naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens EH845EC11, tekst van de handleiding

Kookplaat · Siemens · 9 pagina's in het Nederlands · pdf: 40 pagina's, 0,8 MB

Handleiding openen (pdf) Bron: www.siemens-home.bsh-group.com

Storingen op pagina 19

Pagina 19

Vanaf de titel; het begin van pagina 19 staat in de pdf.

Repareren van storingen

Vaak zijn storingen het gevolg van kleinigheden. Neem de volgende raadgevingen en waarschuwingen in acht alvorens contact op te nemen met de Technische Dienst.

Indicator Storing Maatregel geen De stroom is uitgevallen. Controleer met andere elektrische apparaten of de stroom is uitgevallen.

Het apparaat is niet aangesloten volgens Controleer of het apparaat is aangesloten volgens het aansluithet aansluitschema. schema.

Storing in het elektronische systeem. Als de storing na de voorgaande controles niet is opgelost, neem dan contact op met de technische dienst.

* Als de indicatie blijft branden, neem dan contact op met de Technische dienst.

Zet geen hete pannen op het bedieningspaneel.

19

Pagina 20

IndicatorStoring Maatregel
knippertHet bedieningspaneel is vochtig of er ligt Droog de zone van het bedieningspaneel of neem het voorwerp weg. iets op.
+nummer /Storing in het elektronische systeem. Sluit de kookplaat van het verdeelnet af. Wacht 30 seconden alvo-
+ nummer /rens hem weer aan te sluiten.
+ nummer
/Er is een interne fout in de werking opge- Sluit de kookplaat van het verdeelnet af. Wacht 30 seconden alvo-treden. rens hem weer aan te sluiten.
Het elektronische systeem is oververhit Wacht totdat het elektronische systeem voldoende afgekoeld is. Druk geraakt en heeft de overeenkomstige vervolgens op een willekeurig symbool van de kookplaat.* kookzone uitgeschakeld.
Het elektronische systeem is oververhit geraakt en heeft alle kookzones uitgeschakeld.
Onjuiste voedingsspanning, overschrijding Neem contact op met uw elektriciteitsleverancier. van de normale werklimieten
/De kookzone is oververhit en werd uitge- Wacht tot het elektronische systeem voldoende afgekoeld is en zet schakeld om uw kookplaat te beschermen. de kookplaat weer aan.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

* Als de indicatie blijft branden, neem dan contact op met de Technische dienst.

Zet geen hete pannen op het bedieningspaneel.

Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat

De technologie van het verwarmen door inductie is gebaseerd op het ontstaan van elektromagnetische velden die ervoor zorgen dat de warmte rechtstreeks op de bodem van de pan wordt voortgebracht. De pannen kunnen, afhankelijk van hun bouw, geluiden of trillingen voortbrengen, zoals hieronder worden genoemd:

Een diep gezoem zoals in een transformator

Dit geluid ontstaat tijdens het koken op een hoge kookstand. De oorzaak daarvan is de hoeveelheid energie die de kookplaat aan de pan overdraagt. Het geluid verdwijnt of vermindert zodra de kookstand wordt verlaagd.

Een laag fluitend geluid

Dit geluid ontstaat als de pan leeg is. Het geluid verdwijnt zodra er water of voedsel in de pan wordt gedaan.

Knisperen

Dit geluid doet zich voor bij pannen die bestaan uit lagen van verschillende materialen. Het geluid komt door de trillingen die

ontstaan op de verbindingsvlakken van de verschillende materialen. Dit geluid is afkomstig van de pan. De hoeveelheid voedsel en de bereidingswijze kunnen variëren.

Hoge fluitende geluiden

De geluiden ontstaan met name in pannen die bestaan uit lagen van verschillende materialen, zodra deze worden aangezet op de hoogste stand en op twee kookzones tegelijk. Deze fluitende geluiden verdwijnen of worden minder zodra het vermogen wordt verlaagd.

Geluid van de ventilator

Voor een goed gebruik van het elektronische systeem moet de kookplaat op een gecontroleerde temperatuur werken. Daartoe is de kookplaat uitgerust met een ventilator die steeds als de temperatuur wordt vastgesteld door middel van de verschillende kookstanden gaat werken. De ventilator kan ook door inertie werken, nadat de kookplaat is uitgezet, als de gedetecteerde temperatuur nog te hoog is.

De omschreven geluiden zijn normaal en maken deel uit van de inductietechnologie en duiden niet op een storing.

Servicedienst

Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar.

E-nummer en FD-nummer

Geef wanneer u contact opneemt met de servicedienst altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van het apparaat op. Het typeplaatje met de nummers vindt u op het identificatiebewijs van het apparaat.

Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.

De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.

Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 070 333 1234

Vertrouw op de competentie van de producent. Zo bent u er zeker van dat de reparatie wordt uitgevoerd door geschoolde onderhoudstechnici, die beschikken over de originele onderdelen voor uw huishoudelijke apparaten.

Pagina's 1–11: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 12

Inhoudsopgave

Raadgevingen en waarschuwingen omtrent de veiligheid...12

Veiligheidsaanwijzingen.................................................................. 12

Oorzaken van schade..................................................................... 13

Bescherming van het milieu....................................................14

Verwijdering van afvalstoffen op een milieuvriendelijke manier ............................................................................................................. 14

Tips om energie te besparen ........................................................ 14

Koken op Inductie ....................................................................14

Voordelen van het Koken op Inductie ......................................... 14

Geschikte pannen............................................................................ 14

Het apparaat leren kennen ......................................................15

Het bedieningspaneel..................................................................... 15

De kookzones................................................................................... 15

Restwarmte-indicator....................................................................... 15

Programmeren van de kookplaat...........................................16

Aan- en uitzetten van de kookplaat.............................................. 16

De kookzone afstellen .................................................................... 16

Kooktabel .......................................................................................... 16

Kinderslot..................................................................................17

Het activeren en deactiveren van het kinderslot ....................... 17

Het permanente kinderslot inschakelen of uitschakelen........ 17

Functie Powerboost ................................................................. 18

Gebruiksbeperkingen ..................................................................... 18

Activeren............................................................................................ 18

Uitschakelen ..................................................................................... 18

Automatische tijdslimiet.......................................................... 18

Basisinstellingen...................................................................... 18

Naar de basisinstellingen gaan .................................................... 19

Onderhoud en reiniging .......................................................... 19

Kookplaat .......................................................................................... 19

Omlijsting van de kookplaat.......................................................... 19

Repareren van storingen........................................................ 19

Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat............... 20

Servicedienst............................................................................ 20

Produktinfo

Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.siemens-home.com en in de online-shop: www.siemens-eshop.com

ã=Raadgevingen en waarschuwingen omtrent de veiligheid

Lees deze instructies aandachtig door. Alleen dan kunt u het apparaat op de juiste wijze gebruiken.

Bewaar de gebruiks- en montage-instructies. Indien u het apparaat aan iemand anders overdraagt, geef dan ook de documentatie van het apparaat mee.

Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren.

Veiligheidsaanwijzingen

Dit apparaat werd uitsluitend voor huishoudelijk gebruik ontworpen. De kookplaat mag uitsluitend gebruikt worden voor het bereiden van voedsel. Laat het apparaat niet onbeheerd achter als het aan staat.

Veilig gebruik

Voor een veilig gebruik van dit apparaat mogen volwassenen en kinderen die wegens

niet bekwaam zijn om dit apparaat te gebruiken, dat alleen doen onder toezicht van een verantwoordelijk volwassen persoon.

Houd kinderen in de gaten en voorkom dat zij met het apparaat gaan spelen.

Olie en vet zijn te warm

Brandgevaar!

De hete olie en vet zijn gemakkelijk ontvlambaar. Laat oververhitte olie of oververhit vet niet onbewaakt achter. Indien de olie of het vet vlam vat, blus het vuur dan nooit met water. Doof de vlammen met een doek of een bord. Schakel de kookzone uit.

Het bereiden van voedsel au bain-marie

Met de bereidingswijze au bain-marie kan het voedsel worden verwarmd in een pan die op zijn beurt in een grotere pan water wordt geplaatst. Zo wordt het voedsel op langzame en constante wijze verwarmd, door middel van het warme water en niet rechtstreeks door de warmte van de kookzone. Bij het bereiden van voedsel au bain-marie moet worden vermeden dat blikken, glazen flessen of andere materialen in aanraking komen met de bodem van de pan water, om te voorkomen dat het glas van de plaat en de pan breken door oververhitting van de kookzone.

Hete kookplaat

Gevaar van brandwonden!

Raak hete kookzones niet aan. Houd kinderen uit de buurt van de kookplaat.

Brandgevaar!

Vochtige bodems van pannen en vochtige kookplaten

Gevaar van verwondingen!

Als zich vocht tussen de bodem van de pan en de kookzone bevindt, kan dit dampdruk veroorzaken. Bijgevolg zou de pan kunnen opspringen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.

Barsten in de kookplaat

Gevaar van elektrische ontlading!

Sluit het apparaat van het verdeelnet af indien de kookplaat stuk of gebarsten is.

Neem contact op met de technische dienst.

Pagina 13

De kookzone verwarmt, maar de visuele indicatie werkt niet Gevaar voor brandwonden!

Schakel de kookzone uit als de indicator niet werkt. Neem contact op met de technische dienst.

De kookplaat wordt uitgeschakeld

Brandgevaar!

Als de kookplaat automatisch uitgaat en niet kan worden gebruikt, kan hij op een later tijdstip alsnog vanzelf aan gaan. Om dit te voorkomen moet de kookplaat van de stroom worden afgesloten. Neem contact op met de technische dienst.

Plaats geen metalen voorwerpen op de inductieplaat Gevaar voor brandwonden!

Laat geen messen, vorken, lepels, deksels of andere metalen voorwerpen op de kookplaat liggen; deze kunnen heel snel heet worden.

Onderhoud van de ventilator

Gevaar van beschadiging!

Deze plaat is uitgerust met een ventilator, die zich aan de onderzijde bevindt. Indien er zich onder de kookplaat een lade bevindt, mogen daar geen kleine of papieren voorwerpen in worden bewaard. Als deze namelijk worden geabsorbeerd kunnen ze de ventilator beschadigen of de koeling verslechteren.

Attentie!

Tussen de inhoud van de lade en de inlaat van de ventilator moet een afstand van ten minste 2 cm worden aangehouden.

Onjuist uitgevoerde reparaties

Gevaar van een elektrische ontlading!

Onjuist uitgevoerde reparaties zijn gevaarlijk. Zet het apparaat uit als het defect is. Neem contact op met de technische dienst.

Algemeen overzicht

In de onderstaande tabel vindt u de meest voorkomende vormen van schade:

Het repareren en vervangen van defecte aansluitkabels mag uitsluitend uitgevoerd worden door behoorlijk opgeleid personeel van de Technische Dienst.

Attentie!

Dit apparaat voldoet aan de reglementeringen inzake de veiligheid en de elektromagnetische compatibiliteit. Personen met een pacemaker dienen uit de buurt te blijven van het apparaat als dat aan staat. Het is onmogelijk om te garanderen dat 100% van deze mechanismen die op de markt zijn voldoen aan de geldige regelgeving omtrent elektromagnetische compatibiliteit en dat er zich geen interferenties voordoen die de juiste werking in gevaar brengen. Ook is het mogelijk dat personen met andere soorten mechanismen, zoals hoorapparaten, enige vorm van hinder kunnen ondervinden.

De kookplaat uitschakelen

Schakel de kookplaat na elk gebruik altijd uit met de hoofdschakelaar. Wacht niet tot de kookplaat automatisch uitschakelt bij het ontbreken van een pan.

Oorzaken van schade

Attentie!

SchadeOorzaak
VlekkenGemorst voedsel
Ongeschikte reinigingsproducten
KrassenZout, suiker en zand
Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de vitroceramische plaat veroorzaken
VerkleuringenOngeschikte reinigingsproducten Aanraking van de pannen
AfbladderingenSuiker, levensmiddelen met een hoog suikergehalte

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

Maatregel

Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper. Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. Gebruik de kookplaat niet als werkoppervlak of steun. Controleer de pannen.

Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. Til kookpannen en koekenpannen op om ze te verplaatsen. Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper.

Pagina 14

Bescherming van het milieu

Pak het apparaat uit en gooi het verpakkingsmateriaal op milieuvriendelijke wijze weg.

Verwijdering van afvalstoffen op een milieuvriendelijke manier

Dit apparaat is geïdentificeerd conform de Richtlijn betreffende Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur WEEE 2002/96/EG. Deze richtlijn omschrijft het kader voor de recyclage en het hergebruik van afgedankte apparaten binnen het hele Europese grondgebied.

Tips om energie te besparen

Koken op Inductie

Voordelen van het Koken op Inductie

Koken op Inductie betekent een radicale verandering van de traditionele wijze van verwarmen, aangezien de warmte rechtstreeks in de pan wordt gegenereerd. Daarom biedt het een aantal voordelen:

Geschikte pannen

Ferromagnetische pannen

Uitsluitend geschikt voor inductiekoken zijn ferromagnetische pannen zoals van:

Kijk, om te weten of de pannen geschikt zijn, of ze worden aangetrokken door een magneet.

Speciale pannen voor inductie

Er bestaat een ander soort pannen speciaal voor inductie, met een geheel ferromagnetische bodem. Controleer de diameter, deze kan zowel van invloed zijn op de pandetectie als op het kookresultaat.

Niet geschikte pannen

Gebruik nooit pannen van:

Kenmerken van de bodem van de pan

De kenmerken van de bodem van de pannen kunnen invloed hebben op de homogeniteit van het kookresultaat. Pannen die gemaakt zijn van materialen die warmte verspreiden, zoals "sandwich" pannen van roestvrij staal, verdelen de warmte op gelijkmatige wijze, waardoor tijd en energie worden bespaard.

Geen pan of ongeschikte afmeting

Als er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht gaat de kookzone automatisch uit.

Lege pannen of pannen met een dunne bodem

Verwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie “automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en schakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst.

Pandetectie

Iedere kookzone heeft een minimumlimiet voor pandetectie, die afhankelijk is van het materiaal van de pan die wordt gebruikt. Daardoor mag alleen de kookzone worden gebruikt die het meest geschikt is voor de pan.

Dubbele of driedubbele kookzone

Deze zones kunnen pannen van verschillende afmetingen herkennen. Afhankelijk van het materiaal en de eigenschappen van de pan, past de zone zich automatisch aan en wordt alleen de enkele zone geactiveerd, ofwel de hele zone, waarbij het geschikte vermogen wordt geleverd voor goede kookresultaten.

Pagina 15

Het apparaat leren kennen

Deze gebruiksinstructies kunnen op de diverse kookplaten toegepast worden. Op pagina 2 staat een algemeen overzicht van de modellen met informatie over hun afmetingen.

Het bedieningspaneel

$ %- !
% ( ' ' ! "
' % '
% '$ ''-' % - ! ' %' ! %+

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

Bedieningsvlakken

Bij het aanraken van een symbool wordt de overeenkomstige functie geactiveerd.

Aanwijzingen

De kookzones

Kookzone Activeren en deactiveren

* Activering van de kookzone: De overeenstemmende indicator gaat branden.

** De restwarmte-indicator gaat branden.

Gebruik enkel pannen die geschikt zijn voor bereiden met inductie, zie hoofdstuk “Geschikte pannen".

Restwarmte-indicator

De kookplaat beschikt over een restwarmte-indicator in elke kookzone, die aanduidt welke nog warm zijn. Raak kookzones met die indicatie niet aan.

Ook als de plaat uitgeschakeld is,blijft / , branden zo lang de kookzone warm is.

Als de pan van de plaat genomen wordt voordat de kookzone uitgeschakeld is, verschijnen afwisselend de indicator / en de geselecteerde kookstand.

Pagina 16

Programmeren van de kookplaat

In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe een kookzone kan worden afgesteld. In de tabel staan de kookstanden en de bereidingstijden voor verschillende gerechten vermeld.

Aan- en uitzetten van de kookplaat

De kookplaat wordt in- en uitgeschakeld met de hoofdschakelaar.

Inschakelen: druk op het symbool . De indicator boven de hoofdschakelaar gaat branden. De kookplaat is klaar om te werken.

Uitschakelen: druk op het symbool tot de indicator boven de hoofdschakelaar dooft. Alle kookzones worden uitgeschakeld. De restwarmte-indicator blijft branden tot de kookzones voldoende afgekoeld zijn.

Aanwijzing: De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld zodra alle kookzones meer dan 20 seconden uitgeschakeld zijn.

De kookzone afstellen

Selecteer de gewenste kookstand met de symbolen + en -. Kookstand 1 = minimumvermogen.

Kookstand 9 = maximumvermogen.

Elke kookstand beschikt over een tussenliggende afstelling. Deze wordt aangegeven met een punt.

Kooktabel

In de volgende tabel worden enkele voorbeelden gegeven. De bereidingstijden zijn afhankelijk van de kookstand, het type, het gewicht en de kwaliteit van het voedsel. Daarom zijn er variaties.

Smelten

Chocolade, chocoladeglazuur, boter, honing Gelatine

Opwarmen en warm houden

Maaltijdsoep (bv. linzen)

Melk**

Worstjes opgewarmd in water**

Ontdooien en verwarmen

Diepvriesspinazie

Diepvriesgoulash

Op een zacht vuurtje gaarstoven, op een zacht vuurtje koken

Aardappel-gehaktballen

Vis

Witte sauzen, bv. bechamel

Geklopte sauzen, bv. bearnaisesaus, Hollandse saus

* Doorkoken zonder deksel

** Zonder deksel

Selecteer de kookstand:

De kookplaat moet aan zijn.

Symbool + kookstand 9.

Symbool - kookstand 4.

Schakel de kookzone uit

Druk op het symbool + of - tot verschijnt. De kookzone wordt uitgeschakeld als de restwarmte-indicatie verschijnt.

Aanwijzing: Als er geen pan op de inductiekookzone geplaatst wordt, zal de gekozen kookstand beginnen knipperen. Na het verstrijken van een tijd gaat de kookzone uit.

De kookstanden beïnvloeden het kookresultaat.

Roer puree, gebonden soep en dikke sauzen af en toe om. Gebruik de kookstand 9 als u begint te koken.

DoorkookstandDoorkookduur in minuten
1-1.-
1-1.-
1-2-
1.-2.-
3-4-
2.­-3.5-15 min.
2.­-3.20-30 min.
4.­-5.*20-30 min.
4 -5*10-15 min.
1-23-6 min.
3-48-12 min.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

Pagina 17

DoorkookstandDoorkookduur in minuten
Koken, stomen, sauteren
Rijst (met twee keer zoveel water)2-315-30 min.
Rijstpap2-325-35 min.
Aardappelen in de schil4-525-30 min.
Geschilde aardappelen met zout4-515-25 min.
Pasta.6 -7*6-10 min.
Eenpansgericht, soep3.­-4.15-60 min.
Groente2.­-3.10-20 min.
Diepvriesgroenten3.­-4.7-20 min.
Koken met de snelkookpan4.­-5.-
Sudderen
Rollade4-550-60 min.
Stoofschotel4-560-100 min.
Goulash3.­-4.50-60 min.
Braden**
Filets, al dan niet gepaneerd6-76-10 min.
Diepvriesfilets6-78-12 min.
Koteletten, al dan niet gepaneerd6-78-12 min.
Biefstuk (3 cm dikte)7-88-12 min.
Borst (2 cm dikte)5-610-20 min.
Diepvriesborst5-610-30 min.
Vis en visfilet, ongepaneerd5-68-20 min.
Vis en visfilet, gepaneerd6-78-20 min.
Gepaneerde diepvriesvis, bv. vissticks6-78-12 min.
Garnalen en steurgarnalen7-84-10 min.
Diepvriesgerechten, bv. gesauteerd6-76-10 min.
Pannenkoeken6-7een portie na de andere frituren
Omelet3.­-4.een portie na de andere frituren
Gebakken eieren5-63-6 min.
Frituren** (150-200g per portie in 1-2 l olie)
Diepvriesproducten, bv. patat, kipnuggets8-9een portie na de andere frituren
Diepvrieskroketten7-8
Gehaktballen7-8
Vlees, bijv., stukjes kip6-7
Vis, gepaneerd of in bierdeeg6-7
Groenten, paddenstoelen, gepaneerd of in bierdeeg, bv. champignons6-7
Banket, bv. beignets, fruit in bierdeeg4-5
* Doorkoken zonder deksel
** Zonder deksel

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Kinderslot

De kookplaat kan beveiligd worden tegen ongewilde inschakeling, om te voorkomen dat kinderen de kookzones kunnen inschakelen.

Het activeren en deactiveren van het kinderslot

De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.

Activeren: houd het symbool gedurende circa 4 seconden ingedrukt. De indicator gaat gedurende 10 seconden branden. De kookplaat is geblokkeerd.

Deactiveren: houd het symbool gedurende circa 4 seconden ingedrukt. De blokkering is gedeactiveerd.

Het permanente kinderslot inschakelen of uitschakelen

Met deze functie wordt het kinderslot altijd automatisch ingeschakeld als de kookplaat wordt uitgezet.

Activeren en deactiveren

Zie paragraaf “Standaardinstellingen".

Pagina 18

Functie Powerboost

Met de functie Powerboost kan het voedsel sneller verhit worden dan wanneer de kookstand gebruikt wordt.

Gebruiksbeperkingen

Deze functie zal beschikbaar zijn in alle kookzones zo lang de andere zone van dezelfde groep niet in werking is (zie afbeelding). Zo niet, dan knippert op de visuele indicator de geselecteerde kookzone y ; vervolgens wordt de kookstand automatisch aangepast .

, ( , (

, ( , (

Activeren

Uitschakelen

Druk op het symbool -. De zal niet langer aangeduid worden en de kookzone zal terugkeren naar de kookstand . De functie Powerboost is nu gedeactiveerd.

Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan de Powerboost functie automatisch uitgeschakeld worden om de elektronische onderdelen aan de binnenzijde van de plaat te beschermen.

Automatische tijdslimiet

Indien de kookzone gedurende lange tijd in werking is en er geen enkele wijziging in de instelling uitgevoerd wordt, dan wordt de automatische tijdslimiet geactiveerd.

De kookzone wordt niet meer verhit. De visuele indicator van de kookzone knippert afwisselend en .

De indicator gaat uit als er op een willekeurig symbool wordt gedrukt. Nu kan de kookzone opnieuw ingesteld worden. Wanneer de automatische limiet geactiveerd is, wordt deze geregeld volgens de geselecteerde kookstand (van 1 tot 10 uur).

Basisinstellingen

Het apparaat beschikt over diverse basisinstellingen. Deze instellingen kunnen worden aangepast aan de behoeften van de gebruiker.

Indicator Functie

Permanent kinderslot

Akoestische signalen

Functie Power-Management

= Gedeactiveerd.* = 1000 W minimumvermogen . = 1500 W = 2000 W ...

of . = maximumvermogen van de plaat.

Terugkeren naar de basisinstellingen

*Fabrieksinstelling

Pagina 19: zie Storingen hierboven.

Pagina 20: zie hierboven.

Inhoud

Meer handleidingen: Siemens kookplaat