Philips 42PFL5028H, tekst van de handleiding
Pagina's 39–64 van 85 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 21–38verder op pagina 65 →
Pagina 39
Sleeptimer
U kunt de TV na een bepaalde tijdsduur op stand-by zetten. Tijdens het aftellen naar de opgegeven tijd kunt u de TV ook eerder uitschakelen of de sleeptimer resetten.
- 1. Druk opnieuw op
- 2. Selecteer [Setup] > [TV-instellingen] > [Algemene instellingen] > [Sleeptimer].
- 3. Selecteer de duur voor de sleeptimer. De sleeptimer kan worden ingesteld op maximaal 180 minuten. Als u de sleeptimer wilt uitschakelen, stelt u deze in op nul minuten.
- 4. Druk op OK om de sleeptimer te activeren. Na de opgegeven tijdsduur gaat de TV op stand-by.
Kinderslot
Als u wilt voorkomen dat kinderen kijken naar ongeschikte TV-programma's, kunt u de TV vergrendelen of programma's met een bepaalde leeftijdclassificatie blokkeren.
De code voor het kinderslot instellen of wijzigen
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.] > [Kinderslot].
- 3. Selecteer [Code instellen] of [Code wijzigen].
- 4. Voer de code in met de Cijfertoetsen.
Tip: als u vanuit het zenderoverzicht naar de zenders gaat, wordt u gevraagd om uw code in te voeren. Bent u uw code vergeten, voer dan ‘8888’ in om nog aanwezige codes te negeren.
Zenders vergrendelen of ontgrendelen
- 1. Selecteer in het menu Kinderslot de optie [Zendervergrend.].
- 2. Voer de code voor het kinderslot in met de Cijfertoetsen.
- 3. Selecteer de zenders die u wilt vergrendelen of ontgrendelen. Start de TV opnieuw om de klok te activeren.
Opmerking:
Als u vanuit het zenderoverzicht naar de zenders gaat, wordt u gevraagd om uw code in te voeren.
Leeftijdsclassificatie
U kunt uw TV zo instellen dat alleen programma's met een leeftijdsgrens lager dan de leeftijd van uw kind worden weergegeven. Deze restrictie geldt alleen voor digitale zenders van aanbieders die een leeftijdsgrens geven voor hun programma's.
- 1. Druk opnieuw op
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.].
- 3. Selecteer [Kinderslot] > [Leeftijdsclassificatie].
U wordt gevraagd om de code voor het kinderslot in te voeren.
- 4. Voer de code voor het kinderslot in met de Cijfertoetsen.
- 5. Selecteer een leeftijdclassificatie en druk op OK.
Alle programma's boven de geselecteerde leeftijdsgrens worden geblokkeerd.
Zie Meer uit uw TV halen >
Vergrendelingen en timers instellen > Kinderslot (Pagina 39) voor meer informatie over kinderslotcodes.
Pagina 40
4 De
TV-instellingen wijzigen
Beeld en geluid
Assistent bij het instellen
U kunt beeld- en geluidsinstellingen selecteren met behulp van de Assistent bij het instellen, zodat u het effect van de gekozen instelling meteen kunt zien.
- 1. Druk op terwijl u TV kijkt.
- 2. Selecteer [Setup] > [Snelle beeld- en geluidinstellingen] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer [Doorgaan] en druk op OK.
- 4. Volg de aanwijzingen op het scherm om de instellingen van uw voorkeur te kiezen.
Meer beeldinstellingen
U kunt de instellingen wijzigen in het beeldmenu.
- 1. Druk opnieuw op
- 2. Selecteer [Setup] > [TV-instellingen] > [Beeld] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer de instelling die u wilt wijzigen en druk op OK.
[Beeldstijl]: hiermee selecteert u een voorgeprogrammeerde afbeeldingsinstelling.
[Herstel stijl]: hiermee herstelt u de laatst geselecteerde vooraf gedefinieerde beeldinstelling.
[Contrast 3D-backlight] / [Contrast achtergrondverlichting]: hiermee past u de helderheid van de achtergrondverlichting aan.
[Kleur]: hiermee past u de kleurverzadiging van het beeld aan. [Scherpte]: hiermee past u de scherpte van het beeld aan.
[Ruisreductie]: hiermee selecteert u de mate van ruisonderdrukking van het beeld.
[MPEG artefactreductie]: hiermee maakt u de overgang op het digitale scherm vloeiender en het beeld scherper.
[Pixel Plus HD] / [Pixel Precise HD]: hiermee stemt u elke pixel nauwkeurig af op de omliggende pixels en produceert u een schitterend HD-beeld.
- [Geavanceerde scherpte]: hiermee krijgt u superieure scherpte, vooral voor lijnen en contouren in het beeld.
- [Dyn. contrast]: hiermee worden de details in donkere, lichte en tussenliggende gebieden van het beeld dynamisch verbeterd.
- [Dynamische
Achtergrondverlichting]: hiermee selecteert u de mate van achtergrondverlichting voor een optimaal dynamisch energieverbruik en beeldcontrast.
- [Kleurverbetering]: hiermee maakt u kleuren levendiger en gedetailleerder. [Geavanceerd]: hiermee hebt u toegang tot instellingen voor gamma, tinten en videocontrast.
- [Lichtsensor]: hiermee wordt de helderheid van het televisiescherm automatisch aangepast aan het licht van de kamer.
- [Gamma]: hiermee past u de niet-lineaire instelling voor lichtintensiteit en contrast van het beeld aan.
- [Tint]: hiermee wijzigt u de kleurbalans.
- [Aangepaste tint]: hiermee past u de instelling voor de kleurbalans aan.
Alleen beschikbaar als [Tint] > [Aangepast] is geselecteerd.
- [3D-videocontrast] / [Videocontrast]: hiermee past u het videocontrast aan.
- [Helderheid]: hiermee past u de helderheid van het scherm aan.
- [Kleurschakering]: hiermee compenseert u kleurvariaties in NTSC-uitzendingen.
Pagina 41
[Spel of computer]: Wanneer u materiaal van een aangesloten gameconsole bekijkt, selecteert u [Game] om de game-instellingen toe te passen. Selecteer [Computer] als er een computer is aangesloten via HDMI. Controleer of [Formaat en randen] > [Beeldformaat] > [Niet geschaald] is geselecteerd voor een maximale detailweergave.
[Formaat en randen]: hiermee krijgt u toegang tot geavanceerde instellingen voor het regelen van het weergaveformaat van het beeld.
- [Beeldformaat]: hiermee wijzigt u het beeldformaat.
- [Schermranden]: hiermee wijzigt u de grootte van het beeld.
- [Beeldverschuiving]: hiermee kunt u, indien beschikbaar, de positie van het beeld wijzigen.
Meer geluidsinstellingen
U kunt de instellingen wijzigen in het geluidmenu.
- 1. Druk opnieuw op
- 2. Selecteer [Setup] > [TV-instellingen] > [Geluid] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer de instelling die u wilt wijzigen en druk op OK.
[Geluidsstijl]: hiermee opent u de vooraf ingestelde geluidsinstellingen. [Herstel stijl]: hiermee herstelt u de laatst geselecteerde voorgedefinieerde geluidsinstelling.
[Bas]: hiermee regelt u het basgeluid van de luidspreker en de hoofdtelefoon. [Hoge tonen]: hiermee regelt u het treblegeluid van de luidspreker en de hoofdtelefoon.
[Surround-modus]: hiermee selecteert u een surroundgeluidsmodus voor een nog betere geluidservaring.
[Automatisch Incredible
Surround-3D]: hiermee selecteert u een surroundgeluidsmodus voor een nog betere geluidservaring in de 3D-modus. Alleen voor bepaalde modellen.
[Volume hoofdtel.]: hiermee past u het volume van de hoofdtelefoon aan. [Geavanceerd]: hiermee hebt u toegang tot geavanceerde instellingen voor nog beter geluid.
- [Automatische volumenivellering]: hiermee voorkomt u plotselinge volumeschommelingen, bijvoorbeeld als u overschakelt naar een andere zender. - [TV-luidsprekers]: hiermee selecteert u de gewenste luidsprekers om audio via de TV te streamen. Zie De TV aansluiten > EasyLink-apparaten instellen > Luidsprekeruitvoer selecteren (Pagina 65).
- [Clear Sound]: hiermee verbetert u de geluidskwaliteit.
- [Indeling voor audio-uitvoer]:
hiermee selecteert u het type audio-uitvoer via de aansluiting voor digitale audio-uitvoer. U hebt de keuze uit [Meerkanaals] of [Stereo].
- [Audio-uitvoer nivellering]: hiermee stelt u het uitgangsniveau in voor stereogeluid. Selecteer [Minder] voor een bepaalde mate van verlies op het gebied van intensiteit of signaalsterkte. Selecteer [Meer] om verlies van intensiteit of signaalsterkte volledig te voorkomen.
- [HDMI 1 - ARC]: hiermee wordt audio-uitvoer mogelijk via het ARC-compatibele apparaat dat is aangesloten op de HDMI1-connector. - [Vertrag. audio-uitg.]: hiermee wordt het beeld op de TV automatisch gesynchroniseerd met het geluid van een aangesloten home cinema. Deze instelling is niet vereist als u de TV aansluit op een home cinema van Philips.
- [Verschuiving geluid uit]: hiermee past u de instelling voor vertraging van audio-uitvoer aan. Beschikbaar als [Vertrag. audio-uitg.] is ingeschakeld.
Pagina 42
Audioformaat
Digitale zenders
Indien de aanbieder van een digitale TV-zender audio streamt in meerdere indelingen, kunt u een audio-indeling selecteren.
- 1. Druk opnieuw op
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.] > [Talen] > [Voorkeursaudioformaat].
- 3. Selecteer een optie en druk op OK. [Normaal]: hiermee ontvangt u een standaardaudio-indeling (MPEG).
[Geavanceerd]: hiermee kunt u geavanceerde audio-indelingen (AAC, Dolby Digital of Dolby Digital Plus) ontvangen, indien deze beschikbaar zijn. Analoge zenders
Indien de aanbieder van een analoge TV-zender stereo-audio streamt in meerdere indelingen, kunt u een audio-indeling selecteren.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.] > [Mono/Stereo].
- 3. Selecteer een instelling en druk op OK.
Beeld en geluid herstellen
U kunt de standaardinstellingen voor beeld en geluid herstellen, terwijl de instellingen voor de zenderinstallatie hetzelfde blijven.
- 1. Druk op terwijl u TV kijkt.
- 2. Selecteer [Setup] > [TV-instellingen] > [Algemene instellingen] > [Fabrieksinst.] en druk op OK.
- 3. Selecteer [Resetten] en druk op OK.
Alle TV-instellingen (behalve de zenderinstellingen) worden teruggezet naar de standaardfabrieksinstellingen.
Zenders
Automatische installatie
Alle zenders zijn geïnstalleerd toen de TV voor het eerst werd ingeschakeld.
Als u de taal en het land wilt wijzigen en alle beschikbare TV-zenders opnieuw wilt installeren, kunt u de volledige installatie opnieuw uitvoeren.
Installatie starten
Opmerking: als u wordt gevraagd een code op te geven, geef dan 8888 op.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Zenders zoeken] > [Zenders opnieuw inst.] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer uw land en druk op OK.
- 4. Selecteer uw netwerk en druk op OK. [Antenne (DVB-T)]: hiermee hebt u toegang tot free-to-air-antennetransmissie.
[Kabel (DVB-C)]: hiermee hebt u toegang tot kabeltransmissie.
- 5. Volg de instructies op het scherm om eventuele andere opties te selecteren. Het startmenu voor zoeken naar zenders wordt weergegeven.
- 6. Selecteer [Start] en druk op OK.
- 7. Als het zoeken naar zenders is voltooid, selecteert u [Voltooien] en drukt u op OK.
Tip: druk op LIST om de lijst met zenders te openen.
Opmerking: als er digitale TV-zenders worden gevonden, kan de lijst met geïnstalleerde zenders lege zendernummers bevatten. U kunt deze zenders hernoemen of een andere volgorde geven.
Pagina 43
Analoge zenders installeren
U kunt analoge TV-zenders een voor een zoeken en opslaan.
Stap 1: Uw systeem selecteren Opmerking: sla deze stap over als de systeeminstellingen correct zijn.
- 1. Druk op terwijl u TV kijkt.
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] > [Zenders instellen].
- 3. Selecteer [Analoog: handmatige installatie] > [Systeem] en druk vervolgens op OK.
- 4. Selecteer het systeem voor uw land of regio en druk op OK.
Stap 2: Nieuwe TV-zenders zoeken en opslaan
- 1. Druk terwijl u TV kijkt op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] > [Zenders instellen].
- 3. Selecteer [Analoog: handmatige installatie] > [Zender zoeken] en druk vervolgens op OK.
- 4. Zoek de zender:
Als u de zenderfrequentie weet, voert u deze in met de Navigatietoetsen of Cijfertoetsen.
Als u de zenderfrequentie niet weet, zoekt u de volgende frequentie met een sterk signaal. Selecteer [Zoeken] en druk op OK.
- 5. Als u de juiste zender hebt gevonden, selecteert u [Gereed] en drukt u op OK.
- 6. Selecteer [Opsl. als nwe zender] en druk op OK om de nieuwe zender op te slaan.
Opmerking: als de ontvangst matig is, verplaatst u de antenne en herhaalt u de procedure.
Digitale zenders installeren
Als u de zenderfrequentie weet van de zenders die u wilt installeren, kunt u de digitale zenders een voor een zoeken en opslaan. Neem voor de beste resultaten contact op met de serviceprovider.
- 1. Druk opnieuw op
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] > [Zenders instellen].
- 3. Selecteer [Digitaal: ontvangtest] > [Zender zoeken] en druk vervolgens op OK.
- 4. Druk op de Cijfertoetsen om de zenderfrequentie in te voeren.
- 5. Selecteer [Zoeken] en druk op OK.
- 6. Zodra de juiste zender is gevonden, selecteert u [Opslaan] en drukt u op OK.
Fijnafstemming van analoge zenders
Als de ontvangst van een analoge TV-zender matig is, kunt u de TV-zender nauwkeuriger afstemmen.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] > [Zenders instellen].
- 3. Selecteer [Analoog: handmatige installatie] > [Fijn afstemmen] en druk vervolgens op OK.
- 4. Druk op of om de zender nauwkeuriger af te stemmen.
- 5. Wanneer u de juiste zenderfrequentie hebt geselecteerd, selecteert u [Gereed] en drukt u vervolgens op OK.
- 6. Selecteer een optie en druk vervolgens op OK.
[Huidige zender vastleggen]: hiermee slaat u de zender op onder het huidige zendernummer.
[Opsl. als nwe zender]: hiermee slaat u de zender op onder een nieuw zendernummer.
Pagina 44
Lijst met zenders bijwerken
Alle zenders zijn geïnstalleerd toen de TV voor het eerst werd ingeschakeld. Indien deze zenderlijsten zijn gewijzigd, worden deze standaard automatisch bijgewerkt door de TV. U kunt de automatische updates ook uitschakelen, of de zenders handmatig bijwerken.
Opmerking: als u wordt gevraagd een code op te geven, geef dan 8888 op.
Automatisch bijwerken
Als u automatisch digitale zenders wilt toevoegen of verwijderen, laat u de TV in de stand-bymodus staan. De TV zorgt elke dag voor het bijwerken van kanalen en opslaan van nieuwe kanalen. Lege zenders worden uit het zenderoverzicht verwijderd.
De melding van de zenderupdate uitschakelen
Als een zenderupdate wordt uitgevoerd, verschijnt er een melding bij het opstarten. U kunt deze melding uitschakelen.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.].
- 3. Selecteer [Zenders instellen] > [Zenderupdatebericht].
- 4. Selecteer [Uit] en druk vervolgens op OK.
Automatische updates uitschakelen Selecteer [Automatische zenderupdate] > [Uit] in het menu [Zenders instellen].
Zenders handmatig bijwerken
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Zenders zoeken] > [Zenders bijwerken] en druk vervolgens op OK.
- 3. Volg de instructies op het scherm om de zenders bij te werken.
Zenders kopiëren
Let op: deze functie is bedoeld voor dealers en onderhoudspersoneel.
U kunt zenderlijsten van de ene Philips TV naar de andere kopiëren via een USB-opslagapparaat. U hoeft de zenders niet opnieuw te zoeken of te installeren op de tweede TV. De zenderlijst is zo klein dat deze op elk USB-opslagapparaat past.
Wat hebt u nodig
Twee Philips TV's met deze eigenschappen: Dezelfde landinstelling
Dezelfde jaarreeks
Hetzelfde DVB-type, zoals aangeduid door het achtervoegsel (H, K, T, D/00) in de modelnaam
Dezelfde instellingen voor satellietzenders, inclusief het nummer van LNB-satellieten
Hetzelfde type hardware, zoals aangeduid op de sticker achter op de TV. Bijvoorbeeld: TPM10.1E LA.
Compatibele softwareversies Opmerking: als u wordt gevraagd een code op te geven, geef dan 8888 op.
Stap 1: controleer de landinstelling
- 1. Zet de eerste TV aan (met de zenders die u naar de tweede TV wilt kopiëren).
- 2. Druk op .
- 3. Kies [Setup] > [Zenders zoeken] > en druk vervolgens op [Zenders opnieuw inst.].OK
Het landenmenu wordt weergegeven.
- 4. Noteer de huidige instelling.
- 5. Druk op .
- 6. Druk op [Annuleren] om af te sluiten.
Pagina 45
Stap 2: kopieer de zenderlijst naar de USB
- 1. Sluit een USB-opslagapparaat aan op de eerste TV (waarop de zenders zijn geïnstalleerd).
- 2. Druk op .
- 3. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.].
- 4. Selecteer [Zenders instellen] > [Zenderlijst kopiëren] > [Naar USB kopiëren] en druk vervolgens op OK. De zenderlijst wordt gekopieerd naar het USB-opslagapparaat.
- 5. Koppel het USB-opslagapparaat los.
Stap 3: kopieer zenders naar een TV waarop geen zenders zijn geïnstalleerd
- 1. Zet de tweede TV aan, waarnaar u de zenderlijst wilt kopiëren.
De installatie wordt gestart.
- 2. Volg de instructies op het scherm en selecteer hetzelfde land als op de TV waarvan u de zenderlijst wilt kopiëren.
- 3. Sla het zoeken naar zenders over.
- 4. Sluit het USB-opslagapparaat aan.
- 5. Druk op .
- 6. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.].
- 7. Selecteer [Zenders instellen] > [Zenderlijst kopiëren] > [Naar TV kopiëren] en druk op OK.
De zenderlijst wordt gekopieerd naar de TV.
- 8. Koppel het USB-opslagapparaat los.
Stap 3: kopieer zenders naar een TV met vooraf geïnstalleerde zenders
- 1. Zet de tweede TV aan, waarnaar u de zenderlijst wilt kopiëren.
- 2. Druk op .
- 3. Kies [Setup] > [Zenders zoeken] > en druk vervolgens op [Zenders opnieuw inst.].OK
Het landenmenu wordt weergegeven.
- 4. Controleer of de landinstelling hetzelfde is als op de eerste TV.
- 5. Druk op .
- 6. Druk op [Annuleren] om af te sluiten.
- 7. Als de landinstelling niet hetzelfde is, installeert u de tweede TV opnieuw, zodat de landinstelling hetzelfde is als op de eerste TV. Zie De TV-instellingen wijzigen > Alles herstellen (Pagina 51).
- 8. Sluit het USB-opslagapparaat aan op de tweede TV.
- 9. Druk opnieuw op
- 10. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.].
- 11. Selecteer [Zenders instellen] > [Zenderlijst kopiëren] > [Naar TV kopiëren] en druk op OK.
De zenderlijst wordt gekopieerd naar de tweede TV.
- 12. Koppel het USB-opslagapparaat los.
Pagina 46
Satellietinstellingen
Wat u kunt doen
Deze TV kan signalen ontvangen van vier verschillende LNB's (low noise block-down converters). Aan de eindpool van de schotelantenne wordt een LNB bevestigd die het signaal van een satelliet opvangt. Opmerking:
Satellietontvangst is slechts mogelijk voor bepaalde modellen. [Satelliet zoeken] is alleen beschikbaar als de TV DVB-S ondersteunt.
Als u satellietzenders wilt ontvangen, sluit u een satellietontvanger aan op de SAT-connector op de TV.
Satellietzenders installeren
Satellieten opnieuw installeren
- 1. Druk terwijl u TV kijkt op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Satelliet zoeken] > [Satellieten opnieuw installeren].
- 3. Volg de instructies op het scherm om de installatie te voltooien.
- 4. Selecteer [Voltooien] wanneer u klaar bent en druk vervolgens op OK.
Verbindingstype selecteren
Als u satellietzenders installeert, moet u het verbindingstype instellen. Het aantal LNB's op uw schotelantenne bepaalt het aantal satellietzenders dat u kunt installeren.
- 1. Wanneer u satellieten opnieuw installeert, selecteert u [Instellingen] en drukt u op OK.
- 2. Selecteer [Type verbinding].
- 3. Selecteer een instelling en druk vervolgens op OK.
[1 satelliet (enkele LNB)]: selecteer dit als u één LNB hebt.
[2 satellieten (DiSEqC Mini)]: selecteer dit als u twee LNB's hebt.
[3 of 4 satellieten (DiSEqC 1.0)]: selecteer dit voor drie of vier LNB's. [Unicable voor 1 satelliet]: selecteer deze optie als een Unicable-installatie hebt met 1 satelliet.
[Unicable voor 2 satellieten]: selecteer deze optie als een Unicable-installatie hebt met 2 satellieten.
Handmatige instelling
Indien bij de installatie een transponder is overgeslagen, kunt u de signaalsterkte van een transponder testen of een nieuwe transponder toevoegen.
- 1. Druk terwijl u TV kijkt op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Satelliet zoeken] > [Handmatige installatie] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer de LNB.
- 4. Als u de frequentie weet van de transponder (die diverse zenders kan omvatten), selecteert u [Frequentie]en voert u deze in.
- 5. Selecteer [Zoeken] en druk op OK.
- 6. Indien een nieuwe frequentie wordt gevonden, drukt u op [Opslaan] om de nieuwe transponder plus zenders toe te voegen.
Satellietzenders bijwerken
- 1. Druk terwijl u TV kijkt op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Satelliet zoeken] > [Zenders bijwerken].
- 3. Volg de instructies op het scherm om de installatie te voltooien.
- 4. Selecteer [Voltooien] wanneer u klaar bent en druk vervolgens op OK.
Pagina 47
Satellieten toevoegen en verwijderen
U kunt op elk moment satellieten toevoegen en verwijderen, en zenders installeren van nieuwe satellieten.
Opmerking: voordat u satellieten toevoegt, moet u het verbindingstype controleren. Zie De TV-instellingen wijzigen >
Satellietinstellingen > Satellietzenders installeren (Pagina 46).
- 1. Druk opnieuw op
- 2. Selecteer [Setup] > [Satelliet zoeken] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer [Satelliet toevoegen] en druk op OK.
De TV zoekt naar een satelliet op de eerste vrije LNB. Dit kan enkele minuten duren.
- 4. Indien er geen satelliet wordt gevonden, controleert u de antenneaansluitingen en de positie van de schotelantenne en selecteert u [Opnieuw zoeken].
- 5. Als u tevreden bent over de toegevoegde satelliet, selecteert u [Volgende] om alle zenders via de satelliet te installeren.
De installatie kan enkele minuten duren. Een satelliet verwijderen
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Satelliet zoeken] > [Satelliet verwijderen] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer de satellieten die u wilt verwijderen, selecteer [Verwijderen] en druk op OK.
Taalinstellingen
Menutaal
- 1. Druk op terwijl u TV kijkt.
- 2. Selecteer [Setup] > [TV-instellingen] > [Algemene instellingen] > [Menutaal].
- 3. Selecteer een menutaal in de lijst en druk op OK.
Audiotaal
Indien de TV-zender twee of meer audiotalen uitzendt, kunt u de gewenste audiotaal selecteren.
- 1. Druk op OPTIONS terwijl u TV kijkt.
- 2. Selecteer [Taal audio] voor digitale zenders. Selecteer [Dual I-II] voor analoge zenders. Druk op OK om uw keuze te bevestigen.
- 3. Maak uw keuze uit de beschikbare talen en druk op OK.
U kunt de audiotalen van uw eerste en tweede voorkeur instellen voor de gevallen waarin deze beschikbaar zijn.
- 1. Druk op terwijl u TV kijkt.
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.] > [Talen].
- 3. Selecteer [Primaire audiotaal] of [Secundaire audiotaal] en maak een keuze uit de beschikbare talen.
- 4. Druk op OK om te bevestigen.
Ondertitels op analoge zenders
- 1. Druk terwijl u naar een analoge TV-zender kijkt op TEXT.
- 2. Voer het driecijferige paginanummer van de ondertitelingspagina in. Gewoonlijk is dit '888'.
Indien er ondertiteling beschikbaar is, wordt deze ingeschakeld.
Pagina 48
Ondertitels op digitale zenders
- 1. Druk terwijl u naar een digitale TV-zender kijkt op OPTIONS.
- 2. Selecteer [Ondertiteling] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer [Ondertitels uit], [Ondertitels aan] of [Automatisch] en druk vervolgens op OK.
Taal van de ondertiteling
Indien beschikbaar kunt u de taal van de ondertiteling wijzigen voor digitale zenders.
- 1. Druk op OPTIONS terwijl u TV kijkt.
- 2. Selecteer [Taal ondertit.], kies een beschikbare taal en druk op OK.
De taal van de ondertiteling is gewijzigd voor de betreffende zender.
U kunt de ondertitelingstalen van uw eerste en tweede voorkeur instellen voor de gevallen waarin deze beschikbaar zijn.
- 1. Druk op terwijl u TV kijkt.
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.] > [Talen].
- 3. Selecteer [Primaire ondertitelingstaal] of [Secundaire ondertitelingstaal] en maak een keuze uit de beschikbare talen.
- 4. Druk op OK om te bevestigen.
Instellingen voor universele toegang
Inschakelen
Sommige digitale TV-zenders bevatten speciale audio- en ondertitelingsfuncties voor slechthorenden of slechtzienden. U kunt deze functies in- of uitschakelen.
- 1. Druk opnieuw op
- 2. Selecteer [Setup] > [TV-instellingen] > [Algemene instellingen].
- 3. Selecteer [Univ. toegang] > [Aan] of [Uit], en druk vervolgens op OK.
Audiofeedback instellen
U kunt instellen dat de TV een piepgeluid afspeelt wanneer u drukt op een knop op de afstandsbediening of de TV.
- 1. Druk op OPTIONS terwijl u TV kijkt.
- 2. Selecteer [Univ. toegang] > [Toetstoon] > [Aan] en druk op OK.
Toegang voor slechthorenden
Om te controleren of er een audiotaal voor slechthorenden beschikbaar is, drukt u op OPTIONS en selecteert u [Taal audio]. Talen die audio voor slechthorenden ondersteunen worden aangeduid met een pictogram in de vorm van een oor.
Audio en ondertiteling voor slechthorenden inschakelen
- 1. Druk terwijl u TV kijkt op OPTIONS.
- 2. Selecteer [Univ. toegang] > [Slechthorend].
- 3. Selecteer een instelling en druk op OK. [Uit]: hiermee schakelt u de functies voor slechthorenden uit.
[Aan]: hiermee schakelt u de audio en ondertiteling voor slechthorenden in.
Pagina 49
Toegang voor slechtzienden
Om te controleren of er een audiotaal voor slechtzienden beschikbaar is, drukt u op OPTIONS en selecteert u [Taal audio]. Talen die audio voor slechtzienden ondersteunen worden aangeduid met een pictogram in de vorm van een oog.
Luidsprekers of een hoofdtelefoon selecteren
U kunt de audio voor slechtzienden naar keuze beluisteren via de TV-luidsprekers, de hoofdtelefoon of beide.
- 1. Druk terwijl u TV kijkt op OPTIONS.
- 2. Selecteer [Univ. toegang] > [Slechtziend].
- 3. Selecteer een instelling en druk op OK. [Luidsprkers]: hiermee hoort u audio voor slechtzienden alleen via de luidsprekers.
[Hoofdtelefoon]: hiermee hoort u audio voor slechtzienden alleen via de hoofdtelefoon.
[Luidsprekers + hoofdtelefoon]:
hiermee hoort u audio voor slechtzienden via de luidsprekers én via de hoofdtelefoon.
[Uit]: hiermee schakelt u audio voor slechtzienden uit.
Opmerking: als de
EasyLink-afstandsbediening is ingeschakeld, kunt u de groene knop niet selecteren. Zie De TV aansluiten > EasyLink-apparaten instellen > Wat hebt u nodig (Pagina 64) om EasyLink uit te schakelen.
Volume wijzigen van audio voor slechtzienden
- 1. Druk terwijl u TV kijkt op OPTIONS.
- 2. Selecteer [Univ. toegang] > [Gemengd volume].
- 3. Druk op de Navigatietoetsen om het volume te wijzigen en druk op OK.
Geluidseffecten
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.].
- 3. Selecteer [Talen] > [Slechtziend] > [Geluidseffecten].
- 4. Selecteer een instelling en druk vervolgens op OK.
[Aan]: hiermee schakelt u geluidseffecten in bij audio voor slechtzienden.
[Uit]: hiermee schakelt u geluidseffecten uit bij audio voor slechtzienden.
Audiotype
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Kanaalinstellingen] of [Satellietinstelling.].
- 3. Selecteer [Talen] > [Slechtziend] > [Spraak].
- 4. Selecteer een instelling en druk vervolgens op OK.
[Beschrijvend]: hiermee hoort u audio voor slechtzienden met beschrijvingen. [Ondertitels]: hiermee hoort u audio voor slechtzienden met ondertiteling.
Overige instellingen
TV-demo
U kunt een demo bekijken waarin u meer leert over de functies van deze TV.
- 1. Druk op terwijl u TV kijkt.
- 2. Selecteer [Setup] > [Demo's bekijken] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer een demo en druk op OK.
Modus Thuis
Wellicht zijn niet alle TV-instellingen beschikbaar in de Winkel-modus. Om ervoor te zorgen dat de juiste TV-instellingen worden gebruikt, stelt u de TV in op de modus Thuis.
- 1. Druk op terwijl u TV kijkt.
- 2. Selecteer [Setup] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer [TV-instellingen] > [Algemene instellingen] > [Locatie].
- 4. Selecteer [Thuis] of [Winkel] en druk vervolgens op OK.
- 5. Start de TV opnieuw.
Pagina 50
Software bijwerken
Versie controleren
- 1. Druk opnieuw op
- 2. Selecteer [Setup] > [Software-instellingen] > [Inf.huidige software] en druk op OK.
De huidige softwareversie wordt weergegeven.
Let op: installeer geen oudere softwareversie dan de huidige versie op het apparaat. TP Vision is niet aansprakelijk of verantwoordelijk voor problemen die ontstaan door het installeren van oudere software.
Werk de software bij volgens een van deze methoden:
bijwerken via USB-opslagapparaat bijwerken via digitale uitzending. bijwerken via internet
Bijwerken met USB
Wat hebt u nodig
Een USB-opslagapparaat met minstens 256 megabytes opslagruimte, FAT- of DOS-geformatteerd en met de schrijfbeveiliging uitgeschakeld.
Een computer met een USB-connector en internettoegang.
Een programma voor bestandsarchivering dat de bestandsindeling ZIP ondersteunt: bijvoorbeeld WinZip® voor Microsoft® Windows® of StuffIt® voor Macintosh® .
Opmerking: gebruik geen USB-harddisk.
De nieuwste software downloaden
- 1. Sluit het USB-flashstation aan op uw computer.
- 2. Start op uw computer een browser zoals Internet Explorer® of Safari® en ga naar www.philips.com/support.
- 3. Zoek uw TV en de beschikbare software en stuurprogramma's voor uw televisietoestel. De software-upgrade is beschikbaar als gecomprimeerd bestand (*.zip).
- 4. Als de softwareversie recenter is dan de versie op uw TV, klikt u op de software-upgrade.
- 5. Ga akkoord met de licentieovereenkomst en download het ZIP-bestand naar het USB-flashstation.
Opmerking: bij sommige internetbrowsers, zoals Mozilla® Firefox® of Google® Chrome® , wordt het ZIP-bestand direct naar uw computer gedownload. Als dit het geval is, kopieert u het bestand naar uw USB-flashstation.
- 6. Voor Internet Explorer: pak autorun.upg met behulp van een programma voor bestandsarchivering uit vanuit het gedownloade ZIP-bestand. Kopieer of plaats het uitgepakte bestand niet naar of in een map.
- 6. Voor Safari: na het downloaden wordt autorun.upg automatisch uitgepakt vanuit het ZIP-bestand op uw computer. Kopieer het bestand naar het USB-flashstation. Kopieer of plaats het bestand niet naar of in een map.
- 7. Verwijder het USB-flashstation uit de computer.
De software van de TV upgraden
Let op:
Schakel tijdens de software-upgrade de TV niet uit en koppel het USB-flashstation niet los.
Verwijder het USB-flashstation ook niet uit de TV als er tijdens de upgrade een stroomstoring optreedt. De TV gaat door met de upgrade zodra er weer stroom is.
Als er tijdens de upgrade een fout optreedt, probeert u de upgrade weer vanaf het begin uit te voeren. Als de fout hierna nog optreedt, neemt u contact op met Philips Consumer Care.
Pagina 51
- 1. Verwijder alle USB-apparaten, zoals een Wi-Fi-adapter, uit de TV en schakel vervolgens de TV in.
- 2. Sluit het USB-flashstation aan op de TV. De software-upgrade wordt automatisch gestart. De upgrade is voltooid wanneer er een melding op het scherm wordt weergegeven.
- 3. Haal eerst het USB-flashstation uit de TV voordat u de TV opnieuw start.
- 4. Druk op op de afstandsbediening. Druk niet meer dan eenmaal op .
De TV wordt uit- en vervolgens weer ingeschakeld. De upgrade is voltooid.
- 5. Voorkom ongewilde updates van de TV-software: sluit het USB-flashstation weer aan op uw computer en verwijder autorun.upg.
bijwerken via digitale uitzending
De TV kan software-updates ontvangen via digitale uitzendingen (indien beschikbaar). Wanneer een software-update wordt ontvangen, wordt u gevraagd om de software bij te werken. Wij adviseren u sterk de software bij te werken wanneer u daarom wordt gevraagd.
Volg de instructies op het scherm.
Als u de TV-software niet bijwerkt op het moment dat u de update ontvangt, wordt u gevraagd het updatebestand op te slaan. Als u de software op een later tijdstip wilt bijwerken, doet u het volgende:
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [Software-instellingen] > [Lokale updates].
- 3. Selecteer het bestand dat u hebt gedownload en volg de instructies op het scherm om de update te voltooien.
Bijwerken via internet
U kunt de TV-software ook rechtstreeks via internet bijwerken door de TV op internet aan te sluiten. Zie De TV aansluiten > Op een netwerk en internet aansluiten (Pagina 67).
- 1. Druk opnieuw op
- 2. Selecteer [Setup] > [Software bijwerken] > [TV met internet] en druk vervolgens op OK.
- 3. Volg de instructies op het scherm om de update te starten.
Als de update is voltooid, schakelt de TV automatisch naar stand-by en weer in. Wacht totdat de TV weer is ingeschakeld. Schakel de TV niet zelf in.
Opmerking:
Als de TV verbinding heeft met internet, verschijnt bij het inschakelen van de TV een melding over de beschikbaarheid van nieuwe software. Philips kan van tijd tot tijd via internet een software-upgrade naar uw TV sturen. Volg de instructies op het scherm om de TV-software te upgraden.
Alles herstellen
U kunt alle beeld- en geluidsinstellingen herstellen en alle TV-zenders opnieuw installeren op uw TV.
- 1. Druk opnieuw op
- 2. Selecteer [Setup] > [TV-instellingen] > [Algemene instellingen] > [TV opnieuw inst.] en druk op OK.
- 3. Volg de instructies op het scherm.
Pagina 52
5 De TV
Gebruik HDMI-kabels die korter zijn dan 5 meter.
aansluiten
Informatie over kabels
Kabelkwaliteit
Voordat u apparaten aansluit op de TV, controleert u de beschikbare aansluitingen op het apparaat. Sluit het apparaat op de TV aan via de aansluiting met de hoogst beschikbare kwaliteit. Aansluitingen met een goede kwaliteit zorgen voor een betere overdracht van beeld en geluid.
De aansluitingen in deze gebruikershandleiding zijn slechts aanbevelingen. Er zijn ook andere mogelijke oplossingen. Ga voor meer voorbeelden naar http://www.connectivityguide.philips.com.
Tip: als uw apparaat alleen composiet- of RCA-connectoren heeft, gebruikt u een composietkabel (CVBS) om het apparaat aan te sluiten op de CVBS/Y-connector op de TV.
HDMI
Een HDMI-aansluiting biedt de beste beeld- en geluidskwaliteit.
Video- en audiosignalen worden gecombineerd in één HDMI-kabel. Gebruik HDMI-aansluitingen voor HDTV-signalen (High Definition) en om EasyLink in te schakelen.
Met een HDMI ARC (Audio Return Channel)-connector is uitvoer van TV-audio naar een HDMI ARC-compatibel apparaat mogelijk.
Y Pb Pr
Component Video (YPbPr) kan alleen video doorgeven. Voor geluid moet u ook Audio Left/Right aansluiten.
De YPbPr-aansluiting kan HDTV-signalen (High Definition) verwerken.
Sluit de kabelstekkers aan op de YPbPr-aansluiting met dezelfde kleur.
SCART
Een SCART-aansluiting combineert video- en audiosignalen.
SCART-aansluitingen zijn geschikt voor RGB-videosignalen maar zijn niet geschikt voor HDTV-signalen (High Definition).
Pagina 53
Antenne aansluiten
Sluit de antenne op de TV aan.
Apparaten aansluiten
Blu-ray of DVD-speler
Sluit de DVD-speler met een HDMI-kabel aan op de TV.
Sluit de DVD-speler met een componentkabel (Y Pb Pr) en een audio L/R-kabel aan op de TV.
Pagina 54
TV-ontvanger
Sluit de satelliet*- of digitale TV-ontvanger met een antennekabel aan op de TV.
*Alleen voor bepaalde modellen.
Sluit de satelliet- of digitale TV-ontvanger met een HDMI-kabel
| aan | op de TV. |
| Pb | Pr) en een audio-L/R-kabel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)
Sluit de digitale TV-ontvanger met een componentvideokabel (Y op de TV.
aan
Pagina 55
Sluit de digitale TV-ontvanger met een SCART-kabel aan op de TV.
Videorecorder
Sluit de recorder met een antennekabel aan op de TV.
Sluit de recorder met een HDMI-kabel aan op de TV.
Pagina 56
Sluit de recorder met een componentkabel (Y Pb Pr) en een audio L/R-kabel aan op de TV.
Sluit de recorder met een SCART-kabel aan op de TV.
Gameconsole
Sluit de gameconsole met een HDMI-kabel aan op de TV.
Pagina 57
Sluit de gameconsole met een componentkabel (Y Pb Pr) en een audio L/R-kabel aan op de TV.
Home cinema
Sluit een voor HDMI-ARC geschikt home cinema-apparaat met een HDMI-kabel aan op de TV.
Sluit de home cinema met een HDMI-kabel en een coax-audiokabel aan op de TV.
Pagina 58
Sluit de home cinema met een componentkabel (Y Pb Pr) en een audio L/R-kabel aan op de TV.
Sluit de home cinema met een SCART-kabel op de TV.
Digitale camera
Sluit de digitale camera met een USB-kabel aan op de TV.
Pagina 59
Digitale camcorder
Sluit de digitale camcorder met een HDMI-kabel aan op de TV.
Sluit de digitale camcorder met een componentkabel (Y Pb Pr) en een audio L/R-kabel aan op de TV.
Pagina 60: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 61
Computer
Sluit de computer met een HDMI-kabel aan op de TV.
Sluit de computer met een DVI-HDMI-kabel en een audiokabel aan op de TV.
Camera voor videogesprekken
Sluit de TV-videocamera van Philips - PTA317 (afzonderlijk verkrijgbaar) met een USB-kabel aan op de TV.
Pagina 62
Toetsenbord en muis
USB-toetsenbord
U kunt een USB-toetsenbord aansluiten om tekst, zoals apparaatnamen in te voeren op de TV of tekst voor Smart TV-apps.
USB-muis
U kunt een USB-muis aansluiten om te navigeren door internetpagina's en op koppelingen te klikken.
Opmerking:
Gebruik een USB-hub als u meerdere USB-connectoren nodig hebt.
U kunt de USB-muis ook op een aangesloten USB-toetsenbord aansluiten.
Sluit het toetsenbord en de muis met een USB-kabel aan op de TV.
Zodra het toetsenbord op de TV wordt herkend, kunt u de toetsenbordindeling selecteren en de selectie testen. Als u eerst een Cyrillische of Griekse toetsenbordindeling hebt geselecteerd, kunt u ook een tweede toetsenbord met een Latijnse indeling toevoegen.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [TV-instellingen] > [Algemene instellingen] > [Instellingen van het USB-toetsenbord].
- 3. Wijzig de instellingen van het toetsenbord. TV-toetsen op uw toetsenbord Gebruik de volgende toetsen om tekst in te voeren:
Enter : hiermee bevestigt u een invoer.
Backspace : hiermee verwijdert u een teken voor de cursor.
Navigatietoetsen: hiermee navigeert u in een tekstveld.
Alt + Shift: hiermee schakelt u tussen toetsenbordindelingen als er meerdere zijn ingesteld.
Smart TV-toetsen op uw toetsenbord Enter : hiermee bevestigt u een invoer.
Backspace : hiermee gaat u terug naar de vorige pagina.
Navigatietoetsen: hiermee navigeert u tussen velden.
Tab: hiermee gaat u naar de volgende pagina.
Tab en Shift: hiermee gaat u terug naar het vorige veld.
Home: hiermee bladert u naar de bovenkant van de pagina.
End: hiermee bladert u naar de onderkant van de pagina.
Page Up: hiermee gaat u terug naar de vorige pagina.
Page Down: hiermee gaat u naar de volgende pagina +/-: hiermee zoomt u in of uit.
*: hiermee past u het beeld aan de breedte van de pagina aan.
Pagina 63
Als de TV de muis herkent, kunt u de snelheid van de muis instellen.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [TV-instellingen] > [Algemene instellingen] > [Aanwijzer-/muisinstellingen].
- 3. Wijzig de instellingen van de muis. De USB-muis voor de TV gebruiken OK: linkermuisknop (links klikken). (Terug): rechtermuisknop (rechts klikken).
Scrollwieltje: naar boven en beneden door een internetpagina bladeren. Opmerking: met de USB-muis kunt u niet navigeren in de TV-menu's.
Aangesloten apparaten bekijken
Een apparaat selecteren
Voordat u naar een apparaat kunt kijken, moet u het apparaat eerst aansluiten op de TV. Zie De TV aansluiten > Apparaten aansluiten (Pagina 53).
Een apparaat selecteren met SOURCE
- 1. Druk op SOURCE.
- 2. Selecteer een apparaat en druk op OK.
Een apparaat selecteren via het menu Thuis
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Bron] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer een apparaat en druk op OK.
Het bronoverzicht bijwerken
Werk het bronoverzicht bij wanneer u een apparaat toevoegt of verwijdert.
- 1. Druk opnieuw op SOURCE
- 2. Druk op OPTIONS.
- 3. Selecteer [Aansluitingen scannen] en druk op OK.
- 4. Volg de instructies op het scherm.
Apparaatinstellingen wijzigen
Het apparaattype wijzigen
U kunt het apparaattype wijzigen zodat het eenvoudig toegankelijk is via het bronmenu.
- 1. Druk opnieuw op SOURCE
- 2. Selecteer het apparaat en druk op[Apparaattype].
- 3. Selecteer een geschikt apparaattype en druk op OK.
Een apparaat hernoemen
U kunt een apparaat hernoemen nadat het is aangesloten op de TV.
- 1. Druk opnieuw op SOURCE
- 2. Selecteer de connector en druk op [Nwe naam].
- 3. Gebruik het toetsenblok op uw scherm en voer een nieuwe naam in.
- 4. Als u klaar bent, selecteert u [Gereed] en drukt u op OK.
Apparaatinstellingen herstellen U kunt het type en de naam van het apparaat terugzetten naar de standaardinstellingen.
- 1. Ga naar het menu [Bron], selecteer het apparaat en druk op OPTIONS.
- 2. Selecteer [Oorspronkelijke naam en pictogram] en druk vervolgens op OK.
Pagina 64
EasyLink-apparaten instellen
Wat u kunt doen
Haal meer uit uw HDMI-CEC-compatibele apparaten met de uitgebreide besturingsfuncties van Philips EasyLink. Sluit uw HDMI-CEC-compatibele apparaten via HDMI aan op uw TV en bedien ze tegelijkertijd met de afstandsbediening van uw TV.
Opmerking: andere merken gebruiken andere omschrijvingen voor de HDMI-CEC-functionaliteit. Bijvoorbeeld Anynet (Samsung), Aquos Link (Sharp) of BRAVIA Sync (Sony). Niet alle merken zijn volledig compatibel met EasyLink.
Wanneer u Philips EasyLink hebt ingeschakeld, zijn de volgende functies beschikbaar:
Afspelen met één druk op de knop Wanneer u inhoud vanaf een HDMI-CEC-compatibel apparaat afspeelt, wordt de TV direct vanuit stand-by ingeschakeld en wordt automatisch de juiste bron geselecteerd.
Met één druk op de knop naar stand-by Als u op de afstandsbediening van de TV op drukt, zet u de TV en alle HDMI-CEC-compatibele apparaten op stand-by.
Inactieve apparaten automatisch uitschakelen
Als een HDMI-CEC-compatibel apparaat gedurende een bepaalde tijd inactief is, schakelt het automatisch over naar de stand-bymodus.
EasyLink-afstandsbediening
U kunt meerdere HDMI-CEC-compatibele apparaten bedienen via de afstandsbediening van de TV.
Volumeregeling
Als u een HDMI-CEC-compatibel apparaat met luidsprekers aansluit via de HDMI ARC-connector, kunt u de TV desgewenst beluisteren via deze luidsprekers in plaats van de TV-luidsprekers.
Beeldkwaliteit behouden
Als de beeldkwaliteit van de TV wordt aangetast door de beeldverwerkingsfuncties van andere apparaten, kunt u Pixel Plus Link inschakelen voor een betere beeldkwaliteit. Maximale weergave van ondertitelde video Sommige video-ondertiteling verschijnt in een afzonderlijke balk onder de video, waardoor het weergavegebied van de video verkleint. Als u het weergavegebied van de video wilt maximaliseren, schakelt u de optie om ondertitels automatisch te verschuiven in, zodat de ondertitels over het videobeeld heen worden weergegeven.
Wat hebt u nodig
Sluit een HDMI-CEC-compatibel apparaat aan op de TV. Het is mogelijk om meerdere HDMI-CEC-apparaten aan te sluiten. Zie De TV aansluiten > Apparaten aansluiten (Pagina 53). Configureer elk HDMI-CEC-compatibel apparaat op de juiste wijze.
Schakel EasyLink in.
EasyLink inschakelen
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Setup] > [TV-instellingen] > [Algemene instellingen] > [EasyLink].
- 3. Selecteer [EasyLink] > [Aan] en druk vervolgens op OK.