naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens KI41FAD40, tekst van de handleiding

Pagina's 68–82 van 87 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← begin van de handleiding

Pagina's 1–67: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 68

nl

nlInhoud

Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen

Voordat u het apparaat in gebruik neemt

Lees de gebruiksaanwijzing en het installatievoorschrift nauwkeurig door. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat.

De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid als de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing niet in acht worden genomen.

Bewaar de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift voor later gebruik of voor een eventuele latere bezitter.

Technische veiligheid

Het apparaat bevat een geringe hoeveelheid van het milieuvriendelijke maar brandbare koelmiddel R600a. Let erop dat de leidingen van het koelcircuit bij het transport of de installatie niet beschadigd worden. Koelmiddel dat naar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.

Bij beschadiging

Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat wordt opgesteld.

In een te kleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan.

Per 8 g koelmiddel moet het vertrek minstens 1 m³ groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.

Als de aansluitkabel van het apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon.

Onvakkundige installatie en reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de bezitter.

Pagina 69

Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon.

Er mogen alleen originele onderdelen van de fabrikant gebruikt worden. Alleen bij deze onderdelen garandeert de fabrikant dat ze aan de veiligheidseisen voldoen.

Een verlengsnoer voor de aansluitkabel mag uitsluitend via de klantenservice worden aangeschaft.

Bij het gebruik

Explosiegevaar!

Gevaar van elektrische schok!

U kunt hierdoor de koelleidingen beschadigen.

Koelmiddel dat naar buiten spuit kan vlam vatten oftot oogletsel leiden.

nl

Explosiegevaar!

Pagina 70

nl

Kwetsbaar zijn kinderen/personen met lichamelijke, geestelijke of zintuigelijk beperkingen, evenals personen die onvoldoende kennis hebben over de veilige bediening van het apparaat.

Zorg ervoor dat kinderen en kwetsbare personen begrijpen wat de gevaren zijn.

Een voor de veiligheid verantwoordelijke persoon moet toezicht houden op kinderen en kwetsbare personen bij het apparaat of hen instrueren.

Alleen kinderen vanaf 8 jaar het apparaat laten gebruiken.

Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen.

Laat kinderen nooit met het apparaat spelen.

Kinderen in het huishouden

Verstikkingsgevaar door opvouwbare kartonnen dozen en folie!

Algemene bepalingen

Het apparaat is geschikt om levensmiddelen te koelen.

Dit apparaat is bestemd voor privégebruik in het huishouden en de huiselijke omgeving. Het apparaat is ontstoord volgens EU richtlijn 2004/108/EC.

Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd.

Dit apparaat voldoet aan de veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten (EN 60335-2-24).

Pagina 71

Aanwijzingen over de afvoer

Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat

De verpakking beschermt uw apparaat tegen transportschade. De gebruikte materialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen opnieuw worden gebruikt. Help daarom mee en zorg dat de verpakking milieuvriendelijk wordt afgevoerd.

U kunt bij uw leverancier of bij de reinigingsdienst in uw gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmateriaal van het nieuwe apparaat kunt (laten) afvoeren voor een milieuvriendelijke verwerking.

Afvoeren van uw oude apparaat

Oude apparaten zijn geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

nl

m Waarschuwing

Bij afgedankte apparaten

Koelapparaten bevatten koelmiddel en in de isolatie gas. Die zorgvuldig moeten worden afgevoerd. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijke afvoer mogen de leidingen van het koelcircuit tot het moment van transport niet beschadigd worden.

Omvang van de levering

Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.

Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze klantenservice.

De levering bestaat uit de volgende onderdelen:

Pagina 72

nl

Omgevingstemperatuur, ventilatie en nisdiepte

Omgevingstemperatuur

Het apparaat is voor een bepaalde klimaatklasse geconstrueerd. Afhankelijk van de klimaatklasse kan het apparaat bij de volgende omgevingstemperaturen gebruikt worden.

De klimaatklasse staat op het typeplaatje, afb. .

KlimaatklasseToelaatbare omgevingstemperatuur
SN+10 °C tot 32 °C
N+16 °C tot 32 °C
ST+16 °C tot 38 °C
T+16 °C tot 43 °C

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 72)

Aanwijzing

Het apparaat is volledig functioneel binnen de binnentemperatuurgrenzen van de aangegeven klimaatklasse. Wanneer een apparaat uit klimaatklasse SN wordt gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, kunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een temperatuur van +5 °C.

Beluchting

De lucht aan de achterzijde van het apparaat wordt warm. De verwarmde lucht moet ongehinderd afgevoerd kunnen worden. Anders moet de koelmachine meer presteren. Waardoor het energieverbruik toeneemt. De be en ontluchtingsopeningen mogen dan ook nooit worden afgedekt!

Nisdiepte

Voor het apparaat wordt een nisdiepte van 560 mm aanbevolen. Bij een kleinere nisdiepte – minstens 550 mm – wordt het energieverbruik iets hoger.

De juiste plaats

Geschikt voor het opstellen zijn droge, ventileerbare vertrekken. Het apparaat liefst niet in de zon of naast een fornuis, verwarmingsradiator of een andere warmtebron plaatsen. Is plaatsing naast een warmtebron niet te vermijden, maak dan gebruik van een isolerende plaat of neem de volgende minimumafstanden in acht:

Apparaat aansluiten

Na het plaatsen van het apparaat moet u minimaal 1 uur wachten voordat u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens het transport kan het gebeuren dat de olie van de compressor in het koelsysteem terecht komt.

Vóór het eerste gebruik de binnenruimte van het apparaat schoonmaken (zie hoofdstuk „Schoonmaken van het apparaat”).

Pagina 73

Elektrische aansluiting

Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparaat bevinden en ook na het opstellen van het apparaat goed bereikbaar zijn.

Het apparaat voldoet aan beschermklasse I. Het apparaat aansluiten op een volgens de voorschriften geïnstalleerd 220–240 V/50 Hz wisselstroomstopcontact met aardleiding. Het stopcontact moet zijn beveiligd met een zekering van 10 A tot 16 A.

Bij apparaten die in niet Europese landen worden gebruikt op het typeplaatje controleren of de aansluitspanning en de stroomsoort overeenkomen met de waarden van uw elektriciteitsnet. U vindt deze gegevens op het typeplaatje. Afb.

m Waarschuwing

Het apparaat mag in geen geval worden aangesloten op elektronische energiebesparingsstekkers.

Voor onze apparaten kunnen netvoedingsinverters en sinusinverters worden gebruikt. Netvoedingsinverters worden gebruikt bij fotovoltaïsche installaties die rechtstreeks zijn aangesloten op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen (bijv. op schepen of in berghutten) die geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet hebben, moet een sinusinverter worden gebruikt.

nl

Kennismaking met het apparaat

De laatste bladzijde met de afbeeldingen uitklappen. Deze gebruiksaanwijzing is op meer dan één type van toepassing.

De uitrusting van de modellen kan variëren.

Kleine afwijkingen in de afbeeldingen zijn mogelijk.

Afb.

* Niet bij alle modellen.

AKoelruimte
BVerskoelruimte
1-5Bedieningselementen
6Verlichting koelruimte
7Glasplaat
8*Varioplateau
9*Uittrekbaar glasplateau
10Scheidingsplaat met vochtigheidsregelaar
11Groentelade
12Verskoellade
13*Boter en kaasvak
14Voorraadvak in de deur
15*Vario-deurplateau
16*Flessenhouder
17Vak voor grote flessen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 73)

Pagina 74

nl

Bedieningselementen

Afb.

Om het apparaat in en uit te schakelen.

Dient voor het inschakelen van de functie superkoelen (zie het hoofdstuk Superkoelen).

Met deze toets wordt de temperatuur ingesteld.

De cijfers komen overeen met de ingestelde temperaturen in de koelruimte in °C.

Om het alarmsignaal uit te schakelen (zie hoofdstuk „Alarm function”).

Apparaat inschakelen

Afb.

Het apparaat met de toets Aan/Uit 1 inschakelen.

De temperatuurindicatie 4 toont de ingestelde temperatuur.

Het apparaat begint te koelen. De verlichting is ingeschakeld wanneer de deur open is.

Wij adviseren een temperatuurinstelling van +4 °C voor de koelruimte.

Bewaar gevoelige levensmiddelen niet warmer dan +4 °C.

Aanwijzingen bij het gebruik

Vóór die tijd geen levensmiddelen in het apparaat leggen.

Instellen van de temperatuur

Afb.

Koelruimte

De temperatuur is instelbaar van +3 °C tot +8 °C.

Temperatuur-insteltoets 3 net zo vaak indrukken tot de gewenste temperatuur in de koelruimte is ingesteld.

De laatst ingestelde waarde wordt in het geheugen opgeslagen. De ingestelde temperatuur wordt aangegeven op de temperatuurindicatie 4.

Verskoelruimte

De temperatuur in de verskoelruimte is in de fabriek op ca. 0 °C ingesteld. Deze instelling liefst niet veranderen.

Als zich op de koelwaren rijp of ijs vormen, dan kan de temperatuur warmer worden ingesteld. (Zie hoofdstuk „Kleine storingen zelf verhelpen”.)

Pagina 75

Alarm function

Deuralarm

Het deuralarm (aanhoudend geluidssignaal) wordt ingeschakeld als de deur van het apparaat langer dan twee minuten openstaat. Door de deur te sluiten wordt het alarmsignaal weer uitgeschakeld.

Alarm uitschakelen

Afb.

De alarm-toets 5 indrukken om het alarmsignaal uit te schakelen.

Netto-inhoud

De gegevens over de netto-inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat. Afb.

De koelruimte

De koelruimte is de ideale bewaarplaats voor bereide gerechten, bakproducten, conserven, gecondenseerde melk en harde kaas.

In acht nemen bij het bewaren

nl

Let op de koudezones in de koelruimte

Door de luchtcirculatie in de koelruimte ontstaan verschillende koudezones.

De koudste zone is op de scheidingsplaat en in het vak voor grote flessen.

De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.

Aanwijzingen

Pagina 76

nl

Superkoelen

Tijdens het superkoelen wordt de koelruimte ca. 15 uur zo koud mogelijk gekoeld. Hierna wordt automatisch omgeschakeld naar de vóór het superkoelen ingestelde temperatuur.

Het superkoelsysteem inschakelen bijv.

In- en uitschakelen

Afb.

Toets „super” 2 indrukken.

De toets brandt als het superkoelsysteem is ingeschakeld.

Aanwijzing

Als het superkoelsysteem is ingeschakeld kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.

De verskoelruimte

De temperatuur in de verskoelruimte wordt rond de 0 °C gehouden. De lage temperatuur en de optimale luchtvochtigheid maken ideale omstandigheden mogelijk voor het bewaren van verse levensmiddelen.

In de verskoelruimte kunnen levensmiddelen tot drie keer langer vers worden gehouden dan in de normale koelzone – voor nog langere versheid en behoud van voedingsstoffen en smaak.

Groentelade

Afb.

De groentelade is de optimale plaats voor het bewaren van vers fruit en verse groente. Met de vochtigheidsregelaar van de scheidingsplaat en een speciale afdichting kan de luchtvochtigheid in de groentelade worden aangepast.

De luchtvochtigheid in de groentelade kunt u instellen afhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen:

Aanwijzingen

Verskoellade

Afb. /12

Het klimaat in verskoellade biedt ideale omstandigheden voor het bewaren van vis, vlees, worst, kaas en melk.

Pagina 77

Bewaartijden (bij 0 °C)

Afhankelijk van de kwaliteit op het moment van inkoop
Verse vis, zeevruchtenmax. 3 dagen
Gevogelte, vlees (gekookt/ gebraden)max. 5 dagen
Rundvlees, varkensvlees, lamsvlees, worstwaren (broodbeleg)max. 7 dagen
Gerookte vis, broccolimax. 14 dagen
Sla, venkel, abrikozen, pruimenmax. 21 dagen
Zachte kaas, yoghurt, kwark, karnemelk, bloemkoolmax. 30 dagen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 77)

Uitvoering

(niet bij alle modellen)

Glasplateaus

Afb.

U kunt de plateaus en voorraadvakken in de binnenruimte naar wens verplaatsen: Plateau optillen, naar voren trekken, laten zakken en zijwaarts naar buiten draaien.

Uittrekbaar glasplateau

Afb.

Voor een beter overzicht op de levensmiddelen kan het uittrekbare glazen legplateau worden uitgetrokken.

Varioplateau

Afb.

Om hoge voorwerpen te koelen (bijv. kannen of flessen), kan het voorste deel van het varioplateau worden verwijderd en onder het achterste deel worden geschoven.

nl

Vario-deurplateau

Afb.

Het vario-deurplateau kunt u opzij schuiven om hogere flessen te bergen in het onderste vak.

Flessenhouder

Afb.

De flessenhouder voorkomt dat de flessen kantelen bij het openen en sluiten van de deur.

Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen

Apparaat uitschakelen

Afb.

Toets Aan/Uit 1 indrukken.

De temperatuurindicatie 4 gaat uit en de koelmachine wordt uitgeschakeld.

Buiten werking stellen van het apparaat

Als u het apparaat langere tijd niet gebruikt:

uitschakelen.

Pagina 78

nl

Ontdooien

Het apparaat wordt automatisch ontdooid.

Schoonmaken van het apparaat

m Attentie

U gaat als volgt te werk:

uitschakelen.

Uitvoering

Voor het reinigen kunnen alle variabele onderdelen van het apparaat worden verwijderd.

Uittrekbaar glazen legplateau verwijderen

Afb.

Hendel aan de onderzijde aan beide zijden ingedrukt houden, glasplateau naar voren trekken, optillen en zijwaarts naar buiten draaien.

Legplateaus uit de deur nemen

Afb.

Legplateaus optillen en verwijderen.

Reservoir verwijderen

Afb.

De lade achteraan optillen en van de rails tillen.

De lade aanbrengen door deze op de ingeschoven rails te plaatsen en vast te laten klikken.

Scheidingsplaat verwijderen

Afb.

Hendel aan de onderzijde aan beide zijden indrukken, scheidingsplaat naar voren trekken, optillen en zijwaarts naar buiten draaien.

Afdekking van de groentelade verwijderen

Afdekking optillen, naar voren trekken en zijwaarts naar buiten draaien.

Afdekking van de groentelade en scheidingsplaat aanbrengen

Afb.

Aanwijzing

Om de scheidingsplaat te kunnen aanbrengen, moet de vochtigheidsregelaar zijn ingesteld op een lage luchtvochtigheid.

Pagina 79

Uittrekbare rails demonteren

Afb.

Uittrekbare rails monteren

Verlichting (LED)

Het apparaat is voorzien van een onderhoudsvrije LED verlichting.

Reparaties aan deze verlichting mogen alleen door de Servicedienst of een erkend vakman worden uitgevoerd.

nl

Energie besparen

Gebruik eventueel een isolatieplaat.

Een kleinere nisdiepte leidt tot een hoger energieverbruik.

Pagina 80

nl

Bedrijfsgeluiden

Heel normale geluiden

Brommen

De motoren lopen (bijv. koelaggregaten, ventilator).

Borrelen, zoemen of gorgelen

Koelmiddel stroomt door de buizen.

Klikgeluiden

Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.

Voorkomen van geluiden

Het apparaat staat niet waterpas

Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Leg er zo nodig iets onder.

Reservoirs of draagplateaus wiebelen of klemmen

Controleer de delen die eruit gehaald kunnen worden en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.

Flessen of serviesgoed raken elkaar

De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten.

Kleine storingen zelf verhelpen

Voordat u de hulp van de Servicedienst inroept:

Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen.

Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing te verhelpen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen!

StoringEventuele oorzaakOplossing
De temperatuur wijkt erg af van de instelling.In sommige gevallen is het voldoende om het apparaat gedurende 5 minuten uit te schakelen.
Als de temperatuur te warm is: na enkele uren controleren of de temperatuur de temperatuurinstelling genaderd is.
Als de temperatuur te koud is: de volgende dag de temperatuur nogmaals controleren.
In de koelruimte is het te koud.De temperatuur is te koud ingesteld.Temperatuur warmer instellen.
De koelmachine wordt steeds vaker en langer ingeschakeld.De deur van het apparaat werd te vaak geopend.Deur van het apparaat niet onnodig openen.
De be en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt.Afdekkingen verwijderen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 80)

Pagina 81

nl

StoringEventuele oorzaakOplossing
Het apparaat koelt niet. De verlichting functioneert niet.
De indicatie brandt niet
Het apparaat is uitgeschakeld.Toets Aan/Uit indrukken.
Stroomuitval.Controleren of er stroom is.
De zekering is uitgeschakeld.Zekering controleren.
De stekker zit niet goed in het stopcontact.Controleer of de stekker goed in het stopcontact zit.
Het apparaat koelt niet, de temperatuur-indicatie en de verlichting branden.Het presentatielicht is ingeschakeld.Alarmtoets, afb /5, gedurende 10 seconden ingedrukt houden tot een bevestigingssignaal te horen is.
Na een tijdje controleren of het apparaat koelt.
De verlichting functioneert niet.De LED verlichting is kapot.Zie hoofdstuk „Verlichting (LED)”.
De deur stond te lang open. De verlichting wordt na ca. 10 minuten uitgeschakeld.Na het sluiten en openen van de deur brandt de verlichting weer.
De temperatuur in de verskoelruimte is te koud of te warm.De standaardinstelling is te hoog of te laag ingesteld (bijv. bij vorst in de verskoelruimte).De temperatuur in de verskoelruimte kan 3 standen warmer of kouder ingesteld worden, afb. . Wanneer de koelruimtetemperatuur is ingesteld op stand 0, heeft de verskoelruimte een temperatuur van ongeveer 0 °C.
1. Super-toets 2 3 seconden ingedrukt houden tot temperatuurindicatie 4 knippert.
2. Met de temperatuurinsteltoets 3 de instelling veranderen.
Stand -3 is de koudste instelling Stand +3 is de warmste instelling Na een minuut wordt de ingestelde stand opgeslagen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 81)

Pagina 82

nl

Zelftest apparaat

Het apparaat beschikt over een automatisch zelftestprogramma dat de oorzaken van storingen aangeeft die alleen door de Servicedienst verholpen kunnen worden.

Zelftest starten

Het zelftestprogramma start.

Terwijl de zelftest wordt uitgevoerd, klinkt er een lang geluidssignaal.

Wanneer de zelftest is afgelopen en er tweemaal een geluidssignaal klinkt, is uw apparaat in orde.

Als de super-toets 10 seconden knippert en er 5 geluidssignalen klinken, is er sprake van een fout. Neem contact op met de klantenservice.

Zelftest apparaat beëindigen

Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik.

Servicedienst

Adres en telefoonnummer van de Servicedienst in uw omgeving kunt u vinden in het telefoonboek of in de meegeleverde brochure met service-adressen. Geef a.u.b. aan de Servicedienst het E-nummer (E-Nr.) en het FD-nummer (FD) van het apparaat op.

U vindt deze gegevens op het typeplaatje. Afb.

Door vermelding van het fabrikaat- en productnummer kunt u onnodige voorrijdkosten vermijden. Zo bespaart u zich de daarmee verbonden meerkosten.

Verzoek om reparatie en advies bij storingen

De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met

Servicedienstadressen.

← begin van de handleidingInhoud