naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens HB676G5S6, tekst van de handleiding

Pagina's 3–15 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina 2verder op pagina 16 →

Pagina 3

Veiligheid nl

1.4 Veiliger gebruik

Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven.

→ "Accessoires", Pagina 9

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard kunnen vlam vatten.

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.

Accessoires of vormen worden zeer heet.

In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.

Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.

Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.

Het apparaat en de delen ervan die aangeraakt kunnen worden kunnen scherpe randen hebben.

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.

Pagina 4

nl Veiligheid

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

WAARSCHUWING ‒ Gevaar:

magnetisme!

In het bedieningspaneel of de bedieningselementen bevinden zich permanente magneten. Deze kunnen elektronische implantaten, zoals pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!

Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.

Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.

1.5 Halogeenlamp

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De lampen in de binnenruimte worden heel heet. Ook enige tijd na het uitschakelen bestaat er nog een risico van verbranding.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder stroom.

1.6 Reinigingsfunctie

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.

De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.

Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grote hitte in het bereik van de deur.

WAARSCHUWING ‒ Kans op ernstig gevaar voor de gezondheid!

Het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. De antiaanbaklaag van bakplaten en vormen wordt aangetast en er ontstaan giftige gassen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!

De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden.

Pagina 5

Materiële schade vermijden nl

Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.

De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.

2 Materiële schade vermijden

2.1 Algemeen

LET OP!

Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat er warmteophoping door voorwerpen op de bodem van de binnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd.

Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.

Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.

Wanneer er wordt afgekoeld terwijl de apparaatdeur open staat, raken aangrenzende meubelfronten op den duur beschadigd.

Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdens het gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubelfronten kunnen dan beschadigd raken.

Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan hij beschadigd raken.

Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoires krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeur wanneer deze gesloten wordt.

3 Milieubescherming en besparing

3.1 Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

Pagina 6

nl Uw apparaat leren kennen

3.2 Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.

Verwarm het apparaat alleen voor wanneer het recept of de insteladviezen dit aangeven.

Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen.

Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig mogelijk.

De temperatuur in de binnenruimte blijft constant en het apparaat hoeft niet na te verwarmen.

Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallel bakken.

Bij langere bereidingstijden het apparaat 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen.

Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.

Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ontdooien.

Opmerking:

Het apparaat verbruikt:

in netwerkgebonden standby max. 2 W in niet netwerkgebonden gebruik met ingeschakeld display max. 1 W in niet netwerkgebonden gebruik met uitgeschakeld display max. 0,5 W

4 Uw apparaat leren kennen

4.1 Bedieningspaneel

Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

Opmerking: Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.

3

De toetsen links en rechts van het bedieningspaneel hebben een drukpunt. De toetsen dienen te worden ingedrukt. Bij apparaten zonder roestvrijstalen front zijn de toetsen eveneens touchvelden.

U kunt de draaiknop onbeperkt naar rechts of naar links draaien.

Touchvelden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Om een functie te kiezen, slechts licht op het betreffende veld drukken.

Op de touchdisplays ziet u actuele keuzemogelijkheden. Om een functie te kiezen, direct op het betreffende veld drukken. Afhankelijk van de keuze veranderen de tekstvelden.

4.2 Knoppen

Met de toetsen links en rechts op het bedieningspaneel schakelt u uw apparaat of de werking in en uit.

KnopFunctieGebruik
Aan/UitApparaat in- of uitschakelen.
MenuFunctiekeuze-menu openen
InformatieAanwijzingen laten weergeven Kinderslot activeren en deactiveren
KinderslotKinderslot activeren en deactiveren

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)

Pagina 7

Uw apparaat leren kennen nl

KnopFunctieGebruik
TijdfunctiesKort indrukken: werking starten of onderbreken. Ca. 3 seconden ingedrukt houden: werking afbreken.
Snel voorverwarmenSnel voorverwarmen in- en uitschakelen
Start/StopWerking starten, stoppen of afbreken

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

4.3 Draaiknop

Met de draaiknop wijzigt u de instelwaarden die op het display worden weergegeven.

Wanneer u bij instelwaarden, bijv. de temperatuur, de minimale of maximale waarde heeft bereikt, blijft deze waarde op het display staan. Draai indien nodig de waarde met de draaiknop opnieuw terug.

Bij lijsten, bijv. de verwarmingsfuncties, begint na de laatste waarde opnieuw de eerste.

4.4 Display

Het display toont u de actuele instelwaarden. De waarde die u op het display kunt wijzigen, is in kleur gemarkeerd.

Statusregel

De statusregel bevindt zich boven in het display. In de statusregel worden de tijd en ingestelde tijdsfuncties weergegeven.

Voortgangslijn

De lijn ligt op het display onder de gemarkeerde waarde.

Aan de hand van de voortgangslijn ziet u hoever het apparaat al is opgewarmd of de tijdsduur afgelopen is. De lijn vult zich van links naar rechts.

Symbolen

Op het display kunnen verschillende symbolen verschijnen.

Tijdsafloop

De tijdsafloop of de duur van de actuele functie kunt u rechtsboven in de statusregel zien.

Als u een duur hebt ingesteld en de duur wordt gewist, dan neemt de tijdsafloop de reeds verstreken tijdsduur van het apparaat over. Zo kunt u controleren hoelang het programma al loopt.

Temperatuurindicatie

De opwarmingscontrole en de restwarmte-indicatie tonen u de temperatuur in de binnenruimte.

Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte. Met de toets kunt u de actuele temperatuur opvragen.

Na het starten van de werking geeft de opwarmingscontrole de temperatuurstijging in de binnenruimte weer. Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voor het plaatsen van het gerecht bereikt zodra alle balken gevuld zijn.

Bij instelstanden verschijnt de opwarmingscontrole niet, bijv. bij grillstanden.

Wanneer het apparaat uitgeschakeld is, geeft het display de restwarmte in de binnenruimte weer. De restwarmte-indicatie gaat uit bij ca. 60°C.

SymboolNaamGebruik
Home Connect• Thuisnetwerk en Home Connectserver verbonden
• Aantal lijnen toont signaalsterkte van het thuisnetwerk → "Home Connect ", Pagina 16
ThuisnetwerkThuisnetwerk niet verbonden → "Home Connect ", Pagina 16
Home Connect-serverHome Connect-server niet verbonden → "Home Connect ", Pagina 16
Start op afstandStart op afstand geactiveerd → "Home Connect ", Pagina 16
Diagnose op afstandDiagnose op afstand geactiveerd → "Home Connect ", Pagina 16

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

4.5 Binnenruimte

Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.

Rekjes

U kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rekjes in de binnenruimte plaatsen.

→ "Accessoires", Pagina 9

Uw apparaat heeft 5 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld.

De rekjes zijn afhankelijk van het type apparaat op een of meerdere niveaus met telescooprails uitgerust.

Pagina 8

nl Functies

De accessoires kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijderen.

→ "Rekjes", Pagina 25

Verlichting

Een of meerdere ovenlampen verlichten de binnenruimte.

Wanneer u de deur van het apparaat opent, gaat de verlichting in de binnenruimte aan. Blijft de deur langer dan 15 minuten open, dan gaat de verlichting weer uit. Bij de meeste functies schakelt de verlichting in zodra het gebruik wordt gestart. Als het gebruik wordt beëindigd, schakelt de verlichting uit.

Koelventilator

De koelventilator schakelt afhankelijk van de temperatuur van het apparaat in en uit. De warme lucht ontsnapt via de deur.

LET OP!

De ventilatiesleuven boven de deur van het apparaat niet afdekken. Het apparaat raakt oververhit.

De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat het apparaat na gebruik sneller afkoelt.

Apparaatdeur

Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking stopgezet. Sluit u de apparaatdeur, dan wordt de werking niet automatisch voortgezet.

5 Functies

Hier krijgt u een overzicht van de hoofd- en andere functies van uw apparaat.

Om het menu te openen op drukken.

FunctieGebruik
Verwar-mingsmethodenFijn afgestemde verwarmingsmethoden voor een optimale bereiding van uw gerechten kiezen.
→ "Verwarmingsmethoden", Pagina 8
GerechtenGeprogrammeerde, aanbevolen instellingen voor verschillende gerechten gebruiken.
→ "Gerechten", Pagina 14

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

FunctieGebruik
ZelfreinigingMet de zelfreiniging wordt uw oven zelfstandig gereinigd.
→ "Zelfreiniging", Pagina 21
BasisinstellingenBasisinstellingen aanpassen. Basisinstellingen → Pagina 18
Home ConnectDe oven met een mobiel eindapparaat verbinden en op afstand bedienen. → "Home Connect ", Pagina 16

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

5.1 Verwarmingsmethoden

Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen.

Aan de hand van de afzonderlijke symbolen ziet u om welke verwarmingsmethoden het gaat.

Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het apparaat u een passende temperatuur of stand voor. U kunt de waarde overnemen of wijzigen in het weergegeven gebied.

Bij temperatuurinstellingen boven 275 °C en grillstand 3 verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 40 minuten tot ca. 275 °C resp. grillstand 1.

SymboolVerwarmingsmethodeTemperatuurbereikGebruik en werkwijze Eventuele extra functies
4D hete lucht30 - 275 °COp één of meer niveaus bakken of braden.
De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte.
Boven- en onderwarmte30 - 300 °CTraditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsmethode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking.
De warmte komt gelijkmatig van onderen en van boven.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

Pagina 9

Accessoires nl

SymboolVerwarmingsmethodeTemperatuurbereikGebruik en werkwijze Eventuele extra functies
Hetelucht Eco30 - 275 °CGekozen gerechten zonder voorverwarmen op een niveau voorzichtig garen.
De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte.
Het meest doeltreffend is de verwarmingsmodus tussen 125 - 275 °C.
Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse gebruikt.
Boven- en onderwarmte Eco30 - 300 °CGekozen gerechten voorzichtig garen.
De warmte komt van boven en van onderen.
Het meest doeltreffend is de verwarmingsmodus tussen 150-250 °C.
Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus.
Circulatiegrillen30 - 300 °CGevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden.
Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht.
Grill, grootGrillstanden: 1 = zwak
2 = gemiddeld 3 = sterk
Platte grillstukken, zoals steaks, worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren.
Het hele oppervlak onder de grill wordt heet.
Grill, kleinGrillstanden: 1 = zwak
2 = gemiddeld 3 = sterk
Kleine hoeveelheden grillen, zoals steak, worstjes of toast. Kleine hoeveelheden gratineren.
Het middelste oppervlak onder de grill wordt heet.
Pizzastand30 - 275 °CPizza's of gerechten klaarmaken die warmte van onderen nodig hebben.
Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld.
Langzaam garen70 - 120 °CKort aangebraden, mals vlees in open vormen voorzichtig en langzaam garen.
De warmte komt bij een lage temperatuur gelijkmatig van boven en van onderen.
Onderwarmte30 - 250 °CGerechten nabakken of au bain-marie bereiden. De warmte komt van onderen.
Warm houden60 - 100 °CGegaarde gerechten warmhouden.
Servies voorverwarmen30 - 70 °CServies voorverwarmen.
CoolStart-functie30 - 275 °CVoor een snelle bereiding van diepvriesproducten op hoogte 3. De temperatuur is afhankelijk van de opgaven van de fabrikant. Gebruik de hoogste temperatuur die op de verpakking staat aangegeven.
De bereidingstijd is zoals aangegeven of korter.
Het heeft geen zin om voor te verwarmen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

6 Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.

Opmerking: Wanneer de accessoires heet worden, kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat de accessoires zijn afgekoeld.

De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat.

Pagina 10

nl Accessoires

AccessoiresGebruik
Rooster• Bakvormen
• Ovenschalen
• Vormen
• Vlees, bijv. braad- of grillstukken
• Diepvriesgerechten
Braadslede• Vochtig gebak
• Gebak
• Brood
• Grote braadstukken
• Diepvriesgerechten
• Afdruipende vloeistof opvangen, bijv vet bij het grillen op het rooster.
Bakplaat• Plaatgebak
• Klein gebak

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

Rooster of plaat

6.1 Vergrendelingsfunctie

De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoires kantelen wanneer ze worden uitgetrokken.

U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken, tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert alleen wanneer u het accessoire op de juiste manier in de binnenruimte schuift.

De accessoires zo plaatsen dat de rand van de accessoires achter het lipje op de telescooprail zit.

6.2 Accessoire in de binnenruimte schuiven

Het accessoire altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder te kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken.

RoosterHet rooster met de open kant naar de apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven.
Plaat bijv. braadslede of bakplaatDe plaat met de afschuining gericht naar de ovendeur in de oven schuiven.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

Opmerking: Volledig uitgetrokken klikken de telescooprails in. De telescooprails met een lichte druk terugschuiven in de binnenruimte.

Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebt bij het gebruik uit de binnenruimte.

Accessoires combineren

Om afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u het rooster in combinatie met de braadslede gebruiken.

Rooster op braadslede

Pagina 11

Voor het eerste gebruik nl

6.3 Meer accessoires

Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.

U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:

www.siemens-home.bsh-group.com

Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.

Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.

7 Voor het eerste gebruik

Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.

7.1 Eerste keer in gebruik nemen

Na het aansluiten op het elektriciteitsnetwerk of na een langere stroomuitval dient u de instellingen voor de eerste ingebruikname van uw apparaat uit te voeren. Het kan enkele seconden duren tot op het display de instellingen verschijnen.

Opmerking: U kunt de instellingen ook met de Home Connect assistent instellen. Hierbij tot aan het laatste punt van de eerste ingebruikname met drukken. Als uw apparaat verbonden is, volg dan de aanwijzingen in de app.

Taal instellen

Tijd instellen

Datum instellen

7.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt

Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.

Verwarmingsmethode4D hetelucht
Temperatuurmaximaal
Tijdsduur1 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

→ "De Bediening in essentie", Pagina 11

‒ Zorg ervoor dat de keuken geventileerd is zolang het apparaat opwarmt.

8 De Bediening in essentie

8.1 Apparaat inschakelen

‒ De toets wordt blauw verlicht.

8.2 Apparaat uitschakelen

Schakel het apparaat uit wanneer u het niet nodig heeft. Wanneer u het apparaat langere tijd niet bedient, gaat het automatisch uit.

‒ De verlichting boven de toets gaat uit.

8.3 In werking stellen

Elke functie moet u starten.

Pagina 12

nl Snel voorverwarmen

8.4 Werking onderbreken of afbreken

U kunt de werking kort onderbreken en weer voortzetten. Breekt u de werking volledig af, dan worden de instellingen gereset.

‒ Kort op drukken.

‒ Om de werking voort te zetten, op drukken.

8.5 Functie instellen

Vereiste: Het apparaat moet ingeschakeld zijn.

Het functiemenu wordt geopend.

Afhankelijk van de functie zijn er verschillende keuzemogelijkheden beschikbaar.

8.6 Verwarmingsmethode en temperatuur instellen

Als u het apparaat inschakelt, is automatisch de functie verwarmingsmethoden ingesteld.

Tip: De meest geschikte verwarmingsmethode voor uw gerechten vindt u in de beschrijving van de verwarmingsmethoden.

Opmerking: U kunt aan het apparaat de duur en het einde van de werking instellen.

→ "Tijdfuncties", Pagina 13

Verwarmingsmethode wijzigen

Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.

Temperatuur wijzigen

Na het starten van de werking kunt u de temperatuur direct wijzigen.

8.7 Informatie weergeven

In de meeste gevallen kunt u informatie bij de zojuist uitgevoerde functie oproepen. Vele aanwijzingen verschijnen automatisch, bijv. ter bevestiging of als oproep of waarschuwing.

9 Snel voorverwarmen

Om tijd te besparen, kunt u bij ingestelde temperaturen vanaf 100 °C de opwarmingsduur verkorten.

Bij deze verwarmingsmethode kunt u de functie snel voorverwarmen gebruiken:

4D hetelucht

9.1 Snel voorverwarmen instellen

Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, de gerechten pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimte plaatsen.

Opmerking: Stel pas een tijdsduur in wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is.

Snel voorverwarmen afbreken

Pagina 13

Tijdfuncties nl

10 Tijdfuncties

Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u de werking kunt sturen.

10.1 Overzicht van de tijdfuncties

Bij de werking kunt u tijdsduur en einde instellen. De timer kan onafhankelijk van de werking worden ingesteld.

TijdfunctieGebruik
TimerDe timer kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet.
TijdsduurWanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen.
EindeVoor de tijdsduur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op het gewenste tijdstip klaar is.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

10.2 Timer instellen

De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 24 uur instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.

‒ Druk op om het signaal voortijdig te beëindigen.

‒ Om opnieuw een wekkertijd in te stellen op drukken en de wekkertijd met de draaiknop instellen.

Wekker wijzigen

U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.

Wekker afbreken

U kunt de timertijd altijd afbreken.

10.3 Tijdsduur instellen

De tijdsduur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.

Vereiste: Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.

DraairichtingVoorgestelde waarde
Links10 minuten
Rechts30 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten. De eindtijd wordt automatisch berekend.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.

‒ Druk om opnieuw een tijdsduur in te stellen op en stel de tijdsduur in met de draaiknop.

‒ Start met om de werking zonder tijdsduur te hervatten.

‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.

Tijdsduur wijzigen

U kunt de tijdsduur altijd wijzigen.

Tijdsduur afbreken

U kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken.

Op het display worden nu de ingestelde verwarmingsmethode en temperatuur weergegeven.

10.4 Einde instellen

Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.

Opmerkingen

Vereisten

Pagina 14

nl Gerechten

‒ Druk op om het signaal voortijdig te beëindigen.

‒ Druk om opnieuw een tijdsduur in te stellen op en stel de tijdsduur in met de draaiknop.

‒ Start met om de werking zonder tijdsduur te hervatten.

wanneer het

‒ Schakel het apparaat uit met gerecht klaar is.

Einde afbreken

Het ingestelde einde kan men alleen wijzigen als de oven in de wachtpositie is.

Einde wijzigen

Het ingestelde einde kan men alleen wijzigen als de oven in de wachtpositie is.

11 Gerechten

Met de functie "Gerechten" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.

11.1 Vormen

Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de grootte van de vorm.

Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C. Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Braadstukken moeten de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.

Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt:

11.2 Instellingen van de gerechten

Om de gerechten optimaal te bereiden, gebruikt het apparaat verschillende instellingen.

Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur. Diepvriesgerechten direct uit het diepvriesvak gebruiken.

Tips en aanwijzingen bij de instellingen

Als u een gerecht instelt, geeft het display voor dit gerecht relevante informatie weer, bijv.:

Druk op"Tip" of om de informatie op te roepen. Sommige aanwijzingen verschijnen automatisch.

Programma's

Bij programma's zijn het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur vast vooringesteld.

Om een optimaal bereidingsresultaat te bereiken, moet u bijkomend het gewicht instellen. Indien niet anders aangegeven, stelt u het totale gewicht van uw gerecht in. Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.

Insteladvies

Bij insteladviezen is de optimale verwarmingsmethode vast vooringesteld. Het display toont de verwarmingsmethode.

De vooringestelde temperatuur en de duur kunt u aanpassen.

11.3 Overzicht van de gerechten

Welke gerechten ter beschikking staan, ziet u aan het apparaat als u de functie oproept.

De gerechten zijn in categorieën en eten ingedeeld.

CategorieGerechten
GebakGebak in vormen Gebak op de bakplaat Klein gebak
Koekjes
Brood, broodjesBrood
Broodjes
Pizza, hartig gebakPizza
Hartig gebak, quiche
Ovenschotels, soufflésOvenschotel, hartig, vers, gegaarde ingrediënten
Lasagne, vers
Gegratineerde aardappels, rauwe ingrediënten, vlak
Ovenschotel, zoet, vers
Soufflé in portievormen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

Pagina 15

Kinderslot nl

CategorieGerechten
DiepvriesproductenPizza
Broodje
Ovenschotels
Aardappelproducten Vlees, gevogelte
GevogelteKip
Eend, gans Kalkoen
VleesVarkensvlees Rundvlees
Kalfsvlees
Lamsvlees
Wildbraad
Vleesgerechten
VisVis
GroenteEenpansgerecht + groente Groente gratineren
Gebakken aardappels, gehalveerd Aardappels in de oven, heel

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

11.4 Gerecht instellen

Opmerking: Na de start kunt u het gerecht en de instellingen ervan niet meer veranderen of onderbreken.

Vereiste: Om de functie te starten, moet de binnenruimte afgekoeld zijn.

‒ Bij sommige gerechten kunt u de temperatuur, tijdsduur of het einde aanpassen, hierbij op "Aanpassen" drukken.

‒ Bij sommige gerechten kunt u het gewicht direct met de draaiknop instellen.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.

‒ Bij sommige gerechten kunt u indien gewenst nagaren.

→ "Nagaren", Pagina 15 ‒ Schakel als het gerecht klaar is, het apparaat uit met .

Nagaren

Bij sommige gerechten biedt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur de functie nagaren aan. U kunt zo vaak nagaren als u wilt.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op drukken.

‒ Druk als u opnieuw wilt nagaren, op "Nagaren". ‒ Als het gerecht klaar is, op "Beëindigen" drukken en het apparaat met uitschakelen.

12 Kinderslot

Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen.

12.1 Kinderslot activeren en deactiveren

U kunt het kinderslot activeren en deactiveren terwijl het apparaat in- of uitgeschakeld is.

← pagina 2verder op pagina 16 →Inhoud