Siemens KG39FPI35, tekst van de handleiding
Pagina's 108–121 van 156 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 108
nl
Aanwijzing over gegevensbescherming
Wanneer uw Home Connect koelapparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een WLAN-netwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het koelapparaat de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie):
- Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde Wi-Fi communicatiemodule).
- Veiligheidscertificaat van de Wi-Fi communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
- De actuele software- en hardwareversie van uw koelapparaat.
- Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie hoeft pas te worden uitgevoerd wanneer u Home Connect voor het eerst wilt gebruiken.
Aanwijzing
Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.
Verklaring van overeenstemming
Hierbij verklaart BSH Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de richtlijn 2014/53/EU.
Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder http://www.siemens-home.bsh-group.com op de productpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten.
2,4 GHz band: max. 100 mW
Netto-inhoud
De gegevens over de netto-inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat. Afb.
Vriesvermogen volledig benutten
Om de maximale hoeveelheid diepvrieswaren in te ruimen, kunnen de houders worden verwijderd. De levensmiddelen kunnen dan rechtstreeks op het legplateau en op de bodem van de vriesruimte worden gestapeld.
Aanwijzing
Voorkom dat de levensmiddelen de achterwand raken. Anders wordt de luchtcirculatie verminderd.
Levensmiddelen of verpakkingen kunnen aan de achterwand vastvriezen.
Pagina 109
nl
Onderdelen eruit halen
Diepvriesladen tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen. Afb.
De koelruimte
De koelruimte is een ideale plaats voor het bewaren van vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, toebereide etenswaren en brood/banket.
In acht nemen bij het bewaren
- Bewaar verse, onbeschadigde levensmiddelen. Zo blijft de kwaliteit en de versheid langer bewaard.
- Bij kant-en-klaarproducten en afgevulde producten de door de fabrikant vermelde houdbaarheids- of gebruiksdatum in acht nemen.
- De levensmiddelen goed verpakt of afgedekt inruimen, om aroma, kleur en versheid te bewaren. Dit voorkomt geuroverdracht en verkleuring van de kunststof onderdelen in de koelruimte.
- Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen en pas daarna in het apparaat zetten.
Aanwijzing
Ontluchtingsopeningen niet blokkeren met levensmiddelen, om te voorkomen dat de luchtcirculatie wordt gehinderd. Levensmiddelen die direct voor de luchtopeningen worden opgeslagen, kunnen door de uitstromende koude lucht bevriezen.
Let op de koudezones in de koelruimte
Door de luchtcirculatie in de koelruimte verschillen de koudezones:
- De koudste zones bevinden zich voor de ontluchtingsopeningen en in de chiller, afb. /29.
Aanwijzing
In de koudste zones gevoelige levensmiddelen opslaan zoals vis, worst en vlees.
- De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.
Aanwijzing
Bewaar in de warmste zone bijv. harde kaas en boter. Harde kaas kan zo zijn aroma verder ontwikkelen en de boter blijft goed smeerbaar.
Superkoelen
Tijdens het superkoelen wordt de koelruimte ca. 6 uur zo koud mogelijk gekoeld. Hierna wordt automatisch omgeschakeld naar de vóór het superkoelen ingestelde temperatuur.
Het superkoelsysteem inschakelen bijv.
- vóór het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen.
- om dranken snel te koelen.
Pagina 110
nl
In- en uitschakelen
Afb.
- 1. Selecteer het koelvak met de °C-toets.
- 2. Druk op de Super-toets.
De indicatie super cooling is verlicht.
U hoeft het superkoelen niet uit te schakelen.Na 6 uur wordt automatisch omgeschakeld naar de temperatuur die eerder was ingesteld.
Aanwijzing
Als het superkoelsysteem is ingeschakeld kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.
Het hyperFreshcompartiment
De temperatuur in het verskoelcompartiment wordt rond de 0 °C gehouden. De lage temperatuur en de optimale luchtvochtigheid maken ideale omstandigheden mogelijk voor het bewaren van verse levensmiddelen.
In het verskoelcompartiment kunnen levensmiddelen tot drie keer langer vers worden gehouden dan in de normale koelzone - voor nog langere versheid en behoud van voedingsstoffen en smaak.
Groentelade
Afb.
De groentelade is de optimale plaats voor het bewaren van vers fruit en verse groente. Met de vochtigheidsregelaar van de scheidingsplaat en een speciale afdichting kan de luchtvochtigheid in de groentelade worden aangepast.
De luchtvochtigheid in de groentelade kunt u instellen afhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen:
- overwegend fruit en bij hoge belading
- lagere luchtvochtigheid
- overwegend groente en bij gemengde belading of geringe belading – hogere luchtvochtigheid
Aanwijzingen
- Koudegevoelig fruit (bijv. ananas, bananen, papaja en citrusvruchten) en groente (bijv. aubergines, komkommers, courgettes, paprika, tomaten en aardappels) dienen voor een optimaal behoud van kwaliteit en aroma buiten de koelkast bewaard te worden op een temperatuur van circa +8 °C tot +12 °C.
- Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich condenswater vormen in de groentelade. Condenswater verwijderen met een droge doek en de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen met behulp van de vochtigheidsregelaar.
Verskoellade
Afb. /29
Het klimaat in verskoellade biedt ideale omstandigheden voor het bewaren van vis, vlees, worst, kaas en melk.
Pagina 111
nl
Bewaartijden (bij 0 °C)
| Afhankelijk van de kwaliteit op het moment van inkoop | |
|---|---|
| Verse vis, zeevruchten | max. 3 dagen |
| Gevogelte, vlees (gekookt/ gebraden) | max. 5 dagen |
| Rundvlees, varkensvlees, lamsvlees, worstwaren (broodbeleg) | max. 7 dagen |
| Gerookte vis, broccoli | max. 14 dagen |
| Sla, venkel, abrikozen, pruimen | max. 21 dagen |
| Zachte kaas, yoghurt, kwark, karnemelk, bloemkool | max. 30 dagen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 111)
Diepvriesruimte
De diepvriesruimte gebruiken
- voor het opslaan van diepvriesproducten,
- om ijsblokjes te maken,
- om levensmiddelen in te vriezen.
Aanwijzing
Let erop dat de deur van het diepvriesruimte goed gesloten is! Bij een open deur ontdooien de diepvrieswaren. In de diepvriesruimte vormt zich veel ijs. Bovendien:
energieverspilling door te hoog stroomverbruik!
Maximale invriescapaciteit
Gegevens over de maximale invriescapaciteit binnen 24 uur vindt u op het typeplaatje. Afb.
Voorwaarden voor max. invriesvermogen
- Supervriezen inschakelen voordat u de verse levensmiddelen aanbrengt (zie hoofdstuk „Supervriezen”).
- Houders eruit nemen, levensmiddelen rechtstreeks op het legplateau en de bodem van het vriesvak stapelen.
- Grote hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur invriezen in het bovenste vak. Daar worden ze heel snel en daardoor voorzichtig ingevroren.
Invriezen en opslaan
Inkopen van diepvriesproducten
- De verpakking mag niet beschadigd zijn.
- Neem de houdbaarheidsdatum in acht.
- De temperatuur in de verkoop-koelkist moet -18 °C of kouder zijn.
- De diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in de diepvriesruimte leggen.
Pagina 112
nl
Attentie bij het inruimen
- Grote hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur in de bovenste diepvrieslade invriezen. Daar worden ze heel snel en daardoor voorzichtig ingevroren.
- De levensmiddelen naast elkaar in de vakken of diepvriesladen leggen.
Aanwijzing
De vers in te vriezen levensmiddelen mogen niet met reeds ingevroren levensmiddelen in aanraking komen. Zo nodig de diepgevroren levensmiddelen in de diepvrieslades omstapelen.
- Voor een goede luchtcirculatie in het apparaat de diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven.
Kleinere hoeveelheden levensmiddelen invriezen
In het hoofdstuk Automatisch supervriezen leest u hoe u kleinere hoeveelheden levensmiddelen op de snelste manier in kunt vriezen.
Verse levensmiddelen invriezen
Gebruik uitsluitend verse levensmiddelen.
Om de voedingswaarde, het aroma en de kleur zo goed mogelijk te behouden, dient groente geblancheerd te worden voordat het wordt ingevroren. Bij aubergines, paprika’s, courgettes en asperges is blancheren niet noodzakelijk.
Literatuur over invriezen en blancheren vindt u in de boekhandel.
Aanwijzing
Al ingevroren levensmiddelen mogen niet met de nog in te vriezen levensmiddelen in aanraking komen.
- Geschikt om in te vriezen:
Bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild, gevogelte, groente, fruit, kruiden, gepelde eieren, melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide gerechten en kliekjes zoals soep, eenpansgerechten, gaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes.
- Niet geschikt om in te vriezen:
Groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsjes, ongepelde eieren, wijndruiven, hele appels, peren en perziken, hardgekookte eieren, yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonaise.
Diepvrieswaren verpakken
De levensmiddelen luchtdicht verpakken zodat ze niet uitdrogen of hun smaak verliezen.
- 1. Levensmiddelen in de verpakking leggen.
- 2. Lucht eruit drukken.
- 3. Het geheel van een goede sluiting voorzien.
- 4. Vermeld op de pakjes inhoud en invriesdatum.
Voor verpakking geschikt: Kunststof-, polyetheen- en aluminiumfolie, diepvriesdozen. Deze producten zijn in de handel verkrijgbaar.
Niet geschikt voor verpakking: Inpakpapier, perkamentpapier, cellofaan, afvalzakken en gebruikte boodschappentasjes.
Pagina 113
nl
Als sluiting geschikt: elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes, koudebestendig plakband e.d.
Zakjes en wrapfolie van polyethyleen (PE) kunt u sealen met een folie-sealer.
Houdbaarheid van de diepvrieswaren
De houdbaarheid is afhankelijk van het soort levensmiddelen.
Op een temperatuur van -18 °C:
- Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket:
tot 6 maanden.
- Kaas, gevogelte, vlees:
tot 8 maanden.
- Groente, fruit:
tot 12 maanden.
Supervriezen
Levensmiddelen dienen zo snel mogelijk tot in de kern te bevriezen, om vitaminen, voedingswaarde, uiterlijk en smaak te behouden.
Het apparaat werkt na inschakeling van het supervriezen continu. De temperaturen van de diepvriescompartimenten liggen duidelijk lager dan tijdens de normale werking.
Supervriezen inschakelen
Afhankelijk van de in te vriezen hoeveelheid levensmiddelen kunt u het supervriezen op verschillende manieren gebruiken.
Aanwijzing
Als het supervriessysteem is ingeschakeld kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.
Automatisch supervriezen
Kleinere hoeveelheden levensmiddelen bevriezen het snelst als u ze als volgt invriest:
- in de onderste diepvrieslade
- links
Het automatisch supervriezen schakelt bij het invriezen van warme levensmiddelen automatisch in.
Handmatig supervriezen
Afb.
Vries grote hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur in in het bovenste vak. Daar worden ze heel snel en daardoor voorzichtig ingevroren.
Schakel enkele uren voordat u verse levensmiddelen invriest het supervriezen in, om een ongewenste temperatuurstijging te voorkomen.
Als u het max. invriesvermogen wilt gebruiken, dient u 24 uur vóór het invriezen van de verse waar het supervriezen in te schakelen.
- 1. Met de °C-toets de zone diepvriescompartiment selecteren.
- 2. Druk op de Super-toets.
De indicatie super freezing is verlicht.
Pagina 114
nl
Supervriezen uitschakelen
Afb.
- 1. Met de °C-toets de zone diepvriescompartiment selecteren.
- 2. Druk op de Super-toets.
De indicatie super freezing verdwijnt.
Het supervriezen is nu uitgeschakeld.
Na afloop van het supervriezen schakelt het apparaat automatisch over op de normale werking.
- Bij het automatisch supervriezen: zodra de in te vriezen kleinere hoeveelheid levensmiddelen bevroren is.
- Bij het handmatig supervriezen: na ca. 2 ½ dag.
Ontdooien van diepvrieswaren
Afhankelijk van soort en bereidingswijze van de levensmiddelen kunt u kiezen uit de volgende mogelijkheden:
- bij omgevingstemperatuur
- in de koelkast
- in de elektrische oven, met/zonder heteluchtventilator
- in de magnetron
m Attentie
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen. Pas na het koken of braden tot een kant-en-klaargerecht kunnen ze opnieuw worden ingevroren.
De maximale bewaartijd wordt hierdoor bekort.
Uitvoering
Legplateaus en voorraadvakken
U kunt de legplateaus en de voorraadvakken in de deur naar wens verplaatsen. Legplateau naar voren trekken, iets laten zakken en aan de zijkant uitzwenken. Voorraadvak iets optillen en eruit halen.
Speciale uitvoering
(niet bij alle modellen)
Boter en kaasvak
Door een lichte druk in het midden van de klep gaat het botervak open.
Om schoon te maken het botervak van onderen iets optillen en eruit halen.
Ontbijtset
Afb.
De bakjes van de ontbijtset kunnen afzonderlijk eruit genomen en gevuld worden.
U kunt de ontbijtset eruit nemen om deze te vullen of leeg te maken. Daartoe de ontbijtset optillen en eruit trekken. De houder van de bakjes kunt u verschuiven.
Flessenrek
Afb.
In de flessenrek kunnen flessen veilig worden bewaard.
Pagina 115
nl
IJsbakje
Afb.
- 1. IJsbakje voor ¾ met drinkwater vullen en in de diepvriesruimte zetten.
- 2. Het vastgevroren ijsbakje alleen met een bot voorwerp losmaken (steel van een lepel).
- 3. Om de ijsblokjes los te maken: het ijsbakje iets verbuigen of kort onder stromend water houden.
Diepvrieskalender
Afb.
Om kwaliteitsvermindering van de diepvriesproducten te voorkomen, dient u de opslagduur niet te overschrijden. De cijfers bij de symbolen geven in maanden de toelaatbare bewaartijd voor de diepvrieswaren aan. Neem bij gewone diepvriesproducten de productie- of houdbaarheidsdatum in acht.
Koude-accu
De koude-accu vertraagt bij het uitvallen van de stroom of bij een storing het verwarmen van de opgeslagen diepvrieswaren. De langste opslagtijd wordt bereikt wanneer u het koelelement in het bovenste vak op de levensmiddelen legt.
De koude-accu kan ook voor het tijdelijk koelhouden van levensmiddelen (bijv. in een koeltas) eruit genomen worden.
Sticker "OK"
(niet bij alle modellen)
Met de sticker "OK" kunt u controleren of in het koelvak de voor de levensmiddelen aanbevolen veilige temepratuurbereiken +4 °C of kouder bereikt zijn. Als de sticker niet "OK" aangeeft, moet de temperatuur stapsgewijs worden verlaagd.
Aanwijzing
Na ingebruikneming van het apparaat kan het 12 uur duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.
Correcte instelling
Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen
Apparaat uitschakelen
Toets "+" 10 seconden ingedrukt houden.
Koelmachine wordt uitgeschakeld.
Pagina 116
nl
Apparaat buiten werking stellen
Als u het apparaat langere tijd niet gebruikt:
- 1. De stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen.
- 2. Apparaat reinigen.
- 3. Deuren van het apparaat open laten.
Aanwijzing
Om schade aan het apparaat te voorkomen, moeten de deuren van het apparaat zo ver zijn geopend, dat ze vanzelf open blijven staan. Klem geen voorwerpen in de deur om deze open te houden.
Schoonmaken van het apparaat
m Attentie
- Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten.
- Geen schurende of krassende sponsjes gebruiken.
Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.
- De legplateaus en voorraadvakken mogen niet in de afwasmachine gereinigd worden.
Ze kunnen vervormen!
Het reinigingswater mag niet in de volgende gedeelten komen:
- Bedieningselementen
- Verlichting
- Ventilatieopeningen
- Openingen in de scheidingsplaat
Ga als volgt te werk:
- 1. De stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen.
- 2. Diepvrieswaren verwijderen en bewaren op een koele plaats.
De koude-accu (indien aanwezig) op de levensmiddelen leggen.
- 3. Het spoelwater mag niet in de bedieningselementen, verlichting, ventilatieopeningen of in de openingen van de scheidingsplaat komen!
Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een scheutje pH-neutraal afwasmiddel.
- 4. Deurafdichting alleen met schoon water schoonmaken en grondig droogwrijven.
- 5. Na het schoonmaken het apparaat weer aansluiten.
- 6. Diepvrieswaren opnieuw in het diepvriesvak leggen.
Pagina 117
nl
Uitrusting
Voor het reinigen kunnen alle variabele onderdelen van het apparaat worden verwijderd.
Aanwijzing
De scheidingsplaat tussen koelcompartiment en hyperFreshcompartiment is vast ingebouwd. Om te voorkomen dat het apparaat wordt beschadigd, mag deze plaat alleen door de servicedienst of geautoriseerde vaklui worden verwijderd.
Legplateaus uit de deur nemen
Afb.
Legplateaus optillen en verwijderen.
Glasplateaus eruit halen
De glasplateaus naar voren trekken en verwijderen.
Reservoir verwijderen
Afb.
De lade geheel uittrekken en door optillen losmaken van de bevestiging.
Aanbrengen door de lade op de rails te plaatsen en in te schuiven. De lade klikt vast door hem omlaag te drukken.
Diepvrieslade verwijderen
Afb.
Diepvriesladen tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen.
Verlichting (LED)
Het apparaat is voorzien van een onderhoudsvrije LED verlichting.
Reparaties aan deze verlichting mogen alleen door de Servicedienst of een erkend vakman worden uitgevoerd.
Energie besparen
- Het apparaat in een droge, goed te ventileren ruimte plaatsen! Het apparaat niet direct in de zon of in de buurt van een warmtebron plaatsen zoals een verwarmingsradiator of een fornuis.
Gebruik eventueel een isolatieplaat.
- Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.
- Diepvrieswaren in de koelruimte leggen om ze te ontdooien en de kou van de diepvrieswaren gebruiken om andere levensmiddelen te koelen.
- Deuren van het apparaat zo kort mogelijk openen.
- Voor een zo laag mogelijk energieverbruik: aan de zijkanten enige afstand tot de wand aanhouden.
- De ordening van de uitrustingsdelen heeft geen invloed op de energieopname van het apparaat.
Pagina 118
nl
Bedrijfsgeluiden
Heel normale geluiden
Aanwijzing
Als het supervriezen is ingeschakeld, kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.
Brommen
De motoren lopen (bijv. koelaggregaten, ventilator).
Borrelen, zoemen of gorgelen
Koelmiddel stroomt door de buizen.
Klikgeluiden
Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.
Knakkende geluiden
Het automatische ontdooisysteem treedt in werking.
Voorkomen van geluiden
Het apparaat staat niet waterpas
Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Gebruik hiervoor de schroefvoetjes of leg iets onder het apparaat.
Het apparaat staat tegen een ander meubel of apparaat
Het apparaat van het meubel of apparaat ernaast wegschuiven.
Reservoirs of draagplateaus wiebelen of klemmen
Controleer de delen die eruit gehaald kunnen worden en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of serviesgoed raken elkaar
De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten.
Pagina 119
nl
Kleine storingen zelf verhelpen
Voordat u de hulp van de Servicedienst inroept:
Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen. Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing te verhelpen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen!
| Storing | Eventuele oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De temperatuur wijkt erg af van de instelling. | In sommige gevallen is het voldoende om het apparaat gedurende 5 minuten uit te schakelen. Als de temperatuur te warm is: na enkele uren controleren of de temperatuur de temperatuurinstelling genaderd is. Als de temperatuur te koud is: de volgende dag de temperatuur nogmaals controleren. | |
| De verlichting functioneert niet. | De LED verlichting is kapot. | Zie hoofdstuk „Verlichting (LED)”. |
| De deur stond te lang open. De verlichting wordt na ca. 10 minuten uitgeschakeld. | Na het sluiten en openen van de deur brandt de verlichting weer. | |
| Geen enkele indicatie brandt. | Stroomuitval; de zekering is uitgeschakeld; de stekker zit niet goed in het stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken. Controleer of er stroom is. Controleer de zekeringen. |
| De temperatuur in de diepvriesruimte is te warm. | De deur van het apparaat werd te vaak geopend. | Deur van het apparaat niet onnodig openen. |
| De be en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. | Afdekkingen verwijderen. | |
| Invriezen van grotere hoeveelheden verse levensmiddelen. | Max. invriescapacitiet niet overschrijden. | |
| Het apparaat koelt niet, de temperatuurindicatie en de verlichting branden. | Het presentatielicht is ingeschakeld. | De °C-toets en insteltoets 5 seconden ingedrukt houden tot er een bevestigingssignaal klinkt. Bij het loslaten van de toetsen wordt een andere bevestigingstoon weergegeven. Controleer na enige tijd of het apparaat koelt. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 119)
119
Pagina 120
nl
| Storing | Eventuele oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| In het koelcompartiment of het hyperFreshcompartiment is het te koud. | Stel een hogere temperatuur voor het koelcompartiment in. | |
| Stel een hogere temperatuur voor het hyperFresh-compartiment in. | ||
| De zijwanden van het apparaat zijn warm. | In de zijwanden lopen buizen die tijdens het koelproces warm worden. | Dat is normaal voor het apparaat, en geen storing. Meubels die tegen het apparaat staan, worden niet beschadigd door deze warmte. |
| De deur van de diepvriesruimte stond te lang open; de temperatuur wordt niet meer bereikt. | Er zit zo veel ijs op de verdamper dat het NoFrost-systeem niet meer volautomatisch ontdooit. | Om de verdamper te ontdooien: de laden met diepvrieswaren eruit halen en goed geïsoleerd op een koele plaats bewaren. Apparaat uitschakelen en van de wand wegschuiven. Deur van het apparat open laten. Na ca. 20 minuten begint het dooiwater in de dooiwateropvanschaal aan de achterwand van het apparaat te lopen. Om te voorkomen dat de dooiwateropvangschaal overloopt: het dooiwater met een spons opnemen. Als er geen dooiwater meer in de opvangschaal loopt, is de verdamper ontdooid. Binnenkant van de diepvriesruimte schoonmaken. Het apparaat weer in werking stellen. |
| Automatisch supervriezen schakelt niet in. | Het apparaat beslist zelfstandig of het automatische supervriezen nodig is en schakelt deze functie automatisch in of uit. | |
| Volgende instellingen zijn uitgeschakeld: ■ Akoestische signalen ■ Binnenverlichting ■ Meldingen op de display ■ Automatisch supervriezen De achtergrondverlichting van de display is verminderd. Toetsen zijn geblokkeerd. | Sabbath-modus is ingeschakeld. | De toets super gedurende 15 seconden indrukken. |
Pagina 121
nl
Zelftest apparaat
Het apparaat beschikt over een automatisch zelftestprogramma dat de oorzaken van storingen aangeeft die alleen door de Servicedienst verholpen kunnen worden.
Zelftest starten
- 1. Apparaat uitschakelen en 5 minuten wachten.
- 2. Apparaat inschakelen en binnen de eerste 10 seconden de °C-toets en de insteltoets “–” gedurende 3-5 seconden ingedrukt houden, tot er een geluidssignaal klinkt.
Het zelftestprogramma start.
Wanneer de zelftest is voltooid en er tweemaal een geluidssignaal klinkt, is uw apparaat in orde.
Als er 5 geluidssignalen klinken, is er sprake van een fout. Neem contact op met de servicedienst.
Zelftest apparaat beëindigen
Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik.
Klantenservice
Adres en telefoonnummer van de Servicedienst in uw omgeving kunt u vinden in het telefoonboek of in de meegeleverde brochure met service-adressen. Geef aan de servicedienst het productnummer (E-Nr.) en het serienummer (FD-Nr.) van het apparaat op.
U vindt deze gegevens op het typeplaatje. Afb.
Door vermelding van het fabricaat- en productnummer kunt u onnodige voorrijdkosten vermijden. Zo bespaart u zich de daarmee verbonden meerkosten.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met
Servicedienstadressen.