naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens HB472G0B3, tekst van de handleiding

Pagina's 16–30 van 36 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 3–15verder op pagina 31 →

Pagina 16

nl Reiniging en onderhoud

Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.

12.3 Basisinstellingen annuleren

Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.

13 Reiniging en onderhoud

13.1 Reinigingsmiddelen

Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

LET OP

Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

13.2 Geschikte schoonmaakmiddelen

Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat. Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.

Voorzijde van het apparaat

OppervlakGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
RVSWarm zeepsop Speciale RVS-onderhoudsmiddelen voor warme oppervlakkenVerwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvaststalen oppervlakken onmiddellijk om corrosie te vermijden.
Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen.
Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneelWarm zeepsopGebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
GlasWarm zeepsopGeen glasschraper gebruiken.
Apparaatdeur
GedeelteGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Ruiten van de deurWarm zeepsop Inox SchuursponsGeen glasschraper gebruiken.
Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. "Apparaatdeur", Pagina 19
DeurafschermingVan roestvaststaal: RVS-reiniger van kunststof:
Warm zeepsop
Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. "Apparaatdeur", Pagina 19
DeurgreepWarm zeepsopOm vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel direct van de deurgreep verwijderen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

Pagina 17

Zelfreiniging nl

Binnenruimte

GedeelteGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Emaille oppervlakkenWarm zeepsop Azijnwater
Ovenreiniger Inox Schuurspons
Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of Inox Schuurspons gebruiken.
Laat om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open.
Tip: Gebruik bij voorkeur de reinigingsfunctie.
"Zelfreiniging", Pagina 17
Opmerkingen
Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.
De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaille oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen.
Glazen kapje van de ovenlampWarm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger.
RekjesWarm zeepsop Inox schuursponsBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of inox schuurspons gebruiken.
Tip: Voor het reinigen de rekjes verwijderen.
"Rekjes", Pagina 23
UittreksysteemWarm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging een borstel.
Om het smeervet niet te verwijderen, kunt u de telescooprails het beste in ingeschoven toestand reinigen.
Niet in de vaatwasser reinigen.
Tip: Voor het reinigen het telescoopsysteem verwijderen.
"Rekjes", Pagina 23
ToebehorenWarm zeepsop Ovenreiniger Inox SchuursponsBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of Inox Schuurspons gebruiken.
Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

13.3 Apparaat schoonmaken

Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

Vereiste: Houd de aanwijzingen voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aan.

"Reinigingsmiddelen", Pagina 16

"Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 16

14 Zelfreiniging

Met de reinigingsfunctie Zelfreiniging reinigt de binnenruimte zich vrijwel zelfstandig.

Reinig de binnenruimte om de 2 tot 3 maanden met de reinigingsfunctie. U kunt de reinigingsfunctie desgewenst vaker gebruiken.

De reinigingsfunctie heeft ca. 2,5 - 4,8 kilowattuur nodig.

Pagina 18

nl Zelfreiniging

14.1 Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden

Om een goed reinigingsresultaat te verkrijgen, dient u het apparaat zorgvuldig voor te bereiden.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.

De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.

De deurafdichting niet verwijderen en niet schuren. Verwijder sterke verontreinigingen op de binnenruit met ovenreiniger.

14.2 Reinigingsfunctie instellen

Ventileer de keuken zolang de reinigingsfunctie actief is.

WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!

De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.

Opmerking: De ovenlamp brandt niet tijdens de reinigingsfunctie.

Vereiste:

"Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden", Pagina 18

ReinigingsgraadMate van reinigingTijdsduur in uren
1LichtCa. 1:15
2GemiddeldCa. 1:30
3HoogCa. 2:00

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

Bij sterkere of oudere verontreiniging een hogere reinigingsstand kiezen.

De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.

De reinigingsfunctie start en de tijdsduur loopt af. Voor uw veiligheid vergrendelt de apparaatdeur van de binnenruimte vanaf een bepaalde temperatuur. Op het display verschijnt .

Als de reinigingsfunctie is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

Wanneer het apparaat voldoende is afgekoeld, ontgrendelt de apparaatdeur en dooft.

14.3 Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken

"Reiniging en onderhoud", Pagina 16

Opmerking: Witte aanslag op de emaille vlakken kan door te grove verontreinigingen ontstaan. Deze levensmiddelresten zijn ongevaarlijk. De aanslag heeft geen nadelige invloed op de werking van het apparaat.

"Rekjes", Pagina 23

Pagina 19

humidClean nl

15 humidClean

De humidClean is een snel alternatief voor het tussendoor reinigen van het kookcompartiment. De reinigingsondersteuning weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.

15.1 Reinigingsondersteuning instellen

Ventileer de keuken zolang de reinigingsfunctie actief is.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!

Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.

Vereiste: De binnenruimte is volledig afgekoeld.

Gebruik geen gedestilleerd water.

Het display toont de tijdsduur. De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.

De reinigingsondersteuning start en de tijdsduur loopt af.

Wanneer de reinigingsondersteuning is beëindigt, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

15.2 Binnenruimte na de reinigingsondersteuning reinigen

LET OP

Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.

Vereiste: De binnenruimte is afgekoeld.

16 Apparaatdeur

Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.

Opmerking: Meer informatie:

16.1 Apparaatdeur verwijderen

Opmerking: Al naar gelang het apparaattype zijn de deurgrepen verschillend.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.

2.

De blokkeerhendel op het linker en rechter scharnier opklappen.
Blokkeerhendel opgeklaptHet scharnier is beveiligd en kan niet dichtklappen.
Blokkeerhendel dichtgeklaptDe apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.

Pagina 20

nl Apparaatdeur

16.2 Apparaatdeur inhangen

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Opmerking: Let erop dat u de apparaatdeur zonder weerstand op de scharnieren schuift.

De vastzethendels zijn dichtgeklapt. De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.

16.3 Deurruiten verwijderen

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

Opmerking: Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip die kan worden opengeklapt.

De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.

Pagina 21

Apparaatdeur nl

Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.

De gedemonteerde ruiten van beide zijden met glasreiniger en een zachte doek reinigen.

Opmerking: Tijdens de reinigingsfunctie verkleurt de binnenlijst van de apparaatdeur of andere delen van

RVS van de apparaatdeur. Deze verkleuringen hebben geen nadelige invloed op de werking van het apparaat. De verkleuringen kunnen met een reinigingsmiddel voor RVS worden verwijderd.

16.4 Deurruiten inbouwen

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

Opmerking

Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip om dicht te klappen, of twee verschillende tussenruiten.

De tussenruiten zijn met een driehoeksymbool gemarkeerd.

Eerst de tussenruit met een niet gevulde driehoek inbouwen, daarna de tussenruit met een gevulde driehoek .

Let er bij de tussenruiten op dat de pijl zich linksboven bevindt.

21

Pagina 22

nl Apparaatdeur

De tussenruit positioneert zich automatisch door de draaibeweging van de afstandshouder.

De tekst "Pyro" moet boven, zoals in de afbeelding, leesbaar zijn.

Opmerking: De binnenruimte pas gebruiken wanneer de ruiten naar behoren zijn ingebouwd.

Pagina 23

Rekjes nl

17 Rekjes

Om de rekjes en de binnenruimte te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen deze worden verwijderd.

17.1 Rekjes verwijderen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De rekjes worden heel heet

17.2 Rekjes inhangen

Opmerkingen

De rekjes passen alleen links of rechts.

Let er bij beide telescooprails op dat deze naar voren uitgeschoven kunnen worden.

17.3 Telescooprail verwijderen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De rekjes worden heel heet

Opmerkingen

Al naar gelang het apparaattype moet u bij apparaten met rekjes en telescooprails de basisinstellingen voor de telescooprails aanpassen.

"Basisinstelingen", Pagina 15

Indien nodig kunt u alle niveaus met een telescooprail uitrusten.

Pagina 24

nl Storingen verhelpen

"Reinigingsmiddelen", Pagina 16

17.4 Telescooprail aanbrengen

Opmerking: De telescooprails passen alleen rechts of links. Let er bij het inbrengen op dat ze er naar voren kunnen worden uitgetrokken.

De houder klikt in.

18 Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

"Servicedienst", Pagina 27

Pagina 25

Storingen verhelpen nl

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

18.1 Functiestoringen

StoringOorzaak en probleemoplossing
Apparaat werkt niet.De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden.
▸ Controleer de zekering in de meterkast.
Stroomvoorziening is uitgevallen.
▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren.
Fout van het elektronische systeem
1. Koppel het apparaat minimaal 30 seconden los van het elektriciteitsnet, door de zekering uit te schakelen.
2. Reset de basisinstellingen naar de fabrieksinstellingen.
"Basisinstelingen", Pagina 15
Het apparaat warmt niet op, op het display knippert de dubbele punt.Demomodus is geactiveerd.
1. Haal de stroom kortstondig van het apparaat door de zekering in de meterkast uit en opnieuw in te schakelen.
2. Deactiveer de demomodus binnen 5 minuten door de basisinstelling in de waarde te wijzigen.
"Basisinstelingen", Pagina 15
Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt .Kinderslot vergrendelt de apparaatdeur.
▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 14
Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt .Reinigingsfunctie vergrendelt de apparaatdeur.
▸ Het apparaat laten afkoelen tot op het display uitgaat.
Op het display brandt en het apparaat kan niet worden ingesteld.Kinderslot is geactiveerd.
▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 14
Op het display knippert en het apparaat start niet.Binnenruimte is te heet voor de gekozen modus.
1. Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen.
2. Start de werking opnieuw.
Op het display verschijnt .Maximale gebruiksduur is bereikt. Om een ongewilde permanente werking te vermijden, stopt het apparaat na meerdere uren automatisch met op te warmen als de instellingen onveranderd zijn.
▸ Schakel het apparaat uit.
U kunt zo nodig opnieuw instellen.
Tip: Om te voorkomen dat het apparaat ongewenst uitschakelt, bijv. bij zeer lange bereidingstijden, kunt u een tijdsduur instellen.
"Tijdfuncties", Pagina 11
Op het display verschijnt een melding met , bijv. - .Elektronicastoring
1. Druk op de toets .
▸ Indien nodig stelt u de tijd opnieuw in.
Als de storing eenmalig was, verdwijnt de foutmelding.
2. Als de foutmelding opnieuw verschijnt, neemt u contact op met de servicedienst. Geef de exacte foutmelding en het E-nr. van uw apparaat op. "Servicedienst", Pagina 27
Bereidingsresultaat is niet bevredigend.Instellingen waren niet geschikt.
Instelwaarden, bijv. temperatuur of tijdsduur, zijn van recept-, hoeveelheid- en levensmiddel-afhankelijk.
▸ Stel de volgende keer lagere of hogere waarden in.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)

Pagina 26

nl Afvoeren

StoringOorzaak en probleemoplossing
Bereidingsresultaat is niet bevredigend.
Resultaat van de reinigingsfunctie is niet naar tevredenheid.Kookcompartiment was te sterk verontreinigd.
▸ Verwijder grove verontreinigingen vóór het uitvoeren van de reinigingsfunctie uit het kookcompartiment.
▸ Let op de reiniging en het onderhoud van uw apparaat.
"Reiniging en onderhoud", Pagina 16

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

18.2 Ovenlamp vervangen

Wanneer de verlichting in de oven is uitgevallen, vervang dan de ovenlamp.

Opmerking: Hittebestendige 230V-halogeenlampen, 40 - 43 watt, kunt u verkrijgen bij de servicedienst of in speciaalzaken. Gebruik alleen deze lampen. Pak nieuwe halogeenlampen alleen met een schone, droge doek vast. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder spanning.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

De glazen afdekking kan door externe invloeden reeds gebroken zijn of bij inbouw of uitbouw door te veel druk breken.

Vereisten

Het apparaat moet zijn losgekoppeld van het elektriciteitsnet.

De binnenruimte is afgekoeld.

Een nieuwe halogeenlamp ter vervanging is beschikbaar.

Let op de stand van de pinnen van de halogeenlamp.

19 Afvoeren

19.1 Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

Pagina 27

Servicedienst nl

20 Servicedienst

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.

Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.

Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.

De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.

Dit product bevat lichtbronnen van energieklasse G.

De informatie conform verordening (EU) 65/2014, (EU) 66/2014 en (EU) 2023/826 vindt u online op siemenshome.bsh-group.com op de productpagina en de servicepagina van uw apparaat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende documenten.

20.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

21 Zo lukt het

Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.

21.1 Algemene aanwijzingen voor de bereiding

Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.

Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en het recept. Daarom zijn instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden.

De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Wanneer u toch wilt voorverwarmen, schuif de accessoire dan pas na het voorverwarmen in de binnenruimte. Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.

LET OP

Zuurhoudende levensmiddelen kunnen het rooster beschadigen

Instructie voor mensen met nikkelallergie

In zeldzame gevallen kunnen geringe sporen van nikkel worden overgedragen aan levensmiddelen.

Geschikte accessoires kunt u bij de klantenservice, in de vakhandel of op het internet kopen.

"Meer accessoires", Pagina 10

21.2 Aanwijzingen voor het bakken

Gebruik bij het bakken de aangegeven inschuifhoogtes.

Bakken op één niveauHoogte
hoog gebak of vorm op het rooster2
plat gebak resp. op bakplaat3
Bakken op twee niveausHoogte
Braadslede Bakplaat3 1
Vormen op het rooster:Hoogte
eerste rooster tweede rooster3 1
Bakken op drie niveausHoogte
Bakplaat Braadslede Bakplaat5 3 1

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)

Opmerkingen

Gebruik voor het bakken op meerdere niveaus hete lucht. Gebak dat gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn. Plaats de vormen naast elkaar of verspringend boven elkaar in de binnenruimte.

Voor een optimaal bereidingsresultaat raden wij u aan donkere bakvormen van metaal te gebruiken.

21.3 Aanwijzingen voor het braden en grillen

De instelwaarden gelden voor ongevuld vlees, braadklaar gevogelte en vlees en vis op koelkasttemperatuur, die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst.

Pagina 28

nl Zo lukt het

Hoe groter het gevogelte, het vlees of de vis, des te lager de temperatuur en des te langer de bereidingstijd.

Keer gevogelte, vlees en vis na ca. 1/2 tot 2/3 van de opgegeven tijd.

Let er bij het keren van gevogelte op dat eerst de borstzijde resp. de kant van het vel onder ligt.

Braden en grillen op het rooster

Het braden op het rooster is bijzonder geschikt voor groot gevogelte of meerdere stukken tegelijk

Giet afhankelijk van de grootte en het soort product tot 1/2 liter water in de braadslede.

Van dit opgevangen braadvocht kunt u een saus bereiden. Er ontstaat dan ook minder rook en de binnenruimte wordt minder verontreinigd.

Laat de deur van het apparaat tijdens het grillen gesloten.

Nooit met een geopende apparaatdeur grillen. Leg het te grillen stuk op het rooster. Plaats bovendien de braadslede, met de schuine kant naar de apparaatdeur, ten minste één inschuifhoogte eronder. Zo wordt afdruipend vet opgevangen.

Braden in vormen

Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.

Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan. Vormen van glas zijn het meest geschikt.

Open vorm

Gebruik een hoge braadvorm.

De vorm op het rooster plaatsen.

Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de braadslede gebruiken.

Gesloten vorm

De vorm op het rooster plaatsen.

Vlees, gevogelte en vis kunnen ook in een gesloten braadslede knapperig worden. Gebruik daarvoor een braadslede met glazen deksel. Stel een hogere temperatuur in.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Wanneer hete vormen van glas op een koude of natte ondergrond worden geplaatst, kan het glas barsten.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!

Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.

21.4 Selectie van gerechten

Insteladvies voor talrijke levensmiddelen gesorteerd op categorie.

Insteladvies voor verschillende gerechten

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °C / GrillstandTijdsduur in min.
Cake, eenvoudigTulbandvorm of
Langwerpige bakvorm
2150-17050-70
Cake, eenvoudigTulbandvorm of
Langwerpige bakvorm
2150-16070-90
Cake, fijn (in rechthoekige vorm)Tulbandvorm of
Langwerpige bakvorm
2150-17060-80
Cake, 2 niveausTulbandvorm of
Langwerpige bakvorm
3+1140-15070-85
Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeegSpringvorm Ø 26 cm2170-19055-80
Gebak van gistdeeg in de springvormSpringvorm Ø 28 cm2160-17025-35
Biscuittaart, 6 eierenSpringvorm Ø 28 cm2150-160 ¹30-40
CakerolBraadslede3180-200 ¹10-15
Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekkingBraadslede2160-18055-95
Gebak van gistdeeg met vochtige bedekkingBraadslede3180-20030-55
MuffinsMuffinplaat2170-19020-40
Klein gebak van gistdeegBraadslede3160-18025-35

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)

1 Het apparaat voorverwarmen.

28

Pagina 29

Zo lukt het nl

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °C / GrillstandTijdsduur in min.
Klein gebak van gistdeegBraadslede3160-17025-45
KoekjesBraadslede3140-16015-25
Koekjes, 2 niveausBraadslede +
Bakplaat
3+1140-16015-25
Koekjes, 3 niveausBraadslede + 2x
Bakplaat
5+3+1140-16015-25
SchuimgebakBraadslede380-90 ¹120-150
Brood, 1000 g (in rechthoekige vorm en op de plaat)Braadslede of
Langwerpige bakvorm
21. 210-220 ¹
2. 180-190 ¹
1. 10-15
2. 40-50
Pizza, vers - op de bakplaatBraadslede2200-22025-35
Pizza, vers - op de bakplaatBraadslede3180-20020-30
Pizza, vers, dunne bodem, in pizzavormPizzaplaat2250-270 ¹15-20
Pizza, vers, dunne bodem, in pizzavormPizzaplaat2250-270 ¹8-13
QuicheTaartvorm of
Zwart blik
1210-23030-40
QuicheTaartvorm of
Zwart blik
2190-21025-35
BörekBraadslede1180-20040-50
Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediëntenVuurvaste schaal2200-22030-60
Kip, 1,3 kg, ongevuldOpen vorm2200-22060-70
Kleine kipdelen, à 250 gOpen vorm3220-23030-35
Gans, niet gevuld, 3 kgOpen vorm21. 140
2. 160
1. 130-140
2. 50-60
Varkensrug, mager, 1 kgVlakke glazen vorm218090-120
Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kgOpen vorm2160-170130-150
Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kgOpen vorm2190-200120-150
Runderfilet, medium, 1 kg ²Rooster +
Braadslede
3210-22040-50 ³
Gestoofd rundvlees, 1,5 kg ⁴Gesloten vorm2200-220130-150
Rosbief, medium, 1,5 kgRooster +
Braadslede
3200-22060-70 ³
Burger, 3-4 cm hoog ⁵Rooster4325-30 ⁶

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)

1 Het apparaat voorverwarmen.

2 De braadslede onder het rooster inschuiven.

3 Het gerecht na 1/2 - 2/3 van de totale tijd keren.

4 In het begin vloeistof in de vorm doen, gebraad moet minstens voor 2/3 in vloeistof liggen

5 De braadslede op inschuifhoogte 2 eronder plaatsen.

6 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren.

29

Pagina 30

nl Zo lukt het

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °C / GrillstandTijdsduur in min.
Lamsbout zonder been, medium, 1,0 kg ingebonden ¹Open vorm2170-19070-80 ²
Vis, gegrild, heel 300 g, bijv.
forel ³
Rooster2160-18020-30
Vis, gestoofd, heel 300 g, bijv. forelGesloten vorm2170-19030-40
Vis, gestoofd, heel 1,5 kg, bijv. zalmGesloten vorm2180-20055-65

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)

Yoghurt

Maak yoghurt met uw apparaat.

Yoghurt maken

Insteladviezen voor desserts

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °CTijdsduur in min.
YoghurtPortievormenBodem van de binnenruimte40-458-9 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)

21.5 Bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen

Informatie en insteladvies over bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen, bijv. langzaam garen.

Air Fry

Bereid gerechten door Air Fry knapperig en met weinig vet. Air Fry is bijzonder geschikt voor gerechten die u normaal gezien in olie frituurt.

Aanwijzingen voor de bereiding met Air Fry

Neem deze informatie in acht als u gerechten met Air Fry bereidt.

De bereiding met Air Fry is slechts op een niveau mogelijk.

Het knapperige resultaat bereikt u met de geëmailleerde Air-Fry plaat. Door het geperforeerde oppervlak is een bijzonder goede luchtcirculatie rondom het product mogelijk. Wanneer de Air-Fry plaat niet standaard bij het apparaat is meegeleverd, dan kunt u de Air-Fry plaat als speciaal accessoire verkrijgen.

De oven niet voorverwarmen.

Geen bakpapier gebruiken. De lucht moet in de binnenruimte circuleren.

Diepgevroren gerechten niet ontdooien.

De gerechten gelijkmatig in het Air Fry plaat of de universele braadslede verdelen. Indien mogelijk slechts een laag van de gerechten over het toebehoren verdelen.

Het toebehoren op hoogte 3 in de binnenruimte schuiven. Als u het Air Fry plaat gebruikt, kunt u ter bescherming tegen verontreiniging een lege universele braadslede op hoogte 1 inschuiven.

Halverwege de bereidingstijd het product keren. Bij grotere hoeveelheden het product 2 keer keren.

Tip: Het product pas na het bereiden zouten. Hierdoor wordt het product knapperiger.

Gepaneerde groente is eveneens geschikt voor de bereiding met Air Fry. Om vet te sparen, de panade met een verstuiver met olie besproeien. Zo ontstaat een knapperige korst met weinig vet.

Insteladvies voor Air Fry

VoedingswaarToebehoren / vormenHoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °CTijdsduur in min.
Frites, diepvriesAir Fry plaat3170-19020-25

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)

1 Water toevoegen, zodat de bodem van de vorm wordt bedekt.

2 Keer het voedsel niet.

3 De braadslede onder het rooster inschuiven.

30

← pagina's 3–15verder op pagina 31 →Inhoud