naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens EH675MD21E, tekst van de handleiding

Pagina's 15–24 van 56 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← begin van de handleidingverder op pagina 25 →

Pagina's 1–14: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 15

Inhoudsopgave

Raadgevingen en waarschuwingen omtrent de veiligheid.. 16

Veiligheidsaanwijzingen.................................................................. 16

Oorzaken van schade..................................................................... 17

Bescherming van het milieu ................................................... 17

Verwijdering van afvalstoffen op een milieuvriendelijke manier ............................................................................................................. 17

Tips om energie te besparen ........................................................ 17

Koken op Inductie.................................................................... 17

Voordelen van het Koken op Inductie ......................................... 17

Geschikte pannen............................................................................ 17

Het apparaat leren kennen...................................................... 18

Het bedieningspaneel..................................................................... 18

De kookzones................................................................................... 19

Restwarmte-indicator....................................................................... 19

Programmeren van de kookplaat .......................................... 19

Aan- en uitzetten van de kookplaat.............................................. 19

De kookzone afstellen .................................................................... 19

Kooktabel .......................................................................................... 19

Frituurfunctie............................................................................ 21

Pannen voor de frituurfunctie ........................................................ 21

De temperatuurniveaus................................................................... 21

Zo wordt dit geprogrammeerd...................................................... 21

Tabel................................................................................................... 22

Frituurprogramma's ......................................................................... 23

Kinderslot..................................................................................23

Het kinderslot activeren en deactiveren .................................... 23

Het permanente kinderslot inschakelen of uitschakelen........ 23

Functie Powerboost..................................................................23

Gebruiksbeperkingen ..................................................................... 23

Activeren............................................................................................ 23

Deactiveren....................................................................................... 23

Timerfunctie..............................................................................24

Een kookzone automatisch uitschakelen.................................... 24

Automatische timer ......................................................................... 24

De kookwekker ................................................................................ 24

Automatische tijdslimiet ..........................................................24 Beschermingsfunctie bij reiniging..........................................25 Basisinstellingen......................................................................25

Terugkeren naar de basisinstellingen.......................................... 26

Onderhoud en reiniging...........................................................26

Kookplaat.......................................................................................... 26

Omlijsting van de kookplaat.......................................................... 26

Repareren van storingen ........................................................26

Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat............... 27

Servicedienst ............................................................................27

Produktinfo

Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.siemens-home.com en in de online-shop: www.siemens-eshop.com

Pagina 16

ã=Raadgevingen en waarschuwingen omtrent de veiligheid

Lees deze instructies aandachtig door. Alleen dan kunt u het apparaat op de juiste wijze gebruiken.

Bewaar de gebruiks- en montage-instructies. Indien u het apparaat aan iemand anders overdraagt, geef dan ook de documentatie van het apparaat mee.

Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren.

Veiligheidsaanwijzingen

Dit apparaat werd uitsluitend voor huishoudelijk gebruik ontworpen. De kookplaat mag uitsluitend gebruikt worden voor het bereiden van voedsel. Laat het apparaat niet onbeheerd achter als het aan staat.

Veilig gebruik

Voor een veilig gebruik van dit apparaat mogen volwassenen en kinderen die wegens

niet bekwaam zijn om dit apparaat te gebruiken, dat alleen doen onder toezicht van een verantwoordelijk volwassen persoon.

Houd kinderen in de gaten en voorkom dat zij met het apparaat gaan spelen.

Olie en vet zijn te warm

Brandgevaar!

De hete olie en vet zijn gemakkelijk ontvlambaar. Laat oververhitte olie of oververhit vet niet onbewaakt achter. Indien de olie of het vet vlam vat, blus het vuur dan nooit met water. Doof de vlammen met een doek of een bord. Schakel de kookzone uit.

Het bereiden van voedsel au bain-marie

Met de bereidingswijze au bain-marie kan het voedsel worden verwarmd in een pan die op zijn beurt in een grotere pan water wordt geplaatst. Zo wordt het voedsel op langzame en constante wijze verwarmd, door middel van het warme water en niet rechtstreeks door de warmte van de kookzone. Bij het bereiden van voedsel au bain-marie moet worden vermeden dat blikken, glazen flessen of andere materialen in aanraking komen met de bodem van de pan water, om te voorkomen dat het glas van de plaat en de pan breken door oververhitting van de kookzone.

Hete kookplaat

Gevaar van brandwonden!

Raak hete kookzones niet aan. Houd kinderen uit de buurt van de kookplaat.

Brandgevaar!

Vochtige bodems van pannen en vochtige kookplaten

Gevaar van verwondingen!

Als zich vocht tussen de bodem van de pan en de kookzone bevindt, kan dit dampdruk veroorzaken. Bijgevolg zou de pan kunnen opspringen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.

Barsten in de kookplaat

Gevaar van elektrische ontlading!

Sluit het apparaat van het verdeelnet af indien de kookplaat stuk of gebarsten is.

Neem contact op met de technische dienst.

De kookzone verwarmt, maar de visuele indicatie werkt niet

Gevaar voor brandwonden!

Schakel de kookzone uit als de indicator niet werkt. Neem contact op met de technische dienst.

De kookplaat wordt uitgeschakeld

Brandgevaar!

Als de kookplaat automatisch uitgaat en niet kan worden gebruikt, kan hij op een later tijdstip alsnog vanzelf aan gaan. Om dit te voorkomen moet de kookplaat van de stroom worden afgesloten. Neem contact op met de technische dienst.

Plaats geen metalen voorwerpen op de inductieplaat

Gevaar voor brandwonden!

Laat geen messen, vorken, lepels, deksels of andere metalen voorwerpen op de kookplaat liggen; deze kunnen heel snel heet worden.

Onderhoud van de ventilator

Gevaar van beschadiging!

Deze plaat is uitgerust met een ventilator, die zich aan de onderzijde bevindt. Indien er zich onder de kookplaat een lade bevindt, mogen daar geen kleine of papieren voorwerpen in worden bewaard. Als deze namelijk worden geabsorbeerd kunnen ze de ventilator beschadigen of de koeling verslechteren.

Attentie!

Tussen de inhoud van de lade en de inlaat van de ventilator moet een afstand van ten minste 2 cm worden aangehouden.

Onjuist uitgevoerde reparaties

Gevaar van een elektrische ontlading!

Onjuist uitgevoerde reparaties zijn gevaarlijk. Zet het apparaat uit als het defect is. Neem contact op met de technische dienst. Het repareren en vervangen van defecte aansluitkabels mag uitsluitend uitgevoerd worden door behoorlijk opgeleid personeel van de Technische Dienst.

Attentie!

Dit apparaat voldoet aan de reglementeringen inzake de veiligheid en de elektromagnetische compatibiliteit. Personen met een pacemaker dienen uit de buurt te blijven van het apparaat als dat aan staat. Het is onmogelijk om te garanderen dat 100% van deze mechanismen die op de markt zijn voldoen aan de geldige regelgeving omtrent elektromagnetische compatibiliteit en dat er zich geen interferenties voordoen die de juiste werking in gevaar brengen. Ook is het mogelijk dat personen met andere soorten mechanismen, zoals hoorapparaten, enige vorm van hinder kunnen ondervinden.

De kookplaat uitschakelen

Schakel de kookplaat na elk gebruik altijd uit met de hoofdschakelaar. Wacht niet tot de kookplaat automatisch uitschakelt bij het ontbreken van een pan.

Pagina 17

Oorzaken van schade

Attentie!

Algemeen overzicht

In de onderstaande tabel vindt u de meest voorkomende vormen van schade:

SchadeOorzaakMaatregel
VlekkenGemorst voedselVerwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper.
Ongeschikte reinigingsproductenGebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten.
KrassenZout, suiker en zandGebruik de kookplaat niet als werkoppervlak of steun.
Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de vitroceramische plaat veroorzakenControleer de pannen.
VerkleuringenOngeschikte reinigingsproductenGebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten.
Aanraking van de pannenTil kookpannen en koekenpannen op om ze te verplaatsen.
AfbladderingenSuiker, levensmiddelen met een hoog suikergehalteVerwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Bescherming van het milieu

Pak het apparaat uit en gooi het verpakkingsmateriaal op milieuvriendelijke wijze weg.

Verwijdering van afvalstoffen op een milieuvriendelijke manier

Dit apparaat is geïdentificeerd conform de Richtlijn betreffende Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur WEEE 2002/96/EG. Deze richtlijn omschrijft het kader voor de recyclage en het hergebruik van afgedankte apparaten binnen het hele Europese grondgebied.

Tips om energie te besparen

Koken op Inductie

Voordelen van het Koken op Inductie

Koken op Inductie betekent een radicale verandering van de traditionele wijze van verwarmen, aangezien de warmte rechtstreeks in de pan wordt gegenereerd. Daarom biedt het een aantal voordelen:

af als de pan wordt weggenomen, ook al wordt het apparaat voor die tijd niet uitgeschakeld.

Geschikte pannen

Ferromagnetische pannen

Uitsluitend geschikt voor inductiekoken zijn ferromagnetische pannen zoals van:

Kijk, om te weten of de pannen geschikt zijn, of ze worden aangetrokken door een magneet.

Pagina 18

Speciale pannen voor inductie

Er bestaat een ander soort pannen speciaal voor inductie, met een geheel ferromagnetische bodem. Controleer de diameter, deze kan zowel van invloed zijn op de pandetectie als op het kookresultaat.

Niet geschikte pannen

Gebruik nooit pannen van:

Kenmerken van de bodem van de pan

De kenmerken van de bodem van de pannen kunnen invloed hebben op de homogeniteit van het kookresultaat. Pannen die gemaakt zijn van materialen die warmte verspreiden, zoals "sandwich" pannen van roestvrij staal, verdelen de warmte op gelijkmatige wijze, waardoor tijd en energie worden bespaard.

Geen pan of ongeschikte afmeting

Als er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het

knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht gaat de kookzone automatisch uit.

Lege pannen of pannen met een dunne bodem

Verwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie “automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en schakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst.

Pandetectie

Iedere kookzone heeft een minimumlimiet voor pandetectie, die afhankelijk is van het materiaal van de pan die wordt gebruikt. Daardoor mag alleen de kookzone worden gebruikt die het meest geschikt is voor de pan.

Dubbele of driedubbele kookzone

Deze zones kunnen pannen van verschillende afmetingen herkennen. Afhankelijk van het materiaal en de eigenschappen van de pan, past de zone zich automatisch aan en wordt alleen de enkele zone geactiveerd, ofwel de hele zone, waarbij het geschikte vermogen wordt geleverd voor goede kookresultaten.

Het apparaat leren kennen

Deze gebruiksinstructies kunnen op de diverse kookplaten toegepast worden. Op pagina 2 staat een algemeen overzicht van de modellen met informatie over hun afmetingen.

Het bedieningspaneel

#" $$ " %
-& ' $ $*
!
- ! & ) & & & ! )
"
'
#" "$
#" $$ "
' &$ && ! . $ ' !
) &!!&/ -& '
" %
-& ' - ! & ' ' !

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

Bedieningsvlakken

Bij het aanraken van een symbool wordt de overeenkomstige functie geactiveerd.

Aanwijzingen

Pagina 19

De kookzones

KookzoneActiveren en deactiveren
• Enkelvoudige kookzoneGebruik een pan met de geschikte maat.
• Dubbele zoneDe zone gaat automatisch aan wanneer een pan gebruikt wordt, waarvan de bodem dezelfde maat heeft als de buitenste zone.
• Drievoudige zoneDe zone wordt automatisch ingeschakeld wanneer een pan gebruikt wordt waarvan de bodem dezelfde maat heeft als de buitenste zone ( of ) die u in werking wenst te stellen .

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

Gebruik enkel pannen die geschikt zijn om te koken op inductie, zie hoofdstuk “Geschikte pannen".

Restwarmte-indicator

De kookplaat beschikt over een restwarmte-indicator in elke kookzone, die aanduidt welke nog warm zijn. Raak kookzones met die indicatie niet aan.

Ook als de plaat uitgeschakeld is,blijft / , branden zo lang de kookzone warm is.

Als de pan van de plaat genomen wordt voordat de kookzone uitgeschakeld is, verschijnen afwisselend de indicator / en de geselecteerde kookstand.

Programmeren van de kookplaat

In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe een kookzone kan worden afgesteld. In de tabel staan de kookstanden en de bereidingstijden voor verschillende gerechten vermeld.

Aan- en uitzetten van de kookplaat

De kookplaat wordt in- en uitgeschakeld met de hoofdschakelaar.

Inschakelen: druk op het symbool . De indicator boven de hoofdschakelaar gaat branden. De kookplaat is klaar om te werken.

Uitschakelen: druk op het symbool tot de indicator boven de hoofdschakelaar dooft. Alle kookzones worden uitgeschakeld. De restwarmte-indicator blijft branden tot de kookzones voldoende afgekoeld zijn.

Aanwijzing: De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld zodra alle kookzones meer dan 20 seconden uitgeschakeld zijn.

De kookzone afstellen

Regel de gewenste vermogensstand in de programmeerzone.

Vermogensstand 1 = minimumvermogen.

Vermogensstand 9 = maximumvermogen.

Elke vermogensstand is voorzien van een tussenliggende afstelling. Deze wordt aangegeven met een punt.

Selecteer de vermogensstand .

De kookplaat moet ingeschakeld zijn.

De kookzone uitschakelen

Selecteer de kookzone en stel af op in de programmeerzone. De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator verschijnt.

Aanwijzingen

Kooktabel

In de volgende tabel worden enkele voorbeelden gegeven.

De bereidingstijden zijn afhankelijk van de kookstand, het type, het gewicht en de kwaliteit van het voedsel. Daarom zijn er variaties.

De kookstanden beïnvloeden het kookresultaat.

Roer puree, gebonden soep en dikke sauzen af en toe om.

Gebruik de kookstand 9 als u begint te koken.

Doorkookstan Doorkookduur in minuten d

Smelten

1-1. 1-1.

Chocolade, chocoladeglazuur, boter, honing

Gelatine

* Doorkoken zonder deksel

** Zonder deksel

Pagina 20

DoorkookstandDoorkookduur in minuten
Opwarmen en warm houden
Maaltijdsoep (bv. linzen)1-2-
Melk**1.-2.-
Worstjes opgewarmd in water**3-4-
Ontdooien en verwarmen
Diepvriesspinazie2.­-3.5-15 min.
Diepvriesgoulash2.­-3.20-30 min.
Op een zacht vuurtje gaarstoven, op een zacht vuurtje koken
Aardappel-gehaktballen4.­-5.*20-30 min.
Vis4 -5*10-15 min.
Witte sauzen, bv. bechamel1-23-6 min.
Geklopte sauzen, bv. bearnaisesaus, Hollandse saus Koken, stomen, sauteren3-48-12 min.
Rijst (met twee keer zoveel water)2-315-30 min.
Rijstpap2-325-35 min.
Aardappelen in de schil4-525-30 min.
Geschilde aardappelen met zout4-515-25 min.
Pasta.6 -7*6-10 min.
Eenpansgericht, soep3.­-4.15-60 min.
Groente2.­-3.10-20 min.
Diepvriesgroenten3.­-4.7-20 min.
Koken met de snelkookpan4.­-5.-
Sudderen
Rollade4-550-60 min.
Stoofschotel4-560-100 min.
Goulash3.­-4.50-60 min.
Braden**
Filets, al dan niet gepaneerd6-76-10 min.
Diepvriesfilets6-78-12 min.
Koteletten, al dan niet gepaneerd6-78-12 min.
Biefstuk (3 cm dikte)7-88-12 min.
Borst (2 cm dikte)5-610-20 min.
Diepvriesborst5-610-30 min.
Vis en visfilet, ongepaneerd5-68-20 min.
Vis en visfilet, gepaneerd6-78-20 min.
Gepaneerde diepvriesvis, bv. vissticks6-78-12 min.
Garnalen en steurgarnalen7-84-10 min.
Diepvriesgerechten, bv. gesauteerd6-76-10 min.
Pannenkoeken6-7een portie na de andere frituren
Omelet3.­-4.een portie na de andere frituren
Gebakken eieren5-63-6 min.
Frituren** (150-200g per portie in 1-2 l olie)
Diepvriesproducten, bv. patat, kipnuggets8-9een portie na de andere frituren
Diepvrieskroketten7-8
Gehaktballen7-8
Vlees, bijv., stukjes kip6-7
Vis, gepaneerd of in bierdeeg6-7
Groenten, paddenstoelen, gepaneerd of in bierdeeg, bv. champignons6-7
Banket, bv. beignets, fruit in bierdeeg4-5
* Doorkoken zonder deksel
** Zonder deksel

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

Pagina 21

Frituurfunctie

Met deze functie kunt u frituren terwijl de temperatuur van de koekenpan automatisch wordt geregeld.

De kookzones die met deze functie zijn uitgerust bevinden zich aan de zijkant rechts, of vooraan, afhankelijk van het model (zie afbeelding).

Voordelen bij het frituren

De kookzone verwarmt enkel wanneer dit nodig is. Op die manier wordt energie bespaard. De olie en het vet raken niet oververhit.

Aanwijzingen

Controleer of de bodem van de koekenpan de juiste diameter heeft.

Pannen voor de frituurfunctie

Er zijn koekenpannen die optimaal geschikt zijn voor deze frituurfunctie. Gebruik uitsluitend deze koekenpannen. Met andere koekenpannen werkt de regeling niet. De koekenpannen kunnen oververhit raken.

Deze koekenpannen kunnen later worden aangeschaft, als extra accessoire, bij gespecialiseerde handelszaken of onze technische dienst. Duid altijd de overeenkomstige referentie aan:

De koekenpannen hebben een antiaanbaklaag. Het is ook mogelijk om etenswaren te frituren in weinig olie.

De temperatuurniveaus

VermogensstandTemperatuur Geschikt voor
maxhoog bv. aardappelkoekjes, gesauteerde aardappelen en weinig doorbakken steak.
medmiddelhoog-hoog bv. "fijne" bakproducten zoals gepaneerde diepvriesproducten, schnitzels, ragout en groente.
lowlaag-middelhoog bv. grote bakproducten zoals frikandellen en worstjes, vis.
minlaag bv. omeletten gebakken in boter, olijfolie of margarine

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

Zo wordt dit geprogrammeerd

Selecteer uit de tabel het geschikte temperatuurniveau. Plaats de koekenpan op de kookzone.

De kookplaat moet ingeschakeld zijn.

Op de programmeerzone zijn de mogelijke temperatuurniveaus te zien.

Het temperatuursymbool blijft aan tot de baktemperatuur wordt bereikt. Dan hoort u een akoestisch signaal en gaat het temperatuursymbool uit.

De frituurfunctie uitschakelen

Selecteer 0 in de programmeerzone.

Pagina 22: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 23

Frituurprogramma's

Gebruik deze programma's uitsluitend met voor de frituurfunctie aanbevolen koekenpannen.

Met deze programma's kunnen de volgende gerechten worden bereid:

Programma

Gerecht

Schnitzel

Kippenborst, cordon bleu

Biefstuk, weinig doorgebakken

Biefstuk, half of goed doorgebakken

Vis

Gerechten en groenten om in de koekenpan te bereiden, diepvriesproducten

Oven - frites, diepvriesproducten

Pannenkoeken

Omelet, eieren

Selecteer het gewenste programma

Selecteer de kookzone.

Het programma is nu geselecteerd.

Tot de overeenkomstige temperatuur bereikt is, blijft het temperatuursymbool branden. Als de temperatuur bereikt is, hoort u een akoestisch signaal en gaat het temperatuursymbool uit.

Doe olie of vet in de koekenpan, en vervolgens het voedsel. Draai het voedsel zoals gewoonlijk om, zodat het niet verbrandt.

Het programma uitschakelen

Stel 0 af in de programmeerzone.

Kinderslot

De kookplaat kan beveiligd worden tegen ongewilde inschakeling, om te voorkomen dat kinderen de kookzones kunnen inschakelen.

Het kinderslot activeren en deactiveren

De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.

Activeren: houd het symbool gedurende circa 4 seconden ingedrukt. Het symbool gaat gedurende 10 seconden branden. De kookplaat blijft geblokkeerd.

Deactiveren: houd het symbool gedurende circa 4 seconden ingedrukt. De blokkering is gedeactiveerd.

Het permanente kinderslot inschakelen of uitschakelen

Met deze functie wordt het kinderslot altijd automatisch ingeschakeld als de kookplaat wordt uitgezet.

Activeren en deactiveren

Zie paragraaf “Standaardinstellingen".

Functie Powerboost

Met de functie Powerboost kan het voedsel sneller verhit worden dan wanneer de kookstand gebruikt wordt.

Gebruiksbeperkingen

Deze functie is beschikbaar in alle kookzones, als de andere zone van dezelfde groep niet in werking is, (zie afbeelding). Zo niet, zal de visuele indicator van de geselecteerde kookzone knipperen en ; vervolgens zal de kookstand automatisch aangepast worden .

In groep 2 kan de functie powerboost gelijktijdig geactiveerd worden in alle kookzones (zie afbeelding).

, ) , )

, )

Activeren

Deactiveren

Druk op de programmeerzone boven het symbool . De functie Powerboost is nu gedeactiveerd.

Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan de Powerboost functie automatisch uitgeschakeld worden om de elektronische onderdelen aan de binnenzijde van de plaat te beschermen.

Pagina 24

Timerfunctie

Deze functie kan op twee verschillende manieren gebruikt worden:

Een kookzone automatisch uitschakelen

Voer de kooktijd in voor de gewenste kookzone. De zone gaat automatisch uit na het verstrijken van de tijd.

Zo wordt dit geprogrammeerd

De tijd wijzigen of annuleren

Druk meerdere keren op het symbool 0 tot de indicator gaat branden. Wijzig de kooktijd met de programmeerzone of stel af op .

Een kookzone met frituurfunctie automatisch uitschakelen

Tijdens het koken met de frituurfunctie, gaat de geprogrammeerde kooktijd pas in als de temperatuur in de geselecteerde zone bereikt is.

Aanwijzingen

Automatische timer

Met deze functie kan een kooktijd voor alle kookzones ingesteld worden. Na het inschakelen van een kookzone, begint de ingestelde tijd te lopen. De kookzone zal automatisch uitschakelen als de kooktijd verstreken is.

De instructies over de activering van de timer vindt u in het hoofdstuk "Basisinstellingen".

Aanwijzing: De kooktijd van een kookzone kan gewijzigd of geannuleerd worden:

Druk meerdere keren op het symbool 0 tot de gewenste indicator gaat branden. Wijzig de kooktijd met de programmeerzone of stel af op .

De kookwekker

Na enkele seconden begint de kooktijd te lopen.

Automatische programmering

Als in de programmeerzone vooraf 1 tot 5 ingedrukt wordt, vermindert de kooktijd met een minuut. Als de knop ingedrukt gehouden wordt, vermindert de tijd automatisch tot 1 minuut..

Als in de programmeerzone vooraf de regeling 6 tot 10 ingedrukt wordt, zal de kooktijd met een minuut verlengd worden. Als de knop ingedrukt gehouden wordt, verhoogt de tijd automatisch tot 99 minuten.

Na het verstrijken van de kooktijd

De kookzone wordt uitgeschakeld. Er weerklinkt een geluidssignaal en de visuele indicator van de timerfunctie gaat branden gedurende 10 seconden. De indicator gaat branden. Druk op het symbool 0, de indicators doven en het akoestisch signaal stopt.

Met de kookwekker kan een tijd geprogrammeerd worden tot 99 minuten. Deze is niet afhankelijk van andere instellingen. Deze functie schakelt de kookzone niet automatisch uit.

Zo wordt dit geprogrammeerd

Na enkele seconden begint tijd te verstrijken.

Na het verstrijken van de tijd

Er klinkt een waarschuwingssignaal. De visuele indicator van de timerfunctie toont en de indicator gaat branden. Na 10 seconden doven de indicators.

Druk op het symbool 0, de indicators doven en het akoestisch signaal stopt.

De tijd wijzigen of annuleren

Druk meerdere keren op het symbool 0 tot de indicator gaat branden. De tijd in de programmeerzone wijzigen of instellen op .

Automatische tijdslimiet

Indien de kookzone gedurende lange tijd in werking is en er geen enkele wijziging in de instelling uitgevoerd wordt, dan wordt de automatische tijdslimiet geactiveerd.

De kookzone wordt niet meer verhit. De visuele indicator van de kookzone knippert afwisselend en .

De indicator gaat uit als er op een willekeurig symbool wordt gedrukt. Nu kan de kookzone opnieuw ingesteld worden.

Wanneer de automatische limiet geactiveerd is, wordt deze geregeld volgens de geselecteerde kookstand (van 1 tot 10 uur).

← begin van de handleidingverder op pagina 25 →Inhoud