Siemens HB774G2B2S, tekst van de handleiding
Pagina's 13–23 van 44 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–12verder op pagina 24 →
Pagina 13
Tijdfuncties nl
- 4. Het gerecht in de binnenruimte plaatsen.
Snel voorverwarmen afbreken
- Druk op "Snel voorverwarmen".
Op het display verschijnt bij "Snel voorverwarmen" "Uit".
10 Tijdfuncties
Voor gebruik kunt u de tijdsduur en de tijdstip, waarop de werking moet eindigen, instellen. De timer kan onafhankelijk van de werking worden ingesteld.
| Tijdfunctie | Gebruik |
|---|---|
| Tijdsduur | Wanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen. |
| Einde | Voor de tijdsduur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op het gewenste tijdstip klaar is. |
| Timer | De timer kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
10.1 Tijdsduur instellen
De tijdsduur voor de werking kunt u instellen tot 24 uur.
Vereiste: Een werking en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
- 1. Druk op "Tijdsduur".
- 2. Druk om de tijdsduur in te stellen, op de betreffende tijdswaarde, bijv. urenaanwijzing "h" of minutenaanwijzing "min".
De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.
- 3. Stel de tijdsduur in met of of direct via de instelbalk.
Rest indien nodig de instelwaarde met .
- 4. Druk op "Overnemen".
- 5. Start de werking met .
Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing, dat de werking is beëindigd.
- 6. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
- Indien nodig kunt u verdere instellingen maken en de werking opnieuw starten.
- Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.
Tijdsduur wijzigen
U kunt de tijdsduur altijd wijzigen.
- 1. Op de tijdsduur drukken.
- 2. Wijzig de tijdsduur met of balk.
- 3. Druk op "Overnemen".
of direct via de instel-
Tijdsduur afbreken
U kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken.
- 1. Op de tijdsduur drukken.
- 2. Reset de tijdsduur met .
Opmerking: Bij functies waarbij een tijdsduur nodig is, reset het apparaat de tijdsduur terug naar de vooringestelde waarde.
- 3. Druk op "Overnemen".
10.2 Einde instellen
Het apparaat gaat automatisch aan en op de van te voren gekozen eindtijd uit. Stel hiervoor de tijdsduur in en leg vast wanneer de werking beëindigd wordt.
Opmerkingen
Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wijzigt u de tijd niet meer als de werking eenmaal is gestart. Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven, dient u ze niet te lang in de binnenruimte te laten staan.
Vereisten
Een functie en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
Er is een tijdsduur ingesteld.
- 1. Druk op "Einde".
- 2. De tijd met of aanpassen.
Reset indien nodig de instelwaarde met .
- 3. Druk op "Overnemen".
- 4. Start de werking met .
Het display toont de starttijd. Het apparaat bevindt zich in de wachtstand.
Als de starttijd is bereikt, begint het apparaat op te warmen en de tijdsduur loopt af.
Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de werking is beëindigd.
- 5. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
- Indien nodig kunt u verdere instellingen invoeren en de werking opnieuw starten.
- Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.
Einde wijzigen
Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, kunt u de ingestelde tijd alleen wijzigen voordat de werking gestart is en de tijdsduur afloopt.
- 1. Druk op .
- 2. Druk op "Einde".
- 3. Wijzig de tijd met of
- 4. Druk op "Overnemen".
- 5. Druk op .
.
Einde annuleren
- 1. Druk op .
- 2. Druk op "Einde".
- 3. Reset de tijd met .
Opmerking: Bij functies waarbij een tijdsduur nodig is, reset het apparaat het tijdstip, waarop de tijdsduur eindigt, terug op de het volgende mogelijk tijdstip.
- 4. Druk op .
13
Pagina 14
nl Kerntemperatuurmeter
10.3 Timer instellen
De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 24 uur instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.
- 1. Druk op de knop .
- 2. Druk om de timer in te stellen, op het display op de betreffende tijdswaarde, bijv. urenaanwijzing "h" of minutenaanwijzing "min".
De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.
- 3. Stel de timer in met of of direct via de instelbalk. Rest indien nodig de instelwaarde met .
- 4. Druk op "Starten" om de timer te starten.
De timer loopt af.
Wanneer het apparaat is uitgeschakeld, dan blijft de timer op het display zichtbaar.
Als het apparaat is ingeschakeld, staan de instellingen van de lopende werking op het display. De timer wordt in de statusregel weergegeven.
Wanneer de timer is verstreken, klinkt een signaal. Op het display verschijnt een aanwijzing, dat de timer is beëindigd.
Timer wijzigen
U kunt de timer altijd wijzigen.
- 1. Druk op de knop .
- 2. Druk op "Stop".
- 3. De timer wijzigen.
- 4. Druk op "Starten".
Timer afbreken
U kunt de timer altijd annuleren.
- 1. Druk op de knop .
- 2. De timer met resetten.
- 3. Op "Starten" drukken.
11 Kerntemperatuurmeter
U kunt uw gerechten heel nauwkeurig garen door er een kerntemperatuurmeter in te steken en op het apparaat een kerntemperatuur in te stellen. De kerntemperatuurmeter meet de temperatuur in het binnenste van het product. Zodra de ingestelde kerntemperatuur in het product is bereikt, houdt het apparaat automatisch op te verwarmen.
11.1 Geschikte verwarmingsmethoden met kerntemperatuurmeter
Voor het gebruik met de kerntemperatuurmeter zijn alleen bepaalde verwarmingsmethoden geschikt.
Bij deze verwarmingsmethoden kunt u de kerntemperatuurmeter gebruiken:
3D hetelucht
Boven- en onderwarmte
Onderwarmte
Boven-/onderwarmte zacht
Hete lucht zacht
Circulatiegrillen
Pizzastand
Warmhouden
Langzaam garen
11.2 Steek de kerntemperatuurmeter in het vlees
Gebruik de meegeleverde kerntemperatuurmeter of bestel een geschikte kerntemperatuurmeter via onze klantenservice.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Bij gebruik van een verkeerde braadthermometer kan de isolatie beschadigd raken.
- Gebruik alleen de braadthermometer die voor dit apparaat bestemd is.
LET OP
Anders kan de braadthermometer beschadigd raken.
- Het snoer van de braadthermometer niet inklemmen.
- Om te voorkomen dat de braadthermometer beschadigd raakt door een te intensieve hitte, moet de afstand tussen grillelement en braadthermometer enkele centimeters bedragen. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
De kerntemperatuurmeter is puntig.
- Ga voorzichtig om met de kerntemperatuurmeter.
- 1. Steek de kerntemperatuurmeter in het product.
Steek de kerntemperatuurmeter op het dikste punt schuin in het vlees. Opmerking: Wanneer u het product wilt keren, steek dan de kerntemperatuurmeter in de zijkant van het product, zodat deze bij het keren niet verwijdert hoeft te worden.
Zorg ervoor dat de punt van de kerntemperatuurmeter juist in het vlees is gepositioneerd:
- De punt moet zich ongeveer in het midden van het product bevinden.
- De punt mag niet in het vet steken.
- De punt mag geen kookgerei of been raken.
- 2. Plaats het product samen met de kerntemperatuurmeter in de binnenruimte.
Pagina 15
Kerntemperatuurmeter nl
- 3. Steek de aansluiting van de kerntemperatuurmeter in de bus links in de binnenruimte.
Opmerking: Wilt u het product keren, verwijder de kerntemperatuurmeter dan niet. Controleer na het keren van het product of de kerntemperatuurmeter nog goed in het gerecht zit.
11.3 Kerntemperatuurmeter instellen
U kunt een kerntemperatuur tussen de 30°C en 99°C instellen.
Vereisten
Het product met de kerntemperatuurmeter staat in de binnenruimte.
De kerntemperatuurmeter is in de binnenruimte ingeplugd.
- 1. Druk op "Verwarmingsmethoden".
- 2. Druk op de gewenste verwarmingsmethode.
- 3. Stel de temperatuur van de binnenruimte in met of of direct via de instelbalk.
Stel de temperatuur van de binnenruimte minstens 10°C hoger in dan de kerntemperatuur.
Stel de temperatuur van de binnenruimte niet hoger in dan 250°C.
- 4. Druk op "Braadthermometer".
- 5. Stel de kerntemperatuur in met of of direct via de instelbalk.
Reset indien nodig de instelwaarde met .
- 6. Druk op "Overnemen".
- 7. Start de werking met .
Het apparaat begint op te warmen.
Op het display staan de instelwaarden en de tijd hoelang het programma al loopt.
Wanneer de kerntemperatuur is bereikt, dan klinkt een signaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de werking is beëindigd. Het apparaat verwarmt niet langer. Bij de methode langzaam garen, blijft het apparaat verwarmen.
- 8. WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De binnenruimte, accessoires en braadthermometer worden zeer heet.
- Neem hete accessoires en de braadthermometer altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
Wanneer de kerntemperatuur is bereikt:
- Indien nodig kunt u verdere instellingen invoeren en de werking opnieuw starten.
- Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.
- Neem de kerntemperatuurmeter uit de aansluiting in de binnenruimte.
- Neem de kerntemperatuurmeter uit het product en uit de binnenruimte.
Tips
U kunt de kerntemperatuurmeter ook met een andere functie combineren, bijv.:
- "Gerechten", Pagina 16
U kunt de kerntemperatuurmeter ook zonder een ingestelde kerntemperatuur gebruiken. Zo kunt u de kerntemperatuur van het gerecht op het display aflezen en handmatig de werking indien gewenst beëindigen.
Temperatuur wijzigen
Na de start van de werking kunt u de temperatuur van de binnenruimte en de kerntemperatuur te allen tijde wijzigen.
- 1. Druk op de temperatuur van de binnenruimte of de kerntemperatuur.
- 2. Wijzig de temperatuur met of of direct via de instelbalk.
- 3. Druk op "Overnemen".
Verwarmingsmethode wijzigen
Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.
- 1. Druk op .
- 2. Druk op .
- 3. Druk op de gewenste verwarmingsmethode.
- 4. Stel de werking opnieuw in en start met .
11.4 Kerntemperatuur van verschillende levensmiddelen
Hier vindt u richtwaarden voor kerntemperaturen van verschillende levensmiddelen.
De richtwaarden hangen af van de kwaliteit en de soort levensmiddelen. Gebruik geen diepvriesproducten.
| Varkensvlees | Kerntemperatuur in °C |
|---|---|
| Varkensnek | 85 - 90 |
| Varkensfilet, rosé | 62 - 70 |
| Varkensrug, doorbakken | 72 - 80 |
| Rundvlees | Kerntemperatuur in °C |
| Runderfilet of rosbief, Engels | 45 - 52 |
| Runderfilet of rosbief, rosé | 55 - 62 |
| Runderfilet of rosbief, doorbakken | 65 - 75 |
| Kalfsvlees | Kerntemperatuur in °C |
| Gebraden kalfsvlees of schouderstuk, mager | 75 - 80 |
| Gebraden kalfsvlees, schouder | 75 - 80 |
| Kalfsschenkel | 85 - 90 |
| Lamsvlees | Kerntemperatuur in °C |
| Lamsbout, rosé | 60 - 65 |
| Lamsbout, doorbakken | 70 - 80 |
| Lamsrug, rosé | 55 - 60 |
Pagina 16
nl Gerechten
12 Gerechten
Met de functie "Gerechten" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.
12.1 Vormen voor gerechten
Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de grootte van de vorm.
Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C. Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Braadstukken moeten de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.
Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt: licht gekleurd, glanzend aluminium niet geglazuurde klei
Kunststof of kunststof grepen
12.2 Instelmogelijkheden van de gerechten
Om de gerechten optimaal te bereiden, gebruikt het apparaat, al naar gelang het gerecht, verschillende instellingen.
Op het display ziet u de gebruikte instellingen. Bepaalde instellingen kunt u aanpassen. Volg de aanwijzingen op het display.
Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur. Diepvriesgerechten direct uit het diepvriesvak gebruiken.
Tips en aanwijzingen bij de instellingen
Als u een gerecht instelt, geeft het display voor dit gerecht relevante informatie weer, bijv.:
Geschikte inschuifhoogte
Geschikte accessoires of vormen
Toevoegen van vloeistof
Tijdstip voor het keren of omroeren
Zodra dit tijdstip bereikt is, klinkt er een signaal.
Druk op om informatie op te roepen. Sommige aanwijzingen verschijnen automatisch.
Programma's
Bij programma's zijn het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur vast vooringesteld.
Om een optimaal bereidingsresultaat te behalen, moet u tevens het gewicht, de dikte of de mate van gaarheid instellen. U kunt alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.
Indien niet anders aangegeven, stelt u het totale gewicht van uw gerecht in.
12.3 Overzicht van de gerechten
Welke gerechten aan u ter beschikking staan, ziet u op het apparaat wanneer u de functie oproept. De selectie van gerechten is afhankelijk van de uitrusting van uw apparaat.
Opmerking: In de basisinstellingen kunt u de weergegeven gerechten regionaal specialiseren.
"Basisinstelingen", Pagina 17
Gerechten
Muffins
Scones
Afbakbroodjes of baguette
Ovenschotel, pittig, vers, gegaarde ingrediënten Aardappelgratin, rauwe ingrediënten, 4 cm hoog Lasagne, vers
Fruit crumble
Kip, gehalveerd
Stukken kip
Eend, ongevuld
Ganzenbouten
Babykalkoen, ongevuld
Kalkoenfilet
Turkey, crown - Britse wijze
Gebraden varkenshals zonder been Gebraden varkensvlees met korstje, bijv. schouder Varkensnek zonder been
Gebraden varkenshaas
Pork Loin joint - Britse wijze
Pork Roast joint - Britse wijze
Pork Belly - Britse wijze
Rosbief, medium
Beef Slow roast joint - Britse wijze
Beef Top side, top rump - Britse wijze Gebraden kalfsvlees, mager
Lamsbout zonder been, doorbakken Lamsbout zonder been, medium
Lamb Shoulder, boned and rolled - Britse wijze Gebraden gehakt van vers gehakt
Eenpansgerecht met vlees
Vis, heel, bakken
Pizza, diepvries met dikke bodem, 1 stuks Pizza diepvries, met dunne bodem, 1 stuks Frites, diepvries
Aardappels in de oven, heel
12.4 Gerecht instellen
- 1. Op "Gerechten" drukken.
- 2. Druk op de gewenste categorie.
- 3. Druk op het gewenste voedsel.
- 4. Druk op het gewenste gerecht.
Tip: Bij enkele gerechten kunt u een voorkeursbereidingsmethode kiezen.
"Instelmogelijkheden van de gerechten", Pagina 16
Op het display verschijnen de instellingen bij het gerecht.
- 5. Indien nodig de instellingen aanpassen.
Al naar gelang het gerecht kunt u slechts bepaalde instellingen aanpassen.
"Instelmogelijkheden van de gerechten", Pagina 16
- 6. Druk op voor informatie over bijvoorbeeld accessoires en inschuifhoogte.
- 7. Start de werking met .
Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
Als het gerecht klaar is, klinkt een signaal. Het apparaat warmt niet meer op.
Pagina 17
Favorieten nl
- 8. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
- Indien nodig kunt u verdere instellingen invoeren en de werking opnieuw starten.
- Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.
12.5 Automatische uitschakeling
De automatische uitschakelfunctie bij de gerechten zorgt ervoor dat u ontspannen kunt bakken en braden. Wanneer het gebruik is beëindigd, dan houdt het apparaat automatisch op met verwarmen.
Haal om een optimaal bereidingsresultaat te bereiken uw gerecht uit de binnenruimte wanneer de werking is beëindigd.
13 Favorieten
In de favorieten kunt u uw instellingen opslaan en opnieuw gebruiken.
Opmerking: Afhankelijk van het apparaattype/software-versie moet u deze functie eerst op uw apparaat downloaden. Kijk in de Home Connect app voor meer informatie.
13.1 Favorieten opslaan
U kunt tot 10 verschillende functies als uw favorieten opslaan.
- Om een functie als favoriet op te slaan, moet u de Home Connect app gebruiken. Als uw apparaat verbonden is, volg dan de aanwijzingen in de app.
13.2 Favorieten kiezen
Wanneer u favorieten heeft opgeslagen, dan kunt u deze voor het instellen van de werking kiezen.
- 1. Druk op "Favorieten".
- 2. Druk op de gewenste favorieten.
Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
Het display geeft de instelwaarden weer.
Opmerking
Let op de informatie bij de verschillende functies: "Kerntemperatuurmeter", Pagina 14
13.3 Favorieten wijzigen
U kunt uw opgeslagen favorieten altijd wijzigen, sorteren, of verwijderen.
- Om de favorieten te wijzigen, moet u de Home Connect app gebruiken. Als uw apparaat verbonden is, volg dan de aanwijzingen in de app.
14 Kinderslot
Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen.
14.1 Kinderslot activeren
U kunt het kinderslot activeren terwijl het apparaat in- of uitgeschakeld is.
- Houd ca. 4 seconden lang ingedrukt om het kinderslot te activeren.
Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging.
Het bedieningspaneel is geblokkeerd. Het apparaat kan alleen met worden uitgeschakeld.
14.2 Kinderslot deactiveren
Zo kunt u het kinderslot op elk gewenst moment deactiveren.
- Houd ca. 4 seconden lang ingedrukt om het kinderslot te deactiveren.
Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging.
15 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
15.1 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.
Meer informatie over de afzonderlijke basisinstellingen krijgt u op het display met .
| Basisinstellingen | Keuze |
|---|---|
| Taal | Zie de selectie op het apparaat |
| Home Connect | De oven met een mobiel eindapparaat verbinden en op afstand besturen. "Home Connect ", Pagina 19 |
| Tijd | Tijd in het 24 h-formaat |
| Datum | Datum in formaat DD.MM.JJJJ |
Pagina 18
nl Basisinstellingen
| Display | Keuze |
|---|---|
| Helderheid | Standen 1, 2, 3, 4 en 5 ¹ |
| Standby-indicatie | Aan, qua tijd gelimiteerd Aan (deze instelling verhoogt het energieverbruik) Uit ¹ |
| Tijd | Digitaal + datum ¹ Digitaal Analoog |
| Afstelling | Display horizontaal en verticaal stellen |
| Geluid | Keuze |
| Sensortoetstoon | Aan ¹ Uit |
| Geluidssignaal | Zeer kort Korte duur Gemiddelde duur ¹ Lange duur |
| Apparaatinstellingen | Keuze |
| Nalooptijd ventilator | Minimaal Aanbevolen ¹ Lang Zeer lang |
| Uittreksysteem | Achteraf aangebracht (bij 2‑ en 3‑voudig uittreksysteem) Niet achteraf aangebracht (bij rekjes en 1-voudig uittreksysteem) ¹ |
| Verlichting | Ingeschakeld bij het bereiden en bij het openen van de deur ¹ Alleen bij het openen van de deur Altijd uit |
| Hoogte boven zeeniveau | Wanneer de kalibratie automatisch plaatsvindt, dan verdwijnt deze basisinstelling. 0 m - 300 m 300m - 600m 600m - 900m 900m - 1200m 1200m - 1500m 1500m - 1800m 1800m - 2100m Hoogte boven zeeniveau onbekend ¹ (Kalibratie noodzakelijk) |
| Personalisering | Keuze |
| Merklogo | Displays ¹ Niet weergeven |
| Werking na inschakelen | Hoofdmenu ¹ Verwarmingsmethoden Gerechten Favorieten |
| Verstreken bereidingstijd | Displays ¹ Niet weergeven |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)
18
| Personalisering | Keuze |
|---|---|
| Gerechten | Alle ¹ Geen varkensvlees Alleen koosjer |
| Regionale gerechten | Alle ¹ Europese gerechten Gerechten volgens Britse wijze |
| Kinderslot | Deurvergrendeling + toetsblokkering Alleen toetsblokkering ¹ Gedeactiveerd |
| Automatisch snel voorverwarmen | Aan ¹ Uit |
| Fabrieksinstellingen | Keuze |
| Fabrieksinstellingen | Terugzetten |
| Apparaatinformatie | Apparaatinformatie |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
15.2 Basisinstellingen wijzigen
- 1. Druk op "Basisinstellingen".
- 2. Druk op het gewenste basisinstellingsbereik.
- 3. Druk op de gewenste basisinstelling.
- 4. Druk op de gewenste keuze voor de basisinstelling. De wijziging wordt bij de meeste basisinstellingen direct overgenomen.
- 5. Om nog meer basisinstellingen te wijzigen, met teruggaan en een andere basisinstelling kiezen.
- 6. Schakel met terug naar het hoofdmenu om de basisinstellingen te verlaten of schakel het apparaat uit met .
De wijzigingen zijn opgeslagen.
Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.
Pagina 19
Home Connect nl
16 Home Connect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.
De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen in de Home Connect app om de instellingen aan te brengen.
Tip: Neem ook de aanwijzingen in de Home Connect app in acht.
Opmerkingen
Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient.
"Veiligheid", Pagina 2
De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.
In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het apparaat max. 2 W nodig.
- 2. De Home Connect app starten en de toegang voor Home Connect instellen.
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces.
16.2 Home Connect instellen
Vereisten
Het apparaat is verbonden met het stroomnet en ingeschakeld.
U beschikt over een mobiel eindapparaat met een actuele versie van het iOS- of Android-besturingssysteem, bijvoorbeeld een smartphone.
De Home Connect app is op het mobiele eindapparaat geïnstalleerd.
Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).
Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw thuisnetwerk.
- 1. De Home Connect app openen en de volgende QRcode scannen.
16.1 Home Connect app instellen
- 1. Installeer de Home Connect app op het mobiele eindapparaat.
- 2. De aanwijzingen van de Home Connect app opvolgen.
16.3 Home Connect Instellingen
In de basisinstellingen van uw apparaat kunt u voor Home Connect instellingen en netwerkinstellingen aanpassen. Welke instellingen het display toont, hangt ervan af of Home Connect geconfigureerd is en of het apparaat met het thuisnetwerk is verbonden.
| Basisinstelling | Mogelijke instellingen | Toelichting |
|---|---|---|
| Home Connect Assistent | Assistent starten Verbinding verbreken | Via de Home Connect Assistent kunt u uw apparaat verbinden met de Home Connect app. Opmerking: Wanneer u de Home Connect Assistent voor de eerste keer gebruikt, dan is alleen de instelling "Assistent starten" beschikbaar. |
| WiFi | Aan Uit | Met WiFi kunt u de netwerkverbinding van uw apparaat uitschakelen. Wanneer u eenmaal succesvol bent verbonden, dan kunt u WiFi deactiveren en verliest u niet uw gedetailleerde gegevens. Zodra u WiFi opnieuw activeert, dan maakt uw apparaat automatisch verbinding. Opmerking: Bij netwerkgebonden standby verbruikt het apparaat maximaal 2 Watt. |
| Status afstandsbediening | Bewaking Handmatige start op afstand Permanente start op afstand | Bij bewaking kunt u alleen de bedrijfstoestand van het apparaat in de app weergegeven. Wanneer u omschakelt van bewaking of permanente start op afstand naar handmatige start op afstand, dan moet u de start op afstand elke keer activeren. U kunt de deur van het apparaat binnen 15 minuten openen, nadat u het starten op afstand heeft geactiveerd. Het starten op afstand wordt daardoor niet gedeactiveerd. Na het verstrijken van de 15 minuten wordt met het |
Pagina 20
nl Home Connect
| Basisinstelling | Mogelijke instellingen | Toelichting |
|---|---|---|
| openen van de apparaatdeur de handmatige start op afstand gedeactiveerd. Bij permanente start op afstand kunt u het apparaat altijd op afstand starten en bedienen. Wanneer u het apparaat vaak op afstand bedient, dan is het zinvol om Starten op afstand op permanent in te stellen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
16.4 Apparaat met Home Connect app bedienen
Met de Home Connect app kunt u het apparaat op afstand instellen en starten.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.
- Bewaar nooit brandbare materialen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Vereisten
Het apparaat is uitgeschakeld.
Het apparaat is met het thuisnetwerk en met de Home Connect app verbonden.
Om het apparaat via de app te kunnen instellen, moet de handmatige of permanente start op afstand in de basisinstelling Afstandsbedieningsniveau zijn geselecteerd.
- 1. Druk op om de handmatige start op afstand te activeren.
De bevestiging op de bakoven is uitsluitend nodig, wanneer u van bewaking of permanenten start op afstand overschakelt naar handmatige start op afstand. Bij permanente start op afstand is geen bevestiging op de bakoven noodzakelijk.
- 2. Een instelling in de Home Connect app invoeren en naar het apparaat sturen.
Opmerkingen
Wanneer u de ovenfunctie direct op het apparaat start, wordt Starten op afstand automatisch geactiveerd. U kunt de instellingen via de Home Connect app wijzigen of een nieuw programma starten. U kunt de deur van het apparaat binnen 15 minuten openen, nadat u het starten op afstand heeft geactiveerd. Het starten op afstand wordt daardoor niet gedeactiveerd. Na het verstrijken van de 15 minuten wordt met het openen van de apparaatdeur de handmatige start op afstand gedeactiveerd.
16.5 Software-update
Met de functie software-update wordt de software van uw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhelpen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates alsmede voor extra functies en diensten. Hierdoor kunnen weergaven alsmede de bediening in het display enigszins wijzigen.
Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde Home Connect gebruiker bent, de app op uw mobiele eindapparaat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Home Connect server hebt gemaakt.
20
Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u hierover via de Home Connect app geïnformeerd en kunt u de software-update via de app starten. Na het succesvol downloaden kunt u de installatie via de Home Connect app starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk (WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie wordt u via de Home Connect app geïnformeerd.
Opmerkingen
De software-update bestaat uit twee stappen.
- In de eerste stap van de download.
- In de tweede stap de installatie op uw apparaat. Tijdens de download kunt u uw apparaat gewoon blijven gebruiken. Afhankelijk van de persoonlijke instellingen in de app kunnen software-updates ook automatisch worden gedownload.
De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de installatie kunt u uw apparaat niet gebruiken.
In geval van een veiligheidsrelevante update is het raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.
16.6 Afstandsdiagnose
De klantenservice kan via de diagnose op afstand toegang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de desbetreffende wens tot de klantenservice richt, uw apparaat met de Home Connect server verbonden is en de diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat gebruikt, beschikbaar is.
Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de beschikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land vindt u in het gedeelte service/support van de lokale website: www.home-connect.com.
16.7 Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie): Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde WiFi communicatiemodule).
Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat.
Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
Pagina 21
Reiniging en onderhoud nl
Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbe-
scherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.
17 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
17.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen harde schuursponsjes of afwassponsjes.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen. Verschillende reinigingsmiddelen met elkaar gemengd kunnen chemisch reageren.
- Geen reinigingsmiddelen mengen.
- Verwijder resten van reinigingsmiddelen volledig. Het zout dat in nieuwe absorberende vaatdoekjes zit kan oppervlakken beschadigen.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
Geschikte schoonmaakmiddelen
Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat. Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.
"Apparaat schoonmaken", Pagina 22
Voorzijde van het apparaat
| Oppervlak | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| RVS | Warm zeepsop Speciale RVS-onderhoudsmiddelen voor warme oppervlakken | Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvaststalen oppervlakken onmiddellijk om corrosie te vermijden. Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen. |
| Kunststof of gelakte oppervlakken | Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen. |
| Glas | Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. |
| Apparaatdeur | ||
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Ruiten van de deur | Warm zeepsop Ovenreiniger RVS-spiraalspons | Gebruik geen schraper voor vitrokeramische kookplaat. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. "Apparaatdeur", Pagina 25 |
| Roestvaststalen binnenlijst van de deur | RVS-reiniger | Verkleuringen kunnen verwijderd worden met reinigingsmiddelen voor roestvaststaal. Geen reinigingsmiddelen voor RVS gebruiken. |
| Deurgreep | Warm zeepsop | Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen. |
Pagina 22
nl Reinigingsfunctie Pyrolyse activeClean
Binnenruimte
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| Emaille oppervlakken | Warm zeepsop Azijnwater Ovenreiniger RVS-spiraalspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons gebruiken. Laat om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open. Opmerkingen Gebruik bij voorkeur de reinigingsfunctie. "Reinigingsfunctie Pyrolyse activeClean", Pagina 22 Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact. Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaille oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen. |
| Glazen kapje van de ovenlamp | Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. |
| Rekjes | Warm zeepsop RVS-spiraalspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons gebruiken. Opmerking: Voor een grondige reiniging de rekjes verwijderen. "Rekjes", Pagina 28 |
| Toebehoren | Warm zeepsop Ovenreiniger RVS-spiraalspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons gebruiken. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan. |
| Kerntemperatuurmeter | Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Niet in de vaatwasser reinigen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
17.2 Apparaat schoonmaken
Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Vereiste: De instructies voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aanhouden.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 21
- 1. Het apparaat met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
- Voor sommige oppervlakken kunt u alternatieve reinigingsmiddelen gebruiken.
"Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 21
- 2. Drogen met een zachte doek.
18 Reinigingsfunctie "Pyrolyse activeClean"
Met de reinigingsfunctie "Pyrolyse activeClean" reinigt de binnenruimte zichzelf vrijwel automatisch.
Reinig de binnenruimte om de 2 tot 3 maanden met de reinigingsfunctie. U kunt de reinigingsfunctie desgewenst vaker gebruiken.
De reinigingsfunctie heeft ca. 3,9 - 4,8 kilowattuur nodig.
18.1 Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden
Om een goed reinigingsresultaat te verkrijgen en schade te vermijden, dient u het apparaat zorgvuldig voor te bereiden.
Pagina 23
Reinigingsfunctie Pyrolyse activeClean nl
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.
- Bewaar nooit brandbare materialen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.
- Verwijder altijd de grove verontreiniging uit de binnenruimte voordat de reiniging start.
- Accessoires nooit meereinigen.
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen.
- Voorkant van het apparaat vrijhouden.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grote hitte in het bereik van de deur.
- De dichting niet schuren en niet afnemen.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
- 1. Haal de accessoires en vormen uit de binnenruimte. De rekjes kunt u mee reinigen.
Tip: Verwijder tevens de rekjes, om energie te besparen en om een beter reinigingsresultaat in het kookcompartiment te verkrijgen.
"Rekjes", Pagina 28
- 2. Grove verontreinigingen uit het kookcompartiment en van de rekjes verwijderen.
Grove verontreinigingen kunnen inbranden en daardoor alleen nog met moeite worden verwijderd.
- 3. De binnenkant van de apparaatdeur en de randoppervlakken bij de deurafdichting met zeepsop en een zachte doek reinigen.
De deurafdichting niet verwijderen en niet schuren. Verwijder sterke verontreinigingen op de binnenruit met ovenreiniger.
- 4. Voorwerpen uit de binnenruimte halen. Het kookcompartiment moet, met uitzondering van de rekjes, leeg zijn.
18.2 Reinigingsfunctie instellen
Ventileer de keuken zolang de reinigingsfunctie actief is.
WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.
- Tijdens de reinigingsfunctie de keuken grondig ventileren.
- Niet gedurende langere tijd in de ruimte verblijven.
- Kinderen en huisdieren uit de buurt houden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur openen.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur aanraken.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Opmerking: De ovenlamp brandt niet tijdens de reinigingsfunctie.
Vereiste: .
"Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden", Pagina 22
- 1. Op "Reiniging" drukken.
- 2. Op "Pyrolyse activeClean" drukken.
- 3. Druk op "Stand" en stel de reinigingsgraad in.
| Reinigingsgraad | Mate van reiniging | Tijdsduur in uren |
|---|---|---|
| 1 | Licht | Ca. 2:15 |
| 2 | Hoog | Ca. 2:30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
Het tijdstip waarop de werking moet zijn afgerond, kunt u verschuiven.
"Einde instelen", Pagina 13
- 4. Op drukken.
Op het display verschijnt een aanwijzing voor de voorbereidingen die nodig zijn voor het reinigen.
- 5. De aanwijzing bevestigen.
De reinigingsfunctie start en de tijdsduur loopt af. Voor uw veiligheid vergrendelt de apparaatdeur vanaf een bepaalde temperatuur in de binnenruimte. Op het display verschijnt .
Wanneer de reiniging beëindigd is, klinkt er een signaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de werking is beëindigd.
- 6. Schakel het apparaat uit met .
- 7. .
"Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken", Pagina 23
Reinigingsfunctie afbreken
Na de start kunt u de reinigingsfunctie niet meer stoppen of wijzigen.
- Om de reinigingsfunctie af te breken het apparaat met uitschakelen.
18.3 Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken
- 1. Laat het apparaat afkoelen.
- 2. Achtergebleven as in het kookcompartiment, op de rekjes en bij de apparaatdeur verwijderen met een vochtig doekje.
"Reiniging en onderhoud", Pagina 21
- 3. Witte aanslag met citroenzuur verwijderen.
Opmerking: Witte aanslag op de emaille vlakken kan door te grove verontreinigingen ontstaan. Deze levensmiddelresten zijn ongevaarlijk. De aanslag heeft geen nadelige invloed op de werking van het apparaat.
Opmerking: Tijdens de reinigingsfunctie verkleurt de binnenlijst van de apparaatdeur of andere delen van RVS van de apparaatdeur. Deze verkleuringen hebben
23