naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens HB478G5B7, tekst van de handleiding

Pagina's 15–30 van 44 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 3–14verder op pagina 31 →

Pagina 15

Programma's nl

Nr.GerechtVormenGewichtsbereik InstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
01Pizza, dunne bodem diepvries, voorgebakkenBraadslede met bakpapier0,28-0,4 kg Totaalgewichtnee3voor een tweede pizza de aanwijzingen opvolgen die op de verpakking staan
02Pizza, dikke bodem diepvries, voorgebakkenBraadslede met bakpapier0,28-0,6 kg Totaalgewichtnee3voor een tweede pizza de aanwijzingen opvolgen die op de verpakking staan
03Lasagne diepvriesOriginele verpakking0,3-1,2 kg Totaalgewichtnee3-
04Frites diepvriesBraadslede0,2-0,75 kg Totaalgewichtnee3naast elkaar op de braadslede leggen
05Afbakbroodjes diepvries, voorgebakkenBraadslede met bakpapier0,1-0,8 kg Totaalgewichtnee3-
06AardappelgratinOvenschaal zonder deksel0,5-3,0 kg Totaalgewichtnee2-
07Pastaschotel met voorgegaarde pastaOvenschaal zonder deksel0,4-3,0 kg Totaalgewichtnee2-
08Aardappels uit de oven, heel ongeschilde, kruimige aardappelsBraadslede0,3-1,5 kg Totaalgewichtnee3-
09Eenpansgerecht, met groente vegetarischhoge braadpan met deksel0,5-2,5 kg Totaalgewichtvolgens recept2Groente met een lange bereidingstijd (bijv. wortelen) in kleinere stukken snijden dan groente met een korte bereidingstijd (bijv. tomaten)
10Eenpansgerecht, met vleeshoge braadpan met deksel0,5-3,0 kg Totaalgewichtvolgens recept2Het vlees niet eerst aanbraden
11Goulash
Rund- of varkensvlees in blokjes, met groente
hoge braadpan met deksel0,5-2,5 kg Totaalgewichtvolgens recept2Eerst het vlees erin doen en daarop de groente leggen Het vlees niet eerst aanbraden
12Vis, heel panklaar, gekruidBraadpan met deksel0,3-1,5 kg
Gewicht van de vis
Bodem van de braadpan bedekken2-
13Kip, ongevuld panklaar, gekruidBraadpan met glazen deksel0,6-2,5 kg Gewicht kipnee2met de borst naar boven in de vorm leggen
14Stukken kip panklaar, gekruidBraadpan met deksel0,1-0,8 kg
Gewicht van het zwaarste deel
Bodem van de braadpan bedekken2-
15Kalkoenfilet van het stuk, gekruidBraadpan met glazen deksel0,5-2,5 kg
Gewicht kalkoenfilet
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2-
16Eend, ongevuld panklaar, gekruidBraadpan zonder deksel1,0-2,7 kg Gewicht eendnee2-
17Gans, niet gevuld panklaar, gekruidBraadpan zonder deksel2,5-3,5 kg Gewicht gansnee2-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

Pagina 16

nl Programma's

Nr.GerechtVormenGewichtsbereik InstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
18Gestoofd rundvlees bijv. klapstuk, schouderstuk, fricandeau of gemarineerd vleesBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Vlees met vloeistof bedekken2Het vlees niet eerst aanbraden
19Rosbief, medium panklaar, gekruidBraadpan zonder deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
nee2met de vetzijde naar boven in de vorm leggen
Het vlees niet eerst aanbraden
20Runderrollade gevuld met groente of vleesBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van alle gevulde rollades
Vleesrolletjes bedekken bijv. met bouillon of water2Het vlees niet eerst aanbraden
21Gebraden gehakt, vers
Gehakt van rund-, varkens- of lamsvlees
Braadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht gehakt
nee2Het vlees niet eerst aanbraden
22Lamsbout, medium zonder been, gekruidBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
23Lamsbout, doorbakken zonder been, gekruidBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
24Gebraden kalfsvlees, doorregen bijv. rug of heupBraadpan met deksel0,5-3,0 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
25Gebraden kalfsvlees, mager bijv. lendestuk of fricandeauBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
26Reebout zonder been, gezoutenBraadpan met deksel0,5-2,0 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2-
27Konijn, heel panklaar, gekruidBraadpan met glazen deksel1,0-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

Pagina 17

Kinderslot nl

Nr.GerechtVormenGewichtsbereik InstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
28Gebraden varkensnek zonder been, gekruidBraadpan met glazen deksel0,5-3,0 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
29Gebraden varkensvlees met korstje bijv. schouder, gekruid en zwoerd ingesnedenBraadpan met glazen deksel0,5-3,0 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2met de kant van het vet naar boven in de vorm leggen, het zwoerd goed zouten
30Gebraden varkenshaas gekruidBraadpan met glazen deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

11.4 Gerecht voor programma voorbereiden

Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur. Diepvriesgerechten direct uit het diepvriesvak gebruiken.

Het gewicht van het gerecht is nodig om het programma juist in te stellen.

Plaats de vorm altijd in de onverwarmde binnenruimte.

11.5 Programma instellen

Het apparaat kiest het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur. U hoeft alleen het gewicht in te stellen.

Opmerkingen

Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.

Na de programmastart kunt u het programma en het gewicht niet meer veranderen.

Na enkele seconden start het programma en de tijdsduur loopt af.

Als het programma is beëindigd, weerklinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

12 Kinderslot

Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen.

12.1 Kinderslot activeren

Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .

12.2 Kinderslot deactiveren

Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .

Pagina 18

nl Warmhouden gedurende een langere periode

13 Warmhouden gedurende een langere periode

U kunt met uw apparaat gerechten tot maximaal 70 uur tussen 85°C en 140°C met Boven- en onderwarmte warmhouden, zonder dat u het apparaat hoeft in- of uit te schakelen.

13.1 Warmhouden gedurende een langere periode instellen

Opmerkingen

Wanneer u de apparaatdeur tijdens gebruik opent, houdt het apparaat op met verwarmen. Wanneer u de apparaatdeur sluit, verwarmt het apparaat verder. Na de start kunt u niet meer wijzigen of onderbreken. U kunt het einde niet wijzigen.

Vereiste: De betreffende basisinstelling is geactiveerd.

"Basisinstelingen", Pagina 18

Op het display verschijnt .

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.

Na ca. 10 tot 20 minuten schakelt het apparaat automatisch uit.

14 Basisinstellingen

U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.

14.1 Overzicht van de basisinstellingen

Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.

IndicatieBasisinstellingKeuze
Signaalduur na het verstrijken van een tijdsduur of wekkertijd= 10 seconden = 30 seconden ¹ = 2 minuten
Wachttijd totdat een instelling is overgenomen= 3 seconden ¹ = 6 seconden = 10 seconden
Toetssignaal bij het indrukken van een toets= uit = aan ¹
Helderheid van de displayverlichting= donker = gemiddeld ¹ = helder
Indicatie van de tijd= tijdsweergave uit = tijd weergeven ¹
Kinderslot instelbaar= nee = ja ¹ = ja, met deurvergrendeling
Verlichting van de binnenruimte bij gebruik= nee = ja ¹
Nalooptijd van de koelventilator= kort = gemiddeld ¹ = lang = extra lang
Telescooprails achteraf aangebracht ²= nee ¹ (bij rekjes en enkelvoudig uittreksysteem) = ja (bij 2- en 3-voudig uittreksysteem)
Warmhouden gedurende een langere periode= nee ¹ = ja

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)

2 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

18

Pagina 19

Home Connect nl

IndicatieBasisinstellingKeuze
Automatisch snel voorverwarmen vanaf
200°C ¹
= nee = ja ²
Alle waarden naar de fabrieksinstelling terugzetten= nee ² = ja
..Home Connect Instellingen"Home Connect ", Pagina 19

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

14.2 Basisinstelling wijzigen

Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.

Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.

14.3 Basisinstellingen annuleren

Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.

15 Home Connect

Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.

De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.

De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen en houd u aan de instructies in de Home Connect app.

Opmerkingen

Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient.

"Veiligheid", Pagina 2

De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.

In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het apparaat max. 2 W nodig.

15.1 Home Connect instellen

Vereisten

Het apparaat is verbonden met het stroomnet en ingeschakeld.

U beschikt over een mobiel eindapparaat met een actuele versie van het iOS- of Android-besturingssysteem, bijvoorbeeld een smartphone.

Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).

Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw thuisnetwerk.

Via de QR-code kunt u de Home Connect app installeren en uw apparaat verbinden.

15.2 Home Connect Instellingen

In de basisinstellingen van uw apparaat kunt u voor Home Connect instellingen en netwerkinstellingen aanpassen.

InstellingSelectie of weergaveToelichting
Verbinding met het netwerk - Niet verbonden - Automatisch verbinden - Handmatig verbinden - Verbondenen zijn weergaven die u niet kunt instellen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

2 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)

19

Pagina 20

nl Home Connect

InstellingSelectie of weergaveToelichting
Verbinding met de Home Connect app - Gereed - Verbinden - Verbondenen zijn weergaven die u niet kunt instellen.
Wifi - Uit - Activeren - AanAls wifi is geactiveerd, kunt u Home Connect gebruiken. Bij netwerkgebonden stand-by heeft het apparaat maximaal 2 W nodig.
is een weergave die u niet kunt instellen.
Start op afstand - Gedeactiveerd - Handmatig ¹ - PermanentBij gedeactiveerde start op afstand kunt u alleen de bedrijfstoestand van het apparaat in de app weergeven.
Bij een handmatige start op afstand moet u de start op afstand elke keer activeren voordat u het apparaat via de app kunt starten. Als u binnen 15 minuten na de activering van start op afstand of het gebruikseinde de ovendeur opent, dan wordt de start op afstand gedeactiveerd.
Bij permanente start op afstand kunt u het apparaat altijd op afstand starten en bedienen.
Software-update - Update beschikbaar - Update startenDe instelling wordt alleen weergegeven wanneer er een update beschikbaar is.
is een weergave die u niet kunt instellen.
Diagnose op afstand - Niet toegestaan ¹ - ToegestaanDe instelling wordt alleen weergegeven als de service probeert om toegang tot het apparaat te verkrijgen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

15.3 Apparaat met Home Connect app bedienen

Met de Home Connect app kunt u het apparaat op afstand instellen en starten.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.

Vereisten

Het apparaat is ingeschakeld.

Het apparaat is met het thuisnetwerk en met de Home Connect app verbonden.

Om het apparaat via de app te kunnen instellen, moet de handmatige of permanente start op afstand in de basisinstelling zijn geselecteerd.

15.4 Software-update

Met de functie software-update wordt de software van uw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhelpen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates alsmede voor extra functies en diensten.

1 Fabrieksinstelling

20

Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde Home Connect gebruiker bent, de app op uw mobiele eindapparaat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Home Connect server hebt gemaakt.

Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u hierover via de Home Connect app geïnformeerd en kunt u de software-update via de app starten. Na het succesvol downloaden kunt u de installatie via de Home Connect app starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk (WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie wordt u via de Home Connect app geïnformeerd. De actuele softwareversie is in de Home Connect app onder de apparaatinformatie van het betreffende huishoudapparaat te vinden.

Opmerkingen

De software-update bestaat uit twee stappen.

De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de installatie kunt u uw apparaat niet gebruiken.

In geval van een veiligheidsrelevante update is het raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.

15.5 Afstandsdiagnose

De klantenservice kan via de diagnose op afstand toegang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de desbetreffende wens tot de klantenservice richt, uw apparaat met de Home Connect server verbonden is en de diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat gebruikt, beschikbaar is.

Pagina 21

Reiniging en onderhoud nl

Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de beschikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land vindt u in het gedeelte service/support van de lokale website: www.home-connect.com.

15.6 Bescherming persoonsgegevens

Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.

Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie): Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde WiFi communicatiemodule).

Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).

De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat.

Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.

Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.

Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.

16 Reiniging en onderhoud

Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.

16.1 Reinigingsmiddelen

Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

LET OP

Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

16.2 Geschikte schoonmaakmiddelen

Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat. Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.

Voorzijde van het apparaat

OppervlakGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
RVSWarm zeepsop Speciale RVS-onderhoudsmiddelen voor warme oppervlakkenVerwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvaststalen oppervlakken onmiddellijk om corrosie te vermijden.
Verzorgingsmiddel voor roestvrij staal dun aanbrengen.
Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneelWarm zeepsopGebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

Pagina 22

nl Reiniging en onderhoud

Apparaatdeur

GebiedGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Ruiten van de deurWarm zeepsop RVS-spiraalsponsGebruik geen schraper voor vitrokeramische kookplaat. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. "Apparaatdeur", Pagina 24
DeurafschermingVan roestvaststaal: RVS-reiniger van kunststof:
Warm zeepsop
Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. "Apparaatdeur", Pagina 24
DeurgreepWarm zeepsopOm vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel direct van de deurgreep verwijderen.
Binnenruimte
GebiedGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Emaille oppervlakkenWarm zeepsop Azijnwater
Ovenreiniger RVS-spiraalspons
Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons gebruiken.
Laat om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open.
Tip: Gebruik bij voorkeur de reinigingsfunctie.
"Zelfreiniging", Pagina 23
Opmerkingen
Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.
De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaille oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen.
Glazen kapje van de ovenlampWarm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger.
RekjesWarm zeepsop Inox schuursponsBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of inox schuurspons gebruiken.
Tip: Voor het reinigen de rekjes verwijderen.
"Rekjes", Pagina 27
UittreksysteemWarm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging een borstel.
Om het smeervet niet te verwijderen, kunt u de telescooprails het beste in ingeschoven toestand reinigen.
Niet in de vaatwasser reinigen.
Tip: Voor het reinigen het telescoopsysteem verwijderen.
"Rekjes", Pagina 27
ToebehorenWarm zeepsop Ovenreiniger RVS-spiraalsponsBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of inox schuurspons gebruiken.
Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan.
KerntemperatuurmeterWarm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Niet in de vaatwasser reinigen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

16.3 Apparaat schoonmaken

Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.

Pagina 23

Zelfreiniging nl

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

Vereiste: Houd de aanwijzingen voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aan.

"Reinigingsmiddelen", Pagina 21

"Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 21 "Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 21

17 Zelfreiniging

Met de reinigingsfunctie Zelfreiniging reinigt de binnenruimte zich vrijwel zelfstandig.

Reinig de binnenruimte om de 2 tot 3 maanden met de reinigingsfunctie. U kunt de reinigingsfunctie desgewenst vaker gebruiken.

De reinigingsfunctie heeft ca. 2,5 - 4,8 kilowattuur nodig.

17.1 Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden

Om een goed reinigingsresultaat te verkrijgen, dient u het apparaat zorgvuldig voor te bereiden.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.

De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.

De deurafdichting niet verwijderen en niet schuren. Verwijder sterke verontreinigingen op de binnenruit met ovenreiniger.

17.2 Reinigingsfunctie instellen

Ventileer de keuken zolang de reinigingsfunctie actief is.

WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!

De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.

Opmerking: De ovenlamp brandt niet tijdens de reinigingsfunctie.

Vereiste:

"Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden", Pagina 23

ReinigingsgraadMate van reinigingTijdsduur in uren
1LichtCa. 1:15
2GemiddeldCa. 1:30

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

23

Pagina 24

nl Apparaatdeur

ReinigingsgraadMate van reinigingTijdsduur in uren
3HoogCa. 2:00

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

Bij sterkere of oudere verontreiniging een hogere reinigingsstand kiezen.

De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.

Na enkele seconden start de reinigingsfunctie en de tijdsduur verstrijkt.

Voor uw veiligheid vergrendelt de apparaatdeur van de binnenruimte vanaf een bepaalde temperatuur. Op het display verschijnt .

Als de reinigingsfunctie is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

Als het apparaat voldoende is afgekoeld, ontgrendelt de apparaatdeur en gaat uit.

17.3 Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken

"Reiniging en onderhoud", Pagina 21

Opmerking: Witte aanslag op de emaille vlakken kan door te grove verontreinigingen ontstaan. Deze levensmiddelresten zijn ongevaarlijk. De aanslag heeft geen nadelige invloed op de werking van het apparaat.

"Rekjes", Pagina 27

18 Apparaatdeur

Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.

Opmerking: Meer informatie:

Het scharnier is beveiligd en kan niet dichtklappen.

Blokkeerhendel dichtgeklapt

18.1 Apparaatdeur verwijderen

Opmerking: Al naar gelang het apparaattype zijn de deurgrepen verschillend.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.

Blokkeerhendel opgeklapt

24

De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.

De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.

18.2 Apparaatdeur inhangen

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Pagina 25

Apparaatdeur nl

Opmerking: Let erop dat u de apparaatdeur zonder weerstand op de scharnieren schuift.

De vastzethendels zijn dichtgeklapt. De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.

18.3 Deurruiten verwijderen

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

Opmerking: Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip die kan worden opengeklapt.

De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.

25

Pagina 26

nl Apparaatdeur

Let er bij de tussenruiten op dat de pijl zich linksboven bevindt.

Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.

De gedemonteerde ruiten van beide zijden met glasreiniger en een zachte doek reinigen.

Opmerking: Tijdens de reinigingsfunctie verkleurt de binnenlijst van de apparaatdeur of andere delen van RVS van de apparaatdeur. Deze verkleuringen hebben geen nadelige invloed op de werking van het apparaat. De verkleuringen kunnen met een reinigingsmiddel voor RVS worden verwijderd.

18.4 Deurruiten inbouwen

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

Opmerking

Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip om dicht te klappen, of twee verschillende tussenruiten.

De tussenruiten zijn met een driehoeksymbool gemarkeerd.

Eerst de tussenruit met een niet gevulde driehoek inbouwen, daarna de tussenruit met een gevulde driehoek .

De tussenruit positioneert zich automatisch door de draaibeweging van de afstandshouder.

Pagina 27

Rekjes nl

De tekst "Pyro" moet boven, zoals in de afbeelding, leesbaar zijn.

19 Rekjes

Om de rekjes en de binnenruimte te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen deze worden verwijderd.

19.1 Rekjes verwijderen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De rekjes worden heel heet

Opmerking: De binnenruimte pas gebruiken wanneer de ruiten naar behoren zijn ingebouwd.

Pagina 28

nl Rekjes

19.2 Rekjes inhangen

Opmerkingen

De rekjes passen alleen links of rechts.

Let er bij beide telescooprails op dat deze naar voren uitgeschoven kunnen worden.

19.3 Telescooprail verwijderen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De rekjes worden heel heet

Opmerkingen

Al naar gelang het apparaattype moet u bij apparaten met rekjes en telescooprails de basisinstellingen voor de telescooprails aanpassen.

"Basisinstelingen", Pagina 18

Indien nodig kunt u alle niveaus met een telescooprail uitrusten.

"Reinigingsmiddelen", Pagina 21

Pagina 29

Storingen verhelpen nl

19.4 Telescooprail aanbrengen

Opmerking: De telescooprails passen alleen rechts of links. Let er bij het inbrengen op dat ze er naar voren kunnen worden uitgetrokken.

De houder klikt in.

20 Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

Tip: Verbind uw apparaat permanent met de Home Connect app om automatisch software-updates te verkrijgen. Zo worden fouten verholpen, prestatieverbeteringen doorgevoerd en nieuwe functies geüpload.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

"Servicedienst", Pagina 31

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

Pagina 30

nl Storingen verhelpen

20.1 Functiestoringen

StoringOorzaak en probleemoplossing
Apparaat werkt niet.De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden.
▸ Controleer de zekering in de meterkast.
Stroomvoorziening is uitgevallen.
▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren.
Fout van het elektronische systeem
1. Koppel het apparaat minimaal 30 seconden los van het elektriciteitsnet, door de zekering uit te schakelen.
2. Reset de basisinstellingen naar de fabrieksinstellingen.
"Basisinstelingen", Pagina 18
Apparaat warmt niet op, op het display knippert de dubbele punt en er verschijnt een .Demomodus is geactiveerd.
1. Haal de stroom kortstondig van het apparaat door de zekering in de meterkast uit en opnieuw in te schakelen.
2. Deactiveer de demo-modus binnen 5 minuten door de laatste basisinstelling in de waarde te wijzigen.
"Basisinstelingen", Pagina 18
Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt .Kinderslot vergrendelt de apparaatdeur.
▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 17
Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt .Reinigingsfunctie vergrendelt de apparaatdeur.
▸ Het apparaat laten afkoelen tot op het display uitgaat.
Op het display brandt en het apparaat kan niet worden ingesteld.Kinderslot is geactiveerd.
▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 17
Op het display knippert en het apparaat start niet.Binnenruimte is te heet voor de gekozen modus.
1. Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen.
2. Start de werking opnieuw.
Op het display verschijnt .Maximale gebruiksduur is bereikt. Om een ongewilde permanente werking te vermijden, stopt het apparaat na meerdere uren automatisch met op te warmen als de instellingen onveranderd zijn.
▸ Schakel het apparaat uit.
U kunt zo nodig opnieuw instellen.
Tip: Om te voorkomen dat het apparaat ongewenst uitschakelt, bijv. bij zeer lange bereidingstijden, kunt u een tijdsduur instellen.
"Tijdfuncties", Pagina 12
Op het display verschijnt een melding met , bijv. - .Elektronicastoring
1. Druk op de toets .
▸ Indien nodig stelt u de tijd opnieuw in.
Als de storing eenmalig was, verdwijnt de foutmelding.
2. Als de foutmelding opnieuw verschijnt, neemt u contact op met de servicedienst. Geef de exacte foutmelding en het E-nr. van uw apparaat op. "Servicedienst", Pagina 31
Home Connect functioneert niet correct.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▸ Ga naar www.home-connect.com.
Bereidingsresultaat is niet bevredigend.Instellingen waren niet geschikt.
Instelwaarden, bijv. temperatuur of tijdsduur, zijn van recept-, hoeveelheid- en levensmiddel-afhankelijk.
▸ Stel de volgende keer lagere of hogere waarden in.
Tip: Veel overige informatie over de bereiding en de passende instelwaarden en recepten vindt u in de Home Connect app of op onze homepage siemens-home.bsh-group.com.
Resultaat van de reinigingsfunctie is niet naar tevredenheid.Kookcompartiment was te sterk verontreinigd.
▸ Verwijder grove verontreinigingen vóór het uitvoeren van de reinigingsfunctie uit het kookcompartiment.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)

← pagina's 3–14verder op pagina 31 →Inhoud