Siemens EH875SP17E, tekst van de handleiding
Pagina's 18–26 van 64 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 27 →
Pagina's 1–17: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 18
Inhoudsopgave
Veiligheidsvoorschriften ......................................................... 18
Oorzaken van schade.....................................................................20
Bescherming van het milieu ................................................... 20
Milieuvriendelijk afvoeren ...............................................................20 Tips om energie te besparen ........................................................20
Koken op Inductie.................................................................... 21
Voordelen van het Koken op Inductie .........................................21 Pannen...............................................................................................21
Het apparaat leren kennen...................................................... 22
Het bedieningspaneel.....................................................................22 De kookzones...................................................................................22 Restwarmte-indicator.......................................................................22
Programmeren van de kookplaat .......................................... 23
Aan- en uitzetten van de kookplaat..............................................23 De kookzone afstellen ....................................................................23 Kooktabel ..........................................................................................23
Flexibele zone .......................................................................... 25
Tips voor het gebruik van pannen................................................25 Waarschuwingen..............................................................................25 Als twee onafhankelijke zones......................................................25 Als één enkele kookzone...............................................................25
Kinderslot ................................................................................. 26
Het kinderslot activeren en deactiveren.....................................26 Automatisch kinderslot ...................................................................26
Functie Powerboost................................................................. 26
Gebruiksbeperkingen......................................................................26 Activeren............................................................................................26 Deactiveren .......................................................................................26
Timerfunctie ............................................................................. 26
Een kookzone automatisch uitschakelen....................................26 Kookwekker ......................................................................................27
Automatische tijdslimiet ......................................................... 27
Beschermingsfunctie bij reiniging......................................... 27
Basisinstellingen ..................................................................... 28
Toegang tot de basisinstellingen..................................................28
Onderhoud en reiniging .......................................................... 29
Kookplaat ..........................................................................................29 Omlijsting van de kookplaat ..........................................................29
Repareren van storingen......................................................... 29
Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat............... 30
Servicedienst ........................................................................... 30
Geteste gerechten.................................................................... 31
Produktinfo
Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.siemens-home.com en in de online-shop: www.siemens-eshop.com
Veiligheidsvoorschriften
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Berg de gebruiksaanwijzing, het installatievoorschrift en de apparaatpas goed op voor later gebruik of om ze door te geven aan volgende eigenaren.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren.
Dit apparaat moet worden geïnstalleerd volgens het meegeleverde installatievoorschrift.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt wordt. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.
Dek de kookplaat niet af. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal.
18
Gebruik geen ongeschikte beveiligingsapparaten of tralies voor de bescherming van kinderen. Dit kan leiden tot ongevallen.
Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe tijdschakelklok of een afstandbediening.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Pagina 19
Heeft u een pacemaker of soortgelijk medisch hulpmiddel geïmplanteerd, dan dient u speciale voorzorgsmaatregelen in acht nemen bij het gebruiken of in de buurt komen van inductiekookplaten als die in werking zijn. Raadpleeg uw arts of de fabrikant van het hulpmiddel, om er zeker van te zijn dat het voldoet aan de geldige regelgeving en informeer omtrent mogelijke incompatibiliteit.
Risico van brand!
Risico van brand!
- Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken.
Risico van brand!
- De kookzones worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen.
Risico van brand!
- Het apparaat wordt heet. Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat.
- De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan niet meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld.
Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Risico van verbranding!
Risico van verbranding!
- De kookzones en met name een eventueel aanwezige kookplaatomlijsting worden zeer heet. Raak de hete oppervlakken nooit aan. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Risico van verbranding!
- De kookzone warmt op, maar de indicatie functioneert niet Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Brandgevaar!
- Voorwerpen van metaal worden zeer snel heet op de kookplaat. Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals messen, vorken, lepels of deksels, op de kookplaat.
- Schakel de kookplaat na elk gebruik altijd uit met de hoofdschakelaar. Wacht niet tot de kookplaat automatisch uitschakelt doordat er geen pan op staat.
Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
Kans
een elektrische schok!
op
- Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
Kans
een elektrische schok!
op
- Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Kans
een elektrische schok!
op
- Scheuren of barsten in het glaskeramiek kunnen schokken veroorzaken. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Gevaar voor beschadiging!
Deze plaat is uitgerust met een ventilator, die zich aan de onderzijde bevindt. Indien er zich onder de kookplaat een lade bevindt, mogen daar geen kleine of papieren voorwerpen in worden bewaard. Als deze namelijk worden geabsorbeerd kunnen ze de ventilator beschadigen of de koeling verslechteren.
Tussen de inhoud van de lade en de inlaat van de ventilator moet een afstand van ten minste 2 cm worden aangehouden.
Risico van letsel!
Risico van letsel!
- Bij de bereiding au-bain-marie kunnen de kookplaat en kookvorm barsten door oververhitting. De au-bain-marie kookvorm mag niet in direct contact komen met de bodem van de pan die met water is gevuld. Gebruik alleen hittebestendige vormen.
- Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem van de pan en de kookzone kunnen kookpannen plotseling in de hoogte springen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.
Pagina 20
Oorzaken van schade
Attentie!
- Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de kookplaat veroorzaken.
- Plaat nooit lege plannen op de kookzones. Dit kan schade veroorzaken.
- Plaats geen hete pannen op het bedieningspaneel, de indicatorzones of op de omlijsting van de kookplaat. Dit kan schade veroorzaken.
- Als er harde of scherpe voorwerpen op de kookplaat vallen, kan dit de plaat beschadigen.
- Aluminiumfolie en plastic bakken smelten als ze op een hete kookzone gelegd worden. Het gebruik van beschermplaten op de kookplaat wordt afgeraden.
Algemeen overzicht
In de onderstaande tabel vindt u de meest voorkomende vormen van schade:
| Schade | Oorzaak | Maatregel |
|---|---|---|
| Vlekken | Gemorst voedsel | Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper. |
| Ongeschikte reinigingsproducten | Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. | |
| Krassen | Zout, suiker en zand | Gebruik de kookplaat niet als werkoppervlak of steun. |
| Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de vitroceramische plaat veroorzaken | Controleer de pannen. | |
| Verkleuringen | Ongeschikte reinigingsproducten | Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. |
| Aanraking van de pannen | Til kookpannen en koekenpannen op om ze te verplaatsen. | |
| Afbladderingen | Suiker, levensmiddelen met een hoog suikergehalte | Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
Bescherming van het milieu
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Tips om energie te besparen
- Gebruik altijd het deksel dat overeenstemt met elke kookpan. Wanneer zonder deksel gekookt wordt, is aanzienlijk meer energie nodig. Gebruik een glasdeksel om een goede zichtbaarheid te hebben zonder dat u het deksel van de pan hoeft te nemen.
- Gebruik pannen met een vlakke bodem. Bij een niet vlakke bodem wordt meer energie verbruikt.
- De diameter van de bodem van de pan moet overeenkomen met de afmeting van de kookzone. Opgelet:
pannenfabrikanten duiden gewoonlijk de bovenste diameter van de pan aan, die meestal groter is dan de diameter van de bodem van de pan.
- Gebruik een kleine pan voor kleine hoeveelheden. Een grote, weinig gevulde pan vereist veel energie.
- Gebruik weinig water voor het koken. Op deze wijze wordt energie bespaard en blijven alle vitaminen en mineralen van de groenten behouden.
- Selecteer de laagste vermogensstand die het kookpunt behoudt. Met een te hoge stand wordt energie verspild.
Pagina 21
Koken op Inductie
Voordelen van het Koken op Inductie
Koken op Inductie betekent een radicale verandering van de traditionele wijze van verwarmen, aangezien de warmte rechtstreeks in de pan wordt gegenereerd. Daarom biedt het een aantal voordelen:
- Tijdbesparing bij het koken en frituren; doordat de pan rechtstreeks wordt verwarmd.
- Dit werkt energiebesparend.
- Eenvoudiger in onderhoud en reiniging. Overgelopen voedingswaren verbranden minder snel.
- Warmte- en veiligheidscontrole; de plaat levert energie of stopt de energietoevoer onmiddellijk als op de controleknop wordt gedrukt. De inductiekookzone levert geen warmte meer af als de pan wordt weggenomen, ook al wordt het apparaat voor die tijd niet uitgeschakeld.
Pannen
Uitsluitend geschikt voor inductiekoken zijn ferromagnetische pannen zoals van:
- geëmailleerd staal
- gietijzer
- speciale pannen voor inductie van roestvrij staal.
Kijk, om te weten of de pannen geschikt zijn, of de bodem van de pan wordt aangetrokken door een magneet.
Er bestaat een ander soort pannen speciaal voor inductie, met een niet geheel ferromagnetische bodem.
Bij het gebruik van grote pannen met een ferromagnetische zone met een kleinere diameter, wordt enkel de ferromagnetische zone verwarmd, zodat de warmte niet homogeen kan worden verdeeld.
Pannen met aluminium kookzones in de bodem verkleinen de ferromagnetische zone, zodat het geleverde vermogen lager kan zijn en er problemen kunnen ontstaan bij de detectie van de pan en het kan zelfs zijn dat deze niet wordt gedetecteerd.
Om goede kookresultaten te verkrijgen, is het raadzaam dat de diameter van de ferromagnetische zone van de pan is afgestemd op de maat van de kookzone. Als de pan op een kookzone niet wordt gedetecteerd, probeer hem dan op de zone met een iets kleinere diameter.
Niet geschikte pannen
Gebruik nooit straalplaten of pannen van:
- dun normaal staal
- glas
- aardewerk
- koper
- aluminium
Kenmerken van de bodem van de pan
De kenmerken van de bodem van de pannen kunnen invloed hebben op de homogeniteit van het kookresultaat. Pannen die gemaakt zijn van materialen die warmte verspreiden, zoals "sandwich" pannen van roestvrij staal, verdelen de warmte op gelijkmatige wijze, waardoor tijd en energie worden bespaard.
Geen pan of ongeschikte afmeting
Als er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht gaat de kookzone automatisch uit.
Lege pannen of pannen met een dunne bodem
Verwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie “automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en schakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst.
Pandetectie
Iedere kookzone heeft een minimumlimiet voor pandetectie, die afhankelijk is van het materiaal van de pan die wordt gebruikt. Daardoor mag alleen de kookzone worden gebruikt die het meest geschikt is voor de pan.
Pagina 22
Het apparaat leren kennen
Op pagina 2 vindt u informatie over afmetingen en vermogens van de kookzones
Het bedieningspaneel
| Bedieningsvlakken | |
|---|---|
| Hoofdschakelaar | |
| 0 IIIIIIIIIIII +b | De kookzone en programmeerzone selecteren |
| Bescherming bij reiniging en kinderslot | |
| 0 | De tijd programmeren |
| Flexibele zone | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
Bedieningsvlakken
Bij het aanraken van een symbool wordt de overeenkomstige functie geactiveerd.
Aanwijzing: Zorg ervoor dat de bedieningsvlakken altijd droog zijn. Vocht heeft een negatieve invloed op de werking.
| Indicatoren | |
|---|---|
| Operationaliteit | |
| - | Vermogensstanden |
| Functie Powerboost | |
| / | Restwarmte |
| Kinderslot | |
| Timerfunctie | |
| Automatische uitschakeling | |
| Kookwekker | |
| Flexibele zone | |
| Zoeken van een pan in de flexibele zone |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
De kookzones
| Kookzone | |
|---|---|
| • Enkelvoudige kookzone | Gebruik een pan met de geschikte maat. |
| • Flexibele zone | Zie hoofdstuk “flexibele zone“ |
| Gebruik enkel pannen die geschikt zijn om te koken op inductie, zie hoofdstuk “Geschikte pannen". | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
Restwarmte-indicator
De kookplaat beschikt over een restwarmte-indicator in elke kookzone, die aanduidt welke nog warm zijn. Raak kookzones met die indicatie niet aan.
Ook als de plaat uitgeschakeld is, blijft de indicator of , branden zolang de kookzone warm is.
Als de pan van de plaat genomen wordt voordat de kookzone uitgeschakeld is, verschijnen afwisselend de indicator o en de geselecteerde vermogensstand.
Pagina 23
Programmeren van de kookplaat
In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe een kookzone kan worden afgesteld. In de tabel staan de kookstanden en de bereidingstijden voor verschillende gerechten vermeld.
- 2. Beweeg, binnen de volgende 10 seconden, uw vinger over de programmeerzone, totdat de gewenste vermogensstand gaat branden.
Aan- en uitzetten van de kookplaat
De kookplaat wordt in- en uitgeschakeld met de hoofdschakelaar.
Inschakelen: druk op het symbool . De indicator boven de hoofdschakelaar gaat branden. De kookplaat is klaar om te werken.
Uitschakelen: druk op het symbool tot de indicator boven de hoofdschakelaar dooft. Alle kookzones worden uitgeschakeld. De restwarmte-indicator blijft branden tot de kookzones voldoende afgekoeld zijn.
Aanwijzing: De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld zodra alle kookzones meer dan 20 seconden uitgeschakeld zijn.
De kookzone afstellen
Regel de gewenste vermogensstand in de programmeerzone. Vermogensstand 1 = minimumvermogen.
Vermogensstand 9 = maximumvermogen.
Elke vermogensstand is voorzien van een tussenliggende afstelling. Deze wordt aangegeven met een punt.
Selecteer de kookzone en de vermogensstand
De kookplaat moet ingeschakeld zijn.
- 1. Selecteer de kookzone door te drukken op de programmeerzone van de gewenste kookzone.
De vermogensstand is afgesteld.
De vermogensstand wijzigen
Beweeg uw vinger over de programmeerzone, totdat de gewenste vermogensstand verschijnt.
De kookzone uitschakelen
Selecteer in de programmeerzone de vermogensstand . De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator verschijnt.
Aanwijzing: Als er geen pan op de inductiekookzone geplaatst wordt, zal de gekozen kookstand beginnen knipperen. Na het verstrijken van een tijd gaat de kookzone uit.
Kooktabel
In onderstaande tabel worden enkele voorbeelden gegeven. De kooktijden zijn afhankelijk van de vermogensstand, het type, het gewicht en de kwaliteit van het voedsel. Daarom zijn er variaties.
Bij het verhitten van purees, crèmes en dikke sauzen dient u af en toe te roeren.
Gebruik de vermogensstand 9 als u begint te koken.
| Vermogensstand | Kookduur | |
|---|---|---|
| Smelten | ||
| Chocolade, chocoladecouverture Boter, honing, gelatine | 1-1. 1-2 | - - |
| Verhitten en warmhouden | ||
| Maaltijdsoep (bv. linzen) Melk** Worstjes opgewarmd in water** | 1.-2 1.-2. 3-4 | - - - |
| Ontdooien en verhitten | ||
| Diepvriesspinazie Diepvriesgoulash | 3-4 3-4 | 15-25 min. 30-40 min. |
| Op een zacht vuurtje gaarstoven, op een zacht vuurtje koken | ||
| Aardappelballetjes* Vis* Witte sauzen, bv. bechamel Geklopte sauzen, bv. bearnaisesaus, Hollandse saus | 4.-5. 4-5 1-2 3-4 | 20-30 min. 10-15 min. 3-6 min. 8-12 min. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
* Koken zonder deksel
** Zonder deksel
***Geregeld omdraaien
Pagina 24
| Vermogensstand | Kookduur | |
|---|---|---|
| Koken, stomen, smoren | ||
| Rijst (met twee keer zoveel water) Rijstpap Aardappelen in de schil Geschilde aardappelen met zout Pasta* Eenpansgerecht, soep Groenten Diepvriesgroenten Koken met de snelkookpan | 2-3 2-3 4-5 4-5 6-7 3.-4. 2.-3. 3.-4. 4.-5. | 15-30 min. 30-40 min. 25-30 min. 15-25 min. 6-10 min. 15-60 min. 10-20 min. 7-20 min. - |
| Sudderen | ||
| Rollade Stoofschotel Goulash | 4-5 4-5 3-4 | 50-60 min. 60-100 min. 50-60 min. |
| Braden / frituren met een beetje olie** | ||
| Filets, al dan niet gepaneerd Diepvriesfilets Koteletten, al dan niet gepaneerd*** Biefstuk (3 cm dik) Borst (2 cm dik)*** Diepvriesborst*** Hamburgers, gehaktballetjes (3 cm dik)*** Vis en visfilet, ongepaneerd Vis en visfilet, gepaneerd Gepaneerde diepvriesvis, bv. vissticks Garnalen en steurgarnalen Diepvriesgerechten, bv. gesauteerd Pannenkoeken Omelet Spiegeleieren | 6-7 6-7 6-7 7-8 5-6 5-6 4.-5. 5-6 6-7 6-7 7-8 6-7 6-7 3.-4. 5-6 | 6-10 min. 8-12 min. 8-12 min. 8-12 min. 10-20 min. 10-30 min. 30-40 min. 8-20 min. 8-20 min. 8-12 min. 4-10 min. 6-10 min. een voor een frituren een voor een frituren 3-6 min. |
| Frituren** (150-200 g per portie in 1-2 l olie) Diepvriesproducten, bv. frieten, kipnuggets Diepvrieskroketten Vlees, bv., stukjes kip Vis, gepaneerd of in bierdeeg Groenten, paddenstoelen, gepaneerd of in bierdeeg, bv. champignons Banket, bv. beignets, fruit in bierdeeg | 8-9 7-8 6-7 6-7 6-7 4-5 | een portie na de andere frituren |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
* Koken zonder deksel
** Zonder deksel
***Geregeld omdraaien
Pagina 25
Flexibele zone
Kan worden gebruikt als één enkele zone of als twee afzonderlijke zones, afhankelijk van de kookbehoeften op elk ogenblik.
Bestaat uit 4 inductoren die onafhankelijk van elkaar werken. Als de flexibele zone in werking is, wordt alleen de zone die bedekt wordt door de pan geactiveerd.
Tips voor het gebruik van pannen
Om te zorgen voor een goede detectie en verdeling van de warmte, wordt aanbevolen de pan correct te centreren:
Als één enkele kookzone
Diameter minder dan of gelijk aan 13 cm
Zet de pan op een van de 4 posities die op de afbeelding te zien zijn.
Diameter groter dan 13 cm
Zet de pan op een van de 3 posities die op de afbeelding te zien zijn.
Als de pan meer dan een kookzone inneemt, plaats hem dan vanaf de bovenste of onderste rand van de flexibele zone.
Als twee onafhankelijke zones
De voorste en achterste zone, met ieder twee inductoren, kunnen los van elkaar gebruikt worden door het vermogen van iedere zone te regelen. In dit geval is het raadzaam maar een pan op elke zone te gebruiken.
Waarschuwingen
Wanneer twee pannen gebruikt worden met een verschillende maat of die niet uit hetzelfde materiaal bestaan, kunnen bepaalde geluiden of trillingen optreden die de correcte werking van de zone niet in de weg staan.
Om het maximumvermogen te behalen met de Functie Powerboost, dient u de pan in het midden van de flexibele zone te plaatsen, als deze als een enkele kookzone wordt gebruikt.
Op kookplaten met meer dan een flexibele zone wordt aanbevolen om voor één pan niet meerdere zones tegelijk te gebruiken.
Als twee onafhankelijke zones
De flexibele zone is standaard afgesteld om te worden gebruikt als twee onafhankelijke kookzones.
Zo wordt dit geactiveerd
Zie paragraaf “de kookzone afstellen".
Als één enkele kookzone
De kookzone wordt volledig gebruikt, waarbij beide zones samengevoegd worden.
Zo wordt dit geactiveerd
De kookplaat moet ingeschakeld zijn.
- 1. Plaats de pan en selecteer de kookzone door te drukken op de programmeerzone van de gewenste kookzone.
- 2. Druk op het symbool . De indicator gaat branden. De flexibele zone wordt geactiveerd.
- 3. Selecteer vervolgens de gewenste vermogensstand door uw vinger over de programmeerzone te bewegen die overeenstemt met één van de twee zones waaruit de flexibele zone bestaat.
De vermogensstand gaat branden op de indicators van beide kookzones.
De flexibele zone is ingeschakeld.
De vermogensstand wijzigen
Wijzig de vermogensstand door met uw vinger over een van de twee programmeerzones te bewegen.
Een nieuwe pan toevoegen
Druk op het symbool . De indicator gaat branden terwijl de nieuwe pan wordt gezocht en opgespoord. De nieuwe pan wordt gedetecteerd en de vooraf geselecteerde vermogensstand blijft behouden.
Aanwijzing: Indien de pan van de kookzone die in werking is wordt verplaatst of opgetild, dan wordt door de kookplaat automatisch gezocht en blijft de vooraf geselecteerde vermogensstand behouden.
Zo wordt dit gedeactiveerd
Stel af op in de programmeerzone.
Weer als twee kookzones gebruiken
Selecteer een van de twee kookzones van de flexibele zone en stel af op .
Aanwijzing: Wanneer de kookplaat uitgeschakeld en daarna opnieuw ingeschakeld wordt, wordt de flexibele zone opnieuw gebruikt als twee kookzones.
Pagina 26
Kinderslot
De kookplaat kan beveiligd worden tegen ongewilde inschakeling, om te voorkomen dat kinderen de kookzones kunnen inschakelen.
Het kinderslot activeren en deactiveren
De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
Activeren: houd het symbool gedurende circa 4 seconden ingedrukt. Het symbool gaat gedurende 10 seconden branden. De kookplaat blijft geblokkeerd.
Deactiveren: houd het symbool gedurende circa 4 seconden ingedrukt. De blokkering is gedeactiveerd.
Automatisch kinderslot
Met deze functie wordt het kinderslot altijd automatisch ingeschakeld als de kookplaat wordt uitgeschakeld.
Activeren en deactiveren
In hoofdstuk Basisinstellingen vindt u informatie over het inschakelen van het automatische kinderslot.
Functie Powerboost
Met de functie Powerboost kan het voedsel sneller worden verwarmd dan wanneer de vermogensstand wordt gebruikt.
Gebruiksbeperkingen
Deze functie is beschikbaar in alle kookzones, mits de andere zone van dezelfde groep niet in werking is, (zie afbeelding). Zo niet, dan knipperen op de visuele indicator van de geselecteerde kookzone en ; vervolgens wordt de vermogensstand automatisch ingesteld .
Aanwijzing: Het hoogste vermogen dat wordt geleverd in de flexibele zone wordt verkregen door één pan midden op de zone te zetten, zoals wordt uitgelegd in het hoofdstuk Flexibele zone.
Activeren
- 1. Selecteer de gewenste vermogensstand .
- 2. Druk op de programmeerzone boven het symbool . De functie zal geactiveerd worden.
Deactiveren
Druk op de programmeerzone boven het symbool . De functie Powerboost is nu gedeactiveerd.
Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan de Powerboost functie automatisch uitgeschakeld worden om de elektronische onderdelen aan de binnenzijde van de plaat te beschermen.
Timerfunctie
Deze functie kan op twee verschillende manieren gebruikt worden:
- om een kookzone automatisch uit te schakelen.
- als kookwekker.
- 3. Selecteer binnen de volgende 10 seconden, de gewenste kooktijd op de programmeerzone. De mogelijke voorafgaande instelling is van links naar rechts 1, 2, 3..... tot 10 minuten.
Een kookzone automatisch uitschakelen
De zone gaat automatisch uit na het verstrijken van de geselecteerde tijd.
Programmeren van de kooktijd.
De kookplaat moet ingeschakeld zijn:
- 1. Selecteer de gewenste vermogensstand.
- 2. Druk op het symbool 0 van de gewenste kookzone. Op de visuele indicator van de kookzone verschijnt en de indicator gaat branden.
De geselecteerde kooktijd wordt getoond gedurende 10 seconden en begint te verstrijken.
Aanwijzing: Het is mogelijk om dezelfde kooktijd voor alle zones automatisch te programmeren. De geprogrammeerde tijd zal onafhankelijk verstrijken voor ieder van de kookzones. In het hoofdstuk Basisinstellingen vindt u informatie over de automatische programmering van de kooktijd.