Pelgrim MAG565ALU, tekst van de handleiding
Pagina's 5–31 van 42 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 32 →
Pagina's 1–4: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 5
Toestelbeschrijving Voorwoord
Toestel
A grill element
B bedieningspaneel
C afscherming uitgang microgolven D pin draaiplateau
E binnenkant ovendeur
Toebehoren
F laag rooster
G hoog rooster
H draaiplateau
I ring voor draaiplateau L rechthoekig rooster
Bedieningspaneel
- 1. display tijd en functie
- 2. display oventemperatuur
- 3. "function"-toets: functiekeuze
- 4. "°C"-toets: keuze oventemperatuur
- 5. "Watt"-toets: keuze magnetronvermogen
- 6. " "-toets: instellen klok
- 7. voorgeprogrammeerde functietoets
- 8. voorgeprogrammeerde functietoets
- 9. voorgeprogrammeerde functietoets
- 10. voorgeprogrammeerde functietoets
- 11. voorgeprogrammeerde functietoets
- 12. "stop/clear"-toets: afbreken kook-/bakproces en wissen ingestelde waarden
- 13. "start"-toets: starten kook-/bakproces en direct start
- 14. "time"-knop: draaiknop voor instellen dagtijd en bereidingstijd
- 15. blokkeren draaiplateau
De bediening van deze combi-magnetron is eenvoudig. Met deze handleiding willen we vooral inzicht geven in alle mogelijkheden van dit toestel.
In het hoofdstuk bediening zijn de verschillende functies overzichtelijk gerangschikt. Er zijn ook tips opgenomen waarmee u uw voordeel kunt doen.
Bewaar deze handleiding zorgvuldig zodat een eventuele volgende gebruiker er ook zijn voordeel mee kan doen.
Veel kookplezier!
Pagina 6
Inleiding
Koken in uw nieuwe magnetron is veilig en
comfortabel. U zet binnen een handomdraai
de lekkerste gerechten op tafel.
Het toestel is uiterst simpel te bedienen,
mede dankzij de automatische kook- en
ontdooiprogramma's.
De magnetron laat zich bovendien eenvoudig
reinigen.
Inhoudsopgave
I
I
I
I
I
I
I
I
I
I
I
I
Veiligheid . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 - 4
Waar u op moet letten . . . . . . . . . . . . . . . 2
Plaatsen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 - 7
Inbouwen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
Aansluiting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
Elektrische aansluiting . . . . . . . . . . . . . . . 8
Werking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
Hoe werkt de magnetron . . . . . . . . . . . . . 8
Voor gebruik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9
Vóór het eerste gebruik . . . . . . . . . . . . . . 9
Waar u op moet letten . . . . . . . . . . . . . . . 9
Bediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10 - 20
Klok . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
Koken / bakken / grillen . . . . . . . . . . . . . 11
Ontdooien . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
Automatisch ontdooien en koken . . . . . 16
Automatisch koken . . . . . . . . . . . . . . . . . 17
Snelstart . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18
Slot. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18
Draaiplateau blokkeren . . . . . . . . . . . . . 19
Kookwekker . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20
Kooktips . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 21 - 23
Magnetron – verwarmen en koken . . . . 21
Ontdooien . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22
Factoren die van invloed zijn op het kookproces . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22
Magnetron basistechnieken . . . . . . . . . 23
Kooktabellen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23 - 33
Magnetronvermogens . . . . . . . . . . . . . . 23
Opwarmen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24
Koken van groente . . . . . . . . . . . . . . . . . 25
Rijst en deegwaren . . . . . . . . . . . . . . . . . 27
Vlees . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28
Vis . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 29
Gebak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30
Ontdooien . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31
Automatisch koken . . . . . . . . . . . . . . . . . 33
Onderhoud . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34
Houd uw toestel mooi . . . . . . . . . . . . . . . 34
Storingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 35
Storingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 35
Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . 35
Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . 35
Verpakking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 36
Verpakking en toestel afvoeren . . . . . . . 36
Pagina 7
Waar u op moet letten
I Dit toestel mag alleen door een erkend installateur worden aangesloten.
I Reparaties mogen alleen door een bevoegd servicemonteur worden uitgevoerd.
❘I Deze combi-magnetron is ontworpen voor huishoudelijk gebruik. Gebruik hem alleen voor het bereiden van gerechten en alleen wanneer het toestel is ingebouwd conform de voorschriften.
I Kinderen zien de gevaren niet die kunnen ontstaan bij het bedienen van elektrische apparatuur. Laat de magnetron derhalve niet door kinderen bedienen.
I Gebruik de magnetron niet als er beschadigingen zijn aan de deur (verbogen), het hang- en sluitwerk (defect of los) of de afdichting. Indien het snoer beschadigd is moet dit vervangen worden door een bevoegd servicemonteur.
I Wees voorzichtig met snoeren van elektrische apparaten, zoals van een mixer. Deze kunnen bekneld raken tussen de deur van de hete combi-magnetron.
I Gebruik de combi-magnetron niet voor het opbergen van brandgevaarlijke of licht vervormbare materialen.
I In verband met de elektrische veiligheid mag het toestel niet met hogedrukreinigers of stoomreinigers schoongemaakt worden.
I Bij schoonmaakbeurten moet het toestel spanningsloos gemaakt worden. Neem de stekker uit de contactdoos of draai de schakelaar in de meterkast op nul.
Tijdens het grillen of bakken
I Het toestel wordt heet tijdens het gebruik. Wees voorzichtig. Raak de verwarmingselementen in de oven niet aan.
I Bij het bereiden van gerechten die alcohol bevatten kan de alcohol door de hoge temperaturen verdampen. De damp kan vlam vatten als het in aanraking komt met een heet verwarmingselement.
I Zorg ervoor dat gerechten altijd voldoende verhit worden. De tijd die daarvoor nodig is, hangt van vele factoren af, zoals de hoeveelheid en het soort gerecht. De eventueel in het voedsel aanwezige bacteriën worden alleen gedood als het voedsel minimaal 10 minuten bij een temperatuur hoger dan 70 °C verhit wordt. Laat het voedsel wat langer garen als u niet zeker weet of het voedsel genoeg verhit is.
I Verwarm nooit gesloten conservenblikken. Er ontstaat een overdruk in het blik, waardoor het kan exploderen.
I Wanneer u voedsel verhit in papieren of plastic bakjes, controleer dan regelmatig de oven in verband met de mogelijkheid tot ontbranding.
Pagina 8
Tijdens het gebruik van de magnetron
I Zet een kunststof lepeltje in het kopje als u vloeistof (bijvoorbeeld water) wilt koken. Het kan namelijk gebeuren dat de vloeistof kookt zonder dat u belletjes ziet. Zodra u het kopje uit de oven neemt, kan de vloeistof opeens heftig gaan koken en uit het kopje spatten, met het risico dat u zich brandt.
I De inhoud van zuigflessen en potjes babyvoeding moet geschud en geroerd worden. Controleer de temperatuur voor consumptie om verbranding te voorkomen.
I Een magnetron is alleen veilig als de deur goed sluit!
I Plaats nooit een voorwerp tussen de deur van de combi-oven en zorg dat de deur en de afdichting altijd schoon zijn.
I Wanneer de deur of de afdichting beschadigd is, mag de oven niet gebruikt worden totdat de oven gerepareerd is door een bevoegd servicemonteur.
I Gebruik de magnetron alleen voor het ontdooien en bereiden van voedsel en niet voor bijvoorbeeld het drogen van kleding of papier. Deze stoffen kunnen vlamvatten.
I Als u kleine hoeveelheden droge of poedervormige producten in de magnetron verwarmt (zoals bij het drogen van kruiden) bestaat de kans op zelfontbranding.
I Schakel de magnetron uit en neem de stekker uit het stopcontact indien iets in de combi-oven vlam vat. Houd de ovendeur dicht.
I Schakel de magnetron niet in als de combioven leeg is. De oven kan beschadigd raken.
I Een magnetron is niet geschikt voor:
- inmaken van voedsel;
- eieren in de schaal koken, deze spatten uit elkaar door de druktoename;
- verhitten van frituurolie.
I Verwijder metalen sluitstrips van plastic zakken en gebruik schalen en schotels die geschikt zijn voor de magnetron.
I Vloeistoffen in luchtdichte verpakking mag u alleen opwarmen indien u een paar gaatjes in de verpakking prikt. Dit in verband met toename van de druk tijdens het opwarmen.
I Als de magnetron ingeschakeld is, mag de deur geopend worden; de magnetron schakelt automatisch uit en de ingestelde tijd wordt stilgezet.
Pagina 9
I Niet alle materialen kunnen in de combimagnetron. In de onderstaande tabel is aangegeven welke materialen u wel en niet kunt gebruiken.
Materiaal Magnetron Combinatie Hetelucht Grill papier ja* nee nee nee aluminiumfolie ja** ja** ja ja huishoudfolie ja nee nee nee aluminium bakjes nee nee ja ja diepvries / magnetron servies ja nee nee nee hittebestendig plastic ja nee nee nee ongeglazuurd aardewerk nee nee ja ja metalen kookgerei nee nee ja ja normaal glas ja nee nee nee ovenvast glas en keramiek ja ja ja ja metaalhoudende sierrand nee nee ja ja metalen sluitstrip nee nee ja nvt kwikthermometer nee nee ja ja fles met een nauwe hals nee nvt nvt nvt braadzakken ja ja ja nee
* Gebruik niet-gedecoreerd keukenpapier voor het afdekken van een schaal of onder brood bij het ontdooien.
** Door dunnere gedeelten van gerechten (zoals kippenpoten) af te dekken voorkomt u dat ze te snel garen.
Pagina 10
Inbouwen
In de ovenruimte bevindt zich een plastic zak met bevestigingsmaterialen. Haal deze zak uit de oven.
- 1. Verwijder de twee schroeven "X" uit het bevestigingsprofiel onder de magnetron.
- 2. Bevestig de metalen strip "A" met de twee zojuist verwijderde schroeven "X".
A
Het toestel heeft voldoende ventilatie nodig. Maak hiervoor een opening in de plint van tenminste 280 cm².
X
X
Pagina 11
B
- 3. Monteer het bevestigingsprofiel "B" op de juiste positie in de nis. Zorg ervoor dat aan beide zijden van het bevestigingsprofiel evenveel vrije ruimte blijft. Zet het profiel vast met de schroeven "H".
B
Monteer het bevestigingsprofiel zodanig dat de twee lipjes over de rand van de nisbodem steken en er aan de voorzijde tegenaan liggen.
Pagina 12
4. Open het deksel van de rookafvoer "C"
5. Schuif het toestel in de nis. Schuif de
geheel.
voorzijde van het toestel over het bevestigingsprofiel "B". Blijf schuiven totdat het ovenfront "G" tegen de kast rust en de gaten "D" onder de oven in één lijn liggen met de gaten "E" in het bevestigingsprofiel "B".
6. Bevestig het toestel op het bevestigingsprofiel "B" met de schroeven "F".
Let op: de stekker van het toestel moet te allen tijde bereikbaar blijven.
Pagina 13
Elektrische aansluiting Hoe werkt de magnetron
Voor dit apparaat is een netvoeding vereist van 230 V, 50 Hz wisselstroom.
Het toestel moet altijd geaard zijn en mag onder geen beding aangesloten worden op een gelijkstroomvoeding.
Plaats het toestel in de buurt van een wandcontactdoos met randaarde.
Een magnetron is een kooktoestel waarbij voedsel door middel van micro-golven wordt verhit.
Micro-golven zijn elektromagnetische golven, net zoals radio- en tv-golven. Een radio zet deze golven om in geluid. In een magnetron worden de golven omgezet in warmte.
De warmte ontstaat doordat de micro-golven water- en vetmoleculen, die altijd in voedsel aanwezig zijn, snel laten bewegen. Hierdoor schuren de moleculen snel langs elkaar heen en ontstaat er wrijving. En wrijving veroorzaakt warmte (wrijf maar eens snel met uw handen langs elkaar).
De magnetron verhit voedsel zeer intensief, omdat de golven direct het voedsel binnendringen. De golven verwarmen dus niet alleen de buitenkant van het gerecht, zoals bij de traditionele manier van koken het geval is, maar dringen er in door. Ten opzichte van de conventionele manier van koken is de bereidingstijd bij kleine hoeveelheden veel korter.
Pagina 14
Vóór het eerste gebruik
I Open de deur en verwijder het verpakkingsmateriaal.
I Reinig de ovenruimte en het toebehoren met een vochtige doek. Gebruik geen schuurmiddel of sterk geurende schoonmaakmiddelen.
I Schakel de hetelucht-functie één uur lang in op 220 °C (zie pagina 11, Koken). Tijdens de fabricage gebruikte beschermingsvetten worden dan verwijderd.
Opmerking:
Als de oven voor de eerste keer sterk verhit wordt, zult u een "nieuwigheidsluchtje" ruiken. Dit is normaal. Schakel eventueel de wasemkap in of open een raam.
I Plaats de geleidering in het midden van de ovenruimte. Leg het draaiplateau op de geleidering.
I De magnetron mag niet gebruikt worden zonder geleidering en draaiplateau.
I Schakel de magnetron niet in als deze leeg is. De oven kan beschadigd raken.
I Test de magnetron op juiste werking. Plaats een glas water in de ovenruimte. Schakel de magnetron één minuut in op de hoogste stand (zie pagina 11, Koken). Het water moet na afloop heet zijn.
Let op:
Als u vloeistof (bijvoorbeeld water) wilt koken,
zet dan een kunststof lepeltje in het kopje. Het kan gebeuren dat de vloeistof kookt zonder dat u belletjes ziet. Zodra u het kopje uit de oven haalt, kan de vloeistof opeens heftig gaan koken en uit het kopje spatten met het risico dat u zich brandt.
Als u kleine hoeveelheden poedervormige producten in de magnetron verwarmt (zoals bij het drogen van kruiden) bestaat de kans op zelfontbranding.
Mocht er brand in de magnetron ontstaan, houd dan de deur gesloten, schakel de magnetron uit en maak het toestel stroomloos.
Waar u op moet letten
I Gebruik zo weinig mogelijk water bij de voedselbereiding en wees zuinig met zout.
I Gerechten halverwege de bereidingstijd roeren of keren.
I Prik met een vork of ander puntig voorwerp even in het vel van vlees, kip of vis.
Hiermee voorkomt u dat deze gerechten gaan spetteren.
I Houd als stelregel aan dat bij gebruik van de magnetron een verdubbeling van de hoeveelheid een verdubbeling van de kooktijd inhoudt.
I Gerechten afdekken voorkomt spetteren, verkort de gaartijd en helpt de vochtigheidsgraad te behouden.
Pagina 15
Klok
De klok loopt zolang de oven op de netspanning is aangesloten. Wanneer er geen tijd is ingesteld, geeft het grote display vier liggende streepjes (----) weer.
Klok instellen
- 1. Druk op .
In het grote display knippert de urenweergave.
- 2. Stel met de draaiknop het gewenste uur in. In het grote display knippert het ingestelde uur.
- 3. Druk op .
In het grote display knippert de minutenweergave.
- 4. Stel met de draaiknop het aantal minuten in. In het grote display knippert het ingestelde aantal minuten.
- 5. Druk nogmaals op .
Het grote display toont de ingestelde tijd.
Tijdsinstelling veranderen nadat de klok is ingesteld
- 1. Druk op .
Volg de hierboven beschreven procedure vanaf punt 2.
Pagina 16
Koken / bakken / grillen
| symbool | x drukken 1x | functie magnetron |
|---|---|---|
| 2x | ontdooien | |
| + | 3x | magnetron + hetelucht |
| + | 4x | magnetron + grill |
| 5x | hetelucht | |
| 6x | grill | |
| – – – | 7x | kookwekker |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
- 1. Selecteer de gewenste ovenfunctie door zo vaak als nodig op "function" te drukken. Boven het grote display licht het symbool op van de gekozen functie.
In de tabel hieronder worden de functies + maximaal instelbare bereidingstijden weergegeven.
max. instelbare tijd max. vermogen/temp.
60 min. 1000 W 60 min. - 60 min. 1000 W + 220 °C 60 min. 1000 W + - 99 min. 225 °C 60 min. - 60 min. -
- 2. Stel met de draaiknop de gewenste bereidingstijd in.
In het grote display wordt de ingestelde bereidingstijd weergegeven.
Lees eerst de kooktabellen op pag. 23-33 voordat u een bereidingstijd instelt.
- 3. Bij de functies magnetron, magnetron + hetelucht en magnetron + grill het gewenste magnetronvermogen kiezen door zo vaak als nodig op "Watt" te drukken. Boven het kleine display knippert het geselecteerde magnetronvermogen.
Let op:
- Bij de automatische ontdooifunctie kan geen magnetronvermogen geselecteerd worden.
Pagina 17
Koken / bakken / grillen (vervolg)
Opmerkingen:
- Bij de combinatiestand magnetron + hetelucht kan een magnetronvermogen van maximaal 750 W ingesteld worden.
- U kunt het magnetronvermogen tijdens het kookproces aanpassen door zo vaak als nodig op "Watt" te drukken.
- 4. Bij de functies hetelucht en magnetron + hetelucht de gewenste oventemperatuur kiezen door zo vaak als nodig op "°C" te drukken.
In het kleine display wordt de ingestelde temperatuur weergegeven.
Lees eerst de kooktabellen op pag. 23 - 33 voordat u een bereidingstijd instelt.
Opmerkingen:
- Nadat de functie hetelucht of magnetron + hetelucht is ingeschakeld wordt in het kleine display de werkelijke oventemperatuur weergegeven.
- Bij het bereiken van de ingestelde temperatuur hoort u een geluidssignaal. In het kleine display wordt de ingestelde oventemperatuur weergegeven.
- U kunt de oventemperatuur tijdens het kookproces aanpassen door zo vaak als nodig op "°C" te drukken.
Pagina 18
Koken / bakken / grillen (vervolg)
- 5. Druk op "start".
De programmaduur verschijnt in het grote display.
Als de functie magnetron + hetelucht of alleen hetelucht was geselecteerd verschijnt in het kleine display de actuele oventemperatuur.
De magnetron is ingeschakeld.
Let op:
- Als, om welke reden dan ook, het kookproces niet start worden na twee minuten alle instellingen gereset.
- 6. Aan het eind van de bereidingstijd klinkt een geluidssignaal.
Het woord "end" verschijnt in het grote display.
- 7. Open de deur en haal het gerecht uit de oven.
De actuele tijd verschijnt in het grote display. Of, wanneer de oven heet is, het woord "cool".
Let op:
- Dit toestel is voorzien van een automatische koeling. Het toestel kan, door bijvoorbeeld een lange bereidingstijd, heet worden. In dat geval verschijnt na afloop van het kookproces het woord "cool" in het display. Ventilator, ovenlamp en draaiplateau schakelen automatisch in. Nadat het toestel is afgekoeld schakelt de koeling automatisch uit.
Pagina 19
Koken / bakken / grillen (vervolg)
Opmerkingen:
- U kunt het gerecht tijdens het kookproces controleren. Wanneer u de deur opent blijven de gemaakte instellingen en resterende bereidingstijd bewaard. Sluit de deur en druk op "start" om met koken verder te gaan.
- Druk op "stop/clear" om het kookproces te onderbreken zonder de deur te openen. Druk op "start" om met koken verder te gaan.
- Beëindig het kookproces door:
- bij geopende deur één keer op "stop/clear" te drukken.;
- bij gesloten deur twee keer op "stop/clear" drukken. Het grote display toont de actuele tijd.
Pagina 20
Ontdooien
- 1. Selecteer de ontdooifunctie door twee keer op "function" te drukken Boven het grote display licht op.
U vindt meer informatie over ontdooien in de kooktabel op pag. 31.
- 2. Stel met de draaiknop de gewenste ontdooitijd in.
In het grote display wordt de ingestelde ontdooitijd weergegeven.
- 3. Druk op "start".
De magnetron is ingeschakeld.
Opmerking:
De ontdooitijd kan gedurende het programmaverloop niet aangepast worden.
- 4. Aan het eind van de bereidingstijd klinkt een geluidssignaal.
Het woord "end" verschijnt in het grote display.
- 5. Open de deur en haal het gerecht uit de oven.
De actuele tijd verschijnt in het grote display.
Pagina 21
Automatisch ontdooien en koken
+
- 1. Selecteer de ontdooifunctie door twee keer op "function" te drukken Boven het grote display licht op.
- 2. Stel met de draaiknop de gewenste ontdooitijd in.
In het grote display wordt de ingestelde ontdooitijd weergegeven.
- 3. Selecteer de gewenste ovenfunctie (in dit voorbeeld magnetron + hetelucht) door zo vaak als nodig op "function" te drukken. Boven het grote display licht het symbool op van de gekozen functie.
- 4. Stel met de draaiknop de gewenste bereidingstijd in.
Stel, indien van toepassing, het magnetronvermogen of de oventemperatuur in.
In het grote display wordt de ingestelde bereidingstijd weergegeven.
Boven het kleine display knippert het geselecteerde magnetronvermogen.
Boven het kleine display licht het geselecteerde magnetronvermogen op.
- 5. Druk op "start".
U hoort een geluidssignaal wanneer het toestel van het ontdooi- naar het kookprogramma overschakelt.
Pagina 22
Automatisch koken
- 6. Aan het eind van de bereidingstijd klinkt een geluidssignaal.
Het woord "end" verschijnt in het grote display.
- 7. Open de deur en haal het gerecht uit de oven.
De actuele tijd verschijnt in het grote display.
- 1. Druk zo vaak als nodig op de gewenste voorgeprogrammeerde functietoets , , , of .
In het grote display knippert de bereidingstijd. In het kleine display knippert de oventemperatuur.
Boven het grote display licht de ingeschakelde functie op.
Boven het kleine display licht het ingestelde magnetronvermogen op.
U vindt meer informatie over automatisch koken in de kooktabel op pag. 33.
- 2. Druk op "start".
De magnetron is ingeschakeld.
- 3. Aan het eind van de bereidingstijd klinkt een geluidssignaal.
Het woord "end" verschijnt in het grote display.
- 4. Open de deur en haal het gerecht uit de oven.
De actuele tijd verschijnt in het grote display.
Pagina 23
Snelstart
Deze functie is handig voor het verwarmen van kleine hoeveelheden.
U kunt de snelstartfunctie alleen gebruiken als u deze, binnen één minuut nadat het gerecht in de oven is gezet, activeert.
- 1. Druk op "start".
De magnetron schakelt gedurende 30 seconden in op maximaal vermogen.
Door herhaaldelijk op "start" te drukken verlengt u de kooktijd in stappen van 30 seconden. U kunt tot maximaal 3 minuten kooktijd instellen.
Opmerking:
- De snelstartfunctie kan ook gebruikt worden om gerechten die nog niet helemaal klaar zijn af te maken.
De magnetron is uitgerust met een slot. Hiermee kunt u de gemaakte instellingen vastzetten. Zodoende voorkomt u dat bereidingstijden per ongeluk verlengd worden (en gerechten verbranden).
Op slot:
- 1. Houd "stop/clear" 5 seconden ingedrukt.
U hoort een geluidssignaal en de gemaakte instellingen kunnen niet meer veranderd worden.
Vergeet niet na afloop van de bereiding het slot uit te schakelen.
Van slot:
- 1. Houd "stop/clear" ingedrukt totdat er een geluidssignaal klinkt.
Slot
Pagina 24
Draaiplateau blokkeren
Blokkeer het draaiplateau wanneer u vierkante of langwerpige ovenschalen gebruikt, die groter zijn dan het plateau. Het draaiplateau kan bij de functies ontdooien, magnetron + hetelucht, magnetron + grill, hetelucht en grill geblokkeerd worden.
Let op:
Bij gebruik van alleen de magnetronfunctie mag het draaiplateau niet geblokkeerd worden. Gebruik geen vierkante of langwerpige ovenschalen of het rechthoekige rooster.
Blokkeren
- 1. Selecteer de gewenste ovenfunctie en stel de bereidingstijd, magnetronvermogen en/of oventemperatuur in (zie pagina 11, Koken).
- 2. Druk op .
Boven het grote display knippert draaiplateau is geblokkeerd.
. Het
- 3. Druk op "start".
knippert . U hoort na 5 seconden een geluidssignaal en blijft branden.
Opmerkingen:
- Als u de oven aanzet terwijl de draaiplateaublokkering al was ingeschakeld knippert 5 seconden en blijft dan branden. U hoort na 10 seconden een geluidssignaal.
- Bij de functie magnetron + hetelucht kan een maximaal magnetronvermogen van 750 W ingesteld worden.
Pagina 25
Draaiplateau blokkeren (vervolg) Kookwekker
Roer, voor een betere warmteverdeling, het gerecht gedurende de bereidingstijd een paar maal om.
Vergeet niet na afloop van de bereiding het draaiplateau te deblokkeren.
Let op:
Het draaiplateau kan niet gedeblokkeerd worden door op "stop/clear" te drukken.
Deblokkeren
- 1. Druk op .
Boven het grote display dooft . Het draaiplateau is gedeblokkeerd.
De kookwekker werkt onafhankelijk van het toestel. De magnetron hoeft niet ingeschakeld te zijn. De kookwekker is tot maximaal 60 minuten instelbaar.
- 1. Druk op "function" totdat in het kleine display drie liggende streepjes (---) knipperen.
- 2. Stel met de draaiknop de gewenste tijd in. In het grote display wordt de ingestelde tijd weergegeven.
- 3. Druk op "start".
De kookwekker is ingeschakeld. De tijd in het grote display telt terug. In het kleine display lichten de streepjes om beurten op. Aan het eind van de ingestelde tijd klinkt een geluidssignaal. In het display verschijnt het woord "end".
Pagina 26
Magnetron - verwarmen en koken
I Leg gerechten op een passende schaal.
I Gerechten bij voorkeur afdekken met bijvoorbeeld magnetronfolie of een passende deksel.
Na afloop de folie of deksel voorzichtig verwijderen. De vrijkomende stoom kan zeer heet zijn!
I Gerechten die snel uitdrogen eventueel bevochtigen.
Zet aardappelen en groenten eerst even in koud water voordat u ze in de magnetron plaatst. Hiermee voorkomt u dat er zich een velletje op vormt.
I Vlakke en platte gerechten zijn sneller warm dan smalle, hoge gerechten.
I Voor een gelijkmatig resultaat kunt u het beste gerechten één- tot tweemaal roeren of keren.
I Kies voor het opwarmen van reeds bereide gerechten altijd de hoogste magnetronstand.
I Verdeel het gerecht bij voorkeur in kleine stukjes.
I Bij magnetronkoken hoeft u maar weinig water, zout en kruiden te gebruiken.
Zout kunt u het beste na afloop toevoegen. Hiermee voorkomt u dat het vocht aan het gerecht onttrekt.
I Nadat de magnetron is uitgeschakeld gaart het gerecht nog enige tijd na. Houd hier rekening mee door het gerecht niet te lang te verwarmen.
Belangrijk
Plaats, bij het verwarmen van kleine hoeveelheden poedervormige producten (zoals bij het drogen van kruiden), altijd een bekertje water in de magnetron. Anders bestaat er, door de geringe hoeveelheid, kans op zelfontbranding.
Vis
Vis moet geleidelijk gaar worden. Schakel daarom bij dunne vissen, vette vissen of kleine porties het vermogen in op 40% (300 Watt). In andere gevallen kunt u het vermogen rustig iets hoger instellen. Houd wel rekening met nagaren.
Vis is gaar als het vlees ondoorschijnend is geworden.
Pagina 27
Ontdooien
I Ontdooi grote compacte stukken altijd met behulp van het ontdooiprogramma. Doordat het gerecht geleidelijk en gelijkmatig ontdooit loopt u niet de kans dat de buitenkant uitdroogt terwijl de kern nog bevroren is.
I Om het ontdooiproces sneller te laten verlopen verdient het aanbeveling om het gerecht na enige tijd in stukken te verdelen.
I Las, bij grote stukken vlees en compacte gerechten, tweemaal een pauze in.
I Bij het ontdooien van onregelmatig gevormde gerechten kunt u dunne delen na de helft van de ontdooitijd afdekken of omwikkelen met aluminiumfolie.
I Bij het invriezen kunt u al rekening houden met het ontdooien in de magnetron door geen aluminiumfolie of -bakjes te gebruiken en door plattere porties in te vriezen.
Factoren die van invloed zijn op het kookproces
I De bereidingstijden in dit boekje zijn indicatietijden. Zo is de temperatuur van ingrediënten van invloed op de bereidingstijd. Een koude maaltijd heeft een langere kooktijd nodig dan een maaltijd op kamertemperatuur.
I Lichte, poreuze gerechten garen sneller dan zware en massieve, zoals stoofgerechten en rollades.
Let op bij het bereiden van lichte, poreuze gerechten. De randen worden snel droog en taai.
I Botten en vet geleiden hitte beter dan vlees. Dek bijvoorbeeld kippenpoten en - vleugeltjes af met aluminiumfolie.
I Magnetrongolven dringen tot ongeveer 3 cm in het gerecht door. De kern van dikke gerechten wordt verhit doordat de warmte zich van het verwarmde deel (de buitenkant) naar binnen verspreidt.
Dunne en ringvormige gerechten worden het snelst verwarmd en zijn dus ook sneller gaar.
I Vlees en gevogelte dat langer dan een minuut of 15 in de magnetron gekookt wordt bruint lichtjes. Gerechten die korter bereid worden kunt u van te voren insmeren met een "bruinende" saus, zoals Worcestershire saus, soja-olie of barbecue saus.
I Vetvrij papier voorkomt spetteren. Gerechten houden ook beter de warmte vast.
I Kleine gerechten worden gelijkmatiger verwarmd als u ze los van elkaar, liefst cirkelvormig in de magnetron plaatst.
Pagina 28
Magnetron basistechnieken
Plaatsen
Plaats dikkere stukken aan de buitenkant op het draaiplateau. Gerechten die aan de buitenkant op het draaiplateau geplaats worden ontvangen de meeste microgolven.
Roeren
Door gerechten regelmatig te roeren verspreidt u de opgeslagen warmte. Roer altijd van buiten naar binnen, aangezien de buitenkant van het gerecht altijd het eerste warm wordt.
Omdraaien
Grote, dikke gerechten regelmatig omdraaien. Ze garen dan regelmatiger en sneller.
Aluminiumfolie
Aluminiumfolie blokkeert de magnetrongolven. Door dunnere gedeelten van
gerechten (zoals kippenpoten) af te dekken voorkomt u dat ze te snel garen.
Prikken
Gerechten met een vel of schaal, zoals eierdooiers, schaaldieren en fruit barsten open in de magnetron. Door er van te voren enkele keren met een vork of satéprikker in te prikken voorkomt u dat.
Controleren
Gerechten garen snel. Controleer ze daarom regelmatig. Haal gerechten net voordat ze gaar zijn uit de magnetron.
Nagaren
Laat gerechten, nadat u ze uit de magnetron hebt gehaald, over het algemeen 3 tot 10 minuten afgedekt staan. De gerechten garen dan na. Gerechten met een droge korst, zoals cake, niet afdekken.
Magnetronvermogens
In onderstaande tabel kunt u zien uit welke 5 magnetronvermogens u kunt kiezen en voor welke gerechten de vermogens geschikt zijn.
| Vermogen | Wattage | Aantal x drukken op toets "Watt" | Gerecht |
|---|---|---|---|
| hoog (100%) | 1000 W | 1x | – water koken, opwarmen – koken van kip, vis, groenten |
| midden-hoog (80%) | 750 W | 2x | – opwarmen – koken van paddestoelen, schaaldieren – koken van gerechten die ei en kaas bevatten |
| midden (60%) | 500 W | 3x | – eieren bereiden (pas op!) – koken van rijst, soep |
| ontdooien (40%) | 300 W | 4x | – ontdooien – chocola en boter smelten |
| ontdooien gevoelig (20%) | 150 W | 5x | – ontdooien van gevoelige/kwetsbare – gerechten – ontdooien van onregelmatig gevormde gerechten – consumptie-ijs zacht maken – uit laten rijzen van deeg |
Pagina 29
Opwarmen
Magnetron-
Gerecht Hoeveelheid vermogen Tijd Bijzonderheden
| Zachtmaken en smelten | |
|---|---|
| chocolade, glazuur 100 gr 500 W 4-5 min. boter 50-70 gr 1000 W 10-15 sec. | Op een bord leggen. Blokjes chocolade niet doorscheppen. Glazuur 1x omroeren. |
| Koude gerechten (van 5/8 °C naar 20/30 °C) yoghurt 125 gr 1000 W 15-20 sec. zuigfles 240 gr 1000 W 30-35 sec. | Dop van yoghurtfles/-pak verwijderen. Zuigfles zonder dop en speen verwarmen. Na verwarmen goed om-schudden. Voel op de pols of de inhoud niet te warm is. Voor melk op kamertemperatuur geldt een kortere bereidingstijd. Melk op poederbasis goed doorroeren. |
| Gekoelde kant-en-klaar maaltijden (van 5/8 °C naar ± 70 °C) | |
| verpakking lasagne of gevulde pasta. 400 gr 1000 W 3-5 min. verpakking vlees, rijst en/of groente 400 gr 1000 W 3-5 min. verpakking vis en/of groente 300 gr 1000 W 2-4 min. | Kant-en-klaar maaltijden opwarmen tot 70 °C. verwijder metaalhoudende verpakking en leg het gerecht op een bord. Afdekken met magnetronfolie. |
| bord vlees en/of groente 400 gr 1000 W 4-6 min. bord pasta, canneloni of lasagne 400 gr 1000 W 4-6 min. bord vis en/of rijst 300 gr 1000 W 3-5 min. | Gerecht opwarmen tot 70 °C. Afdekken met bord of magnetronfolie. Groente een keer omscheppen. |
| Bevroren gerechten opwarmen/koken (van -18/-20 °C naar 70 °C) | |
| verpakking lasagne of gevulde pasta 400 gr 1000 W 5-7 min. verpakking vlees, rijst en/of groente 400 gr 1000 W 4-6 min. verpakking voorgekookte vis en/of groente 300 gr 1000 W 2-4 min. verpakking vis en/of rauwe groente 300 gr 1000 W 6-8 min. | Voorgekookte diepriesproducten in de verpakking opwarmen tot 70 °C. Gerechten uit metaalhoudende verpakking direct op een bord leggen en de bereidingstijd met enkele minuten verlengen. |
| portie vlees en/of groente 400 gr 1000 W 5-7 min. portie pasta, canneloni of lasagne 400 gr 1000 W 6-8 min. portie vis en/of rijst 300 gr 1000 W 3-5 min. | Van ongekookte gerechten te verpakking verwijderen. Leg het gerecht in een magnetronschaal en dek het af. Voorgekookte gerechten opwarmen tot 70 °C. Leg het gerecht op een bord en dek het af met een omgekeerd bord of magnetronbestendige deksel. Roer het gerecht een keer door. |
| Koude dranken (van 5/8 °C naar 70 °C) | |
| beker water 180 cc 1000 W 1.30-2 min. beker melk 150 cc 1000 W 1.15-1.45 min. kop koffie 100 cc 1000 W 1.15-1.45 min. kom bouillon 300 cc 1000 W 3-4 min. | Drank na opwarmen goed omroeren om warmte gelijk te verdelen. Bouillon afdekken. |
| Dranken op kamertemperatuur (van 20/30 °C naar 70 °C) | |
| beker water 180 cc 1000 W 1.15-1.45 min. beker melk 150 cc 1000 W 1-1.30 min. kop koffie 100 cc 1000 W 0.45-1.15 min. kom bouillon 300 cc 1000 W 2-3 min. | Drank na opwarmen goed omroeren om warmte gelijk te verdelen. Bouillon afdekken. |
Pagina 30
Koken van groente
I Gebruik indien mogelijk verse groenten. Als groenten al wat slap zijn geworden doordat ze te lang gelegen hebben kunt u ze een poos in koud water leggen, zodat ze zich weer vol kunnen zuigen.
I Gebruik voor het koken van groente een ruime schaal, zodat de schaalbodem bedekt wordt met een niet al te dikke laag.
I Kook groente met aanhangend water, tenzij de tabel anders aangeeft.
I Dek de schaal altijd af met een deksel of magnetronfolie.
I Voeg geen zout toe. De van nature in de groente aanwezige zouten geven meestal voldoende smaak. Indien u toch zout toe wilt voegen, doe dat dan na het koken.
I Kook groente zo kort mogelijk. Houd rekening met het nagaren.
I Controleer met een satéprikker of vork of de groente gaar is.
Gerecht Hoeveelheid Functie Vermogen Temp. Tijd Bijzonderheden/rooster (min.)
| aardappelen | 500 gr | 1000 W | - | 8-9 min. | Neem aardappelen van gelijke grootte. Geen rooster. |
| aardappelen gebakken (vers) | 500 gr | 500 W | 190 °C | 25-30 min. | 2-3 keer omroeren. Laag rooster. |
| aardappelen gebakken (diepvries) | 900 gr | 500 W | 200 °C | 35-40 min. | 2-3 keer omroeren. Laag rooster. |
| aardappelen gegratineerd | 1100 gr | 750 W | 190 °C | 20 min. | Laag rooster. |
| artisjokken | 300 gr | 1000 W | - | 10-11 min. | Gebruik artisjokken bodems. Geen rooster. |
| asperges | 500 gr | 1000 W | - | 8-9 min. | In stukken van 2 cm groot snijden. Geen rooster. |
| aubergines | 800 gr | 1000 W | - | 5-6 min. | In blokjes snijden. Geen rooster |
| aubergines gegrilld | 4 stukken | - | - | 9-11 min. | 3 min. voorverwarmen. Halverwege bereidingstijd omdraaien. Hoog rooster. |
| aubergines op zijn Parmezaans | 1300 gr | 1000 W | - | 7-9 min. | Eventueel vooraf grillen of frituren Laag rooster. |
| bloemkool | 500 gr | 1000 W | - | 10-11 min. | Verdelen in roosjes van gelijke grootte. Geen rooster. |
| bloemkool met béchamelsaus | + | 1000 W 1000 W | - | 7 min. + 10 min. | Indien voorgekookt alleen combistand magnetron/grill gedurende 10 min. Laag rooster. |
| boontjes | 500 gr | 1000 W | - | 10-11 min. | In stukjes snijden. Geen rooster. |
| broccoli | 500 gr | 1000 W | - | 6-7 min. | Verdelen in roosjes van gelijke grootte. Geen rooster. |
| champignons | 500 gr | 1000 W | - | 5-6 min. | Hele champignons. Geen water toevoegen. Geen rooster. |
| courgettes | 500 gr | 1000 W | - | 6-7 min. | Hele courgettes. Geen rooster. |
| erwten | 500 gr | 1000 W | - | 9-10 min. | Geen rooster. |
| paprika's | 500 gr | 1000 W | - | 8-9 min. | In stukjes snijden. Geen rooster. |
| paprika's gegrilld 4 | kwartdelen | - | - | 9-11 min. | 3 min. voorverwarmen. Halverwege bereidingstijd omdraaien. Hoog rooster. |
Pagina 31
Gerecht Hoeveelheid Functie Vermogen Temp. Tijd Bijzonderheden/rooster
(min.)
| paprika's gevuld | 1400 gr | + | 1000 W 1000 W | - 8 min. + 8 min. | Geen rooster. |
| prei | 500 gr | 1000 W | - 5-6 min. | Hele prei. Geen rooster. | |
| rode kool | 500 gr | 1000 W | - 6-7 min. | Hele kool. Geen rooster. | |
| selderij | 500 gr | 1000 W | - 6-7 min. | In stukjes snijden. Geen rooster. | |
| spinazie | 300 gr | 1000 W | - 5-6 min. | Na het wassen laten uitlekken en afdekken. Geen rooster. | |
| spruitjes | 500 gr | 1000 W | - 6-7 min. | Hele spruitjes. Geen rooster. | |
| tomaten gegratineerd | 800 gr | 500 W | - 9-11 min. | Neem tomaten van gelijke grootte. Laag rooster. | |
| uien | 250 gr | 1000 W | - 4-5 min. | Neem uien van gelijke grootte. Geen water toevoegen. Geen rooster. | |
| venkel | 500 gr | 1000 W | - 11-12 min. | In vieren delen. Geen rooster | |
| witte kool | 500 gr | 1000 W | - 6-7 min. | Hele kool. Geen rooster. | |
| worteltjes | 500 gr | 1000 W | - 8-9 min. | In stukken van gelijke grootte snijden. Geen rooster. |