuken. |
| De pannen maken geluid tijdens het koken. | Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. | Bij hoge instellingen is dit bij bepaalde pannen een heel normaal verschijnsel. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. |
| U hebt een kookzone ingeschakeld maar het display toont u. | De gebruikte pan is niet geschikt voor inductiekoken of heeft een te kleine diameter. | Gebruik een geschikte pan. |
| Een kookzone stopt plotseling en u hoort een signaal. | De vooraf ingestelde uitschakeltijd is verstreken. | Raak de plustoets (+) of mintoets (-) aan om het geluidssignaal uit te schakelen. |
| De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets op het display. | Er is geen netvoeding vanwege een defecte kabel of defecte aansluiting. | Controleer de zekeringen en de elektriciteitsschakelaar (als er geen stekker wordt gebruikt). |
Pagina 22
PROBLEMEN OPLOSSEN
| Symptoom Bij het inschakelen van de kookplaat slaat er een zekering door. | Mogelijke oorzaak Foutieve elektrische aansluiting. | Oplossing Neem contact op met een installateur. |
| Het bedieningspaneel is vuil of er ligt water op. | Reinig het bedieningspaneel. | |
| Foutcode E2. | Overmatige oververhitting van de kookplaat. | Verwarm geen lege pannen. Gebruik geschikte pannen voor inductie. Laat de kookplaat afkoelen. Neem contact op met de serviceafdeling als het probleem aanhoudt. |
| Foutcode E3. | De pan die u gebruikt is niet geschikt voor inductiekoken. | Gebruik een geschikte pan. |
| Foutcode E8. | Onjuiste werking van de koelventilator. | Luchtafvoer geblokkeerd, bijvoorbeeld door papier, of ventilator defect. Neem contact op met de serviceafdeling. |
| Overige foutcodes. | Defecte generator. | Neem contact op met de serviceafdeling. |
Pagina 23: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 24
MILIEUASPECTEN
Verpakking en apparaat afdanken
Bij de productie van dit apparaat is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit apparaat moet aan het einde van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgedankt. De overheid kan u hierover informatie verstrekken.
De verpakking van het apparaat is recyclebaar. Mogelijk zijn de volgende materialen gebruikt:
- karton;
- polyetheenfolie (PE);
- CFK-vrij polystyreen (PS-hardschuim).
Deze materialen moeten op verantwoorde wijze en conform de overheidsvoorschriften worden afgedankt.
Om te wijzen op de noodzaak van gescheiden inzameling van elektrische huishoudelijke apparatuur, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil mag worden meegegeven. Het apparaat moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze dienst aanbiedt.
Het apart inleveren van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid, en zorgt ervoor dat de materialen in deze apparaten kunnen worden teruggewonnen, waardoor in aanzienlijke mate kan worden bespaard op energie en grondstoffen.
Verklaring van conformiteit
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de toepasselijke Europese richtlijnen, normen en voorschriften, evenals aan alle vereisten in de normen waarnaar wordt verwezen.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
INHOUDSOPGAVE
Uw inductiekookplaat
Inleiding
Beschrijving
Bedieningspaneel Meldingen op het display
Veiligheid
Temperatuurbeveiliging Kookduurbegrenzer
Gebruik
Gebruik van de aanraaktoetsen en de schuifregelaar Inductiegeluiden
Geschikte pannen
Vermogen instellen
Pandetectie
Kookinstellingen
Bediening
Bereiding starten
Boost
Pandetectiesymbool
De eierwekker gebruiken
De timer gebruiken
Kinderslot
Vergrendelfunctie
De warmhoudfunctie inschakelen De automatische opwarmfunctie inschakelen Pauzefunctie
Herstelfunctie
Chef Cook functie
Vermogensbegrenzer
Vermogensbegrenzer
Pagina 3: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 4
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Inleiding
Gefeliciteerd met uw keuze voor dit toestel van Pelgrim. In het ontwerp van dit product heeft eenvoudige bediening en optimale gebruiksvriendelijkheid centraal gestaan.
In deze handleiding leest u hoe u dit toestel het best kunt gebruiken. Naast informatie over de bediening, vindt u hier ook achtergrondinformatie die u tijdens het gebruik van het toestel van pas kan komen.
Lees eerst de separate veiligheidsinstructies voordat u het toestel gebruikt.
Lees deze handleiding door voordat u het toestel in gebruik neemt, en berg de handleiding daarna veilig op voor toekomstig gebruik.
Deze handleiding dient als referentie voor de servicedienst. Plak het typeplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter op de handleiding. Het typeplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.
Op onze website kunt u de meest recente versie van de gebruiksaanwijzing vinden.
Pagina 5: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 6
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
11
Bedieningspaneel
12
- 3 4
- 1. Warmhoudtoets
- 2. Warmhoudsymbool
- 3. Schuifregelaar
- 4. Kookzone-indicatie
- 5. Vergrendeltoets (met indicatielampje boven)
- 6. Aan-/uittoets (met indicatielampje boven)
- 7. Pauzetoets (met indicatielampje boven)
- 8. Chef Cook functie
- 9. Plustoets ‘+’ timer
- 10. Timerdisplay
- 11. Timersymbool (eierwekker)
- 12. Mintoets ‘-’ timer
- 13. Timersymbool (kookzone)
- 14. Display kookzone
- 15. Display schuifregelaar
Pagina 7
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Meldingen op het display
| Display | Beschrijving |
|---|---|
| Vermogensniveau ‘0’ voor een kookzone. | |
| Vermogensniveau: 1 = lage stand / 9 = hoge stand. | |
| Boostniveau is actief. | |
| Actieve timer van een kookzone. | |
| Actieve kookwekker van de kookplaat. | |
| Timer ingesteld (1 uur en 25 minuten). | |
| Timer ingesteld (8 minuten en 56 seconden). | |
| Pandetectiesymbool; geen (geschikte) pan op de kookzone. | |
| Restwarmte-indicator: de kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicator waarmee wordt aangegeven welke kookzone nog warm is. Ondanks dat de kookplaat is uitgeschakeld, blijft de indicator H zichtbaar zolang de kookzone warm is! Raak de kookzones niet aan wanneer deze indicator brandt. Gevaar! Risico op brandwonden. | |
| Automatische verhitting is actief. | |
| Warmhoudfunctie is actief. | |
| Kinderslot is actief / Vergrendelfunctie is actief. | |
| De kookplaat is ingeschakeld. | |
| Pauzefunctie is actief. | |
| Chef Cook functie is actief. | |
| Foutcode: zie hoofdstuk ‘Problemen oplossen’. |
Pagina 8
VEILIGHEID
Lees eerst de afzonderlijke veiligheidsinstructies voordat u het toestel in gebruik neemt.
Temperatuurbeveiliging
Een sensor controleert continu de temperatuur van bepaalde onderdelen van de kookplaat. Elke kookzone is voorzien van een sensor die continu de temperatuur van de bodem van de pan controleert om risico op oververhitting te voorkomen wanneer een pan droogkookt. Bij een te hoge temperatuur wordt de kookstand van de kookplaat automatisch verlaagd of wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.
Kookduurbegrenzer
De kookduurbegrenzer is een veiligheidsfunctie van uw kookplaat. Deze wordt geactiveerd als u vergeet de kookplaat uit te schakelen. Afhankelijk van de gekozen kookstand wordt de kookduur als volgt begrensd:
| Kookstand | Maximale gebruikstijd (in minuten) |
|---|---|
| Warmhoudfunctie | 120 |
| Chef Cook functie | 120 |
| 1 | 522 |
| 2 | 402 |
| 3 | 318 |
| 4 | 258 |
| 5 | 210 |
| 6 | 168 |
| 7 | 138 |
| 8 | 114 |
| 9 | 90 |
| P (boost) | 5 (na 5 minuten wordt het vermogen verlaagd naar niveau 9) |
Pagina 9
GEBRUIK
Gebruik van de aanraaktoetsen en de schuifregelaar
Plaats uw vingertop plat op een toets of op de schuifregelaar voor het beste resultaat. U hoeft geen druk uit te voeren. De aanraaktoetsen reageren alleen op lichte druk van een vingertop. Bedien de toetsen niet met andere objecten. Na activering van een toets of schuifregelaar klinkt een geluidssignaal.
Inductiegeluiden
Een tikkend geluid
Dit wordt veroorzaakt door de vermogensbegrenzer op de linker- en rechterzones. Ook bij lagere kookstanden kunt u een tikkend geluid horen.
Pannen maken geluid
Pannen kunnen tijdens het koken geluid maken. Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. Bij hoge niveaus is dit bij sommige pannen een heel normaal verschijnsel. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat.
De ventilator maakt geluid
Het toestel is voorzien van een ventilator om de levensduur van de elektronica te verlengen. Als u het toestel intensief gebruikt, wordt de ventilator ingeschakeld om het toestel te koelen en hoort u een zoemend geluid. De ventilator blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld.
Geschikte pannen
Voor inductiekoken moet een pan een dikke vlakke bodem hebben (minimaal 2,25 mm). Gebruik pannen van magnetisch materiaal of pannen met een sandwichbodem. Andere pannen leveren lagere prestaties. Pannen van koper, aluminium of keramisch materiaal zijn niet geschikt.
Gebruik alleen pannen met een vlakke bodem. Een holle of bolle bodem kan de werking van de droogkookbeveiliging belemmeren; het toestel kan dan te warm worden. Dit kan tot schade leiden. Schade, ontstaan door het gebruik van ongeschikte pannen of droogkoken, valt buiten de garantie.
Pannen die op een gaskookplaat zijn gebruikt, zijn niet meer geschikt voor inductiekoken.
Wees voorzichtig met dunne plaatstaal geëmailleerde pannen! Het emaille kan beschadigen op een hoge stand wanneer de pan te droog is. Door te hoge vermogensstanden kan de panbodem gemakkelijk kromtrekken.
Pagina 10
GEBRUIK
Minimale pandiameter
- De diameter van de bodem van de pan moet minimaal 11 cm zijn: Het beste resultaat wordt bereikt met een pan die dezelfde diameter heeft als de kookzone. De kookzone wordt niet ingeschakeld als een pan te klein is.
Let op
Zandkorreltjes kunnen krasjes veroorzaken die niet meer te verwijderen zijn. Zet daarom alleen pannen met een schone bodem op de kookplaat. Wij adviseren om pannen op te tillen en niet te verschuiven over de kookplaat.
Vermogen instellen
De kookzones hebben 9 niveaus. Daarnaast is er nog een boostniveau (P). Stel de kookstand in door de regelaar aan te raken. Bij de eerste aanraking wordt het niveau ingesteld op het deel van de regelaar dat u aanraakt. Door over de regelaar te vegen, verandert u de instelling. De stand wordt hoger wanneer u naar rechts schuift. De stand wordt lager wanneer u naar links schuift. Als u uw vinger van de regelaar haalt, begint de kookzone op de ingestelde stand te verwarmen.
Boostfunctie
U kunt de boostfunctie gebruiken om gedurende een korte periode (maximaal 5 minuten) op het hoogste vermogensniveau te koken. Na het verstrijken van de maximale boosttijd wordt het vermogen verlaagd naar stand 9.
Vermogensbegrenzer
De kookplaat is voorzien van een vermogensbegrenzer. Als het totale vermogen van de actieve kookzones het maximaal beschikbare vermogen overschrijdt, wordt het vermogen automatisch verlaagd. Het display van de kookzone die in vermogen wordt verlaagd knippert eerst; het niveau wordt dan automatisch verlaagd naar het hoogste beschikbare vermogen.
Pandetectie
- Het pandetectiesysteem detecteert automatisch een pan die op een kookzone wordt geplaatst. Het display van deze kookzone licht feller op en de schuifregelaar verschijnt.
- Als de kookplaat, na het instellen van het vermogen, geen (ijzerhoudende) pan detecteert, gaat het symbool voor pandetectie op het display knipperen. De kookzone schakelt na 10 minuten uit.
- Haalt u tijdens het koken een pan van de kookzone af, dan verschijnt het pandetectiesymbool. De kookzone schakelt uit. Het symbool verdwijnt als u de pan weer terug plaatst.
De kookzone schakelt weer in met het eerder ingestelde vermogensniveau.
Pagina 11
GEBRUIK
Kookinstellingen
Aangezien de instellingen afhankelijk zijn van de hoeveelheid en samenstelling van het gerecht in de pan, geldt de onderstaande tabel alleen als richtlijn.
Gebruik de boost-instelling voor:
- snel aan de kook brengen van voedsel of vloeistof;
Gebruik instelling 9 voor:
- aanbraden van vlees;
- bereiden van vis;
- bakken van omeletten;
- bakken van gekookte aardappelen;
- frituren van voedsel.
Gebruik instelling 7 en 8 voor:
- bakken van dikke pannenkoeken;
- bakken van dikke lappen gepaneerd vlees;
- bakken van bacon (vet);
- koken van rauwe aardappelen;
- bakken van wentelteefjes;
- bakken van gepaneerde vis;
- doorkoken van pasta.
Gebruik instelling 4-6 voor:
- doorkoken van grote hoeveelheden;
- ontdooien van harde groenten;
- bakken van dunne (gepaneerde) lappen vlees.
Gebruik instelling 1-3 voor:
- trekken van bouillon;
- stoven van vlees;
- zacht koken van groenten;
- smelten van chocolade;
- pocheren;
- smelten van kaas.
Pagina 12
BEDIENING
Lees het hoofdstuk ‘Voor het eerste gebruik’ zorgvuldig door voordat u begint met koken. Dit voorkomt onjuist gebruik van de kookplaat.
Bereiding starten
Zorg ervoor dat de onderzijde van de pan en het oppervlak van de kookzone schoon en droog zijn.
Gebruik van de aanraaktoetsen en de regelaar
Voor het beste resultaat plaatst u uw vingertop plat op een toets of op de regelaar. U hoeft geen druk uit te voeren. De aanraaktoetsen reageren alleen op lichte druk van een vingertop. Bedien de regelaars niet met andere objecten. Na activering van een toets of de regelaar klinkt er een geluidssignaal. Gebruik de regelaar om een instelling aan te passen.
- 1. Raak de aan/uit-toets aan en houd deze vast totdat u een geluidssignaal hoort. ▷ De kookplaat is nu actief en alle kookzonedisplays geven ‘0’ weer.
De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld als deze gedurende tien seconden niet wordt gebruikt.
- 2. Raak binnen 10 seconden een regelaar aan om een kookstand te kiezen. ▷ De kookzone start automatisch op het ingestelde niveau.
▷ Stel een hoger of lager vermogensniveau in met de schuifregelaar.
De kookstanden instellen
- 1. Raak een regelaar aan.
▷ De kookstand verschijnt op het display.
- 2. Gebruik de regelaar om de kookstand te wijzigen.
Een kookzone uitschakelen
Een kookzone is in gebruik.
- 1. Raak de regelaar aan en schuif hem naar links om de kookstand op nul (0) in te stellen. ▷ De kookzone wordt uitgeschakeld.
▷ De kookplaat wordt na tien seconden uitgeschakeld als alle kookzones op nul (0) staan en geen andere functies worden gebruikt.
Alle kookzones tegelijkertijd uitschakelen
Er zijn een of meer kookzones in gebruik.
- 1. Raak de aan/uit-toets aan en houd deze vast totdat u een geluidssignaal hoort. ▷ Alle displays gaan uit en de kookplaat wordt uitgeschakeld.
Pagina 13
BEDIENING
Boost
U kunt de boostfunctie gebruiken om max. 5 minuten op de hoogste kookstand te koken.
- 1. Raak het einde van de schuifregelaar aan de rechterkant aan om de boostfunctie te selecteren.
▷ ‘P’ verschijnt op het display.
▷ Na het verstrijken van de maximale boosttijd wordt het vermogen verlaagd naar stand 9.
Pandetectiesymbool
Wanneer het symbool voor pandetectie op het display verschijnt:
- hebt u de pan niet op de juiste kookzone geplaatst;
- is de gebruikte pan niet geschikt voor inductiekoken;
- is de pan te klein of niet goed op de kookzone geplaatst.
▷ De kookzone werkt niet totdat er een geschikte pan op de kookzone is geplaatst.
De eierwekker gebruiken
De eierwekker is niet aan een kookzone gekoppeld. De eierwekker schakelt de kookzone niet uit.
De kookplaat is ingeschakeld (en het is mogelijk dat kookzones actief zijn).
- 1. Raak gelijktijdig de mintoets (-) en de plustoets (+) aan om de timer in te schakelen. ▷ Op het display van de timer wordt “0.00” weergegeven en het timersymbool voor de eerste actieve kookzone vanaf links verschijnt.
▷ Als er geen actieve kookzones zijn, verschijnt het timersymbool van de eierwekker.
- 2. Raak gelijktijdig de mintoets (-) en de plustoets (+) zo vaak als nodig is aan om het timersymbool van de eierwekker te selecteren.
▷ Het timersymbool van de eierwekker licht sterker op dan de overige.
- 3. Raak binnen 10 seconden de mintoets (-) of plustoets (+) aan om een tijd in te stellen (van 1 minuut tot 1 uur en 59 minuten).
▷ Raak de plustoets (+) aan om een langere tijd in te stellen.
▷ Raak de mintoets (-) aan om een kortere tijd in te stellen.
- 4. De kookwekker is ingesteld.
▷ Het timeralarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken.
▷ Raak de mintoets (-) of plustoets (+) aan om het alarm te stoppen.
Pagina 14
BEDIENING
De timer gebruiken
De timer is gekoppeld aan een kookzone. Nadat de ingestelde tijd is verstreken schakelt de kookzone automatisch uit.
- 1. Schakel de kookplaat in en selecteer een kookzone en kookstand.
- 2. Raak gelijktijdig de mintoets (-) en de plustoets (+) aan om de timer in te schakelen. ▷ Op het display van de timer wordt “0.00” weergegeven en het timersymbool voor de eerste actieve kookzone vanaf links verschijnt.
- 3. Raak gelijktijdig de mintoets (-) en de plustoets (+) zo vaak als nodig is aan om het timersymbool van de (actieve) kookzone te selecteren waarvoor u de tijd wilt instellen. ▷ Het timersymbool voor de actieve kookzone licht sterker op dan de overige.
- 4. Raak binnen 10 seconden de mintoets (-) of plustoets (+) aan om een kookduur in te stellen (van 1 minuut tot 1 uur en 59 minuten).
▷ Raak de plustoets (+) aan om een langere tijd in te stellen.
▷ Raak de mintoets (-) aan om een kortere tijd in te stellen.
- 5. De timer is ingesteld.
▷ De kookzone wordt uitgeschakeld nadat de ingestelde tijd is verstreken.
▷ Het timeralarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken.
▷ Raak de mintoets (-) of plustoets (+) aan om het alarm te stoppen.
Vooraf ingestelde kookduur wijzigen
U kunt de kookduur op elk gewenst moment wijzigen.
- 1. Raak gelijktijdig de mintoets (-) en de plustoets (+) zo vaak als nodig is aan om het timersymbool van de (actieve) kookzone te selecteren waarvoor u de tijd wilt aanpassen. ▷ De zone wordt aangegeven door weergave van het timersymbool. Het timersymbool voor de actieve kookzone licht sterker op dan de overige.
- 2. Raak de plustoets (+) of mintoets (-) aan om de tijd te wijzigen.
▷ Als u de tijd niet binnen 5 seconden wijzigt door op de ‘+’ of ‘-’ toets te drukken, blijft de oorspronkelijke kookduur ongewijzigd.
De resterende kookduur controleren
Het timerdisplay toont altijd de timer met de kortste tijd (het timersymbool brandt feller dan de andere symbolen).
- 1. Raak gelijktijdig de mintoets (-) en de plustoets (+) zo vaak als nodig is aan om het timersymbool van de (actieve) kookzone te selecteren waarvoor u de tijd wilt bekijken. ▷ Op de timer wordt de resterende tijd van de geselecteerde kookzone weergegeven.
De timer uitschakelen (voordat de ingestelde tijd is verstreken)
- 1. Raak gelijktijdig de mintoets (-) en de plustoets (+) zo vaak als nodig is aan om het timersymbool van de (actieve) kookzone te selecteren waarvoor u de timer wilt uitschakelen.
- 2. Raak de mintoets (-) aan om de tijd in te stellen op “0.00”.
▷ Het timersymbool verdwijnt.
Pagina 15
BEDIENING
Kinderslot
U kunt de kookplaat vergrendelen om onbedoeld gebruik te voorkomen (bijvoorbeeld kinderen die de kookplaat per ongeluk inschakelen).
De kookplaat is ingeschakeld, maar er zijn geen kookzones actief.
- 1. Raak de vergrendeltoets aan totdat u een geluidssignaal hoort.
▷ Het indicatielampje boven de vergrendeltoets gaat aan.
▷ De kookplaat is nu vergrendeld en schakelt automatisch uit na 10 seconden.
- 2. Om de vergrendeling op de heffen schakelt u de kookplaat in.
- 3. Raak weer de vergrendeltoets aan totdat u een geluidssignaal hoort. ▷ Het indicatielampje boven de vergrendeltoets gaat uit.
▷ De kookplaat wordt ontgrendeld.
Vergrendelfunctie
Door de vergrendelfunctie te activeren, kunt u de toetsen vergrendelen tijdens het gebruik van de kookplaat. Alleen de aan-/uittoets en de vergrendeltoets zijn actief.
De kookplaat is ingeschakeld.
- 1. Raak de vergrendeltoets aan totdat u een geluidssignaal hoort. ▷ Het indicatielampje boven de vergrendeltoets gaat aan. ▷ De vergrendelfunctie is geactiveerd.
Als de kookplaat wordt uitgeschakeld wanneer de vergrendelfunctie is geactiveerd, blijft deze in het geheugen totdat de kookplaat weer wordt ingeschakeld.
Wanneer de eierwekker of timers actief zijn, kan het alarm worden uitgeschakeld door de mintoets (-) of plustoets (+) aan te raken. U hoeft de kookplaat niet te ontgrendelen.
- 2. Om de vergrendelfunctie op te heffen schakelt u de kookplaat in.
- 3. Raak weer de vergrendeltoets aan totdat u een geluidssignaal hoort. ▷ Het indicatielampje boven de vergrendeltoets gaat uit. ▷ De vergrendelfunctie is gedeactiveerd.
Pagina 16
BEDIENING
De warmhoudfunctie inschakelen
De warmhoudfunctie is bedoeld om voedsel na het koken warm te houden. Het kan ook gebruikt worden als smelt- of sudderfunctie.
- 1. Raak de warmhoudtoets van een kookzone aan om de warmhoudfunctie te activeren. ▷ Het warmhoudsymbool wordt boven de warmhoudtoets weergegeven.
- 2. Raak de warmhoudtoets nogmaals aan om de warmhoudfunctie te deactiveren.
De automatische opwarmfunctie inschakelen
Met deze functie wordt de kookzone op het hoogste niveau ingesteld zodat uw pan snel op de gewenste temperatuur is. Na verloop van een bepaalde tijd keert het vermogensniveau weer terug naar het ingestelde vermogen. Deze functie is beschikbaar voor vermogensniveau 1 t/m 8.
| Vermogensniveau | Opwarmtijd (seconden) |
|---|---|
| 1 | 40 |
| 2 | 72 |
| 3 | 120 |
| 4 | 176 |
| 5 | 256 |
| 6 | 432 |
| 7 | 120 |
| 8 | 192 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Raak de schuifregelaar ten minste 3 seconden op het gewenste niveau aan (van 1 t/m 8). ▷ In het display verschijnt een ‘A’ afgewisseld met het geselecteerde vermogensniveau. Na afloop van de automatische opwarmtijd schakelt de kookzone automatisch over naar het gekozen niveau, dat permanent op het display wordt weergegeven.
- 3. Stop de automatische opwarmfunctie door de schuifregelaar aan te raken om een ander vermogen in te stellen.
Pauzefunctie
U kunt het koken pauzeren in plaats van de kookplaat uit te zetten. Deze functie stopt de kookactiviteit tijdelijk (max. 10 minuten); timers worden ook gepauzeerd. De kookplaat gaat uit als de pauzefunctie niet binnen 10 minuten wordt uitgeschakeld.
Pagina 17
BEDIENING
Minimaal één kookzone is actief.
- 1. Raak de pauzetoets aan totdat u een geluidssignaal hoort.
▷ Het indicatielampje boven de pauzetoets gaat aan.
▷ Alle displays tonen het pauzesymbool.
▷ De pauzefunctie is geactiveerd.
- 2. Om de functie te deactiveren, raakt u nogmaals de pauzetoets aan.
▷ De schuifregelaar uiterst rechts gaat branden.
- 3. Schuif binnen 5 seconden vanaf links naar rechts over de rechter schuifregelaar. ▷ Het indicatielampje boven de pauzetoets gaat uit.
▷ De pauzefunctie is gedeactiveerd.
▷ De instellingen van vóór de pauze worden hersteld.
Herstelfunctie
Als de kookplaat met de aan/uit-toets per ongeluk werd uitgeschakeld, kunnen alle instellingen worden teruggezet met behulp van de herstelfunctie.
- 1. Raak binnen 6 seconden de aan/uit-toets aan en houd deze 2 seconden vast. ▷ De pauzetoets knippert.
- 2. Raak nu onmiddelijk de pauzetoets aan.
▷ De vorige instellingen zijn weer actief.
Chef Cook functie
Deze functie is handig voor professioneel koken. Hiermee kunt u koken zonder dat u de schuifregelaars hoeft te gebruiken. Verplaats de pannen over de kookplaat en op verschillende plaatsen krijgen de pannen verschillende vermogensniveaus. De kookplaat gaat uit als de Chef Cook functie niet binnen 2 uur wordt uitgeschakeld.
De Chef Cook functie heeft vooraf ingestelde vermogensniveaus voor alle kookzones; linksvoor 3, linksachter 5, rechtsvoor 8, rechtsachter 6. Deze niveaus kunnen worden gewijzigd met de schuifregelaar van elke zone. Wanneer de functie wordt gedeactiveerd, worden de zones uitgeschakeld (stand 0) en schakelt de kookplaat na 10 seconden uit.
Let op
Zandkorreltjes kunnen krasjes veroorzaken die niet meer te verwijderen zijn. Zet daarom alleen pannen met een schone bodem op de kookplaat. Wij adviseren om pannen op te tillen en niet te verschuiven over de kookplaat.
Pagina 18
BEDIENING
- 1. Raak de pauzetoets en de plustoets (+) tegelijkertijd aan.
▷ Op het display van de timer wordt “CHF” weergegeven.
▷ De Chef Cook functie is actief; op elk kookzonedisplay wordt het vooraf ingestelde vermogensniveau weergegeven.
- 2. Om de functie te deactiveren, raakt u nogmaals de pauzetoets en de plustoets (+) tegelijkertijd aan.
Als alle zones tijdens de Chef Cook functie op stand 0 worden ingesteld, schakelt de kookplaat na 10 seconden uit.
Er kan geen timer gekoppeld worden aan een kookzone tijdens het gebruik van de Chef Cook functie.
Pagina 19
VERMOGENSBEGRENZER
Vermogensbegrenzer
Het instellen van de vermogensbegrenzer mag alleen worden uitgevoerd door een erkende en gekwalificeerde installateur. Lees de veiligheidsvoorschriften en de installatie-instructies zorgvuldig door.
De kookplaat is voorzien van een vermogensbegrenzer. Als het totale vermogen van de actieve kookzones het maximaal beschikbare vermogen overschrijdt, wordt het vermogen automatisch verlaagd. Het display van de kookzone die in vermogen wordt verlaagd knippert eerst; het niveau wordt dan automatisch verlaagd naar het hoogste beschikbare vermogen.
De begrenzer is af fabriek ingesteld op 7400 W, maar het is mogelijk om deze instelling te wijzigen (zie tabel).
| Positie van de schuifregelaar | Instelling van de vermogensbegrenzing |
|---|---|
| 0 - 8 | 7400 W (totaal) |
| 1 | 1000 W (totaal) |
| 2 | 1500 W (totaal) |
| 3 | 2800 W (totaal) |
| 4 | 3500 W (totaal) |
| 5 | 3700 W (totaal) |
| 6 | 4500 W (totaal) |
| 7 | 6000 W (totaal) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
- 1. Sluit de kookplaat aan op het elektriciteitsnet.
- 2. Raak binnen twee minuten tegelijkertijd de vergrendeltoets en de pauzetoets aan totdat u een geluidssignaal hoort.
▷ U bent in het Servicemenu gekomen.
- 3. Raak de twee verlichte schuifregelaars aan totdat u een tweede geluidssignaal hoort. ▷ Het timerdisplay toont ‘CF6’.
- 4. Raak de pauzetoets aan.
▷ Het timerdisplay toont ‘PHA’.
▷ Een kookzonedisplay toont het vermogensniveau.
- 5. Gebruik de schuifregelaar om het gewenste vermogensniveau te selecteren.
- 6. Raak nogmaals tegelijkertijd de vergrendeltoets en de pauzetoets aan om de instelling te bevestigen.
▷ De kookplaat schakelt uit.
Raak de aan-/uittoets aan om het servicemenu te verlaten zonder wijzigingen aan te brengen.
Pagina 20
ONDERHOUD
Reiniging
Activeer het kinderslot voordat u begint met het reinigen van de kookplaat. Wij raden u aan het apparaat na elk gebruik te reinigen. Zo voorkomt u dat overgekookt eten de glasplaat kan beschadigen.
Dagelijkse reiniging
- 1. Gebruik een vochtige doek en een mild reinigingsmiddel (afwasmiddel) om het toestel te reinigen.
- 2. Droog het toestel af met een stukje keukenrol of een doek.
Sterk vervuild glas
- 1. Verwijder resten van voedsel, verbrand vet, suiker of hardnekkige vlekken direct met een schraper van de kookplaat, zelfs als de kookplaat nog heet is! Suiker en/of andere voedselresten kunnen het glaskeramische oppervlak blijvend beschadigen.
- 2. Nadat u de hardnekkige vlekken van het glas hebt verwijderd, voert u de stappen van de dagelijkse reiniging uit om de kookplaat schoon te maken.
- 3. Als het reinigingsresultaat niet naar wens is, kunt u de bovenstaande reinigingsstappen zo vaak als nodig herhalen.
Gebruik geen bijtende reinigingsmiddelen; deze kunnen krassen veroorzaken. Gebruik geen staalwol, schuursponsjes of andere scherpe voorwerpen om het apparaat te reinigen.
De kookplaat kan door het kookproces nog steeds erg heet zijn! Raak het oppervlak niet rechtstreeks aan. Gebruik indien gewenst ovenwanten om verbranding te voorkomen tijdens het schoonmaken direct na het koken.
Pagina 21: zie Storingen hierboven.
Pagina 22: zie hierboven.
Pagina 23: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 24: zie hierboven.