Siemens HB76AB560, tekst van de handleiding
Pagina's 13–24 van 36 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 3–12verder op pagina 25 →
Pagina 13
Sabbatinstelling
Met deze instelling heeft de oven bij boven en onderwarmte een temperatuur tussen 85 °C en 140 °C. U kunt een tijdsduur van 24 tot 73 uur instellen.
Gedurende deze tijd blijven de gerechten in de oven warm, zonder dat u deze hoeft in- of uit te schakelen.
Sabbatinstelling starten
Voorwaarde: u heeft in de basisinstellingen “Sabbatinstelling ja“ geactiveerd. Zie het hoofdstuk Basisinstellingen.
- 1. De toets indrukken.
Op het display wordt 3D-hetelucht, 160 °C voorgesteld.
- 2. De draaiknop naar links draaien en de verwarmingsmethode
- Sabbatinstelling kiezen.
- 3. Met de toets naar de temperatuur gaan en met de draaiknop de gewenste temperatuur instellen.
- 4. De toets 0 twee keer indrukken. De pijl staat voor het symbool voor de tijdsduur .
Er wordt 27:00 uur voorgesteld.
- 5. Met de draaiknop de gewenste tijdsduur instellen.
- 6. De toets 0 zo vaak indrukken tot het draaisymbool in de tijdsindicatie verdwijnt.
- 7. De toets indrukken. De Sabbatinstelling start.
De tijdsduur is afgelopen
De oven warmt niet meer op.
De eindtijd op een later tijdstip zetten
Het is niet mogelijk de eindtijd op een later tijdstip te zetten.
Sabbatinstelling afbreken
De toets ingedrukt houden tot 3Dhetelucht, 160 °C verschijnt. U kunt opnieuw instellen.
Kinderslot
Om ervoor te zorgen dat de oven niet per ongeluk door kinderen wordt ingeschakeld of dat ze een instelling wijzigen, is deze voorzien van een kinderslot.
Kinderslot activeren
De toets ingedrukt houden tot het symbool verschijnt. Dit duurt ca. 4 seconden.
De instellingen kunnen niet meer worden gewijzigd. Het bedieningsveld is geblokkeerd.
Ovendeur vergrendelen
U kunt de basisinstellingen zo wijzigen dat ook de ovendeur wordt vergrendeld. Hoe dat in zijn werk gaat kunt u lezen in het
hoofdstuk Basisinstellingen. De ovendeur vergrendelt wanneer in de binnenruimte een temperatuur van 50 °C is bereikt. Het symbool verschijnt. Is de oven uitgeschakeld, dan vergrendelt de oven direct wanneer u het kinderslot activeert.
Blokkering opheffen
De toets indrukken tot het symbool verdwijnt. U kunt opnieuw instellen.
Aanwijzing: U kunt ondanks het actieve kinderslot de oven met of door lang te drukken op de toets uitschakelen, de wekker instellen en de signaaltoon uitschakelen.
Basisinstellingen
Uw apparaat heeft verschillende basisinstellingen, die u altijd aan uw wensen kunt aanpassen.
Aanwijzing: In de tabel vindt u alle basisinstellingen en de mogelijke wijzigingen. Afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat, worden in het display alleen de basisinstellingen weergegeven die bij uw apparaat passen.
| Functie | Basisinstellingen | Mogelijkheden |
|---|---|---|
| • Signaaltoon na afloop van een tijdsduur | = 2 minuten | = 10 seconden = 2 minuten = 5 minuten |
| • Bevestigingstoon bij het indrukken van een toets | = uit | = uit = aan |
| • Helderheid van de displayverlichting | = dag | = nacht = gemiddeld = dag |
| • Tijdsindicatie wanneer de oven is uitgeschakeld | = aan | = uit* * De tijd verschijnt zolang de restwarmte wordt weergegeven. = aan |
| • Ovenlamp tijdens gebruik | = aan | = uit = aan |
Pagina 14
| Functie | Basisinstellingen | Mogelijkheden | |
|---|---|---|---|
| • Werking voortzetten na het sluiten van de ovendeur | = werking wordt automatisch voortgezet | = met de werking voortzetten = werking wordt automatisch voortgezet | |
| • Extra deurvergrendeling bij kinderslot | = nee | = nee = ja | |
| • Nalooptijd van de koelventilator | = gemiddeld | = kort = gemiddeld = lang zeer lang | |
| • Achteraf niet voorzien van zelfreinigend plafond en zelfreinigende zijwanden | = nee | = nee = ja | |
| Achteraf voorzien van telescooprails | = nee | = nee = ja | |
| Alle wijzigingen direct terugzetten naar de basisinstellingen | = nee | = nee = ja | |
| Sabbatinstelling | = nee | = nee = ja | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
Basisinstellingen wijzigen
Voorwaarde: de oven dient uitgeschakeld te zijn.
Zie de tabel met de basisinstellingen om te weten wat de getallen inhouden.
Het voorbeeld in de afbeelding: de basisinstelling Naloop ventilator veranderen van gemiddeld in kort.
- 1. De toets ca. 4 seconden lang ingedrukt houden tot voor de eerste basisinstelling en de voor de vooringestelde waarde verschijnt.
- 3. Met de draaiknop de waarde van de basisinstellingen wijzigen.
- 2. De toets zo vaak indrukken tot de gewenste basisinstelling verschijnt.
- 4. U kunt nu verdere basisinstellingen wijzigen volgens de beschrijving in punt 2 en 3.
- 5. De toets ingedrukt houden tot de weergave dooft. Dit duurt ca. vier seconden. Alle wijzigingen zijn opgeslagen.
Afbreken
De toets indrukken. De wijzigingen worden niet opgeslagen.
Automatische uitschakeling
Uw oven heeft een automatische uitschakeling. Deze wordt actief wanneer er geen tijdsduur is ingesteld en de instellingen gedurende lange tijd niet veranderd zijn. Het moment waarop dit gebeurt, is afhankelijk van de ingestelde temperatuur of grillstand.
Uitschakeling actief
Op het display verschijnt . De werking is onderbroken.
14
Wanneer u op een willekeurige toets drukt, verdwijnt de indicatie. U kunt opnieuw instellen.
Aanwijzing: Is er een tijdsduur ingesteld, dan warmt de oven na afloop van de tijdsduur niet meer op. De automatische uitschakelfunctie is niet nodig.
Pagina 15
Zelfreiniging
Bij de zelfreiniging warmt de oven op tot ca. 500 °C. Op deze manier verbranden resten van het braden, grillen of bakken en hoeft u slechts nog de as uit de binnenruimte te verwijderen.
U kunt drie reinigingsstanden kiezen.
| Stand | Reinigingsgraad | Tijdsduur |
|---|---|---|
| 1 | licht | ca. 1 uur, 15 minuten |
| 2 | gemiddeld | ca. 1 uur, 30 minuten |
| 3 | intensief | ca. 2 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
Hoe sterker en ouder de verontreinigingen zijn, des te hoger moet de reinigingsstand zijn. Het is voldoende wanneer u de binnenruimte elke twee tot drie maanden reinigt. Zo nodig kunt u hem ook vaker reinigen Voor een reiniging is slechts ca. 2,5 - 4,7 kWh nodig.
Belangrijke aanwijzingen
Voor uw veiligheid vergrendelt de ovendeur automatisch. U kunt de ovendeur pas weer openen wanneer de binnenruimte wat afgekoeld is en het slotsymbool van de vergrendeling verdwenen is. Probeer niet de haken met de hand te verschuiven.
Probeer de ovendeur niet te openen zolang de zelfreiniging bezig is. Daardoor kan het reinigen worden afgebroken.
Tijdens de zelfreiniging brandt de ovenlamp in de binnenruimte niet.
ã=Risico van brand!
De oven wordt van de buitenkant zeer heet. Let er op dat de voorkant van de oven vrij blijft. Nooit brandbare voorwerpen, bijv. theedoeken, aan de deurgreep hangen. Houd kinderen uit de buurt.
Voor de zelfreiniging
De binnenruimte moet leeg zijn. Neem de toebehoren, de vormen en rails uit de binnenruimte. In het hoofdstuk Onderhoud en reiniging kunt u lezen hoe de rails verwijderd worden.
Maak de ovendeur en de randvlakken van de binnenruimte bij de deurdichting schoon. De dichting niet reinigen.
ã=Risico van brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen. Maak de binnenruimte en de toebehoren die u meereinigt met een vochtige doek schoon.
Toebehoren meereinigen
De rails zijn niet geschikt voor de zelfreiniging. Neem ze uit de binnenruimte. Wilt u toebehoren meereinigen, dan kunt u hier bij de klantenservice accessoirehouders voor bijbestellen. Hiermee kunt u geëmailleerde toebehoren, bijv. de braadslede, zonder antiaanbaklaag meereinigen. Altijd slechts één accessoire meereinigen.
Niet-geëmailleerde toebehoren, bijv. het rooster, zijn niet geschikt voor de zelfreiniging. Neem ze uit de binnenruimte.
ã=Ernstig gezondheidsrisico!
Nooit platen en vormen met een antiaanbaklaag meereinigen. Door de grote hitte wordt de antiaanbaklaag aangetast en ontstaan er giftige gassen.
U kunt de accessoirehouders verkrijgen bij de klantenservice of via internet, onder materiaalnummer 466546.
De houders worden aan de linker- en rechterkant ingebracht.
Reinigingsstand instellen
- 1. De toets indrukken.
Reinigingsstand 3 wordt voorgesteld. U kunt de zelfreiniging direct met de toets starten.
Wanneer u de reinigingsstand wilt wijzigen:
- 2. Met de draaiknop de gewenste reinigingsstand kiezen.
- 3. Met de reiniging starten.
De ovendeur vergrendelt kort na de start. Het symbool voor de vergrendeling is verlicht. Pas wanneer het symbool verdwijnt, kan de ovendeur weer worden geopend.
Na afloop van de reiniging
De oven warmt niet meer op. In de tijdsindicatie staat : .
Reiniging afbreken
Met de toets de oven uitschakelen. De ovendeur kan pas worden geopend wanneer het symbool verdwenen is.
Reinigingsstand corrigeren
Na de start kan de reinigingsstand niet langer worden gewijzigd.
De reiniging moet 's nachts worden uitgevoerd
Om de oven overdag te kunnen gebruiken, verzet u het tijdstip van het einde van de reiniging naar de nacht. Zie het hoofdstuk Tijdfuncties, de eindtijd op een later tijdstip zetten .
Na de zelfreiniging
Wanneer de binnenruimte afgekoeld is, verwijdert u de achtergebleven as met een vochtig doekje uit de binnenruimte.
Pagina 16
Onderhoud en reiniging
Wanneer u de oven goed verzorgt en schoonmaakt, blijft hij lang mooi en intact. Hieronder wordt uitgelegd hoe u de oven op de juiste manier verzorgt en schoonmaakt.
Aanwijzingen
- Geringe kleurverschillen op de voorzijde van de oven zijn het gevolg van het gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Schaduwen op de ruit van de deur, die eruit zien als strepen, zijn lichtreflexen van de ovenlamp.
- Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen. Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Schoonmaakmiddelen
Om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen beschadigd worden, dient u zich te houden aan de gegevens in de tabel. Gebruik
- geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen,
- geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen,
- geen harde schuur- of schoonmaaksponsjes,
- geen hogedrukreinigers of stoomstraalapparaten.
Was nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik goed uit.
| Bereik | Schoonmaakmiddelen |
|---|---|
| Voorkant van de oven | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
| Roestvrij staal | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk verwijderen. Onder zulke vlekken kan gemakkelijk corrosie ontstaan. Bij de klantenservice of in de vakhandel zijn speciale schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal verkrijgbaar die geschikt zijn voor warme oppervlakken. Het schoonmaakmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. |
| Ruiten van de deur | Glasreiniger: met een zachte doek schoonmaken. Geen schraper gebruiken. |
| Deurafscherming | Schoonmaakmiddel voor roestvrij staal (verkrijgbaar bij de klantenservice of in de vakhandel): Neem de gegevens van de fabrikant in acht. |
| Binnenruimte | Warm zeepsop of water met azijn: met een schoonmaakdoekje reinigen. Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roestvrij staal of ovenreiniger gebruiken. Alleen gebruiken in de onverwarmde oven. U kunt het best de zelfreiniging gebruiken. Neem hierbij de aanwijzingen in het hoofdstuk Zelfreiniging in acht! |
| Glazen afscherming van de ovenlamp | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
| Bereik | Schoonmaakmiddelen |
|---|---|
| Inschuifrails | Warm zeepsop: laten weken en met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. |
| Telescooprails | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Niet laten weken, in de vaatwasmachine schoonmaken of bij de zelfreiniging meereinigen. De rails zouden beschadigd raken en blokkeren. |
| Toebehoren | Warm zeepsop: laten weken en met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
Inschuifrails verwijderen en bevestigen
U kunt de rails voor het reinigen verwijderen. De oven dient afgekoeld te zijn.
Inschuifrails verwijderen
- 1. Rails voor optillen
- 2. en uit de geleiders tillen (Afbeelding A).
- 3. Hierna de rails helemaal naar voren trekken en uitnemen (Afbeelding B).
Maak de inschuifrails schoon met zeepsop en een schoonmaaksponsje. Gebruik bij hardnekkig vuil een borstel.
Inschuifrails bevestigen
- 1. Inschuifrails eerst in de achterste bus plaatsen, iets naar achteren drukken (Afbeelding A)
- 2. en vervolgens in de voorste bus plaatsen (Afbeelding B).
De inschuifrails passen links en rechts. De welving moet zich altijd aan de onderkant bevinden.
Pagina 17
Ovendeur verwijderen en inbrengen
Om de deurruiten schoon te maken en te demonteren, kunt u de ovendeur verwijderen.
De scharnieren van de ovendeur zijn alle voorzien van een blokkeerhendel. Wanneer de blokkeerhendels zijn dichtgeklapt (Afbeelding A), is de ovendeur beveiligd. Hij kan niet worden verwijderd. Wanneer de blokkeerhendels voor het verwijderen van de ovendeur opengeklapt zijn (B), zijn de scharnieren beveiligd. Ze kunnen niet dichtklappen.
ã=Risico van letsel!
Wanneer de ovendeur er per ongeluk uitvalt of een scharnier dichtklapt, het scharnier niet met uw hand aanraken. Neem contact op met de klantenservice.
Deurafscherming afnemen
ã=Risico van letsel!
Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, klappen ze met grote kracht dicht. Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, en bij het verwijderen van de ovendeur helemaal opengeklapt.
Deur verwijderen
- 1. Ovendeur helemaal openen.
- 2. Beide blokkeerhendels links en rechts openklappen (Afbeelding A).
- 3. Ovendeur tot de aanslag sluiten. Met beide handen links en rechts vastpakken. Nog wat verder sluiten en uitnemen (Afbeelding B).
Deur inbrengen
De ovendeur in de omgekeerde volgorde weer inbrengen.
- 1. Let er bij het inbrengen van de ovendeur op dat beide scharnieren recht in de opening worden geleid (Afbeelding A).
- 2. De keep op het scharnier dient aan beide kanten in te klikken (Afbeelding B).
- 3. Beide blokkeerhendels weer dichtklappen (Afbeelding C). Ovendeur sluiten.
De afscherming op de ovendeur kan verkleurd raken. Om de ovendeur grondig schoon te maken kunt u de afscherming verwijderen.
- 1. Ovendeur helemaal openen.
- 2. Afscherming van de ovendeur eraf schroeven. Hiervoor de schroeven aan de linker- en rechterkant losdraaien (Afbeelding A).
- 3. Afscherming afnemen (Afbeelding B).
Let erop dat de ovendeur niet gesloten wordt zolang de afscherming afgenomen is. De binnenruit kan beschadigd worden.
De afscherming schoonmaken met een reinigingsproduct voor roestvrij staal.
- 4. Afscherming weer terugplaatsen en bevestigen.
- 5. Ovendeur sluiten.
Deurruiten verwijderen en inbrengen
Om gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten van de ovendeur afnemen.
Verwijderen
- 1. Ovendeur verwijderen en met de handgreep naar beneden op een doek leggen.
- 2. De afscherming bovenaan de ovendeur eraf schroeven. Hiervoor de schroeven aan de linker- en rechterkant losdraaien (Afbeelding A).
- 3. Bovenste ruit optillen en naar buiten trekken (Afbeelding B).
Pagina 18
| 4. De grote klemmen rechts en links losschroeven. De ruit optillen en de houders van de ruit trekken (Afbeelding C). De | 1. De ruit schuin naar achteren inschuiven (Afbeelding A). |
| ruit eruit nemen. | 2. Borgveren rechts en links op de ruit plaatsen, zo uitlijnen dat de veren zich boven het schroefgat bevinden en vastschroeven (Afbeelding B). |
| Reinig de ruiten met glasreiniger en een zachte doek. | |
| Gebruik geen scherpe of schurende middelen en geen schraper. Het glas kan hierdoor beschadigd raken. | 3. Bovenste ruit schuin naar achteren inschuiven. Het grote vlak moet zich aan de buitenkant bevinden. |
| Inbrengen | 4. Afscherming plaatsen en vastschroeven. |
| Let er bij het inbrengen op dat “right above“ linksonder ondersteboven staat. | 5. Ovendeur inbrengen |
| Gebruik de oven pas weer wanneer de ruiten naar behoren zijn ingezet. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
Wat te doen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Raadpleeg de volgende tabel voordat u contact opneemt met de servicedienst. Wellicht kunt u zelf de storing verhelpen.
Storingstabel
Wanneer een gerecht een keer niet lukt, raadpleeg dan het hoofdstuk Voor u getest in onze kookstudio. Hier vindt u vele tips en aanwijzingen voor het koken.
ã=Kans op een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice.
| Storing | Mogelijke oorzaak | Aanwijzing/oplossing |
|---|---|---|
| Het apparaat werkt niet | Zekering defect. | Kijk in de meterkast na of de zekering in orde is. |
| Op het display staat : . | Stroomonderbreking. | Stel de tijd opnieuw in. |
| De ovendeur kan niet worden geopend. Op het display staat : . Het symbool wordt weergegeven. | Stroomonderbreking tijdens de zelfreiniging. | Stel de tijd opnieuw in. Wacht tot het symbool verdwijnt.U kunt de ovendeur openen. |
| De oven warmt niet op of de verwarmingsmethode kan niet worden ingesteld. | Verwarmingsmethode niet herkend | Stel nog eenmaal in. |
| De oven warmt niet op. In de temperatuurindicatie staat een klein vierkantje. | De oven bevindt zich in de demomodus. | Schakel de zekering in de meterkast uit en na minstens 20 seconden weer in. In de volgende 2 minuten de toets 4 seconden lang ingedrukt houden tot het vierkantje van het display verdwijnt. |
| Op het display verschijnt . | De automatische uitschakeling is geactiveerd. De oven warmt niet meer op. | Druk op een willekeurige toets. |
| Foutmeldingen met Wordt op het display een foutmelding met druk dan op de toets 0. Hiermee wordt de Het kan voorkomen dat u vervolgens de tijd | instellen. Wordt de fout opnieuw weergegeven, neem dan weergegeven, contact op met de klantenservice. foutmelding gewist. Bij de volgende foutmeldingen kunt u het probleem zelf opnieuw moet oplossen. | |
| Foutmelding | Mogelijke oorzaak | Aanwijzing/oplossing |
| Een toets is te lang ingedrukt of is beklemd geraakt. | Druk alle toetsen afzonderlijk in. Controleer of de toetsen schoon zijn. Neem contact op met de klantenservice wanneer de foutmelding aanhoudt. | |
| De temperatuur in de oven is te hoog. | De ovendeur vergrendelt. Wacht tot de binnenruimte is afgekoeld. Met de toets 0 wist u de foutmelding. | |
Pagina 19
Ovenlamp aan het plafond vervangen
Als de ovenlamp is uitgevallen, moet deze worden vervangen. Temperatuurbestendige reservelampen, 40 watt, kunt u krijgen bij de klantenservice of uw speciaalzaak. Gebruik uitsluitend originele lampen.
ã=Kans op een elektrische schok!
Zekering in de meterkast uitschakelen.
- 1. Theedoek in de onverwarmde oven leggen, om schade te voorkomen.
- 2. Glazen afscherming verwijderen. Hiervoor met de duimen de metalen strippen naar achteren drukken (Afbeelding A).
- 3. De lamp eruit draaien en vervangen door een lamp van hetzelfde type (Afbeelding B).
- 4. Glazen afscherming weer terugplaatsen. Hierbij met één kant inbrengen en de andere kant vast aandrukken. Het glas zit nu vast.
- 5. Theedoek eruit nemen en de zekering inschakelen.
- 1. Theedoek in de onverwarmde oven leggen, om schade te voorkomen.
- 2. Glazen afscherming verwijderen. De afscherming hiervoor met de hand van onderaf openen (Afbeelding A). Kan de glazen afscherming moeilijk worden verwijderd, gebruik er dan een lepel bij.
- 3. Lamp eruit trekken niet draaien (Afbeelding B). Nieuwe lamp inbrengen, hierbij op de stand van de pinnen letten. De lamp stevig aandrukken.
- 4. Glazen afscherming weer terugplaatsen. Let erop dat de welving in het glas zich aan de rechterkant bevindt. Het glas van boven inbrengen en aan de onderkant stevig aandrukken (Afbeelding C). Het glas zit nu vast.
Linkerovenlamp vervangen
Als de ovenlamp is uitgevallen, moet deze worden vervangen. Temperatuurbestendige 230V-halogeenlampen, 25watt, kunt u krijgen bij de klantenservice of uw speciaalzaak. Houd de halogeenlamp vast met een droge doek. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd. Gebruik uitsluitend originele lampen.
ã=Kans op een elektrische schok!
Zekering in de meterkast uitschakelen.
- 5. Theedoek eruit nemen en de zekering inschakelen.
Glazen afscherming
Als de glazen afscherming beschadigd is, dient hij te worden vervangen. Passende glazen afschermingen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice. Vermeld a.u.b. het productnummer (Enr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat.
Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om onnodig bezoek van een technicus te voorkomen.
Enummer en FDnummer
Geef aan de klantenservice altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u rechts, aan de zijkant van de ovendeur. Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de klantenservice nodig heeft, kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
Enr. FD-nr.
Servicedienst
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 088 424 4020
Vertrouw op de competentie van de producent. Zo bent u er zeker van dat de reparatie wordt uitgevoerd door geschoolde onderhoudstechnici, die beschikken over de originele onderdelen voor uw huishoudelijke apparaten.
Pagina 20
Energie en milieutips
Hier krijgt u tips over de manier waarop u bij het bakken en braden kunt besparen op energie en het apparaat op de juiste manier afvoert.
Energie besparen
- De oven alleen voorverwarmen als dit in het recept of in de tabellen van de gebruiksaanwijzing is opgegeven.
- Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de hitte bijzonder goed op.
- Open de ovendeur tijdens het garen, bakken of braden zo weinig mogelijk.
- Meerdere taarten of cakes kunt u het beste na elkaar bakken. De oven is dan nog warm. Daardoor is de baktijd voor het
tweede gerecht korter. U kunt ook 2 rechthoekige bakvormen naast elkaar in de oven plaatsen.
- Bij langere bereidingstijden kunt u de oven 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitzetten en de restwarmte gebruiken voor het afbakken.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.
Dit apparaat beantwoordt aan de Europese richtlijn 2002/96/EG inzake gebruikte elektro en elektronica-apparatuur (WEEE - waste electrical and electronic equipment). De richtlijn biedt het kader voor de terugname en verwerking van gebruikte apparaten geldend voor de hele EU.
Automatische programma's
Met de automatische programma's gaan geraffineerde stoofgerechten, sappig gebraden vlees en smakelijke eenpansgerechten u heel gemakkelijk af. U hoeft hierbij niet te keren en te bedruipen en de binnenruimte blijft schoon.
Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit van het vlees en de grootte en soort van de vormen of het servies. Maak gebruik van pannenlappen wanneer u het gerecht uit de oven neemt. De vorm is heel heet. Opgelet bij het openen van de vorm, er komt hete stoom vrij.
Vormen
De automatische programma's zijn alleen geschikt voor het braden en bakken in open vormen, met uitzondering van gegratineerde ham. Gebruik alleen vormen met een goed sluitend deksel. Neem ook de gegevens van de fabrikant van de vorm in acht.
Geschikte vormen
Wij raden het gebruik van hittebestendige vormen (tot 300 °C) aan, van glas of glaskeramiek. Braadsledes van roestvrij staal zijn slechts beperkt geschikt. Het glanzende oppervlak reflecteert de warmtestraling zeer sterk. Het gerecht wordt minder bruin en het vlees minder gaar. Gebruikt u een braadslede van roestvrij staal, neem dan na afloop van het programma het deksel eraf. Het vlees op grillstand 3 nog 8 tot 10 minuten gratineren. Gebruikt u braadsledes van geëmailleerd staal, gietijzer of persgegoten aluminium, dan wordt het gerecht bruiner. Voeg wat meer vloeistof toe.
Ongeschikte vormen
Vormen van licht, glanzend aluminium, ongeglazuurde klei en vormen van kunststof of met kunststof handgrepen zijn niet geschikt.
Grootte van de vorm
Het vlees moet de bodem van de vorm voor ca. twee derde bedekken. Zo krijgt u mooi braadsap.
De afstand tussen het vlees en het deksel moet minstens 3 cm bedragen. Het vlees kan tijdens het braden uitzetten.
Gerecht voorbereiden
Gebruik vers of diepvriesvlees. Wij bevelen vers vlees op koelkasttemperatuur aan.
Gebruik een geschikte vorm.
Weeg het verse of diepvriesvlees, het gevogelte of de vis. Gedetailleerde aanwijzingen vindt u in de betreffende tabellen. Om in te stellen dient u het gewicht te weten.
Kruid het vlees. Diepvriesvlees kruidt u op dezelfde manier als vers vlees.
Bij veel gerechten dient vloeistof te worden toegevoegd. Doe zoveel vloeistof in de vorm dat de bodem ca. ½ cm bedekt is. Staat er “wat“ vloeistof in de tabel, dan zijn 2-3 eetlepels meestal toereikend. Bij vloeistof “ja“ mag het rustig meer zijn. Neem de aanwijzingen voor en in de tabellen in acht.
Sluit de vorm af met een deksel. Plaats hem op hoogte 2 op het rooster.
Bij enkele gerechten is het niet mogelijk de eindtijd op een later tijdstip te zetten. Deze gerechten zijn aangeduid met een ster*.
Plaats de vorm altijd in de onverwarmde binnenruimte.
Programma's
Gevogelte
Leg het gevogelte met de kant van de borst naar boven in de braadslede. Gevuld gevogelte is ongeschikt.
Bij meerdere kippenbouten stelt u het gewicht van de zwaarste in. De bouten moeten ongeveer even zwaar zijn.
Voorbeeld: 3 kippenbouten van 300 g, 320 g en 400 g. Stel 400 g in.
Maakt u twee even zware kippen klaar in een braadslede, stel dan evenals bij de bouten het gewicht van de zwaarste in.
Pagina 21
Programma's Programmanumme Gewichtsbereik in kg Vloeistof Instelgewicht r toevoegen
| Gevogelte | ||||
|---|---|---|---|---|
| Kippetje, vers | P1* | 0,7-2,0 | nee | Gewicht van het vlees |
| Poularde, vers | P2* | 1,4-2,3 | nee | Gewicht van het vlees |
| Eend, vers | P3* | 1,6-2,7 | nee | Gewicht van het vlees |
| Gans, vers | P4* | 2,5-3,5 | nee | Gewicht van het vlees |
| Kalkoen, vers | P5* | 2,5-3,5 | nee | Gewicht van het vlees |
| Bouten, vers, bijv. kippen, eenden, ganzen-, kalkoenbout | P6* | 0,3-1,5 | nee | Gewicht van de zwaarste bout |
| Vlees | Rundvlees | |||
| Doe zoveel vloeistof in de vorm als wordt aangegeven. Programma's Programmanummer | Voeg aan stoofvlees voldoende vloeistof toe. U kunt ook marineervocht gebruiken. Rosbief eerst bereiden met de kant van het vet naar boven. Gewichtsbereik in kg Vloeistof Instelgewicht toevoegen | |||
| Rundvlees | ||||
| Stoofvlees, vers bijv. klapstuk, schouderstuk, gemarineerd vlees | P7 | 0,5-3,0 | ja | Gewicht van het vlees |
| Stoofvlees, diepvries bijv. klapstuk, schouderstuk, schouder | P8* | 0,5-2,0 | ja | Gewicht van het vlees |
| Rosbief, vers, kort gebakken bijv. lendestuk | P9 | 0,5-2,5 | nee | Gewicht van het vlees |
| Kalfsvlees | ||||
| Braadstuk, vers, mager bijv. bovenbout, fricandeau | P10 | 0,5-3,0 | ja | Gewicht van het vlees |
| Braadstuk, vers, doorregen bijv. nek, hals | P11 | 0,5-3,0 | wat | Gewicht van het vlees |
| Schenkel met been, vers | P12 | 0,5-2,5 | ja | Gewicht van het vlees |
| Lamsvlees | ||||
| Bout, vers zonder been, doorbakken | P13 | 0,5-2,5 | wat | Gewicht van het vlees |
| Bout, vers zonder been, medium | P14 | 0,5-2,5 | nee | Gewicht van het vlees |
| Bout, vers met been, doorbakken | P15 | 0,5-2,5 | wat | Gewicht van het vlees |
| Lamsbout, diepvries, zonder been, doorbakken | P16* | 0,5-2,0 | wat | Gewicht van het vlees |
| Bout, diepvries, met been, doorbakken | P17* | 0,5-2,0 | wat | Gewicht van het vlees |
Pagina 22
Wildbraad
Wildbraad kunt u met spek bedekken, het vlees blijft dan sappiger maar wordt niet zo erg bruin. Voor een fijnere smaak kunt u het wildbraad voor het garen 's nachts in de koelkast in karnemelk, wijn of azijn marineren.
Wanneer u meerdere hazenbouten klaarmaakt, stelt u het gewicht van de zwaarste bout in.
Konijn kunt u ook voor de bereiding in porties verdelen. Stel het totaalgewicht in.
| Wildbraad | Programmanummer | Gewichtsbereik in kg Vloeistof Instelgewicht toevoegen |
|---|---|---|
| Hertenvlees, vers bijv. schouder, borst | P18 | 0,5-3,0 ja Gewicht van het vlees |
| Reebout zonder been, vers | P19 | 0,5-3,0 ja Gewicht van het vlees |
| Hazenbout met been, vers | P20 | 0,3-0,6 ja Gewicht van het vlees |
| Konijn, vers | P21 | 0,5-3,0 ja Gewicht van het vlees |
| Vis U kunt de vis zoals gebruikelijk besprenkelen met citroensap en zouten. Voor gestoofde vis: ½ cm vloeistof, bijv. wijn of citroensap in de vorm doen. Voor gebakken vis: vis door de bloem wentelen en bestrijken met gesmolten boter. | Hele vis lukt het beste wanneer deze in de “zwemhouding" in de vorm staat. Dit betekent dat de rugvin naar boven gericht is. Om ervoor te zorgen dat de vis in deze stand blijft, kunt u een ingesneden aardappel of een kleine, ovenvaste vorm in de buikopening aanbrengen. Bij meerdere vissen stelt u het totaalgewicht in. De vissen moeten echter ongeveer even groot of even zwaar zijn. Voorbeeld: twee forellen van 0,6 kg en 0,5 kg. Stel 1,1 kg in. | |
| Programma's | Programmanummer | Gewichtsbereik in kg Vloeistof Instelgewicht toevoegen |
| Vis | ||
| Forel, vers, stoven | P22* | 0,3-1,5 ja Totaalgewicht |
| Forel, vers, bakken | P23* | 0,3-1,5 nee Totaalgewicht |
| Kabeljauw, vers, stoven | P24* | 0,5-2,0 ja Totaalgewicht |
| Kabeljauw, vers, bakken | P25* | 0,5-2,0 nee Totaalgewicht |
| Eenpansgerecht U kunt verschillende soorten vlees en verse groente combineren. Het vlees in stukken snijden. Stukken kip ongesneden gebruiken. Dezelfde tot de dubbele hoeveelheid groente bij het vlees doen. Voorbeeld: aan 0,5 kg vlees voegt u 0,5 kg tot 1 kg verse groente toe. | Moet het vlees geroosterd zijn, leg het dan als laatste ingrediënt op de groente in de braadslede. Wilt u het minder bruin, roer het vlees dan door de groente. Bij eenpansgerechten met vlees stelt u het gewicht van het vlees in. Moet de groente zachter zijn, stel dan het totaalgewicht in. Geschikt voor een groenteschotel zijn vaste groentesoorten, bijv. wortels, sperziebonen, witte kool, selderij en aardappels. Hoe kleiner u de groente snijdt, hoe zachter deze wordt. Bedek de groente met vloeistof om te voorkomen dat deze te bruin wordt aan de bovenkant. | |
| Programma's | Programmanummer | Gewichtsbereik in kg Vloeistof Instelgewicht toevoegen |
| Eenpansgerecht | ||
| met vlees bijv. eenpansgerecht met verschillende soorten vlees | P26 | 0,3-3,0 ja Gewicht van het vlees |
| met groente bijv. vegetarisch eenpansgerecht | P27 | 0,3-3,0 ja Totaalgewicht |
| Goulash | P28 | 0,3-3,0 ja Gewicht van het vlees |
| Rollades | P29 | 0,3-3,0 ja Gewicht van het vlees |
Pagina 23
| Gehakt | Stel het totaalgewicht van het gehakt in. |
| Gebruik alleen vers gehakt. | U kunt het mengsel met groenteblokjes of kaas afmaken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
Programma's Programmanumme Gewichtsbereik in kg Vloeistof Instelgewicht r toevoegen
| Gehakt | ||||
|---|---|---|---|---|
| van vers rundvlees | P30 | 0,3-3,0 | nee | Totaalgewicht |
| van vers lamsvlees | P31* | 0,3-3,0 | nee | Totaalgewicht |
| van vers, gemengd vlees | P32* | 0,3-3,0 | nee | Totaalgewicht |
| van vers varkensvlees | P33* | 0,3-3,0 | nee | Totaalgewicht |
| Varkensvlees Braadstuk met een korstje legt u met de korst naar boven in de vorm. Snijd het zwoerd voor de bereiding rastervormig in, zonder het vlees te beschadigen. | Ham met de vetlaag naar boven in de vorm leggen. De ham onafgedekt gratineren. Stel bij braadstukken het gewicht van het vlees, bij rollades het totaalgewicht in. | |||
| Programma's | Programmanummer | Gewichtsbereik in kg | Vloeistof toevoegen | Instelgewicht |
| Varkensvlees | ||||
| Halsstuk vers, zonder been | P34 | 0,5-3,0 | ja | Gewicht van het vlees |
| Halsstuk, diepvries, zonder been | P35* | 0,5-2,0 | ja | Gewicht van het vlees |
| Lendestuk, vers | P36 | 0,5-2,5 | ja | Gewicht van het vlees |
| Rollade, vers | P37 | 0,5-3,0 | ja | Totaalgewicht |
| Braadstuk met korstje, vers, buikstuk | P38 | 0,5-3,0 | nee | Gewicht van het vlees |
| Ham, vers, gepekeld, garen | P39 | 1,0-4,0 | wat | Gewicht van het vlees |
| Ham, vers, gepekeld, gratineren | P40* | 1,0-4,0 | nee | Gewicht van het vlees |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
Programma kiezen en instellen
Zoek eerst het geschikte programma uit de programmatabel. Het voorbeeld in de afbeelding: Instelling voor gestoofd rundvlees, vers, programma 7, gewicht van het vlees 1,3 kg.
- 1. De toets indrukken.
In de temperatuurindicatie verschijnt het eerste programmanummer.
- 2. Met de draaiknop het gewenste programmanummer instellen.
- 3. De toets indrukken.
Op het tijdsdisplay verschijnt een voorgesteld gewicht.
- 4. Met de draaiknop het gewicht instellen.
- 5. De toets indrukken.
Het programma start. Op het display kunt u het verloop van de tijdsduur aflezen.
Het programma is afgerond
Er klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. U kunt het signaal vroegtijdig met de toets 0 wissen.
Pagina 24
Programmaduur wijzigen
De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
Programma wijzigen
Na de start kan het programma niet meer worden gewijzigd.
Ovendeur openen
De werking wordt onderbroken. De toets knippert.Na het sluiten van de deur wordt de werking weer voortgezet.
Functie pauzeren
De toets kort indrukken. De oven bevindt zich nu in de pauzestand. De toets knippert. Om de pauze te beëindigen, opnieuw op drukken. De toets is verlicht.De werking wordt voortgezet.
Programma afbreken
De toets ingedrukt houden tot het symbool voor 3D-hetelucht en 160 °C verschijnen. U kunt opnieuw instellen.
De eindtijd op een later tijdstip zetten
Zie het hoofdstuk Tijdfuncties, de eindtijd op een later tijdstip zetten.
Tips voor de automatische programma's
| Het gewicht van het vlees of gevogelte ligt boven het aangegeven gewichtsbereik. | Het gewichtsbereik is bewust beperkt. Voor zeer grote braadstukken is vaak geen voldoende grote braadslede voorhanden. Bereid grote stukken vlees met boven- en onderwarmte of circulatiegrillen 4. |
| Het vlees is goed, maar de jus is te donker. | Neem een kleinere vorm of gebruik meer vloeistof. |
| Het vlees is goed, maar de jus is te licht en te waterig. | Neem een grotere vorm of gebruik minder vloeistof. |
| Het gerecht is te droog aan de bovenkant. | Gebruik een vorm met een goed sluitend deksel. Mager vlees blijft malser door er spekreepjes op te leggen. |
| Tijdens het braden ruikt het vlees aangebrand, maar het ziet er goed uit. | Het deksel van de braadslede sluit niet goed of het vlees is groter geworden en heeft het deksel opgetild. Gebruik altijd een passend deksel. Let erop dat er tenminste 3 cm afstand zit tussen het vlees en het deksel. |
| U wilt diepvriesvlees klaarmaken. | Kruid het diepvriesvlees op dezelfde manier als vers vlees. Let op: bij diepvriesvlees kan de eindtijd niet op een later tijdstip worden gezet. Het vlees zou tijdens de wachttijd ontdooien en oneetbaar worden. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
Voor u in onze kookstudio uitgetest.
Hier vindt u een keur aan gerechten en de daarbij behorende optimale instellingen. Wij laten u zien welke verwarmingsmethode en temperatuur het meest geschikt is voor uw gerecht. U krijgt informatie over de juiste toebehoren en de hoogte waarop ze ingeschoven dienen te worden. U krijgt tips over de te gebruiken vormen en de bereiding.
Aanwijzingen
- De tabel geldt altijd voor producten die in de onverwarmde en lege binnenruimte worden geplaatst.
Alleen voorverwarmen wanneer dit in de tabel wordt aangegeven. Leg pas na het voorverwarmen bakpapier op de toebehoren.
- De aangegeven tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.
- Maak gebruik van de meegeleverde toebehoren. Bij de klantenservice of in de vakhandel kunt u toebehoren of extra toebehoren kopen.
Verwijder voor het gebruik alle toebehoren en vormen die u niet nodig heeft uit de binnenruimte.
- Gebruik altijd een pannenlap wanneer u hete toebehoren of vormen uit de oven neemt.
Gebak
Bakken op één niveau
Met boven en onderwarmte lukt het gebak het beste.
Wanneer u met 3D-hetelucht bakt, dient u de volgende inschuifhoogtes voor de toebehoren te gebruiken:
- Gebak in vormen: hoogte
- Gebak op de plaat: hoogte
24 Bakken op meerdere niveaus
Gebruik 3Dhetelucht .
Inschuifhoogtes bij het bakken op 2 niveaus
- Braadslede: hoogte
- Bakplaat: hoogte
Inschuifhoogtes bij het bakken op 3 niveaus
- Bakplaat: hoogte 5
- Braadslede: hoogte
- Bakplaat: hoogte
Bakplaten die gelijktijdig in de oven worden gedaan, hoeven niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
In de tabellen vindt u talrijke voorstellen voor uw gerechten. Wanneer u met 3 rechthoekige bakvormen tegelijk bakt, zet deze dan zoals op de afbeelding aangegeven op het rooster.