naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens ED877FS25E, tekst van de handleiding

Pagina's 12–30 van 36 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 3–11verder op pagina 31 →

Pagina 12

nl Voor het eerste gebruik

Functies voor de ventilatie

U kunt dit apparaat gebruiken voor luchtafvoer en circulatielucht.

Gebruik met afvoerlucht

De aangezogen lucht wordt door de vetfilters gereinigd en via een buizensysteem naar de buitenlucht afgevoerd.

Wordt de afvoerlucht door de buitenmuur geleid, dan dient er een telescoop-muurkast te worden gebruikt.

Gebruik met circulatielucht

De aangezogen lucht wordt door de vetfilters en een actief koolfilter gereinigd en weer teruggeleid naar de keuken.

Aanwijzing: Om geurtjes te voorkomen bij het gebruik van circulatielucht, dient u een actief koolfilter te monteren. De verschillende manieren om het apparaat met circulatielucht te gebruiken, vindt u in de prospectus of kunt u navragen bij uw speciaalzaak. Het daartoe benodigde toebehoren is verkrijgbaar bij de speciaalzaak, de klantenservice of in de online-shop.

Voor het eerste gebruik

Volg voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt de volgende aanwijzing op:

Het apparaat en de accessoires grondig schoonmaken.

Voordat u uw nieuwe apparaat kunt gebruiken moet u enkele instellingen uitvoeren:

Eerste gebruik

Aanwijzing: Het apparaat is bij levering op ingesteld op luchtcirculatie.

Mogelijke instellingen:

Zie "Basisinstellingen" op pagina 23 om het apparaat naar de circulatiefunctie om te zetten.

1Apparaat bedienen

In dit hoofdstuk kunt u lezen hoe u een kookzone instelt. In de tabel vindt u kookstanden en bereidingstijden voor verschillende gerechten.

Waarschuwing – Gevaar voor verbranding!

De filterafdekking van metaal wordt op de kookplaat heel snel heet. De filterafdekking nooit op de kookplaat leggen.Geen pannen op de filterafdekking plaatsen of er andere voorwerpen op leggen.

Aanwijzing: Schakel de ventilatie in zodra u begint met koken en schakel hem pas enkele minuten na het koken weer uit. Zo wordt de keukendamp het meest effectief verwijderd.

Aanwijzing: Het apparaat nooit gebruiken zonder reservoir, metalen vetfilter en filterafdekking.

Kookplaat in- en uitschakelen

U schakelt de kookplaat met de hoofdschakelaar in en uit.

Inschakelen: raak het symbool aan. Er klinkt een signaal. De indicatie boven de hoofdschakelaar en de kookzone-indicaties lichten op. De kookplaat is klaar voor gebruik.

Uitschakelen: het symbool aanraken tot de indicatie verdwijnt. Alle kookzones zijn uitgeschakeld. De restwarmte-indicatie blijft verlicht tot de kookzones voldoende zijn afgekoeld.

Aanwijzingen

De kookzone afstellen

Regel de gewenste vermogensstand in de programmeerzone.

Vermogensstand 1 = minimumvermogen.

Vermogensstand 9 = maximumvermogen.

Elke vermogensstand is voorzien van een tussenliggende afstelling. Deze wordt aangegeven met een punt.

Aanwijzingen

Pagina 13

Apparaat bedienen nl

Kookzone en kookstand kiezen

De kookplaat moet ingeschakeld zijn.

De kookstand is ingesteld.

De vermogensstand wijzigen

Selecteer de kookzone en regel de gewenste vermogensstand in de programmeerzone.

De kookzone uitschakelen

Selecteer de kookzone en stel af op in de programmeerzone. De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator verschijnt.

Aanwijzingen

Ook al worden er meerdere pannen geplaatst, bij het inschakelen van de kookplaat wordt er maar één gedetecteerd.

Ventilatie in- en uitschakelen

Aanwijzing: Pas de vermogensstand altijd aan de actuele omstandigheden aan. Kies bij een sterke kookdamp ook een hoge vermogensstand.

Aanwijzing: Wanneer er geen metalen vetfilter is geplaatst, kan de ventilatie niet worden ingeschakeld. Plaats de metalen vetfilter. De functies van de kookplaten zijn ook zonder metalen vetfilter beschikbaar. "Reinigen" op pagina 26

Aanwijzing: Ventilatieopeningen niet blokkeren met voorwerpen.Geen voorwerpen op de filterafdekking plaatsen. Anders wordt het vermogen van de ventilatie verminderd.

Aanwijzing: Bij hoge pannen kan geen optimaal afzuigvermogen worden gegarandeerd. Het afzuigvermogen kan worden verbeterd door een deksel schuin op de pan te leggen.

Ventilatie inschakelen

Wanneer de ventilatie niet kan worden ingeschakeld, de metalen vetfilter correct aanbrengen.

De ventilatie start op vermogensstand . De ingestelde vermogensstand verschijnt op het display.

Aanwijzingen

De ingestelde vermogensstand verschijnt op het display.

De ingestelde vermogensstand verschijnt op het display.

Ventilatie uitschakelen

Wilt u het apparaat uitschakelen, raak dan het symbool aan. Wilt u alleen de ventilatie uitschakelen, ga dan als volgt te werk:

Aanwijzing: Afhankelijk van de gekozen basisinstellingen start de naloop nadat het apparaat is uitgeschakeld.

Pagina 14

nl Apparaat bedienen

Intensief-stand

Activeer de intensiefstand in geval van sterke geur- of dampontwikkeling. Hierbij werkt de ventilatie gedurende korte tijd in de hoogste stand. Na korte tijd schakelt hij zelfstandig terug naar een lagere stand.

Inschakelen

Op het display wordt weergegeven, de lijn onder de vermogensstand is verlicht.

Op het display wordt weergegeven. De lijn onder het symbool brandt. De ventilatorstand is geactiveerd.

Op het display wordt weergegeven. De lijn onder het symbool brandt. De intensiefstand is geactiveerd.

Aanwijzing: Na acht minuten schakelt het apparaat zelfstandig terug naar de vermogensstand .

Uitschakelen

Automatische start

Zodra er een vermogensstand voor een kookplaat wordt gekozen, zijn afhankelijk van de gekozen basisinstellingen de volgende opties mogelijk:

Kies de gewenste optie in de basisinstellingen. "Basisinstellingen" op pagina 23

Naloop-functie

De naloopfunctie laat het ventilatiesysteem na het uitschakelen enkele minuten verder lopen. Zo wordt nog aanwezige kookdamp verwijderd.Hierna schakelt het ventilatiesysteem automatisch uit.

In de basisinstellingen ( Blz. 23) kunt u de volgende opties voor de naloop kiezen:

Aanwijzing: De naloop schakelt alleen in wanneer er minstens één kookzone minimaal één minuut is ingeschakeld.

Uitschakelen

Symbool aanraken.

De naloopfunctie wordt direct beëindigd.

Wanneer een van de volgende voorwaarden van toepassing is, wordt de naloopfunctie uitgeschakeld:

Kookadvies

Advies

Pagina's 15–16: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 17

CombiZone nl

CombiZone

Met deze functie kunnen de beide kookzones aan de linkerkant, die even groot zijn, samengeschakeld worden. Hierbij wordt voor beide kookzones dezelfde kookstand ingesteld.Deze is bijzonder geschikt voor de bereiding met langwerpig kookgerei.

Aanwijzingen voor het kookgerei

Voor optimale resultaten dient u in het gebied van beide kookzones geschikt, ovaal kookgerei te gebruiken. Plaats het kookgerei in het midden van de kookzones.

Wordt op een van beide kookzones slechts één vorm gebruikt, dan kan deze naar de tweede kookzone worden verschoven. In dit geval worden de kookstand en de gekozen instellingen overgenomen.

Activeren

De functie is geactiveerd.

De vermogensstand wijzigen

Wijzig in de programmeerzone de vermogensstand.

Deactiveren

Kies een van de beide kookzones die bij deze functie horen en raak het symbool aan.

De functie is gedeactiveerd. De beide kookzones functioneren verder als twee onafhankelijke kookzones.

Move-functie

Met deze functie kunt u de beide kookzones aan de linkerkant, die even groot zijn, samenschakelen en voor beide kookstanden verschillende kookstanden kiezen. Vooraf ingestelde kookstanden:

Voorste kookzone = kookstand

Achterste kookzone = kookstand .

De kookstanden kunnen voor elke kookzone onafhankelijk van elkaar worden veranderd.

Aanwijzingen

Tips voor het gebruik van pannen

Om te zorgen voor een goede detectie en verdeling van de warmte, wordt aanbevolen de pan correct te centreren:

Gebruik slechts ëén kookgerei waardoor maar één kookzone wordt bedekt.

Het kookgerei van de ene naar de andere kookzone schuiven:

Pagina 18

nl Tijdfuncties

Activeren

De kookstanden zijn verlicht in de indicaties van beide kookzones.

De functie is geactiveerd.

Aanwijzingen

Kookstand wijzigen

Een van de twee kookzones kiezen die bij de Movefunctie horen en de kookstand in het instelgebied veranderen.

Aanwijzing: Wordt de functie gedeactiveerd, dan krijgen de kookstanden weer hun oorspronkelijke instellingen.

Deactiveren

Raak het symbool aan.

De functie is gedeactiveerd.

Aanwijzing: Wanneer één van de twee kookzones op wordt gezet, wordt de functie binnen ca. 10 seconden gedeactiveerd.

Tijdfuncties

Uw kookplaat beschikt over twee timer-functies:

Programmering van de bereidingstijd

De kookzone schakelt na afloop van de ingestelde tijd automatisch uit.

Zo stelt u in:

Na enkele seconden begint de tijd af te lopen.

Aanwijzingen

BraadSensor

Wordt er een bereidingstijd geprogrammeerd voor een kookzone en is de braadSensor geactiveerd, dan begint de bereidingstijd pas af te lopen wanneer de gekozen temperatuurstand bereikt is.

De tijd wijzigen of annuleren

Selecteer de kookzone en druk vervolgens op het symbool 0.

Wijzig de kooktijd in de programmeerzone of stel af op om de tijd te annuleren.

Na het verstrijken van de tijd

De kookzone wordt uitgeschakeld. Er klinkt een waarschuwingssignaal. Op de visuele indicator van de timerfunctie licht 10 seconden lang op.

Als op het symbool 0 wordt gedrukt, gaan de indicators uit en stopt het akoestische signaal.

Aanwijzingen

De kookwekker

Met de kookwekker kunt u een tijd tot 99 minuten instellen.

Hij functioneert onafhankelijk van de kookzones en andere instellingen. Deze functie schakelt een kookzone niet automatisch uit.

Zo wordt dit geprogrammeerd

De tijd wijzigen of annuleren

Druk meerdere keren op het symbool 0 tot de indicator oplicht. Wijzig de tijd in de programmeerzone of stel af op .

Na het verstrijken van de tijd

Er klinkt een waarschuwingssignaal. Op de visuele indicator van de timerfunctie verschijnt en de indicator gaat branden. Na 10 seconden gaan de indicators uit.

Als op het symbool 0 wordt gedrukt, gaan de indicators uit en stopt het akoestische signaal.

Pagina 19

PowerBoost-functie nl

PowerBoost-functie

Met de PowerBoost-functie kunnen grote hoeveelheden water sneller worden verwarmd dan met de betreffende kookstand .

Deze functie kan alleen worden geactiveerd voor een kookzone wanneer de andere kookzone van dezelfde groep niet in gebruik is (zie Afb.). Anders knipperen en in de indicatie van de gekozen kookzone; vervolgens wordt automatisch de kookstand ingesteld zonder de functie te activeren.

Aanwijzing: In het gebied van de combi-zone kan de powerboost-functie alleen worden geactiveerd wanneer de twee kookzones onafhankelijk van elkaar worden gebruikt.

Activeren

Deactiveren

De indicatie verdwijnt en de kookzone schakelt terug naar de kookstand .

De functie is gedeactiveerd.

Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan het voorkomen dat de PowerBoost-functie automatisch uitgaat, ter bescherming van de elektronische componenten binnenin de kookplaat.

Braadsensor

Met deze functie is het mogelijk te bakken met behoud van de geschikte pantemperatuur.

Deze kookzones zijn voorzien van het symbool van de bakfunctie.

Voordelen bij het bakken en braden

Aanwijzingen

Pannen voor de braadSensor

Voor deze functie bestaan speciale pannen.Deze kunnen in de vakhandel of via onze servicedienst worden aangeschaft. Geef steeds het corresponderende referentienummer aan.

De pannen zijn voorzien van een antiaanbaklaag, daarom hoeft er bij het bakken en braden nauwelijks olie te worden gebruikt.

Aanwijzingen

Pagina's 20–21: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 22

nl Kinderslot

Kinderslot

Met het kinderslot kunt u voorkomen dat kinderen de kookplaat inschakelen.

Het kinderslot activeren en deactiveren

De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.

Activeren: houd het symbool gedurende circa 4 seconden ingedrukt. De indicator naast het symbool gaat branden gedurende 10 seconden. De kookplaat is geblokkeerd.

Deactiveren: houd het symbool gedurende circa 4 seconden ingedrukt. De blokkering is gedeactiveerd.

Automatisch kinderslot

Met deze functie wordt het kinderslot altijd automatisch ingeschakeld als de kookplaat wordt uitgeschakeld.

In- en uitschakelen

In het hoofdstuk "Basisinstellingen" kunt u lezen hoe u het automatische kinderslot inschakelt.

Wrijfbeveiliging

Wanneer u over het bedieningspaneel wrijft als de kookplaat ingeschakeld is, kunnen er instellingen veranderen. Om dit te voorkomen kan het bedieningspaneel voor reinigingsdoeleinden worden geblokkeerd.

Activeren: het symbool aanraken. Er klinkt een signaal. Het bedieningspaneel is 35 seconden lang geblokkeerd. U kunt over het oppervlak van het bedieningspaneel wrijven zonder de instellingen te veranderen.

Deactiveren: Na 35 seconden wordt het bedieningspaneel gedeblokkeerd. Om de functie voortijdig op te heffen het symbool aanraken.

Aanwijzingen

Automatische veiligheidsuitschakeling

Wanneer een kookzone langere tijd in gebruik is en er geen instellingen gewijzigd zijn, wordt de automatische veiligheidsuitschakeling geactiveerd.

De kookzone warmt niet meer op. In de kookzone-indicatie van de kookzone knipperen afwisselend , en de restwarmte-indicatie of .

Wordt een willekeurig symbool aangeraakt, dan schakelt de indicatie uit. De kookzone kan nu opnieuw worden ingesteld.

Het tijdstip van de automatische veiligheidsuitschakeling is afhankelijk van de ingestelde kookstand (na 1 tot 10 uur).

Pagina 23

Basisinstellingen nl

Basisinstellingen

Het apparaat heeft verschillende basisinstellingen.

U kunt deze aanpassen aan uw gewoonten.

IndicatieFunctie
Automatisch kinderslot
• Handmatig*.
• Automatisch.
• Functie gedeactiveerd.
Akoestische signalen
• Bevestigings- en foutsignaal zijn uitgeschakeld.
• Alleen het foutsignaal is ingeschakeld.
• Alleen het bevestigingssignaal is ingeschakeld.
• Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld.*
Energieverbruik weergeven
• Uitgeschakeld.*
• Ingeschakeld.
Automatische programmering van de bereidingstijd
• Uitgeschakeld.* - tijd tot de automatische uitschakeling.
Duur van het timer-einde-geluidssignaal
10 seconden.* 30 seconden. 1 minuut.
Power-Management-functie.Totale vermogen van de kookplaat begrenzen De beschikbare instellingen zijn afhankelijk van het maximale vermogen van de kookplaat.
• Gedeactiveerd. Maximaal vermogen van de kookplaat. */** 1000 W minimaal vermogen.
. 1500 W.
...
3000 W aanbevolen voor 13 ampère.
. 3500 W aanbevolen voor 16 ampère.
4000 W . 4500 W aanbevolen voor 20 ampère.
...
of . Maximale vermogen van de kookplaat.**
Keuzetijd van de kookzone
• Onbegrensd: de laatste ingestelde kookzone blijft geselecteerd.*
• Begrensd: de kookzone blijft slechts enkele seconden lang geselecteerd.
Pan controleren, resultaat van het bereidingsproces
• Niet geschikt
• Niet optimaal
• Geschikt
* Fabrieksinstellingen
**Het maximale vermogen van de kookplaat wordt aangegeven op het typeplaatje.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

Pagina 24

nl Weergave van het energieverbruik

IndicatieFunctie
Luchtcirculatie of luchtafvoer instellen
• Luchtcirculatie is ingesteld.*
• Luchtafvoer is ingesteld.
Automatische start instellen
• Uitgeschakeld.
• Ingeschakeld: de ventilator start in een vastgelegde vermogensstand.*
Naloop instellen
• Uitgeschakeld.
• Ingeschakeld: de ventilatie loopt ca. 6 minuten met luchtafvoer in vermogensstand en met luchtcirculatie gedurende circa 30 minuten in de vermogensstand en wordt na afloop hiervan automatisch uitgeschakeld.*
Terugzetten naar de fabrieksinstellingen
• Individuele instellingen.*
• Terugzetten naar de fabrieksinstellingen.
* Fabrieksinstellingen
**Het maximale vermogen van de kookplaat wordt aangegeven op het typeplaatje.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

Zo komt u bij de basisinstellingen:

De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.

De eerste vier indicaties geven de productinformatie weer. Raak het instelgebied aan, om de afzonderlijke indicaties te kunnen zien.

ProductinformatieIndicatie
Klantenservice-index (KI)
Fabricagenummer
Fabricagenummer 1.
Fabricagenummer 2.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

In de indicaties knipperen en afwisselend en verschijnt als voorinstelling.

De instellingen zijn opgeslagen.

De basisinstellingen verlaten

Schakel de kookplaat uit met de hoofdschakelaar.

Weergave van het energieverbruik

Deze functie geeft op de kookplaat het totale energieverbruik weer van de laatste keer dat hij is gebruikt.

Na uitschakeling van de kookplaat wordt gedurende 10 seconden het verbruik in kilowattuur weergegeven, bijv. . kWh.

De precisie van de indicatie is onder andere afhankelijk van de spanningskwaliteit van het elektriciteitsnet.

In het hoofdstuk "Basisinstellingen" kunt u lezen hoe u deze functie inschakelt

Pagina 25

Kookgerei-test nl

Kookgerei-test

Met deze functie kunnen de snelheid en kwaliteit van het kookproces afhankelijk van het kookgerei worden gecontroleerd.

Het resultaat is een referentiewaarde en hangt af van de eigenschappen van het kookgerei en de gebruikte kookzone.

De functie is geactiveerd.

Na 10 seconden verschijn in de kookzone-indicatie het resultaat over de kwaliteit en snelheid van het kookproces.

Controleer het resultaat aan de hand van de volgende tabel:

Resultaat
•Het kookgerei is niet geschikt voor de kookzone en wordt daarom niet verwarmd.*
•Het kookgerei wordt langzamer warm dan verwacht en het kookproces verloopt niet optimaal.*
•Het kookgerei wordt goed verwarmd en het kookproces verloopt goed.
* Is er een kleinere kookzone aanwezig, test het kookgerei dan nog een keer op de kleinere kookzone.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)

Raak het instelbereik aan om deze functie weer te activeren.

Aanwijzingen

Power-Manager

Met de functie Power-Manager kan het totale vermogen van de kookplaat worden ingesteld.

De kookplaat is in de fabriek vooringesteld. Het hoogste vermogen is aangegeven op het typeplaatje. Met de functie Power-Manager kan de waarde volgens de vereisen van de betreffende elektro-installatie worden gewijzigd.

Om deze instelwaarde niet te overschrijden, verdeelt de kookplaat het beschikbare vermogen automatisch over de ingeschakelde kookzones.

Zolang de functie Power-Manager is geactiveerd, kan het vermogen van een kookzone tijdelijk onder de normale waarde vallen. Wordt er een kookzone ingeschakeld en is de vermogensbegrenzing bereikt, dan verschijnt kort in de kookstanden-indicatie. Het apparaat regelt en kiest automatisch een zo hoog mogelijke vermogensstand.

Voor meer informatie over de manier waarop het totale vermogen van de kookplaat wordt gewijzigd, zie het hoofdstuk "Basisinstellingen"

Pagina 26

nl Reinigen

Reinigen

Waarschuwing – Verbrandingsgevaar!

Het apparaat wordt heet tijdens de bereiding. Laat het voor de reiniging afkoelen.

Waarschuwing – Gevaar voor verbranding!

Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik. Als er hete vloeistof in het apparaat terechtkomt, het apparaat minstens twee uur laten afkoelen alvorens de filterafdekking, de metalen vetfilter, het reservoir, het overloopreservoir of de behuizingsafdekking te verwijderen.

Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.

Waarschuwing – Gevaar van een elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Het toestel alleen met een vochtige doek schoonmaken. Vóór het reinigen de netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.

Waarschuwing – Risico van letsel!

Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen scherpe randen hebben. Veiligheidshandschoenen dragen.

Aanwijzing: Gebruik slechts weinig water bij het schoonmaken. Er mag geen water in het apparaat komen.

Aanwijzingen

Schoonmaakmiddelen

Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor kookplaten. Lees de aanwijzingen van de fabrikant op de productverpakking.

Neem alle aanwijzingen en waarschuwingen in acht die bij de reinigingsmiddelen vermeld worden.

Geschikte reinigings- en onderhoudsmiddelen kunt u kopen via de klantenservice of in onze e-shop.

Attentie!

Schade aan het oppervlak

Gebruik:

Attentie!

Schade aan het oppervlak

Nieuwe vaatdoekjes voor gebruik altijd grondig uitwassen!

Houd u aan de opgaven in de tabel, om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken worden beschadigd door verkeerde schoonmaakmiddelen.

GebiedSchoonmaakmiddelen
GlaskeramiekGlasreiniger bij vlekken als gevolg van kalk- en waterresten:
Maak de kookplaat schoon zodra hij afgekoeld is. Er kan een geschikt schoonmaakmiddel voor kookplaten van glaskeramiek of glasreiniger (artikelnr. 00311499) worden gebruikt.
Schraper (artikelnr. 00087670) bij vlekken als gevolg van suiker, maïzena of plastic: Direct verwijderen. Voorzichtig: risico van verbranding.
Vervolgens met een vochtig schoonmaakdoekje reinigen en met een doek nadrogen. Aanwijzing: Geen schoonmaakmiddelen voor de vaatwasmachine gebruiken.
Roestvrij staalWarm zeepsop:
Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen.
Gebruik slechts weinig water bij het schoonmaken. Er mag geen water in het apparaat komen.
Ingedroogde plekken met een beetje water en wat schoonmaakmiddel laten inweken, niet wegschuren.
Roestvrijstalen oppervlakken uitsluitend reinigen in de slijprichting.
Bij de servicedienst, bij onze e-shop of in speciaalzaken zijn speciale onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal (artikelnr. 00311499) verkrijgbaar. Het schoonmaakmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek.
Aanwijzing: Geen schaper gebruiken om de omlijsting van de kookplaat schoon te maken.
KunststofWarm zeepsop:
Schoonmaken met een zachte doek of in de vaatwasmachine.
BedieningselementenWarm zeepsop of een geschikte glasreiniger (artikelnr. 00311499):
Met een vochtig schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen.
FilterafdekkingWarm zeepsop:
Met een vochtig schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

Pagina 27

Reinigen nl

Onderdelen die dienen te worden gereinigd

Nr.Aanduiding
1Filterafdekking
2Metalen vetfilter
3Reservoir
4Kookplaat
5Bedieningspaneel
6Overloopreservoir
7Afdekking van de behuizing
8Actieve koolfilter (alleen bij de circulatiefunctie)

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)

Kookplaatomlijsting (alleen bij apparaten die hiervan zijn voorzien)

Om schade aan de omlijsting van de kookplaat te voorkomen, dient u zich te houden aan de volgende aanwijzingen:

Kookplaat

Maak de kookplaat altijd schoon na het koken. Hierdoor wordt voorkomen dat achtergebleven resten van etenswaar inbranden. Maak de kookplaat pas schoon wanneer de indicatie van de restwarmte verdwenen is. Verwijder overgekookte vloeistof direct, laat geen etensresten indrogen.

Reinig de kookplaat met een vochtig schoonmaakdoekje en droog hem vervolgens met een doek na, zodat er geen kalkvlekken ontstaan.

Hardnekkig vuil verwijdert u het best met een in de handel verkrijgbare schraper of een reinigingsmiddel voor glaskeramiek.Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant.

Geschikte schrapers (artikelnr. 00087670) kunt u kopen via de servicedienst of in onze online-shop.

Met speciale sponsjes voor het reinigen van kookplaten van glaskeramiek bereikt u goede resultaten.

Ventilatie

Om het reuk- en vetafscheidingsgehalte te garanderen moeten de filters regelmatig worden vervangen of schoongemaakt.

Metalen vetfilter

De metalen vetfilters moeten om de 30 bedrijfsuren en in elk geval maandelijks worden gereinigd.

Waarschuwing – Risico van brand!

De vetafzettingen in het vetfilter kunnen ontbranden.

Vetfilter minstens één keer in de maand reinigen.

Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken.

Actief koolfilter

De actieve koolfilter dient regelmatig te worden vervangen.Zie hiervoor de verzadigingsindicatie van uw apparaat.

Verzadigingsindicatie

Als de metalen vetfilter of de actieve koolfilter verzadigd is, klinkt er na het uitschakelen van het apparaat een signaal.

Op het display zijn de volgende symbolen verlicht:

Uiterlijk op dit moment dienen de metalen vetfilters gereinigd of de actieve koolfilters vervangen te worden.

Wanneer u de betreffende filter gereinigd of vervangen heeft, dient u de verzadigingsindicatie terug te zetten, zodat de indicaties en niet meer verlicht zijn.

Pagina 28

nl Reinigen

Na uitschakeling van het apparaat is of verlicht.

Er klinkt een geluidssignaal. De verzadigingsindicatie voor de metalen vetfilter is teruggezet.

Er klinkt een geluidssignaal. De verzadigingsindicatie voor de actieve koolfilter is teruggezet.

Actief koolfilter vervangen (alleen bij de ventilatiefunctie)

Actef koolfilters binden de reukstoffen uit de kookdamp. Ze worden alleen gebruikt bij de circulatiefunctie.

Aanwijzingen

Aanwijzing: Zorg ervoor dat alle sluitingselementen correct gesloten zijn. Anders kunnen er geurtjes ontstaan en kan het vermogen van de ventilatie afnemen.

Metalen vetfilter demonteren

Metalen vetfilters filteren het vet uit de kookdampen. Om een optimale functie te garanderen moeten de filters in elk geval maandelijks worden gereinigd.

Aanwijzing: Zorg ervoor dat de filterafdekking niet naar beneden valt en de kookplaat beschadigt.

Aanwijzing: Op de bodem van het reservoir kan zich vet verzamelen.Metalen vetfilter niet schuin houden, om te voorkomen dat er vet vanaf druipt.

Aanwijzing: Op het ventilatorwiel kan er druppelvorming ontstaan. Dit is normaal en ontstaat door de condensatie van de kookdampen. Er bestaat geen veiligheidsrisico en geen gevaar voor beschadiging. De elektrische componenten van het apparaat zijn beschermd.

Pagina 29

Reinigen nl

Metalen vetfilter reinigen

Aanwijzingen

Met de hand:

Aanwijzing: Bij hardnekkig vuil kunt u een speciaal vetoplosmiddel gebruiken (artikelnr. 00311297). Dit kan worden besteld via de online-shop.

In de vaatwasmachine:

De metalen vetfilter niet inklemmen.

Meer apparaatonderdelen verwijderen en schoonmaken

Ook de binnenkant van het ventilatie-element dient regelmatig te worden schoongemaakt. Bij hardnekkig vuil kunt u een speciaal vetoplosmiddel gebruiken (artikelnr. 00311297).

Metalen vetfilter inbrengen

Aanwijzing: Zorg ervoor dat de metalen vetfilter correct ingebracht is. De ventilatie functioneert anders niet.

Verzadigingsindicaties terugzetten

Wanneer u de betreffende filter gereinigd of vervangen heeft, dient u de verzadigingsindicatie terug te zetten, zodat de indicaties en niet meer verlicht zijn.

Na uitschakeling van het apparaat is of verlicht.

Er klinkt een geluidssignaal. De verzadigingsindicatie voor de metalen vetfilter is teruggezet.

Er klinkt een geluidssignaal. De verzadigingsindicatie voor de actieve koolfilter is teruggezet.

Pagina 30

nl Reinigen

Overloopreservoir schoonmaken

Aanwijzingen

Aanwijzingen

← pagina's 3–11verder op pagina 31 →Inhoud