naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens SX778D16TE, tekst van de handleiding

Vaatwasser · Siemens · 62 pagina's in het Nederlands · pdf: 68 pagina's, 3,1 MB

Handleiding openen (pdf) Bron: www.siemens-home.bsh-group.com

Storingen op pagina 48

Pagina 48

Vanaf de titel; het begin van pagina 48 staat in de pdf.

3 Wat te doen bij storingen?

De ervaring leert dat veel storingen die in het dagelijks gebruik optreden, door u zelf verholpen kunnen worden.

Hiermee bespaart u natuurlijk kosten en bent u er zeker van dat de apparaat snel weer gebruikt kan worden. In het volgende overzicht vindt u eventuele oorzaken van de storingen en nuttige aanwijzingen om deze te verhelpen.

Aanwijzing: Mocht het apparaat tijdens het afwassen om onbekende redenen stil blijven staan of niet starten, dan dient u eerst de functie Programma afbreken (reset) uit te voeren "Apparaat bedienen" op pagina 39.

Waarschuwing

Ondeskundige reparatie of gebruik van niet-originele onderdelen kan aanzienlijke schade en gevaar voor de gebruiker opleveren!

Reparaties altijd laten uitvoeren door een vakman. Altijd originele vervangingsonderdelen gebruiken wanneer een onderdeel moet worden vervangen.

Storingsmelding

Sommige storingen worden gemeld in het indicatievenster boven en op de display-indicatie * . Hier worden ook mogelijke oplossingen aangeboden (bijv. Zeefsysteem vuil (E22) -->Zeven reinigen). Als u EmotionLight 3 (optische signalering van storingen) ingeschakeld hebt, knippert bijkomend de binnenverlichting.

* afhankelijk van de uitrustingsvariant van uw afwasautomaat

Pagina 49

Afvoerpomp

Grote voedselresten of voorwerpen die niet door de zeven zijn tegengehouden, kunnen de afvoerpomp blokkeren. Het spoelwater staat dan tot boven de zeef.

Waarschuwing

Risico van snijwonden!!

Scherpe en puntige voorwerpen of glasscherven kunnen de afvoerpomp blokkeren.

Ongewenste voorwerpen altijd voorzichtig verwijderen.

Zo reinigt u de afvoerpomp:

Wat te doen bij storingen? nl

(3).

CLICK

Pagina 50

nl Wat te doen bij storingen?

Storingentabel

StoringOorzaakOplossing
Foutcodebrandt.Watertoevoerslang geknikt.Watertoevoerslang zonder knikken verleggen.
Kraan dicht.Kraan opendraaien.
Kraan verstopt of verkalkt.Kraan opendraaien.
Hoeveelheid binnenstromend water bij geopende kraan: minimaal 10 l per min.
Zeef aan de kraan verstopt.Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken. Kraan dichtdraaien. Wateraansluiting eraf schroeven.
Zeef in de toevoerslang schoonmaken. Wateraansluiting weer vastschroeven. Controleren op dichtheid. Stroom weer inschakelen. Apparaat inschakelen.
Foutcodebrandt.Aanzuigopening (aan de rechter binnenzijde van het apparaat) afgedekt door serviesgoed.Het serviesgoed zo plaatsen dat de aanzuigopening vrij is.
Foutcodebrandt.Verwarmingselement verkalkt of vuil.Apparaat reinigen met machineonderhoudsmiddel of ontkalker. De afwasautomaat gebruiken met de onthardingsvoorziening en de instelling controleren.
"Wateronthardingsinstallatie/Onthard ingszout" op pagina 21
Foutcodebrandt.Waterstop geactiveerd.Kraan sluiten.
Bel de klantenservice en vermeld de foutcode.
Foutcodebrandt.
Foutcodebrandt.Continue watertoevoer.
Foutcodebrandt.Zeven 1 vuil of verstopt.Zeven reinigen. "Zeven" op pagina 47

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 50)

Pagina 51

Wat te doen bij storingen? nl

StoringOorzaakOplossing
Foutcode : brandt.Waterafvoerslang verstopt of geknikt.Slang zonder knikken aanleggen, eventuele resten verwijderen.
Sifonaansluiting is nog dicht.Aansluiting bij sifon controleren en eventueel openen.
Afdekking van de afvoerpomp zit los.Afdekking goed vastmaken. "Afvoerpomp" op pagina 49
Foutcode : brandt.Waterafvoerpomp geblokkeerd of afdekking van de waterafvoerpomp niet vastgeklikt.Pomp reinigen en afdekking goed vastmaken. "Afvoerpomp" op pagina 49
Foutcode : brandt.Netspanning te laag.Geen apparaatfout, netspanning en elektrische installatie laten controleren.
Een andere foutcode verschijnt op de cijferindicatie.
( : tot : )
Er is vermoedelijk een technische storing opgetreden.Apparaten uitschakelen met de AAN-/UIT-schakelaar . Na korte tijd het apparaat opnieuw starten.
Als het probleem opnieuw optreedt, de kraan sluiten en de stekker uit het stopcontact trekken.
Bel de klantenservice en vermeld de foutcode.
Thuisnetwerk wordt niet opgebouwd.WLAN is op de router niet actief.Controleer de draadloze netwerkverbinding van uw router.
WLAN-indicatie knippert.Verbinding met thuisnetwerk is niet beschikbaar.Activeer het draadloze netwerk op uw router.
Home Connect kan niet correct worden uitgevoerd.Mogelijke instellingsfout of een technische storing.Zie hiervoor de meegeleverde documentatie van Home Connect en supportgegevens.
Energiemanager kan geen aansluiting krijgen met de energiemanager van het huissysteem. *Verbinding met de energiemanager van het huissysteem is niet beschikbaarVolg wat dit aangaat de gebruikshandleiding van de fabrikant van de energiemanager van uw huissysteem.
Bijvulindicatie voor zout en/of glansspoelmiddel brandt.Glansspoelmiddel ontbreekt.Glansspoelmiddel bijvullen.
Het zout ontbreekt.Onthardingszout bijvullen.
Sensor herkent de zouttabletten niet.Ander speciaal zout gebruiken.
Bijvulindicatie voor zout en/of glansspoelmiddel brandt niet.Bijvulindicatie uitgeschakeld.Activering/deactivering (zie het hoofdstuk Wateronthardingsinstallatie/Onthardingsz out Blz. 21 of Glansspoelmiddel
• Blz. 23).
Er is nog voldoende onthardingszout/glansspoelmidd el aanwezig.Bijvulindicatie, vulpeilen controleren.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 51)

Pagina 52

nl Wat te doen bij storingen?

StoringOorzaakOplossing
Na afloop van het programma blijft er water in het apparaat staan.Zeefsysteem of ruimte onder de zeef 1 is verstopt.Zeven en ruimte eronder reinigen.
Programma nog niet beëindigd.Wachten tot het programma is afgelopen of een reset uitvoeren.
Serviesgoed niet droog.Geen of te weinig glansspoelmiddel in het voorraadbakje.Glansspoelmiddel bijvullen.
Een programma zonder drogen gekozen.Programma met drogen kiezen.
"Programma-overzicht" op pagina 36
Waterophoping in het serviesgoed en bestek.Voor een schuine stand zorgen bij het inruimen, de serviesdelen zo mogelijk schuin plaatsen.
Het gecombineerde reinigingsmiddel heeft een slechte droogcapacitietAndere combireiniger met beter droogvermogen gebruiken. Extra gebruik van glansspoelmiddel verbetert het droogvermogen.
Extradroog voor versterkte droging niet geactiveerd.Extradroog activeren "Extra drogen" op pagina 41
Het serviesgoed is te vroeg uitgeruimd of het droogproces was nog niet afgelopen.Wachten tot het programma is afgelopen of het serviesgoed pas 30 min. na afloop van het programma verwijderen.
Het gebruikte eco-glansspoelmiddel heeft een beperkt droogvermogen.Een kwaliteitsglansspoelmiddel gebruiken. Eco-producten kunnen een beperkte effectiviteit hebben.
Kunststofserviesgoed niet droog.Speciale eigenschappen van kunststof.Kunststof heeft een lager warmteopslagvermogen en droogt daardoor slechter.
Bestek niet droog.Bestek niet goed geordend in de bestekkorf.Bestek zo veel mogelijk los van elkaar plaatsen, aanraakpunten vermijden.
Bestek niet goed gesorteerd in de besteklade.Bestek goed sorteren en zoveel mogelijk los van elkaar plaatsen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)

Pagina 53

Wat te doen bij storingen? nl

StoringOorzaakOplossing
Binnenzijden van het apparaat nat na het spoelen.Geen fout van het apparaat.Wegens het droogprincipe „condensatiedrogen” zijn waterdruppels in het reservoir noodzakelijk en gewenst. Het vocht in de lucht condenseert tegen de binnenzijden van de afwasautomaat, stroomt omlaag en wordt weggepompt.
Etensresten op het serviesgoed.Serviesgoed te dicht op elkaar ingeruimd, servieskorf te vol.Het serviesgoed zodanig inruimen dat er voldoende vrije ruimte aanwezig is en de sproeistralen het oppervlak van het serviesgoed kunnen bereiken.
Aanraakpunten vermijden.
Sproeiarmen konden niet ongehinderd ronddraaien.Het serviesgoed zodanig inruimen dat de draaibeweging van de sproeiarm niet wordt gehinderd.
Sproeiers van sproeiarmen verstopt.Sproeiers van de sproeiarm reinigen. "Reinigen en onderhouden" op pagina 45
Zeven 1 vuil.Zeven reinigen. "Reinigen en onderhouden" op pagina 45
Zeef 1 onjuist aangebracht en/of niet vastgezet.Zeef goed aanbrengen en vastzetten.
Te zwak afwasprogramma gekozen.Krachtiger spoelprogramma kiezen. Gevoeligheid van het sensorsysteem verhogen. "Sensorinstelling" op pagina 40
Serviesgoed te sterk voorgereinigd, daarom kiest de sensortechniek voor een zwak spoelprogramma. Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwijderd.Serviesgoed niet voorspoelen. Alleen de grotere etensresten verwijderen.
Gevoeligheid van het sensorsysteem verhogen. "Sensorinstelling" op pagina 40
Geadviseerd programma Eco 50° of Intensief.
Hoge, smalle serviesdelen worden in de hoeken onvoldoende uitgespoeld.Hoge, smalle serviesdelen niet te schuin en niet in de hoeken inruimen.
Bovenste servieskorf 12 rechts en links niet op dezelfde hoogte erin gezet.Bovenkorf met hendels aan de zijkant op dezelfde hoogte instellen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 53)

Pagina 54

nl Wat te doen bij storingen?

StoringOorzaakOplossing
ReinigingsmiddelrestenDeksel van het reinigingsmiddelbakje 9 geblokkeerd door serviesgoed, daarom gaat het deksel niet volledig open.Er mag geen serviesgoed op het tablettenbakje 1 staan. Dit kan het deksel van het reinigingsmiddelbakje blokkeren, waardoor het niet volledig open gaat. "Bovenste servieskorf" op pagina 25
Geen serviesgoed of geurdispenser in het tablettenbakje doen.
Deksel van het reinigingsmiddelbakje 9 wordt geblokkeerd door het tablet.Het tablet moet dwars en niet op de korte kant worden gelegd.
Tabletten gebruikt in het snelprogramma of korte programma.
Oplostijd van het reinigingsmiddel wordt niet bereikt binnen het gekozen korte programma.
Oplostijd van tabletten van een snelprogramma of een kort programma is te lang
Reinigingspoeder of een krachtiger programma gebruiken.
Reinigende werking en oplosgedrag nemen af bij langere opslagtijd, of het reinigingsmiddel klontert sterk.Ander reinigingsmiddel gebruiken.
Watervlekken op kunststofdelen.Druppelvorming op kunststof oppervlakken is onvermijdelijk. Na het afdrogen zijn watervlekken zichtbaar.Krachtiger programma gebruiken (hoger waterverbruik).
Schuin zetten bij het inruimen.
Glansspoelmiddel gebruiken.
Onthardingsinstelling eventueel verhogen.
Afwisbare of in water oplosbare afzettingen in het reservoir of op de deur.Inhoudstoffen van het reinigingsmiddel zetten zich af. Deze aanslag laat zich meestal niet chemisch verwijderen (apparaatreinigingsmiddel, ...).Ander merk reinigingmiddel nemen. Apparaat mechanisch reinigen.
Bij „witte afzetting” op de reservoirbodem is de onthardingsvoorziening ingesteld op een grenswaarde.Onthardingsinstelling verhogen en eventueel een ander reinigingsmiddel gebruiken.
Deksel van het zoutreservoir 1 niet dichtgedraaid.Zoutreservoirdeksel goed dichtdraaien.
Alleen bij glazen: beginnende glascorrosie kan slechts schijnbaar worden afgewist.Zie „Schade aan glas en serviesgoed”. "Schade aan glas en serviesgoed." op pagina 24

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

Pagina 55

Wat te doen bij storingen? nl

StoringOorzaakOplossing
Witte, moeilijk verwijderbare aanslag op serviesgoed, reservoir of deur.Inhoudstoffen van het reinigingsmiddel zetten zich af. Deze aanslag laat zich meestal niet chemisch verwijderen (apparaatreinigingsmiddel, ...).Ander merk reinigingmiddel nemen. Apparaat mechanisch reinigen.
Onjuiste waterhardheid ingesteld of waterhardheid is hoger dan 50°dH (8,9 mmol/l).Onthardingsvoorziening instellen volgens de gebruiksaanwijzing of zout bijvullen.
3-in-1-reinigingsmiddel of bio/eco-reinigingsmiddel onvoldoende effectief.Onthardingsvoorziening instellen volgens de gebruiksaanwijzing of losse middelen gebruiken (kwaliteitsreinigingsmiddel, zout, glansspoelmiddel).
Te lage dosering van het reinigingsmiddel.De reinigingsmiddeldosering verhogen of een ander reinigingsmiddel gebruiken.
Een te zwak programma gekozen.Krachtiger spoelprogramma kiezen.
Thee- of lippenstiftresten op het serviesgoed.Te lage spoeltemperatuur.Programma met hogere spoeltemperatuur kiezen.
Te weinig of ongeschikt reinigingsmiddel.Geschikt reinigingsmiddel in de juiste dosering toevoegen.
Serviesgoed te sterk voorgereinigd, daarom kiest de sensortechniek voor een zwak spoelprogramma. Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwijderd.Serviesgoed niet voorspoelen. Alleen de grotere etensresten verwijderen.
Gevoeligheid van het sensorsysteem verhogen. "Sensorinstelling" op pagina 40
Geadviseerd programma Eco 50°
Gekleurde (blauw, geel, bruin), moeilijk of niet verwijderbare aanslag in het apparaat of op roestvrijstalen serviesgoed.Laagvorming door inhoudsstoffen van groente (bijv. kool, selderie, aardappels, noedels, …) of van het leidingwater (bijv. mangaan).Ten dele verwijderbaar door machinereiningsmiddel of door mechanische reiniging. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid.
Laagvorming door metalen bestanddelen op zilveren of aluminium serviesgoed.Ten dele verwijderbaar door machinereiningsmiddel of door mechanische reiniging.
Gekleurde (geel, oranje, bruin), eenvoudig te verwijderen afzettingen in de binnenruimte (vooral op de bodem).Laagvorming van de inhoudsstoffen van voedselresten en van het leidingwater (kalk), „zeepachtig”Werking van de onthardingsvoorziening controleren (onthardingszout bijvullen) of bij gebruik van gecombineerde reinigingsmiddelen (tabletten) de ontharding activeren.
"Wateronthardingsinstallatie/Onthard ingszout" op pagina 21

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 55)

Pagina 56

nl Wat te doen bij storingen?

StoringOorzaakOplossing
Verkleuring van de kunststof onderdelen in de binnenruimte van het apparaat.Kunststof onderdelen in de binnenruimte kunnen tijdens de levensduur van de afwasautomaat verkleuren.Verkleuringen zijn normaal en hebben geen nadelige invloed op de werking van de afwasautomaat.
Verkleuring op kunststofdelen.Te lage spoeltemperatuur.Programma met hogere spoeltemperatuur kiezen.
Serviesgoed te sterk voorgereinigd, daarom kiest de sensortechniek voor een zwak spoelprogramma. Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwijderd.Serviesgoed niet voorspoelen. Alleen de grotere etensresten verwijderen.
Gevoeligheid van het sensorsysteem verhogen. "Sensorinstelling" op pagina 40
Geadviseerd programma Eco 50°
Verwijderbare vegen op glazen, glaswerk met een metalen uiterlijk en bestek.Te veel glansspoelmiddel.Kleinere hoeveelheid glansspoelmiddel instellen.
Geen glansspoelmiddel toegevoegd of de instelling is te laag.Glansspoelmiddel toevoegen en de dosering controleren (advies: stand 4-5).
Reinigingsmiddelresten tijdens het programmagedeelte Glansspoelen. Deksel van het reinigingsmiddelbakje geblokkeerd door serviesgoed (deksel gaat niet volledig open).Deksel van het reinigingsmiddelbakje mag niet worden gehinderd door serviesgoed. Geen serviesgoed of geurdispenser in het tablettenbakje doen.
Serviesgoed te sterk voorgereinigd, daarom kiest de sensortechniek voor een zwak spoelprogramma. Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwijderd.Serviesgoed niet voorspoelen. Alleen de grotere etensresten verwijderen.
Gevoeligheid van het sensorsysteem verhogen. "Sensorinstelling" op pagina 40
Geadviseerd programma Eco 50°
Beginnende of reeds aanwezige, irreversibele (onherstelbare) vertroebeling van het glas.Glazen niet vaatwasmachinebestendig, slechts vaatwasmachinegeschikt.Vaatwasmachinebestendige glazen gebruiken.
Lange stoomfase (standtijd na spoeleinde) vermijden.
Spoelbehandeling met lagere temperatuur gebruiken.
Onthardingsvoorziening correct instellen op de waterhardheid (eventueel 1 niveau lager).
Reinigingsmiddel met glasbeschermingscomponenten gebruiken.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 56)

Pagina 57

Wat te doen bij storingen? nl

StoringOorzaakOplossing
Roestsporen op het bestek.Het bestek is niet voldoende roestbestendig.
Messenlemmeten zijn hier vaak sterker door getroffen.
Roestvast bestek gebruiken.
Bestek roest ook wanneer het samen met roestige voorwerpen wordt afgewassen (handgrepen van pannen, beschadigde servieskorven enz.).Geen roestende onderdelen afwassen.
Zoutgehalte in het afwaswater te hoog doordat het deksel van het zoutreservoir niet goed is vastgedraaid of bij het bijvullen zout gemorst werdDop van het zoutreservoir goed vastdraaien of gemorst zout verwijderen.
Het apparaat kan niet worden ingeschakeld of bediend.Functiestoring.Het apparaat losmaken van het stroomnet, de stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen. Minstens 5 seconden wachten en dan het apparaat aansluiten op het stroomnet.
Het apparaat start niet.Zekering van de huisinstallatie niet in orde.Zekering controleren.
Aansluitsnoer niet aangesloten.Ervoor zorgen dat het aansluitsnoer goed is aangesloten op de achterkant van het apparaat en op het stopcontact.
Controleren of het stopcontact goed werkt.
De deur van het apparaat is niet goed dicht.Deur sluiten.
Programma start automatisch.Einde van het programma niet afgewacht.Reset uitvoering.
(„Afbreken van het programma“).

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 57)

Pagina 58

nl Wat te doen bij storingen?

StoringOorzaakOplossing
Deur gaat niet open.Deur is niet goed ingesteld.De deur goed instellen met behulp van de montagehandleiding.
Kinderbeveiliging is geactiveerd.Tweemaal kort na elkaar bovenaan op het midden van de deur drukken.
Het apparaat is stroomloos.Stekker en zekeringen controleren.
Bijgeleverde noodontgrendeling rechts- en linksboven tegen de meubelplaat plaatsen en de deur openen door zachtjes te trekken.
Deur en deurafdichting zijn vuil.Deur en deurafdichting reinigen met een vochtige doek en een beetje afwasmiddel.
Automatische deuropener niet op uitgangspositie.Na het sluiten van de deur een seconde wachten tot deze weer geopend kan worden.
Deur sluit niet.Automatische deuropener niet op uitgangspositie.Na het openen van de deur een seconde wachten tot deze weer gesloten kan worden.
Deksel van het reinigingsmiddelbakje kan niet gesloten worden.Reinigingsmiddelbakje of dekselgeleiding geblokkeerd door aangekoekte reinigingsmiddelresten.Reinigingsmiddelresten verwijderen.
Reinigingsmiddelresten in het reinigingsmiddelbakje 9 of in het tablettenbakje 1 .Sproeiarmen geblokkeerd door serviesgoed, daarom wordt het reinigingsmiddel niet weggespoeld.Ervoor zorgen dat de sproeiarmen vrij kunnen draaien.
Reinigingsmiddelbakje was tijdens het vullen vochtig.Reinigingsmiddel alleen in droog reinigingsmiddelbakje doen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 58)

Pagina 59

Wat te doen bij storingen? nl

StoringOorzaakOplossing
Apparaat blijft steken tijdens het programma of het programma valt stil.Deur niet geheel gesloten.Deur sluiten.
Geen serviesgoed of geurdispenser in het tablettenbakje doen.
Bovenkorf drukt tegen de binnendeur en verhindert een goede sluiting van de deur.
Controleren of de achterwand wordt ingedrukt door bijv. een stopcontact of een niet-gedemonteerde slanghouder.
Stroom- en/of watertoevoer onderbroken.Stroom- en/of watertoevoer herstellen.
Klappende geluiden van de vulventielen.Afhankelijk van de huisinstallatie, daarom geen apparaatfout. Geen invloed op de werking van het apparaat.Geen oplossing voorhanden.
Kloppend of ratelend geluid.Sproeiarm slaat tegen het serviesgoed, serviesgoed niet goed ingeruimd.Serviesgoed zodanig inruimen dat de sproeiarmen niet tegen het serviesgoed slaan.
Bij geringe belading maken de waterstralen rechtstreeks contact met het reservoir.Apparaat voller laden of het serviesgoed gelijkmatiger verdelen.
Lichte serviesdelen bewegen tijdens het spoelen.Lichte serviesdelen vast staand inruimen.
Abnormale schuimvorming.Handafwasmiddel in het reservoir voor glansspoelmiddel.Voorraadbakje voor glansspoelmiddel direct vullen met glansspoelmiddel.
Glansspoelmiddel gemorst.Glansspoelmiddel verwijderen met een doek.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 59)

--------

* afhankelijk van de uitrustingsvariant van uw afwasautomaat

Pagina 60

nl Klantenservice

4 Servicedienst

Als u de storing niet zelf kunt verhelpen, neem dan contact op met de Servicedienst. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van de monteur te voorkomen. De contactgegevens van de dichtstbijzijnde Servicedienst vindt u op de achterkant van deze gebruiksaanwijzing of in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.

Vermeld bij een telefoongesprek a.u.b. het fabrikaatnummer (Enr. = 1) en het productnummer (FD = 2); deze nummers vindt u op het typeplaatje 9 op de deur van het apparaat.

( 1U )'

Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Neem contact met ons op. U bent er dan van verzekerd dat de reparatie door ervaren technici wordt uitgevoerd die gebruik maken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.

Let erop dat de klantenservice-medewerker u nooit naar uw Home Connect wachtwoord zal vragen.

5 Plaatsen en aansluiten

Om de afwasautomaat goed te laten functioneren moet hij vakkundig worden aangesloten. De gegevens van de aan- en afvoer en de elektrische aansluitwaarden moeten voldoen aan de vereiste criteria, zoals vastgelegd in de volgende alinea's resp. in de montagehandleiding.

Bij de montage de juiste volgorde van de handelingen aanhouden:

Inhoud van de verpakking

Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze servicedienst.

* afhankelijk van de uitrustingsvariant van uw afwasautomaat

Pagina 61

Plaatsen en aansluiten nl

Veiligheidsvoorschriften

Neem a.u.b. de aanwijzingen voor de veiligheid onder "Bij de installatie" op pagina 6 in acht.

Aflevering

Uw afwasmachine werd in de fabriek grondig gecontroleerd op correct functioneren. Hierbij zijn kleine watervlekken achtergebleven. Deze zijn na de eerste afwas verdwenen.

Technische gegevens

Maximaal 60 kg.

220–240 V, 50 Hz of 60 Hz

2000 - 2400 W.

10/16 A (UK 13 A).

Duur van de niet-uitgeschakelde toestand (Tl) 0 min.

Duur van de netwerkgebonden stand-by 2 min.

Volgens verordeningen (EU) nr.

1016/2010 en 1059/2010, 1275/2008 en 801/2013.

Extra functies en instellingen kunnen het stroomverbruik en de tijdgegevens verhogen.

Bij hogere waterdruk: een drukreduceerventiel ervoor installeren.

Koudwater.

Bij warm water: maximale temperatuur 60 °C.

12–15 standaardcouverts (afhankelijk van de uitrustingsvariant van uw afwasautomaat).

Pagina 62

nl Plaatsen en aansluiten

Plaatsing

De vereiste inbouwmaten vindt u in het montagevoorschrift. Het apparaat met behulp van de verstelbare voetjes waterpas zetten. Let erop dat het apparaat stevig staat.

Afvoerwateraansluiting

Eventueel een sifon met aansluitnippel monteren.

Let erop dat de waterafvoerslang niet geknikt, ingedrukt of ineen gestrengeld is en dat een stop in de afvoer het wegstromen van het water niet belemmert!

Drinkwateraansluiting

Zorg ervoor dat de drinkwateraansluiting niet wordt geknikt of geplet, of in de knoop raakt.

Waterdruk: minimaal 0,05 MPa (0,5 bar), maximaal 1 MPa (10 bar).

Bij hogere waterdruk:

een drukreduceerventiel ervoor installeren.

Hoeveelheid binnenstromend water: minimaal 10 liter per minuut.

Watertemperatuur:

Koudwater.

Bij warm water:

maximale temperatuur 60 °C.

Pagina 63

Plaatsen en aansluiten nl

Warmwateraansluiting *

* afhankelijk van de uitrustingsvariant van uw afwasautomaat

De afwasautomaat kan op koud of warm water tot max. 60 °C worden aangesloten. De aansluiting op warm water wordt aanbevolen als dit uit een energetisch gunstige warmwaterbereiding en een geschikte installatie ter beschikking staat, bijv. een zonneënergie-installatie met circulatieleiding. Hiermee bespaart energie en tijd. Met de instelling „Warmwater” kunt u uw afwasautomaat optimaal instellen op gebruik met warm water. Wij adviseren hierbij een watertemperatuur (temperatuur van het instromende water) van minimaal 40 °C en maximaal 60 °C. De aansluiting op warm water wordt niet aanbevolen als het water uit een elektrische boiler ter beschikking wordt gesteld.

Om de instelling te wijzigen:

Bladeren met < >

Instellen met - +

Verlaten met Setup 3 sec.

De instelwaarde is opgeslagen.

Pagina 64

nl Plaatsen en aansluiten

Elektrische aansluiting

Als de stekker na het inbouwen niet gemakkelijk bereikbaar is, dan moet er volgens de veiligheidsvoorschriften een meerpolige scheidingsinstallatie met een contactopening van minimaal 3 mm aanwezig zijn.

Let op: het functioneert alleen als het apparaat op de stroom is aangesloten.

Demontage

Neem ook hier de volgorde van de handelingen in acht:

Pagina 65

Plaatsen en aansluiten nl

Transport

Afwasmachine leeg laten lopen en losse onderdelen vastzetten.

Het apparaat in de volgende stappen legen:

In het indicatievenster boven verschijnt de vermoedelijke programmaduur.

Programma start.

Aanwijzing: Apparaat alleen rechtop vervoeren om te voorkomen dat resterend water in het besturingsmechanisme terechtkomt wat tot een verkeerd programmaverloop leidt.

Bescherming tegen vorst

Als het apparaat in een voor vorst gevoelige ruimte staat (bijv.

in een vakantiehuisje), dan moet u het apparaat helemaal leeg laten lopen (zie Transport).

65

Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 3

nl

Inhoudsopgave

8 Bestemming van het apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . 5

Veiligheidsvoorschriften . . . . . . . 5

Voordat u het apparaat in gebruik neemt . . . . . . . . . . . . . . . 5

Bij aflevering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6

Bij de installatie. . . . . . . . . . . . . . . . . . 6

Dagelijks gebruik . . . . . . . . . . . . . . . . 8

Bij schade. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8

Bij het afvoeren. . . . . . . . . . . . . . . . . . 8

Deurvergrendeling . . . . . . . . . . . . . . 10

7 Milieubescherming. . . . . . . . . . . 11

Verpakking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11

Uw oude apparaat . . . . . . . . . . . . . . 11

Het apparaat leren kennen . . . . 11

Automatische deuropener. . . . . . . . . 11

Bedieningspaneel . . . . . . . . . . . . . . . 11

Binnenkant van het apparaat . . . . . . 12

Infotoets . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12

Tijdinstelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12

Eerste ingebruikneming . . . . . . . . . . 13

Instellingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14

Home Connect . . . . . . . . . . . . . . 16

Infotoets . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16

App inrichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16

Home Connect inrichten . . . . . . . . . . 17

Wi-Fi . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17

Netwerkaanmelding . . . . . . . . . . . . . 17

Met app verbinden . . . . . . . . . . . . . . 18

Afstandstoets start . . . . . . . . . . . . . . 18

Wi-Fi zonder verbinding met de Home Connect server . . . . . . . . . 19

Diagnose op afstand . . . . . . . . . . . . 19

Energiemanager inrichten. . . . . . . . . 19

Energiemanager activeren . . . . . . . . 20

Energiemanager deactiveren . . . . . . 20

Conformiteitsverklaring . . . . . . . . . . . 20

Wateronthardingsinstallatie / Onthardingszout . . . . . . . . . . . . 21

Tabel voor de waterhardheid. . . . . . . 21

Onthardingsinstallatie instellen . . . . . 21

Gebruik van onthardingszout. . . . . . . 21

Reinigingsproducte met zoutcomponente. . . . . . . . . . . . . 22

Ontharding uitschakelen . . . . . . . . . . 22

Glansspoelmiddel . . . . . . . . . . . 23

Hoeveelheid glansspoelmiddel instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23

Indicatie glansspoelmiddel bijvullen uitschakelen . . . . . . . . . . 24

Serviesgoed . . . . . . . . . . . . . . . . 24

Ongeschikt servies . . . . . . . . . . . . . . 24

Schade aan glas en serviesgoed. . . . 24

Inruimen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 25

Bovenste servieskorf . . . . . . . . . . . . . 25

Onderste servieskorf . . . . . . . . . . . . . 25

Bestekkorf . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26

Besteklade . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26

Etagère . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 27

Omklapbare bordensteunen . . . . . . . 27

Houder voor kleingoed . . . . . . . . . . . 27

Messenrek. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28

Bakplaat-sproeikop . . . . . . . . . . . . . . 28

Uitruimen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 29

Verstellen van de korfhoogte. . . . . . . 29

Besteklade demonteren/monteren . . 30

Bovenste servieskorf demonteren/monteren. . . . . . . . . . . . 31

Onderste servieskorf demonteren/monteren. . . . . . . . . . . . 32

Reinigingsmiddel. . . . . . . . . . . . 33

Vullen met reinigingsmiddel . . . . . . . 34

Gecombineerde reinigingsmiddelen . . . . . . . . . . . . . . 35

Verder lezen op pagina 4Inhoud

Meer handleidingen: Siemens vaatwasser