naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens HR578GFS7F, tekst van de handleiding

Pagina's 14–25 van 44 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–13verder op pagina 26 →

Pagina 14

nl Stoom

Na enkele seconden neemt het apparaat de instelling over en het display toont het ingestelde einde. Als de berekende starttijd is bereikt, begint het apparaat op te warmen en de tijdsduur verstrijkt.

Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

Einde wijzigen

Om een goed kookresultaat te verkrijgen, kunt u het ingestelde einde alleen wijzigen totdat de werking start en de tijdsduur verstrijkt.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.

Einde afbreken

U kunt het ingestelde einde altijd wissen.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Na enkele seconden neemt het apparaat de wijziging over en begint het apparaat op te warmen. De tijdsduur loopt af.

9.5 Tijd instellen

Na de aansluiting van het apparaat of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. De tijd start bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in.

Vereiste: De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan.

Het display toont de ingestelde tijd.

10 Stoom

Met stoom bereidt u gerechten op een bijzonder voorzichtige manier.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!

Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik van het apparaat kan de watertank heet worden.

10.1 Voor elk gebruik met stoom

Zorg er voor elk gebruik met stoom voor dat het apparaat voldoende water heeft.

Watertank vullen

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Door hete oppervlakken in de binnenruimte kunnen dampen van brandbare vloeistoffen vlam vatten (explosieve verbranding). De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik van het apparaat kan de watertank heet worden.

14

Vereiste: De waterhardheid is correct ingesteld.

"Waterhardheid instelen", Pagina 11

Pagina 15

Stoom nl

10.2 Bereiding met stoom

Bij het bereiden met stoom brengt het apparaat met verschillende tussenpozen stoom in de binnenruimte. Hierdoor krijgt het gerecht een knapperige korst en een glanzend oppervlak. Vlees wordt van binnen zacht, mals en verliest slechts weinig volume.

Stoomtoevoer instellen

Vereiste: De watertank is gevuld.

"Voor elk gebruik met stoom", Pagina 14

Geschikte verwarmingsmethoden zijn:

StandIntensiteit
gering
sterk

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en wordt de stoom ook ingeschakeld.

"Na elk gebruik met stoom", Pagina 15

10.3 Regenereren

Met de verwarmingsmethode Regenereren kunt u reeds bereide gerechten opeen gezonde manier weer opwarmen of bakproducten van de vorige dag opbakken. Het apparaat schakelt automatisch stoom erbij.

Regenereren instellen

Vereisten

De binnenruimte is afgekoeld.

De watertank is gevuld.

"Voor elk gebruik met stoom", Pagina 14

"Na elk gebruik met stoom", Pagina 15

10.4 Na elk gebruik met stoom

Droog het apparaat na elk gebruik met stoom.

Opmerking: Neem de informatie over de reiniging in acht.

"Reiniging en onderhoud", Pagina 24

Watertank legen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik van het apparaat kan de watertank heet worden.

LET OP

Het drogen van de watertank in de hete binnenruimte leidt tot beschadiging van de watertank.

Lekgoot droogmaken

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.

Vereiste: De binnenruimte is afgekoeld.

Pagina 16

nl Braadthermometer

Het water in de lekgoot met een sponsdoekje opzuigen en voorzichtig opnemen.

Binnenruimte drogen

LET OP

Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.

Vereiste: Het apparaat is afgekoeld.

11 Braadthermometer

U kunt uw gerechten heel nauwkeurig garen door er een braadthermometer in te steken en een kerntemperatuur in te stellen. Zodra de ingestelde kerntemperatuur in het product is bereikt, houdt het apparaat automatisch op te werken.

11.1 Geschikte verwarmingsmethoden met braadthermometer

Alleen bepaalde verwarmingsmethoden zijn geschikt voor het gebruik met de braadthermometer.

Geschikte verwarmingsmethoden zijn:

3D Hetelucht

Hetelucht Eco

Pizzastand

Circulatiegrillen

Boven- en onderwarmte

Opmerking: Kiest u een ongeschikte verwarmingsmethode terwijl de braadthermometer ingestoken is, dan klinkt er een signaal.

11.2 Braadthermometer in het vlees steken

Gebruik de meegeleverde kerntemperatuurmeter of bestel een geschikte kerntemperatuurmeter via onze klantenservice.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Bij gebruik van een verkeerde braadthermometer kan de isolatie beschadigd raken.

LET OP

Anders kan de braadthermometer beschadigd raken.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

De kerntemperatuurmeter is puntig.

Zorg ervoor dat de punt van de kerntemperatuurmeter juist in het vlees is gepositioneerd:

16

Het product, het beste in een vorm, in het midden van het rooster plaatsen.

Opmerkingen

Verwijdert u de kerntemperatuurmeter tijdens het gebruik, dan worden alle instellingen gereset.

Wilt u het product keren, verwijder de kerntemperatuurmeter dan niet. Controleer na het keren van het product of de kerntemperatuurmeter nog goed in het gerecht zit.

11.3 Braadthermometer instellen

De braadthermometer meet de temperatuur in het binnenste van het product tussen 30 °C en 99 °C.

Vereisten

Het product met de kerntemperatuurmeter staat in de binnenruimte.

De kerntemperatuurmeter is in de binnenruimte ingeplugd.

Op het display brandt en de kerntemperatuuraanwijzing verschijnt naast de temperatuur van de binnenruimte.

Opmerking: De actuele kerntemperatuur verschijnt pas vanaf 10°C.

Stel de temperatuur van de binnenruimte minstens 10°C hoger in dan de kerntemperatuur.

Stel de temperatuur van de binnenruimte niet hoger in dan 250°C.

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen.

Als de kerntemperatuur in het product is bereikt, weerklinkt een signaal en op het display is de actuele kerntemperatuur gelijk aan de ingestelde kerntemperatuur, bijv. 75°C|75°C.

Pagina 17

Programma's nl

De binnenruimte, accessoires en braadthermometer worden zeer heet.

Wanneer de kerntemperatuur is bereikt:

12 Programma's

Met de programma's helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.

12.1 Vormen voor programma's

Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C.

Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Het vlees moet de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.

Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt: licht gekleurd, glanzend aluminium

Niet geglazuurde klei

Kunststof of kunststof grepen

12.2 Instellingen bij programma's

Het apparaat kiest het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de tijdsduur.

Om een optimaal kookresultaat te behalen, hoeft u slechts het gewicht van uw gerecht in te stellen.

Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur. Diepvriesgerechten direct uit het diepvriesvak gebruiken.

Stoomprogramma's

Bij sommige programma's gebruikt het apparaat automatische de stoomondersteuning.

De programma's met stoomondersteuning zijn in de programmatabel gemarkeerd. Neem de informatie over het gebruik met stoom in acht.

"Stoom", Pagina 14

12.3 Programmatabel

De programmanummers zijn aan bepaalde voedingswaren toegewezen.

Nr.VoedingswaarServiesGewichtsbereik InstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
01Broodvlecht,
broodkrans ¹
Bakplaat met bakpapier0,6 - 1,5 kg Gewicht van het deegnee3De binnenruimte moet bij aanvang koud zijn.
02Gistdeeg laten rijzen ¹Schotel op rooster0,5 - 1,5 kg Gewicht van het deegnee2De binnenruimte moet bij aanvang koud zijn.
03Tarwebrood, gemengd tarwebrood op
bakplaat ¹
Bakplaat met bakpapier0,5 - 2,0 kg Gewicht van het deegnee2De binnenruimte moet bij aanvang koud zijn.
04Tarwebrood, gemengd tarwebrood
langwerpig ¹
Langwerpig, ingevet en met bloem bestoven0,8 - 2,0 kg Gewicht van het deegnee2De binnenruimte moet bij aanvang koud zijn.
05Wit brood op
bakplaat ¹
Bakplaat met bakpapier0,5 - 2,0 kg Gewicht van het deegnee2Wanneer u 2 broden tegelijkertijd bakt, dan het gewicht van het zwaarste brood aangeven.
06Gemengd
roggebrood ¹
Langwerpig, ingevet en met bloem bestoven0,8 - 2,0 kg Gewicht van het deegnee2De binnenruimte moet bij aanvang koud zijn.
07Plat rond brood ¹Bakplaat met bakpapier0,4 - 1,0 kgnee3De binnenruimte moet bij aanvang koud zijn.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

1 Stoomprogramma (Gebruik uitsluitend met gevuld waterreservoir)

17

Pagina 18

nl Programma's

Nr.VoedingswaarServiesGewichtsbereik InstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
Gewicht van het deeg
08Aardappels uit de oven, heel ongeschilde, kruimige aardappelsBraadslede0,3-1,5 kg Totaalgewichtnee3-
09Eenpansgerecht, met groente vegetarischhoge braadpan met deksel0,5-2,5 kg Totaalgewichtvolgens recept2Groente met een lange bereidingstijd (bijv. wortelen) in kleinere stukken snijden dan groente met een korte bereidingstijd (bijv. tomaten)
10Goulash
Rund- of varkensvlees in blokjes, met groente
hoge braadpan met deksel0,5-2,5 kg Totaalgewichtvolgens recept2Eerst het vlees erin doen en daarop de groente leggen Het vlees niet eerst aanbraden
11Vis, heel ¹ panklaar, gekruidBraadsledes zonder deksel of bakplaat0,8-1,5 kg
Gewicht van de vis
nee2in drijfstand in de vorm doen
12Kip, ongevuld ¹ panklaar, gekruidBraadsledes zonder deksel of bakplaat0,9-1,5 kg Gewicht kipnee2met de borst naar boven in de vorm leggen
13Stukken kip ¹ panklaar, gekruidBraadsledes zonder deksel of bakplaat0,1-0,8 kg
Gewicht van het zwaarste deel
nee3-
14Kalkoenfilet van het stuk, gekruidBraadpan met glazen deksel0,5-2,5 kg
Gewicht kalkoenfilet
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2-
15Eend, ongevuld ¹ panklaar, gekruidBraadsledes zonder deksel of bakplaat1,3-2,5 kg Gewicht eendnee2met de borst naar boven in de vorm leggen
16Gans, niet gevuld ¹ panklaar, gekruidBraadsledes zonder deksel of bakplaat2,3-4,5 kg Gewicht gansnee2met de borst naar boven in de vorm leggen
17Ganzenbouten panklaar, gekruidGlazen ovenschotel zonder deksel op rooster0,3-0,8 kg
Gewicht van het zwaarste deel
Bodem van de braadpan bedekken2-
18Gestoofd rundvlees bijv. klapstuk, schouderstuk, fricandeau of gemarineerd vleesBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Vlees met vloeistof bedekken2Het vlees niet eerst aanbraden
19Runderfilet, medium ¹ panklaar, gekruidBraadsledes zonder deksel of bakplaat0,8-2,0 kg
Gewicht van het vlees
nee2Het vlees niet eerst aanbraden
20Rosbief, medium panklaar, gekruidBraadpan zonder deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
nee2met de vetzijde naar boven in de vorm leggen
Het vlees niet eerst aanbraden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

1 Stoomprogramma (Gebruik uitsluitend met gevuld waterreservoir)

18

Pagina 19

Programma's nl

Nr.VoedingswaarServiesGewichtsbereik InstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
21Runderrollade gevuld met groente of vleesBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van alle gevulde rollades
Vleesrolletjes bedekken bijv. met bouillon of water2Het vlees niet eerst aanbraden
22Gebraden gehakt, vers
Gehakt van rund-, varkens- of lamsvlees
Braadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht gehakt
nee2Het vlees niet eerst aanbraden
23Lamsbout, medium zonder been, gekruidBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
24Lamsbout, doorbakken zonder been, gekruidBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
25Gebraden kalfsvlees, doorregen bijv. rug of heupBraadpan met deksel0,5-3,0 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
26Gebraden kalfsvlees, mager bijv. lendestuk of fricandeauBraadpan met deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
27Reebout zonder been, gezoutenBraadpan met deksel0,5-2,0 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2-
28Gebraden
varkenshals ¹
zonder been, gekruid
Braadsledes zonder deksel of bakplaat0,8-2,5 kg
Gewicht van het vlees
nee2Het vlees niet eerst aanbraden
29Gebraden varkensvlees met korstje ¹ bijv. schouder, gekruid en zwoerd ingesnedenBraadsledes zonder deksel of bakplaat1,0-2,0 kg
Gewicht van het vlees
nee2met de kant van het vet naar boven in de vorm leggen, het zwoerd goed zouten
30Gebraden varkenshaas gekruidBraadpan met glazen deksel0,5-2,5 kg
Gewicht van het vlees
Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

1 Stoomprogramma (Gebruik uitsluitend met gevuld waterreservoir)

19

Pagina 20

nl Kinderslot

12.4 Gerecht voor programma voorbereiden

Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur. Diepvriesgerechten direct uit het diepvriesvak gebruiken.

Het gewicht van het gerecht is nodig om het programma juist in te stellen.

Plaats de vorm altijd in de onverwarmde binnenruimte.

12.5 Programma instellen

Het apparaat kiest het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur. U hoeft alleen het gewicht in te stellen.

Opmerkingen

Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.

Na de programmastart kunt u het programma en het gewicht niet meer veranderen.

Na enkele seconden start het programma en de tijdsduur loopt af.

Als het programma is beëindigd, weerklinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

13 Kinderslot

Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen.

13.1 Kinderslot activeren

Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .

13.2 Kinderslot deactiveren

Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .

14 Warmhouden gedurende een langere periode

U kunt met uw apparaat gerechten tot maximaal 70 uur tussen 85°C en 140°C met Boven- en onderwarmte warmhouden, zonder dat u het apparaat hoeft in- of uit te schakelen.

14.1 Warmhouden gedurende een langere periode instellen

Opmerkingen

Wanneer u de apparaatdeur tijdens gebruik opent, houdt het apparaat op met verwarmen. Wanneer u de apparaatdeur sluit, verwarmt het apparaat verder. Na de start kunt u niet meer wijzigen of onderbreken. U kunt het einde niet wijzigen.

Vereiste: De betreffende basisinstelling is geactiveerd.

"Basisinstelingen", Pagina 20

15 Basisinstellingen

U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.

Op het display verschijnt .

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.

Na ca. 10 tot 20 minuten schakelt het apparaat automatisch uit.

Pagina 21

Basisinstellingen nl

15.1 Overzicht van de basisinstellingen

Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.

IndicatieBasisinstellingKeuze
Signaalduur na het verstrijken van een tijdsduur of wekkertijd= 10 seconden = 30 seconden ¹ = 2 minuten
Wachttijd totdat een instelling is overgenomen= 3 seconden ¹ = 6 seconden = 10 seconden
Toetssignaal bij het indrukken van een toets= uit = aan ¹
Helderheid van de displayverlichting= donker = gemiddeld ¹ = helder
Indicatie van de tijd= tijdsweergave uit = tijd weergeven ¹
Kinderslot instelbaar= nee = ja ¹ = ja, met deurvergrendeling
Verlichting van de binnenruimte bij gebruik= nee = ja ¹
Nalooptijd van de koelventilator= kort = gemiddeld ¹ = lang = extra lang
Telescooprails achteraf aangebracht ²= nee ¹ (bij rekjes en enkelvoudig uittreksysteem) = ja (bij 2- en 3-voudig uittreksysteem)
Warmhouden gedurende een langere periode= nee ¹ = ja
Waterhardheid= onthard = zacht (tot 1,5 mmol/l) = gemiddeld (1,5 - 2,5 mmol/l) = hard (2,5 - 3,8 mmol/l) ¹ = zeer hard (> 3,8 mmol/l)
Automatisch snel voorverwarmen vanaf
200°C ²
= nee = ja ¹
Alle waarden naar de fabrieksinstelling terugzetten= nee ¹ = ja
..Home Connect Instellingen"Home Connect ", Pagina 22

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

15.2 Basisinstelling wijzigen

Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.

Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.

15.3 Basisinstellingen annuleren

Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.

1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)

2 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

21

Pagina 22

nl Home Connect

16 Home Connect

Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.

De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.

De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen en houd u aan de instructies in de Home Connect app.

Opmerkingen

Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient.

"Veiligheid", Pagina 2

De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.

In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het apparaat max. 2 W nodig.

16.1 Home Connect instellen

Vereisten

Het apparaat is verbonden met het stroomnet en ingeschakeld.

U beschikt over een mobiel eindapparaat met een actuele versie van het iOS- of Android-besturingssysteem, bijvoorbeeld een smartphone.

Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).

Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw thuisnetwerk.

Via de QR-code kunt u de Home Connect app installeren en uw apparaat verbinden.

16.2 Home Connect Instellingen

In de basisinstellingen van uw apparaat kunt u voor Home Connect instellingen en netwerkinstellingen aanpassen.

InstellingSelectie of weergaveToelichting
Verbinding met het netwerk - Niet verbonden - Automatisch verbinden - Handmatig verbinden - Verbondenen zijn weergaven die u niet kunt instellen.
Verbinding met de Home Connect app - Gereed - Verbinden - Verbondenen zijn weergaven die u niet kunt instellen.
Wifi - Uit - Activeren - AanAls wifi is geactiveerd, kunt u Home Connect gebruiken. Bij netwerkgebonden stand-by heeft het apparaat maximaal 2 W nodig.
is een weergave die u niet kunt instellen.
Start op afstand - Gedeactiveerd - Handmatig ¹ - PermanentBij gedeactiveerde start op afstand kunt u alleen de bedrijfstoestand van het apparaat in de app weergeven.
Bij een handmatige start op afstand moet u de start op afstand elke keer activeren voordat u het apparaat via de app kunt starten. Als u binnen 15 minuten na de activering van start op afstand of het gebruikseinde de ovendeur opent, dan wordt de start op afstand gedeactiveerd.
Bij permanente start op afstand kunt u het apparaat altijd op afstand starten en bedienen.
Software-update - Update beschikbaarDe instelling wordt alleen weergegeven wanneer er een update beschikbaar is.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

1 Fabrieksinstelling

22

Pagina 23

Home Connect nl

InstellingSelectie of weergaveToelichting
- Update startenis een weergave die u niet kunt instellen.
Diagnose op afstand - Niet toegestaan ¹ - ToegestaanDe instelling wordt alleen weergegeven als de service probeert om toegang tot het apparaat te verkrijgen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

16.3 Apparaat met Home Connect app bedienen

Met de Home Connect app kunt u het apparaat op afstand instellen en starten.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.

Vereisten

Het apparaat is ingeschakeld.

Het apparaat is met het thuisnetwerk en met de Home Connect app verbonden.

Om het apparaat via de app te kunnen instellen, moet de handmatige of permanente start op afstand in de basisinstelling zijn geselecteerd.

16.4 Software-update

Met de functie software-update wordt de software van uw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhelpen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates alsmede voor extra functies en diensten.

Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde Home Connect gebruiker bent, de app op uw mobiele eindapparaat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Home Connect server hebt gemaakt.

Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u hierover via de Home Connect app geïnformeerd en kunt u de software-update via de app starten. Na het succesvol downloaden kunt u de installatie via de Home Connect app starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk (WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie wordt u via de Home Connect app geïnformeerd. De actuele softwareversie is in de Home Connect app onder de apparaatinformatie van het betreffende huishoudapparaat te vinden.

Opmerkingen

De software-update bestaat uit twee stappen.

1 Fabrieksinstelling

De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de installatie kunt u uw apparaat niet gebruiken.

In geval van een veiligheidsrelevante update is het raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.

16.5 Afstandsdiagnose

De klantenservice kan via de diagnose op afstand toegang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de desbetreffende wens tot de klantenservice richt, uw apparaat met de Home Connect server verbonden is en de diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat gebruikt, beschikbaar is.

Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de beschikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land vindt u in het gedeelte service/support van de lokale website: www.home-connect.com.

16.6 Bescherming persoonsgegevens

Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.

Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie): Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde WiFi communicatiemodule).

Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).

De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat.

Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.

Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.

Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.

23

Pagina 24

nl Reiniging en onderhoud

17 Reiniging en onderhoud

17.1 Reinigingsmiddelen

Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

LET OP

Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

17.2 Geschikte schoonmaakmiddelen

Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat. Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.

Voorzijde van het apparaat

OppervlakGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
RVSWarm zeepsop Speciale RVS-onderhoudsmiddelen voor warme oppervlakkenVerwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvaststalen oppervlakken onmiddellijk om corrosie te vermijden.
Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen.
Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneelWarm zeepsopGebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
GlasWarm zeepsopGeen glasschraper gebruiken.
Apparaatdeur
GedeelteGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Ruiten van de deurWarm zeepsop Inox SchuursponsGeen glasschraper gebruiken.
Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. "Apparaatdeur", Pagina 27
DeurafschermingVan roestvaststaal: RVS-reiniger van kunststof:
Warm zeepsop
Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. "Apparaatdeur", Pagina 27
DeurgreepWarm zeepsopOm vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel direct van de deurgreep verwijderen.
Binnenruimte
GedeelteGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Emaille oppervlakkenWarm zeepsop Azijnwater
Ovenreiniger Inox Schuurspons
Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of Inox Schuurspons gebruiken.
Laat om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open.
Tip: Gebruik bij voorkeur de reinigingsfunctie.
"Zelfreiniging", Pagina 25

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

24

Pagina 25

Zelfreiniging nl

GedeelteGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Opmerkingen
Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.
De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaille oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen.
Glazen kapje van de ovenlampWarm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger.
RekjesWarm zeepsop Inox schuursponsBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of inox schuurspons gebruiken.
Tip: Voor het reinigen de rekjes verwijderen.
"Rekjes", Pagina 31
ToebehorenWarm zeepsop Ovenreiniger Inox SchuursponsBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of Inox Schuurspons gebruiken.
Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan.
WatertankWarm zeepsopOm na de reiniging resten vaatwasmiddel te verwijderen, grondig naspoelen met schoon water.
Om de watertank na de reiniging te drogen, de watertank met geopend deksel laten drogen. Afdichting op het deksel goed drogen. Niet in de vaatwasser reinigen.
KerntemperatuurmeterWarm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Niet in de vaatwasser reinigen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)

17.3 Apparaat schoonmaken

Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

Vereiste: Houd de aanwijzingen voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aan.

"Reinigingsmiddelen", Pagina 24

"Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 24

18 Zelfreiniging

Met de reinigingsfunctie Zelfreiniging reinigt de binnenruimte zich vrijwel zelfstandig.

Reinig de binnenruimte om de 2 tot 3 maanden met de reinigingsfunctie. U kunt de reinigingsfunctie desgewenst vaker gebruiken.

De reinigingsfunctie heeft ca. 2,5 - 4,8 kilowattuur nodig.

18.1 Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden

Om een goed reinigingsresultaat te verkrijgen, dient u het apparaat zorgvuldig voor te bereiden.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.

← pagina's 2–13verder op pagina 26 →Inhoud