Siemens HB676G5S6, tekst van de handleiding
Pagina's 3–15 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina 2verder op pagina 16 →
Pagina 3
Veiligheid nl
1.4 Veiliger gebruik
Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven.
→ "Accessoires", Pagina 9
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard kunnen vlam vatten.
- Bewaar nooit brandbare voorwerpen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging. Bij het openen van de apparaatdeur ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten.
- Plaats nooit bakpapier bij het voorverwarmen en tijdens het bereiden los op het accessoire.
- Bakpapier altijd op maat maken en verzwaren met een vorm.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
Accessoires of vormen worden zeer heet.
- Neem hete accessoires en vormen altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten.
- Gebruik slechts geringe hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage.
- Open de apparaatdeur voorzichtig.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
- De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.
- Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de ovendeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
Het apparaat en de delen ervan die aangeraakt kunnen worden kunnen scherpe randen hebben.
- Wees voorzichtig bij gebruik en reinigen.
- Draag indien mogelijk veiligheidshandschoenen.
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warmtebronnen in contact brengen.
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
Pagina 4
nl Veiligheid
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen. Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Contact opnemen met de servicedienst. → Pagina 28
WAARSCHUWING ‒ Gevaar:
magnetisme!
In het bedieningspaneel of de bedieningselementen bevinden zich permanente magneten. Deze kunnen elektronische implantaten, zoals pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden.
- Dragers van elektronische implantaten dienen een afstand van minstens 10 cm tot het bedieningspaneel aan te houden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
1.5 Halogeenlamp
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De lampen in de binnenruimte worden heel heet. Ook enige tijd na het uitschakelen bestaat er nog een risico van verbranding.
- Glazen kapje niet aanraken.
- Tijdens het schoonmaken contact met de huid vermijden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder stroom.
- Zorg er vóór het vervangen van de lamp voor dat het apparaat is uitgeschakeld, om een mogelijke elektrische schok te voorkomen.
- Tevens de stekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
1.6 Reinigingsfunctie
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.
- Verwijder voordat de reiniging start altijd de grove verontreiniging uit de binnenruimte en van de accessoires.
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen.
- Voorkant van het apparaat vrijhouden.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grote hitte in het bereik van de deur.
- De dichting niet schuren en niet afnemen.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
WAARSCHUWING ‒ Kans op ernstig gevaar voor de gezondheid!
Het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. De antiaanbaklaag van bakplaten en vormen wordt aangetast en er ontstaan giftige gassen.
- Bij gebruik van de reinigingsfunctie nooit platen en vormen met een antiaanbaklaag meereinigen.
- Alleen geëmailleerd toebehoren meereinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden.
Pagina 5
Materiële schade vermijden nl
Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.
- Tijdens de reinigingsfunctie de keuken grondig ventileren.
- Niet gedurende langere tijd in de ruimte verblijven.
- Kinderen en huisdieren uit de buurt houden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur openen.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur aanraken.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
2 Materiële schade vermijden
2.1 Algemeen
LET OP!
Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat er warmteophoping door voorwerpen op de bodem van de binnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd.
- Nooit toebehoren, bakpapier of folie, van welke soort dan ook op de bodem van de binnenruimte leggen.
- Uitsluitend een vorm op de bodem van de binnenruimte plaatsen wanneer een temperatuur van minder dan 50°C ingesteld is.
Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.
- Giet nooit water in de hete binnenruimte.
- Zet nooit servies met water op de bodem van de binnenruimte.
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
- Laat na het gebruik de binnenruimte drogen.
- Geen vochtige levensmiddelen gedurende langere tijd in de gesloten binnenruimte bewaren.
- Geen eten in de binnenruimte bewaren.
Wanneer er wordt afgekoeld terwijl de apparaatdeur open staat, raken aangrenzende meubelfronten op den duur beschadigd.
- Na een bereiding met hoge temperaturen de binnenruimte alleen met gesloten deur laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er niets tussen de apparaatdeur beklemd raakt.
- Alleen na gebruik met veel vocht de binnenruimte met open deur laten drogen.
Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd.
- De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet te overvloedig bedekken.
- Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen.
Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdens het gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubelfronten kunnen dan beschadigd raken.
- Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan hij beschadigd raken.
- Niets op de open deur zetten of leggen en niet eraan hangen.
- Geen vormen of accessoires op de apparaatdeur plaatsen.
Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoires krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeur wanneer deze gesloten wordt.
- Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte leggen.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
Pagina 6
nl Uw apparaat leren kennen
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Verwarm het apparaat alleen voor wanneer het recept of de insteladviezen dit aangeven.
- Wanneer u het apparaat niet voorverwarmt, dan bespaart u tot 20 % energie.
Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen.
- Deze bakvormen nemen de hitte bijzonder goed op.
Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig mogelijk.
De temperatuur in de binnenruimte blijft constant en het apparaat hoeft niet na te verwarmen.
Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallel bakken.
- De binnenruimte is na de eerste keer bakken opgewarmd. Hierdoor is de baktijd voor het gebak dat vervolgens wordt gebakken korter.
Bij langere bereidingstijden het apparaat 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen.
- De restwarmte is voldoende om het gerecht verder te bereiden.
Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.
- Overtollige accessoires hoeven niet verwarmd te worden.
Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ontdooien.
- Hierdoor wordt bespaard op de energie om het voedsel te ontdooien.
Opmerking:
Het apparaat verbruikt:
in netwerkgebonden standby max. 2 W in niet netwerkgebonden gebruik met ingeschakeld display max. 1 W in niet netwerkgebonden gebruik met uitgeschakeld display max. 0,5 W
4 Uw apparaat leren kennen
4.1 Bedieningspaneel
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
Opmerking: Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.
3
- 1 Knoppen
De toetsen links en rechts van het bedieningspaneel hebben een drukpunt. De toetsen dienen te worden ingedrukt. Bij apparaten zonder roestvrijstalen front zijn de toetsen eveneens touchvelden.
- 2 Draaiknop
U kunt de draaiknop onbeperkt naar rechts of naar links draaien.
Touchvelden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Om een functie te kiezen, slechts licht op het betreffende veld drukken.
- 3 Touch-display
Op de touchdisplays ziet u actuele keuzemogelijkheden. Om een functie te kiezen, direct op het betreffende veld drukken. Afhankelijk van de keuze veranderen de tekstvelden.
4.2 Knoppen
Met de toetsen links en rechts op het bedieningspaneel schakelt u uw apparaat of de werking in en uit.
| Knop | Functie | Gebruik |
|---|---|---|
| Aan/Uit | Apparaat in- of uitschakelen. | |
| Menu | Functiekeuze-menu openen | |
| Informatie | Aanwijzingen laten weergeven Kinderslot activeren en deactiveren | |
| Kinderslot | Kinderslot activeren en deactiveren |
Pagina 7
Uw apparaat leren kennen nl
| Knop | Functie | Gebruik |
|---|---|---|
| Tijdfuncties | Kort indrukken: werking starten of onderbreken. Ca. 3 seconden ingedrukt houden: werking afbreken. | |
| Snel voorverwarmen | Snel voorverwarmen in- en uitschakelen | |
| Start/Stop | Werking starten, stoppen of afbreken |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
4.3 Draaiknop
Met de draaiknop wijzigt u de instelwaarden die op het display worden weergegeven.
Wanneer u bij instelwaarden, bijv. de temperatuur, de minimale of maximale waarde heeft bereikt, blijft deze waarde op het display staan. Draai indien nodig de waarde met de draaiknop opnieuw terug.
Bij lijsten, bijv. de verwarmingsfuncties, begint na de laatste waarde opnieuw de eerste.
4.4 Display
Het display toont u de actuele instelwaarden. De waarde die u op het display kunt wijzigen, is in kleur gemarkeerd.
Statusregel
De statusregel bevindt zich boven in het display. In de statusregel worden de tijd en ingestelde tijdsfuncties weergegeven.
Voortgangslijn
De lijn ligt op het display onder de gemarkeerde waarde.
Aan de hand van de voortgangslijn ziet u hoever het apparaat al is opgewarmd of de tijdsduur afgelopen is. De lijn vult zich van links naar rechts.
Symbolen
Op het display kunnen verschillende symbolen verschijnen.
Tijdsafloop
De tijdsafloop of de duur van de actuele functie kunt u rechtsboven in de statusregel zien.
Als u een duur hebt ingesteld en de duur wordt gewist, dan neemt de tijdsafloop de reeds verstreken tijdsduur van het apparaat over. Zo kunt u controleren hoelang het programma al loopt.
Temperatuurindicatie
De opwarmingscontrole en de restwarmte-indicatie tonen u de temperatuur in de binnenruimte.
Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte. Met de toets kunt u de actuele temperatuur opvragen.
- Verwarmingscontrole
Na het starten van de werking geeft de opwarmingscontrole de temperatuurstijging in de binnenruimte weer. Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voor het plaatsen van het gerecht bereikt zodra alle balken gevuld zijn.
Bij instelstanden verschijnt de opwarmingscontrole niet, bijv. bij grillstanden.
- Restwarmte-indicatie
Wanneer het apparaat uitgeschakeld is, geeft het display de restwarmte in de binnenruimte weer. De restwarmte-indicatie gaat uit bij ca. 60°C.
| Symbool | Naam | Gebruik |
|---|---|---|
| Home Connect | • Thuisnetwerk en Home Connectserver verbonden • Aantal lijnen toont signaalsterkte van het thuisnetwerk → "Home Connect ", Pagina 16 | |
| Thuisnetwerk | Thuisnetwerk niet verbonden → "Home Connect ", Pagina 16 | |
| Home Connect-server | Home Connect-server niet verbonden → "Home Connect ", Pagina 16 | |
| Start op afstand | Start op afstand geactiveerd → "Home Connect ", Pagina 16 | |
| Diagnose op afstand | Diagnose op afstand geactiveerd → "Home Connect ", Pagina 16 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
4.5 Binnenruimte
Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.
Rekjes
U kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rekjes in de binnenruimte plaatsen.
→ "Accessoires", Pagina 9
Uw apparaat heeft 5 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld.
De rekjes zijn afhankelijk van het type apparaat op een of meerdere niveaus met telescooprails uitgerust.
Pagina 8
nl Functies
De accessoires kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijderen.
→ "Rekjes", Pagina 25
Verlichting
Een of meerdere ovenlampen verlichten de binnenruimte.
Wanneer u de deur van het apparaat opent, gaat de verlichting in de binnenruimte aan. Blijft de deur langer dan 15 minuten open, dan gaat de verlichting weer uit. Bij de meeste functies schakelt de verlichting in zodra het gebruik wordt gestart. Als het gebruik wordt beëindigd, schakelt de verlichting uit.
Koelventilator
De koelventilator schakelt afhankelijk van de temperatuur van het apparaat in en uit. De warme lucht ontsnapt via de deur.
LET OP!
De ventilatiesleuven boven de deur van het apparaat niet afdekken. Het apparaat raakt oververhit.
- Ventilatiesleuven vrijhouden.
De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat het apparaat na gebruik sneller afkoelt.
Apparaatdeur
Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking stopgezet. Sluit u de apparaatdeur, dan wordt de werking niet automatisch voortgezet.
5 Functies
Hier krijgt u een overzicht van de hoofd- en andere functies van uw apparaat.
Om het menu te openen op drukken.
| Functie | Gebruik |
|---|---|
| Verwar-mingsmethoden | Fijn afgestemde verwarmingsmethoden voor een optimale bereiding van uw gerechten kiezen. → "Verwarmingsmethoden", Pagina 8 |
| Gerechten | Geprogrammeerde, aanbevolen instellingen voor verschillende gerechten gebruiken. → "Gerechten", Pagina 14 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
| Functie | Gebruik |
|---|---|
| Zelfreiniging | Met de zelfreiniging wordt uw oven zelfstandig gereinigd. → "Zelfreiniging", Pagina 21 |
| Basisinstellingen | Basisinstellingen aanpassen. Basisinstellingen → Pagina 18 |
| Home Connect | De oven met een mobiel eindapparaat verbinden en op afstand bedienen. → "Home Connect ", Pagina 16 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
5.1 Verwarmingsmethoden
Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen.
Aan de hand van de afzonderlijke symbolen ziet u om welke verwarmingsmethoden het gaat.
Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het apparaat u een passende temperatuur of stand voor. U kunt de waarde overnemen of wijzigen in het weergegeven gebied.
Bij temperatuurinstellingen boven 275 °C en grillstand 3 verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 40 minuten tot ca. 275 °C resp. grillstand 1.
| Symbool | Verwarmingsmethode | Temperatuurbereik | Gebruik en werkwijze Eventuele extra functies |
|---|---|---|---|
| 4D hete lucht | 30 - 275 °C | Op één of meer niveaus bakken of braden. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. | |
| Boven- en onderwarmte | 30 - 300 °C | Traditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsmethode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking. De warmte komt gelijkmatig van onderen en van boven. |
Pagina 9
Accessoires nl
| Symbool | Verwarmingsmethode | Temperatuurbereik | Gebruik en werkwijze Eventuele extra functies |
|---|---|---|---|
| Hetelucht Eco | 30 - 275 °C | Gekozen gerechten zonder voorverwarmen op een niveau voorzichtig garen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Het meest doeltreffend is de verwarmingsmodus tussen 125 - 275 °C. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse gebruikt. | |
| Boven- en onderwarmte Eco | 30 - 300 °C | Gekozen gerechten voorzichtig garen. De warmte komt van boven en van onderen. Het meest doeltreffend is de verwarmingsmodus tussen 150-250 °C. Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus. | |
| Circulatiegrillen | 30 - 300 °C | Gevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden. Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht. | |
| Grill, groot | Grillstanden: 1 = zwak 2 = gemiddeld 3 = sterk | Platte grillstukken, zoals steaks, worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren. Het hele oppervlak onder de grill wordt heet. | |
| Grill, klein | Grillstanden: 1 = zwak 2 = gemiddeld 3 = sterk | Kleine hoeveelheden grillen, zoals steak, worstjes of toast. Kleine hoeveelheden gratineren. Het middelste oppervlak onder de grill wordt heet. | |
| Pizzastand | 30 - 275 °C | Pizza's of gerechten klaarmaken die warmte van onderen nodig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld. | |
| Langzaam garen | 70 - 120 °C | Kort aangebraden, mals vlees in open vormen voorzichtig en langzaam garen. De warmte komt bij een lage temperatuur gelijkmatig van boven en van onderen. | |
| Onderwarmte | 30 - 250 °C | Gerechten nabakken of au bain-marie bereiden. De warmte komt van onderen. | |
| Warm houden | 60 - 100 °C | Gegaarde gerechten warmhouden. | |
| Servies voorverwarmen | 30 - 70 °C | Servies voorverwarmen. | |
| CoolStart-functie | 30 - 275 °C | Voor een snelle bereiding van diepvriesproducten op hoogte 3. De temperatuur is afhankelijk van de opgaven van de fabrikant. Gebruik de hoogste temperatuur die op de verpakking staat aangegeven. De bereidingstijd is zoals aangegeven of korter. Het heeft geen zin om voor te verwarmen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
6 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.
Opmerking: Wanneer de accessoires heet worden, kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat de accessoires zijn afgekoeld.
De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat.
Pagina 10
nl Accessoires
| Accessoires | Gebruik |
|---|---|
| Rooster | • Bakvormen • Ovenschalen • Vormen • Vlees, bijv. braad- of grillstukken • Diepvriesgerechten |
| Braadslede | • Vochtig gebak • Gebak • Brood • Grote braadstukken • Diepvriesgerechten • Afdruipende vloeistof opvangen, bijv vet bij het grillen op het rooster. |
| Bakplaat | • Plaatgebak • Klein gebak |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
Rooster of plaat
6.1 Vergrendelingsfunctie
De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoires kantelen wanneer ze worden uitgetrokken.
U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken, tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert alleen wanneer u het accessoire op de juiste manier in de binnenruimte schuift.
De accessoires zo plaatsen dat de rand van de accessoires achter het lipje op de telescooprail zit.
6.2 Accessoire in de binnenruimte schuiven
Het accessoire altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder te kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken.
- 1. Het accessoire zo draaien, dat de pal zich aan de achterkant bevindt en naar beneden wijst.
- 2. De accessoires altijd tussen de beide geleidestangen van een inschuifhoogte plaatsen.
| Rooster | Het rooster met de open kant naar de apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven. |
| Plaat bijv. braadslede of bakplaat | De plaat met de afschuining gericht naar de ovendeur in de oven schuiven. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
- 3. Om de accessoires bij inschuifhoogten met telescooprails te plaatsen, de telescooprails uittrekken.
Opmerking: Volledig uitgetrokken klikken de telescooprails in. De telescooprails met een lichte druk terugschuiven in de binnenruimte.
- 4. Het toebehoren volledig inschuiven, zodat het de apparaatdeur niet raakt.
Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebt bij het gebruik uit de binnenruimte.
Accessoires combineren
Om afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u het rooster in combinatie met de braadslede gebruiken.
- 1. Plaats het rooster zo op de braadslede dat de beide afstandshouders achter op de rand van de braadslede liggen.
- 2. De braadslede tussen de beide geleidestangen van een inschuifhoogte schuiven. Het rooster ligt daarbij boven de bovenste geleidingsstang.
Rooster op braadslede
Pagina 11
Voor het eerste gebruik nl
6.3 Meer accessoires
Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.
U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:
www.siemens-home.bsh-group.com
Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.
Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.
7 Voor het eerste gebruik
Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.
7.1 Eerste keer in gebruik nemen
Na het aansluiten op het elektriciteitsnetwerk of na een langere stroomuitval dient u de instellingen voor de eerste ingebruikname van uw apparaat uit te voeren. Het kan enkele seconden duren tot op het display de instellingen verschijnen.
Opmerking: U kunt de instellingen ook met de Home Connect assistent instellen. Hierbij tot aan het laatste punt van de eerste ingebruikname met drukken. Als uw apparaat verbonden is, volg dan de aanwijzingen in de app.
Taal instellen
- 1. Met de draaiknop de gewenste taal instellen.
- 2. Op drukken.
- De volgende instelling verschijnt.
Tijd instellen
- 1. Stel de actuele tijd in met de draaiknop.
- 2. Op drukken.
- De volgende instelling verschijnt.
Datum instellen
- 1. Met de draaiknop de actuele dag instellen.
- 2. Op drukken.
- 3. Met de draaiknop de actuele maand instellen.
- 4. Op drukken.
- 5. Met de draaiknop het actuele jaar instellen.
- 6. Op drukken.
- Op het display verschijnt een melding dat het eerste gebruik is afgesloten.
7.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt
Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.
- 1. De productinformatie en het toebehoren uit de binnenruimte nemen. Verpakkingsresten, zoals korreltjes piepschuim en tape aan binnen- en buitenzijde van het apparaat verwijderen.
- 2. Gladde oppervlakken in de binnenruimte afnemen met een zachte, vochtige doek.
- 3. Schakel het apparaat in met .
- 4. Volgende instellingen uitvoeren:
| Verwarmingsmethode | 4D hetelucht |
|---|---|
| Temperatuur | maximaal |
| Tijdsduur | 1 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
→ "De Bediening in essentie", Pagina 11
- 5. De werking met starten.
‒ Zorg ervoor dat de keuken geventileerd is zolang het apparaat opwarmt.
- 6. Als de tijdsduur verstreken is, het apparaat met uitschakelen.
- 7. Als het apparaat is afgekoeld, gladde oppervlakken in de binnenruimte met zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
- 8. De accessoires met zeepsop en een schoonmaakdoekje of een zachte borstel grondig reinigen.
8 De Bediening in essentie
8.1 Apparaat inschakelen
- Schakel het apparaat in met .
‒ De toets wordt blauw verlicht.
- Op het display verschijnt het Siemens logo. Vervolgens verschijnt een verwarmingsmethode en een temperatuur.
8.2 Apparaat uitschakelen
Schakel het apparaat uit wanneer u het niet nodig heeft. Wanneer u het apparaat langere tijd niet bedient, gaat het automatisch uit.
- Het apparaat met uitschakelen.
‒ De verlichting boven de toets gaat uit.
- Het apparaat gaat uit. Lopende functies worden afgebroken.
- Op het display verschijnt de tijd of de restwarmte-indicatie.
8.3 In werking stellen
Elke functie moet u starten.
- De werking met starten.
- Op het display verschijnen de instellingen, de looptijd en de opwarmlijn.
Pagina 12
nl Snel voorverwarmen
8.4 Werking onderbreken of afbreken
U kunt de werking kort onderbreken en weer voortzetten. Breekt u de werking volledig af, dan worden de instellingen gereset.
- 1. Om de werking kort te onderbreken:
‒ Kort op drukken.
‒ Om de werking voort te zetten, op drukken.
- 2. Om de werking af te breken indrukken.
- De werking wordt afgebroken en alle instellingen worden gereset.
8.5 Functie instellen
Vereiste: Het apparaat moet ingeschakeld zijn.
- 1. Op het drukken.
Het functiemenu wordt geopend.
- 2. Op de gewenste functie drukken.
Afhankelijk van de functie zijn er verschillende keuzemogelijkheden beschikbaar.
- 3. Met de draaiknop kan de selectie worden gewijzigd. Naar keuze andere instellingen veranderen.
- 4. Met starten.
8.6 Verwarmingsmethode en temperatuur instellen
Als u het apparaat inschakelt, is automatisch de functie verwarmingsmethoden ingesteld.
- 1. De gewenste verwarmingsmethode met de draaiknop instellen.
- 2. Op de temperatuur drukken.
- 3. Stel de temperatuur in met de draaiknop.
- 4. De werking met starten.
- Het apparaat begint op te warmen.
- Op het display worden de ingestelde verwarmingsmethode, de temperatuur en de tijdsduur/apparaat-looptijd weergegeven.
- 5. Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.
Tip: De meest geschikte verwarmingsmethode voor uw gerechten vindt u in de beschrijving van de verwarmingsmethoden.
Opmerking: U kunt aan het apparaat de duur en het einde van de werking instellen.
→ "Tijdfuncties", Pagina 13
Verwarmingsmethode wijzigen
Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.
- 1. Onderbreek de werking met .
- 2. Op de verwarmingsmethode drukken.
- 3. De gewenste verwarmingsmethode met de draaiknop instellen.
- Op het display verschijnt de bijbehorende voorgestelde temperatuur.
Temperatuur wijzigen
Na het starten van de werking kunt u de temperatuur direct wijzigen.
- De temperatuur met de draaiknop wijzigen.
- De temperatuur wordt direct overgenomen.
8.7 Informatie weergeven
In de meeste gevallen kunt u informatie bij de zojuist uitgevoerde functie oproepen. Vele aanwijzingen verschijnen automatisch, bijv. ter bevestiging of als oproep of waarschuwing.
- Op drukken.
- Indien aanwezig, wordt informatie gedurende enkele seconden weergegeven.
9 Snel voorverwarmen
Om tijd te besparen, kunt u bij ingestelde temperaturen vanaf 100 °C de opwarmingsduur verkorten.
Bij deze verwarmingsmethode kunt u de functie snel voorverwarmen gebruiken:
4D hetelucht
- Boven- en onderwarmte
9.1 Snel voorverwarmen instellen
Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, de gerechten pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimte plaatsen.
Opmerking: Stel pas een tijdsduur in wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is.
- 1. Een geschikte verwarmingsmethode en een temperatuur vanaf 100 °C instellen.
- 2. Op drukken.
- Het symbool verschijnt links naast de temperatuur op het display.
- De voortgangslijn raakt gevuld.
- 3. Als het snel voorverwarmen eindigt, weerklinkt een signaal. Het symbool verdwijnt van het display.
- 4. Het gerecht in de binnenruimte plaatsen.
Snel voorverwarmen afbreken
- Op drukken.
- Het symbool verdwijnt van het display.
Pagina 13
Tijdfuncties nl
10 Tijdfuncties
Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u de werking kunt sturen.
10.1 Overzicht van de tijdfuncties
Bij de werking kunt u tijdsduur en einde instellen. De timer kan onafhankelijk van de werking worden ingesteld.
| Tijdfunctie | Gebruik |
|---|---|
| Timer | De timer kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet. |
| Tijdsduur | Wanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen. |
| Einde | Voor de tijdsduur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op het gewenste tijdstip klaar is. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
10.2 Timer instellen
De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 24 uur instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.
- 1. Op drukken.
- Het veld voor de wekker gaat open.
- 2. De wekkertijd met de draaiknop instellen.
- Na enkele seconden start de wekker ook automatisch.
- Het symbool en de verstreken tijd worden links in de statusregel weergegeven.
- De timertijd loopt af.
- Als de timertijd verstreken is, weerklinkt een signaal en op het display verschijnt een instructietekst.
- 3. Wanneer de timertijd is verstreken:
‒ Druk op om het signaal voortijdig te beëindigen.
‒ Om opnieuw een wekkertijd in te stellen op drukken en de wekkertijd met de draaiknop instellen.
Wekker wijzigen
U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.
- 1. Op drukken.
- 2. Wijzig de timertijd met behulp van de draaiknop.
- 3. Met bevestigen.
Wekker afbreken
U kunt de timertijd altijd afbreken.
- 1. Op drukken.
- 2. De timertijd met de draaiknop weer op nul zetten.
- 3. Met bevestigen.
10.3 Tijdsduur instellen
De tijdsduur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.
Vereiste: Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
- 1. Op drukken.
- Het menu Tijdfuncties gaat open.
- 2. Stel de tijdsduur in met de draaiknop.
| Draairichting | Voorgestelde waarde |
|---|---|
| Links | 10 minuten |
| Rechts | 30 minuten |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten. De eindtijd wordt automatisch berekend.
- 3. De werking met starten.
- Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. In de statusregel staat "Beëindigd".
- 4. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.
‒ Druk om opnieuw een tijdsduur in te stellen op en stel de tijdsduur in met de draaiknop.
‒ Start met om de werking zonder tijdsduur te hervatten.
‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.
Tijdsduur wijzigen
U kunt de tijdsduur altijd wijzigen.
- 1. Op drukken.
- 2. Met de draaiknop de tijdsduur veranderen.
- 3. Daarna 2 keer op drukken.
Tijdsduur afbreken
U kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken.
- 1. Op drukken.
- 2. Zet de tijdsduur met de draaiknop terug naar nul.
- 3. ‒ Start met om de werking zonder tijdsduur te hervatten.
Op het display worden nu de ingestelde verwarmingsmethode en temperatuur weergegeven.
10.4 Einde instellen
Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.
Opmerkingen
- Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wijzigt u het einde niet meer als de werking eenmaal is gestart.
- Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven, dient u ze niet te lang in de binnenruimte te laten staan.
Vereisten
- Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
- Er is een tijdsduur ingesteld.
Pagina 14
nl Gerechten
- 1. Op drukken.
- 2. Op drukken.
- 3. Het einde met de draaiknop verschuiven.
- 4. De werking met starten.
- In de statusregel verschijnt een aanwijzing wanneer de werking start. Het apparaat bevindt zich in de wachtstand.
- Als de starttijd bereikt is, begint het apparaat op te warmen en de tijdsduur loopt zichtbaar in de statusregel af.
- Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. In de statusregel verschijnt een aanwijzing.
- 5. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
‒ Druk op om het signaal voortijdig te beëindigen.
‒ Druk om opnieuw een tijdsduur in te stellen op en stel de tijdsduur in met de draaiknop.
‒ Start met om de werking zonder tijdsduur te hervatten.
wanneer het
‒ Schakel het apparaat uit met gerecht klaar is.
Einde afbreken
Het ingestelde einde kan men alleen wijzigen als de oven in de wachtpositie is.
- 1. Op drukken.
- Het menu Tijdfuncties wordt geopend.
- 2. Op drukken.
- 3. Het einde met de draaiknop op nul terugzetten.
- Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
Einde wijzigen
Het ingestelde einde kan men alleen wijzigen als de oven in de wachtpositie is.
- 1. Op drukken.
- Het menu Tijdfuncties wordt geopend.
- 2. Op " Einde" drukken.
- 3. Het einde met de draaiknop wijzigen.
- 4. De werking met voortzetten.
11 Gerechten
Met de functie "Gerechten" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.
11.1 Vormen
Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de grootte van de vorm.
Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C. Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Braadstukken moeten de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.
Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt:
- Licht gekleurd, glanzend aluminium
- Niet geglazuurde klei
- Kunststof of kunststof grepen
11.2 Instellingen van de gerechten
Om de gerechten optimaal te bereiden, gebruikt het apparaat verschillende instellingen.
Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur. Diepvriesgerechten direct uit het diepvriesvak gebruiken.
Tips en aanwijzingen bij de instellingen
Als u een gerecht instelt, geeft het display voor dit gerecht relevante informatie weer, bijv.:
- Geschikte inschuifhoogte
- Geschikte accessoires of vormen
- Toevoegen van vloeistof
- Tijdstip voor het keren of omroeren Zodra dit tijdstip bereikt is, klinkt er een signaal.
Druk op"Tip" of om de informatie op te roepen. Sommige aanwijzingen verschijnen automatisch.
Programma's
Bij programma's zijn het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur vast vooringesteld.
Om een optimaal bereidingsresultaat te bereiken, moet u bijkomend het gewicht instellen. Indien niet anders aangegeven, stelt u het totale gewicht van uw gerecht in. Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.
Insteladvies
Bij insteladviezen is de optimale verwarmingsmethode vast vooringesteld. Het display toont de verwarmingsmethode.
De vooringestelde temperatuur en de duur kunt u aanpassen.
11.3 Overzicht van de gerechten
Welke gerechten ter beschikking staan, ziet u aan het apparaat als u de functie oproept.
De gerechten zijn in categorieën en eten ingedeeld.
| Categorie | Gerechten |
|---|---|
| Gebak | Gebak in vormen Gebak op de bakplaat Klein gebak Koekjes |
| Brood, broodjes | Brood Broodjes |
| Pizza, hartig gebak | Pizza Hartig gebak, quiche |
| Ovenschotels, soufflés | Ovenschotel, hartig, vers, gegaarde ingrediënten Lasagne, vers Gegratineerde aardappels, rauwe ingrediënten, vlak Ovenschotel, zoet, vers Soufflé in portievormen |
Pagina 15
Kinderslot nl
| Categorie | Gerechten |
|---|---|
| Diepvriesproducten | Pizza Broodje Ovenschotels Aardappelproducten Vlees, gevogelte |
| Gevogelte | Kip Eend, gans Kalkoen |
| Vlees | Varkensvlees Rundvlees Kalfsvlees Lamsvlees Wildbraad Vleesgerechten |
| Vis | Vis |
| Groente | Eenpansgerecht + groente Groente gratineren Gebakken aardappels, gehalveerd Aardappels in de oven, heel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
11.4 Gerecht instellen
Opmerking: Na de start kunt u het gerecht en de instellingen ervan niet meer veranderen of onderbreken.
Vereiste: Om de functie te starten, moet de binnenruimte afgekoeld zijn.
- 1. Op drukken.
- 2. In het functiemenu "Gerechten" selecteren.
- Het eerste gerecht wordt voorgesteld.
- 3. De gewenste categorie met de draaiknop selecteren.
- 4. Op "Verder" drukken.
- 5. Het gewenste gerecht met de draaiknop selecteren.
- 6. Op "Verder" drukken.
- 7. Het gewenste gerecht met de draaiknop selecteren.
- 8. Op "Verder" drukken.
- 9. Indien nodig de instellingen aanpassen.
‒ Bij sommige gerechten kunt u de temperatuur, tijdsduur of het einde aanpassen, hierbij op "Aanpassen" drukken.
‒ Bij sommige gerechten kunt u het gewicht direct met de draaiknop instellen.
- 10. Om informatie over toebehoren en inschuifhoogte te verkrijgen, op "Tip" drukken.
- 11. De werking met starten.
- Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af. De opwarmlijn verschijnt niet.
- Als het gerecht klaar is, weerklinkt een signaal. Het apparaat warmt niet meer op.
- 12. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.
‒ Bij sommige gerechten kunt u indien gewenst nagaren.
→ "Nagaren", Pagina 15 ‒ Schakel als het gerecht klaar is, het apparaat uit met .
Nagaren
Bij sommige gerechten biedt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur de functie nagaren aan. U kunt zo vaak nagaren als u wilt.
- 1. Als u niet wilt nagaren, op "Beëindigen" drukken en het apparaat met uitschakelen.
- 2. Druk op "Nagaren" om het gerecht na te garen.
- Op het display verschijnt een tijdsduur.
- 3. Wijzig indien gewenst de tijdsduur met de draaiknop.
- 4. De werking met starten.
- Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Het apparaat warmt niet meer op. De aanwijzing voor het nagaren verschijnt opnieuw.
- 5. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.
‒ Druk als u opnieuw wilt nagaren, op "Nagaren". ‒ Als het gerecht klaar is, op "Beëindigen" drukken en het apparaat met uitschakelen.
12 Kinderslot
Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen.
12.1 Kinderslot activeren en deactiveren
U kunt het kinderslot activeren en deactiveren terwijl het apparaat in- of uitgeschakeld is.
- 1. Om het kinderslot te activeren, ca. 4 seconden ingedrukt houden.
- Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging.
- Het symbool verschijnt in de statusregel in in- en uitgeschakelde toestand.
- 2. Om het kinderslot te deactiveren, ca. 4 seconden ingedrukt houden.
- Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging.