Siemens WG44G007NL, tekst van de handleiding
Pagina's 10–39 van 56 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–9verder op pagina 40 →
Pagina 10
nl Veiligheid
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Het gebruiken van niet originele reserveonderdelen en niet originele accessoires is gevaarlijk.
- Gebruik uitsluitend originele reserve-onderdelen en originele accessoires van de fabrikant.
WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!
Bij het gebruik van oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen kunnen giftige dampen ontstaan.
- Geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
Pagina 11
2 Materiële schade vermijden
LET OP!
Een verkeerde dosering van wasverzachters, wasmiddelen, verzorgingsmiddelen en reinigingsmiddelen kan de werking van het apparaat beïnvloeden.
- De doseeraanbevelingen van de fabrikant aanhouden.
Het overschrijden van de maximale beladingshoeveelheid heeft invloed op de werking van het apparaat.
- De maximale beladingshoeveelheid voor elk programma aanhouden en niet overschrijden.
→ "Programma's", Pagina 25
Het apparaat is voor transport met transportbeveiligingen geborgd. Niet verwijderde transportbeveiligingen kunnen leiden tot materiële schade en schade aan het apparaat.
- Voor inbedrijfstelling alle transportbeveiligingen volledig verwijderen en bewaren.
- Voor elk transport alle transportbeveiligingen volledig inbouwen, om transportschade te vermijden. De ondeskundige aansluiting van de watertoevoerslang kan tot materiële schade leiden.
- De schroefverbindingen aan de watertoevoer handvast aantrekken.
- De watertoevoerslang direct zonder bijkomende verbindingselementen, zoals adapter, verlengstukken of venteielen op de waterkraan aansluiten.
- De ventielbehuizing van de watertoevoerslang contactvrij met de omgeving inbouwen en niet aan externe krachtinwerking blootstellen.
- Erop letten dat de binnendiameter van de waterkraan minstens 17 mm bedraagt.
Materiële schade vermijden nl
- Erop letten dat de lengte van de schroefdraad aan de aansluiting naar de waterkraan minstens 10 mm bedraagt.
Een te lage of te hoge waterdruk kan de apparaatfunctie hinderen.
- Zorg ervoor dat de waterdruk op de watertoevoerinstallatie tenminste 100 kPa (1 bar) en maximaal 1000 kPa (10 bar) is.
- Wanneer de waterdruk de aangegeven maximale waarde overschrijdt, dan moet een reduceerventiel tussen de drinkwateraansluiting en de slangenset van het apparaat worden geïnstalleerd.
- Het apparaat niet op de mengkraan van een drukloze geiser of boiler aansluiten.
Gewijzigde of beschadigde waterslangen kunnen tot materiële schade en schade aan het apparaat leiden.
- Nooit waterslangen knikken, knellen, wijzigen of doorsnijden.
- Alleen meegeleverde waterslangen of originele reserveslangen gebruiken.
- Nooit gebruikte waterslangen hergebruiken.
Het gebruik met vervuild of te heet water kan materiële schade en schade aan het apparaat veroorzaken.
- Het apparat uitsluitend met koud leidingwater gebruiken.
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken.
- Het apparaat uitsluitend reinigen met water en een zachte, vochtige doek.
11
Pagina 12
nl Milieubescherming en besparing
- Bij contact met het apparaat direct alle wasmiddelresten, sproeinevel-resten of restanten verwijderen.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
3.2 Zuinig met energie en hulpbronnen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom en water.
Programma's met lage temperaturen en langere wastijden gebruiken en de maximale beladingscapaciteit gebruiken.
- Het energieverbruik en het waterverbruik zijn het efficiëntst.
Wasmiddel overeenkomstig de mate van verontreiniging van het wasgoed doseren.
- Voor een lichte tot normale mate van verontreiniging is een geringe hoeveelheid wasmiddel voldoende. Houd het doseeradvies van de fabrikant van het wasmiddel aan.
Wastemperatuur bij licht en normaal verontreinigd wasgoed reduceren.
- Bij lage temperaturen verbruikt het apparaat minder energie. Voor een lichte tot normale verontreiniging zijn ook lagere temperaturen dan op het verzorgingslabel vermeld afdoende.
Stel het maximale toerental in, wanneer het wasgoed aansluitend in de wasdroger gedroogd moet worden.
- Droger wasgoed verkort de programmaduur bij het drogen en verlaagt het energieverbruik. Met een hoger centrifugetoerental vermindert de restvochtigheid in de was en het geluidsvolume van het centrifugeren neemt toe.
Wasgoed zonder voorwas wassen.
- Het wassen met voorwas verlengt de programmaduur en verhoogt het energie- en waterverbruik.
Het apparaat beschikt over een automatische ladingafstemming.
- De automatische ladingafstemming past het waterverbruik en de programmaduur optimaal aan de textielsoort en de beladingscapaciteit aan.
3.3 Energiebesparingsmodus
Wanneer u het apparaat langere tijd niet bedient, dan schakelt het automatisch naar de energiespaarstand. De energiebespaarmodus wordt afgesloten, wanneer u het apparaat opnieuw bedient.
Pagina 13
4 Opstellen en aansluiten
4.1 Apparaat uitpakken
LET OP!
Voorwerpen die in de trommel achterblijven, en die niet voor het gebruik van het apparaat bedoeld zijn, kunnen tot materiële- en apparaatschade leiden.
- Voor gebruik alle deze voorwerpen en de meegeleverde accessoires uit de trommel verwijderen.
- 1. Verwijder verpakkingsmateriaal en bescherming volledig van het apparaat.
→ "Afvoeren van de verpakking", Pagina 12
- 2. Controleer het apparaat op zichtbare beschadigingen.
- 3. De deur openen.
- 4. Verwijder de accessoires uit de trommel.
- 5. De deur sluiten.
4.2 Inhoud van de verpakking
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
LET OP!
Het gebruik met onvolledig of defect toebehoren kan de werking van het apparaat hinderen of materiële schade en schade aan het apparaat veroorzaken.
- Het apparaat niet met onvolledig of defect toebehoren gebruiken.
- Het toebehoren vóór het gebruik van het apparaat vervangen.
→ "Accessoires", Pagina 29
Opstellen en aansluiten nl
Opmerking: Bij het apparaat werd af fabriek een functietest uitgevoerd. Hierbij kunnen watervlekken in het apparaat ontstaan die de eerste wasbeurt verwijdert.
De levering bestaat uit:
- Wasmachine
- Begeleidende documenten
- Transportbeveiligingen → "Transportbeveiligingen verwijderen", Pagina 14
- Afdekkapjes
4.3 Vereisten ten aanzien van de opstelplaats
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Het apparaat bevat spanningsvoerende delen. Het aanraken van spanningsvoerende delen is gevaarlijk.
- Gebruik het apparaat niet zonder afdekplaat.
LET OP!
Bevriezend restwater in het apparaat kan leiden tot beschadiging van het apparaat.
- Het apparaat niet op vorstgevoelige plaatsen of buiten plaatsen en gebruiken.
Wanneer het apparaat meer dan 40° wordt gekanteld, dan kan restwater uit het apparaat lopen en materiële schade veroorzaken.
- Kantel het apparaat voorzichtig.
- Transporteer het apparaat rechtop.
| Opstelplaats | Vereisten |
|---|---|
| Houder | Het apparaat met borglippen bevestigen. |
Pagina 14
nl Opstellen en aansluiten
| Opstelplaats | Vereisten |
|---|---|
| Vloer met houten balken | Plaats het apparaat op een waterbestendige houten plaat (dikte minimaal 30 mm) welke vast op de vloer is geschroefd. |
| Kitchenette | Het apparaat alleen onder een doorlopend werkblad plaatsen, dat vast met de naastliggende kast is verbonden. Benodigde nisbreedte: 60 cm. |
| Aan een wand | Geen netaansluitkabel en geen slangen tussen wand en apparaat inklemmen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
4.4 Transportbeveiligingen verwijderen
Het apparaat is voor transport met transportbeveiligingen aan de achterzijde van het apparaat geborgd.
Opmerking: Bewaar de bouten van de transportbeveiligingen en de hulzen voor een later transport.
→ "Transportbeveiligingen plaatsen", Pagina 48
- 1. De slangen uit de houders trekken.
- 2. Alle bouten van de 4 transportbeveiligingen met een steeksleutel met sleutelbreedte 13 losmaken en verwijderen .
- 3. De netaansluitkabel van de houder verwijderen.
Pagina 15
- 4. De 4 hulzen verwijderen.
- 5. De 4 afdekkappen plaatsen.
- 6. De 4 afdekkappen naar onderen schuiven.
Opmerking: Om de transportbeveiligingen voor het transport in het apparaat te plaatsen, maakt u deze stappen ongedaan in de omgekeerde volgorde.
Opstellen en aansluiten nl
4.5 Apparaat aansluiten
Watertoevoerslang aansluiten
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Het apparaat bevat spanningsvoerende delen. Het aanraken van spanningsvoerende delen is gevaarlijk.
- De elektrische Aquastop afsluiter niet in water onderdompelen.
- 1. De watertoevoerslang op de kraan (26,4 mm = 3/4") aansluiten.
- 2. De kraan voorzichtig openen en controleren of de aansluitingen dicht zijn.
Aansluitsoorten waterafvoer
De informatie helpt u dit apparaat op de waterafvoer aan te sluiten.
LET OP!
Bij het afpompen staat de waterafvoerslang onder druk en kan van de geïnstalleerde aansluitpositie losraken.
- De waterafvoerslang tegen onbedoeld losraken borgen.
Opmerking: Neem de afpomphoogtes in acht.
De maximale afpomphoogte bedraagt 100 cm.
Pagina 16
nl Opstellen en aansluiten
| Sifon | De aansluitpositie met een slangklem (24-40 mm) borgen. |
| Wastafel | De waterafvoerslang met een bochtstuk fixeren en borgen. → "Accessoires", Pagina 29 |
| Kunststof standpijp met rubberen mof of een afvoerputje | De waterafvoerslang met een bochtstuk fixeren en borgen. → "Accessoires", Pagina 29 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
Apparaat elektrisch aansluiten
Opmerking: Uw elektrische huisinstallatie voor dit apparaat moet aan de lokale wettelijke bepalingen en veiligheidsvoorschriften voldoen en moet een aardlekschakelaar bevatten.
- 1. De netstekker van het aansluitsnoer van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.
De aansluitgegevens van het apparaat vindt u in de technische gegevens → Pagina 51.
- 2. De netstekker op vastheid controleren.
4.6 Stellen van het apparaat
Om geluiden en trillingen te reduceren en het wandelen van het apparaat te vermijden, stelt u het apparaat horizontaal.
- 1. Draai de contramoeren rechtsom met een steeksleutel met sleutelbreedte 17.
- 2. Om het apparaat te stellen, aan de apparaatvoetjes draaien. De horizontale afstelling van het apparaat met waterpas controleren.
Alle apparaatvoeten moeten stevig op de grond staan.
Pagina 17: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 18
nl Uw apparaat leren kennen
5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.
| 7 | Transportbeveiligingen → Pagina 14 |
| 8 | Watertoevoerslang → Pagina 15 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
| 1 | Serviceklep en pomp → Pagina 35 |
| 2 | Deur |
| 3 | Wasmiddellade → Pagina 18 |
| 4 | Bedieningspaneel → Pagina 19 |
| 5 | Waterafvoerslang → Pagina 15 |
| 6 | Netaansluitkabel → Pagina 16 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
5.2 Wasmiddellade
Opmerking: Neem de gegevens van de fabrikanten over het gebruik en de dosering van de wasmiddelen en
Pagina 19
Uw apparaat leren kennen nl
onderhoudsmiddelen en de informatie in de programmabeschrijvingen in acht.
| 1 | Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel → "Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel plaatsen", Pagina 30 |
| 2 | Wasmiddelbakje II: wasmiddel voor de hoofdwas |
| 3 | Wasmiddelbakje : wasverzachter |
| 4 | Wasmiddelbakje I: wasmiddel voor de voorwas |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
5.3 Bedieningspaneel
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
| 1 | Programma's → Pagina 25 |
|---|---|
| 2 | Programmakiezer → Pagina 30 |
| 3 | Display → Pagina 21 |
| 4 | Knoppen → Pagina 23 |
Pagina 20
nl Voor het eerste gebruik
6 Voor het eerste gebruik
Bereid het apparaat voor voor het gebruik.
6.1 Wascyclus zonder wasgoed starten
Uw apparaat werd voor het verlaten van de fabriek grondig gecontroleerd. Om eventueel restwater te verwijderen, wast u de eerste keer zonder wasgoed.
- 1. De programmakiezer op Trommel reinigen zetten.
- 2. De deur sluiten.
- 3. De wasmiddellade uittrekken.
- 4. Ca. 1 liter leidingwater in compartiment II gieten.
- 5. Poederwasmiddel met zuurstofbleekmiddel in doseerlade II doen.
Gebruik om schuimvorming te vermijden, slechts de helft van de door de wasmiddelfabrikant aanbevolen hoeveelheid voor lichte verontreiniging. Gebruik geen wol- of fijnwasmiddel.
- 6. Schuif de wasmiddellade in het apparaat.
- 7. Om het programma te starten, op Start Bijvullen drukken.
- Het display toont de resterende programmaduur.
- Na het programma-einde toont het display: End.
- 8. De eerste wascyclus starten of de programmakiezer op zetten, om het apparaat uit te schakelen. → "De Bediening in essentie", Pagina 30
Pagina 21
Display nl
7 Display
Op het display ziet u de actuele instelwaarden, keuzemogelijkheden of aanwijzingsteksten.
Voorbeeld display-indicatie
| Indicatie | Beschrijving |
|---|---|
| 0:40 ¹ | Verwachte programmaduur of resterende tijd van het programma in uren en minuten. |
| 10 ¹ | Programma-eindtijd → "Toetsen", Pagina 23 |
| 9,0 ¹ | Aanbeveling van de maximale beladingshoeveelheid voor het ingestelde programma in kg. |
| - 1400 | Ingestelde centrifugetoerental in t/min. → "Toetsen", Pagina 23 : zonder centrifugeren, alleen afpompen |
| - 90 | Ingestelde temperatuur in °C. → "Toetsen", Pagina 23 (koud) |
| Starten, annuleren of pauzeren brandt: het programma draait en kan worden afgebroken of gepauzeerd. knippert: het programma kan worden gestart of hervat. | |
| Programmastatus: voorwas | |
| Programmastatus: wassen | |
| Programmastatus: spoelen | |
| Programmastatus: centrifugeren | |
| End | Programmastatus: programma-einde |
| 3s | brandt: het kinderslot is geactiveerd. knippert: het kinderslot is geactiveerd en het apparaat werd bediend. → "Kinderslot deactiveren", Pagina 33 |
| De antikreukfunctie is geactiveerd. → "Toetsen", Pagina 23 | |
| Wassen met extra water en een spoelcyclus is geactiveerd. → "Toetsen", Pagina 23 | |
| Spoelstop is geactiveerd. | |
| 1 Voorbeeld | Verkorte programmaduur is geactiveerd. → "Toetsen", Pagina 23 |
Pagina 22
nl Display
| Indicatie | Beschrijving |
|---|---|
| Het vlektype bloed is geactiveerd. | |
| Het vlektype gras is geactiveerd. | |
| Het vlektype rode wijn is geactiveerd. | |
| Het vlektype spijsvet/spijsolie is geactiveerd. | |
| knippert: trommelreiniging vereist. Voer het programma Trommel reinigen voor de reiniging en het onderhoud van de trommel en van het loogreservoir uit. → "Trommel reinigen", Pagina 34 | |
| knippert: het spanningscontrolesysteem heeft het programma werd op basis van niet toegestane spanningsonderschrijdingen gepauzeerd. → " knippert.", Pagina 40 Opmerking: Het programma wordt voortgezet als de spanning weer normaal is. | |
| U kunt wasgoed verwijderen of bijleggen en het actuele programma onderbreken. → "Wasgoed bijvullen", Pagina 32 | |
| brandt: de deur is vergrendeld en kan niet worden geopend. knippert: de deur is niet gesloten. uit: de deur is ontgrendeld en kan worden geopend. | |
| • Geen waterdruk. → "E:30 / -10 en/of ", Pagina 39 • De waterdruk van de waterkraan is te laag. | |
| E:35 / -10¹ 1 Voorbeeld | Foutcode, foutindicatie, signaal. → "Storingen verhelpen", Pagina 38 |
Pagina 23
Toetsen nl
8 Toetsen
De selectie van de programma-instellingen is afhankelijk van het ingestelde programma.
| Knop | Keuze | Meer informatie |
|---|---|---|
| Start Bijvullen | starten annuleren pauzeren | Programma starten, annuleren of pauzeren. |
| vario Speed | activeren deactiveren | Verkorte programmaduur activeren of deactiveren. Opmerking: Het energieverbruik wordt hoger. Het wasresultaat wordt daardoor niet beïnvloed. |
| Vlekken | Meervoudige selectie | De vlekkensoort kiezen. De temperatuur, de trommelbeweging en de inweektijd worden aan de vlekkensoort aangepast. |
| Klaar in | tot 24 uur | De programma-eindtijd vastleggen. De programmaduur is reeds in het ingestelde aantal uren inbegrepen. Na de start van het programma wordt de programmaduur weergegeven. |
| °C Temp. | - 90 | De temperatuur aanpassen. Ingestelde temperatuur in °C. |
| Centrifugeren | - 1400 | Het centrifugetoerental aanpassen of het centrifugeren deactiveren. Ingestelde centrifugetoerental in t/min. Met de selectie wordt het water afgepompt en het centrifugeren gedeactiveerd. Het wasgoed blijft nat in de trommel liggen. |
| 3s | activeren deactiveren | → "Kinderslot", Pagina 33 |
| Extra water & spoelen | activeren deactiveren | Wassen met meer water en een extra spoelcyclus activeren of deactiveren. Aanbevolen bij bijzonder gevoelige huid of in gebieden met heel zacht water. |
| Antikreuk | activeren deactiveren | Wassen met minder kreuk activeren of deactiveren. Om kreukvorming in het wasgoed te reduceren, wordt het centrifugeproces en het centrifugetoerental aangepast. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
23
Pagina 24: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 25
Programma's nl
9 Programma's
Opmerking: De verzorgingslabels van het wasgoed geven u extra aanwijzingen voor de programmakeuze.
| Programma | Beschrijving | Maximale belading (kg) |
|---|---|---|
| Katoen | Stevig textiel van katoen, linnen en gemengde weefsels wassen. Ook geschikt als verkort programma voor normaal vervuild wasgoed als u vario Speed activeert. Programma-instelling: max. 90 °C max. 1400 t/min | 9,0 5,0 ¹ |
| Eco 40-60 | Textiel van katoen, linnen en gemengde weefsels wassen. Opmerking: Textiel dat volgens het onderhoudssymbool met 40 °C tot 60 °C wasbaar is, kan samen worden gewassen. Het wasresultaat komt overeen met de best mogelijke wasresultaatklasse en is conform de wettelijke voorschriften.Het wasresultaat komt overeen met de best mogelijke wasresultaatklasse en is conform de wettelijke voorschriften. Voor dit programma wordt de wastemperatuur automatisch afhankelijk van de beladingscapaciteit aangepast om een optimale energie-efficiëntie bij een zo goed mogelijk wasresultaat te bereiken. De wastemperatuur kan niet worden gewijzigd. Programma-instelling: Opmerking: De temperatuur is in dit programma niet instelbaar en wordt automatisch vastgelegd. max. - °C max. 1400 t/min | 9,0 |
| Voorwas | Stevig textiel van katoen, linnen en gemengde weefsels wassen. Programma met voorwas voor sterk verontreinigd wasgoed. | 9,0 5,0¹ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
1 vario Speed geactiveerd
2 Wassen niet mogelijk
Pagina 26
nl Programma's
| Programma | Beschrijving | Maximale belading (kg) |
|---|---|---|
| Verdeel het wasmiddel in de wasmiddellade over de voor- en hoofdwas. → "Wasmiddellade", Pagina 18 Programma-instelling: max. 90 °C max. 1400 t/min | ||
| Kreukherst. | Textiel van synthetisch en gemengde weefsels wassen. Programma-instelling: max. 60 °C max. 1200 t/min | 4,0 |
| Snel + Mix | Textiel van katoen, linnen, synthetisch materiaal en gemengde weefsels wassen. Geschikt voor licht verontreinigd wasgoed. Programma-instelling: max. 60 °C max. 1400 t/min | 4,0 |
| Fijne was/Zijde | Gevoelig, wasbaar textiel van zijde, viscose en synthetische stof wassen. Gebruik een wasmiddel voor fijne was of zijde. Opmerking: Was bijzonder gevoelig textiel of textiel met haken, ogen of beugels in een wasnetje. Programma-instelling: max. 40 °C max. 800 t/min | 2,0 |
| Wol | Met de hand of in de machine wasbaar textiel van wol of met en groot wolaandeel wassen. Om krimp van het wasgoed te vermijden, beweegt de trommel met textiel bijzonder voorzichtig met lange pauzes. Gebruik een wasmiddel voor wol. Programma-instelling: max. 40 °C max. 800 t/min | 2,0 |
| Spoelen | Spoelen met aansluitend centrifugeren en afpompen van het water. Programma-instelling: max. 1400 t/min | – |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
1 vario Speed geactiveerd
2 Wassen niet mogelijk
Pagina 27
Programma's nl
| Programma | Beschrijving | Maximale belading (kg) |
|---|---|---|
| Centrifugeren / Afpompen | Centrifugeren en water afpompen. Wanneer u alleen het water wilt afpompen, activeer dan . Het wasgoed wordt niet gecentrifugeerd. Programma-instelling: max. 1400 t/min | – |
| Hygiëne | Stevig textiel van katoen, linnen en gemengde weefsels wassen. Geschikt voor mensen met allergieën en bij hoge hygiënische eisen. Opmerking: Wanneer de ingestelde temperatuur is bereikt, dan blijft deze tijdens het gehele wasproces constant. Programma-instelling: max. 60 °C max. 1400 t/min | – |
| Overhemden / Blouses | Strijkvrije overhemden en blouses van katoen, linnen, synthetische en gemengde stoffen wassen. Tip: Om kreukvorming van het wasgoed te vermijden, activeert u Antikreuk. Het wasgoed wordt slechts kort gecentrifugeerd en kan druipnat worden uitgenomen. Hang de shirts en blouses druipnat op, zodat ze kunnen uithangen. Opmerking: Was overhemden en blouses van zijde of gevoelige materialen met programma Fijne was/ Zijde. Programma-instelling: max. 60 °C max. 800 t/min | 2,0 |
| Outdoor | Outdoortextiel met membraantechnologie en waterafstotende uitrusting wassen. Gebruik een wasmiddel voor outdoortextiel. Gebruik geen wasverzachter. Programma-instelling: max. 40 °C max. 800 t/min | 2,0 |
| Trommel reinigen | Reiniging en onderhoud van de trommel. Gebruik het programma in de volgende gevallen: vóór het eerste gebruik | –² |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
1 vario Speed geactiveerd
2 Wassen niet mogelijk
Pagina 28
nl Programma's
| Programma | Beschrijving | Maximale belading (kg) |
|---|---|---|
| bij frequent wassen met een wastemperatuur van 40°C en lager na lange afwezigheid Gebruik een poederwasmiddel met zuurstofbleekmiddel. Doe het poederwasmiddel met zuurstofbleekmiddel in de doseerlade II voor de hoofdwas. → "Wasmiddellade", Pagina 18 Halveer de hoeveelheid wasmiddel om schuimvorming te vermijden. Gebruik geen wasverzachter. Gebruik geen wol-, fijn- of vloeibaar wasmiddel. Opmerking: Wanneer u langere tijd geen programma met 60°C of hogere temperatuur heeft gebruikt, knippert de indicatie voor de trommelreiniging ter herinnering. | ||
| Extra snel 15'/ 30' | Textiel van katoen, synthetisch materiaal en gemengde weefsels wassen. Kort programma voor licht verontreinigde kleine stukken wasgoed. De programmaduur bedraagt ca. 30 minuten. Wilt u de programmaduur tot 15 minuten inkorten, activeer dan vario Speed. De maximale beladingscapaciteit wordt tot 2,0 kg verlaagd. Programma-instelling: max. 40 °C max. 1200 t/min | 4,0 2,0¹ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)
1 vario Speed geactiveerd
2 Wassen niet mogelijk
Pagina 29
Accessoires nl
10 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.
Opmerking: Sommig toebehoren is in andere kleuren beschikbaar. Neem contact op met de → "Servicedienst", Pagina 49.
| Gebruik | Bestelnummer | |
|---|---|---|
| Bochtstuk | Waterafvoerslang fixeren. | 00655300 |
| Inzetunits voor vloeibaar wasmiddel | Vloeibaar wasmiddel doseren. | 00605740 |
| Verhoging | Het apparaat hoger plaatsen, zodat het gemakkelijk gevuld en leeggehaald kan worden. | WMZ20490 |
| Wasmachinereiniger | Reinigingsmiddel voor het onderhoud van de binnenruimte van het apparaat. | 00311929 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
11 Wasgoed
11.1 Wasgoed voorbereiden
LET OP!
In het wasgoed achtergebleven voorwerpen kunnen het wasgoed en de trommel beschadigen.
- Voor gebruik alle voorwerpen uit de zakken van het wasgoed verwijderen.
Opmerking
Wanneer u uw wasgoed voorbereid, beschermt u het apparaat en het textiel.
- Zand en aarde uitborstelen
- Wasgoed op kleur en textielsoort sorteren en daarbij de verzorgingslabels aanhouden
- Ritssluitingen, klittenbandsluitingen, haken en ogen sluiten
- Stoffenriemen, stoffen banden en koorden samenbinden
- Gordijnrollen en loodranden verwijderen was kleine of gevoelige items in een wasnet grote en kleine stukken wasgoed door elkaar wassen
- Wasgoed met vlekken direct wassen
- Wasgoed met gedroogde vlekken voorbehandelen en meerdere malen wassen
- Wasgoed uit elkaar gevouwen in de trommel doen
- Wasgoed dat met een chloorbleekmiddel is voorbereid, meerdere malen uitspoelen voordat het in de trommel wordt gedaan
29
Pagina 30
nl Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel
12 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel
Informatie van de fabrikant over gebruik en dosering vindt u op de verpakking.
Opmerkingen bij gebruik van vloeibare wasmiddelen uitsluitend zelf stromende vloeibare wasmiddelen gebruiken verschillende vloeibare wasmiddelen niet mengen wasmiddel en wasverzachter niet mengen
- Geen te lang bewaarde en sterk ingedikte producten gebruiken.
gebruik geen oplosmiddelhoudende, bijtende of gasvormende middelen geen chloorbleek gebruiken
- Kleurmiddel zelden gebruiken omdat het fixeerzout het roestvrij straal kan aantasten geen ontkleuringsmiddel in het apparaat gebruiken
13 De Bediening in essentie
13.1 Apparaat inschakelen
Vereiste: Het apparaat is correct opgesteld en aangesloten.
→ "Opstellen en aansluiten", Pagina 13
- De programmakiezer op een programma instellen.
13.2 Programma instellen
- 1. Programmakiezer draaien en op het gewenste programma zetten. → "Programma's", Pagina 25
30
- 2. Indien gewenst de programma-instellingen aanpassen.
→ "Programma-instellingen aanpassen", Pagina 30
13.3 Programma-instellingen aanpassen
Vereiste: Een programma is ingesteld.
→ "Programma instellen", Pagina 30
- De programma-instellingen aanpassen.
→ "Toetsen", Pagina 23
Opmerking: De programma-instellingen worden niet permanent voor het programma opgeslagen.
13.4 Trommel vullen met wasgoed
Opmerking: Om kreukvorming te vermijden, dient u de maximale belading van de programma's in acht te nemen.
→ "Programma's", Pagina 25
Vereisten
- Het wasgoed is voorbereid en gesorteerd.
→ "Wasgoed", Pagina 29
- De trommel is leeg.
- 1. De deur openen.
- 2. Het wasgoed in de trommel leggen.
- 3. De deur sluiten.
Zorg ervoor dat er geen kleine stukken wasgoed tussen de deur klem zitten.
13.5 Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel plaatsen
Wanneer u de doseerhulp als accessoire bestelt, moet u de doseerhulp plaatsen.
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
Pagina 31
- 2. Inzetstuk naar beneden drukken en de wasmiddellade er uit nemen.
- 3. De doseerhulp plaatsen.
- 4. De wasmiddellade plaatsen.
13.6 Doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel gebruiken
Om vloeibaar wasmiddel te doseren, kunt u in de wasmiddellade een doseerhulp gebruiken.
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
De Bediening in essentie nl
- 2. De doseerhulp naar voren schuiven.
- 3. De doseerhulp naar onderen klappen en vastklikken.
- 4. De wasmiddellade erin schuiven.
13.7 Wasmiddel en wasverzorgingsmiddel doseren
Opmerkingen
- Gebruik de doseerhulp voor vloeibaar wasmiddel niet bij gel-achtige wasmiddelen, waspoeder, ingeschakelde voorwas of klaar-in tijd.
- Houd de aanwijzingen voor wasmiddel en wasverzorgingsmiddel → Pagina 30 aan.
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
- 2. Vullen met wasmiddel.
→ "Wasmiddellade", Pagina 18
- 3. Indien gewenst met wasmiddel vullen.
Pagina 32
nl De Bediening in essentie
- 4. Schuif de wasmiddellade in het apparaat.
13.8 Starten van het programma
Vereiste: Een programma is ingesteld.
→ "Programma instellen", Pagina 30
- Op Start Bijvullen drukken.
- De trommel draait en er vindt een beladingsherkenning plaats, welke tot wel 2 minuten kan duren en daarna stroomt het water in het apparaat.
- Het display toont de programmaduur of de programma-eindtijd.
- Na het programma-einde toont het display: End.
13.9 Wasgoed bijvullen
Na het starten van het programma kunt u het wasgoed afhankelijk van de programmastatus verwijderen of bijvullen.
- 1. Op Start Bijvullen drukken. Het apparaat pauzeert.
Opmerking: Als u wasgoed wilt bijleggen, neem dan de aanwijzingen op het display in acht.
→ "Display", Pagina 22
→ "Display", Pagina 22
- 2. De deur openen.
- 3. Het wasgoed bijvullen of uitnemen.
- 4. De deur sluiten.
- 5. Op Start Bijvullen drukken.
13.10 Progr. annuleren
- 1. Op Start Bijvullen drukken.
- 2. De deur openen.
Bij hoge temperatuur en hoog waterniveau blijft de deur van het apparaat om veiligheidsredenen vergrendeld.
32
- Start bij hoge temperatuur het programma Spoelen .
- Start bij een hoog waterniveau het programma Centrifugeren of kies een geschikt programma voor het afpompen.
→ "Programma's", Pagina 25
- 3. Het wasgoed verwijderen.
→ "Wasgoed uitnemen", Pagina 32
13.11 Programma bij spoelstop hervatten
Vereisten
- De spoelstop is geactiveerd.
- De laatste spoelbeurt van het ingestelde programma is beëindigd en het wasgoed ligt in het spoelwater.
- 1. Het programma Centrifugeren of een programma voor het afpompen instellen.
→ "Programma's", Pagina 25
- 2. Op Start Bijvullen drukken.
13.12 Wasgoed uitnemen
- 1. De deur openen.
- 2. Het wasgoed uit de trommel nemen.
13.13 Apparaat uitschakelen
- 1. De programmakiezer op zetten.
Pagina 33
- 2. De rubbermanchet droog vegen en vreemde voorwerpen verwijderen.
Kinderslot nl
Om het lopende programma niet te annuleren, moet de programmakiezer op het uitgangsprogramma staan.
- In het display dooft 3s.
15 Basisinstellingen
- 3. De apparaatdeur en wasmiddellade open laten zodat het restwater kan opdrogen.
14 Kinderslot
Beveilig uw apparaat tegen ongewenst bedienen via de bedieningselementen.
14.1 Kinderslot inschakelen
- Beide toetsen 3s ca. 3 seconden indrukken.
- Op het display wordt 3s weergegeven.
- De bedieningselementen zijn geblokkeerd.
- Het kinderslot blijft ook na het uitschakelen van het apparaat en bij een stroomuitval geactiveerd.
14.2 Kinderslot deactiveren
Vereiste: Om het kinderslot te deactiveren, moet het apparaat zijn ingeschakeld.
- Druk ca. 3 seconden op beide buttons 3s.
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
15.1 Overzicht van de basisinstellingen
| Programmakiezer met programmaposities | |
| 2 | Het volume van het signaal na het programma-einde instellen: 0 (uit) tot 4 (heel luid) |
| 3 | Het volume van het signaal bij het kiezen van de toetsen instellen: 0 (uit) tot 4 (heel luid) |
| 4 | De herinnering voor de trommelreiniging activeren (On) of deactiveren (OFF). |
| 5 | Het aantal beëindigde programma's weergeven. |
Pagina 34
nl Reiniging en onderhoud
15.2 Basisinstellingen wijzigen
- 1. Zet de programmakiezer op stand
- 1. → Pagina 33
- 2. Druk op Centrifugeren en draai tegelijkertijd de programmakiezer op stand 2.
- Het display geeft de actuele waarde aan.
- 3. De gewenste basisinstelling met de programmakiezer selecteren. → Pagina 33
- 4. Druk op Klaar in om de waarde te wijzigen.
- 5. Schakel het apparaat uit om de wijziging op te slaan.
16 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
16.1 Trommel reinigen
VOORZICHTIG
Kans op letsel!
Het permanent wassen op lage temperaturen en een ontbrekende beluchting van het apparaat kunnen de trommel beschadigen en kunnen letsels veroorzaken.
- Regelmatig een programma voor de reiniging van de trommel uitvoeren of met temperaturen van minstens 60°C wassen.
- Het apparaat na elk gebruik bij een geopende deur en wasmiddellade laten drogen.
- Het programma Trommel reinigen zonder wasgoed met een poederreinigingsmiddel met zuurstofbleekmiddel of een reinigingsmid-
34
del voor het onderhoud van de binnenruimte van het apparaat uitvoeren.
→ "Accessoires", Pagina 29
16.2 Schoonmaken van de wasmiddellade
- 1. De wasmiddellade uittrekken.
- 2. Inzetstuk naar beneden drukken en de wasmiddellade verwijderen.
- 3. Het inzetstuk van onderen naar boven eruit trekken.
Pagina 35
- 4. De wasmiddellade en het inzetstuk met water en borstel reinigen en drogen.
- 5. Het inzetstuk plaatsen en vastklikken.
- 6. De opening voor de wasmiddellade reinigen.
- 7. Schuif de wasmiddellade in het apparaat.
Reiniging en onderhoud nl
16.3 Afvoerpomp reinigen
Reinig de afvoerpomp regelmatig, minstens echter een keer per jaar evenals in geval van storingen, bijv. bij verstoppingen of geklapper.
Afvoerpomp legen
- 1. De kraan sluiten.
- 2. Het apparaat uitschakelen.
→ "Apparaat uitschakelen", Pagina 32
- 3. Stekker van het apparaat van het stroomnet scheiden.
- 4. De serviceklep openen en verwijderen.
- 5. Plaats een voldoende grote opvangbak onder de opening.
Pagina 36
nl Reiniging en onderhoud
- 6. Neem de aftapslang uit de houder.
- 7. VOORZICHTIG - Kans op brandwonden! Het sop wordt heet bij het wassen met hoge temperaturen.
- Raak het hete sop niet aan.
Trek het afsluitstopje los, om het wassop in de opvangbak te laten stromen.
- 8. Druk het stopje er weer op.
- 9. De aftapslang in de houder klemmen.
Afvoerpomp reinigen
Vereiste: De afvoerpomp is leeg. → Pagina 35
- 1. Omdat er nog restwater in de pomp kan zitten, het deksel er voorzichtig uit draaien.
‒ Door grote verontreinigingen kan het filterelement in het pomphuis vastzitten. Verontreinigingen losmaken en filterelement verwijderen.
Pagina 37
- 2. Binnenruimte, schroefdraad van het pompdeksel en pomphuis reinigen.
Het pompdeksel bestaat uit twee componenten die voor de reiniging kunnen worden gedemonteerd.
- 3. Verifieer dat de rotor van de pomp makkelijk ronddraait.
- 4. Breng het pompdeksel aan.
‒ Controleer of de componenten van het pompdeksel correct gemonteerd zijn.
Reiniging en onderhoud nl
- 5. Het pompdeksel tot aan de aanslag aandraaien.
De greep van het pompdeksel moet verticaal staan.
- 6. De serviceklep plaatsen en sluiten.
Vóór de volgende keer wassen
Om te voorkomen dat bij de volgende wasbeurt wasmiddel ongebruikt in de afvoer stroomt, voert u een geschikt programma voor het afpompen uit nadat u de pomp heeft geleegd.
- 1. De waterkraan openen.
- 2. De stekker in het stopcontact steken.
- 3. Het apparaat inschakelen.
- 4. Een liter water in compartiment II gieten.
- 5. Kies een geschikt programma voor het afpompen.
→ "Programma's", Pagina 25
Pagina 38
nl Storingen verhelpen
17 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Het display is gedoofd en Start Bijvullen knippert. | De energiebesparingsmodus is actief. ▶ Druk op een willekeurige button. • Het display brandt weer. |
| "E:30 / -80" | Afvoerbuis of waterafvoerslang is verstopt. ▶ Reinig de afvoerbuis en de waterafvoerslang. |
| Afvoerbuis of waterafvoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de afvoerbuis en de waterafvoerslang niet geknikt of ingeklemd zijn. | |
| Waterafvoerslang is te hoog aangesloten. ▶ Monteer de waterafvoerslang op maximaal 1 meter hoogte. | |
| Niet-toegestane verlenging aan de waterafvoerslang gemonteerd. ▶ Verwijder niet-toegestane verlengingen aan de waterafvoerslang. → "Apparaat aansluiten", Pagina 15 | |
| Afvoerpomp is verstopt. ▶ → "Afvoerpomp reinigen", Pagina 35 | |
| Pompdeksel is niet correct in elkaar gezet. ▶ Zet het pompdeksel correct in elkaar. | |
| Pompdeksel is niet volledig ingeschroefd. ▶ Zorg ervoor dat het pompdeksel tot aan de aanslag in het apparaat is geschroefd. De greep van het pompdeksel moet verticaal staan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
38
Pagina 39
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| "E:30 / -80" | Wasmiddeldosering is te hoog. ▶ Directe maatregel: meng een eetlepel wasverzachter met 0,5 l water en giet dit mengsel in het compartiment II(niet bij outdoor-, sportswear- en donstextiel). ▶ Reduceer bij de volgende wasbeurt met gelijke belading de hoeveelheid wasmiddel. |
| "H:32" | Het onbalansherkenningssysteem heeft het centrifugeren afgebroken wegens ongelijkmatige verdeling van het wasgoed. ▶ Verdeel het wasgoed opnieuw in de trommel. Opmerking: Leg zo mogelijk grote en kleine stukken wasgoed samen in de trommel. Wasgoed met verschillende grootte verdeelt zich beter bij het centrifugeren. |
| "E:30 / -10" en/of | Waterdruk is laag. Geen oplossing mogelijk. |
| Zeef in de watertoevoer is verstopt. ▶ Reinig de zeef in de watertoevoer. | |
| Waterkraan is gesloten. ▶ Open de waterkraan. | |
| Watertoevoerslang is geknikt of ingeklemd. ▶ Zorg ervoor dat de watertoevoerslang niet is geknikt of ingeklemd. | |
| Waterniveaumeetsysteem defect. Opmerking: Met de foutmelding start het apparaat een afpompprocedure. 1. Wacht eerst ca. 5 minuten tot de afpompprocedure is beëindigd. 2. Om de foutmelding te resetten, schakelt u het apparaat uit. 3. Schakel het apparaat weer in. 4. Als de foutmelding opnieuw wordt weergegeven, neemt u contact op met de servicedienst. → "Servicedienst", Pagina 49 | |
| "E:35 / -10" | Water in de bodembak. ▶ Sluit de kraan. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 49 |
| Apparaat lekt. |