Philips 46PFL7605H, tekst van de handleiding
Pagina's 38–64 van 82 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 20–37verder op pagina 66 →
Pagina 38
4 De TV instellen
Beeld- en geluidsinstellingen wijzigen
Assistent bij het instellen
Gebruik de 'Assistent bij het instellen' om u te begeleiden bij de instellingen voor beeld en geluid.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Snelle beeld- en geluidsinstelling] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer [Start] en druk op OK.
Volg de aanwijzingen op het scherm om de instellingen van uw voorkeur te kiezen.
Smart beeld-instellingen
Gebruik het Experience-menu [Smart beeld] om toegang te krijgen tot veelgebruikte beeldinstellingen.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Smart beeld] en selecteer daarna een van de volgende instellingen: [Persoonlijk]: hiermee stelt u de TV in op uw persoonlijke voorkeuren die zijn ingesteld in de [Beeld]-menu's onder [Configuratie].
[Intens]: uitgebreide en dynamische instellingen, ideaal voor gebruik bij daglicht.
[Natuurlijk]: een natuurlijke beeldinstelling.
[Cinema]: ideale instellingen voor het kijken naar films.
[Spel]: ideale instellingen voor games. [Energie sparen]: de meest energiebewuste instellingen.
[Standaard]: hiermee past u de beeldinstellingen aan zodat ze passen bij de meeste omgevingen en soorten video. Standaardinstellingen [Foto]: ideale instellingen voor het kijken naar foto's.
[Gewenst]: hiermee kunt persoonlijke beeldinstellingen aanpassen en opslaan.
- 3. Druk op OK om uw keuze te bevestigen.
- 4. Druk op om het menu te sluiten.
Meer beeldinstellingen
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [TV-instellingen] > [Beeld] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer de instelling die u wilt aanpassen: [Smart beeld]: hiermee opent u de vooraf ingestelde instellingen voor Smart beeld.
[Terugstellen]: hiermee herstelt u de fabrieksinstellingen.
[Contrast]: hiermee past u de intensiteit van lichte gebieden aan en blijven donkere gebieden onveranderd.
[Helderheid]: hiermee past u de intensiteit en details van donkere gebieden aan.
[Kleur]: hiermee past u de verzadiging aan.
[Kleurschakering]: hiermee compenseert u kleurvariaties in met NTSC gecodeerde uitzendingen.
[Scherpte]: hiermee past u de scherpte van het beeld aan.
[Ruisreductie]: hiermee wordt de ruis in het beeld gefilterd en onderdrukt. [Tint]: hiermee past u de kleurbalans van een beeld aan.
[Gewenste tint]: hiermee past u de tintinstelling aan.
[Pixel Plus HD]: hiermee geeft u geavanceerde instellingen weer, zoals [100 Hz Clear LCD], [Dynamisch contrast], [Dynamische achtergrondverlichting], [MPEG artefact-reductie], [Kleurverbetering], [HD Natural Motion], [Gamma].
Pagina 39
- [PC-modus]: hiermee schakelt u het aanpassen van beeldinstellingen in wanneer een PC op de TV is aangesloten via HDMI. Als deze optie is ingeschakeld, kunt u [Beeldformaat] > [Niet op schaal] selecteren voor maximale details bij de weergave van PC-inhoud.
- [Lichtsensor]: hiermee past u instellingen dynamisch aan de belichtingsomstandigheden aan.
[Gewenste tint]: hiermee past u de tint aan.
[Pixel Precise HD]: hiermee geeft u geavanceerde instellingen weer, zoals [HD Natural Motion], [100 Hz Clear LCD], [Geavanceerde scherpte], [Dynamisch contrast], [Dynamische achtergrondverlichting], [MPEG artefact-reductie], [Kleurverbetering] en [Gamma].
[PC-modus]: deze functie wordt standaard ingeschakeld als u in het hoofdmenu de optie [Computer] selecteert. Als deze functie is ingeschakeld, kunt u [Beeldformaat] > [Niet op schaal] selecteren voor maximale details bij de weergave van PC-inhoud. Deze optie is standaard ingeschakeld als een PC is aangesloten via HDMI of VGA.
[Lichtsensor]: maakt dynamische aanpassing van de schermweergave aan de lichtomstandigheden mogelijk.
[Beeldformaat]: hiermee wijzigt u het beeldformaat.
[Schermranden]: hiermee wijzigt u de grootte van het beeld.
- [Beeldverschuiving]: hiermee past u de positie van het beeld aan. Niet van toepassing als het geselecteerde beeldformaat [Auto-zoom] of [Breedbeeld] is.
Smart geluid-instellingen
Gebruik het Experience-menu [Smart geluid] om toegang te krijgen tot veelgebruikte geluidsinstellingen.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Smart geluid] en selecteer daarna een van de volgende instellingen: [Persoonlijk]: hiermee stelt u de TV in op uw persoonlijke voorkeuren die zijn ingesteld in de [Geluid]-menu's onder [Configuratie].
[Standaard]: hiermee past u de geluidsinstellingen aan zodat ze passen bij de meeste omgevingen en soorten geluid.
[Nieuws]: hiermee past u de geluidsinstellingen toe die het beste geschikt zijn voor gesproken audio, zoals het nieuwsbericht.
[Films]: hiermee past u de geluidsinstellingen toe die het beste geschikt zijn voor films.
[Spel]: ideale instellingen voor games. [Drama]: hiermee past u de geluidsinstellingen toe die het beste geschikt zijn voor drama.
[Sport]: hiermee past u de geluidsinstellingen toe die het beste geschikt zijn voor sport.
- 3. Druk op OK om uw keuze te bevestigen.
- 4. Druk op om het menu te sluiten.
Meer geluidsinstellingen
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [TV-instellingen] > [Geluid] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer de instelling die u wilt aanpassen: [Smart geluid]: hiermee opent u de vooraf ingestelde instellingen voor Smart Sound.
[Terugstellen]: hiermee herstelt u de fabrieksinstellingen.
[Bass]: hiermee past u het niveau voor de lage tonen aan.
[Treble]: hiermee past u het niveau voor de hoge tonen aan.
Pagina 40
[Surround]: hiermee schakelt u ruimtelijke geluidsbeleving in.
[Volume hoofdtelefoon]: hiermee past u het volume van de hoofdtelefoon aan.
[Automatische afstelling volume]: hiermee vermindert u automatisch plotselinge wisselingen in volumeniveau die bijvoorbeeld optreden bij het overschakelen naar een andere zender. [Balans]: hiermee past u de balans van de linker- en rechterluidspreker aan uw luisterpositie aan.
Fabrieksinstellingen herstellen
Als u de fabrieksinstellingen op uw TV herstelt, worden de fabrieksinstellingen voor beeld en geluid ingesteld.
De instellingen voor de installatie van zenders blijven hetzelfde.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [TV-instellingen] > [Fabrieksinstellingen] en druk vervolgens op OK.
De TV-instellingen worden hersteld naar de fabrieksstandaard.
Een TV-demo starten
Start een demo voor meer informatie over de functies van uw TV.
Opmerking: demo's worden niet ondersteund op MHEG-zenders.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Demo's bekijken] en druk op OK.
- 3. Selecteer een demo en druk op OK.
- 4. Druk op om de demo af te sluiten.
Zenderinstellingen wijzigen
Volgorde van zenders wijzigen
Na de installatie kunt u de volgorde van de zenders in de lijst met zenders naar eigen voorkeur wijzigen.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Zenderlijst] en druk vervolgens op OK.
- 3. Druk in de lijst met zenders op .
- 4. Selecteer [Herordenen] en druk vervolgens op OK.
- 5. Selecteer de zender waarvan u de volgorde wilt wijzigen, verplaats deze naar de gewenste locatie en druk op OK.
- 6. Selecteer [Invoegen] om de zender op de gewenste locatie in te voegen, [Wisselen] om de locatie te wisselen met een andere zender of [Annuleer] om het wijzigen van de volgorde te annuleren.
- 7. Druk op OK om te activeren.
Zenders hernoemen
Na de installatie kunt u de namen van de zenders naar eigen voorkeur wijzigen.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Zenderlijst] en druk vervolgens op OK.
- 3. Druk in de lijst met zenders op .
- 4. Selecteer [Nieuwe naam] en druk op OK.
- 5. Druk in het invoerscherm dat wordt geopend op de Navigatietoetsen of de Cijfertoetsen om de naam te bewerken, en druk op OK.
- 6. Als u klaar bent, drukt u op de Navigatietoetsen om [Klaar] te selecteren. Selecteer [Wissen] als u de invoer wilt wissen.
Als u wilt annuleren, selecteert u [Annuleer].
- 7. Druk op OK om uw keuze te bevestigen.
- 8. Druk op om af te sluiten.
Pagina 41
Zenders verbergen of zichtbaar maken
Zenders verbergen
U kunt zenders in de lijst met zenders verbergen om ongeoorloofde toegang te voorkomen.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Zenderlijst] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer in de lijst met zenders de zender die u wilt verbergen en druk op .
- 4. Selecteer [Zender verbergen] en druk op OK.
De zender wordt verborgen.
Zenders zichtbaar maken
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Zenderlijst] en druk vervolgens op OK.
- 3. Druk in de lijst met zenders op .
- 4. Selecteer [Verborgen zenders weergeven] en druk op OK. Verborgen zenders staan wel in de lijst met zenders, maar zonder dat de zenderinformatie wordt weergegeven.
- 5. Selecteer de zender die u zichtbaar wilt maken en druk op .
- 6. Selecteer [Zender weergeven] en druk op OK.
Herhaal stap 5 en 6 als u andere zenders zichtbaar wilt maken.
Lijst met zenders bijwerken
Alle zenders zijn geïnstalleerd toen de TV voor het eerst werd ingeschakeld.
U kunt de TV zo instellen dat digitale zenders automatisch worden toegevoegd of verwijderd. U kunt zenders ook handmatig bijwerken.
Automatisch bijwerken
Laat de TV in de stand-bymodus staan als u digitale TV-zenders automatisch wilt bijwerken. Eenmaal per dag werkt de TV eerder gevonden zenders bij en worden nieuwe zenders opgeslagen. Lege zenders worden uit het zenderoverzicht verwijderd.
Als een zenderupdate wordt uitgevoerd, verschijnt er een melding bij het opstarten. Als u niet wilt dat deze melding verschijnt:
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Zenderinstellingen] > [Installatie zenders] > [Melding zenderupdate] > [Uit] en druk vervolgens op OK.
Automatische updates uitschakelen Selecteer [Automatische zenderupdate] > [Uit] in het menu [Installatie zenders].
Handmatig bijwerken
U kunt de zenders ook zelf op elk gewenst moment handmatig bijwerken.
- 1. Selecteer [Automatische installatie] in het menu [Installatie zenders] en druk vervolgens op OK.
- 2. Start de update en selecteer [Zenders bijwerken]. De installatie kan enkele minuten in beslag nemen.
Overige opties
Gesproken taal selecteren
Als de TV-zender in twee of meer talen uitzendt, kunt u de gewenste taal voor het geluid selecteren.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- [Audiotaal]: hiermee selecteert u de taal van het geluid voor digitale kanalen.
- [Dual I-II]: hiermee selecteert u de taal van het geluid voor analoge kanalen.
Videostream selecteren (alleen voor DVBSkanaal)
Indien beschikbaar, kunt u een andere videostroom van het kanaal weergeven. (Afhankelijk van de serviceprovider)
.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op
- 2. Selecteer [Videoselectie] om de beschikbare selectie weer te geven.
Pagina 42
Zenders instellen
Automatische installatie
Alle zenders zijn geïnstalleerd toen de TV voor het eerst werd ingeschakeld. U kunt deze volledige installatie opnieuw uitvoeren om uw taal en land in te stellen en alle beschikbare TV-zenders te installeren. Opmerking: als u wordt gevraagd een code op te geven, geef dan 8888 op.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Zenders zoeken] en druk vervolgens op OK.
- 3. Volg de instructies op het scherm om de zenderinstallatie te voltooien.
- 4. Selecteer [Beëindigen] wanneer u klaar bent en druk vervolgens op OK.
Tip: druk op om de lijst met zenders te openen.
Opmerkingen
Laat [Instellingen] tijdens de installatie ongewijzigd tenzij uw digitale aanbieder u specifieke waarden heeft gegeven die u moet invoeren.
Als er digitale TV-zenders worden gevonden, worden er in de lijst met geïnstalleerde zenders mogelijk lege zendernummers weergegeven. U kunt zenders hernoemen, opnieuw ordenen of verwijderen.
DVB-C- of DVB-T-zenders bekijken Als u zowel DVB-C- als DVB-T-zenders hebt ingesteld, moet u naar het desbetreffende netwerk schakelen als u zenders op dat netwerk wilt bekijken.
.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Zenderinstellingen].
- 3. Selecteer [Installatie zenders] > [Antenne of kabel DVB].
- 4. Selecteer een van de volgende instellingen: [Antenne (DVB-T)]: hiermee krijgt u toegang tot gratis digitale TV- of digitale DVB-T-zenders
[Kabel]: hiermee krijgt u toegang tot kabel- of digitale DVB-C-zenders.
- 3. Druk op OK om uw keuze te bevestigen.
- 4. Druk op om het menu af te sluiten. De TV schakelt over naar de geselecteerde zenderlijst.
Analoge zenders installeren
In deze sectie leest u hoe u handmatig analoge TV-zenders kunt zoeken en opslaan. Stap 1: Uw systeem selecteren Opmerking: sla deze stap over als de systeeminstellingen correct zijn.
Als u wordt gevraagd een code op te geven, geef dan 8888 op.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Zenderinstellingen] > [Installatie zenders] > [Analoog: handmatige installatie] > [Systeem] en druk vervolgens op OK.
- 3. Selecteer het systeem voor uw land of regio en druk op OK.
Stap 2: Nieuwe TV-zenders zoeken en opslaan
- 1. Selecteer [Zender zoeken] in het menu [Analoog: handmatige installatie] en druk vervolgens op OK.
- 2. Druk op:
De Navigatietoetsen of Cijfertoetsen om de zenderfrequentie handmatig in te voeren.
De Navigatietoetsen om [Zoeken] te selecteren. Druk op OK om automatisch de volgende zender te zoeken.
- 3. Selecteer [Klaar] en druk op OK nadat u de juiste zenderfrequentie hebt ingevoerd.
- 4. Selecteer [Vastleggen onder huidig zendernummer] als u de afgestemde zender onder het huidige zendernummer wilt opslaan, of selecteer [Vastleggen onder nieuw zendernummer] als u deze onder een nieuw zendernummer wilt opslaan.
Pagina 43
Digitale zenders installeren
U kunt de antenne verplaatsen om de ontvangst te verbeteren. U moet de juiste frequentie weten om zenders te kunnen afstemmen. Voor het beste resultaat neemt u contact op met uw serviceprovider of laat u een monteur komen.
Opmerking: als u wordt gevraagd een code op te geven, geef dan 8888 op.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Zenderinstellingen] > [Installatie zenders] > [Digitaal: ontvangst testen] > [Zoeken] en druk vervolgens op OK.
- 3. Druk op de Cijfertoetsen om de zenderfrequentie in te voeren.
- 4. Selecteer [Zoeken] en druk vervolgens op OK.
- 5. Zodra de juiste zender is gevonden, selecteert u [Vastleggen] en drukt u op OK.
- 6. Druk op om af te sluiten.
Opmerkingen
Als de ontvangst matig is, verplaatst u de antenne en herhaalt u de procedure. Als u de zender via DVB-C ontvangt, zijn de opties [Modus signaalsnelheid] en [Signaalsnelheid] beschikbaar.
Selecteer bij [Modus signaalsnelheid] de optie [Automatisch] tenzij uw kabelaanbieder u een specifieke waarde voor de signaalsnelheid heeft gegeven.
Fijnafstemming van analoge zenders
Als de ontvangst van een analoge TV-zender matig is, probeert u de TV-zender nauwkeuriger af te stemmen.
Opmerking: als u wordt gevraagd een code op te geven, geef dan 8888 op.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Zenderinstellingen] > [Installatie zenders] > [Analoog: handmatige installatie] > [Fijnafstemming] en druk op OK.
- 3. Druk op of om de zender nauwkeuriger af te stemmen.
- 4. Als de juiste zenderfrequentie wordt weergegeven, selecteer dan [Klaar] en druk op OK.
- 5. Selecteer [Vastleggen onder huidig zendernummer] als u de afgestemde zender onder het huidige zendernummer wilt opslaan, of selecteer [Vastleggen onder nieuw zendernummer] als u deze onder een nieuw zendernummer wilt opslaan.
Taalinstellingen wijzigen
Talen voor audio, ondertiteling en teletekst
Digitale TV-zenders zenden mogelijk verscheidene talen voor audio, ondertiteling en teletekst bij een uitzending uit. Stel de gewenste talen in wanneer er meerdere talen beschikbaar zijn.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Zenderinstellingen] of [Satellietinstellingen] > [Taal].
- 3. Selecteer een van de volgende instellingen en druk vervolgens op OK:
[Voorkeurtaal audio]/[Alternatieve taal audio]: hiermee selecteert u de beschikbare audiotaal voor digitale zenders.
[Voorkeurtaal ondertitels]/[Alternatieve taal ondertitels]: hiermee selecteert u de beschikbare ondertitelingstaal voor digitale zenders.
[Voorkeurtaal teletekst]/[Alternatieve taal teletekst]: hiermee selecteert u de beschikbare teletekst voor digitale zenders.
[Slechthorenden]: hiermee schakelt u ondertiteling voor slechthorenden in of uit.
[Slechtzienden] (alleen VK): hiermee selecteert u het apparaat voor audio-uitvoer.
Pagina 44
[Volume - Slechtzienden] (alleen VK): hiermee wijzigt u het volume van de geselecteerde audiotaal voor slechtzienden.
[Gewenst audioformaat]: selecteer [Standaard] als u de standaardaudioindeling (MPEG) wilt ontvangen.
Selecteer [Geavanceerd] als u geavanceerde audio-indelingen (AAC, EAC-3 of AC-3 indien beschikbaar) wilt ontvangen.
[Mono/Stereo]: selecteer [Mono] of [Stereo] als stereo-ontvangst beschikbaar is.
- 4. Druk op om af te sluiten.
Tip: stel in hetzelfde menu een tweede taal in. U ontvangt deze taal als de eerste taal niet beschikbaar is.
Menutaal
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [TV-instellingen] > [Voorkeuren] > [Menutaal].
- 3. Selecteer een menutaal in de lijst en druk op OK.
Nadat het netwerk is geïnstalleerd, selecteert u [Net TV openen] in het hoofdmenu om de startpagina van Net TV te openen.
Wat u nodig hebt.
WAARSCHUWING
Deze TV voldoet alleen aan de EMC-richtlijn als u een afgeschermde Cat5 ethernetkabel gebruikt.
Voor het aansluiten van de router op uw TV adviseren wij u een ethernetkabel te gebruiken die korter is dan 3 meter.
Als u de TV wilt aansluiten op een PC-netwerk en het internet, moet het PC-netwerk een router hebben. Schakel DHCP in op de router. Sluit de router aan op de TV met een netwerkkabel (Ethernet-kabel). U kunt Net TV gebruiken door de TV aan te sluiten op een router die een snelle verbinding heeft met het internet.
U kunt deze TV ook draadloos op een PC-netwerk aansluiten via een optionele draadloze USB-adapter. Ga voor meer informatie naar uw lokale leverancier.
Het netwerk instellen
Voordelen
PC-netwerk
Sluit de TV aan op uw PC-netwerk als u foto's, muziek en films wilt weergeven vanaf een computer of opslagapparaat in dat netwerk.
Nadat het netwerk is geïnstalleerd, selecteert u [PC openen] in het hoofdmenu om de PC-inhoud te bekijken.
Net TV
Als de TV op een PC-netwerk met internetverbinding is aangesloten, kunt u de TV verbinden met Net TV. De startpagina van Net TV biedt films, foto's, muziek, amusement, games en nog veel meer, allemaal geschikt voor uw TV-scherm.
De functie voor het PC-netwerk heeft de DLNA 1.5-certificering. U kunt op uw computer Microsoft Windows XP of Vista, Intel Mac OSX of Linux gebruiken.
Als u PC-inhoud op uw TV wilt weergeven, hebt u recente mediaserversoftware op uw computer nodig. Windows Media Player 11 of gelijkwaardig.
De mediaserversoftware moet worden ingesteld om bestanden met de TV te kunnen delen.
Voor de lijst met ondersteunde mediaserversoftware, ziet u Technische gegevens > Multimedia (Pagina 75).
Pagina 45
Opmerking: als het apparaat als gevolg van een externe elektrostatische storing (d.w.z. een elektrostatische ontlading) niet wordt hersteld in de DLNA-modus, dient de gebruiker dit zelf te regelen.
Bekabelde installatie
Connect the router to the TV using a network cable and switch on the router before you start the network installation.
U kunt de installatie van het bekabelde netwerk starten door de gebruikershandleiding te sluiten, op > [Configuratie] > [Verbinding maken met netwerk] te drukken en vervolgens op OK.
Volg de instructies op het scherm om het bekabelde netwerk te installeren.
De TV zoekt continu naar een netwerkverbinding.
Ga desgevraagd akkoord met de licentieovereenkomst voor eindgebruikers. U vindt de meest recente licentieovereenkomst voor eindgebruikers op www.philips.com.
Geschikt voor WiFi
Projecteer uw PC: Inleiding
Deze TV is geschikt voor Wi-Fi*. Met de draadloze USB-adapter PTA01 als accessoire (afzonderlijk verkrijgbaar) kunt u de TV draadloos met uw netwerk verbinden. Met de gratis Wi-Fi MediaConnect-software kunt u uw PC-scherm op de TV projecteren. Video, muziek of presentaties die u op uw PC afspeelt, kunnen worden geprojecteerd.
*Alleen beschikbaar op bepaalde modellen. Wat hebt u nodig...
Om Wi-Fi MediaConnect te kunnen gebruiken, moet u de TV met uw thuisnetwerk verbinden. U hebt een draadloze router nodig.
Meer informatie over het aansluiten op een netwerk vindt u in Help > De TV instellen > Het netwerk instellen (Pagina 43).
Projecteer uw PC: Installeer Wi-Fi MediaConnect
- 1. Neem de CD-ROM met de Wi-Fi MediaConnect-software die bij de PTA01- adapter wordt geleverd.
- 2. Plaats de CD-ROM in uw PC.
- 3. De PC start de internetbrowser en opent de Wi-Fi MediaConnect-downloadpagina: www.wifimediaconnect.philips.com .Kijk op de website wat de benodigde PC-systeemvereisten zijn.
- 4. Voer de code in die op de envelop van de CD-ROM staat.
- 5. Klik op Nu downloaden om de gratis Wi-Fi MediaConnect-software te downloaden.
- 6. Zodra het downloaden is voltooid, wordt het bestand 'Wi-Fi
MediaConnect_setup.exe' gestart.
- 7. Volg de aanwijzingen op het scherm.
Projecteer uw PC: Geef uw TV een naam Als u twee of meer TV's in uw thuisnetwerk hebt, maak dan een onderscheid door elke TV een unieke naam te geven.
- 1. Druk op en selecteer [Configuratie] > [Netwerkinstellingen] > [Naam van TV-netwerk].
- 2. Druk op OK om het schermtoetsenbord te openen.
- 3. Voer de TV-naam met het schermtoetsenbord in en druk op OK.
Projecteer uw PC: Help
Als u de Help van Wi-Fi MediaConnect wilt raadplegen, klikt u met de rechtermuisknop op het pictogram in de meldingsbalk van de PC en selecteert u Help.
Details
U kunt video bekijken in hoge definitie (HD) of standaarddefinitie (SD), afhankelijk van de verwerkingskracht van de PC.
Bepaalde commerciële DVD/Blu-ray Discs kunnen vanwege beveiligingsmaatregelen niet naar de TV worden geprojecteerd.
PC-mediabestanden worden met een kleine vertraging op de TV weergegeven.
Pagina 46
Wi-Fi MediaConnect is alleen beschikbaar voor de PC.
Projecteer uw PC: PC-vereisten Minimale specificaties
Windows XP, Vista, Windows 7 (alleen PC)
Intel Pentium Core 2 Duo 1,8 GHz 512 MB RAM
200 MB vrije ruimte op de harde schijf Wi-Fi 802.11g
Internetverbinding
Projecteer uw PC: PC-vereisten Aanbevolen specificaties
Windows XP, Vista, Windows 7 (alleen PC)
Intel Pentium Core 2 Duo 2,1 GHz 1 GB RAM
200 MB vrije ruimte op de harde schijf Wi-Fi 802.11n
Internetverbinding
Netwerkinstellingen
De netwerkinstellingen in de TV die worden gebruikt om verbinding te maken met de router, zijn standaard ingesteld op Automatisch. Zo kunt u eenvoudig verbinding maken met een beschikbaar netwerk.
Als u problemen hebt met de netwerkverbinding, kunt u specifieke instellingen aanpassen zodat deze geschikt zijn voor uw thuisnetwerk.
Als u het niet zeker weet, vraag dan iemand met kennis over netwerkinstellingen om u te helpen.
U kunt specifieke netwerkinstellingen instellen door op > [Configuratie] > [Netwerkinstellingen] te drukken en vervolgens op OK.
Voor meer informatie over PC-mediaserverinstellingen (Pagina 45)raadpleegt u de PDF-versie van deze handleiding op internet:
www.philips.com/support.
Instellingen mediaserver op de PC TVersity v.0.9.10.3 (Microsof Windows)
Delen van media inschakelen
Start TVersity in Microsoft Windows. Klik op het tabblad Settings (Instellingen) en klik op de knop Start Sharing (Delen starten).
Er verschijnt een pop-upvenster met de mededeling dat de mediaserver is ingeschakeld. Klik op OK.
Mappen instellen voor het delen van media
Klik in TVersity op het tabblad Sharing.
Klik op het groene plusje en selecteer Add folder (Map toevoegen).
Klik in het pop-upvenster Add media (Media toevoegen) op de knop Browse (Bladeren).
Selecteer in het venster Browse for Folder (Naar map bladeren) een map met muziek, foto's of video's die u wilt delen en klik op OK.
Twonky Media v4.4.2 op Macintosh OS X
Delen van media inschakelen
In Mac OS X start u Twonky Media. Twonky Media wordt geopend.
Pagina 47
Klik in het vak Basic Setup (Basisinstellingen) op Clients/Security (Gebruikers/beveiliging). De instellingen van Clients/Security (Gebruikers/beveiliging) worden weergegeven.
Klik op Enable sharing for new clients automatically, en klik vervolgens op Save Changes.
Het delen van media is ingeschakeld.
Mappen voor het delen van media toevoegen
Klik in het vak Basic Setup (Basisinstellingen) op Sharing (Delen). De instellingen voor Sharing (Delen) worden weergegeven.
Klik op Browse om een maplocatie toe te voegen. Klik op Add new content directory (Nieuwe map toevoegen) om meer mappen toe te voegen.
Wanneer u alle mappen hebt toegevoegd, klikt u op Save changes (Wijzigingen opslaan) en vervolgens op Rescan content directories (Mappen opnieuw scannen).De mediabestanden kunnen vanop de TV worden geopend.
Opmerking: de instructies gelden zowel voor Microsoft Windows XP als voor Vista. Delen van media inschakelen
Start Windows Media Player 11 in Microsoft Windows. Windows Media Player wordt weergegeven.
Schakel in het venster Media Sharing (Media delen) het selectievakje Share my media (Mijn media delen) in en klik op OK.
Als er geen netwerkverbinding is gevonden en als u dit selectievakje niet kunt inschakelen, klikt u op de knop Networking (Netwerk) om het venster Network and Sharing Center (Centrum voor netwerk en delen) weer te geven, …
Stel Network discovery (Netwerkdetectie) in op On (Aan).
Stel File sharing (Bestanden delen) in op On (Aan).
Ga terug naar het venster Media Sharing (Media delen) in Windows Media Player en schakel het selectievakje Share my media (Mijn media delen) in. Klik op OK.
Als de TV via de router is aangesloten op de PC, en alle apparaten zijn ingeschakeld, wordt de TV in het venster Media sharing (Media delen) een Unkown Device (Onbekend apparaat) genoemd. Selecteer het apparaat en klik op Allow (Toestaan).
Als u bepaalde instellingen voor het delen van media wilt wijzigen, opent u het venster Settings (Instellingen). Als er op het apparaatpictogram (de TV) een groen vinkje staat, klikt u op OK.
Mappen instellen voor delen
Pagina 48
Selecteer in het menu van Windows Media Player de optie Library (Mediabibliotheek) en selecteer vervolgens Add to Library (Aan mediabibliotheek toevoegen).
Selecteer in het venster Add To Library (Aan mediabibliotheek toevoegen) de optie My folders and those of others that I can access (Mijn mappen en mappen van anderen waar ik toegang tot heb) en klik op de knop Advanced Options (Geavanceerde opties).
Onder Advanced Options (Geavanceerde opties) kunt u specifieke mappen die u wilt delen aan de lijst toevoegen en op Add (Toevoegen) klikken.
Selecteer in het venster Add Folder (Map toevoegen) een map met muziek, foto's of video's die u met andere apparaten wilt delen en klik op OK.
In het venster Add To Library (Aan mediabibliotheek toevoegen) wordt de zojuist toegevoegde map weergegeven. U kunt meer mappen toevoegen om te delen. Klik op de knop OK om de bestanden aan de bibliotheek toe te voegen.
Nu kunt u luisteren naar muziek, en foto's en video's bekijken op uw TV.
Andere instellingen wijzigen
Energiezuinige instellingen
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op de groene knop.
- 2. Selecteer een van de volgende instellingen en druk vervolgens op OK:
[Energiebesp.]: hiermee past u een combinatie van beeldinstellingen toe om energieverbruik te verminderen. [Scherm dempen]: hiermee schakelt u het TV-scherm uit. Door het scherm te 'dempen', bespaart u energie wanneer u bijvoorbeeld alleen audio wilt beluisteren via de TV.
[Lichtsensor]: hiermee verlaagt de ingebouwde omgevingslichtsensor de helderheid van het TV-beeld wanneer er minder omgevingslicht is en bespaart u energie.
Audioplayback
Schakel de digitale audioplayback in om het beeld op uw TV automatisch te synchroniseren met het geluid van een aangesloten home cinema-systeem.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [TV-instellingen] > [Voorkeuren] > [Vertraging audio-uitvoer] > [Aan] en druk vervolgens op OK.
TV-klok
U kunt een klok weergeven op het TVscherm. De klok geeft de huidige tijd weer op basis van de tijdgegevens die worden ontvangen van uw TV-aanbieder.
De TV-klok weergeven
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Status] en druk vervolgens op OK.
De klok wordt rechtsonder op het televisiescherm getoond.
Pagina 49
De klokmodus wijzigen
De klokmodus is standaard ingesteld op [Automatisch], waarbij de TV-klok wordt gesynchroniseerd met UTC (Coordinated Universal Time). Als uw TV geen UTCtransmissies kan ontvangen, stelt u de klokmodus in op [Handmatig]. [Verschilt per land] past UTC toe en geeft u de optie om [Zomertijd] in te stellen.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [TV-instellingen] > [Voorkeuren] > [Klok] > [Auto klok modus].
- 3. Selecteer [Automatisch], [Handmatig] of [Verschilt per land] en druk vervolgens op OK.
Zomertijd inschakelen of uitschakelen Als de klokmodus is ingesteld op [Verschilt per land], schakelt u zomertijd in of uit als dat nodig is voor uw tijdzone.
- 1. Selecteer in het menu [Klok] de optie [Zomertijd] > [Zomertijd] of [Wintertijd] en druk op OK. De zomertijd wordt ingeschakeld of uitgeschakeld voor uw tijdzone.
De TV-klok handmatig instellen Als de klokmodus is ingesteld op [Handmatig], kunt u de datum en tijd handmatig instellen.
- 1. Selecteer in het menu [Klok] de optie [Datum] of [Tijd] en druk vervolgens op OK.
- 2. Gebruik de Navigatietoetsen om uw keuze te maken en selecteer vervolgens [Klaar].
Locatie TV
Er wordt een reeks TV-instellingen toegepast die zijn afgestemd op de locatie van de TV. Modus Shop of Thuis
De flexibiliteit voor het wijzigen van instellingen is beperkt als de TV-locatie is ingesteld op de modus [Shop]. Stel de TV-locatie in op de modus [Thuis] voor toegang tot alle TV- instellingen.
- 1. Druk tijdens het televisiekijken op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [TV-instellingen] > [Voorkeuren] > [Locatie] > [Thuis] of [Shop] en druk op OK.
- 3. Schakel de TV uit en weer in.
Standaard- of wandmontage
Bepaalde TV-instellingen zijn speciaal aangepast aan de locatie van de TV.
- 1. Selecteer [Plaatsing van de TV] > [Op een TV-standaard] of [Muurbevestiging] in het menu [Voorkeuren] en druk op OK.
Software bijwerken
TV-software
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Software - instellingen] > [Huidige software-informatie] en druk vervolgens op OK. De versie van de huidige software wordt weergegeven.
U kunt de software op de volgende manieren bijwerken:
- a. bijwerken via digitale uitzending.
- b. bijwerken via USB
- c. bijwerken via internet.
Zie de volgende pagina's voor meer informatie.
De TV kan software-updates ontvangen via digitale uitzendingen (indien beschikbaar). Als er een update beschikbaar is, wordt een bericht weergegeven waarin u wordt gevraagd om de software bij te werken. Wij adviseren u sterk de software bij te werken wanneer u daarom wordt gevraagd.
Doe het volgende voordat u deze procedure uitvoert:
Reserveer wat tijd om de volledige update uit te voeren.
Zorg ervoor dat u een USBopslagapparaat met ten minste 256 MB geheugenruimte hebt.
Zorg ervoor dat uw computer beschikt over een USB-poort en internettoegang.
Pagina 50
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Software bijwerken] en druk vervolgens op OK. De Update-assistent wordt gestart. Volg de instructies op het scherm om de update te voltooien.
Opmerking: indien u het upgradebestand al naar een USB-opslagapparaat hebt gedownload, moet u dit apparaat aansluiten op de TV. Selecteer vervolgens [Configuratie] > [Software - instellingen] > [Lokale updates].
Als de televisie is aangesloten op een router die is verbonden met internet, kunt u de software van de televisie rechtstreeks via internet bijwerken. U hebt een high-speed internetverbinding nodig.
- 1. Druk op > [Configuratie] > [Nu bijwerken] en vervolgens op OK.
- 2. Selecteer [Internet] en druk op OK. Volg de instructies op het scherm.
Als de update is voltooid, schakelt de TV automatisch uit en weer in. Wacht tot de televisie weer is ingeschakeld. Gebruik de Aan-uitknop van de televisie niet.
Als de TV verbinding heeft met internet, wordt bij het inschakelen van de TV een melding weergegeven over de beschikbaarheid van nieuwe software.
Help op het scherm
Als u de Help op het scherm wilt bijwerken, hebt u het volgende nodig:
Een lege USB-stick. De USB-stick moet een FAT- of DOS-formattering hebben. Gebruik geen USB harde schijf.
Een PC met internettoegang.
Een archiefprogramma dat de ZIP-bestandindeling ondersteunt (bijvoorbeeld WinZip voor Microsoft Windows of Stufflt voor Macintosh).
Controleer voor het bijwerken van de Help de huidige versie die op uw TV is geïnstalleerd. Als de versie van de Help op uw TV lager is dan de versie die verkrijgbaar is op www.philips.com/support, download en installeer dan het nieuwste Help-bestand.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Help] en druk vervolgens op OK.
De Help wordt op het scherm weergegeven.
- 3. Selecteer Technische gegevens > Afmetingen. Navigeer naar de laatste pagina van deze sectie en noteer het versienummer. Opmerking: het versienummer is een nummer van 12 cijfers, waarbij het laatste cijfer de Help-versie aanduidt die in uw TV is geïnstalleerd. Bijvoorbeeld: als de versie in de TV '3139 137 03583' is, geeft '3' de versie aan van de Help die momenteel is geïnstalleerd.
- 1. Sluit de lege USB-stick aan op een USBaansluiting op uw PC.
- 2. Maak op uw PC een map met de naam 'upgrades' in de hoofdmap van de USB-stick.
- 3. Navigeer met uw webbrowser naar www.philips.com/support.
- 4. Zoek op de Philips-ondersteuningswebsite naar uw product en het Help-bestand voor uw TV. Het Help-bestand (een *.upg-bestand) is gecomprimeerd in een *.zip-archiefbestand.
- 5. Als het Help-bestand op de Philipsondersteuningswebsite een latere versie dan het bestand in uw TV is, klik dan op het bestand om het op de USB-stick op te slaan.
- 6. Pak het *.zip-bestand met het archiefprogramma uit in de map 'upgrades' op de USB-stick.
- 7. Het *.upg-bestand wordt uitgepakt.
- 8. Verwijder de USB-stick uit de PC.
Schakel de TV niet uit en verwijder de USB-stick niet tijdens de update.
Verwijder de USB-stick ook niet uit de TV als er tijdens de update een stroomstoring optreedt. De TV zal verdergaan met de update zodra er weer stroom is.
Pagina 51
Als tijdens de update een fout optreedt, probeer dan de procedure opnieuw uit te voeren. Als de fout hierna nog optreedt, neemt u contact op met Philips Consumer Care.
- 1. Zet de TV aan.
- 2. Sluit de USB-stick met het *.upg-bestand aan op de USB-aansluiting op de TV. Koppel alle andere USB-apparaten los van de TV.
- 3. Druk op .
- 4. Selecteer [Configuratie] > [Software - instellingen] > [Lokale updates].
Het updatescherm verschijnt.
- 5. Selecteer het *.upg-Help-bestand en druk op OK.
Een bericht geeft de updatestatus weer. Volg de instructies op het scherm om de update te voltooien en uw TV opnieuw te starten.
De TV opnieuw installeren
Wanneer u uw TV opnieuw installeert, worden alle beeld- en geluidsinstellingen opnieuw ingesteld en alle TV-zenders opnieuw geïnstalleerd.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [TV-instellingen] > [TV opnieuw instellen] en druk vervolgens op OK.
- 3. Volg de aanwijzingen op het scherm.
Pagina 52
5 De TV aansluiten
Eerste aansluitingen
Voeding
Zorg ervoor dat de stekker in het stopcontact altijd bereikbaar is. Trek het netsnoer altijd aan de stekker en nooit aan het snoer uit het stopcontact.
Hoewel deze TV in stand-by zeer weinig energie verbruikt, wordt u geadviseerd de TV met de aan-uitknop aan de onderkant van de TV uit te schakelen als u de TV langere tijd niet gebruikt.
Antenne
Zoek de antenneaansluiting aan de achterkant van de TV. Steek de antennekabel goed in de antenneaansluiting. Opmerking: steek de antennekabel in de SAT (DVB-S)-connector aan de achterzijde van de TV om DVB-S-uitzendingen te ontvangen. Deze optie is alleen beschikbaar op bepaalde modellen.
Informatie over kabels
Overzicht
Controleer voordat u apparaten op de TV aansluit welke aansluitingen beschikbaar zijn op het apparaat. Sluit het apparaat op de TV aan via de aansluiting met de hoogst beschikbare kwaliteit. Kabels van goede kwaliteit zorgen voor een goede overdracht van beeld en geluid.
De aansluitingen in deze gebruikershandleiding zijn slechts aanbevelingen. Er zijn ook andere mogelijke oplossingen.
Tip: als uw apparaat Composite/RCA-aansluitingen heeft, gebruikt u een SCARTcinch-adapter om het apparaat aan te sluiten op een SCART-aansluiting op de TV.
Pagina 53
Uw apparaten toevoegen
Wanneer u een apparaat op de TV hebt aangesloten, moet u dit apparaat altijd als een item aan het hoofdmenu toevoegen. Wanneer dit item in het hoofdmenu staat, kunt u eenvoudig overschakelen naar dit apparaat.
Als u een nieuw apparaat wilt toevoegen, druk dan op en selecteer [Uw apparaten toevoegen]. Volg de instructies op het scherm.
HDMI
Een HDMI-aansluiting biedt de beste beeld- en geluidskwaliteit.
Video- en audiosignalen worden gecombineerd in één kabel. Gebruik HDMI voor HD-TV-signalen (High-Definition) en om EasyLink in te schakelen.
De HDMI ARC-aansluiting op de TV biedt HDMI ARC-functionaliteit.
Hierdoor kan de audio-uitgang van de TV worden aangesloten op een HDMI ARC-compatibel apparaat.
Gebruik geen HDMI-kabel die langer is dan 5 meter.
Y Pb Pr
Gebruik de Component Video YPbPraansluiting samen met een audio-aansluiting (links en rechts) voor geluid.
Sluit de kabelstekkers aan op de YPbPraansluiting met dezelfde kleur. YPbPr kan HD TV-signalen (High Definition) verwerken.
SCART
Een SCART-kabel combineert video- en audiosignalen. SCART-aansluitingen zijn geschikt voor RGB-videosignalen maar zijn niet geschikt voor HD TV-signalen (High Definition).
Pagina 54
Overzicht van de TV-aansluitingen
Achterzijde
- 1. NETWERK: gegevensinvoer van een netwerk.
- 2. EXT 2 (SCART): analoge audio- en videoinvoer vanaf analoge of digitale apparaten zoals DVD-spelers en gameconsoles.
- 3. SERV. U: uitsluitend bestemd voor onderhoudsmonteurs.
4.EXT 3 Component (Y Pb Pr): analoge audio- en video-invoer vanaf analoge of digitale apparaten zoals DVD-spelers en gameconsoles.
- 5. : stereo audio-uitgang naar hoofdtelefoons of oortelefoons.
Onderzijde
- 1. EXT 1 (SCART): analoge audio- en videoingang vanaf analoge of digitale apparaten zoals DVD-spelers of gameconsoles.
- 2. DIGITAL AUDIO OUT: digitale audio-uitgang naar home cinema-systemen en andere digitale audiosystemen.
3.HDMI: digitale audio- en video-ingang vanaf digitale High Definition-apparaten zoals Blu-ray-spelers.
Pagina 55
4.HDMI ARC: naast gewone HDMIfunctionaliteit, wordt TV-audio ook uitgevoerd naar een HDMI ARC-compatibel apparaat, zoals een home cinema-systeem. 5.AUDIO IN: audio-invoer vanaf een computer.
- 6. ANTENNA: signaalinvoer vanaf een antenne, kabel of satelliet.
- 7. VGA: video-invoer vanaf een computer.
Zijkant
1.HDMI: digitale audio- en video-invoer vanaf digitale HD-apparaten zoals Blu-ray-spelers.
- 2. USB: gegevensinvoer vanaf USBopslagapparaten.
3.CI (Common Interface): sleuf voor een CAM (Conditional Access Module).
- 4. SD CARD: sleuf voor een SD-geheugenkaart.
Pagina 56
Apparaten aansluiten
Blu-ray Disc-speler
Gebruik een HDMI-kabel om de Blu-ray Disc-speler aan te sluiten op een HDMI-aansluiting aan de onderzijde van de TV.
DVD-speler
Gebruik een HDMI-kabel om de DVD-speler aan te sluiten op een HDMI-aansluiting aan de onderzijde van de TV.
Pagina 57
DVD-recorder
Gebruik eerst twee antennekabels om de antenne aan te sluiten op de DVD-recorder en de TV.
Gebruik vervolgens een SCART-kabel om de DVD-recorder aan te sluiten op de SCART-aansluiting op de onderzijde van de TV.
Home cinema-systeem
Gebruik eerst een HDMI-kabel om het apparaat op de TV aan te sluiten.
Pagina 58
Gebruik vervolgens een digitale audiokabel (cinch) om het apparaat op de TV aan te sluiten.
Beeld en geluid synchroniseren (sync)
Als het geluid niet overeenkomt met de video op het scherm, kunt u op de meeste DVD Home cinema-systemen een vertraging instellen om het geluid en het beeld op elkaar af te stemmen.
EasyLink
Als u het geluid van de TV-luidsprekers automatisch wilt uitschakelen wanneer inhoud vanaf uw home cinema-systeem wordt afgespeeld, moet u EasyLink inschakelen. Raadpleeg De TV aansluiten > Philips EasyLink gebruiken > TV-luidsprekers configureren (Pagina 67) voor meer informatie.
Dig. ontvanger/satelliet
Gebruik eerst twee antennekabels om de antenne aan te sluiten op de ontvanger en TV.
Pagina 59
Gebruik vervolgens een SCART-kabel om de ontvanger aan te sluiten op de achterzijde van de TV.
Dig. ontvanger en DVD-R
Gebruik eerst drie antennekabels om de digitale ontvanger en de DVD-recorder aan te sluiten op de TV.
Gebruik vervolgens een SCART-kabel om de digitale ontvanger aan te sluiten op de TV.
Pagina 60
Gebruik vervolgens twee SCART-kabels om de twee apparaten aan te sluiten op de TV.
Dig. ontvanger, DVD-R en HTS
Gebruik eerst drie antennekabels om de twee apparaten aan te sluiten op de TV.
Gebruik vervolgens twee SCART-kabels om de digitale ontvanger aan te sluiten op de DVDrecorder en de DVD-recorder aan te sluiten op de TV.
Pagina 61
Gebruik vervolgens een HDMI-kabel om het home cinema-systeem op de TV aan te sluiten.
Gebruik ten slotte een digitale audiokabel (cinch) om het home cinema-systeem op de TV aan te sluiten.
Dig. HD-ontvanger
Gebruik eerst twee antennekabels om de digitale HD-ontvanger aan te sluiten op de TV.
Pagina 62
Gebruik een HDMI-kabel om de digitale HD-ontvanger op de TV aan te sluiten.
Meer apparaten aansluiten
Gameconsole
De meest praktische aansluiting voor een gameconsole bevindt zich aan de zijkant van de TV. Indien nodig vindt u aan de achterzijde van de TV ook nog aansluitingen.
De spelmodus inschakelen Stel de TV in op de [Spel]modus om vertraagde beeldweergave te voorkomen.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Smart beeld] > [Spel] en druk op OK.
- 3. Druk op om af te sluiten.
De meest praktische aansluiting voor een gameconsole bevindt zich aan de zijkant van de TV.
Als u de aansluiting aan de zijkant niet kunt gebruiken, gebruikt u een HDMI- of de EXT2-kabel (YPbPr en Audio L/R) aan de achterzijde van de TV om de spelconsole aan te sluiten. (Op bepaalde modellen wordt EXT2 aangeduid als EXT3.)
Pagina 63
Dig. camera
Koppel uw digitale camera via de USBaansluiting aan de achterzijde van de TV om foto's te bekijken die op de camera staan. Schakel de digitale camera in. Als de inhoud van de camera niet automatisch wordt weergegeven, moet u wellicht de PTPfunctie (Picture Transfer Protocol) op de camera inschakelen. Raadpleeg de handleiding van de camera voor meer informatie.
Pagina 64
Dig. camcorder
De meest praktische aansluiting voor een camcorder bevindt zich aan de zijkant van de TV.
Gebruik anders een HDMI- of de Component Video- en audiokabel (YBbPr en Audio L/R) om de camcorder op de achterzijde van de TV aan te sluiten.
Zenderdecoder
Voordat u een SCART-decoder voor digitale zenders gebruikt, selecteert u de zender die u wilt decoderen en wijst u de decoder toe aan de SCART-aansluiting.
- 1. Druk op .
- 2. Selecteer [Configuratie] > [Zenderinstellingen] > [Decoder] > [Zender].
- 3. Stem af op de zender die u wilt decoderen.
- 4. Selecteer [Status] en vervolgens de locatie van de decoder.
- 5. Druk op OK.